Home Blog Pagina 37

Vissen met jerkbaits (deel 3)

Helder water; meer natuurlijke kleuren.

Groot water & rivieren

In dit afsluitende artikel ga ik het hebben over het vissen op groot water en op de (grote) rivieren. Voor de meeste vissers de grootste uitdaging om een mooie roofvis te vangen. Met groot water bedoel ik wateren zoals het Volkerak, Haringvliet, Hollandsch Diep, Gooimeer, etc. Grote meren die een belangrijke schakel vormen van ons enorme watersysteem, met vaak daaraan verbonden de grote rivieren zoals de Rijn, IJssel, Waal en Maas. Vissen is hier een sport op zich en kent weer andere details dan op de kleinere wateren. En ook op deze grote wateren kun je grote successen boeken met jerkbaits. En met groot bedoel ik ook groot, want op deze wateren huizen de grootste roofvissen van Nederland!

Tekst: John Smit, foto’s: John Smit, Leon Prins, Volkmar Strikkers en Hendrik-Jan Verheij

LEES OOK: |> DEEL 1 | DEEL 2

Zelf vis ik het meest op de grote meren, ik vind dat extreem spannend en uitdagend. Ook op de rivieren vis ik regelmatig en dan met name de IJssel. Maar omdat het riviervissen toch weer zijn eigen bijzonderheden heeft, ben ik blij dat ik Volkmar Strikkers hierover kon interviewen; een van mijn vismaten en iemand die ik beschouw als een van dé rivierexperts in Nederland. Een vraag die ik vaak krijg is of je zowel vanaf de kant als met de boot goed kans maakt op roofvis. Volgens mij kan beide goed. Wel moet ik zeggen dat vissen vanaf de kant makkelijker is op een rivier dan aan de oever van een groot meer. De hotspots van een rivier liggen gewoon vaak dichter bij elkaar. Maar als je denkt aan havens, bruggen, sluisgebieden en andere inhammen, dan kun je ook aan een groot meer vanaf de kant successen boeken. Zelf vis ik het meest vanuit de boot, daar zoom ik wat op in, maar de tips over jerkbaits zijn één op één te vertalen naar het vissen vanaf de kant!

Groot water, hoe en waar te beginnen?

Maar voordat ik inga op het jerkbaitvissen zelf, ga ik eerst in op de voorbereiding en factoren die in grote mate de jerkbaitkeuze bepalen en je kans op succes enorm vergroten. Waterkennis combineren met jerkbaitkennis, daar gaat het om!

VOORBEREIDING

Tsja, daar sta je dan op de trailerhelling, kijkend naar een eindeloze vlakte water. Waar ga je in vredesnaam beginnen, hoe pak je de visdag aan op zo’n groot water en vooral: hoe kies je nu de juiste jerkbaits? Voorbereiding is allesbepalend en de belangrijkste variabelen wat mij betreft zijn: 1. Tijd van het jaar, 2. Watertemperatuur, 3. Bodemstructuur, 4. Waterplanten, 5. Aasvisconcentraties en type aasvis, 6. Waterdoorzicht, 7. Windrichting, 8. Tijd van de dag en 9. Vangstinfo van andere vissers (wel weten wie je het vraagt!). Met een goed besef van deze punten kom je al heel ver en dit helpt je om betere keuzes te maken over de jerkbaits waarmee je gaat vissen! Ik zal ze een voor een wat verder bespreken, beginnend met de tijd van het jaar want daarin komt al veel samen.

Helder water; meer natuurlijke kleuren.

TIJD VAN HET JAAR

Vis beweegt veel op grote wateren en de jaargetijden spelen hier een grote rol. In het najaar begint vis samen te scholen. Prooivis groepeert, zoekt de rustige plekken op en de roofvis volgt. Zo simpel is het, je moet ze alleen zien te vinden. Daar gebruik ik mijn Raymarine-apparatuur voor. Maar ook door goed te kijken zie je veel. ’s Ochtends en ’s avonds komt aasvis namelijk vaak aan de oppervlakte, zie je roofblei jagen, etc.; dat zijn de plekken! Daarnaast hebben we nu lange nachten en dit resulteert vaak bij het ochtend- en avondgloren direct in een fanatiek bijtuurtje! Hier kun je je jerkbaits op afstemmen.

WATERTEMPERATUUR

Warm water: snelle en actieve vis. Koud water: langzamere en minder actieve vis. Dat is wat iedereen zegt, want vis is koudbloedig en zijn energie en actie beweegt met de temperatuur mee. Maar wat is warm en wat is koud? In deze tijd van het jaar, zeg maar vanaf november, kan het water al flink afgekoeld zijn naar 12 tot 15 graden. In december en januari is het water vaak al dik onder 10 graden. Vis zal dan flink minder actief zijn. Maar eten ze dan ook minder? Het antwoord daarop lijkt nee te zijn. Vis eet door, ook om zich voor te bereiden voor de paai (snoek al in januari soms) en om reserves op te bouwen voor de winter. Je kunt ze dus nog prima vangen, maar je zal wel met de aaspresentatie en type jerkbait rekening moeten houden.

Ook vlak voor de paai zijn ze nog prima te vangen.

BODEMSTRUCTUUR

Op groot water zoek ik naar plekken met een verandering in bodemstructuur. Van diep naar ondiep lopende taluds, onderwaterbergjes/plateaus, inhammen in taluds, haveningangen met een vaargeul, strekdammen of kribben; noem maar op. Alles met een afwijking ten opzichte van het grotere geheel er direct omheen kan goed zijn, zeker als je daar ook prooivis vindt. Hier gebruik ik intensief de kaarten van Navionics voor. Zowel in de boot als met de Navionics Boating-app online op mijn telefoon. De laatste gebruik ik vaak in de voorbereiding om stekken te vinden. En zeker met de nieuwe features van SonarChart™ Shading en Relief Shading is het zoeken van hotspots een stuk makkelijker geworden. Kijk maar naar het plaatje dat ik gemaakt heb; hoe donkerder des te dieper en door in te zoomen haal je in dit voorbeeld van het Hollandsch Diep snel de hotspot rond een strekdam ‘boven water’! Ter plekke op het water zet ik dan ook mijn SonarCharts Live aan en optimaliseer ik mijn dieptekaart verder.

Voorbereiding met de Navionics Boating-app

WATERPLANTEN

Met het helderder worden van het water in Nederland is ook het aantal waterplanten enorm toegenomen. Soms heel vervelend, maar tegelijk ook een echte ‘hiding place’ voor roofvis. En als je er je voordeel mee weet te doen, een kans om grote vis te vangen! In deze tijd van het jaar is een groot deel van de planten alweer afgestorven. Maar niet alles! Als je goed kijkt waar nog resten staan, kan je de plekken vinden waar de vis nog schuilplaats zoekt en daar met je jerkbaitkeuze rekening mee houden.

