PASPOORT

Naam: Jan van Schendel
Woonplaats: Wagenberg, een klein dorpje zo’n 8 kilometer ten noorden van Breda.
Werk/beroep: Ik zal het maar Hengelsport consultant noemen. Een precieze naam voor wat ik zoal doe in de hengelsport bestaat er volgens mij namelijk niet.

Wanneer en hoe ben je begonnen met vissen?

Ik viste voor het eerst toen ik 4 jaar was. Mijn vader nam me mee naar allerlei wateren in de buurt. Heel fanatiek viste hij echter niet. Hij deed zijn werk de gehele week op de fiets destijds dus wanneer het dan eenmaal weekend was wilde hij weleens niet door weer en wind voor de afwisseling.
Om eerlijk te zijn ik heb het hem vaak moeilijk gemaakt, zo niet onmogelijk, om thuis te blijven. Zo gek was ik toen al van dat vissen. Misschien dan ook wel logisch dat mijn vader zowat stopte met zijn visserij vanaf het moment dat ik op eigen benen kon staan. Vanaf 1973 vis ik wedstrijden, vanaf mijn 16e. Ik heb overigens nooit een jeugdwedstrijd gevist. Die bestonden toen niet namelijk.

Jan van Schendel held witvissen

Een brok sympathie; Ivan Marks, een van mijn grootste helden!

Heb/had je een voorbeeld, zo ja wie?

Natuurlijk had ik voorbeelden. Altijd al gehad. Allereerst Cor van Opdorp, de destijds beste visser uit de omgeving. Hij nam me voor het eerst mee naar een echte wedstrijd.
De man die me, zonder dat hij het ooit heeft geweten trouwens, echt het wedstrijd bacil heeft gegeven was Johan Pannekoek. Hij won zowat iedere wedstrijd bij zijn Rotterdamse vereniging waar Cor van Opdorp ook lid was. Destijds was hij een van de beste vissers in Nederland. Ik zat eens een hele dag achter hem en zag toen dingen die ik absoluut niet kon geloven. Hij declasseerde gewoon alle andere vissers en ik had daar een grenzeloze bewondering voor. Dat wilde ik natuurlijk ook wel leren en vanaf die dag ben ik met het wedstrijdvissen begonnen.

Jan van Schendel tien vragen aan de bondscoach visserslatijn met

Houd het maar simpel! Dat is absoluut een kernwaarde in mijn visserij.

Mijn twee grootste helden (en ook grootste voorbeelden) leerde ik veel later pas kennen. Marcel van den Eynde en Ivan Marks zijn mijn ‘big heroes’ . Het zouden broers van elkaar hebben kunnen zijn. Allebei absolute topvissers van hun generatie en beiden ongelooflijk simpel in hun aanpak. Allebei enorm intelligent in hun visserij en beiden totaal open naar andere vissers. Juist dat laatste was het belangrijkst voor mij. Ik heb al zo bizar veel van hen kunnen leren en dan woon ik nog wel in een ander land, moet je nagaan! Ik ben beiden enorm dankbaar. En geloof me wanneer ik zeg dat ik daarin niet de enige ben. De belangrijkste les was dat open zijn.

“Ivan en Marcel hebben zich daar nooit wat van aangetrokken, open tot in het extreme… En waarom eigenlijk ook niet?”

Zeker in die tijd was dat eigenlijk vloeken in de kerk, maar zowel Marcel als Ivan hebben zich daar nooit iets van aangetrokken. Open naar iedereen en dat soms tot in het extreme. En waarom ook niet? Met name in het Internationale vissen is die openheid belangrijk. Je ‘geeft’ soms en ‘neemt’ op een ander moment, alles onder het motto dat je samen 3x zoveel kennis hebt als alleen. Er zijn maar weinig wedstrijdvissers die dat goed begrijpen, althans dat geven dan. Dat nemen daarentegen snapt altijd iedereen.

Jan van Schendel tien vragen aan de bondscoach visserslatijn met

Niemand vist zo graag als ik!

Welke vangst/prestatie/wedstrijd is jou het meest bijgebleven?

