Dinah Washington zong het in 1959. What a difference a day makes! Waar het gisteren niet echt goed liep was het vandaag weer compleet anders! Serieuze vissen zijn er gevangen en als er ’s avonds een rondje wordt gegeven door Roland omdat hij de grootste vis van zijn leven heeft gevangen, dan weet je dat er weer een hoop mooie en nieuwe herinneringen zijn gemaakt vandaag.
John en Pim zijn gaan bootvissen met natuurlijk aas. De kleine stukjes aas werden al snel ingeruild voor groot aas wat resulteerde in een onvergetelijke dag. We hebben heel veel grote vis gehaakt aan de hengel maar ook aan de handlijn.
GEVALLETJE TIJGERHAAI
Het materiaal was niet opgewassen tegen de enorme haaien die daar rondzwemmen.
JOHN MET EEN AMBERJACK
Maar buiten die missers om hebben ze erg mooie vissen kunnen landen. John heeft een grote almaco jack gevangen en Pim heeft met een handlijn een grote cubera snapper gevangen. Deze dag staat nog lang in hun geheugen gegrift.
CUBERA MAXIMUS VOOR PIM
Ronald ging met Mike en Mark op pad naar een van de mooie baaien op het eiland Maio. De doelstelling; haaien vangen vanaf het strand. Wij wisten dat het tij ‘s middags om 14:00 uur eruit ging en dat dan de 2 hengels klaar moesten staan voor de grote jongens. Daarvoor hebben ze het strand afgelopen en mooie kleinere vangsten gehad van White snappers, Trigger fish, etc.
MARK MET EEN WHITE SNAPPER
Een uur na laagwater en toen het water er weer langzaam in kwam begon de reel te gieren. Na een mooi gevecht mocht Ronald een pracht van een verpleegsterhaai landen, 232 cm rond de 80 kg. Dit is weer een vis die op zijn lijstje stond en kan afstrepen.
RONALD MET ZIJN VERPLEEGSTERHAAI
Vandaag is Bart als gastvisser met Sandro en Karl Heinz mee wezen vissen. Kantvissen natuurlijk aas met telescoophengels van 4.20 meter waarmee ze diverse trekkervissen, papegaai vissen en snappers vingen en ook een kleine murene. Karl Heinz schakelde al snel over op haai en terwijl Sandro een tukkie deed in de bak van de pick up die perfect voor hem naar de zee werd gezet kreeg hij al snel beet.
MOOI GETEKENDE TREKKERVIS VOOR MICHIEL
Maar helaas losten 5 haaien waarbij een hamerhaai van rond de 40 kilo tot vlak aan de kant werd gedrillt maar ook deze schoot er net af. Sandro ving na zijn tukkie nog een mooie Snapper en toen was het tijd om een paar vissen opde bbq klaar te maken. Man man, hoe vers wil je het hebben?
WHITE SNAPPERS VOOR BART
Dave, Michiel en William hebben vandaag met Joris met kunst- en natuurlijk aas van de kant gevist. Er belanden in totaal 11 trekkervissen en 5 snappers door Michiel en William in de kist. Dave was eerst niet op dreef maar ving met natuurlijk aas toch nog een triggerfish en een paar zeebrasems dus ook hij wreef aan het einde van de dag in zijn handen. Twee hengels lagen in de middag uit op haai. De eerste 2 aanbeten misten we helaas en dat was niet zo fraai. En de dag was zo goed als voorbij toen er nog een citroen haai voorbijkwam en team “reel hookers” de dag liet eindigen als een heel blij ei.
REELHOKERS MET CITROEN HAAI
Vandaag stond er voor Lars, Thijs en Arjan (speed)jiggen op het programma waarbij er naar en van de stek op light game getrold werd. Zodra ze de haven uit waren gingen er drie hengels overboord. Het begon met een wahoo van 1.50+ een mooie “bijvangst” en geen uitzonderlijke maat voor hier.
ACTIE VOOR LARS
Zodra ze op het eerste plateau waren begonnen ze met jiggen. Thijs wilde graag een coral trout vangen, dus viste op een andere wijze.
EEN PRACHTIGE CORAL TROUT VOOR THIJS
Na een aantal ocean triggers werden in een andere drift de eerste almaco jacks gevangen. Toen er van dit formaat genoeg (20 stuks) gevangen waren hebben ze ervoor gekozen om zich te richten op grotere jacks op een ander plateau maar op twee vage aanbeten na hier helaas geen actie gehad. Thijs ving hier ondertussen echter wel zijn coral trout waar hij zeer blij mee was. Op de terugweg naar de haven de trolling hengels weer overboord waar zich nog een kleine yellowfin aan vergreep.
Morgen staat voor hen het kunstaasvissen vanaf de kant op de planning, maar Thijs en Lars gaan proberen nog een nurse- of andere haai te vangen.
Vandaag zijn Roland en Henk op stap geweest met de grote boot. Het doel was grote haaien. Op weg naar de stek werd natuurlijk getrolld. Dit leverde vijf aanbeten op die een yellow fin en een bonito opleverden. Eenmaal op de stek beleefden ze een hectisch anderhalf uur.
ROLAND MET ZUSTERHAAI
Eerst werd een verpleegsterhaai gehaakt op de stand-up hengel. Deze werd door Henk in een half uurtje gedrild. Tijdens het landen van de vis ging een tijgerhaai met een tonijnkop aan de haal.
NURSE SHARK VOOR HENK
Nu kon Roland vol aan de bak in de vechtstoel. Na een half uur kwam een gigantische tijgerhaai van naar schatting 900 pond langszij. Een supervangst! Voor nog mooiere plaatjes wilde Michael de haai langszij binden maar die had daar geen zin in en in een geweldige krachtsexplosie trok hij de haak recht.
PIM MET MURENE
Een mooi souvenir voor Roland! Om de dag af te toppen ving Roland ook nog een verpleegsterhaai. Oh ja, we hadden ook nog een murene van 112cm en een dozijn snappers.
Een einzelgänger is een solist, iemand die graag alleen is. Een eigenschap die eigenlijk niet zo bij mij past, behalve wanneer ik aan de waterkant zit. Dat is toch prachtig? Een water vol met dikke vissen helemaal voor jezelf, en voor je gezelschap en/of vismaat natuurlijk! Maar geen andere karpervissers. Onmogelijk tegenwoordig? We zullen zien…
Tekst & foto’s: Joachim Stelma
Zolang als ik me kan herinneren vis ik. En ook al heel lang op karper. Wat begon met pen- en oppervlaktevissen is uit...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
DAG & NACHT
Zig rigs… de meeste karpervissers hebben er wel over gehoord. Maar hoeveel hebben er echt daadwerkelijk met succes gebruik van gemaakt? Veel vissers haken al af als ze ernaar kijken of geven het maar heel eventjes de kans. En dat terwijl het een inmiddels meer dan bewezen methode is om karpers te vangen. Zorgt de aanblik van een zigmontage bij jou gelijk voor vragen? Dan is het tijd om door middel van een quick-fix of beter gezegd zig-fix deze te beantwoorden. Want met een paar ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Noord-Franse pareltjes: deel 1
De afgelopen jaren heb ik mij toegelegd op het bevissen van vergeten of schijnbaar onbelangrijke kanaaltjes in het noorden van Frankrijk. Vele van deze kanalen en sluistukken bevatten echter bakken die nog nooit een haak of de binnenkant van een net zagen.
Tekst & foto’s: Cyriel Endriatis
Ik besef maar al te goed dat ik ouders uit de duizend heb en van geluk mag spreken met de jeugd die ik heb gehad. Mijn beide ouders werken veel, maar ons gezin stond altijd o...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
PRAKTIJKTIPS
Als je een klein beetje zoekt, dan zal je ongetwijfeld veel do’s en dont’s tegenkomen over karpervissen in het voorjaar. Maar… er bestaan geen tips die overal en altijd werken. Bernd Brink onthult zijn top-lentetips en wanneer, hoe en waar ze toe te passen.
Tekst & foto’s: Bernd Brink
Na de lange winterpauze lokken de eerste warme dagen veel karpervissers naar het water. De vangsten blijven vaak achter bij de verwachtingen, want de lente is één van de moeilijkste seizoenen. The...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
EEN KOUDE OCHTEND
Van iedere visdag maak ik al jaren trouw een verslag. Voorheen op papier in een logboek, tegenwoordig digitaal in een samenstelling van aantekeningen en foto’s. Een schermafdruk van het weerbericht op dat moment legt meer vast dan ik in woorden kan uitdrukken. Beelden van een stek, een bijzonder detail of een opvallende gebeurtenis maken de herinnering compleet. Vaak noteer ik die gegevens nog aan het water, in de emotie van het moment. Die woorden maken dat ik, zelfs jaren la...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Mobiel avontuur in het voorjaar
Het groene Niemandsland, een waar vissersparadijs voor vissers op karper die willen beleven, een avontuur zoeken en de dagelijkse besognes even willen vergeten. Ze zijn er nog, die paradijsjes. Overigens niet de wateren met 30 kilo-vissen; voor mij liever de rust dan een tentenkamp. Vaak weinig stekken en niet bereikbaar met de auto – dat scheidt het kaf van het koren. Een voorjaarsavontuur in het ‘bekende’ onbekende, want dat er vis zat wist ik nog van heel lang ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Een nieuw avontuur!
Eindelijk… na zo lang wachten is het weer zover: het voorjaar is aangebroken! Dit is één van mijn favoriete periodes om achter de karper aan te gaan. De vis ontwaakt uit hun lange winterslaap en daar wil ik als de brandweer bij zijn. De eerst plannen werden gesmeed. Ondanks de koude temperaturen onder het vriespunt – en Covid-maatregelen waardoor nachtvissen niet mogelijk was, waagde ik toch mijn kansje in het befaamde land van wijn en kaas, Frankrijk!
Tekst & foto’s: Len...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Deel 1: weet wat je voert!
De afgelopen paar jaar heb ik op redelijk wat betaalwateren gevist. Dit ging vrijwel altijd gepaard met het maken van een film. Hierdoor krijg je al snel dat mensen vragen gaan stellen over bepaalde wateren. Opvallend is dat heel veel karpervissers graag vissen op dergelijke wateren. Niet verwonderd want je hebt naast een eigen stek ook goede faciliteiten! Dus geen stress en een aangename visvakantie met kans op (hele) grote karpers!
Tekst & foto’s: Ernesto Kammin...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
JORIS NIEUWENHOFF- Het is niet alle dagen feest. En vandaag was zo’n dag……
Twee groepen hebben een goede dag gehad. Thijs, Arjan en Lars hebben twee zusterhaaien gevangen. De ene was 220 en de andere 238 centimeter. Dat was echt een hele goede dag dus voor deze mannen. Het ging toch niet vanzelf maar de score was uiteindelijk helemaal naar wens.
LACHENDE GEZICHTEN LARS, THIJS EN ARJAN MET EEN ZUSTERHAAI
Het tweede feestje werd door Roland, Henk en Bart gevierd die met een grote hoeveelheid vis vingen met de visserij met natuurlijk aas vanaf de kant. Ze hebben een flink aantal trekkersvissen, twee papegaaivissen en nog wat kleinere haaien gevangen en tussentijds wat hout en stenen gesprokkeld en op een zelfgemaakte BBQ genoten van een zelfgemaakte lunch met verse trekkervis .
ARJAN MET EEN PRACHTIG GETEKENDE TREKKERVIS
Een half feestje werd gevierd door Karl-Heinz en Sandro die vandaag met de lokale boot mee zijn geweest. Op de eerste plek ook weer een flink aantal vissen met groupers, snappers etc maar na 1,5 uur werd het stil. En ook andere stekken leverde weinig nieuwe actie op. En dan wordt zo’n houten bank opeens steeds harder.
MICHIEL MET EEN SNAPPER
Bart, Pim en John gingen kunstaas vissen vanaf de kant. Ik heb ze meegenomen naar het mooiste strand met azuurblauwe zee en schitterende rotspartijen in het water maar meer dan 2 kleine visjes leverde dat niet op. Tussendoor kwamen we nog de lokale outdoor gym tegen waar we nog even gebruik van hebben gemaakt. Daarna door naar het noorden waar we uiteindelijk toch een paar visjes wisten te verschalken maar het hield niet over.
DE LOKALE GYMNASTIEKVERENIGING
Ronald, Mark en Mike gingen vandaag op de marlijn. Maar er gebeurde letterlijk helemaal niets. Waar er gisteren nog haaien op de locatie te vinden waren was het nu muisstil. Michael heeft alle pluggen en lures geprobeerd maar niets mocht baten. Toen maar even snel wat gejigd en toen kwamen er nog een paar mooie vissen boven maar veel had het niet om handen.
BART MET EEN PAPAGAAIVIS
De jigging groep had rond uit pech. Waar gisteren 30 jacks gevangen werden en er tijdens het trollen ook nog tonijn en wahoo, was het vandaag met 5 vissen gewoon een slechte dag. Met ook nog een storing aan de as van de boot werd het er allemaal niet beter op. Dave, Michiel en William hadden echt een off dag. Hopelijk kan ik ze morgen wat meer spektakel bezorgen.
ALMACO JACK VOOR WILLIAM
“Vissen hebben staarten” heb ik wel eens gehoord. Ik hoop dat ze morgen wel weer de juiste kant op zwemmen.
JORIS NIEUWENHOFF – De carrousel van teams is 1 dag doorgedraaid en de teams hebben allemaal een nieuwe uitdaging vandaag.
Vandaag zijn Roland, Henk en Bart gaan bootvissen met natuurlijk aas. Op de eerste plek was het meteen raak. Binnen de minuut had iedereen zijn eerste vis gevangen. En dat was een voorbode van een mooie visdag. Niet de reusachtige soorten maar wel heel veel soorten. Alle kleuren van de eredivisie zijn voorbijgekomen en vanuit zo’n lokale houten boot is dat een bijzondere belevenis. De bonus van de dag was bij hen de African pompano die met een visje op de free line werd gevangen.
Ronald, Mark en Mike gingen kantvissen met natuurlijk aas. Nadat de eerste 10 triggerfish in een mum van tijd gevangen werden schakelden Ronald en mark over op de haaien. Mike ging nog even door met de triggerfish wat ook niet raar is want het zijn stuk voor stuk sterke en hele mooie vissen. Met nog 6 haaien, parrotfish en ruim 30 triggerfish hadden ze ook een geslaagde dag. Volgens de mannen kregen de lokale gidsen vandaag een 10 voor hun werk. De 100 gram strandhengels waren, zodra de haken leeg waren, in een mum van tijd weer van aas voorzien door de gidsen en daar waren ze zeer over te spreken.
Karl Heinz, Sandro en gastvisser Arjan gingen vandaag kunstaasvissen vanaf de kant. Geen gemakkelijke opgave maar op een mooie ondiepe plaat hebben we al wadend toch ruim 30 vissen bij elkaar weten te vangen. Triggerfish, horse eye jack en Karl Heinz en Arjan gingen nog met natuurlijk aas gericht op kleine haai en daarbij kwamen er 4 naar boven en ook nog wat murene, grouper en lipvis.
Bart, Pim en John hebben vandaag gejigd en op de heen- en terugweg getrold. Tijdens het trollen waren er twee tonijnen die zich aan de pluggen vergreen en op de terugweg nog een mooie wahoo van 149 cm en 15 kilo. En tijdens het jiggen hebben ze maar liefts dertig almaco jacks gevangen. Geen grote exemplaren maar soms zaten er zelfs twee vissen aan elk 1 assist haak en waren er dus dubbel hook ups.
Dave, William en Michiel gingen vandaag gericht op grote haai vanaf de kant. Ze hebben 5 aanbeten gehad. 1 daarvan was niet te houden en daarbij knapte de lijn, drie andere waren zusterhaaien en die waren te klein om het grote aas te kunnen pakken maar ze vingen wel een enorme horse eye jack (op haai aas notabene) en dat is toch wel een serieuze vis. Tussen door hebben ze met lichte spinhengels nog vanaf de kant wat kleinere vissen gevangen.
Lars en Thijs zijn vandaag gaan vissen op marlijn en tijdens deze dag kwamen ze op een gegeven moment een paar haaien tegen. En Thijs had die nog op zijn bucketlist staan. Dus vervolgens een halve tonijn aan de haak en langzaam rond varen en de eerste haai kreeg het aas niet goed te pakken maar bij de tweede was het wel raak. Een serieuze hamerhaai was het haasje. Thijs natuurlijk erg blij met deze mooie en bijzondere haai en dus ook hier blije gezichten.
Maar ook de keuken hier krijgt weer een dikke tien. De dames onder leiding van Isabelle, de vrouw van Michael, hadden vanavond het volgende geregeld. Sashimi van wahoo en sojasaus, gefrituurde wahoo ballen, kippenpoten in kokosmelk, rijst, friet, roerbak kool, almaco jack uit de oven en dat allemaal in XL-uitvoering. De biertjes zijn koud en smaken goed. Volgens mij komt niemand wat te kort.
JORIS NIEUWENHOFF – Het begon allemaal op donderdag met de vluchten van Amsterdam naar Praia via Lissabon. Wat vertraging op de eerste vlucht maar voldoende tijd voor de tweede maakte dat we op tijd in Praia aankwamen. Lekker geslapen in het VIP hotel en de volgende dag doorgereisd met de lokale veerboot naar het eiland Maio. Daar kregen alle groepen hun eigen woningen toegewezen en gekscherend werd er gezegd dat het uitzicht wel wat minder had gemogen. Dat uitzicht over zee en die ondergaande zon was toch niet “normaal”.
Maar vandaag was het dan toch echt zover. De groepen werden om 07.15 uur bij hun woningen opgehaald en naar de Dutch Anglers Bar gebracht waar het ontbijt en het diner geserveerd worden. De lunch mogen ze zelf smeren tijdens het ontbijt. Het is allemaal perfect geregeld hier.
Daarna gingen de verschillende teams op pad om de hun toegewezen visserij van die dag te doen. IN totaal zijn er 6 verschillende soorten visserij.
Bootvissen marlijn of grote haai
Kantvissen met kunstaas
Bootvissen jiggen licht en zwaar
Kantvissen met natuurlijk aas
Bootvissen met een lokale boot en natuurlijk aas
Kantvissen op haai
Het waren Dave, William en Michiel die deze eerste dag op de marlijn begonnen. Het is momenteel een hele goede week voor deze visserij en het water is goed helder dus de verwachtingen waren hoog. En ja hoor… om 14.00 uur sloeg de paniek toe op de boot en galmde de kreet “strike” vanaf de kapiteins toren. De vis was goed gehaakt en Dave was de gelukkige. Hij heeft al meerdere reizen ondernomen om een marlijn te vangen en hij kon zijn geluk niet op toen hij daadwerkelijk zijn eerste marlijn mocht vasthouden en op de foto gaan. En het mooie was dat wij die avond allemaal een rondje kregen van Dave. Best gelopen dus.
Ik ben zelf iedere dag “chef kantkunstaas” en ik ben met Bart, Roland en Henk op pad geweest. Wij hebben in het Noorden van Maio heel veel verschillende stekken aangedaan. Het kwam niet als vanzelf en we hebben de dag afgesloten met 12 vissen en 5 soorten. Niet super top maar we hebben er een hoop zien zwemmen en we stonden op een gegeven moment zelfs tussen de haaien (van maximaal 1 meter) te vissen. Die vonden ons kunstaas maar niks dus die vingen we niet. Maar het gezelschap, de omgeving, het weer en de paar vissen maakte het toch een mooie dag
Karl – Heinz en Sandro gingen vandaag jiggen. En tussen de verschillende banken waar ze gingen jiggen werd er tijdens de verplaatsingen nog getrold. Maar liefst 32 vissen kwamen er boven in 6 verschillende soorten met onder andere Almaco jack en rainbow runner. Blije en vrolijke gezichten dus hier aan boord. Het beste werkte de lichte en slow jig visserij. Daardoor waren de vissen niet reusachtig maar wel zeer welkom.
Kantvissen met natuurlijk aas was vandaag voor Lars, Thijs en Arjan. Zij gingen met de lokale gids Waa op pad en vingen maar liefst 30 trekkervissen, 1 kleine haai een grouper en een papagaaivis. Ze moesten een paar keer verplaatsen maar op een gegeven moment hadden ze de juiste plek gevonden en was het een doorlopend feest van aanbeten. Maar de trekkervissen zijn hier niet gek en duiken snel het rif in als ze gehaakt zijn. Dus oplettend vissen is hier van belang en daar is dit trio goed in geslaagd.
Mark, Ronald en Mike gingen met de lokale houten boot en natuurlijk aas vissen. De heenreis was tegen de wind in de stroomlijning van de lokale boten is niet de aller modernste dus flink wat buiswater kwam af en toe over deze drie dappere dodo’s. Maar eenmaal aangekomen op de juiste plek waren kleine haken de beste oplossing. Maar liefst 10 soorten en 30 vissen hebben ze gevangen. En daarbij zaten onder meer dentex, murene, vliegende vis en grouper.
De laatste groep was de minst fortuinlijke. Zij gingen op haai vissen vanaf het strand. En hier is het alles of niks. We vissen aan de zuid oost zijde van het eiland waar van nature veel en grote tijgerhaaien voorkomen en exemplaren van 300 kilo plus geen uitzondering zijn. Er wordt dan ook gevist met heel zwaar materiaal en het aas wordt door een lokale vissersboot uitgevaren op 300 en 400 meter vanaf de kust. Geen half werk dus. Maar helaas zat het hen niet echt mee. Een kleine koperhaai was hun deel. Maar ook hier geld beter iets dan niets.
Morgen wisselen we door qua visserij en is iedereen met iedereen in gesprek om tips en tricks te krijgen over de visserij die ze vandaag hebben meegemaakt. En dat alles wordt omlijst door de verschrikkelijk lekkere maaltijden die hier geserveerd worden. Man man, normaal val ik af op visreizen maar dat gaat hier zeker niet gebeuren. Maar een eerste visdag met meer dan 100 vissen en ruim 20 soorten is een prima start.
Er zijn ruim 2 miljoen Nederlanders die regelmatig vissen. Nog veel meer mensen gaan af en toe een dagje voor hun plezier vissen. Deze sport en hobby biedt een moment van rust, midden in de natuur. Behalve de dobber in de gaten houden hoef je even helemaal niets. Wat moet je allemaal meenemen voor een geslaagd dagje vissen? Wij vertellen het je.