PROOIVIS

Het type prooivis en de grootte daarvan vind ik een van de belangrijkere criteria voor mijn jerkbaitkeuze. Als je het menu van de roofvis kunt imiteren, dan is je kans simpelweg groter om een vis te haken. Aast de roofvis op voorn, baars, brasem, grondel, kleine roofblei of juist spiering? Als je het weet, heb je een code gebroken en kun je je jerkbait daarop kiezen! Wat daarnaast belangrijk is, is de richting waarin de school met aasvis zwemt. Dan kun je die volgen. Ik gebruik daar mijn Raymarine-apparatuur intensief voor. Sidescan om ze te vinden en te volgen en tracks om mijn positie ten opzichte van de school te volgen. Zie de foto: hierop zie je duidelijk welke rondjes ik allemaal gevaren heb om de school te volgen!

De scholen met prooivis volgen.

WATERDOORZICHT

Op helder water heeft de vis de neiging dieper te zitten. Of zich meer te verstoppen tussen planten bijvoorbeeld. Zelf hou ik aan dat als ik mijn jerkbait nog kan zien op een diepte van meer dan één meter, dit water als helder te betitelen en daarmee rekening te houden, zowel qua kleurstelling als qua keuze van de onderlijn (fluorocarbon bij helder water).

WINDRICHTING

Op de plek waar de wind aan land komt op groot water (aanlandige zijde) is het water erg in beroering. En ontstaat er vaak ook wat stroming. Dit brengt de voedselketen in beweging en kan dus een goede keuze zijn om voor te kiezen. Hou ook rekening met het weer van de dagen ervoor.

Op een groot water zit de (grote) vis vaak maar in een heel klein gedeelte van het water!

TIJD VAN DE DAG

Zoals eerder beschreven is in deze tijd van het jaar de vis vaak ’s ochtends gelijk actief en als het een heldere dag is, verschuift dit later op de dag wat meer naar de diepte om ’s avonds weer naar de ondiepere plekken te komen. Hier kun je natuurlijk in je jerkbaitkeuze rekening mee houden. Zelf aarzel ik er niet voor om overdag met dieplopende jerkbaits tot 8-9 meter diep door scholen prooivis heen te vissen. Zo heb ik een paar van mijn grootste vissen gevangen! Leon Prins heeft op mijn verzoek een PrinsBaits Seductor snelzinkend gemaakt; met een mooie glijdende actie op die grote diepte, zeer succesvol op snoek én snoekbaars! Baars is op mijn water een belangrijke prooivis voor snoek; de Backslapper XL in een heldere en meer natuurlijke baarsprint zijn dan ’s ochtends en ’s avonds mijn favorieten met als backup eentje met voornprint.

PrinsBaits Backslapper XL slow sinking die de aasvissen imiteren.

VANGSTINFO

Altijd handig om een paar vrienden te hebben met wie je vertrouwelijke informatie deelt. Het scheelt je gewoon veel tijd en het is ook heel leuk om ervaringen, kennis en nieuwe inzichten te delen. Tegelijk loop je wel het risico dat je elkaar gaat nadoen en niet meer zo snel aan nieuwe dingen begint. Ik heb daarom als regel voor mijzelf; iedere visdag op minimaal één nieuwe stek een uurtje vissen. Zo hou ik mezelf scherp en ontdek ik ook weer nieuwe mogelijkheden!

WELKE JERKBAIT(S)?

Ik vind de eerder besproken informatie erg belangrijk, omdat op een groot water de vis vaak maar in een heel klein gedeelte van het water zit! En met deze informatie kun je heel scherp bepalen welke jerkbait je kiest, qua kleur, actie, grootte, etc. Als ik de selectiecriteria voor een jerkbait in volgorde zou zetten, zou ik als volgt een jerkbait uit de box halen: 1. Kies een print die de aassoort van roofvis imiteert, 2. Bepaal de helderheid van het water (helder = meer natuurprint & fluorocarbon onderlijn, troebel = felle kleuren), 3. Bepaal of je diep (meer dan 3 meter) of ondiep gaat vissen, 4. Stel de zinksnelheid van je jerkbait vast zodat je het afzinken en dus de diepte waarop je vist kunt tellen, 5. Bepaal de snelheid en actie (koud jaargetijde rustig, meer gliden of rustige hybride). Ik heb dat in een tabel samengevat zodat het wat duidelijker wordt.

Variabele | Effect | Jerkbaitkeuze

  • Tijd van het jaar | Licht heeft impact op diepte, aastijden en waterplanten. | Keuze zinkend of suspending om waterdiepte te matchen.
  • Watertemperatuur | Actie van de vis verschilt. | Zomer: meer hybride / winter: vaker gliders.
  • Plekken met bodemstructuur | Uitzoeken wat werkt, diep naar ondiep vissen of andersom. Structuur van de bodem volgen in afzinken of stijgen. | Goed de zinksnelheid van je jerkbait kennen.
  • Waterplanten | Om de plantenbedden heen vissen. Of eroverheen. | Actie en zinksnelheid jerkbait goed kennen en presentatie daarop afstemmen.
  • Prooivis  | Weten wat het type prooivis is. Op welke diepte en in welke richting de school aasvis zwemt. | Print afstemmen op type prooivis. Diepte afstemmen op diepte waarop de school aasvis zwemt.
  • Waterdoorzicht | Zichtbaarheid jerkbait varieert.| Meer natuurkleur in helder water en meer contrast in troebel water is het startpunt. Variëren bij uitblijven aanbeten.
  • Windrichting | Stroming en activiteit op de aanlandige oever. | Afstemmen op bovenstaande punten.
  • Tijd van de dag | Ochtend en avond vaak beter en ondieper. Overdag dieper vissen. | Overdag dieplopend. Ochtend meer suspending of slow sink.
  • Vangstinfo van andere vissers | Sneller kennis maar soms ook teveel imitatie. | Afstemmen op opgedane info.

Ik ben erg overtuigd dat hoe beter je je verdiept in de specifieke omstandigheden waarin je groot water vist, des te meer nemen je vangstkansen toe. Ikzelf heb dit de laatste paar jaar ook gemerkt. Sinds ik Leon heb leren kennen, ben ik ook weer veel meer uitgedaagd en verscherpt; een aantal van de vissen die ik heb gevangen en die in dit artikel staan, kwamen van plekken af waar ik nog niet was geweest en op een manier waarop ik nog niet eerder gevist had. Nooit te oud om te leren! De vraag is nu, geldt dit allemaal ook voor de grote rivieren?

Megasterke snoekbaarzen op de rivier!

GROTE RIVIEREN

Mijn lievelingsrivier is toch wel de Gelderse IJssel en wat een geweldige momenten heb ik daar mogen beleven; niet alleen op roofvis, maar eigenlijk op elke vissoort die daar zwemt! Ook op een rivier zal je een aantal keuzes moeten maken die je gaan helpen om je vangsten te vergroten. Ik heb daarvoor Volkmar Strikkers mogen interviewen. Hij geeft een aantal heldere aanbevelingen en zelf voeg ik daar nog een aantal suggesties aan toe. Daarnaast moet ik wel zeggen dat juist op de rivier ook andere kunstaassoorten het heel goed kunnen doen. Dus naast jerkbaits zou ik hier ook altijd ander kunstaas proberen zoals shads, spinnerbaits, swimbaits en streamers. Hoe breder je ervaring, des te meer je gaat vangen, zeker op de rivier! En de vissen die daar zwemmen kunnen echt groot zijn. En altijd loeisterk door hun leven in altijd stromend water, spektakel gegarandeerd!