Het zijn natuurlijk altijd momenten van succes die je het gemakkelijkst bij blijven. Twee momenten zal ik van mijn leven nooit meer vergeten.
Ik won ooit binnen 6 dagen eerst alle 3 de dagen van een Iers visfestival met zo’n 150 deelnemers en meteen de volgende dag daarna het Noord-Ierse Vaste Hengelkampioenschap ook met 150 vissers. Alle geluk van de wereld en ook precies goed gevist. Bij elkaar in die 4 dagen 202 kilo vis gevangen en een toen voor mij ongekend prijzengeld plus een carbonhengel gewonnen. Ik dacht echt dat ik op een andere planeet was beland.

“In de laatste seconden van die wedstrijd werd ik door twee man voorbijgestreefd, maar daar kon ik mee leven.”

Het tweede moment was in 1991 tijdens de tweede dag van het WK in Szeged, Hongarije. Ik won op die 2e dag mijn sector (na een 2e plaats in de sector op de 1e wedstrijddag) en was me volledig bewust tijdens de wedstrijd dat ik op dat moment (zo’n anderhalf uur lang) het WK Individueel aan het winnen was. Ik ving de ene voorn na de andere en om me heen gebeurde weinig tot niks. Uiteindelijk liep het toch mis. Zowel Bob Nudd als Kevin Ashurst vingen twee late karpers en met hun vakwinst van ook de dag ervoor werd ik door beiden verslagen. Ik kon ermee leven.

Het was dat ik het jaar ervoor ook een 3e plek in het eindklassement verspeelde op gewicht, anders had er in zowel 1990 als 1991 dezelfde Individuele uitslag gestaan bij het WK, en dat bij twee totaal verschillende soorten visserij. Nou als je als vrij jonge visser daarvan niet een ongelooflijke kick krijgt dan kan je beter een andere hobby gaan zoeken natuurlijk.

Prachtig natuurlijk die goede momenten maar ik heb ook het andere extreme meegemaakt hoor. Wat te denken van mijn eerste Nationale kampioenschap bij de Politiediensten zoals dat heette toen? Naast me de Nationaal Kampioen, Willem ‘ik heb nog geen hengelaar gezien aan de waterkant vandaag’ van der Schee, die won met 10,65 meter aan maatse vis en ik dus naast hem en nooit ook maar een enkele aanbeet gehad?…

Wat is jouw favoriete type visserij en favoriete water(type)?

Eigenlijk heb ik geen specifieke voorkeur maar als ik dan toch iets moet noemen dan het vaste stokvissen Ierse of Deense stijl. Grote gewichten vangen dus en daarbij de juiste voermanieren en vistechnieken bedenken. Op zulke momenten kan iedere visser zich maximaal verdedigen zoals ik het altijd noem en wint de beste en meest effectieve visser van dat moment meestal. Dat gebeurt lang niet altijd in onze sport natuurlijk.
Ook het feederen op stromende wateren is trouwens een vismanier die ik altijd heel graag heb gedaan. En dan met name het vissen met een slappe lijn. Alles moet dan precies kloppen maar dan betekent ook echt iedere aanbeet een vis in het leefnet.

School en leren interesseerden me nauwelijks, vissen is het enige dat deerde!

Ik schreef het al, ik zie wedstrijdvissen echt als sport. Ik wil dan ook altijd een zo eerlijk mogelijke vissituatie voor alle deelnemers. Dat is in de praktijk vaak niet mogelijk, zeker niet op natuurlijke wateren. Er zijn overal in Europa aangelegde roeibanen die bijna altijd overal even lang, breed en diep zijn. Dat soort wateren zijn vaak afgesloten en het visbestand is dan ook exact te managen. Op dergelijke wateren vis ik het liefst wedstrijden.

Er wordt vaak geheimzinnig gedaan over voer en aas. Wil jij een goed voer met ons delen?

Verwacht van mij geen ingewikkelde dingen op dat gebied. Mijn aanpak is altijd heel simpel. Ik vis al sinds jaar en dag met de Van den Eynde lokazen en/of met de JVS lokazen die overigens door dezelfde machine zijn gemengd en verpakt. Afhankelijk van de precieze vissituatie gebruik ik veel verschillende mengelingen van kant-en-klaarvoeders.