Hengel en lijn met dobber
Er zijn zeer veel hengels om uit te kiezen, waardoor het voor beginnende vissers lastig kan zijn om de juiste hengel te kiezen. Over het algemeen zit je als beginner goed met de zogeheten vaste oversteek hengel. Met deze hengel kan je in de binnenwateren van Nederland op bijna alle vissoorten vissen. Schaf direct een goede en betrouwbare hoofdlijn met dobber aan. Als je het helemaal goed aan wilt pakken, koop je direct twee lijnen, want dan heb je altijd een reserve-exemplaar mee.
Comfortabel visstoeltje
Het kan wel even duren voordat je iets vangt. Voor veel mensen gaat het bij vissen niet eens om wat je vangt, maar het gevoel van onthaasten en de beleving omtrent het vissen. Je kunt natuurlijk gewoon in het gras gaan zitten of op een steiger, maar voor meer comfort valt het aan te raden om een visstoeltje mee te nemen. Dit kan een campingstoel zijn die je nog op zolder hebt staan, of een stoeltje dat specifiek is ontworpen voor vissers. Vaak zijn deze voorzien van verstelbare poten die je kunt afstemmen op de ongelijke ondergrond. Dit is wel een groot item om mee te nemen, waardoor het lastig wordt om naar een visstek te lopen of fietsen. Als je met de auto gaat neem je makkelijk alle benodigdheden mee. Als je veel onderweg bent om verschillende viswateren in Nederland te ontdekken is autoverzekering vergelijken extra interessant. Wellicht is het voor jou een goede optie om extra dekking voor pechhulp af te sluiten.
Nederlandse VISpas
Je hebt een VISpas nodig als je in Nederland wilt vissen. Er zijn verschillende soorten. Welke VISpas je kiest, hangt onder meer af van je leeftijd en het aantal hengels dat je wilt gebruiken. De VISpas is eenvoudig online te bestellen.
Aas en lokvoer
Er zijn verschillende soorten aas die geschikt zijn als je gaat vissen. Welk aas je gebruikt, hangt af van het soort vissen dat je wilt vangen. Kies bijvoorbeeld voor brood of kaas of gebruik wormen of maden. Om de vissen te lokken, zijn er diverse soorten lokvoer, van havermout tot mais of een mix vanvoer dat je zelf maakt. Speciaal lokvoer is ook te koop in hengelsportwinkels. Vergeet in dit geval niet om een voeremmer mee te nemen waarin je het lokvoer kunt bereiden en bewaren.
Op vakantie heb je alle tijd om lekker te vissen. Er zijn reishengels die je eenvoudig mee kunt nemen op visvakantie. Met deze drie tips helpen wij je bij het vinden van de meest geschikte reishengel, want waar moet je allemaal precies op letten? Lees snel verder.
Transportlengte reishengel
Vaak bestaat een reishengel uit vier of vijf delen, afhankelijk van de totale lengte. De transportlengte komt daardoor uit op 40 tot 70 cm. Bedenk voordat je op zoek gaat naar een reishengel hoe je deze mee gaat nemen. Ga je met het vliegtuig op vakantie? Dan zijn er speciale koffers waarmee je jouw hengel mee kunt nemen verkrijgbaar. Wel moet je deze inchecken als normale bagage, waardoor dekosten flink op kunnen lopen. Door te kiezen voor een reishengel die in je gewone koffer past, bespaar je op de transportkosten. Let er op dat de transportlengte die bij reishengels vermeld staat betrekking heeft op de lengte van het langste gedeelte. Dit is exclusief koker of etui. Als je van plan bent om met de auto op vakantie te gaan is dit vaak minder relevant. Vergeet ook niet om jouwdoorlopende reisverzekering aan te passen zodat al jouw bagage verzekerd is.
Waar ga je het meest vissen?
Ben jij van plan om vooral vanaf de boot op zee te gaan vissen? Of ga je juist vissen op de binnenwateren? Als je vooral gaat zeevissen en daarvoor een trip boekt, kan je doorgaans ook direct een hengel huren. Wanneer je voornamelijk vanaf de kust of op binnenwater gaat vissen, valt het aan te raden om een reishengel uit te kiezen voor dit doel. Je zal namelijk altijd een concessie moeten doen op het moment dat je een reishengel aanschaft die zowel geschikt is voor bootvissen als binnenland- of kustvissen. Laat je budget het toe om een aparte boothengel te kopen en een reishengel voor het vissen vanaf de kust? Dan is dit natuurlijk de beste keuze.
Maximale werpgewicht
Net als bij een reguliere hengel dien je ook bij de reishengel te letten op het maximale werpgewicht. Je neemt waarschijnlijk maar één hengel mee, waardoor je kiest voor een reishengel die zo allround mogelijk is. Met een zwaardere hengel kun je ervoor kiezen om lichter aas te werpen, maar andersom is dit niet zo. Het valt dus aan te raden om voor een zwaardere hengel te kiezen om jezelf niet te beperken. Zeker als je voor het eerst naar een bepaalde bestemming gaat en je nog niet goed weet wat je kunt verwachten. Vergeet ook niet om deze benodigdheden mee te nemen op visvakantie.
TOBY BEELOO- Bij het onderwerp ‘onderwaterdobbers voor meerval’ zullen vast vragen als ‘wat zijn dat, hoe werken deze en wanneer gebruik je ze?’ naar boven komen. Weet je ook hoe een meerval het aas waarneemt en wat deze ziet? Geen zorgen, na het lezen van dit artikel weet je precies hoe dit in elkaar zit.
Wat is een onderwaterdobber?
Onderwaterdobbers zijn drijflichamen gemaakt van kunststof, zoals Rohazell of EVA en worden op de onderlijn gemonteerd om de onderlijn en het haakaas van de bodem te houden. Voor dit doel lenen zich nog meer materialen, maar ik beperk me even tot de twee eerder genoemde, aangezien beide geheel anders zijn.
Rohazell is een zeer sterk en nagenoeg onverwoestbaar materiaal. Drijflichamen van dit materiaal gaan heel lang mee. Ze zijn echter wel hard, waardoor in de stroming ‘geluid’ kan ontstaan. Op drukbeviste rivieren/stekken kan dit een negatieve invloed hebben op de vangsten. Toch kun je in 95 % van de situaties dit materiaal prima gebruiken. EVA is een zeer zacht materiaal en maakt nagenoeg geen geluid in het water. Dit materiaal is echter wel wat minder robuust. Daarentegen bezit EVA een ‘open’ structuur wat het mogelijk maakt om geurstoffen op te nemen. Dit materiaal biedt een meerwaarde op rivieren met veel hengeldruk, zoals de Italiaanse Po.
‘STEALTH’AANPAK MET MICRO-ONDERWATERDOBBERS ( foto: Stefan Seuss)
WAT DOEN ONDERWATERDOBBERS?
Een onderwaterdobber is een drijflichaam dat de functie heeft om het aas niet in aanraking met de bodem te laten komen. Dit biedt ons meervalvissers twee belangrijke voordelen. Ten eerste: op rivieren met veel stenen of andere obstakels zal de onderlijn niet gauw vast komen te zitten. Ten tweede: de meerval heeft een omhoogstaande bek en zal zijn prooi doorgaans van onderaf aanvallen. Het aas hoger in de waterkolom aanbieden zal ervoor zorgen dat de meerval het aas sneller opmerkt en pakt.
DE KEUZE IS REUZE…
STROMING & ONDERWATERDOBBERS
Enkele belangrijke factoren voor het succesvol gebruiken van onderwaterdobbers zijn stroming, onderlijnlengte en aassoort. Stroming zorgt ervoor dat de montage naar beneden wordt gedrukt, maar ook dat deze gestrekt wordt. Stroming is wellicht een van de lastigste factoren waar je rekening mee moet houden. Een zeer lichte onderwaterdobber (10 gram) zal weliswaar naar beneden
worden gedrukt, maar niet in contact komen met de bodem.
Met een zwaarder model (30 gram) zal het aas zich hoger van de bodem begeven. Op rivieren met een harde stroming zal het drijfvermogen weinig effect hebben op de hoogte van presentatie, aangezien de sterke stroming de onderwaterdobber toch dicht tegen de bodem aan zal drukken.
|Tip:gebruik een 30-40 gram onderwaterdobber als er met dauwpieren gevist wordt, dan kan het niet mis gaan!
Op stilstaande wateren moet je vaak wel grote onderwaterdobbers gebruiken om het aas van de bodem te presenteren. Een tros dauwpieren heeft al snel een 15 tot 20 grams onderwaterdobber nodig en voor grote, dode aasvissen is 40 gram niet raar. Voor levende aasvissen kan dat zelfs 60 tot 100 gram bedragen en hebben ze ook de functie dat de montage niet in de knoop raakt; deze bieden voldoende weerstand om de levende aasvis in zijn zwembeweging te beperken.
ONDERWATERDOBBERS BIEDENMEERVALVISSERS VEEL VOORDELEN… MAAR WELKE GEBRUIK JE EN WANNEER?
ONDERLIJN: LENGTE & MATERIAAL
De onderlijnlengte bepaalt samen met het drijfvermogen van de onderwaterdobber en de stroming op welke hoogte het aas zich van de bodem begeeft. Op stilstaand water is dit zeer eenvoudig. De onderlijnlengte is tevens de hoogte tot aan de bodem. Op een water met lichte stroming zal het om enkele centimeters verschil gaan tussen de lengte van de onderlijn en de werkelijke hoogte boven de bodem.
Op rivieren met een matige tot harde stroming wordt de lengte een belangrijke factor. Hoe langer de onderlijn, des te hoger het aas zich van de bodem zal begeven. Op stromende rivieren is dan ook een lengte van 2 tot 2,50 meter niet ongewoon. Het streven is dat het aas zich ongeveer 50 centimeter van de bodem begeeft.
Wat betreft onderlijnmateriaal gebruik ik mono of kevlar (gevlochten onderlijnmateriaal). Mono is in vergelijking met kevlar relatief stijf, waardoor de montage minder snel in de knoop raakt. Daarnaast is mono zeer slijtvast en glad. Kevlar is zeer soepel en heeft een hoge trekkracht in vergelijking tot de diameter. Ik gebruik mono van 1 mm (54 kg) en 1,2 mm (68 kg). De gebruikte
kevlar met eenzelfde diameter is veel sterker, respectievelijk 80 en 100 kg breeksterkte.
MONO HEEFT MEESTAL MIJN VOORKEUR
Welk materiaal ik gebruik hangt af van het water en het aas. Voor stilstaand water kunnen beide materialen gebruikt worden als er met dauwpieren of dood aas wordt gevist. Vis je met levend aas, dan is mono een vereiste. De stijfheid van mono voorkomt dat de vis niet in de onderlijn verstrikt raakt, wat met kevlar wel kan gebeuren. Bij wateren met een matige stroming (rivieren) geldt in principe hetzelfde.
Bij wateren met een harde stroming is het verstandig om mono te gebruiken, aangezien dit vrijwel onmogelijk in de knoop raakt. Je kunt kevlar gebruiken, echter dient je heel goed op te letten met het plaatsen van de montage. Een golfje of een kering in de stroming kan er al voor zorgen dat de onderlijn in de knoop raakt! Kortom, mono is de meest allroundvariant om met onderwaterdobberste gebruiken.
AASSOORTEN
Het haakaas is van invloed op welke onderwaterdobber je nodig hebt. Het grootste onderscheid ligt tussen levende vissen en alle andere soorten aas. Een levende vis zal zelf bewegen en heeft minder drijfvermogen nodig op een stromende rivier. Op stilstaand water ligt dit anders en is meer drijfvermogen nodig. Dauwpieren zijn in Nederland veruit het meest gebruikte aas. Ze bewegen
aantrekkelijk, zeker in een bundel, en veroorzaken zo trillingen. Daarnaast hebben dauwpieren een specifieke geur/smaak die bij meerval zeer goed in de smaak valt.
Een bijkomend en niet geheel onbelangrijk voordeel is dat ze steviger zijn dan andere wormsoorten. Hierdoor blijven dauwpieren zelfs in een harde stroming prima aan de haak zitten en kost het witvis meer moeite om deze pieren van de haak te krijgen.
DAUWPIEREN ZIJN TOP
Dood aas vind ik een onderschatte aassoort; op de juiste manier ingezet kan het erg effectief zijn! Doodaas kun je zelf vergaren door een middagje op witvis te vissen: simpel en goedkoop. Daarnaast zijn forellen of makrelen in vrijwel iedere supermarkt of speciaalzaak te verkrijgen. Deze aassoort kun je altijd invriezen en op een geschikt moment ontdooien, iets wat met dauwpieren niet mogelijk is. Dood aas is en blijft een zeer natuurlijk aas en geeft voldoende geur af, zeker de zeevissen. Het nadeel van dood aas is dat het niet beweegt. Middels een onderwaterdobber met een propeller kun je dit nog enigszins compenseren.
Levend aas wordt natuurlijk ook veel gebruikt op plekken waar dat is toegestaan. Logisch, aangezien dit de natuurlijke prooi voor meerval is en
ook de aandacht trekt door beweging en trillingen. Een groot nadeel is vangen en intensieve verzorging om deze in leven te houden. En uiteraard is het gebruik van levend aas in Nederland verboden.
MICRO-DOBBERS
Er zijn meerdere soorten onderwaterdobbers die zich onderscheiden in formaat, vorm en kleur. In de basis kun je drie typen onderscheiden: zogenaamde micro-onderwaterdobbers, ‘standaard’ modellen en propeller onderwaterdobbers. Micro-onderwaterdobbers zijn het kleinst en hebben een drijfvermogen van 1,5 tot 7 gram. Deze worden doorgaans gebruikt in de tijden dat de meerval zeer passief is en zich dicht tegen de bodem ophoudt, bijvoorbeeld in de winter of het vroege voorjaar.
Door twee of drie kleine dobbers op de onderlijn te plaatsen wordt de montage nagenoeg gewichtloos. Het aas wordt nauwelijks omhooggetrokken en bevindt zich dicht tegen de bodem, precies daar waar de meervallen zich ophouden. Deze montage leent zich uitsluitend op rivieren met stroming. Bijkomend voordeel van deze montage is dat de dobbers aanzienlijk kleiner zijn dan gebruikelijke modellen, waardoor het een onopvallend geheel is.
MICRO ONDERWATERDOBBERS VOOR DRUKBEVISTE WATEREN. (foto: Stefan Seuss
Bij micro-onderwaterdobbers kan je gebruik maken van een zogenaamde combi-rig, oftewel een onderlijn bestaande uit mono en kevlar. Tot aan de haken bestaat de onderlijn uit mono; de montage raakt niet in de knoop en de micro-onderwaterdobbers blijven goed tussen stoppers op hun plek zitten. Uitgaande van 3,5 gram dobbers plaats ik deze zo’n 20 cm uit elkaar. De lijn tussen de twee enkele haken of dreggen is gemaakt van kevlar. Zo kun je de haken op iedere gewenste plek op een vis plaatsen, dankzij de soepelheid van het kevlar. Daarnaast kan het kevlar altijd om de haaksteel gewikkeld worden om de afstand tussen de haken aan te passen. Op deze manier wordt het een veelzijdige montage voor verschillende aassoorten of aasgroottes.
STANDAARD & PROPELLERS
De ‘standaard’ is de oervorm van de onderwaterdobber met een drijflichaam in gestroomlijnde vorm om het aas op een bepaalde afstand van de bodem te houden. Dit in tegenstelling tot de micro dobbers, waar het aas tegen de bodem wordt gepresenteerd. Ze zijn verkrijgbaar in drijfvermogens van 10 tot 100 gram. Hiermee is deze dobber ook de meest universele, geschikt voor zowel stilstaande wateren als stromende rivieren. Ik gebruik deze met een montage van kevlar, mono of een combinatie hiervan. De afstand tussen de onderwaterdobber en de haken kan naar eigen wens worden aangepast door de stoppers te verschuiven. Een goed uitgangspunt is om de onderwaterdobber circa 15 tot 20 cm van het aas te plaatsen.
EEN PROPELLORDOBBER DIE RONDDRAAIT IN DE STROMING VOOR EXTRA TRILLINGEN.
De laatste groep dobbers zijn de ‘propellers’, verkrijgbaar in 10 tot 40 gram. In de basis zijn het standaard onderwaterdobbers, welke zijn voorzien van vleugels. De stromingsdruk zal er voor zorgen dat de dobber begint te draaien, net zoals een molen door de wind. Dit zorgt ervoor dat er extra trillingen vrijkomen, wat zeker bij het gebruik van doodaas of dauwpieren een gewenste toevoeging is, aangezien deze altijd minder opvallen dan een levende aasvis. Bij deze dobbers is een matige tot sterke stroming vereist om de propeller te laten rondspinnen. Verder kies je nu voor mono, aangezien door het gladde oppervlak de propeller goed kan draaien.
HEBBEN PROPELLERS ZIN?
Een meerval heeft een zeer goed gehoor. Ook heeft de meerval de ronddraaiende propellerdobber gemaakt worden maar al te goed waarnemen, iets wat in ons voordeel werkt. In de winter gebruik ik meestal geen propellers omdat de meervallen dan vaak zeer passief zijn en schrikt een bron van veel trillingen de meerval eerder af dan dat dit ze activeert.
WAREN HET DE EXTRA TRILLINGEN DIE DE MEERVAL ATTENT MAAKTE OP HET AAS?
SPECIALE MODELLEN
Uiteraard gaan de ontwikkelingen op het gebied van onderwaterdobbers gewoon door. Black Cat komt daarom met unieke modellen zoals de Tree en Darter onderwaterdobbers.
Tree: Deze onderwaterdobber creëert door de speciale tapse vorm en ribbels kleine stromingswervelingen doordat de stroming de onderwaterwaterdobber voorop het kleine gedeelte raakt. De stroming bouwt zich vervolgens op over de achtereenvolgende ribbels waardoor de stroming verandert en over het aas wordt geduwd. Deze onderwaterdobber creëert dus stromingswervelingen vergelijkbaar met een propeller onderwaterdobber. Maar waar een propeller onderwaterdobber niet ronddraait door te weinig stroming zal een Tree onderwaterdobber alsnog zijn functie vervullen, dit maakt het tot een ideale onderwaterdobber met een breed inzetgebied.
Darter: deze onderwaterdobber heeft een smalle vorm met vier ‘vleugels’, vandaar de naam. Hierdoor breekt de onderwaterdobber de stroming en laat deze zonder opvallende wervelingen doorstromen. De vleugels werken tevens als een kiel zoals bij een boot en zorgen door de druk van de stroming dat deze zich van links, naar rechts beweegt waardoor het aas verleidelijk beweegt. De Darter onderwaterdobber is speciaal ontwikkeld voor rivieren waar veel wordt gevist en schuwe meervallen snel argwaan krijgen bij andere onderwaterdobbers.
ZELFHAAK STEENSYSTEEM
Nog een belangrijk aspect, namelijk het gewicht dat de montage op zijn plaats dient te houden. Mijn voorkeur gaat uit naar stenen als gewicht. Zeker op rivieren kom je hier niet onderuit. Een groot voordeel van de ‘steenmethode’ is dat meerval zichzelf haakt. De steen wordt bevestigt middels een breeklijn: een stuk 40/00 nylon dat de zwakste schakel van de gehele montage vormt. Zodra de meerval het aas pakt en wegzwemt, komt er kracht te staan op de breeklijn waardoor deze breekt. Door het tegengewicht van de steen zal de haak in de bek penetreren: het
zelfhaakeffect. Hierna kan de meerval vrij gedrild worden en blijft de steen op de bodem achter.
DE HENEGSL STAAN OP SCHERP, GESPANNEN WACHTEND IN DE STROMING
Gebruik voor het inbinden van de steen biologisch afbreekbaar touw, zoals sisal touw. Uiteraard is het op rivieren met een langzame stroming of een stilstaand water ook mogelijk om lood te gebruiken. Het nadeel is dat je de montage niet zo op spanning kan zetten als bij een steen en je de haak zelf moet zetten. Het voordeel is wel dat een lood montage ingeworpen kan worden; bij een steen heb je een boot nodig om de montage te plaatsen.
Wat vrijwel ieder water gemeen heeft zijn schuin aflopende kanten, zoals de steenstort op een rivier of een diepere plaats op een plas. Dit zijn de ideale plaatsen om je montage te plaatsen, dit zijn klassieke plekken waar meervallen patrouilleren.
| DIT IS EEN PREMIUM ARTIKEL UIT BEET MAGAZINE
Beet is als los exemplaar te koop in de boekwinkel of neem NUeen voordelig jaarabonnement en ontvang Beet Magazine iedere 6 weken thuis op de mat.
MARTIJN DEKKERS – De kans is groot dat de eerste zeevis die je ooit ving een bot was! Bot is namelijk de meest voorkomende platvis van Nederland. Waar je ook gaat vissen, botten zitten echt overal in ons zoute en brakke water, zelfs in geheel zoet water kan je ze tegenkomen. Deze vechtersbaas luidt elk jaar na de winter het voorjaar in wanneer botten al vroeg vlakbij het strand opduiken en je soms flinke exemplaren kunt vangen.
Zijn ze niet prachtig? En goed gecamoufleerd bovendien. Enkele seconden na deze foto is de bot onder het zand verdwenen en zie je alleen nog maar een stel oogjes en een bek
Bot is hoogstwaarschijnlijk de enige platvis die in het zoete water aangetroffen kan worden. In geheel zoet water zijn ze vrij zeldzaam, maar toch liegen de vangstmeldingen er niet om. Zelf ben ik ooit een bot tegengekomen in de Moezel bij Metz, dat is toch zo maar even een paar honderd kilometer landinwaarts! Maar ook in het Amsterdam-Rijnkanaal in Utrecht kun je ze aan de haak krijgen.
Het leven van een juveniele bot begin zoals je het niet direct zou verwachten. Paairijpe botten trekken ver uit de kust, tot wel 100 kilometer ver, om daar te paaien en kuit te schieten. Dit gebeurd doorgaans op een diepte van 20 tot 40 meter. Anders dan bij de meeste vissoorten kleven de eitjes niet aan de bodem of planten, maar zweven ze ergens tussen water en wind. Dat noemen we pelagische eieren. Ook de larven die uit het ei komen leven de eerste maanden pelagisch.
De kleintjes zitten nooit ver uit de oever
Tot de larven een lengte van 1 centimeter bereiken zijn het eigenlijk ook helemaal geen platvissen, maar zien ze er gewoon uit net als alle andere vissoorten. Pas dan verschuift hun linker oog naar de rechterzijde en verandert de larf in een platvis. Dan zakt hij af naar de bodem waar hij de rest van zijn leven zal doorbrengen.