INTERVIEW MET VOLKMAR

Welke plekken zijn over het algemeen beter dan anderen als het gaat om de kans op snoek of snoekbaars?

Hoewel de rovers ook in het snelstromende water staan, zoek je voor jerkbaits het beste plekken waar de stroming onderbroken wordt. Neem bijvoorbeeld kribvakken met langere kribben, ingangen naar plassen en havens, hier komen jerkbaits het beste tot hun recht.

Hoe pak je dit aan vanuit de boot? En vanaf de kant?

Vanuit de boot is het belangrijk dat je de boot laat driften met de snelheid van de stroming van de rivier. De boot stilleggen of afremmen zorgt voor een bocht in de lijn, welke de jerkbait naar het oppervlak zal trekken. Bovendien zal de actie grotendeels verloren gaan. Ik drift graag kort langs de kant en maak liever veel korte, dan enkele lange worpen. Dit geeft de beste controle over de jerkbait. Vanaf de kant is het misschien wel iets gemakkelijker. Belangrijk is om niet direct over de veelal aanwezige stenen naar de waterkant te lopen, hiermee verstoor je een eventuele rover in het ondiepe. Maak altijd eerst vanuit de hoek van een kribvak een worp langs de krib, voordat je de krib oploopt.

Liever een paar korte worpen dan een lange waarbij ik niet de volledige controle heb over mijn jerkbait.

Wat zijn volgens jou de beste perioden om kans te maken op de rivier met jerkbaits?

Juni en maart zijn verreweg de beste periodes om met jerkbaits te vissen. In juni boven en rondom de planten, in maart wanneer de snoeken richting de paaigronden trekken. Een jerkbait wint dan van vrijwel alle andere aastypen, zeker bij de grote dames!

In hoeverre spelen weersomstandigheden een rol in de keuze van je jerkbait?

Wind kan een spelbreker zijn. Bij harde wind én stroming is het moeilijk om je boot goed te controleren. Eigenlijk blijven dan alleen flankende jerkbaits over zoals de zinkende Fatso. Jerkbaits met een link-rechts actie in welke vorm dan ook, vragen rustige weersomstandigheden om ze goed te kunnen vissen.

Zijn er specifieke jaargetijden waarin bepaalde technieken, kleuren of typen jerkbaits bovengemiddeld goed scoren?

Kleuren geloof ik niet zo in. Misschien is zwart, hoewel feitelijk geen kleur, wel de beste onder alle omstandigheden. Voor de visser is het echter prettig om een jerkbait goed te kunnen zien in het water, zodoende zijn felle kleuren prettig. Qua actie merk ik dat in juni gliders, al dan niet met een wiebel, erg goed werken, daar waar in maart hybrides er met kop en schouder bovenuit steken. Liefst zinkende varianten, met een onvoorspelbare actie. Klein rammeltje kan soms ook de geniepige oude dames over de streep trekken in die periode.

De setup van Volkmar.

Welke do’s en don’ts zou je de lezer mee willen geven?

Voor de kantvisser heb ik de belangrijkste don’t al gegeven. Kijk uit dat je de vissen die kort in de kant staan niet verjaagt voordat je begint te vissen. De belangrijkste do’s met name voor de bootvisser, maar zeker ook voor de kantvisser: vis goede stekken meermaals af met verschillende aasjes. Ook als je al vis hebt gepakt in een bepaald kribvak, want reken maar dat er dan meer rondhangen!

Welke vangst met een jerkbait is je het meest bijgebleven?

Tsja, dan gaan we terug naar eind februari 2012. Op jacht naar de aller zwaarste snoeken vis ik met een eigenbouw jerkbait een paaistek aan de rivier uit. De hele dag nog geen vis gezien, maar aan het eind van de middag, wanneer ik een stek voor de derde keer aandoe, gaat plots het knopje om en komen er vijf, ja vijf megasnoeken tegelijk achter mijn jerkbait aanzwemmen, helemaal tot de boot. Ik val zowat achterover van hetgeen ik zie, maar moet met lede ogen toezien hoe de lokale bingoclub rechtsomkeert maakt en terug zwemt naar het talud. Ik vaar snel terug voor een nieuwe drift, maak een lange worp over de stek en na één haaltje zie ik de waterkolom oplichten. Een absurde snoek heeft mijn jerkbait te grazen genomen. Een bizar gevecht volgt en leidt tot mijn zwaarste snoek ooit: 21 kilo! De visserij in deze periode is er één van lange adem, met vaak slechts een enkele kans per dag. Maar zo’n vis maakt je hele jaar in één klap goed!

Zo’n vis maakt je hele jaar in één klap goed!

Als het gaat om het vissen met jerkbaits zou je dus kunnen stellen dat vissen in de hoofdstroming van de rivier niet direct tot succes leidt. En dat je moet gaan zoeken naar die plekken waar de roofvis positie kiest om aan te kunnen vallen en waar je je jerkbait goed kun presenteren. Volkmar heeft hier een aantal goede tips gegeven. Zelf kies ik graag voor hybride jerkbaits of gliders, slow sinking en met een onderscheidende kleur, omdat rivierwater meestal troebel is door de stroming. Is de stroming eraf (zomer) dan kies ik ook natuurkleuren. Ook gebruiken Volkmar en ik hier onze Raymarine apparatuur om snel kribvakken te kunnen scannen op de aanwezigheid van vis en eventueel grote rovers!

Raymarine sidescan inzetten om kribvakken te scannen.

KENNIS DELEN

Ik hoop dat jullie met de informatie die ik heb gegeven ook zo gefascineerd zijn geraakt door jerkbaits en het vissen daarmee. Of als je dit al deed, je wellicht een paar ideeën hebt opgepikt waar je wat mee kunt. Dank ook aan Leon Prins en Volkmar Strikkers voor hun input en alle anderen waar ik van heb mogen leren en kennis mee heb mogen delen!

Kennis delen…

LEES OOK: |> DEEL 1 | DEEL 2

 

Interview met Jeremy Staverman

OVER ROOFVISSEN & WEDSTRIJDEN  Binnen het roofvissen – en dan met name het wedstrijdvissen – is Jeremy Staverman geen onbekende. Hij heeft een palmares om u tegen te zeggen, met meerdere overwinningen van grote, meerdaagse toernooien. Wat drijft deze visser? En wat zijn de lessen na zoveel jaren wedstrijdvissen? Wat is jouw favoriete type visserij en favoriete water(type), en waarom? Dat is snoekvissen op groot water. De aanbeten kunnen zo hard zijn en de dril bij grote vissen is fenomenaal....