“Mijn favoriete water in Nederland is absoluut de rivier de IJssel. Altijd volop vis en je weet nooit wat de volgende vissoort is die je aan de haak krijgt en dat alles bij een extreme stroming. Prachtig!”

 

Om dan toch een eenvoudig voorbeeld te geven, ik gebruik voor de wintervisserij in de jachthavens altijd hetzelfde voer, namelijk vd Eynde Supercrack Voorn Zwart. Ik maak dat voer niet aan met water maar met pure verse duivemest. Je kan zo’n voer bijna niet maken zonder een boormachine te gebruiken met een groffe garde die de duivemest kapot slaat en met het droge voer vermengt. De duivemest gebruik ik zoals hij uit de kooi is gekomen, dus niks gewassen of wat dan ook. Nadat het op de juiste vochtigheid is gebracht simpelweg even door een grove zeef drukken waarop de veren, eierschalen en dergelijke achter blijven en klaar is kees. JVS Voorn Zwart kun je trouwens ook prima op dezelfde manier gebruiken!

Jan van Schendel tien vragen aan de bondscoach visserslatijn met

Voor wintervoorn: vd Eynde Crack zwart met duivenmest! Niet meer, niet minder.

Voor het feedervissen gebruik ik altijd een mix van JVS Feeder Brasem en JVS Feeder All Round of gewoon puur Dutch Special Feeder van vd Eynde op stromende wateren.

Zo simpel benader ik het hoofdstuk lokaas bij mijn wedstrijdvissen. Ik hoef verder geen geheime dingen of wat dan ook toe te voegen want ik geloof daar gewoon allemaal niet in. Ik weet echter best dat niet alle lezers van dit stukje me zullen geloven. Tja, dat is dan maar zo, ik kan er niks anders van maken.
Veel wedstrijdvissers geloven wel in allerlei geheimpjes. Geen probleem! Wanneer men daardoor met meer vertrouwen de wedstrijd in gaat is het altijd goed wat men ook gebruikt. Dat vertrouwen is het grootste geheim in onze sport volgens mij en dat krijg je door vaak te vissen!

Wat is het gekste dat je ooit aan de waterkant hebt meegemaakt?

Ik heb alleen al 4000 wedstrijden gevist in mijn leven over een periode van zo’n 45 jaar en dan heb ik het nog niet eens over vrij vissen en peuren wat ik ooit ook heel fanatiek deed. Ik heb dan ook, dat lijkt me logisch, soms de meest gekke, leuke, trieste en ook echt bizarre dingen meegemaakt. Het meest bizarre overkwam me net na het einde van de laatste dag van de Sealink Classic, het grootste Noord-Ierse visfestival van begin jaren 80. Er deden toen ook enkele Engelse soldaten in hun vrije tijd mee aan die wedstrijd en die waren, achteraf gezien, iets te onvoorzichtig geweest waardoor de ‘verkeerde mensen’ van dit festival wisten. Let wel, in die tijd waren er daar de ‘Troubles’, de problemen tussen protestant en katholiek met ook extreme groeperingen van beide religies. De I.R.A. pleegde toen een bomaanslag op die soldaten en toen de bom explodeerde nam ik net mijn visspullen op mijn schouder en was hooguit zo’n 150 meter verwijderd van de auto waaronder de bom was geplaatst.

Onze auto stond vlakbij die auto geparkeerd en ik moet er echt niet aan denken wat er gebeurd zou zijn wanneer die bom ook maar iets later was af gegaan. Ik zou wel heel erg dichtbij die opgeblazen auto over een hekje geklommen zijn en ik weet echt niet hoe het dan met mij zou zijn afgelopen. Aan beide kanten van de getroffen auto was een lege parkeerplaats op een verder vrijwel volle parking en ik kan me niet anders voorstellen dan dat ik daar over het hekje geklommen zou zijn. Terwijl ik het nu opschrijf zie ik alles zo weer gebeuren van seconde tot seconde. Dat zit als een film in mijn hoofd en dat gaat er nooit meer uit. Ik keek ook precies op dat moment die kant op en zag alles zo voor mijn ogen gebeuren. Wat een drama! Twee soldaten op slag dood en een derde enkele maanden later, heel veel omstanders (gelukkig vrij licht) gewond, ook vissers.