De meeste juveniele botten hebben een voorkeur voor brak en zoet water, daar trekken dan ook de meeste botjes heen. Wanneer ze rond de twee jaar geslachtsrijp worden zoeken ze het zoute water weer op om te paaien. Ze hebben nu een lengte van 25 tot 30 centimeter bereikt. Na het paaien komen ze weer terug richting de kust waar ze een voorkeur hebben voor ondiep water. Ze verspreiden zich nu langs de gehele kustlijn, maar ook op de grote meren, riviermondingen, zoute kanalen en havens. Deze ruime verspreiding maakt de bot ook een aantrekkelijke vissoort om gericht te bevissen, je hebt de stekken voor het uitzoeken.
Bot of schol?
De bot is familie van de schol, je kan de overeenkomsten dan ook duidelijk zien. Niet voor niets dat de bot vaak wordt verward met een schol. De vorm van een bot is enigszins vergelijkbaar met die van een schol. De kleur ook en zelfs de oranje stippen komen bij beide soorten voor, hoewel die van een schol vaak veel helderder van kleur zijn. Wil je zeker weten of je een bot of een schol gevangen hebt, strijk dan met je vingers over de rug van de vis. Voel je een gladde huid dan heb je te maken met een schol. Is de huid ruw als schuurpapier dan heb je te maken met een bot. Schollen zijn overigens zeldzamer dan botten.
Dit ziet er wel als een geschikte plek uit
Vroeg voorjaar
Tijdens het schrijven van deze reportage zitten we midden in een geweldige visserij, de vangstberichten liegen er niet om! Vanaf de stranden worden goede tot zeer goede vangsten van wijting en schar gedaan, aangevuld met een bot, een meun en wat steenbolken hoor je haast niemand klagen. Wie tijdens de donkere uurtjes vist is spekkoper en vanaf de boot is het onmogelijk om geen geslaagde dag te hebben. Hoewel het seizoen nog niet helemaal ten einde is gaan we toch al weer verder kijken, het zomerseizoen staat voor de deur. Vissoorten zoals zeebaars, geep, haaien, roggen zijn in aantocht, maar we beginnen zoals ieder jaar met de uitdagende botvisserij.
Optuigen en vissen maar…..
Botten zijn het gehele jaar te vangen, maar de toptijd begint meestal ergens eind maart. Het zeewater begint al wat op te warmen en de botten reageren daar direct op. Dikke stevige botten komen nu onder de kust, een prima bottenvisserij komt nu op gang. In tegenstelling tot het vissen op wijting en schar hoef je geen diep water op te zoeken. Het mag wel, maar hoeft zeker niet. Rond hoog water maak je net zoveel kans als rond laag water.
Stranden met veel muien en zwinnen zijn favoriet, zeker wanneer je op een zonnige dag gaat vissen. Op die zonnige dagen kan je het beste net voor hoog water beginnen. Het hoge water wordt opgewarmd door de zon en wanneer het gaat zakken zal het warmere water de zee instromen. Op zonnige dagen is het afgaande water net iets warmer dan het opkomende water, botten merken dit kleine verschil goed en gaan direct fourageren.
De spikes kunnen de grond in..
Spikes
Net als tarbotten en heilbotten zijn ook onze botten ware rovers! Over het algemeen zijn ze dan ook niet moeilijk te vangen. Ondanks dat je de botten met verschillende technieken kan vangen beginnen we simpel. Gewoon vanaf het strand of de dijk met een standaard zeevisuitrusting.
Je hoeft niet ver te werpen of in diep water te vissen wanneer bot het doel van de dag is. Iedere stevige hengel is geschikt. Iedere strandhengel is goed te gebruiken. Kies voor een molen die past bij de hengel. Met welke lijn deze molen gevuld is maakt niet zo heel veel uit. Wat wel erg fijn is wanneer we vissen vanaf het strand zijn losse steunen, zogenaamde spikes. Deze steek je in de zandbodem en je steunt er een hengel in af. Wanneer het water opkomt of afgaat kan je per hengel met het bewegende water meelopen. Let wel op dat de spike niet in het water komt te staan. Wanneer dat gebeurt wordt het zand mul en zal de spike zijn houvast verliezen en omvallen.
| Dit is een preview van het artikel Strandvechters – Wil je het hele artikel lezen?
Dit artikel en nog veel meer interessante Zeevis artikelen kun je zien en lezen in ZHS 382 NU in de winkel of thuis op de mat.
Wil je 6x Zeehengelsport thuis op de Mat? Neem dan NU een voordelig jaarabonnement.
Hollandse garnalen vind ik een supergeheimzinnig schaaldiertje. In de zomer en herfst zitten ze massaal onder de kust en zijn ze prima te vangen met een kor of netje vanaf de kant. Het liefst met een beetje donker water, want dan zien de snelle rakkers het net niet aankomen. Denk nou niet dat dit een eenvoudig klusje is, want regelmatig zijn ze in geen velden of wegen te bekennen. Visvrouw en vismaat Nathalie van den Berg kent het trucje en vangt regelmatig ze...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Linda Cordes – NL
Cordes Travel kent al een lange bestaansgeschiedenis. Het echtpaar Raffie en Linda Cordes vormt het leidende duo achter dit visreisbureau. De twee leerden elkaar in Vlissingen kennen. Nadien vertrokken ze naar het Noorse Bergen (8 jaar), vervolgens naar Deurne om tegenwoordig in Colijnsplaat hun thuisbasis te hebben. De coronacrisis heeft de (vis)reiswereld danig dwars gezeten de afgelopen twee jaar en dat kostte handenvol werk…
Het verhaal wil dat je als niet-vissende dame je ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
MARTIJN DEKKERS – De regen van gisteren is in de avond terug overgegaan in sneeuw. Voor we onze warme bedden op zoeken ligt er al ruim 10 cm. Morgen zal de temperatuur niet boven het vriespunt uit gaan komen. We krijgen de gehele dag neerslag, maar die bestaat dan gelukkig wel uit sneeuw. Sneeuw is lang niet zo vervelend dan regen.
Gelukkig zijn we allemaal goed voorbereid op de kou, onze dikke pakken zorgen voor voldoende warmte. Het enige wat wel koud zal worden zijn onze handen en dat kan wel eens vervelend zijn. Handschoenen bieden een oplossing en als de handen echt koud zijn neem je gewoon vijf minuten pauze en warm je de handen op aan je handwarmers.
Joris staat vandaag bij ons op de Grumpy, hij neemt de taak van schipper op zich. We zetten direct koers naar Loppabaan. Daar gaan we op zoek naar de skrei die we eerder deze week hier ook vonden. De Lissi vaart ook deze kant op om nog eenmaal op de dikke skrei te vissen.
De Nicky vaart richting de kop van Silda om net noordelijk daarvan in het drop-off gebied te gaan vissen. We hebben een niet al te lange visdag, rond 13 uur moeten we terugvaren en inpakken. We hopen dan ook wat geluk te hebben en snel de betere vissen te vinden.
Op de Lissi lukt dat heel goed, zij vangen prima kabeljauwen tot 128 cm en zo wordt op de laatste dag het klassement nog gewijzigd. Over de lengte van de kabeljauwen kunnen ze op de Lissi echt niet klagen, de aanbeten zijn ook geweldig. Helaas zitten er nu geen typische skrei tussen. Het zijn over het algemeen wat slankere vissen, al dan niet afgepaaid.
DIKKE KABELJAUW VOOR FRANS
Op de Nicky hebben ze een beetje pech, het gebied noordelijk van Silda ligt weer vol met netten. Dan wordt het wel lastig om je ding te doen. Hier en daar vangen ze wel een kabeljauw, maar niet echt van het formaat dat gezocht wordt. Als dan ook de wind nog aantrekt besluiten ze om het hoekje op de heilbotstek te gaan vissen.
Wij vangen ook lekker. Met vissen tot ongeveer 110 cm hoor je ons niet klagen. Ook bij ons komen er geen zwangere kabeljauwen uit, de echte dikke buiken ontbreken helaas. We varen van stek naar stek in de hoop deze wel tegen te komen. De Lissi kiest ervoor om het over een andere boeg te gooien, zij varen naar het Frakkenfjord. Daar blijkt het nog steeds leeg te zijn.
Het sneeuwt al de gehele ochtend stevig, maar het blijkt nog gekker te kunnen. Nu valt de sneeuw met bakken uit de lucht. Ons wereldje wordt kleiner en kleiner. Het zal wat gek klinken, maar we genieten volop van deze omstandigheden. Wellicht maken we dit maar eenmaal in ons leven mee.
GELUKKIG HAD ROEL ZIJN SKIBRIL MEE….
Ondertussen neemt de stroming flink toe en begint de sneeuw zich zelfs op zee op te stapelen. We zien kant noch boot en moeten actie ondernemen. We zijn niet de enige die hier varen en als wij hen niet zien zien zij ons ook niet. We zetten koers richting de fjorden en besluiten uit te buiken op de stek waar Joris gisteren de heilbotten heeft gevangen. Daar aangekomen blijkt de kou dieper doorgedrongen dan gedacht. Na één drift houden we het voor gezien en gaan aan de warme koffie. De Nicky heeft zijn laatste meter ook al gemaakt en de Lissi volgt vlak achter ons, het zit erop!
ARJAN EN JOHAN
Vanavond genieten we van een heerlijk barbecue verzorgt door Visreis.nl. Cor is onze gastheer en Patricia heeft heerlijke gerechten gemaakt. De innerlijke mens wordt goed verzorgd, tijd voor Joris om de uitslag van dit festival bekend te maken.
Voor eerste drie plaatsen liggen er zowel een Cinnetic hengel als Cinnetic molen klaar. Uiteraard zijn dit ideale setjes om mee te nemen naar je volgende Noorwegentrip.
De 128,5 cm lange kabeljauw van Frank is goed voor de eerste plaats. Een kabeljauw die maar een halve centimeter korte is levert Frans de tweede plaats op en Sjoerd sluit het podium met zijn 125 cm vis. Dit festival zijn er twee heilbotten gevangen van 145 cm, één door Roel en één door Martijn. Toch was die van Roel wel wat specialer, zo ontzettend dik zie je ze zelden. Ook die vis verdiend een prijs vindt Joris. Roel gaat ook met een Cinnetic boothengel naar huis.
1E PRIJS VOOR FRANK
Mij rest niets anders dan een paar dankwoorden. Dankwoorden aan Joris voor de uiterst goed verzorgde organisatie, ook deze trip lijkt niets hem te veel. Joris heeft ons de gehele trip voorzien van alle benodigde informatie, valkuilen vooraf aangepakt en problemen in de kiem gesmoord.
Ook Cor en Patricia van Loppa Seafishing hebben ons verblijf zeer aangenaam gemaakt. Zij waren deze trip niet alleen zeer behulpzaam, maar stonden ook altijd klaar voor een praatje.
Last but not least de complimenten aan de gehele groep. Iedereen heeft erg fijn samengewerkt, gelachen en elkaar goed op weg geholpen naar de droomvis die iedereen toch wilde vangen. Dat die gevangen zijn is duidelijk, haast iedereen heeft een of meerdere records gebroken!
We kunnen concluderen dat het eerste Cinnetic Skreifestival meer dan geslaagd is! In 2023 zal er weer een nieuw festival op het programma staan, uiteraard op dezelfde locatie…
MARTIJN DEKKERS – Vandaag wordt het een druilerige dag, sneeuw in de ochtend, regen in de middag. Gelukkig zijn de temperaturen niet heel slecht en in de fjorden hebben we ook weinig last van de wind. Buiten de fjorden staan flinke golven, dat gaat het vandaag niet worden.
Gisterenavond hebben we al een plan de campagne gemaakt. We gaan eerst diep in het fjord aasvissen vangen om deze vervolgens voor te schotelen aan de heilbotten op de stek waar Roel zijn heilbot ving. We hebben het vermoeden dat er daar meer moeten liggen.
De Nicky waar Joris vandaag op staat heeft eigenlijk hetzelfde idee, maar dan op andere stekken. Ook de Lissi kiest voor dezelfde aanpak. Dat we allemaal dezelfde keuze maken is niet verwonderlijk natuurlijk. Buiten kunnen we niet komen en binnen zitten de heilbotten en de grote jongens hebben deze week min of meer de voerkeur voor natuurlijk aas.
We stomen op ons gemak naar de viskwekerij en driften over een berg van 80 meter hoog, deze loopt af naar 120 meter. De stroming en wind zijn gering, wie wil kan dus prima met een spinhengel aan de gang. Al snel komen de eerste gullen en schelvissen aan boord, wanneer we onderaan de berg komen verschijnen er plots ook twee roodbaarzen aan dek.
TWEE PRACHTIGE ROODBAARZEN VOOR ROEL
De volgende drift verloopt exact hetzelfde, alleen kom ik er weer niet aan te pas. Alle drie de heren staan met een bottomship te vissen. Ik heb voor de shad gekozen, hopend op een grotere vis. Wanneer er bij de derde drift weer drie hengels krom gaan en de mijne recht blijft zal ik er ook aan moeten geloven. Arjan leent me een bottomship. Ik kan er een heel mooi verhaal van maken, maar ondanks dat Johan mij uitlegt hoe hij met de bottomship vist krijg ik niets te pakken. Uiteindelijk weet ik nog wel een flinke lom te vangen, de redder van de dag voor mij.
We komen erachter dat aan de voet van de berg best veel roodbaarzen liggen, we passen de driften aan om deze supermooie en lekkere vissen gericht te gaan bevissen. Ik heb er nog nooit een gevangen en dat vinkje wil ik graag op mijn lijstje. Roel vangt ze haast iedere worp, zelfs drie tegelijk. Arjan en Johan vangen ze ook geregeld, maar ik, nee hoor!
Na een ochtend vol actie en plezier besluiten we de heilbotten lastig te gaan vallen. De stevige hengels worden voorzien van een fireball en de aasvissen gemonteerd.
Ondertussen hebben de mannen op de Nicky een berg koolvisjes waar we allemaal jaloers op zijn gevangen, prachtige aasvissen. Helaas liggen ze net te ver weg om deze op te gaan halen. Wij doen het met wat gulletjes en een enkele koolvis.
De Lissi ligt noordelijk van onze stek en daar zijn de eerste heilbotten al gevangen, Frans mag op de foto met een heilbot van 132 cm, beste vis hoor.
FRANS MET ZIJNHEILBOT
In onze eerste drift is het al snel raak voor Johan, zijn koolvis wordt gegrepen, maar de vis gelost. Ik krijg nog een zwakke aanbeet, maar die zet niet door. De aanbeten krijgen we weer op de 32 meter waar Roel gisteren ook zijn aanbeet kreeg. Als we de drift opnieuw maken krijgt Johan weer twee kansen en de tweede vis is echt een goeie, maar beide vissen worden gelost helaas. Daarna krijgen we geen enkele aanbeet meer en ook op de Lissi blijft het rustig.
Op de Nicky is het Joris die uiteindelijk de grootste van de dag weet te vangen. Werpend met een shad mag hij zijn 120 grams spinhengel kromtrekken. Na een stevig gevecht kan Joris poseren met een magnifieke heilbot van 144 cm en dat op de spin hengel. Mijn complimenten!
JORIS
De onophoudelijke regen doet ons besluiten terug te varen, we blijken de laatste te zijn voor vandaag. Morgen is het onze laatste dag, met wat geluk kunnen we de zee op en onze trip afsluiten met wat dikke kabeljauwen.
Er staat harde wind en de hele nacht wordt regen verwacht. Niet lekker misschien voor een winteravond, maar toch is er één pluspunt: het blijft 10 graden boven 0 en dat is ongeveer 8 graden meer dan de vorige avonden. Een goed tijdstip om toch maar richting Noordzeekanaal te rijden om te gaan dropshotten op bot.
Door Berend Masselink
Het lukt vismaat Nico en mij helaas niet om na het avondeten voor sluitingstijd nog zagers te halen, dus moeten we het doen met een bak dendro’s die we nog in de ko...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Aas is vaak de sleutel tot succes! Dit onderwerp zie je binnen iedere tak van de hengelsport weer terugkomen. Vaak wordt er uitzonderlijk geheimzinnig gedaan over het gebruikte aas. Zo gebruiken karpervissers de meest bijzondere én geheime ingrediënten voor hun boilies. Roofvissers gaan met dozen vol kunstaas het water op, zodat ze veel kunnen wisselen en uiteindelijk de juiste keuze voor die dag in de speld hangen. Dan hebben we nog niet gesproken over vliegvissers, zij bootsen ieder insect na ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De Noordzee op vanuit Thyborøn (DK)
Zeewolf wordt vaak in verband gebracht met populaire visbestemmingen in Noord-Noorwegen. Veel dichterbij zijn ze echter ook te vinden. Malthe Ryge Petersen stapt na de kennismaking met het heekvissen (zie vorige editie) in het noordwesten van Denemarken opnieuw aan boord van charter MS Bodil, voor een tweedaagse trip op zoek naar de zeewolf van de noordelijke Noordzee.
Tekst: Malthe Ryge Petersen. Foto’s: Malthe Ryge Petersen en Arnout Terlouw
Keuzestress, zo ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Het vissen op zeebaars zit in de lift, en dat merk je op alle fronten. Op sociale media struikel je over de vangstberichten, materialen worden gepromoot en ontwikkeld, waardoor je in de periode mei tot en met oktober wel zin móét krijgen om de zeebaars te gaan belagen. Toch worden we nogal eens met een teleurstelling geconfronteerd als we niet vangen. De specialisten onder ons weten de baars bijna altijd nog wel aan de schubben te komen, maar anderen wil het niet altijd lukken. In dit artikel he...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Voorjaarsbot onder de kust
De kans is groot dat de eerste zeevis die je ooit ving een bot was! Bot is namelijk de meest voorkomende platvis van Nederland. Waar je ook gaat vissen, botten zitten echt overal in ons zoute en brakke water, zelfs in geheel zoet water kun je ze tegenkomen. Deze vechtersbaas luidt elk jaar na de winter het voorjaar in wanneer botten al vroeg vlak bij het strand opduiken en je soms flinke exemplaren kunt vangen.
Tekst Martijn Dekkers; foto’s Bram Bokkers
Zijn ze niet pr...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Franse tap, zwarte tap, geelstaarten of aaswormen, allemaal verschillende benamingen voor dezelfde soort wormen. Ze nemen bij vele sportvissers, zowel recreatieve als wedstrijdvissers, een belangrijke plaats in binnen het aasassortiment. Naast gewone leeglopers en zagers is het zeker in het Deltagebied en aan de Vlaamse kust, maar zeker bij bootvissers, het meest gebruikte aas in de late herfst, de winter en het voorjaar voor het vissen op schar, wijting en, als het nog even kan, op gul. Belangr...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Woonplaats: Guelph, Ontario, Canada.
Leeftijd: 79
Wereldranglijst: nummer 3 met 1.148 vissoorten (waarvan 703 zoutwatersoorten).
Hoe lang zit jij al in de soortenjagerswereld?
Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in het vangen van verschillende soorten, maar tien jaar geleden werd het pas echt serieus. In 2011 had ik al een lijst van 375 soorten en werd ik extra gemotiveerd omdat ik andere soortenjagers leerde kennen. Toen sloeg de soortenjagerskoorts pas echt aan.
Een 775 lb...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Veldhuis en Kemper zongen er al eens een treffend liedje over: ‘Van leven ga je dood’. Met deze ontegenzeggelijk waar gezongen woorden, in combinatie met mijn recalcitrante karakter, moet ik op een of andere manier toch even reageren op de berichtgeving over PFAS (poly- en perfluoralkylstoffen) in de Westerschelde van de laatste tijd.
PFAS is een vies stofje. Je moet het niet te veel binnenkrijgen. Dat is onoverkomelijk, want het rotzooit overal rond. Zoek maar eens. Zelfs in drinkwater is het n...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
MARTIJN DEKKERS – Gisterenavond sloten we af met het Noorderlicht. Prachtige groene lichten danste aan de hemel. Om het Noorderlicht te kunnen zien moet je wat geluk hebben, het hangt van een aantal factoren. Zo is het enkel zichtbaar in de koudere maanden en op windstille dagen met een open hemel, vanavond klopte het allemaal. We genoten met volle teugen.
Toch is het wel een beetje vreemd dat er over een paar uur een storm opsteekt die de volgende dag roet in het eten gaat gooien. Een storm die zo heftig is dat alle boten aan de steiger blijven liggen. Windkracht 7-8 met stoten van 10-11. De golfhoogte wordt geschat op ruim 6 meter, wij blijven lekker binnen. Natuurlijk willen we allemaal gewoon gaan vissen, maar in deze tijd van het jaar dien je rekening te houden met enkele winddagen. Met één winddag mogen we dus helemaal niet mopperen.
Eerlijk gezegd is een keer lekker uitslapen ook niet zo erg en vermaken doen we ons wel. Voor het dagelijks blog is het allemaal wat minder spannend, maar het geeft mij wel een mooie gelegenheid jullie een kijkje te geven in de keuken van deze visreis.
STOKVIS
Het Cinnetic skrei festival wordt georganiseerd door Visreis.nl. Zoals de naam al doet vermoeden is het doel om een zo groot mogelijke skrei te vangen. Voor de drie langste kabeljauwen ligt een mooie Cinnetic prijs klaar. Om deze tonronde en zware kabeljauwen te vangen moet je in maart of april in het noorden van Noorwegen zijn. De visserij is niet erg moeilijk, zeker niet als je de grote scholen skrei tegenkomt, dan kan iedereen zijn droomvis vangen. Het weer kan wel een uitdaging zijn. Het kan koud zijn, maar daar kan je rekening mee houden met het inpakken van je koffer. De wind kan wel lastig zijn, om die reden bestaat de reis dan ook uit tien dagen i.p.v. acht dagen. Mochten er een a twee dagen uitvallen blijven er nog genoeg over.
HET ENIGE VERKEERSBORD WAT JE TEGEN KOMT…
De locatie waar het festival plaats vindt is uitgezocht zodat er op winderige dagen zoveel mogelijk beschutting is. Loppa Saefishing wordt gerund door Cornelis en Patricia de Wilde. Zij vertrokken vanuit Nederland en vestigden zich in Bergsfjord, een klein dorpje in de gemeente Loppa. Daar runnen zij een scheepswerf én het viskamp dat bestaat uit drie accommodaties en drie boten, maar ze breiden nog steeds uit. De vierde accommodatie en boot zijn al in het vooruitzicht.
WILDE BOOT IN AANBOUW
Loppa ligt direct tegenover het alom bekende Soroya en daarmee midden in de strike zone van de skrei doortocht die hier jaarlijks plaats vindt. In de luwte van de eilanden Loppa en Silda is er altijd wel een stek te vinden die beschut ligt. Daarom is de kans op uitval van visdagen op deze locatie over het algemeen klein en in combinatie met het perfecte visgebied is dit een optimale invulling voor het Cinnetic Skrei Festival.