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Vlaamse kanaalvisserij

MET KRIS HUYBRECHTS Ongeveer acht jaar geleden was de vaste hengelvisserij hetgeen waarvoor Kris Huybrechts naar het water trok. Echter, na een onderonsje met gepensioneerd Beet-redacteur Richard van den Broeck bloeide de passie voor het feedervissen op. Zijn fanatisme en talent hebben sindsdien al geresulteerd in drie WK-deelnames. Het afgelopen WK-feeder werd tot voorlopig de kroon op het teamwerk gezet; België mocht volledig terecht op het hoogste schavot plaatsnemen. Een gouden plak dus, al ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Driften op de Noord

Met Jurgen Spierings Toen Jurgen Spierings de rivier ‘De Noord’ als decor van deze reportage voorstelde, werden we een beetje zenuwachtig. De riviervisserij kan namelijk grillig zijn en vangen is niet altijd vanzelfsprekend… Maar wat een succes werd het; een ware masterclass driften met de vaste hengel! Tekst & foto’s: Mark Pijnappels De Noord is een getijderivier gelegen tussen Dordrecht en Kinderdijk. Dit gebied is een wirwar van grote rivieren. Kijk je op de kaart, dan zul je zien dat dez...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Feedervissen: Voorvoeren loont

Najaarsessie op groot en diep water Nu de dagen korter worden en de temperaturen langzaam wat omlaaggaan, zullen niet veel mensen denken dat er nog grote vangsten te boeken zijn. Niets blijkt minder waar, want juist in deze periode kun je met een klein beetje voorbereiding en planning een dag beleven om nooit te vergeten. Het plan is om op een groot water met wat diepte middels een voorvoercampagne de vis gedurende de donkere uren te groeperen om ze vervolgens de volgende dag hopelijk te kunnen ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Dropshotten op bot bij nacht & ontij

Er staat harde wind en de hele nacht wordt ook al regen verwacht. Niet lekker misschien, maar tegen dat kunnen we ons kleden. Er is wel één pluspunt: het blijft 10 graden boven 0 en dat is ongeveer 8 graden meer dan de vorige avonden. We zetten dus koers vanuit het midden des lands naar IJmuiden om met een lichte dropshot-uitrusting te proberen wat botten en andere zeevisjes te tackelen…

Tekst & foto’s Berend Masselink

Vismaat Nico en ik kunnen na de Leidsche Rijn tunnel op de A2 het gaspedaal wat dieper indrukken. Het is immers 19 uur geweest en zolang we de kilometerteller bij 130 km in de gaten houden, blijven we hopelijk eens een weekje gevrijwaard van de paarse CJIB-brievenbende uit Leeuwarden. De demissionaire heren Rutte en De Jonge hebben ons een week daarvoor gemeld dat de gewone winkels om 17 uur moeten sluiten en de essentiële winkels later. En dat blijkt. Hengelsportwinkels die tevens huisdierenvoer verkopen, behoren blijkbaar tot de laatste categorie, maar het kan helaas niet voorkomen dat we de sluitingstijd missen en dus niet over zagers kunnen beschikken, want de twee winkels die we belden in IJmuiden zouden om 18 uur echt de deur in het slot gooien.

Wat doet u hier in de regen??

Dauwpieren

Wat we wel hebben is een doos met heerlijke dauwpieren die ik rond 17 uur nog kon buitmaken in Ede, niet ver van de A12, bij de imposante hengelsport- en dierenwinkel van Zoo & Zo. Dauwpieren aan de dropshot, die moeten het dan maar gaan doen. Daarnaast hebben we de kleine kunstaasjes bij ons, en precies hetzelfde materiaal als waar we mee op baars en snoekbaars vissen In Lek en Amsterdam-Rijnkanaal. Een (dropshot) hengeltje met 4-14 gram werpvermogen en een licht spinhengeltje en jigkopjes met kleine shadjes van Spro, Westin, de Spikeys en wat onbestemde creaturebaits.

Noordzeekanaal

Rond de sluizen van IJmuiden wordt nog altijd druk gewerkt aan de afronding van de nieuwe grootste zeesluizen ter wereld. Je moet er momenteel de weg een beetje weten om een vissige waterkant te bereiken, maar we gokken erop dat er wel ergens een visje te vangen moet zijn op diverse stekken aan de zeezijde en de Noordzeekanaalzijde. Eerst maar eens een kade proberen aan de NZK kant. Hier vingen we al eens tong in de zomer, dus wie weet. De lange dauwpieren knijp ik doormidden en rijg ze tweemaal door de Worm nummer 2 dropshothaak. De bodem voelt op een of andere manier niet echt aantrekkelijk. Pas enkele meters uit de kant wordt het wat rommeliger met hier en daar een steen. Tussendoor was daar echter een ander soort tik. Vis? Even wat langzamer slepen en stil laten liggen. Ja hoor, er trekt iets aan de worm en even later heb ik mijn eerste visje binnen: een zwartbekgrondel! Nou ja: zijn we hiervoor naar IJmuiden gereden? Die hebben we thuis ook in de sloot achter ons huis…

Op deze stek moeten we niet lang blijven pielen, dat is wel duidelijk. Vijftig meter verderop ligt een boot afgemeerd tussen het lamplicht. We besluiten hier nog 10 minuten te gooien in de hoop dat er nog wat beestjes op het licht zijn afgekomen met wat rovers in hun kielzog. Het water is superhelder en dankzij de straatlantaarns kunnen we wel 2 meter diep kijken. Misschien té helder?

Deze kade is net even te hoog voor ons 320 cm lange schepnet… 

We starten de auto en parkeren naast de DSDF ferry. Er ligt een flink zeeschip afgemeerd. We staan nu aan de zeekant van de sluizen en volgens onze theorie zouden we meer diversiteit aan soorten kunnen aantreffen. Ik dropshot voort met een halve dauwpier, die nu ongeveer een halve meter boven het dropshotloodje hangt om wat meer kans te maken op een zeebaarsje of wijting. Nico heeft het lichte spinhengeltje in de aanslag met een zelfgemaakt loodvrij (AUHV) jigkopje en zijn kleine shadje met staartschoep. We staan op de kade op zo’n 10 meter boven het water, dat hier ongeveer 5 meter diep is. Nog geen vijf minuten duurt het of hij krijgt een mooie tik. De vis stribbelt flink tegen en er hangt ook duidelijk wat meer gewicht aan dan bij een zwartbekgrondel. Het omhoog tillen met het lichte hengeltje is ook een dingetje: met horten en stoten komt er een zeebaars in het oranje lamplicht die op het oog de 30 cm overschrijdt…fraai visje hoor!

Sommige zeebaarsjes weerden zich als grote jongens…

Niet lang daarna is het mijn beurt. Ergens in de diepte heeft iets mijn zoetwaterwurm ontdekt en trekt de soepele hengel in een bocht. Ook zeebaars! Een mini exemplaar van 20 cm zit mooi in het lipje gehaakt en laat zich bewonderen met zijn felle oogjes, prachtige vinnen en naaldscherpe stekeltjes. Er zit hier duidelijk wat meer vis; zowel aan shadjes (jigkop) en de dauwpier (dropshot) komen baarsjes op de kade kijken. Eén vis wijkt wat af van het stramien. Als ik mijn hoofdlamp erop richt, zie ik dat het een wijting is. Ook prima!