Ik moet er niet aan denken wat er gebeurt zou zijn als ik mijn geplande looproute bewandeld zou hebben…

Niet te geloven allemaal en heel veel vissers lieten Noord Ierland daarna voor vele jaren links liggen. Begrijpelijk ook natuurlijk. Misschien heel erg egoïstisch maar zelf ben ik toen gewoon gebleven en heb me door dat voorval ook nooit laten afstoppen om er terug te keren. Waarom niet?? Werkelijk 99,9% van de mensen daar zijn de liefste, aardigste en meest gastvrije mensen die je maar kunt treffen.

Wat is het grootste verschil in je huidige visserij wanneer je dit vergelijkt met je beginperiode?

Nou tegenwoordig is echt alles anders. Voor mij persoonlijk is het grootste verschil dat ik met uitzondering van de wintermaanden mijn eigen wedstrijdvissen nog maar amper echt serieus kan nemen. Het coachen van de Nationale teams slokt al mijn tijd op in het visseizoen. Geen probleem, ik heb het zelf zo gewild en als je dat coachen goed wilt doen dan gaat dat niet samen met het zelf wedstrijden vissen. Of ik dat ook eeuwig zo vol kan houden is nog maar de vraag. Niemand vist liever dan ik namelijk.

Ik zei het al, werkelijk alles is anders in vergelijking met toen ik begon. Een kleine opsomming toen versus nu.

Toen

  • De kleinste wedstrijd was groter dan de grootste nu.
  • Zelden waren er minder dan 100 deelnemers.
  • Feederen en matchvissen bestond nog niet.
  • Er werd niks voor de jeugd georganiseerd
  • Er werd minder gevangen, maar veel meer gevoerd. Een startpunt met 4 á 5 kilo was niet gek.
  • Een brasem was vrij zeldzaam
  • Wedstrijden duurden ‘maar’ anderhalf tot twee uur
  • Wedstrijden gingen om de grootste lengte of het grootste aantal

Nu

  • De grootste wedstrijd van nu is kleiner dan de kleinste van toen
  • Zelden zijn er meer dan 100 deelnemers
  • Allerlei technieken en tactieken worden ingezet
  • Er wordt van alles voor de jeugd georganiseerd
  • Met een kilo voer kun je enorm veel vis vangen
  • Het is meestal om brasem te doen
  • Wedstrijden duren zelden korter dan vier uur
  • Bij wedstrijden draait het om het grootste gewicht
Jan van Schendel tien vragen aan de bondscoach visserslatijn met

Een wedstrijdvisserij moet altijd eerlijk zijn, vandaar ook dat ik tegenwoordig graag op commercials vis.

Wat is je grootste blunder tijdens het vissen geweest?

Nou ik heb zo vaak geblunderd dat ik bijna geen keuze kan maken. Een wedstrijd zal me altijd bijblijven op dat gebied. Een wedstrijd in Denemarken op de rivier de Gudern, een vrij snel stromende rivier met aan de overkant de betere visplekken. Een soort baaitjes waar het veel minder of helemaal niet stroomde en waar de brasems zich bevonden. Nou op die dag lootte ik een plek met aan de overkant ‘de moeder van alle baaien in Denemarken’ en in die baai zag ik tientallen rugvinnen van daar rondzwemmende brasems. Zelfs de grootste leek zou mijn plek herkend hebben als een winnende plek die dag.
Ik ook wel, maar ik kon me niet voorstellen dat al die brasems op mijn stek zouden blijven zonder dat ik hen eerst flink wat voer had voorgeschoteld zodat ze zeker zouden blijven azen daar.
Nu lijkt het allemaal zo gemakkelijk, maar we hebben het hier over de begintijd van het feedervissen en ik moest zowat alles zelf leren en vooral ervaren.

Laat ik het zo zeggen, ik was vrij eigenwijs die dag. Hoewel ik het welgemeende advies kreeg van een Deense kennis om ‘for heaven’s sake’ niks te voeren, ondanks al die vinnen daar, bedacht ik me om toch maar een aantal ballen voer naar die baai aan de overkant te schieten. Ik zie nog altijd het gezicht voor me van die man 5 uur later nadat ik net mijn enige brasem had gevangen en had laten wegen. De blik van die man zei meer dan 1000 woorden. Hij was de twijfel voorbij, twijfelen aan mijn verstandelijk vermogen was er niet meer bij. De man was er heilig van overtuigd dat er in mijn bovenkamer op z’n minst 1 steekje los zat.