Wij reizen af met 12 avonturiers, eigenaar Joris van Visreis.nl zal deze trip gaan begeleiden. Joris stapt iedere dag aan boord bij een groep. Hij zorgt voor de begeleiding in het breedste zin van het woord. De groep bestaat uit ervaren en minder ervaren vissers. Tijdens deze trip valt me op dat er veel samengewerkt wordt. Op voorhand worden al stekken en technieken gedeeld, dat gaat de hele trip zo door. Iedereen gunt een ander zijn vis en zelfs materiaal en kleding wordt gedeeld. Het is superfijn te zien dat het zo kan!
EEN WILDE BOOT IN ACTIE
Zelf vis ik met drie vismaten, maar wie die niet bij elkaar kan krijgen wordt ingedeeld in een groep met eensgezinde. Per vier personen beschik je over een door Cor gebouwde Wildeboot 650. Deze oerdegelijke aluminium walk-around boten beschikken over een 150 pk motor en twaalf hengelsteunen. Ze zijn prima bestand tegen een wat hogere golfslag. Ook zijn ze voorzien van een kajuit waar je met minder goed weer alle materialen droog kan wegzetten en zelf ook kan schuilen wanneer dat nodig is.
De eerste twee dagen kunnen we ver de zee op, daar liggen de allerbeste stekken voor dikke skrei. De dagen daarna waait het wat harder en moeten we het doen met een visserij in de fjorden. Hier vangen we echt van alles, zeewolf, kabeljauw, zeewolf, schelvis, roodbaars noem het maar op.
Maar de grootste verassing zijn de vele heilbotten die we vangen. Op dieptes die meestal niet boven de 40 meter uit komen vangen we tientallen heilbotten, het begint haast op een heilbotfestival te lijken. Tussen die heilbotten zitten echt hele goede vissen tussen, die zijn niet alleen groot, maar ook zeldzaam dik!
Voor morgen moeten we kijken wat we kunnen, misschien kunnen we naar de verre stekken, misschien niet. Dat weten we eigenlijk pas als we morgen op het water liggen. Hopelijk kan het, maar niet getreurd als het niet kan, visserijen genoeg om de dag te vullen.
Let’s go crazy!
Wij kunstaasvissers weten altijd wel een stuk kunstaas te bedenken dat ons meteen ook praatlustiger maakt. Voor sommigen lijkt dat een onooglijk accent te zijn, een afwijkend detail… noem het maar. Kunstaasvissers weten zulke minuscule accenten te vereren, iets groots dat voorgoed op hun netvlies blijft zitten. Waardoor men zelfs aan dat kunstaasje het predicaat 'exceptioneel' wenst toe te vertrouwen. En wanneer dit soort gesprekstof oprakelt onder een groepje liefhebbers, dan zi...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Nieuwe finesse technieken!
Het internet ontplofte onlangs toen een Japanner genaamd Hirosan de Inu rig via YouTube introduceerde, en terecht. De spastische actie die je met de Inu rig aan een zachtplastic worm meegeeft is ongekend: extreem uitdagend en daardoor dressuurdoorbrekend. Killing voor 'bass' en andere rovers, maar zou het ook voor onze baars en snoekbaars werken? Juul Steyn zocht het uit, en bedacht zelf gaandeweg de Zeppelin rig. Twee nieuwe finesse technieken waarvan we de komende ja...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
MARTIJN DEKKERS – Na een beregezellige avond staan we vanochtend weer te trappelen om uit te varen. Zeker in de ochtend is het wat winderig en er wordt wat regen afgegeven. Rond de klok van 14 uur zou het wat opklaren en de wind wat afzwakken. Mochten die voorspellingen uit komen dan kunnen we nog iets verder naar buiten. Twee van de twaalf deelnemers blijven op de kade, de overgebleven tien gaan wel op pad. Met de gedachte dat er maandag vrijwel zeker niet gevist kan worden varen we maar al te graag uit. Ook nu vertrekken we iets later, het is later op de dag immers beter weer dan in de ochtend.
Net uit de haven lijkt de golfslag mee te vallen. We besluiten alsnog koers te zetten naar het randje bij Silda. Dat halen we echter niet, we besluiten om te draaien en toch in de fjorden te gaan vissen. Hier is het iets te ruig voor ons!
In oktober 2019 ben ik hier door de weersomstandigheden al eens verwezen naar de fjorden. De stekken die toen productief waren gaan we vandaag bevissen. We beginnen in het fjord zuidelijk van Bergsfjord. Daar heb je een 70 meter punt die omringd is door dieper water. We verwachten hier wel wat gullen. Koolvissen zitten er op het moment helaas niet, gullen ook niet blijkt later. We hebben het drie kwartier geprobeerd, maar helaas.
FRANS PAKT EEN HEILBOT
Op de groepsapp lezen we dat de Lissy weer naar de heilbottenstek bij Silda gaat varen. Dat zal wellicht een hobbelig ritje gaan worden. Uiteraard kan je hier wel beloond worden met een leuke visserij op heilbot. Aangekomen op de stek blijkt het onder de kant gelukkig mee te vallen en de heilbotten zitten er ook nog steeds.
Als wij dieper het fjord in varen komen we de Nicky ook tegen. Zij driften er al op los. Uiteraard gaan we even informeren of zij al wat vangen, maar op wat klein spul na valt het wat tegen. Ze laten ons wel weten dat ze rond 14 uur naar de oostkant van het eiland Loppa zullen varen. Daar verwachten ze wel wat heilbotten.
Wij trekken voorlopig ons eigen plan in het fjord en varen naar de andere kant om daar wat driften te maken. De boot wordt boven 25 meter water gelegd en we zakken af naar 60 meter. Dit is een prima diepte om met het lichte materiaal aan de gang te gaan.
Al snel krijg ik een aanbeet, maar de vis lost. Direct daarna vang ik een mooie gul en aansluitend een iets kleinere. Deze twee vissen zijn ook de enige twee vissen die we hier vangen.
Op de Nicky blijft het stil, zij varen dan ook richting het noorden en zoeken hun geluk op andere stekken. Gelukkig is de voorspelde regen grotendeels uitgebleven en de wind gaat er nu ook beduidend uit. De Nicky vertrekt volgens plan naar het eiland Loppa, wij gaan vissen op de plateau’s west van Silda en de Lissy blijft waar ze zijn.
Op onze nieuwe stek kunnen we heilbot verwachten, maar ze moeten wel aan staan natuurlijk. Dat blijkt niet zo te zijn en we gaan nu echt twijfelen. Johan heeft een zeewolf, Arjan heeft zijn eerste lom te pakken, ik heb twee gullen en Roel heeft nog geen aanbeet gehad. Wat nu? We hebben drie opties door vissen op deze stek die eerder al productief is geweest, een stukje doorvaren naar een andere plaat, of achter Joris aan gaan?
ARJAN MET ZIJN EERSTE LOM
Als we achter Joris aan gaan is het de vraag hoe lang we nog kunnen vissen en dan moeten we hopen dat ze willen bijten daar, dat is een te grote gok. We kiezen er voor een klein stukje op te schuiven en het plateau iets noordelijker te bevissen, alles of niets!
Als we van Joris wat plaatjes door gestuurd krijgen van mooie heilbotten lijken we toch de verkeerde keuze gemaakt te hebben, maar veranderen van plan kan niet meer. Marcel weet er zelfs een exemplaar van 130 cm te vangen, echt een mooie vis!
MARCEL MET EEN HEILBOT VAN 130CM
Roel heeft een flinke haring op zijn fireball gemonteerd en vist al de gehele middag net boven de bodem op zoek naar een luie heilbot. Hij redeneert dat één aanbeet genoeg is en krijgt nog gelijk ook! Een dikke heilbot schuift over zijn haring heen, niets voorzichtig, geen geknabbel, maar gewoon vol er over en direct hangen. Meters lijn verdwijnen zonder moeite van de reel, maar Roel heeft alles onder controle. Na tien minuten kunnen we voor de eerste keer een glimp opvangen. We schatten hem op 130 cm. Helaas krijg ik de speciale landingshaak niet snel genoeg door de bek en moet Roel weer bijna van voor af aan beginnen.
De tweede keer lukt het wel. Als de heilbot wat rustiger is geworden pak ik hem met twee handen in de kieuwen, maar schrik toch nog van zijn omvang, zo dik zie je ze zelden. Arjan moet me bij de schouders nemen en helpen het gewicht de boot in te trekken. Het meetlint geeft exact 145 cm aan, exact even groot dan de vis die ik eerder ving, maar wel een heel stuk dikker. Roel juicht het uit, net als Arjan, Johan en ik, Roel is de vanger, maar wij genieten natuurlijk ook mee. De rest van de middag is niets meer en als de zon gaat zakken wordt het snel weer kouder, tijd om terug te keren naar de haven.
ROEL MET ZIJN ZWAARBEVOCHTEN HEILBOT VAN 145CM
De Nicky ligt al aan de steiger en de Lissy volgt snel achter ons. Met drie boten hebben we niet erg veel gevangen, maar wel erg mooie vissen en dat is natuurlijk erg leuk!
MALTHE RYGE – Zeewolf wordt vaak in verband gebracht met populaire visbestemmingen in Noord-Noorwegen. Veel dichterbij zijn ze echter ook te vinden. Malthe Ryge Petersen stapt na de kennismaking met het heekvissen (zie vorige editie) in het noordwesten van Denemarken opnieuw aan boord van charter MS Bodil, voor een tweedaagse trip op zoek naar de zeewolf van de noordelijke Noordzee.
Keuzestress, zo zou ik de vroege zomer kunnen samenvatten als het over vissen gaat. Met een sterker wordende zon en een stijgende watertemperatuur ontwaken veel vissen. Zo begint de riviervisserij op zeeforel, proberen grote snoeken weer op gewicht te komen, ontwaken karpers uit hun winterslaap en is de baars in topconditie. En ook op het zoute water is er genoeg keuze; het is de toptijd voor leng en zeewolf op Noordzeewrakken. Ik hoefde dan ook niet lang na te denken toen ik een uitnodiging kreeg voor een tweedaagse zeewolftrip met de MS Bodil.
Pollak en kabeljauw
De aankomst in de haven van Thyborøn is aangenaam. Met een prachtige zonsondergang aan de horizon laden we onze spullen in en groeten we onze medevissers, een mix van nieuwe gezichten en oude bekenden.
De afvaart van zo’n meerdaagse trip is totaal anders dan de gespannen sfeer die soms heerst als je binnen een paar uur klaar moet staan om te vissen. Nu hebben we tijd voor een paar biertjes en delen we sterke verhalen met onze reisgenoten. De rest van de reis maak ik niet meer met open ogen mee. Pas de volgende ochtend komen we aan op de eerste van een groepje wrakken op een kleine 70 mijl van de haven.
Na het ontbijt maken we in alle rust onze spullen klaar. Het is hier een meter of 75 diep en de wrakken in dit gebied hebben een prima zeewolfpopulatie. Terwijl wij onze knopen controleren en montages vergelijken met de andere vissers, voelen we dat de schipper de boot stillegt. De hoorn gaat en iedereen die is opgetuigd laat zijn spullen zakken. De bodem bereiken we nooit. Ik haak onderweg al iets stevigs. Het blijken twee pollakken van een kilo of vier te zijn. Mijn maat Kim heeft een nog zwaardere klus. Na een stevige dril mag ik een kabeljauw van 12,5 kilo voor hem gaffen.
THYBOREN LIGT STRATEGISCH AAN ZEE LANGS DE DOORGANG VAN DE NISSUM BREDNING OP WEST-JUTLAND
Subtiel op zeewolf
De stek bevat enorm veel vis. Er komt vooral kabeljauw naar boven, af en toe een koolvis en stevige pollakken. Tijdens de tweede drift komt dan ook de eerste zeewolf langszij. De vis heeft aas gepakt dat aan een afhouder is gepresenteerd. Voor de meeste vissers is dit het signaal om hun montage aan te passen. Vanaf dat moment kun je de concentratie voelen op het dek, terwijl twaalf mannen tegelijkertijd hun nieuwe aasmontage laten zakken.
Zeewolf vissen is vaak een subtiel spel. De vissen zijn erg voorzichtig en laten zich niet zo maar uit een wrak lokken. Het is de kunst het aas voorzichtig en met finesse te bewegen. Met de vinger constant aan de lijn voel je zo de kleinste tikjes.
Ik laat mijn aas heel voorzichtig tegen het wrak zakken om het daarna zachtjes op te tillen. De truc is om constant contact te houden met mijn aas. Het duurt niet lang voordat er zachtjes aan mijn lijn wordt getrokken. Ik laat mijn lijn strak lopen en zet de haak met een stevige ruk, die meteen wordt beantwoord met een serieuze run. De vis probeert het wrak weer te bereiken, terwijl ik alles op alles zet om dat tegen te gaan. Gelukkig lukt dat en krijg ik steeds meer grip op de dril. De zeewolf probeert nog een aantal keren de bodem te bereiken. Als naast de boot een grijs silhouet zichtbaar wordt is het oppassen geblazen. Een gehaakte zeewolf kan venijnig bijten met het enorme gebit waarmee ze zee-egels, krabben en schelpdieren kraken.
De drift is nog niet over, dus met een lange worp probeer ik nog een puntje wrak te raken. En met succes, want kort erna weet ik een leng van een pond of vijf aan boord te hijsen.
VRIJWEL ALLE HENGELS INEENS KROM ALS WE OVER HET WRAK DRIFETN
Nieuw wrak, nieuwe kansen
Na de lunch, tijdens de tocht naar een nieuwe stek, weten we wat ons te doen staat. Het wrak moet eerst ‘leeg’ voordat we bij de zeewolf kunnen. Zoals bij veel wrakken vangen we eerst kabeljauw, koolvis en pollak. Die visserij duurt vier drifts. Ook tijdens de vijfde en zesde drift is het voor mij nog kabeljauw. Mijn medevissers hebben meer geluk als zij de eerste zeewolven tot een kilo of vijf over de reling tillen.
Tijdens de zevende drift bereikt mijn aas eindelijk de bodem. Ik voel direct een zachte aanbeet. Als ik met een stevige ruk de haak zet, volgt er meteen die krachtige, korte run die ik zo gewend ben van zeewolf. Dit is duidelijk een betere vis. Een paar runs later probeer ik mijn tegenstander nog steeds in bedwang te krijgen. Maar dan lijkt het gevecht gedaan.
Terwijl schipper Per de gaff heeft gepakt zie ik wat mijn aas heeft gepakt. Het is niet het zo gewenste grijze silhouet met een reusachtige ‘wolvenkop’ met bijpassend gebit. In plaats daarvan zie ik twee zeewolven omhoog komen. De kleinste heeft het aas aan de ophanger gepakt, bedoeld voor roodbaars of poon. Ontevreden ben ik niet. De vissen wegen respectievelijk 6,4 en 8,2 kilo – dat is helemaal geen slecht doublet.
OP DEZE VANGST KAN MALTHE HEERLIJK SLAPEN
We vissen of ons leven ervan afhangt. En bij ieder volgend wrak herhalen we het ritueel. En dat werpt zijn vruchten af met een beloning die bestaat uit pollakken, wijting, koolvis, schelvis en af en toe een lom. Bijna iedereen heeft zeewolf gevangen. Voor een aantal vissers is het de eerste keer dat ze deze soort aan boord mochten hijsen. Van iedereen aan boord heeft alleen Anders geen zeewolf aan de haak weten te krijgen. En dat laat iedereen hem goed weten tijdens het diner. Maar Anders heeft morgen nog een kans om de nul van het bord te vegen.
Volledig onbescheiden heb ik mezelf gekroond tot zeewolfkoning van dag één. De grootste vis van mijn doublet blijkt namelijk ook de grootste zeewolf van de dag te zijn. Met een brede glimlach plof ik in mijn kooi.
>| Dit is een preview van het artikel Zeewolf Tweedaagse – Wil je het hele artikel lezen?
Dit artikel en nog veel meer interessante Zeevis artikelen kun je zien en lezen in ZHS 382 NU in de winkel of thuis op de mat.
Wil je 6x Zeehengelsport thuis op de Mat? Neem dan NU een voordelig jaarabonnement.
MARTIJN DEKKERS – Op onze vierde visdag is het nog iets onstuimiger dan gisteren. De kop van Silda is nu niet meer te bereiken, wellicht dat het in de middag wat beter gaat, maar dat zal eerst nog moeten blijken. Joris staat vandaag bij ons op de Grumpy, met zijn vijven gaan we achter de heilbotten aan.
We varen een stuk richting de wonder-stek van gisteren. Het laatste stuk om de hoek gaan we ons echter niet aan wagen, dat moet je ook niet willen. Ondanks dat de boten het echt wel gaan houden is het geen verstandige keuze door te varen. Een ongeluk zit in een klein hoekje, zeker wanneer je met een mooie vis in de weer bent. We zoeken dezelfde diepte op en alle spinhengels worden voorzien van sandeels.
JORIS LEERT ARJAN DE TECHNIEK OM HEILBOTTEN TE VANGEN
Vol verwachting klopt ons hart, zeker als we de eerste drift al twee heilbotjes weten te vangen, maar we hebben blijkbaar te vroeg gejuicht. Wat we ook doen, we krijgen geen heilbot meer aan de haak. Sterker nog, er komt op een zeewolfje en gulletje na niets aan boord. Waar het aan ligt weten we niet, echt actief zijn ze vandaag niet en met deze omstandigheden is het ook extra lastig je aas goed te presenteren.
FRANS MET DE MOOISTE VAN DE DAG
De Lissy en de Nicky liggen vlak bij ons, maar wel iets verder uit de kant, daar komen wel wat heilbotten aan boord, maar wild is het zeker niet. Zij hebben ook beduidend minder last van de valwinden die tijdens de buien over de bergen heen komen. Dat doet ons ook besluiten de driften iets verder van de bergwanden te maken. De diepte is nagenoeg hetzelfde, de vangsten ook, maar de wind wel iets minder.
VEILIGHEID VOOR ALLES, DE BOOTVERHUURDER CHECKT REGELMATIG ONZE POSITIES.
De aanbeten worden op alle boten wat minder, de vraag of het de moeite om door te blijven vissen speelt bij me op. In het huisje hebben we koffie, een eitje, het is er lekker warm en we zijn gezellig met elkaar. Ik hou het nog even voor me, maar dan laten ook de andere deze gedachte doorsijpelen. We gooien voor vandaag de handdoek in de ring. De onmisbare drijfzak wordt binnengehaald en we zetten koers richting de steiger.
Nu hebben we ook de tijd om de boot weer tiptop in orde te brengen. We ontzouten onze materialen, knopen onderlijnen en doen andere werkjes waar we na lange visdagen niet aan toe komen of ons niet toe kunnen zetten.
De Nicky en Lissy vissen nog even door, maar verschijnen ook gewoon op tijd in de haven. We hebben het geprobeerd, wat gevangen en zijn uitgewaaid. Én er staat vanavond nog een samenkomst op het programma. Cor heeft een speciale ruimte, het Prathus, ingericht zodat alle vissers hier gezellig kunnen samenkomen. Cor heeft prachtig malse, koud gerookte heilbotfilets voor ons gemaakt. Ze smaken perfect rokerig en niet te zout, dank je Cor!
We hebben allemaal ons eigen hapje en drankje meegenomen en keuvelen de hele avond over van alles en nog wat. Uiteraard komen er meer dan genoeg visreis ervaringen aan bod, maar ook diverse andere zaken zoals onze Nederlandse visserijen rollen over de tafel. Er worden zelfs afspraken gemaakt om eens samen vistrips te ondernemen of in Nederland eens samen te gaan vissen. Dat is iets dat je overigens erg veel voorbij ziet komen tijdens groepsreizen. Er zijn al meerdere goede vriendschappen gesloten tijdens georganiseerde groepsreizen!
Bijna iedereen doet rustig aan met de alcohol, we hebben morgen immers weer een visdag op het programma staan. We kunnen niet naar de stekken van de afgelopen dagen, maar in de fjorden valt prima te vissen. Wat de visserij gaat brengen weten we niet, er is ook maar een manier om daar achter te komen…..
MARTIJN DEKKERS – Op onze derde visdag staat er aardig wat wind, maar dat gaat de pret echt niet bederven. Onze locatie biedt erg mooie mogelijkheden wanneer het wat harder waait. Vooral langs de randen van het eiland Silda kan je lekker in de luwte liggen en gewoon lekker vissen, tot een bepaalde hoogte natuurlijk. Met de wind van vandaag kunnen we redelijk ver naar de kop van het eiland, alle drie de boten kiezen dan ook voor deze optie.
De boot van Henk gaat vissen op een plateau op zoek naar heilbot, wij gaan op zoek naar zeewolven op langzaam aflopende randen en de boot van Marcel blijft wat meer in de luwte op zoek naar alles wat wil bijten. We komen na een hobbelig ritje aan op de kop van Silda, net voor het hoekje waar de wind als een malle langs waait. Last hebben we daar gelukkig niet van. Net wat hoger ligt Henk, die trotseren de hogere golven, maar worden rijkelijk beloond blijkt later!
Arjan heeft nog nooit een zeewolf gevangen, het is haast niet voor te stellen dat hij deze vandaag niet gaat vangen. Hij monteert een havfiskeboom met aan de haaklijn een muppet voor extra attractie en een stukje vis op de haak. De bedoeling is om agressie uit te lokken bij de zeewolven. De techniek is door met je lood op de bodem te bonken en dan vervolgens op te liften. Zo vis je de bodem af tot een zeewolf het aas pakt. Het duurt niet lang voor de eerste zeewolf zich meldt, Johan is de gelukkige, maar Arjan volgt hem op de voet. Ze kunnen samen op de foto.
JOHAN EN ARJAN SUCCESVOL OP ZEEWOLF
Zelf kies ik ervoor om met de shad te vissen op heilbot, maar dat wilt niet echt lukken. Bij Henk en Joris lijkt het beter te lukken, zij vangen in de eerste drift al 20(!) heilbotten. Op 25 meter lijken ze opgestapeld te liggen. Een ware vreetorgie onder water. Het wordt zelfs zo gek dat de heilbotten elkaar tot aan het oppervlak volgen en zelfs uit het water springen, dit heeft nog niemand van ons meegemaakt.