Wijting (links) is ook welkom.

Nico is waterdicht ingepakt, maar ik heb te lang gewacht met een regenjas over mijn fleece aan te doen. De auto staat gelukkig op 10 meter afstand en ik verruil mijn fleecejack voor een droog exemplaar. Gelukkig is de regen heel even gestopt. Het plan van de avond was eigenlijk om wat botten te vangen aan de dropshot  en daarvoor is nu de tijd gekomen. Er zijn aardig wat kades en wegen afgesloten op dit tijdstip vanwege werkzaamheden en we moeten het centrum van IJmuiden doorkruisen om weer bij het pontje van Velsen uit te komen. Bij deze flinke bries uit het zuidwesten staan we wat beter aan de luwe kant van het pontje dan aan de windkant. We zijn tot nu toe geen enkele andere visser tegengekomen en ook hier op het ponton en de graskades ernaast hebben we het rijk alleen.

Een flinke worp naar het midden met het 10-grams dropshotloodje resulteert in een langdurige glijvlucht tot aan de zachte bodem. Ik weet dat het hier zo’n 14 meter diep is. Bij het binnendraaien en afwisselend binnentikken komen er weinig signalen door. De bodem is zacht. Pas dichter bij de kant wordt de structuur wat harder. Ik gooi dus niet verder dan 15 meter en laat de dropshotmontage en de halve worm ook wat langer liggen dan gebruikelijk tussen het slepen en bewegen door. De hengel staat schuin omlaag en de lijn diagonaal. De top maakt vreemde ritmische bewegingen. Bij het strandvissen is dit vaak veroorzaakt door de golfslag, maar hier ontbreekt golfslag. Krab? Ik laat het aas nog heel even liggen en draai dan strak. Er hangt duidelijk iets aan en een paar meter onder de oppervlakte zeilt er een vis van links naar rechts tot hij in het licht van de hoofdlamp verschijnt: jawel, de eerste bot!

Heerlijke dauwpieren… 

In mijn sas met de vierde vissoort van de avond onthaak ik de vis. De Worm 39 haak nr 2 komt er eenvoudig uit met behulp van de onthaaktang. Toch lijkt het beter om de volgende keer een langsteliger dropshothaak te monteren omdat de botten nogal gretig hun bordjes leegeten. Nu het erop lijkt dat we niet ver hoeven in te werpen, gooien we ook wat verder opzij, ongeveer 8 meter evenwijdig aan de oever. Het loodje ligt nog geen 5 seconden of de top staat te dansen. Ik haal op en het tweede botje is een feit. Nu gaat het lekker. Het is duidelijk dat we vanavond geen keiharde aanbeten hoeven te verwachten, en ook de felle bewegingen van het aas kunnen we achterwege laten. Of het aan de 10 graden Celsius ligt; aan het donker, de wind of aan de tijd van het jaar is niet duidelijk, maar we moeten het aas langzaam slepen en 10 tot 15 seconden stil laten liggen. Dan voelen we iets op de top, maar zelden is het een felle tik, die wellicht beter past bij een zomerse bot, als de platte rovers wat actiever en hongeriger zijn, en ook wat vaker kunstaasjes pakken in plaats van nu vooral de wormen.

Een zeer vermakelijk spelletje…

Het lijkt er wel op dat de ze nu los zijn, want binnen een uur hebben we 7 botten, klein en groot door elkaar. De grotere geven flinke sport en het spelletje is zeer vermakelijk. En dit is nog maar één stek. We merken dat we door deze vorm van vissen de regen zijn vergeten, maar het weer is vanavond aan de natte kant en ook de klok staat al op ‘laat’. Volgende keer maar eens wat andere stekken afvissen om een beter beeld te krijgen van deze winterse platvisserij. Tot dan!

‘Bot vangen’ krijgt ineens een positieve betekenis! 

 

 

 

 

 

De grote ‘rode baarzen’ van het IJsselmeer

Het IJsselmeer stond vroege bekend om zijn enorme bestand aan ‘rode baarzen’. Een naam die refereert aan de vaak prachtig rood gekleurde vinnen. Dagen van 40 tot 100 stuk waren niet ongebruikelijk, totdat de visstand instortte door overbevissing en vervuiling. Maar inmiddels is dat ten goede veranderd en zwemmen er meer en steeds grotere wordende baarzen. We gingen een dag op stap met Yaïr Nauta, prostaffer van Predox en een echte baarsspecialist.

 Geen straf om met zo’n boot op pad te gaan…

Tekst: Arnout Terlouw, foto’s: Arnout Terlouw & Yaïr Nauta

Voor vandaag ziet het er goed uit met een windje NW 2 Bft. Dat zal geen nat pak worden… of toch? Terwijl ik met mijn camera in de hand over een plank loop naar de steiger, breekt die pardoes door midden. Gelukkig beland ik rechtstandig in kniediep water en blijft de camera droog. Yaïr kan na de eerste schrik zijn lachen nauwelijks inhouden. “Een paar dagen geleden liep er nog een Duitser overheen van 100 kg+, zonder problemen…” hoor ik hem zeggen.

De Willy Wonkers hangen klaar voor het echte werk… 

MOOI BEGIN

We varen eerst naar een stek toe bij de ingang van een haven, waar Yaïr een paar dagen terug nog een aantal dikke baarzen wist te strikken. Turend op zijn schermen wordt de bodem voor en naast de boot secuur gescand op vis. Het lijkt erop dat de vis verder naar binnen is gezwommen en daar zien we al snel meer aasvis en vangen een serie mooi baarzen. De eerste paar op kleine Willy Wonkers shadjes, maar een Keitech kreeftimitatie gevist met een C-rig doet het duidelijk beter. Mooie baarzen tot begin 40 cm, maar Yaïr is op zoek naar meer, naar groter… en dus verkassen we al snel weer naar buiten, naar een onderwaterrichel op het wijd tegen een ondiepte aan. Mooi moment om Yaïr tussendoor wat vragen voor te leggen.

Direct mooie baarzen…

Hoe belangrijk is die apparatuur, met name als het gaat om vinden van vis… Vis je nog wel eens op een stek waar je niets ziet?

Zonder zou ik niet meer gaan vissen! Nee, gekkigheid natuurlijk. Ook zonder apparatuur zou ik nog heus nog mijn vissen kunnen vangen, maar absoluut fors minder! Ik kan mijn vis tijd die toch al vrij schaars is ongekend efficiënt indelen. In een aantal minuten heb ik een stek compleet uitgescand en weet ik of het de moeite waard is om te blijven of om te vertrekken. Vissen op stekken die volgens mijn apparatuur visloos zijn is voor mij totaal zinloos geworden.