Maden doodmaken doe je zo!

Ook mijn gebroken dobber verhaal mag hier niet ontbreken. Deze keer in Ierland, net nadat ik Ivan Marks had leren kennen. Een visfestival met 330 deelnemers en naast wie loot ik, naast Ivan natuurlijk. Er moest die dag gematchd worden en dat bij een harde wind met de stroming mee, kortom hele moeilijke omstandigheden.
Allereerst leerde ik die dag de Britse regel dat op stromende wateren jouw visplek begint op 2 meter bovenstrooms van je zitplek en eindigt op 2 meter bovenstrooms van de buurman die onderstrooms zit. Ivan zat die dag bovenstrooms van me en ving bijna al zijn vissen net bovenstrooms van mij.

Ik? Ik had nog maar weinig ervaring met het matchvissen en had er ook amper goed materiaal voor. Slechts een grote waggled had ik bij me, met nota bene Ivan zijn naam erop. Die dobber brak tijdens het vissen. Ik gefrustreerd en de wedstrijd eindigend met de vaste stok en om kort te zijn een rampdag. Ivan werd 2e in ons vak met een laag gewicht voor Ierse begrippen, net aan 5 kilo. Nadat zijn vissen waren gewogen kwam hij lachend naar me toe met de woorden “things didn’t go very well for you today I saw?”
Nou dat kon je wel stellen. Hij vroeg daarna om mijn hengel, gebroken dobber incluis. Hij beet wat lood van de lijn en begon even later op mijn plek en met mijn gebroken dobber de ene na de andere vis te vangen. Veel meer zelfs dan hij zelf had gevangen tijdens de wedstrijd.

Ik had het liefst door de grond willen zakken daar en voelde me zeldzaam voor lul staan. Typisch voor Ivan, voordat ik de oever verliet die dag had hij me alles geleerd over hoe ik moest werpen, wat ik had fout gedaan en vooral wat ik moest doen om te verbeteren. Zo werd het een onvergetelijke dag en een van de beste lessen die ik ooit heb geleerd.

Wat is je laatste grote (hengelsport)aankoop?

Ik voel me erg bevoorrecht op dit gebied en kan me echt niet meer herinneren wanneer dat was. Waarschijnlijk mijn eerste carbonhengel en dat is toch wel heel lang geleden inmiddels.
Altijd al deed ik extreme dingen om te slagen in mijn wedstrijdvisserij, ook heb ik er veel dingen voor gelaten. Extreem vaak viste ik in landen als Denemarken en Groot-Brittanië. Op jonge leeftijd wist ik al hoe sponsoring werkte en heb mede daarom altijd een materiaalsponsor gehad. Met name Tri Cast en ervoor en erna Browning hebben me altijd geweldig ondersteund totdat het JVS merk ontstond. Vanaf die tijd tot nu heb ik altijd uiteraard met die producten gevist en sinds kort ook daar waar dat kan met de producten van Rive.

Met wie zou je nog wel eens willen vissen?

Ik ben een echt sport mens en volg bijna alles op dat gebied. Vaak ook sporten waarvoor ik geen enkele ambitie heb om ze zelf ook te beoefenen.
De beste sportmensen zijn vaak mateloos interessante mensen. Het zijn vaak mensen die ‘tegen alle stromen in moeten roeien’ en bijna altijd zijn het hele sterke karakters.
Mijn grote favoriet op sport gebied is Phill Taylor, de dartlegende en de man die bijna in zijn eentje de gehele dartssport op de kaart heeft gezet. Niet alleen alles gewonnen, maar ook heel veel teruggegeven aan zijn geliefde sport. Hij was ooit een klasse apart en zelfs nu op het moment dat hij onlangs stopte was hij nog steeds absolute top. Wat een kanjer en wat een instelling om over zo’n lange periode zo goed te zijn. Ik heb begrepen dat hij vist en met hem zou ik weleens een dagje willen vissen.