SJOERD MET EEN MOOIE HEILBOT
Ondertussen gaan de heren op de Lissi, de boot waar Henk op staat lekker door met vangen, de teller loopt al aardig door. Wij vissen dezelfde diepte, maar willen niet nog verder richting de kop. De sandeels, al dan niet met een krulstaart blijken de truc voor vandaag. Als we dan over een diepte van 30 meter driften is het wel raak bij mij. Er wordt eerst een paar keer aan het staartje getrokken en vervolgens buigt de hengel diep door, het moment om de haak te zetten! Een mooie heilbot van rost meters lijn van de molen voordat hij omhoogkomt. Na een paar wanhopige pogingen geeft hij het op, eindelijk toch een heilbot. Aan de andere kant van de boot staat Johan ondertussen ook te vechten met een mooie heilbot, nummer twee is een feit. Helaas krijgen we enkel nog wat staartplukkers en nummer drie komt niet meer aan boord.
FRANK MET EEN KROMME HENGEL, ZO ZIEN WE HET GRAAG
Het is genoeg geweest, we moeten nog 45 minuten terugvaren en de magen rammelen van alle kanten. Wetend dat Joris ons vanavond verse kibbeling van kabeljauw en zeewolf voorschotelt kunnen we niet meer wachten. Maar Joris vist natuurlijk lekker door, zij sluiten de dag af met het ongelofelijke aantal van 71 heilbotten. Met vissen tot een meter hebben zij zich meer dan prima vermaakt op het lichte materiaal.
DE BELONING VOOR MARTIJN
De meeste heilbotten hingen aan de stingerhook, dat is vaker zo. Helaas hebben Arjan en Johan deze niet bij zich, maar Arjan bedenkt een hele goede oplossing! Met wat tyraps en losse haken fikst hij super goede stingerhooks, die komen morgen wellicht weer van pas, ook dan gaat het weer waaien en zijn we aangewezen op de fjorden.
De visdag van morgen zal wat later van start gaan. Rond een uur of tien wordt het wat rustiger op het water, daar gaan we even op wachten. Geen straf natuurlijk, want vanwege de gezelligheid gaan we alle dagen later naar bed dan normaal en staan we steeds weer vroeg op om op tijd te kunnen gaan vissen. De wekker zetten we iets later en we gaan genieten van een uitgebreid ontbijt, wat we daarna gaan beleven lezen jullie morgen weer….
THOMAS KUIJPER – Aan de waterkant, maar zeker wanneer je het water op gaat onmisbaar; accu’s. Jarenlang waren dit enkel zware loodaccu’s, maar tegenwoordig zijn lithium accu’s een serieus alternatief waarvan voornamelijk de aanschafprijs wel eens in de weg staat om hiervoor te kiezen. Maar is dit wel terecht? En waar moet ik op letten bij het kiezen van de juiste accu? Op deze vragen gaan we in dit artikel antwoord geven waarbij we gaan beginnen met de basis.
ACCU’S BINNEN DE HENGELSPORT; WE KOMEN ZE OVERAL EN STEEDS VAKER TEGEN.
Hoe werkt een accu? Een accu heeft 2 polen, een positieve en een negatieve pool, afhankelijk van of je de accu oplaadt of ontlaadt vindt er een reactie plaats waar in elektronen van de positieve naar de negatieve kant verplaatsten. Dit effect heet redoxreactie (reductie-oxidatie), waarbij de elektronen van de kathode worden vrijgemaakt(reductie) en via een elektrochemische reactie aan de anode binden(oxidatie). Hierdoor ontstaat een potentiaalverschil en elektrodestroom tot gevolg, dit kan worden gebruikt om een gebruiker aan te drijven, zoals een elektromotor.
Soorten accu’s In de basis zijn er twee soorten accu’s die in de hengelsport gebruikt worden:
1: Lood accu’s, verder opgedeeld in o.a. AGM en gel accu.
2: Lithium accu’s, verder opgedeeld in o.a. LFP(LiFePO4) en NMC.’
DUBBELE OPLADERS; DAT SCHEELT TIJD
Lood accu’s
Lood accu’s waren lange tijd de meest voorkomende accu’s, meestal in een onderhoudsvrije variant waarbij het niet mogelijk is om elektrolyt bij te vullen. Zo’n onderhoudsvrije accu is een gesloten systeem, vandaar de naam sealed lead acid, ofwel SLA. Wanneer de accu is voorzien van een overdrukventiel wordt er gesproken over Valve Regulated Lead Acid, ofwel VLRA.
Een SLA of VLRA-accu kan zowel een AGM (absorbed glass mat) als gel accu zijn, waarbij de elektrolyt verwerkt is in een soort gel. Door deze gel kunnen elektronen minder vrij bewegen dan bij AGM, waardoor gel accu’s doorgaans minder hoge ontlaadstromen aankunnen dan AGM-accu’s. Een voordeel van GEL accu’s is wel dat je ze meestal in meerdere posities kunt monteren (zoals op hun kant) wat bij AGM-accu’s dan meestal niet kan.
Verder wordt er vaak onderscheid gemaakt tussen startaccu’s, deep-cyle, tractie en semi-tractie accu’s. Hierbij is de startaccu met name geschikt voor het leveren van kortstondig hoge stromen (voor het starten van een verbrandingsmotor), deze “startkracht” wordt aangeduid in CCA, Cold Cranking Amps. De andere drie, deep-cyle, tractie en semi-tractie accu’s zijn allemaal accu’s die in tegenstelling tot startaccu’s ontworpen zijn om langdurig een bepaalde (lage) stroom af te geven. Deze accu’s kunnen doorgaans veel dieper worden ontladen op regelmatige basis zonder een hoge chemischeslijtagegraad.
Lithium accu’s
Als we kijken naar de lithiumtechnieken die het meest voorkomen in de hengelsport zijn dat NMC en LFP. Er zijn nog tal van andere accuvormen die op lithium gebaseerd zijn maar die komen in de praktijk weinig voor in de hengelsport.
APARTE ACCU’S VOOR ELEKTROMOTOR EN DIEPTEMETER VOORKOMT STORING
Zowel de LFP als NMC accu die je meestal tegenkomt vallen in de categorie Li-ion. Regelmatig kom je tegen dat importeurs met de term Li-ion enkel op NMC type accu’s doelen, hoewel het eigenlijk een overkoepelende term is voor zowel LFP(LiFePO4) als NMC. Goed om te weten dus dat een LiFePO4 accu een type li-ion accu is!
NMC Net als bij de loodaccu´s zitten er verschillen, voor- en nadelen, tussen de LFP en NMC type li-ion accu’s. Welke accu voor jou het meest geschikt is is een trade-off, want de ideale accu bestaat niet. Daarom is het belangrijk om je te verdiepen in de technieken om de keuze te maken die voor jou het meest geschikt is.
NMC ofwel Nikkel Mangaan, Kobaltoxide is een hele populaire chemische samenstelling, commercieel sterk door de relatief gunstige prijs en de hoge energiedichtheid – wat betekent dat je er relatief zeer lichtgewicht accu’s van kunt maken die veel energie kunnen opslaan. Ter info, we gaan in dit artikel even uit van de li-ion variant en laten LiPo buiten beschouwing gezien deze in de praktijk niet gebuikt wordt voor de hengelsport.
HEB JE KANS OM TUSSENDOOR OP TE LADEN? DOE DAT
LFP Ook wel bekend als LiFePO4 of Lithium ijzer fosfaat, heeft in de basis een langere levensduur dan NMC vanwege de lagere slijtagegraad. Omdat de energiedichtheid en de nominale celspanning lager is zal je meer cellen nodig hebben om tot eenzelfde vermogen te komen als NMC-cellen. Dit resulteert in een hogere kostprijs en grotere en zwaardere accu’s dan wat met NMC mogelijk is. Positief punt van LiFePO4 buiten de levensduur is de veiligheid die aan de cellen wordt toegeschreven.
Spanning (V)
De spanning, ook wel voltage(V), wordt bepaald door het aantal cellen dat in serie staat. Hoe hoger het voltage, hoe “krachtiger” deze is (want groter potentiaalverschil tussen de plus en minpool).
Stel dat de cellen in bovenstaand schema 2V per stuk zijn, dan is het complete systeem 2*4= 8V
Naarmate een accu “leeg” raakt tijdens het gebruik daalt de spanning, dat geldt voor alle type accu’s. Het spanningsverloop van een lood accu is over tijd meer lineair te noemen dan het geval is bij lithium accu’s. Bij lithium accu’s is het spanningsverloop tussen grofweg 90% en 10% vrij horizontaal terwijl juist bij het begin en einde de spanning snel daalt.
Hoe komen we nou bij de voltages die staan aangeven op een accu? Daarvoor moeten we het nominale (let op; dit is iets anders dan “gemiddelde”) voltage van de accu berekenen.
Dit nominale voltage kun je berekenen door het aantal cellen dat in serie staat te vermenigvuldigen met de onderstaande nominale celspanning. Hieronder staat een overzicht van nominale voltages van verschillende chemische samenstellingen:
(Li-ion) NMC 3.6V
(Li-ion) LiFePO4 3.2V
Lood/zuur (AGM/gel) 2.0V
Ofwel, een lithium ion NMC-accu met 7 cellen in serie (7S) heeft een nominale spanning van (7*3.6=) 25.2V. Dit ronden we dan vaak (onterecht) af naar 24V. In geval van 6S lood/zuur kom je op 12V. Jawel; een 12V loodaccu bestaat uit 6 cellen.
DIGITAAL CHECKEN VAN JE ACCU’S; HANDIG!
Misschien is het je wel eens opgevallen dat wanneer het over de spanning van een accu gaat dit vrijwel altijd 12V is of een meervoud hiervan. 12V, 24V, 36V enz. Dit is niet helemaal toevallig maar het is wel vrij verwarrend en dit is waarom: Jarenlang hebben we voornamelijk de keus gehad uit loodaccu’s van 12V. Met lood/zuur als chemische samenstelling is dit ook goed te doen, immers, door de nominale cel spanning van 2V kun je er 6 in serie plaatsten om 12V te creëren.
Veel machines en apparaten zijn gebouwd om op deze setup te kunnen werken. Maar met de transitie naar lithium (Li-ion, NMC) gaat deze vlieger niet meer op en wordt het een hopeloze situatie. Sommige importeurs gaan met 4 cellen in serie aan de slag waardoor je nominaal veel te hoog uitkomt (14.4V), andere maken er 3 cellen van en komen op 10.8V. Daarbij rekenen ze meestal met 3.7V en noteren ze 11.1V in hun datasheet, wat dus niet klopt. Hoe dan ook zal in dat laatste geval jouw apparatuur niet kapotgaan omdat de spanning te hoog is, wel is er kans dat deze zich voortijdig uitschakelt omdat de apparatuur die ontworpen is voor loodaccu’s vaak een low voltage beveiliging heeft rond de 10V, hierdoor kun je dan niet het het hele potentieel gebruiken van je 3S li-ion NMC-accu.
OOK DE BELLYBOAT IS TEGENWOORDIG VOORZIEN VAN EEN MOTOR
De conclusie is dus duidelijk, 12V accu’s kun je niet maken met Li-ion NMC ondanks dat importeurs je graag anders doen geloven. Naast de lichtgewicht Li-ion NMC-techniek zullen we hetzelfde sommetje gaan maken met Li-ion LFP. Cellen van 3.2V nominaal, 4 stuks in serie geeft 12.8V. Ook hier mee kom je boven de 12V nominaal van de lood/zuur technieken maar we komen al in de buurt en het volgende gegeven hierin is interessant: De bandbreedte van het spanningsverloop van een 4S LFP-accu valt binnen de bandbreedte van een een (6S) 12V lood/zuur accu! Dit is te zien in de onderstaande grafiek waarbij de gewenste bandbreedte roze is gemaakt:
Grafiek 1; Weergave van spanningsverloop van diverse “12” Volt accu’s, waar bij de L/Z 6S de oorspronkelijke 12V loodaccu vertegenwoordigt.
Capaciteit (Ah of Wh) De capaciteit van een accu, ook wel Ampère-uur (Ah) wordt bepaald door de totale oppervlakte van de anode en kathode per cel en hoeveel er van deze cellen parellel staan.
Stel dat de cellen in bovenstaand schema een capaciteit hebben van 10Ah per stuk dan is de totale capaciteit 10*4= 40Ah. Als de cellen in dit voorbeeld een spanning hebben van 2V blijft de spanning van het hele systeem 2V.
Capaciteit van een accu is relatief, dat betekent dat de capaciteit van accu’s afhankelijk is van externe factoren zoals temperatuur, maar ook hoe deze wordt gebruikt. Wanneer een accu van 10Ah heel snel wordt ontladen (bijvoorbeeld met een zware motor) heeft deze minder capaciteit (dus minder dan 10Ah) dan wanneer je deze heel langzaam leeg trekt (bijvoorbeeld een klein klokje), dan is de capaciteit juist meer. Loodaccu’s hebben hier veel meer last van dan lithium accu’s, dit effect heet “Peukert effect”.
Het Peukert effect wordt op sommige loodaccu’s in beeld gebracht door een tabel waarin wordt weergegeven op hoeveel capaciteit (in Ah) gerekend kan worden bij bepaalde ontlaadstromen, weergegeven als tijd waarin de accu wordt ontladen van vol naar leeg. Voorbeeld tabel:
5 uur | 30Ah
10 uur | 33Ah
20 uur | 36 Ah
Zoals je ziet, wanneer je heel lang over het ontladen doet, ofwel een lage stroom, haal je aanzienlijk meer energie uit deze accu dan wanneer je hem heel snel ontlaadt.
Ondanks dat capaciteit vaak wordt uitgerukt in Ah, is het nauwkeuriger om de capaciteit van een accu uit te drukken in Wh (Wattuur), ofwel Voltage(V) * Ampère uur (Ah). Dit geldt met name voor alle accu’s lithium accu’s waarbij de nominale spanning dus is afgerond 12V of een meervoud daarvan. Als de capaciteit in Wh niet is aangegeven op een accu is dit eenvoudig zelf uit te rekenen door de nominale spanning te vermenigvuldigen met de capaciteit in Ah. Voorbeeld een 3S 12V 10Ah accu gebouwd met Li-ion NMC-cellen: 3.6*3*10=108Ah. Dit is een groot verschil met een 4S 12V 10Ah accu, waarbij je uitkomt op 144Ah. De effectieve capaciteit van de laatste variant is veel hoger. Overigens goed om te weten, veel importeurs melden hier foutieve informatie, dit hoeft natuurlijk niet moedwillig te zijn, het kan ook gebrek aan kennis zijn.
Capaciteit wordt dus uitgedrukt in Ah of Wh. Het is dus fout om te zeggen dat een accu een capaciteit heeft van 100A. Enkel A, of Ampère, is de manier om stroomsterkte uit te drukken en heeft niks met capaciteit te maken. Je kunt het zien als zeggen dat je een auto heel snel voorbij zag rijden die minimaal 100 kilometer reed, ipv 100 kilometer per uur.
Cost of ownership
De afweging tussen het kopen van een lood- of lithium accu kun je baseren op het feit dat het gewicht veel lager is maar voor velen is de prijs minstens zo belangrijk. Lithium accu’s zijn nog altijd vele malen duurder in aanschaf dan loodaccu’s. Toch zou een lithium accu op termijn een goede investering zijn wanneer deze minimaal net zo veel keer langer meegaat dan hij duurder is dan een lood accu. Ofwel, de cost of ownership. In theorie zou een kwalitatieve lithium accu gemakkelijk 10 jaar mee kunnen bij twee keer per week vissen, maar dit hangt naast de kwaliteit ook af van hoe deze wordt gebruikt. Er zijn namelijk een aantal situaties die de levensduur ernstig beïnvloeden op de verkeerde manier. Enkele belangrijke voorbeelden:
Opladen onder het vriespunt. Buiten dat dit de levensduur van de accu ernstig verkort, is het ook potentieel gevaarlijk. Voorkom dit dus te allen tijde.
Wanneer je de accu langere tijd niet gebruikt zorg dan dat je hem niet helemaal opgeladen, maar zeker niet helemaal ontladen wegzet. Af en toe controleren wat de status van de accu is is aan te raden. Afhankelijk van het type lithium kun je grofweg zeggen dat je tussen de 80% en 30% goed zit.
Het draaien van volledige cycli of diepontladingen. Ofwel, op regelmatige basis de accu net zo lang gebruiken tot hij helemaal leeg is. Met name aan de onderkant van de bruikbare capaciteit is de chemische slijtage vrij hoog. Dus heb je de kans om tussendoor te laden? Doe dat.
Sommige importeurs blijven stug volhouden: Je kunt de volledige capaciteit gebruiken zonder nadelige gevolgen. Dat is dus niet waar, de chemische slijtage is hoger. Verder kan gesteld worden dat wanneer je je binnen de opgegeven waardes uit de datasheet van de betreffende accu begeeft je in theorie vele malen langer plezier kunt hebben van een lithium accu dan een op lood gebaseerde accu. We gaan niet in op het aantal cycli dat je al dan niet kunt doen met een lithium accu, hiervoor moet namelijk eerst de term “cyclus” gedefinieerd worden incl. alle bijbehorende factoren als restcapaciteit en gebruikscondtities. Omdat dit vrijwel altijd ontbreekt kun je dit het beste met een korreltje zout nemen. Op deze manier is het namelijk een holle uitspraak waar je niet mee kunt rekenen.
WE HEBBEN TEGENWOORDIG NOGAL WAT STROOM NODIG TIJDENS HET UITOEFENEN VAN ONZE HOBBY
Welke lithium accu heb jij nodig? Als je overtuigd bent van de voordelen van lithium accu’s zijn er een aantal tips. Heb je een 12V accu nodig? Zorg dan dat die van het type LiFePO4 (LFP) is. Is de spanning van je systeem hoger dan 12V kun je ook kiezen voor een Li-ion NMC-techniek.
Welke capaciteit je kiest is afhankelijk van je verbruik. Als je nu een 24V 100Ah loodaccu setup gebruikt die je in 5 uur leeg trekt zou je kunnen zeggen dat je met 80Ah lithium redelijk wegkomt. Vergeet daarbij niet; capaciteit is relatief, en zeggen dat 100Ah lood gelijk staat aan 80Ah lithium heeft een vrij hoog goochelshow gehalte. Het is namelijk te verklaren en uit te rekenen. 100Ah is 100Ah, zo lang je opereert met de gegevens waarop de capaciteitsberekening is gebaseerd.
Over dimensioneren is anticiperen. Wanneer je een lithium accu kiest, wees dan niet te zuinig met de capaciteit. Enkele voordelen van iets meer capaciteit dan nodig:
De slijtagegraad is lager omdat je minder aan de onderkant van de capaciteit komt waar de slijtagegraad hoger is.
Buiten dat de accu minder snel slijt is er ook meer “slijtage ruimte”.
Je kunt in de toekomst eventueel meer energiegebruikers toevoegen.
Niemand klaagt over te veel energie. Wel over te weinig.
DE BATTERY LABS ACCU (RECHTS) STOND NAAST DE VOLLEDIG GEDESINTEGREERDE ALI-ACCU, MAAR HEEFT GEEN KRIMP GEGEVEN DANKZIJ DE VELE BEVEILIGINGEN.
Sommige accu’s zijn ontworpen om parallel te schakelen waarbij je de capaciteit van het gehele systeem kunt vergroten. Dit heeft als bijkomend voordeel dat je een vorm van redundancy hebt, mocht een accu onverhoopt uitvallen heb je de andere(n) die ervoor zorgen dat jij niet zonder energie komt te zitten.
Of je een accu in Nederland koopt of toch aan de slag gaat op Alibaba is een interessante kwestie. Immers; vrijwel alle accu’s van de “grotere merken” in de hengelsport zijn op Alibaba te vinden, maar vele malen goedkoper. Ze halen ze zelf ook uit China, vandaar. De importeurs houden zelf graag voor dat het Nederlandse producten zijn, maar dat is helaas niet waar.
Wanneer je veel verstand hebt van elektronica en lithium accu’s kies je waarschijnlijk niet voor zo’n relatief dure Chinese accu met een Nederlandse sticker. Begrijpelijk. Maar wanneer je minder verstand van deze materie hebt is het misschien nog niet zo gek om een importeur te vinden waar je in ieder geval een vorm van garantie hebt.
MARTIJN DEKKERS – Onze tweede visdag is de dag dat iedereen vol adrenaline zit! Waar de dag gisteren nog een beetje in het teken stond van zoeken, oriënteren en kijken welke technieken er werken zijn we nu wijzer en kunnen we rechtstreeks naar de beste stekken varen. Deze stekken zijn de steile randen vlak bij het eiland Loppa, om exact te zijn zuid van Loppabaan.
Alle drie de boten lagen in hetzelfde gebied, dat overigens groot genoeg is. Het weer is prima om heerlijk te driften, weinig wind, weinig golfslag en een heerlijke temperatuur voor deze tijd van het jaar. Al snel druppelen er foto’s van de vangsten binnen in onze whatsappgroep. Op alle drie de boten worden mooie vangsten gedaan. De vangsten bestaan uit een mix van dikke kabeljauwen, wat heilbotten en dat afgewisseld met wat mooie zeewolven. De visserij van vandaag is wat typerend, we vissen niet in grote scholen skrei waarbij je het aas laat zakken en er vrijwel meteen een aanbeet volgt. Die scholen komen we eigenlijk gewoon niet tegen. Het is echt vissen en dat maakt het natuurlijk wel extra leuk.
Joris staat vandaag bij ons op de boot en neemt de taak van schipper op zich. De eerste driften maken we over randen die ergens tussen de 70 meter en 100 meter diepte liggen. De shads laten we helemaal naar de bodem afzakken en vissen steeds wat hoger de waterlagen af. Zo proberen we te weten te komen op welke diepte de vis zich bevindt. De meeste aanbeten volgen tot 15 meter boven de bodem. Toch blijkt het verstandig te zijn om ook wat hoger door te vissen tot half water, liefst met korte tussenpozen. Zeker de heilbotten die gevangen worden lijken het aas te volgen en vervolgens pas toe te happen.
We zien haast geen vissen voorbijkomen op de dieptemeter, maar we vangen ze wel. Als we dan wat vissen voorbij zien komen zijn de plukjes zo klein dat we eigenlijk al te laat zijn om er gericht op te vissen. Ook op de bodem zijn het van deze kleine plukjes. Soms krijgen we een tijdje geen aanbeet om vervolgens weer met meerdere kromme hengels aan boord te staan. Gelukkig helpen we elkaar graag en wie niet met een kromme hengel staat draait binnen en helpt met landen en fotograferen.
Ons groepje neemt geen vis mee naar huis, wij vissen enkel catch & release, zoals we dat ook in Nederland doen. Natuurlijk gaat er wel iets mee naar huis, maar we houden het beperkt tot wat we deze trip in de avond opeten. Met deze vis maken we heerlijke nasi, lekkere kibbeling en zelfs overheerlijke gevulde vissoep.