OPPORTUNISCHE ROVERS

Bij de kop van een strekdammetje krijg ik bij de tweede worp al een aanbeet, maar verder eerst niets tegen de stenen aan. Dat verandert op een wat dieper stuk meer in het midden. Op de shad lastig, maar met de C-rig met een kreeftje vangen we een paar mooie vissen, waaronder een vis van 46 en 48 cm voor Yaïr. Dikke, hoge vissen, zeker voor de tijd van het jaar. Ze komen hier niets tekort; spiering, bliek, alvers, grondels en ook zelfs platvisjes, zo vertelt Yaïr. Opportunistische rovers die baarzen. Als het moet leven ze van hun eigen broed…

Tot zover een deel van het artikel over IJsselmeerbaarzen dat je kunt lezen in de Beet Magazine (met special Boten & Motoren!) die nu in de winkels ligt. Met een abonnement kun je gewoon thuis blijven tot hij in de bus ligt. Klik hier voor een abonnement. 

 

Brabo’s in the bush

Wildebrassen op de rivier Iedereen kent ze wel. De wateren waar je tig keer over- of langsheen gereden bent. Bepaalde wateren ‘trekken’ je. Ook al weet je niks van het bestand of andere zaken. Menigmaal denk je bij jezelf: ‘Hier moet ik ooit de lijnen nog eens nat maken.’ Soms is het zover, eindelijk komt het er eens van. De lijnen worden natgemaakt in het bewuste water, in dit geval een Franse rivier. Tekst & foto’s: Sjoerd Buijks De planning was om in de zomer minimaal acht nachten op deze...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Imitatieaas: spaghetti, nepmaden en Rubiver

Gisteren berichtten we over de kracht van de Rubiver Dur; het lijmachtige rode goedje dat je in de bekende tubes kunt kopen en zo makkelijk in de viskoffer of zelfs de binnenzak past wanneer je even op voorntjes gaat vissen, of even geen ander aas voorhanden hebt. Ook Jan van Schendel kent de Rubiver en schaart hem onder de waardevolle ‘kunstaasjes’ voor de witvis in zijn Tips & Tricks…

 

Imitatieaas

JvS: “Ik gebruik al mijn hele visleven lang kunstaas en imitatieaas. Waarom? Heel simpel, omdat dit soms heel doeltreffend kan zijn! Tegenwoordig is er heel veel op de markt op dat gebied, van nepmaden tot ‘spaghetti’. Ik begon met wedstrijdvissen in een tijd dat het bij de meeste wedstrijden die ik viste niet ging om het hoogste vangstgewicht, maar om het hoogste aantal gevangen vissen of de grootste lengte ervan. Ik had in die tijd niet graag de bekende tubetjes Rubiver (jawel in verschillende kleuren) willen missen. Het meest gebruikte aas destijds? Deeg. Deeg is natuurlijk geen kunstaas, maar een natuurlijk aas is het ook niet echt. Geloof het of niet maar in mijn eerste jaren als wedstrijdvisser heb ik amper een made of pinkie op de haak geprikt en een muggenlarve of caster al helemaal niet. Rubiver dus wel en wat heb ik daar toen veel vis mee gevangen!”

Meer lezen? Klik hier om het artikel te lezen wat Jan hier eerder over schreef.

LLV november vlog: gejaagd door de vis…

De winter is voor aardig wat sportvissers een tijd om minder vaak er op uit te trekken, maar er zijn toch verschillende takken van hengelsport of specifieke vissoorten die juist in de winter de meeste vissers op de been brengen. In zijn maandelijkse ‘LLV’ vlog belicht zeevisser Luc Mom de mooie tijd die er aanbreekt voor de piervissers die er weer schar, wijting en ook gul zien opduiken.

 Gejaagd door de vis

Opstaan voor dag en dauw (als het juiste tij maar benut wordt), dik gekleed tegen de wind, regen en lage temperaturen. ‘Gejaagd door de vis’; dat is zeker van toepassing op de strand-, boot- en piervissers die open en bloot in de elementen achter de genoemde zeevissen aangaan. De Noordpier en Zuidpier in Wijk aan Zee en IJmuiden vormen de decors van dergelijke fanatieke mannen en vrouwen die, net als op andere pieren in bijvoorbeeld Scheveningen en Hoek van Holland, zichzelf een vers maaltje zeebanket willen verschaffen. Ben je zelf nog niet zover? Wandel dan eens over genoemde pieren en kijk de kunst af, of vraag gewoon aan de piervissers hoe zij het doen.

Twee scharren en één wijting… 

Soms kun je het geluk een handje helpen met de juiste stek, het juiste tij, tijdstip, aas en montage… 

Breeklijntje

Luc Mom en zijn vrouw Yvonne zijn vaak te vinden aan het Noordzeekanaal, de stranden of de Noordpier. Luc weet dat de kans op gul aanwezig is en zorgt ervoor dat er met een breeklijntje gevist wordt zodat het (beton)gewicht achterblijft wanneer de montage vastzit tussen de blokken, maar de vis behouden blijft. Er wordt dus dichtbij achter de blokken gevist voor de gul, maar ben je uit op schar of wijting, dan kun je het beste wat verder gooien.

Klik hieronder om de LLV vlog te bekijken.

Een feestgerecht met kabeljauw

Een feestgerecht met kabeljauw Dit recept heb ik gekregen van Mike Ooms. Hij is docent op een horecavakschool in België. Leert daar zijn studenten op niveau koken. Marco Kraal tipte mij dat Mike heerlijke recepten met vis weet. Mike had trouwens mijn aandacht al door foto’s op social media van prachtige zeebaarzen, die hij vanuit zijn boot vangt. Hij stuurde me ook nog een paar jaloersmakende foto’s van kabeljauwen, die hij in Noorwegen heeft gevangen. Meer dan genoeg redenen om een afspraak te ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Jagen op schol

Waar Jeff Waleboer andere jaren alleen gericht op tong viste aan de Zeeuwse stranden of Oosterschelde, was hij dit jaar vooral langs de Nieuwe Waterweg te vinden. Hier bracht hij heel wat uurtjes door, vaak in het gezelschap van zijn drie oudste kinderen Ferde, Rex en Bredt. Toen hij de tong weer dichter bij huis in de Westerschelde ging belagen, kwam er steeds vaker een schol aan de lijnen. En van het een kwam het ander… Lekker met de mannen langs de Waterweg. In de Waterweg heb ik af en toe di...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


De 10 beste zeevisstekken

Iedere zeevisser heeft zijn eigen voorkeuren qua stekken. Er zijn meerdere redenen waarom jouw visstek de voorkeur heeft. Je kunt op een dijk staan omdat je een hekel hebt aan de wandeling over de duinen of omdat je spullen bij terugkomst niet vol zand zitten. Het kan zijn dat je graag op het strand staat omdat je daar weinig last hebt van stenen en rotsen, of ga je graag de havens in omdat daar de auto achter je kan staan? Of omdat je natuurlijk op die ene vissoort hoopt die alleen maar bij de ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Groot aas op de haak voor de grote zeevissen

In de natuur geldt dat grotere roofdieren in de regel ook groot aas tot zich nemen. Ook voor vissen en roofvissen kun je dat in grote lijnen zeggen. Maar natuurlijk zijn er genoeg uitzonderingen. Wanneer er geen groot aas is, zal een roofvis immers ook moeten eten en vele kleintjes vullen ook de maag! In dit artikel spelen we in op de trend van het vissen op haaitjes, roggen en conger, waarbij het gebruikte aas vaak wat groter is dan bij het vissen op andere soorten. Hoe bieden we dat aas aan; welk aas gebruik je voor welke soorten en hoe bevestigen we dat aan de haak? 