Natuurlijk kan je er ook voor kiezen je vis te fileren, in te vriezen en de filets mee naar huis te nemen. 18 kg filet is toegestaan en hier bij het viskamp Loppa Seafising zijn ze hier prima op ingesteld. Op aanvraag regelen zijn piepschuim kisten zodat je de ingevroren filets ook bevroren thuis kan krijgen! Fileren kan in de speciaal ingerichte fileerruimtes om vervolgens de filets in een van de vriezers in te vriezen.
Het formaat vissen is echt goed, haast allemaal grote vissen van 10 kg, 15 kg en zelfs over de 20 kg en dat is toch wel het doel wanneer je gaat vissen op skrei. De grootste vissen van de dag is voor Frank die een dikke kabeljauw van 128,5 cm en 27 kg zwaar weet te vangen, wat een bakbeest zeg! Zelf mag ik me gelukkig prijzen wanneer ik op half water een 119 cm lange en 24,5 kg zware skrei weet te haken. Tegen het einde van de dag krijg ik echter nog een droomvis aan de haak.
Ik sta wat met Joris te keuvelen over diverse visreizen terwijl ik wat aan het binnen draaien ben. Als ik mijn shad even stil laat hangen voel ik een zachte tik op de hengeltop, uit reflex sla ik aan. Hengel hoepel krom, maar weinig beweging. De eerste gedachte gaat uit naar een hele dikke kabeljauw, maar binnen no-time is de vis op de bodem, duidelijk een flinke heilbot.
Het wordt 20 minuten geven en nemen op het redelijk lichte materiaal. Als deze vloermat langs de boot ligt duikt hij nog even terug naar half water, maar de tweede keer weet Joris de gafhaak door de bek te halen. We besluiten de vis niet binnen te halen en langs de boot te fotograferen. Puur voor het welzijn van deze prachtige vis. Dit is voor onze boot de afsluiter, het is welletjes geweest, morgen weer een dag.
De boot van Henk komt pas laat binnen en daar hebben ze een hele goede reden voor. Zij stuitte op een grote school skrei en vangen de sterren van de hemel. Van 90 meter diepte tot half water ligt het vol grote vissen, dan denk je niet eens aan terug varen…
Morgen wordt het wat winderig, maar op deze locatie bieden verschillende eilanden genoeg beschutting om toch te kunnen gaan vissen. De kans is er altijd, maar de verwachting is dat we het met wat minder grote vissen moeten gaan doen, maar met aangepast materiaal is dit ook gewoon een zeer leuke visserij!
OP HET ONDIEPE
Er bestaat een periode waarbij je als snoekvisser eigenlijk niet van het water weg mag blijven. Maart is voor mij nog steeds een maand waarin je geweldig kunt genieten van dat malle snoekvissen. De temperatuur kan al top zijn, er is weer volop leven in de natuur en snoek kan het ontzettend goed doen. Ze willen zich maar wat graag met je kunstaas bemoeien en dat maar al te vaak in zeer ondiep water.
Tekst & foto’s: Bertus Rozemeijer
Ik kan me voorstellen dat je jezelf afvraagt...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Wintervissen op kleinere rivieren
Kopvoorn is een prachtige vis die helaas in ons land maar op een paar rivieren en beken zwemt, en een soort die maar door heel weinig mensen doelgericht bevist wordt. Een vis die zich moeilijk laat haken ondanks zijn grote bek. Ze nemen het aas tussen hun lippen en bij een klein beetje weerstand laten ze je aas direct weer los. Deze moeilijkheidsgraad maakt het extra leuk als je dan zo'n prachtige kopvoorn mag vangen in een mooi winters decor. Korum prostaffer T...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Met Nick Speed
Grondvoer is voor veel witvis- en commercialtechnieken het uitgangspunt voor de voeraanpak. De bereidingswijze is vrij basic, of toch niet? De Britse topvisser Nick Speed kwam speciaal voor Beet Magazine naar Nederland en laat ons nadenken over de wijze waarop je voer kunt bereiden, aanpassen en inzetten.
Tekst & foto’s: redactie
Een uitdaging kon je het wel noemen. Nick zou in de ochtend met de veerboot in Nederland arriveren, naar de Vossekuil rijden, en in de namiddag alwee...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
HET INTERNATIONALE VISJAAR
Voor de nationale en internationale viswedstrijden is 2021 een heel vreemd visjaar geworden. In de eerste helft van het jaar werden simpelweg alle kampioenschappen afgelast. Gelukkig veranderde dat in de tweede helft van 2021 en konden nog een aantal kampioenschappen gevist worden. En naast de uitslagen konden we weer nieuwe, interessante zaken in het logboek noteren.
Tekst Jan van Schendel, foto’s Gerda Swart, Edgar Kuus, Gerrit Ansing, Lucien de Rade en Walter Lens.
...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
EEN UITGEBREIDE BREEFING VOORDAT WE HET RUIME SOP KIEZEN
MARTIJN DEKKERS – Woensdag zou onze eerste visdag moeten zijn, maar de SAS schrapt onze vlucht waardoor we pas woensdagavond kunnen aankomen in Bergsfjord. Aangezien woensdag wel een van de beste dagen van de week zal worden zet Joris alles op alles om ons toch nog op tijd bij de boten te krijgen. Het voorstel om in de nacht met een bus te reizen zodat we om 4.30 uur bij de veerpont kunnen zijn wordt unaniem aangenomen. Nachtrust blijkt minder belangrijk dan een visdag.
VISDAG 1
Cor en Patricia wachten ons in de vroege morgen op en brengen ons direct naar de accommodaties. Na een welverdiende bak koffie worden alle spullen in gereedheid gebracht. Om 10 uur gaat de plaatselijke supermarkt open, we halen wat proviand en staan te popelen om te gaan vissen. Na de uitleg over de boten en het uitvaren van de haven kan het dan echt gaan beginnen.
EEN UITGEBREIDE BREEFING VOORDAT WE HET RUIME SOP KIEZEN
Twee van de drie boten liggen al klaar, de derde heeft net onderhoud gehad en wordt met hoog water te water gelaten. Henk vaart op de ene boot, Roel op onze boot. Er wordt direct koers gezet naar een gebied op open zee, daar liggen mooie steile randen, drop off genoemd, waar de skrei vaak rondhangt. Helaas weten de beroepsvissers dat ook en alles staan vol netten. We krijgen geen enkele aanbeet. We zetten daarom snel koers naar het fjord een stukje verderop. Hier heeft Ruil zijn 29 kg vis gevangen en hebben ze zich verder prima vermaakt met vissen van ver boven de 15 kg.
Vol goede moet stomen we een half uurtje over het redelijk vlakke water, maar alles blijkt voor niets te zijn geweest. Arjan vangt nog een gulletje en zelf verspeel ik een iets betere vis, maar hier gaan we geen kromme hengels zien.
Stek drie ligt iets verder op zee en we hebben alle mogelijkheden, diep, ondiep, steile kanten en vlakke platen. Ergens tussen de 80 en 120 meter verwachten we toch wel een skrei en dat blijkt dan ook! Arjan is de eerste die beet krijgt op zijn roze shad. Met 108 cm en 12 kg is dit een mooie vis om te beginnen. Voor Arjan klaar is met drillen kan ik ook aan de bak. Op 110 meter diepte tegen de bodem wordt mijn shad ook gegrepen. Deze vis is ook exact 108 cm, we kunnen gezellig samen op de foto. Niet veel later word ik getrakteerd op een 109 cm lange kabeljauw, maar dan is de koek helemaal op!
Ook bij Henk en kornuiten verloopt het exact hetzelfde, ook zij weten een paar mooie vissen te vangen en ook daar komt niets meer aan boord. Henk stelt voor 2 mijl verderop te proberen. Hier krijgen we wat aanbeten, maar die blijven in eerste instantie niet hangen. Arjan vangt nog wel een koolvisje en een kleine roodbaars en die had hij nog niet. Altijd leuk een nieuwe soort.
ROODBAARSJE VOOR ARJAN
Roel heeft ondertussen wat last van de golven gekregen en is niet meer helemaal scherp. Dat kost hem helaas een goede vis, waarschijnlijk een mooie heilbot. Ook Johan klaagt een beetje, zijn shad wordt wel gepakt, maar die zetten niet door. Als hij bij de volgende aanbeet besluit aan te slaan giert de slip het uit, daar gaat een heilbot aan komen.
De eerste ooit voor Johan en met 124 cm gelijk een beste, gefeliciteerd Johan! Roel heeft nog nooit een heilbot in levenden lijve gezien, maar hij raakt in gevecht met de grootste kabeljauw van de dag. 120 cm en 18,5 kg voor Roel, wat een mooie vis zeg. Na al deze hectiek besluiten we dat het genoeg is geweest voor vandaag, de vermoeidheid slaat toe.
Bij Henk aan boord wordt nog een mooie zeewolf gevangen en ook zij besluiten de handdoek in de ring te gooien.
De boot waar Joris vandaag op staat heeft wat pech. Ook daar hebben ze last van de golven en vis kunnen ze niet echt vinden. Wat aanbeten en vissen die toch nog gelost worden is al dat zij vandaag beleefd hebben.
Gelukkig is het morgen een mooie dag, dan varen ook zij direct mee naar de goede stekken van vandaag. Gezellig met drie boten bij elkaar in de buurt gaan we het hele gebied uit kammen. De kans is groot dat ook morgen weer records gaan sneuvelen!
MARTIJN DEKKERS – Al jaren zwemt hij door mijn gedachten, die ene 20kg+ kabeljauw, die enorm dikke skrei. Waarom hij daar nog steeds rondzwemt weet ik eigenlijk niet, onbereikbaar is hij zeker niet! Zeker nu niet meer. Visreis.nl organiseert het Cinnetic skreifestival, een groepsreis voor twaalf vissers die worden begeleid door Joris zelf.
De vraag wie zin heeft de kou te trotseren is snel beantwoord, Roel, Arjan en Johan gaan ook mee. Met Roel heb ik al een eerdere poging gewaagd, met Arjan en Johan sta ik regelmatig op de boot. Samen met acht andere vissers vissen we dit skreifestival in het hoge noorden. We vliegen naar Alta en reizen dan nog een stuk verder naar het dorpje Bergsfjord. Hier runt het Nederlandse echtpaar Patricia en Cornelis de Wilde het viskamp Loppa seafishing.
Drie accommodaties en drie boten, allemaal gereserveerd voor dit festival. De mooie walk-around boten worden door Cornelis zelf gemaakt. In oktober 2019 was ik ook hier, toen werden we hier getrakteerd op een heerlijke visserij. Veel heilbotten en grote kabeljauwen, afgewisseld met koolvis tot ver over de meter, zeewolf en nog wat soorten zorgen dat voor een prima visserij, ondanks het minder goede weer.
Op de bijeenkomst zie ik bekende en minder bekende gezichten. We horen alle info over deze reis zodat we ons goed kunnen voorbereiden op de reis en de visserij. Op de bijeenkomst spreek ik Henk van Kempe, ik ken Henk alleen van Facebook, maar ik weet dat hij al vaker op deze bestemming heeft gevist. Het is altijd fijn om iemand mee te hebben die de omgeving goed kent. Henk kent ook al een heel aantal goede stekken. Die deelt hij graag, ook hij weet dat iedereen hier met hetzelfde doel naartoe gaat en gunt ons allemaal die droomvis
Maar het beste nieuws komt nog, Edwin en Yvon van Kempe gaan samen met Ruilof van Putten al voor ons uit. Zij vissen hier twee weken eerder en hebben hetzelfde doel, dikke skrei. Edwin (Ed Joy) is beheerder van de facebookgroep vissen rond Loppa en daar vind je echt alles wat je moet weten wanneer je gaat vissen in Loppa. Wat zij gaan ervaren, lezen en zien wij elke dag en dat is interessant!
In het kort gezegd hebben die berichten voor veel opwinding gezorgd binnen onze groep. We zagen vooral vissen van 15kg+, maar er kwamen ook foto’s voorbij met vissen van ver over de 20 kg tot zelfs 29kg toe, oei, oei, oei.
Daarnaast zagen we ook ruige en besneeuwde bergtoppen, witte fjorden, kromme hengels, korte video’s en het mooie Noorderlicht.
Alsof dit nog niet genoeg was om iedereen nog zenuwachtiger te krijgen worden er wat vangsten die door beroepsvissers gedaan zijn gedeeld op de groepsapp. Bij de visafslag van Bergsfjord worden vissen tot 40kg aangeland. Het gebeurt niet vaak dan een vis van dit formaat aan de hengel wordt gevangen, maar het kan wel.
Iedereen heeft er nu al erg veel zin in, maar eerst moeten we nog even afreizen richting Bergsfjord…
DAVE LEWIS –Schotland, het land van de doedelzak, mannen in kilt; een ruig land en volgens menigeen ook het mooiste land ter wereld. In dit mooie land vind je de Hebriden, een eilandengroep aan de noordkant van Schotland. Dave Lewis struinde er enige tijd rond en ving er vissen van het formaat waar we in de Lage Landen van dromen…
De Hebriden bestaat uit ruim vijfhonderd eilanden, waarvan er ongeveer honderd bewoond zijn. Deze groep kan in tweeën gedeeld worden, de Binnen Hebriden en de Buiten Hebriden. De zee die deze twee groepen uit elkaar houdt heet de Minch. Zoals de naam al doet vermoeden is de naam Binnen Hebriden de groep die het dichtste bij het ‘vaste’ land liggen. De regio kenmerkt zich door de ongerepte, afgelegen schitterende landschappen, en biedt een onwijs grote variëteit aan vissoorten, zowel vanaf de kant als vanaf de boot.
In de zomermaanden heeft Kevin Mckie zijn charterboot Size Matters in de haven van Plymouth afgemeerd en in de wintermaanden verhuist hij zijn boot naar de rivier de Mersey rondom Liverpool als daar de dikke winterkabeljauwen rondzwemmen.
De afgelopen twee jaar echter neemt hij vanaf maart het roer in handen en zet koers naar het noorden van Schotland, waar hij voor een aantal maanden zijn boot afmeert in de haven van Craobh voor de jacht op de allergrootste vleten die daar in de diepe wateren rondzwemmen. Kevin staat inmiddels bekend om de enorme ‘skates’ die hij aan boord krijgt, maar dat niet alleen: hij vangt ook nog eens grote aantallen: vissen van 50 kilo per stuk en meer dan acht per dag zijn geen uitzondering.
‘SIZE MATTERS’ ZOALS DE NAAM DOET VERMOEDEN NEEMT DE SCHIPPER MET MINDER GEEN GENOEGEN
Blauwe luchten
Zoals je wel kunt zien op de foto’s was het weer tijdens onze ‘vakantie’ absoluut fantastisch: de heldere blauwe luchten, de felle zon en het ontbreken van harde wind maakten het avontuur helemaal onvergetelijk. De westkust van Schotland staat nu niet bepaald bekend om zijn mooi weer. Veelal is het regenachtig en staat er een flinke bries. Gelukkig treffen wij het dit keer. Bij het uitvaren van de haven glijden we over een spiegelende zee die zo vlak is als een biljartlaken. Met de sneeuw nog zichtbaar op de bergtoppen, is het onderaan in het ‘dal’ heerlijk vertoeven en zo kunnen we zelfs enkele uren in ons T-shirt vissen.
In de knoop
Na een minuut of veertig na het verlaten van de haven in Craobh neemt Kevin wat gas terug tot we stil liggen. Even zoeken naar de juiste plek, en daar gaat het anker overboord. Het harde geratel van de ketting aan het anker, en vervolgens een geruis van het ankertouw. Dit duurt wel een aantal minuten, want we vissen immers op minimaal 150 meter diepte.
Hoe je het ook wendt of keert, 150 meter is een hele slok water, maar als je het vergelijkt met de meeste andere stekken waar je op vleet kan vissen, is dit maar een schijntje. Geloof me, iedere keer dat je je aas moet controleren ben je blij dat je niet op meer dan 300 meter diepte aan het vissen bent. Die bonk lood en dat immense stuk aas is niet niks om naar boven te halen, dus na 150 meter draaien ben je het wel beu.
Samen met mij bestaat de bemanning uit vier vissers, en allemaal staan we te popelen om het aas naar de bodem te laten zakken. We beseffen ons wel dat we moeten vermijden om in de knoop te geraken, dus beslissen we om met drie hengels te vissen. We trekken lootjes wie als eerste de hengel mag pakken als we beet krijgen, en wie als tweede mag en als derde en wie het langste moet wachten.
Als je op zulke dieptes vist zit je al vrij snel in de knoop, dus dat is wel een dingetje. Het is belangrijk om te wachten tot de schipper zegt dat het kan, anders ligt de boot nog niet helemaal vast, en is de kans op bewegen van de boot nog te groot, en dus ook de kans op ‘kruisende lijnen’. We wachten dus geduldig tot de boot vast ligt en de stroming zijn werk doet.
WE VERLATEN DE HAVEN VAN CRAOBH, EEN VEERTIG MINUTEN DIRENDE VAART VOLGT
Zalmenkoppen
Terwijl we aan het wachten zijn tot de boot zijn plaats gevonden heeft, komt Kevin met zijn crew uit de stuurhut en openen ze de koelbox. Aan boord hebben ze als het ware een werkbank gemaakt waar we het aas kunnen prepareren. Het lijkt wel alsof de koelbox bodemloos is, er blijft maar aas uit komen. Dit varieert tussen makrelen, inktvis, sepia, zalmenkoppen en hele regenboogforellen. Er wordt mij duidelijk uitgelegd dat de succesfactor voor het vangen van een vleet ligt in het maken van een zo groot mogelijk reukspoor.
Ik kan je verzekeren dat het reukspoor dat we maakten met dit aas bijna de hele zee aangetrokken zou hebben. Het aas was net zo lang als mijn arm en zonder twijfel het grootste stuk aas dat ik ooit heb gebruikt. Terwijl Kevin een haak aan het vullen is met aas, vertelt hij over de vele krabben en garnalen die ook verzot zijn op de lekkernij die met de onderlijn naar de bodem gaat…
ZONDER TWIJFEL HET GROOTSTE STUK AAS DAT IK OOIT HEB GEBRUIKT
Loting
Na bijna een kwartier rijgen, kunnen we eindelijk de eerste hengel klaarmaken om te vissen. Kevin pakt de hengel, en hangt de enorme rits aas overboord. Hij geeft de hengel aan mij met het advies om het langzaam te laten zakken, om zeker te zijn dat het niet in de knoop komt. Na een ellenlange afzinkperiode stopt de spoel met aflopen. We vissen hier met multipliers, reels dus in gewoon Nederlands. Zodra de spoel stopt geef ik nog een paar meter lijn en zet ik de molen op vismodus. Na de loting is besloten dat John McBride de eerste honneurs mag waarnemen, en dat duurt niet lang…
Na een kwartier krijgen we namelijk al de bevestiging dat Kevins superaas zijn werk doet: de top buigt langzaam maar zeker door, steeds een beetje meer. John loopt naar de hengel toe en zet hem gereed in zijn harnas. Zodra hij begint met draaien voelt hij een onbeweeglijk ‘object’ aan de lijn hangen. Wat hij ook probeert, hij krijgt het niet in beweging…
JOHN MC BRIDE MAG ALS EERSTE DE HONNEURS WAARNEMEN
Vloerkleed
John begint langzaam maar zeker de reel te waarderen: we gebruiken een reel met een lage overbrenging, zo kan je bij een zwaar gewicht toch ietsje blijven draaien. Het gaat wel niet zo snel, maar je kan in ieder geval je slinger rond krijgen. De reels zijn perfect voor dit werk omdat ze ook een ‘snelle’ stand hebben wanneer er geen vis aan zit en je je aas van 150 meter diepte moet ophalen. Binnen de eerste tien minuten in het gevecht besluit de vis al twee keer om terug te gaan naar de bodem en is alle gewonnen lijn weer terug in zee. De uitdrukking op het gezicht van John is werkelijk onbetaalbaar, vol ongeloof staat hij schuddend naar zijn reel te kijken wanneer de vis zonder enige moeite zijn reel weer leeg trekt. Maar hoe dan ook; deze vis moet aan boord komen.
EEN FORSE REEL MET EEN LAGE OVERBRENGING
Na een gevecht van ongeveer 30 minuten verschijnt er een schim in het water, een puntvormige vis met staart ter grootte van een vloerkleed. De crew met twee man sterk kan de vis net aan boord krijgen, waar deze veilig wordt onthaakt, gemeten en gefotografeerd.
ALLE HENS AAN DEK VAN DE ‘SIZE MATTER’
Het dek wordt vooraf nat gemaakt zodat de vis geen beschadigingen oploopt. Kevin heeft een conversietabel aan boord, waardoor we de afmetingen kunnen terugrekenen naar gewicht. Deze mooie vis van John blijkt ongeveer 85 kg te wegen. Een waar monster uit de diepte!
GEVANGEN VLEET DIENT GOED NAT TE WORDENGEHOUDEN
Zoals alle goede schippers geeft Kevin erg veel om het welzijn van de vis. Aan boord zal je alleen maar bronzen weerhaakloze haken vinden; deze zorgen voor de minste beschadiging bij de vis. Zodra de vis aan boord ligt, is er een deckhand die er voor zorgt dat de vis constant nat gehouden wordt door emmers water over de vis heen te kiepen. De tijd dat de vis aan boord ligt, wordt tot een minimum beperkt.
MET CONVERSIETABEL ZIJN DE AFMETINGEN TERUG TE REKENEN NAAR GEWICHT
Soortenjager
Aan boord hebben we een heuse soortenjager in ons midden, genaamd Jon. Wanneer hij zijn eerste vleet mag noteren gaat hij op zoek naar andere vissen. Hij weet ons te vertellen dat het noorden van Schotland een van de plekken is waar je een zwartmond hondshaai (blackmouth catshark – Galeus melastomus) kan vangen. Zodra Kevin bevestigt dat dat ook hier mogelijk is, pakte Jon zijn lichtere materiaal uit en laat een kleine makrelenkop naar beneden zakken om toch te proberen een ‘special’ toe te voegen aan zijn lijst.
DEZE MOOIE VIS VAN JOHN BLIJKT ONGEVEER 85KG TE WEGEN
Bakbeest
De vleten zijn al goed aan het bijten die dag, en we voorspellen Jon dat die makrelenkop niet gegrepen zal worden door een hondshaai, maar door een vleet. En inderdaad, na een paar minuten buigt ook zijn hengel flink door en kan hij aan de bak. Met zijn 12-20 lb hengeltje belooft dit een sportief avontuur te worden en zoals je je kunt voorstellen buigt het hengeltje tot in het handvat door. Het gevecht duurt inmiddels al meer dan 40 minuten.
De eerste twintig minuten is het vooral proberen de vleet van de bodem af te krijgen. De vleten kunnen zich door de vorm van hun lichaam bijna vastzuigen aan de bodem, en geloof mij: dan krijg je er echt geen beweging in. Maar na een minuut of 20 begint de zeebodem ineens te bewegen en kan Jon beginnen met het binnenhalen van een beetje lijn. Decimeter voor decimeter kan hij wat lijn nemen, maar het beest neemt net zo makkelijk weer lijn terug als hij een paar keer met zijn vleugels klappert.
MET EEN GEWICHT VAN BIJNA 92KG KUNNEN WE VAN EEN ECHTE SCHOTSE VLOERMAT SPREKEN.
Toch, na nog een aantal minuten, lijkt de vis mee te komen en komt er zowaar wat hoop op overgave. Na bijna een uur van lijn geven en lijn nemen zien we een schim in de diepte opduiken. Gelukkig lukt het de vis aan boord te krijgen en het bakbeest te meten en fotograferen. Na het terugzetten halen we de calculator er weer bij en kunnen we vaststellen dat Jon aan zijn makrelenkop de grootste vis van de trip heeft gevangen. Met een gewicht van bijna 92 kg kunnen we van een echte Schotse vloermat spreken!
DOUBLE HOOK-UP!
Een mijlpaal
De volgende dag moet ik helaas weer naar huis en onder neem de lange weg terug. Maar ik ben nog niet voorbij Glasgow wanneer ik een belletje krijg van Kevin. Hij vertelt me dat hij op dat moment de honderdste skate aan boord heeft gekregen. Een mijlpaal! Op het moment van schrijven is deze mijlpaal alweer een jaar geleden, maar tijdens de zestien dagen dat hij in 2018 in Schotland viste, wist Kevin maar liefst 113 vleten te vangen, met een totaal gewicht van 8800 kg, wat neerkomt op ongeveer 78 kg gemiddeld.
ONDERWATER IS HET BEELD VAN ZO’N SKATE INDRUKWEKKEND
Elf van deze vissen wogen meer dan 91 kg en 90 van deze beesten wogen meer dan 45 kg. Nu, een jaar later, is het vletenseizoen alweer bijna voorbij, maar heeft hij inmiddels alweer meer dan 113 vleten gevangen, terwijl het nog een aantal dagen duurt voordat het seizoen voorbij is. Dit seizoen noteerde Kevin zelfs twee bijzondere vleten, namelijk een albino vleet van 90.9 kg en een ‘blue skate’, die laatste is een nieuwe vangst voor Schotland, sinds men de vleet indeelt in twee verschijningsvormen: de flapper skate (Dipturus intermedia) en de kleinere blue skate (Dipturus flossada).
Vanaf midden maart tot en met het eind van mei gaat de Size Matters weer varen vanuit de haven van Craobh. In die periode is Kevin van plan om nog betere visgronden te gaan bevissen, in een gebied vol riffen, wrakken en andere hotspots en naast de vleet ook diverse haaiensoorten te gaan zoeken.
|> DIT IS EEN PREMIUM ARTIKEL UIT ZEEHENGELSPORT
Zeehengelsport is als los exemplaar te koop in de boekwinkel of neem NU een voordelig jaarabonnement .
PETER DE KOCK – Hoe ga je om met stroming als je vanaf de kant op snoekbaars vist? Een vraag die Peter de Kock maar wat graag op de Nederlandse rivieren in de praktijk brengt. Het bracht hem in de loop der jaren een schat aan informatie over het ‘wanneer, waar, hoe en waarmee’. Ook niet-alledaagse informatie, zoals de grote invloed van de hoofdlijn op de aaspresentatie, is voor Peter een reden om een boekje open te doen en jullie de juiste weg te wijzen.
Een paar jaar geleden viste ik vanaf de kant een avond aan de Bergsche Maas. Aan de lijn een 7 grams loodkopje versiert met een 8 cm lang shadje. Om de situatie een beetje te schetsen; ik sta aan een havenhoofd en er staat een flinke stroming op de rivier. Direct voor mij ligt er een ondiepte van ongeveer 1,5 tot 2 meter diep. Op ongeveer 10 meter uit de kant volgt er een talud aflopend van 2 naar ongeveer 3,5 meter. Het lukt nog net om met 7 gram vanuit de stroming naar de stroomnaad en dus de grens naar stiller water te vissen. Geen enkele worp levert echter een aanbeet op. Ik vis met een 10/00 gevlochten 8-braid en één meter 33/00 fluorocarbon als onderlijn.
VISSEN MET SOFTBAITS STAAT MET STIP OP 1
Wanneer ik bij de kop van het havenhoofd mijn shad binnenvis krijg ik een eerste vastloper, net aan de bovenkant van het talud, daar waar het ondieper wordt. Gelukkig kan ik de haak lostikken, waarna ik vrijwel direct een aanbeet krijg die ik mis… En nog erger: de twee volgende worpen exact hetzelfde scenario!
Ik besluit om mijn set-up om te bouwen en plaats een andere molen op de hengel. De spoel van deze molen is gevuld met een behoorlijk drijvende 20/00 mm 8-braid en de fluorocarbon onderlijn is nu slechts 50 cm lang en van 26/00 dik materiaal. Deze dikkere dyneema heeft veel meer drijfvermogen… en dus ook liftvermogen.
Met die combinatie maak ik weer een worp en stuur de softbait naar het juiste plaatsje, zo lukt het mij om weer bij het talud des onheils te komen. Door de lijn te liften en zo een opwaartse druk te creëren slaag ik er nu in om het talud af te vissen zonder erin vast te hangen. Kortom, ik verander niet de loodkop-shad combinatie, zoals veel vissers zouden doen. Echter, door mijn lijn-onderlijn combinatie weet ik een andere aanbieding te organiseren. Deze aanpassing wordt beloond met een paar mooie snoekbaarzen! Gebruik de stroming als een bondgenoot om jouw ding te doen en besef dat de allerbelangrijkste parameter op een rivier absoluut de stroming is!
IN DE WINTER WERKT EEN MINDER AGRESSIEVE EN LANGZAMERE AASVOERING VAAK BETER
JACHT- & RUSTPLAATSEN
Om beter te begrijpen waar een snoekbaars zich bij voorkeur ophoudt laat je je best inspireren door het beestje zelf! Een snoekbaars is een snoekbaars en zal zich dus altijd gedragen als een snoekbaars. Wat ik daar mee bedoel? Een snoekbaars zoekt omstandigheden die hem in het voordeel brengen. Ik zal de belangrijkste kort beschrijven.
De waterkleur is één van de parameters om te weten dat snoekbaarzen zich dieper of ondieper gaan ophouden. Bij somber en zeker vochtig weer kunnen snoekbaarzen zeer ondiep gaan liggen. Vochtig weer is bepalend om insectenlarven te laten uitkomen, wat prooivis aantrek en op zijn beurt weer de rovers.
Snoekbaars is bovendien een liefhebber van alles wat onder water botst. Daarmee doel ik op diepteverschillen, maar ook verschillen in hardheid van bodem, uitgespoelde oevers, diepe putten, beschutting van havens. Dit zijn potentieel goede stekken omdat ze jachtterrein kunnen zijn met nabij de nodige schuilplaatsen.
Naar mijn mening is er een duidelijk verschil tussen jacht- en rustplaatsen, afhankelijk van het moment en aasgedrag. Diepere plaatsen, schaduw en plantenbedden, onderkanten van taluds of dieperliggende plateaus zijn potentiële rustplaatsen. Rustplaatsen hebben een duidelijke link met niet-actieve periodes en snoekbaars ligt dan vaak tegen de bodem.
VAAK IS DE SCHEMERING DE BESTE PERIODE VAN DE DAG
Wanneer de snoekbaars actief wordt verlaat hij meestal de rustplaats en komt losser van de bodem. Avond, nacht en ochtend zijn meestal de actiefste periodes. Gelukkig voor ons vissers kan snoekbaars in rust en niet-actief toch verleid worden tot een aanbeet. Er is wel een duidelijk verschil in benadering van actieve en passievere snoekbaarzen. Bij actieve rovers is dikwijls de imitatie van de prooi belangrijk. Vooral de grootte is soms cruciaal.
Bij passieve snoekbaarzen hebben we gelukkig nog andere trigger mogelijkheden. Agressie en territoriumdrift zijn wel de twee belangrijkste. Onder deze omstandigheden komt de doos met frivole verschijningen en flashy kleurtjes tevoorschijn!
Voor mij zijn de donkerste uren meestal de uren om grotere vis te verwachten. Overdag zijn dit de agressievere vissen en de kleinere exemplaren die zich laten verleiden.
MAAR AL TE VAAK KOMEN DE GROOSTSTE VISSEN ER IN DE NACHT UIT, ZOALS DEZE OM 01:15 .. (TOM SINTOBIN)
STEKBENADERING
Stel, je staat op een haven- of kribkop, hoe pak je het dan aan? Ten eerste werp je de softbait in de stroming onder een hoek die je kunstaas weer uit de stroming duwt, naar de keerstroom toe. Je werpt niet de shad op de beoogde visplek, maar je maakt gebruik van de stroming door er steeds naartoe te vissen.
Belangrijker dan jezelf de vraag te stellen of je wel het juiste gewicht jighead en type kunstaas gebruikt, is je eigen staanplaats en de hoek van je aanbieding. Maak eerst kortere worpen, en daarna pas langere worpen om het gebied gecontroleerd af te vissen.
VAN KORT NAAR LANG
Onderdeel van het plan om zo efficiënt mogelijk een spot te bevissen is goed na te denken over korte en lange worpen. Ik begin altijd met een korte worp om de vissen zo weinig mogelijk te verstoren. Waarom? Wanneer je direct volle afstand werpt en op grote afstand een vis haakt, dan kan het drillen de potentieel vangbare vissen dichterbij verstoren en moeilijker vangbaar maken. Dus eerst korte worpen en dan steeds verder weg vissen.
Er zijn van die momenten dat elke beweging wel te veel lijkt en voortgang van je kunstaas niets oplevert omdat snoekbaarzen compleet passief zijn, herkenbaar? Voor mij werkt het volgende alternatief soms echt wel goed, vooral in koudere periodes: een iets te zware loodkop. Bijvoorbeeld 10 of 14 gram, terwijl 7 gram perfect te vissen is. Kies een stand-up of erie jigkop met als versiering een softbait die zo weinig mogelijk weerstand heeft en veel beweging in zich draagt zonder uitgesproken in beweging te zijn.
Dus geen schoepstaarten, tenzij zeer soepel en beweeglijk, maar eerder slugs, wormen of v-staarten. Het kunstaas wordt over de stek geworpen en al schuifelend en met zachte bewegingen vanuit de hengeltop voortbewogen over de bodem. De rustperiodes zijn langer dan de bewegende periodes. Deze techniek heeft al vaak opeens wel vis opgeleverd!
PONYTAILS, SLUGS EN WORMEN KENNEN WEINIG WEERSTAND
EEN PLAN VAN AANPAK
Het is van groot belang om je visdag goed te plannen. Alle elementen die je in jouw voordeel kan gebruiken moet je kennen en alle elementen die je nadeel opleveren moet je evenzeer kennen. Ik loop enkele belangrijke elementen na.
Gaat het om de periode van de dag, besef dan dat de avond en ochtend in de regel de ideale aasperiodes zijn. Overdag en vooral bij betrokken of vochtig weer kunnen snoekbaarzen vrij ondiep zitten. Zonnig weer noodzaakt je om wat dieper of beschaduwde plekken te bevissen.
Rekening houden met de periode van het jaar is enorm belangrijk om snoekbaarzen te lokaliseren.
Koude periodes beïnvloeden het insectenleven ongunstig en hierdoor gaan aasvissen zich ook anders gedragen. Prooivissen zijn dan meestal wat dieper te vinden! Warmere periodes daarentegen beïnvloeden het insectenleven gunstig en brengen prooivissen dikwijls zeer dicht onder de kant of tussen de plantenbedden. Daar vind je dan ook hun predatoren.
Als het gaat om windrichting, heb ik geen uitgesproken voorkeur. De enige uitzondering is een warme, vochtige zuidwesten- of westenwind, omdat het insectenleven hierdoor gestimuleerd wordt. Wat ik wel belangrijk vind, is dat ik mezelf kan positioneren op een manier dat de wind mij voordeel brengt. Ik vind in mijn plan van aanpak het erg belangrijk om een groot arsenaal aan potentieel belangrijke visstekken te hebben. Zo vind ik altijd wel een paar stekken die ik qua windinvloed in mijn voordeel kan gebruiken.
De getijwerking kan op sommige stekken een allesbepalend element zijn. De stroming in bepaalde momenten van het getij kan snoekbaarzen actief maken of ervoor zorgen dat ze zich op een bepaalde plaats ophouden. De stroomperiode van halfweg afgaand over laag tot half opkomend, of de stroomperiode van halfweg opkomend tot half afgaand over hoogtij zijn meestal ideaal.
SWIMMING SLUGS BLIJVEN NA HET LANDEN NOG SECONDEN LANG OVEREIND OP DE BODEM STAAN EN ZIJN DUS ZEER VANGKRACHTIG.
SOFTBAIT STUREN
Voor mij heeft de ideale hengel een fijne topactie. Dat houdt in een gevoelige top voor zowel een fijne beetregistratie als om het moment dat je jighead op de bodem valt te kunnen registreren. Het verdere verloop van de hengel is het best te omschrijven als een taaie halfparabool met veel body in het laatste gedeelte. De lengte is afhankelijk van je standplaats ten opzichte van het water. Hoe hoger je boven het water staat, des te korter de hengel kan zijn. Op rivieren is dit minimaal 2,4 meter, met een maximum van 3 meter.
Het belangrijkste onderdeel aan een molen is een fijn opspoelmechanisme. De norm is het feilloos opspoelen van je lijn zonder spanning en toch foutloos opgespoeld. Qua formaat voelt een type 1000 tot 2500 voor mij het best aan. De spoel wordt voorzien van bij voorkeur een 8-braid dyneema die zo glad en soepel mogelijk is.
Een 4-braid heeft dan weer als voordeel dat ze minder kwetsbaar is. Een lijn moet je optimaal kunnen zien. De kleur hangt af van de achtergrond, maar meestal is fluo groen in donkere omstandigheden en grijs of oranje in heldere omstandigheden het beste zichtbaar. Dikwijls volg ik tijdens het vissen alleen de lijn; zo zie ik aanbeten die ik niet voel. Ook zie ik aan de lijn mijn loodkop op de bodem landen in plaats van het moment met de hengel te voelen.
Gebruik bij voorkeur minimaal 10/00 op snoekbaars, bij een riviervisserij is 12/00 of 14/00 een betere keuze. Hoe dunner, des te kwetsbaarder. Met dikkere lijnen kan je ook beter een ‘vorm meegeven’ op het water. Een dunnere lijn zinkt rechter naar je loodkop toe en dat is zeker een nadeel als je de stroming op je lijn gebruikt om de softbait naar een plaats uit de stroming te sturen. Om zeer lichte loodkoppen (lichter dan 4 gram) te sturen en een bepaald patroon te laten zwemmen gebruik ik somt tot 20/00 dyneema.
JIGKOPPEN Je kan verschillende typen jigkoppen gebruiken. De meest gebruikte is ongetwijfeld de ronde loodkop. Kenmerkend is de snelle afzink en de weinige zweeffase. Bij landing op de bodem platvallend wegens geen profiel. Kortom, ideaal om te verticalen maar ik vind dit type compleet ongeschikt om werpend te vissen! Wat ik dan gebruik is een football vorm, zeker wanneer er geen uitgesproken talud is. Deze vorm heeft een ideale glijbeweging en blijft perfect in balans bij het landen. Perfect in te zetten bij jiggen over de bodem, zeker bij een ‘start en stop’ techniek, waarbij de stop zeker een aantal seconden na de landing mag worden aangehouden.
Daarnaast is een erie-vorm loodkop perfect geschikt om de contouren van een talud te volgen. Zo’n jigkop is ook ideaal om de versnelling en beweging uit je aanbieding te halen.
In combinatie met een pointy tail of v-staart gaat je kunstaas licht schommelend in de stroming bewegen: een topkeuze, die zeker in koude omstandigheden het verschil kan maken!
VAN BOVEN NAAR BENEDEN: EEN ERIE, FOOTBALL EN RONDE JIGHEAD
“Lijndikte is één van de aspecten die een grote invloed heeft op de manier waarop en de plek waar je het kunstaas wil aanbieden
Bij het snoekbaarsvissen spelen soms kleine aspecten van doorslaggevende rol. Lijndikte is één van de aspecten die een grote invloed heeft op de manier waarop en de plek waar je het kunstaas wil aanbieden. Het is tevens een aspect waar je zelden over leest. Voilà, ik hoop dat je daardoor geïnspireerd raakt en wens je veel succes bij het snoekbaarsvissen in de stroming. Doe er je voordeel mee!
ZOVEEL ASPECTEN WAAR JE BIJ DIT VERSLAVENDE SPELLETJE REKENING MEE MOET HOUDEN
| DIT IS EEN PREMIUM ARTIKEL UIT BEET MAGAZINE
Beet is als los exemplaar te koop in de boekwinkel of neem NUeen voordelig jaarabonnement en ontvang Beet Magazine iedere 6 weken thuis op de mat.
FRANK VAN WAELDEREN – Om de komende maanden goed beslagen aan de waterkant te verschijnen heeft Belgisch topvisser Frank van Waelderen, tevens lid van het internationaal feederteam, 10 nuttige feedertips voor je op een rij gezet. We volgen hem tijdens een visdag op het Limburgse Latheraalkanaal.
TIP 1 – PERFECT OPGESPOELD
Als ik een molen opspoel met een gevlochten hoofdlijn, dan wil ik dat deze perfect gevuld is, niet teveel, maar ook niet te weinig. Hoe doe je dat? Neem twee dezelfde molenspoelen en vul de eerste spoel met het klosje gevlochten lijn. Ja, inderdaad eerst de gevlochten lijn! Vervolgens vul je de spoel met nylon tot deze de gewenste ‘hoogte’ bereikt. Nu haal je de gevulde spoel van de molen en vervang deze door de tweede, lege spoel. De gevulde spoel je ‘omgekeerd’ op de nog lege spoel. Eerst zal de nylon backing op de spoel komen gevolgd door de gevlochten lijn. En wat denk je? Als resultaat heb je nu een perfect gevuld spoel! Voorslag monteren en vissen maar!
EEN PERFECT OPGESPOELDE LIJN MAAKT HET VISSEN EEN STUK AANGENAMER!
TIP 2 – VOORSLAG LENGTE
De lengte van de voorslag is van cruciaal belang! Ideaal is, wanneer je de hengel in de werppositie houdt, vijf tot zes omwentelingen van de voorslag op de molen zit. Dit is ongeveer vier keer de spanwijdte van je armen. Wanneer je de voorslag korter neemt, krijg je teveel belasting op de voorslagknoop tijdens het werpen, met als gevolg lijnbreuk! Neem je de voorslag te lang, dan remt dit de snelheid bij het werpen, omdat langer een grotere weerstand door de hengelogen glijdt. Om ver uit de kant te vissen vind ik 28/00 de ideale dikte van een voorslag
EEN GOEDE GEVLOCHTEN LIJN IN COMBINATIE MET EEN VOORSLAG IS NEGEN VAN DE TIEN KEER ONMISBAAR BIJ HET FEEDERVISSEN.
TIP 3 – VISAFSTAND
We maken onze hengel klaar om ver uit de kant te vissen. Bepaal allereerst wat je maximale visafstand is; het moet nog wel comfortabel zijn en je moet precies kunnen vissen. Stap twee is het bepalen van de diepte. Ik werp met een loodje naar mijn maximale afstand; op het moment dat het loodje het water raakt, start ik de stopwatch en wanneer het loodje de bodem raakt stop ik deze. Zo weet je hoeveel ‘seconden’ diep het is. Dit herhalen we een paar keer, waarbij je telkens 5 meter korter werpt. Op dit water zal de afstand waar de chronometer de meeste seconden aangeeft normaal gezien onze visafstand worden. Succes verzekerd!
BEPAAL EERST HOEVER JE MAXIMAAL WILT VISSEN…
TIP 4 – FLOATERS MAKEN
Het is geen kunst om van zinkende maden floaters te maken. De benodigdheden en methode om floaters te maken zijn simpel. Een madendoos met deksel en bruiswater is alles wat je nodig hebt. Als eerste snijd je de binnenkant van het deksel weg, om te voorkomen dat de maden uit de doos kruipen. Je vult de madendoos met een bodempje verse maden en overgiet deze met bruiswater tot deze net onder komen te staan. De maden kruipen langs de zijkant naar boven en vallen weer terug in het bruiswater. Bij deze cyclus nemen de maden water en gas op, waardoor deze een traag zinkende werking krijgen. Op de licht zwevende presentatie van de maden reageren de vissen vaak beter dan op gewone, zinkende maden.
FLOATERS ZIJN EENVOUDIG TE MAKEN IN EEN MADENDOOS MET EEN LAAGJE WATER, DIE VOORZIEN IS VAN EEN ANTI UITKRUIP DEKSEL.
TIP 5 – JUIST BEAZEN
Prik de maden op de juiste manier op de haak om bij het binnenhalen op verre afstand het kinken van de onderlijn te voorkomen. De beste manier is om de maden afwisselend op de haak te prikken. Bijvoorbeeld de eerste made met de twee puntjes aan de haak, de tweede met het smalle gedeelte en de derde weer met de twee puntjes, enzovoorts. Zo voorkom je dat de maden als een
helikopterblad gaan spinnen bij het binnendraaien.
SOMMIGE HAAKAASCOMBINATIES DOEN DOOR HET SPINNEN DE ONDERLIJN KINKEN.
TIPS 6 – VULLEN X-CHANGE DISTANCE FEEDER
De door mijn gebruikte X-Change Distance Feeder kun je via twee kanten vullen. Namelijk aan de kant van het lusje of waar de verzwaring omheen loopt. Omdat de korf getapered loopt, het gedeelte aan de lus kant, geef ik de tip de korf te vullen langs de loodzijde. Zo voorkom je dat het voer en eventueel los aas vast blijft zitten. Bij vismeel is dit minder van toepassing omdat deze een fijnere structuur heeft. smalste gedeelte aan de lus kant, geef ik de tip de korf te vullen langs de loodzijde. Zo voorkom je dat het voer en eventueel los aas vast blijft zitten. Bij vismeel is dit minder van toepassing omdat deze een fijnere structuur heeft.