Guntars weet als geen ander wat je in Engeland  aan de grote vissen moet voorhouden…

Door Guntars Zukovskis

Als we Guntars Zukovskis spreken, zitten we nog midden in de coronacrisis en hoewel we in Nederland gelukkig wat bewegingsvrijheid hebben, is de situatie in het land van Boris Johnson de sportvisser beduidend minder goed gezind. Je mag er 5 mijl rond je huis op uit trekken, maar daar blijft het ook bij. Guntars is een fanatieke zeevisser en kan vanwege die 5 mijl zijn geliefde visrijke Bristol Channel niet bereiken. Hij doodt de tijd met het vissen op snoek, kopvoorn en baars in de buurt. Gelukkig heeft hij daardoor tijd om voor Zeehengelsport eens wat op een rij te zetten over de aassoorten en de manier van aanbieden op de grotere zeevissen. Want daar heeft de geboren Let verstand van. Op zijn social media komen de mooiste gladde haaien, roggen, congers en zeebaarzen voorbij. In de rubriek Masterclass van Zeehengelsport 373 trok hij de aandacht al eens met zijn officieuze zeebaarsrecord in Engeland: een vis van liefst  21 lb 2 oz (iets over de 10 kg) die hij ving in februari 2020.

Gekocht bij de Nederlandse visboer: een doosje ingevroren ‘squid’…

Flinke brok aas

Om die grotere vissen een flinke geurende brok aas voor te houden, neemt hij een koelbox mee met de nodige aassoorten. Dat aanbod ziet er wat anders uit dan de doorsnee aassoorten zagers en zeepieren van zeevissers uit de Lage Landen, maar dat is gelukkig bij ons wat aan het veranderen omdat je ook steeds vaker squid (inktvis) of mesheft op de haken aantreft voor soorten als gul en zeebaars.

Makreel voor de kongeraal

Congers zijn de grootste vissen die ik hier aan de haak kan krijgen. Je vindt ze hier op rotsachtige bodems en onder pieren, waar ze kunnen schuilen. Voor deze vis gebruik ik dikke Varivas mono-onderlijnen van 150 lb of staaldraad omdat ze scherpe tanden hebben.

Daarom ook moet je bij de grotere en gladde congers altijd oppassen met onthaken. Hoewel: ik had een keer een minder grote (11 lb) conger geland die dwars door mijn rubberlaarzen beet, dus wees alert! Ik gebruik nu voortaan grippers om ze te onthaken. Als aas gebruik ik makreel, vers of ontdooid (zelfs oud en opnieuw ingevroren en ontdooid) maakt niet veel uit. Wij mogen ook met levend aas vissen, en dan werkt een kleine wijting prima. Gebruik 7/0 haken (ik pak hiervoor de Varivas haken) voor grotere congers, maar de kleinere exemplaren vang je er ook mee. Zitten er bij jullie metergrote exemplaren (strap congers) dan kun je ook 3/0 of 4/0 haken gebruiken. De kleintjes zitten bij ons al op 10 meter uit de kant, maar de grotere vind je verderop.

 

De ‘B8M8′ is een handige tool die je in Engeland tegenkomt om grote aassoorten samen te binden op één aanbieding…

Squid + krab met de B8M8

Via de Engelse verdeler van ‘B8M8’ (BaitMate) stuurden we Guntars een sample om deze handige baiting tools eens uit te proberen. De B8M8 ziet eruit als een ouderwetse gebogen tentharing. Ze zijn van rvs en gemaakt in de UK. Je kunt er eenvoudig je aas of gecombineerd aas opschuiven en dit met behulp van (medium of heavy) bindelastiek fixeren en op de haak bevestigen. Een leuk en handig alternatief voor aassoorten die niet zo makkelijk op de aasnaald blijven zitten. Veel Engelse zeevissers zijn er enthousiast over. Tip: draai de onderste en bovenste haak van de pennel rig in tegenovergestelde richting, dit bevordert een goede inhaking.

Tot zover een deel uit het artikel dat je kunt lezen in Zeehengelsport magazine 379 die nu in de winkels ligt. Zorg dat je hem gelezen hebt, voordat er rond 25 november een nieuwe nummer 380 richting de winkels gaat. Met een abonnement zit je natuurlijk altijd eerste rang: klik hier.

Tips en tricks Twan & Mandy: vertrouwen in je onderlijn

Browning is een naam die staat in de hengelsportwereld en dan met name in de witvisserij. Er zullen weinig vissers zijn die dit merk niet kennen. Mandy en Twan Swart zijn een heuse vis-tweeling en dat zie je niet zo vaak in onze sport. Zowel Mandy als Twan zijn allebei sinds een aantal jaren verbonden aan het hengelsportmerk Browning en zijn belangrijke adviseurs en ambassadeurs voor het merk. Allebei fantastische wedstrijdvissers die ondanks hun nog jonge leeftijd al heel wat ervaring hebben opgedaan zelfs tot op het hoogste niveau bij jeugdwereldkampioenschappen. Mandy is ook al enkele jaren lid van het Nationale Damesteam. Bij de rubriek Tips & tricks lees je geregeld hun tips die je kunnen helpen bij jouw eigen visserij.

 Vertrouwen in je lijn

Als visser en al helemaal als wedstrijdvisser moet er natuurlijk volledig vertrouwen zijn in het gebruikte materiaal. Iedere vis aan de haak kan het verschil maken tussen winst of verlies en welke twijfel dan ook aan het materiaal wat je gebruikt is dan ook totaal geen optie. Natuurlijk kan het altijd een keer gebeuren dat je een gehaakte vis verspeelt maar dat mag nooit liggen aan het gebruikte materiaal. Zo simpel is het eigenlijk.

Vertrouwen in je materiaal…

Allebei gebruiken we al heel lang het Cenex Classic Mono voor al onze vastestok vislijnen. De reden is simpel. Het is een soepel nylon met een voor zijn diameter hele grote trekkracht en het is bovendien verkrijgbaar in iedere diameter die we nodig kunnen hebben voor welke type visserij dan ook. Juist dat soepele is zo belangrijk voor een perfecte aaspresentatie. Vissen zijn vaak heel slim en laten zich zeker niet eenvoudig zomaar vangen. Het aas op de haak moet zich dus zo natuurlijk mogelijk gedragen tussen al het aangevoerde lokaas en aas. Lukt je dat niet dan zullen de in de buurt rondzwemmende vissen je haakaas gewoon negeren.