TIP 7 – TIP & KLEUR VOER
Tegen het einde van de winter is het water vaak op zijn helderst, maar eigenlijk is het vaak vooral de kleur van het water dat verandert. Daarom is ook de voerkleur belangrijker dan veel vissers denken! Troebel zomerwater begint in de herfst te verkleuren en wanneer het water nog enigszins troebel blijft gebruik ik graag een geel gekleurd voer. Wordt het water echt helder, dan geef ik mijn voer een bruine of zwarte toets. Zo valt het minder snel op, anders kan het de witvis zelfs afschrikken. In het slechtste geval trekt zo’n opvallend voer ook roofvis aan.
OP HELDER ‘WINTERS’WATER VERKIES IK EEN IETS DONKERDER VOERTJE DAN TIJDENS DE ZOMERMAANDEN.
TIP 8 – WINDOW FEEDER
Als we verder uit de kant vissen, dan is het meestal ook dieper. Wanneer de vangsten niet lopen zoals gehoopt, kunnen we overschakelen op een zogenaamde window feeder. Je bereikt hiermee dat het voer en aas compacter op de bodem terechtkomt. Daardoor creëer je een mindere werking van het voer en aas, met als gevolg dat de vissen minder naar de los gekomen deeltjes toe gaan zwemmen en een rustiger aasgedrag zullen vertonen op de bodem. Soms begint het dan opeens wel te lopen!
TIP 9 – POWER GUM
Soms komen er blankvoorns op je stek, maar kun je het grootste deel van de aanbeten niet verzilveren. Het euvel is dat de beten niet goed doorkomen. In deze situatie moet je de voorslag vervangen door een stukje power gum van ongeveer 30 centimeter. Je zult ervaren dat de beet veel directer doorkomt, omdat je het elastisch nylon gedeelte van de voorslag helemaal weg hebt genomen; het contact met de vis is veel directer. De power gum is noodzakelijk om bij de laatste meters van het drillen de schokken van de vis op te vangen.
EEN SPANNEND MOMENT NET VOOR DE LANDING; ZONDER DEMPENDE VOORSLAG IS DE VERVANGENDE POWER GUM CRUCIAAL.
TIP 10 – NET ER OVER OF JUIST ERVOOR
Het einde van mijn sessie komt in zicht en de beten vallen weg. De visafstand met een metertje verlengen doet soms wonderen! Het levert zo goed als altijd een paar extra beten op. Dit is niet aan te raden halverwege de sessie, omdat je de vis dan aan het zwemmen gaat brengen. Het zou spijtig zijn om op deze manier je visstek om zeep te helpen. Het tegenovergestelde kan ook; wanneer je op het einde van de sessie alleen maar lijnzwemmers krijgt. Dan kun je het beste je visafstand met een meter inkorten.
TEGEN HET EINDE VAN DE SESSIE KAN HET LONEN OM DE VISAFSTAND IETS TE VERLENEGEN.. OF IN TE VERKORTEN.
|> DIT IS EEN PREMIUM ARTIKEL UIT BEET MAGAZINE
Beet is als los exemplaar te koop in de boekwinkel of neem NU een voordelig jaarabonnement en ontvang Beet Magazine iedere 6 weken thuis op de mat.
DAI GRIBBLE – Het voorjaar is dé periode om zeelt te belagen. Al in maart kun je op milde dagen een flinke kans op de prachtige ‘doktersvis’ maken. Reden om een van de meest ervaren en succesvolste zeeltvissers van het afgelopen decennium voor een bijdrage te vragen: de Engelsman Dai Gribble. Hij schrijft over stekkeuze, voertactiek en zijn favoriete zeeltmontages in het voorjaar.
Het is altijd de moeite waard om wat tijd te spenderen aan het ontdekken van een zone van het water waar de zeelt op dat moment huist. De beste onderlijn of het beste systeem is namelijk waardeloos als deze wordt gevist op een stek waar geen vis zwemt. Een beetje een open deur, ik weet het, maar dat wordt nog weleens vergeten… Het lokaliseren van zeelt op een water kun je middels twee verschillende schaalniveaus benaderen. Waar op een water zullen ze waarschijnlijk uithangen en waar binnen die zone zijn jouw kansen het grootst?
Mijn ervaring leert dat zeelt, meer dan andere soorten, zich redelijk verspreid op een water bevindt. Naast weersfactoren als wind en watertemperatuur, spelen ook andere zaken een rol. Denk onder meer aan waterdiepte en de aanwezigheid van planten(resten). Het beste signaal dat je kunt krijgen zijn rollende zeelten. Dit kun je het meest tijdens de ochtend- en avondschemering waarnemen. Zeelt leeft in schoolverband, dus als je er één ziet rollen dan is het zeer waarschijnlijk dat er meer in de buurt zijn.
Deze imposante zeelt van bijna 5 kg was een van de 200 zeelten die ik in vier jaar op Linear Fisheries wist te vangen en de worm kebab rig voor het eerst gebruikte.
ONDERWATERBEELD
Zeelt houdt er van om op plekken met verschil in bodemstructuur te azen. Denk aan een talud in de oeverzone of verder in het water, een onderwaterbult, de overgang van harde naar zachte bodem en op de Engelse reservoirs een oude bedding van een rivier. Op helder water kun je soms met het oog op schone en ondiepere plateaus zien zwemmen, maar in de meeste gevallen krijg
je met een peilhengel een gedetailleerder beeld. In mijn optiek is het zorgvuldig uitpeilen en onderzoeken van een stek nooit verspeelde moeite en ik kan me ook niet aan de indruk onttrekken dat zeelt geen last heeft van deze activiteit. Kortom, neem de tijd en moeite om je visstek te bepalen en maak je geen zorgen om het verstoren van het water.
Het type draadloze ‘eitje’ dieptemeter, zoals bijvoorbeeld de Deeper, is ook erg handig; je kan daarmee heel snel een stek in kaart brengen en maakt het gebruik van een peilhengel bijna overbodig. Bijna, want ik gooi toch De vishengel kun je hier op aanpassen. Als je genoeg ruimte hebt op de kant kun je de afstand natuurlijk ook uitlopen. Als extra hulpmiddel markeer ik afstand door ter hoogte van het topoog een stuitje van heel dun topelastiek op de hoofdlijn te knopen. Zo kun je bijna op de centimeter nauwkeurig zien hoe je montage ligt.
Dai spreidt graag zijn kansen door zijn hengels op verschillende dieptes en stekken te positioneren
HOEVEEL VOEREN?
Een van de meest gestelde vragen is: ‘hoeveel voer moet je brengen?’ Mijn favoriete voermix bestaat uit 2 mm pellets, hennep en maden. Per twee hengels start ik met ongeveer 500 ml voer. Het is een attractieve mix en omdat de losse voerdeeltjes erg klein zijn kan de zeelt de voerplek niet snel leegvreten. Ter vergelijking: een 4 mm pellet is ook nog klein, en veel mensen zullen zeggen dat deze maar twee keer zo groot is als een 2 mm pellet. Maar schijn bedriegt, want het volume is maar liefst 8x zo groot!
Op de typische Engelse grindplassen heb je nog eens als bijkomend voordeel dat het voer tussen de steentjes komt te liggen en de zeelt extra moet werken om zijn maaltje bij elkaar te scharrelen. Hierdoor blijven ze langer op de stek hangen: de kans dat ze jouw aas vinden wordt hiermee vergroot. Vervolgens werp ik elk uur opnieuw in om de stek op te bouwen. Door om het uur de stek van twee tot drie Spomb ladingen voer te voorzien ligt er altijd wel wat voer.
Spot on: deze zeelt pakte het aas terwijl ik de spomb nog aan het binnendraaien was
Maak je geen zorgen over de impact van de Spomb op het water; ik heb meermaals meegemaakt dat ik een aanbeet kreeg terwijl ik de Spomb nog aan het binnendraaien was! Gebruik deze voerhoeveelheden als basis, maar het is beslist geen regel. Door ervaring en door de frequentie van aanbeten krijg je vanzelf een gevoel hoeveel te voeren. Het doel moet zijn om genoeg aas op de stek te hebben om de vissen bezig te houden, maar overdrijf niet. Bijvoeren kan altijd, eruit halen niet.
NATUURLIJKE AASSOORTEN
Zeelt kun je aan een breed scala aan aassoorten vangen. De afgelopen drie jaar zijn voor mij maden, casters en wormen het best gebleken. Tenzij jouw water veel kleine vis bevat die de zeeltvisserij in de war schopt, zou ik adviseren om deze natuurlijke aassoorten te gebruiken. Dankzij het quick-change systeem kun je eenvoudig van onderlijn en aassoort veranderen.
Wormen vis ik het liefste aan een kebab rig met drie tot vier stukje worm op de hair, gestopt door een quick stop.
De voerkorf vul ik dan ook met geknipte wormen. Wil ik maden of casters als haakaas gebruiken dan neig ik toch meestal naar nepaasjes in plaats van de ‘real thing’. Ze zijn makkelijk in gebruik, bestand tegen aanvallen van kleine vis en worden snel door zeelt geaccepteerd. Omdat een hair van dun, gevlochten materiaal snel voor knopen zorgt, gebruik ik een nylon hair. Probeer wel het aas goed aan de achterkant van de haaksteel te positioneren om de inhakingskansen te vergroten.
Wanneer die soms felgekleurde nepaasjes niet zijn toegestaan, ik ken een paar wateren waar dat zo is, dan kun je de maden ook rechtstreeks op de haak prikken. Wel
altijd de haakpunt vrij laten!
ANTI-TANGLE SYSTEEM
Naast stekkeuze en voertactiek is ook een betrouwbaar rig erg belangrijk.In de meeste situaties zet ik bij hetzeeltvissen een helikopter rig in, oftewel een korte onderlijn die op/rond de
hoofdlijn kan draaien. Ik heb verschilllende variaties op de helikopter riggebruikt in combinatie met voerkorvenen in de loop van de jaren er honderden zeelten mee gevangen.
In mijn ogen is ‘anti-tangle’ het belangrijkste aspect van welk systeem dan ook. Oftewel het niet in de war raken tijdens de inworp.
Specimen hunting is vaak wachten op actie; je moet het vertrouwen hebben dat je rig er goed bij ligt wanneer je uren of zelfs een hele nacht op die ene aanbeet wacht. Hoe werkt de helikopter rig en waarom is deze zo effectief? Ten eerste minimaliseer je dus de kans op in de war raken. Daarnaast is het zelfhakende effect buitengewoon goed omdat de hoofdlijn onder spanning staat. Dit bereik je door redelijk zware hangers te gebruiken, ook zet bij wind de onderstroom de lijn vaak al op spanning. Wanneer een vis het haakaas in de bek heeft en de onderlijn strekt zich, dan is het erg lastig om de haak uit te spuwen. Er komt dan vanuit twee richtingen druk op de haak te staan, namelijk vanaf de voerkorf en de druk van de uitstaande hoofdlijn en zware waker. Dit resulteert vaak in harde aanbeten!
In het verleden bouwde ik mijn systeem op uit losse onderdelen die elke uit hun eigen verpakking kwamen. Sinds de komst van het Korum Ready Heli Kit val ik tegenwoordig meestal terug op deze kant-en-klare kit. Alles in één verpakking en de losse items zijn precies op elkaar afgestemd, met losse verpakkingen is dit soms even zoeken. Bijkomend voordeel is dat de kraalwartel van het quick-change type is De afstand tot de voerkorf kun je simpelweg instellen door de stoppers te verschuiven.
Houd altijd iets van ruimte tussen de twee stoppers, zodat de onderlijn om zijn as kan draaien tijdens de worp. Je kunt ook een zogenaamde feederlink gebruiken die ervoor zorgt dat de onderlijn tijdens de dril niet tot aan het loodgewicht of korf kan verschuiven. Hoe dichter bij het lood, des te groter de kans op verspelen wordt. Kies de breeksterkte van deze feederlinks lager dan de hoofdlijn. Als de korf onverwacht vast komt te zitten trek je slechts het laatste stukje van de lijn kapot en voorkom je dat de gehele montage in het water achterblijft.
NYLON ONDERLIJN
Ik gebruik graag nylon onderlijnen, deze raken op een helikopter rig vrijwel nooit in de war. Een gevlochten onderlijn heeft de neiging om sneller in de war te raken, zeker als de hair soepel is. Deze slaat dan om de hoofdlijn of heen; van een effectieve montage is dan natuurlijk geen sprake meer. Als uitganspunt positioneer ik de stoppers zo, als je het geheel verticaal houdt, dat het
haakaas zich ongeveer 5 cm vanaf de korf bevindt. Het haakaas ligt dan ongeveer tegen de ‘buitenrand’ aan van het voer en aas wat uit de korf komt. Een 56 grams (2 oz) medium formaat Korum Combi-feeder is zwaar genoeg voor een zelfhaakeffect en kun je met voldoende los aas vullen. Als ik verder dan 60 meter moet werpen vervang ik dit type korf voor een aerodynamischer model.
ai met een schitterende voorjaarszeelt die zich eind van de dag meldde.
PRODUCTIEVE UURTJES
De beste periode voor zeelt past zich gedurende het voorjaar aan. De grootste vissen vang ik vroeg in het voorjaar voornamelijk in het donker. In mei vang ik doorgaans overdag het beste. Onthoud ook dat elk water anders is. De meest productieve uurtjes blijken, na al die jaren specimen hunting, vaak toch tussen 09:00 uur in de ochtend tot aan het middaguur te liggen. Ook de late middaguren kunnen goed zijn. Als ik twee visdagen aan elkaar plak en aan het water bivakkeer, dan haal ik vaak de hengels ’s nachts in, zeker later in het voorjaar. Zo pak ik mijn nachtrust en vis zo scherp mogelijk op de momenten dat de zeelt het beste aast. Succes
BERND BRINK – Als je een klein beetje zoekt, dan zal je ongetwijfeld veel do’s en dont’s tegenkomen over karpervissen in het voorjaar. Echter… er bestaan geen tips die overal en altijd werken. Bernd Brink onthult zijn top-lentetips en wanneer, hoe en waar ze toe te passen.
Na de lange winterpauze lokken de eerste warme dagen veel karpervissers naar het water. De vangsten blijven vaak achter bij de verwachtingen, want de lente is één van de moeilijkste seizoenen. Theoretisch is karpervissen in de lente vrij gemakkelijk; het wordt warm en de karpers worden actiever. Ondiepe delen van het water warmen sneller op en dat is waar je de karpers vangt. Echter, de realiteit is vaak anders.
Deze prachtige schub van een diep water pakte het aas op slechts twee meter van de oever.
Deze prachtige schub van een diep water pakte het aas op slechts twee meter van de oever. Zo is het weer erg wisselvallig in de lente. De regel ‘ondiep vissen’ gaat niet op wanneer een hogedrukgebied met warm, zonnig weer wordt vervangen door een lage luchtdruk die acht graden en koude hagelbuien met zich meebrengt. Maar ‘ondiep vissen’ is niet de enige lentetip die niet altijd opgaat. Naast enkele eenvoudige regels, zal ik voor elke tip een precieze gebruiksaanwijzing geven, want er zijn altijd uitzonderingen op de regel. Dit alles met het doel om de start van het seizoen voor iedereen zo succesvol als mogelijk te maken.
TIP 1 – (Water) temperatuur is alles
Vaak wordt een maand genoemd wanneer het weer de moeite waard is om op karper te vissen. Maar het zit natuurlijk ingewikkelder in elkaar. De kansen om een voorjaarskarper worden groter naarmate de watertemperatuur boven de 10 graden Celsius komt. De eerste zachte dagen zijn vaak al in maart en ondiepe
wateren bereiken al snel temperaturen met dubbele cijfers.
Niet de kalender, maar de (water)temperatuur bepaalt de karperactiviteit.
Nu is het tijd om naar het water te gaan, want zo vroeg kan je de klok er op gelijk zetten dat er bijna zeker nog een koudegolf komt, met weer dalende watertemperaturen. Zo kunnen de vangsten in maart soms beter zijn dan in april of mei! Vooral in mei kan het naderende paaiseizoen een stagnatie in aasgedrag veroorzaken. Het is niet de kalender die de juiste tijd bepaalt, maar de (water)thermometer.
TIP 2 – Ondiep Beter?
Zoals alle warmbloedige dieren, houden karpers van warmte. Ondiepe wateren of de ondiepe zones van diepe visgronden warmen sneller op. Daarom blijven ze, wanneer de temperatuur stijgt, bij voorkeur in ondiepe zones. Helaas vertoont de temperatuur in de lente geen continu stijgende curve. Een milde 15 graden met zon kan de volgende dag worden gevolgd door 6 graden met hagelbuien; april doet wat ie wil! Het is een feit dat ondiep water snel opwarmt, maar ook weer snel kan afkoelen. Daarom kun je niet over de hele linie zeggen dat ondiep altijd beter is, zelfs niet in het voorjaar.
Een zonnige voorjaarsdag met aangename temperaturen in het verschiet, echter heeft de nachtvorst het ondiepe water sterk afgekoeld…
De weersomstandigheden bepalen waar de karpers blijven, het liefste vertoeven op dat moment. Als de temperatuur daalt, gaan onze targetvissen terug naar diepere delen van het water. Het wordt bijzonder kritisch wanneer de temperaturen voortdurend veranderen. Want karpers houden minstens evenveel van constante temperaturen als van warmte. Kortom, ondiepe wateren met een
diepte van minder dan twee meter, kunnen in het voorjaar erg onvoorspelbaar zijn. Immers heeft hier elke verandering in temperatuur een sterk effect op het hele waterlichaam.
Laat je ook niet misleiden door helder, mooi weer. Vaak als de dagen zonnig zijn, is er sprake van nachtvorst. Voor zeer ondiepe wateren betekent dit pieken en dalen in de watertemperatuur.
TIP 3 – Diep Water biedt ook kansen
Een typische grind- of zandwinningplas met overal steile oevers is niet het ideale voorjaarswater, maar toch kan hier karper worden gevangen. Zelfs het diepste meer is ondiep aan de oever. Vaak vis ik op dit type wateren niet verder dan vijf meter van de oever, en ja, dan is absolute stilte vereist als je onder je eigen kant een rig dropt.. Daarom leg ik mijn montage zo ver mogelijk van mijn kampement vandaan.
Een ideale stek is een rietkraag waar een milde wind op waait. Als je montage strak tegen het riet ligt, maakt het niet uit dat een meter daarna de bodem steil naar 15 meter zakt. Diepe meren hebben zelfs voordelen ten opzichte van zeer ondiepe wateren. Als de temperatuur daalt, vindt de karper nog steeds constante waarden op diepte. Zo hakt een koudegolf niet zo erg in op de bijtlust. Vaak zie je ook dat de rest van het jaar het bestand veel meer verspreid ligt. In het voorjaar concentreren de karpers zich op de ondiepe oeverzone. Vooral wanneer het bestand laag is, zijn de kansen om vis te vangen groter dan tijdens de rest van het jaar.
>|WIL JIJ OOK DE VOLGENDE 7 KARPER VOORJAARSTIPS LEZEN?
Dit artikel en nog veel meer interessante karper artikelen kun je zien en lezen in Karperwereld 143
Karperwereld 143 ligt NU in de winkel !
Wil je 6x Karperwereld thuis op de Mat? Neem dan NU een voordelig jaarabonnement.
Met de 88 en 101 mm grote Yubis twitchbaits van Doiyo is het prettig vissen. De suspenderende (zwevende) pluggen kun je makkelijk op de juiste diepte tikken en daar houden. Het zijn niet alleen baarsmagneten maar ook snoekbaarsvangers.
Lichtgewicht
De Yubis is een lichtgewicht twitchbait, zowel in de kleinere als de grotere uitvoering. Beide lengtes zijn uitstekend van grootte om als aasje voor de baars en snoekbaars te dienen. Dankzij de meerdere opvallende kleuren en het ontbreken van ratels kun je de plug heel stilletjes binnentikken en zodoende ook de argwanende grote vissen over de streep trekken.
Baarsmagneet…
Remparachute
De achterste van de twee dreggen heeft een versiering van veertje gekregen die de aantrekkingskracht verhogen en als remparachute werken en de balans optimaliseren. Hoe dat werkt? Probeer het maar eens uit. Met de eerste tikken breng je de Yubis op diepte, door de kleine schoep maximaal 1,5 tot 2 meter, en dankzij de interne gewichtsverdeling hangt de plug precies in balans. Die balans zou verstoord worden wanneer dat veertje aan de laatste dreg er niet zou zijn, omdat een binnengetwitchte (getikte) Yubis op snelheid niet direct zou stoppen maar doorschieten.
Een bijzonder leuke manier van vissen om eens uit te proberen. Meer info? Klik hier.
Het is begin november wanneer ik voor het eerst dit najaar naar de waterkant ga voor een snoeksessie met dood aas. Velen denken dat je voor echte grote snoeken naar het grote, open water moet, zoals het Haringvliet of het Volkerak, maar je zult versteld staan wat voor formaat snoeken er in recreatieplassen huizen. Niet alleen diepe zandafgravingen maar ook meer en meer ondiepe plassen of meren die gegraven zijn voor wateropvang.
De makreel gaat per voerboot een eindje verderop…
Tekst & foto’s: Bram Bokkers
Voorgaande jaren begon ik altijd al in oktober, maar omdat de temperaturen veranderd zijn vind ik tegenwoordig november een mooie startmaand voor het doodaasvissen op snoek. Ik vis op een afgesloten plas van 38 ha met een gemiddelde diepte van twee meter. Het water is rijk aan eilandjes en watergangen en ik kies voor een stek die centraal ligt. Het is een soort kruispunt, waarvan ik denk dat de grotere snoeken hier langs zullen komen wanneer zij op zoek zijn naar voedsel.
Een montage met twee dreggen en fluorocarbon.
Ik vis met 3 lb hengels met een lengte van 3 meter (10 ft). Deze zijn net wat stugger om een aasvis mee te werpen of om de haak te zetten dan een 12 ft 2,5 lb hengel die doorgaans gebruikt wordt. Op wateren als deze gebruik ik altijd een voerboot omdat ik vaak behoorlijk ver uit de kant vis. Mijn onderlijnmontage is heel eenvoudig en bestaat uitsluitend uit een takel, ik vis dus zonder lood! Wanneer je met lood vist denk ik dat snoek loslaat bij het voelen van de minste weerstand.
Tot zover een deel uit het artikel dat je kunt lezen in de Beet die nu in de winkels ligt. Met een aatrekkelijk geprijsd abonnement hoef je er niet voor naar de winkel en lees je alles voortaan als eerste: klik hier.
Wij gebruiken cookies om onze website en onze service te optimaliseren.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een website of over verschillende websites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.