Cenex Classic Mono wordt geleverd in 06/00, 07/00 mm en 08/00 mm op 50 meter spoeltjes en in 10/00, 12/00, 14/00 en 16/00 mm op 100 meter spoeltjes. De dunste maten worden vooral gebruikt als onderlijnmateriaal.

Mandy vist net als Twan al wat jaartje op internationaal niveau…

 

Mandy: gebruik onderlijnen

Ik gebruik altijd onderlijnen. Ik snap de vissers die het hebben over twee lusjes en enkele knoopjes vrij dicht bij de haak en het nadeel daarvan. Het voordeel van het ‘georganiseerd’ vissen met allerlei extra mogelijkheden al naar gelang de vissituatie en dat op exact dezelfde manier vind ik echter veel groter en belangrijker.

Enkele simpele voorbeelden uit de praktijk. Je verspeelt enkele vissen en twijfelt aan de scherpte van de haakpunt of tijdens het vissen blijkt de visserij veel slechter dan gedacht of juist veel beter dan verwacht. Allemaal zijn het mogelijke redenen om van haak te wisselen. Wanneer je onderlijnen gebruikt is zoiets binnen enkele seconden gedaan en vis je op exact dezelfde manier verder. En wat gebeurt er als je geen onderlijnen gebruikt?? Eerst een nieuwe haak op de vislijn knopen en opnieuw peilen. Tijdsverlies en veel gedoe voordat je weer op exact dezelfde manier verder kan vissen. Vaak is dat rampzalig tijdens een vissessie of wedstrijd. Voor mij dus altijd onderlijnen!

Licht, scherp en sterk, dat zijn de eigenschappen die je graag in een haak terugvindt… 

Ik gebruik altijd een onderlijn die op zijn minst 0,02 mm. dunner is dan de hoofdlijn. Als je dan een keer vast raakt aan de bodem of een grote vis zorgt voor lijnbreuk dan breekt altijd de onderlijn waardoor je binnen enkele seconden weer op exact dezelfde manier kunt verder vissen.

Fluorocarbon in helder water heeft zeker voordelen…

Normaal gesproken gebruik ik hetzelfde nylon voor zowel onderlijnen als de hoofdlijn. Het enige verschil is de dunnere diameter voor de onderlijn. Steeds vaker echter krijgen we te maken met kraakhelder water. Juist dan gebruik ik de Cenex Fluoro Carbon Hook Line. Het is namelijk onomstotelijk bewezen dat fluorocarbon voor de rondzwemmende vissen minder zichtbaar is in het water dan gewone nylon. Fluorocarbon is dan misschien ietsje minder sterk maar er zijn echt omstandigheden tegenwoordig dat je gewoon fluorocarbon wel moet gebruiken om aanbeten te krijgen. Een andere keer meer hierover!

Zebco Europe

Zebco Europe is een hengelsportgroothandel die is gevestigd in het Duitse plaatsje Tostedt. Van daaruit wordt zo ongeveer heel Europa voorzien met allerlei soorten hengelsportmateriaal die geschikt zijn voor elke manier van vissen. Quantum, Magic Trout, Black Cat, Radical, Rhino en Zebco, allemaal zijn het merknamen die via Zebco Europe in onze hengelsportwinkels terecht komen. Ook Browning is een merk dat via Zebco Europe wordt verdeeld. Klik hier voor meer info.

 

Tip & tricks: met de spinhengel en tubeflies op zeeforel

Wanneer je zelf geen vliegvisser bent, maar wel met een spinhengel en kunstvliegen, streamers of tubeflies wil vissen, is de bombarda een mooi hulpmiddel om de vliegen op afstand aan te bieden. Deze methode is in Denemarken heel normaal om zeeforel te vangen, maar je kunt er in onze Noordzee en op het zoete water ook aardig wat vissoorten mee vangen. In deze tutorial van kledingmerk Geoff Anderson wordt de opbouw van zo’n bombarda rig getoond.

 

Moeilijk is het niet met slechts enkele materialen op de rig…

Buisje

Henrik Qvirin Reiter is een liefhebber van het bombardavissen in Denemarken. Ook houdt hij van de slanke tubeflies die, gebonden rond een kunststof buisje, op de lijn worden geschoven. Met een soepele hengel van ongeveer 330 cm en een leader met de lengte van de hengel werkt dit het beste. De 25-grams bombarda gaat op de lijn en via een stoppertje en een warteltje komt de 27/00 fluorocarbon onderlijn eronder te hangen. De tubefly komt aan het einde.

Een effectieve methode voor zeeforel… 

Hook guide

Bekijk de video even goed hoe hij met behulp van een hook guide,  stoppertje en Rapala knoop het kleine dregje achter de vlieg monteert. Naast zeeforel kun je er natuurlijk ook prima geep en makreel mee vangen en in het zoete water ook roofblei.

Klik hieronder om de video te bekijken.

Een lesje bootvissen op zeebaars

Ton en Harry uit Zeeland wilden graag een keer bij IJmuiden op zeebaars vissen, niet vanaf de (meestal) drukke pieren, maar vanaf een bootje. Omdat Ton (de Jonge) zich als de initiator van Loodvrijvissen.nl bezighoudt met het loodvrij maken van de sportvisserij, kwam hij in contact met Zeehengelsport-auteur John Willems. En als bootbezitter en fervent zeebaarsvisser had John nog wel een plekje open in de agenda om zijn twee gasten het bootvissen op zeebaars mee te laten maken…

De target van de dag! 

John neemt wel vaker sportvissers mee aan boord, en die opstappers zijn soms ervaren, maar soms ook heel onervaren. Dat de veiligheid hoog in het vaandel staat, bleek wel toen onze afspraak na veel afzeggingen pas bij de achtste (!) afspraak doorging… Toen pas was er weinig wind en was het veilig om het water op te gaan.

John begon met uitleg geven wat je aan apparatuur en veiligheidsmateriaal op zijn Visling-boot vindt. Op de visvinder staan de kaarten van de Noordzee zodat je kan zien waar je vaart en – heel belangrijk voor ons – de belangrijke visstekken zodat je weet waar je het beste kunt vissen. Er was ook het nodige visgerei aan boord, en daar was ik erg blij mee, want ik had in 1972 voor het laatst op de Zuidpier gevist en vanuit de boot heb je toch vaak ander materiaal nodig. Op deze mooie dag had ik mijn zwager Harry meegevraagd voor het vissen.

Ik vertelde John hoe ik in Zeeland vanuit een kayak vis en dat we daar met natuurlijk aas vissen. Ook geprobeerd om daar met  Fiiish Black Minnows te vissen maar helaas niets mee gevangen. We hadden de juiste kleuren bij ons: de witte, de gele en de kaki kleuren, deze in verschillende gewichten, vooral 15 gram 25 gram. Ze zijn er overigens van 6 tot 37 gram: klik hier.

Fluorocarbon

Naast deze goedvangende kunstaasjes kun je ook wat lichte pilkers of wat makreellijntjes meenemen als de makreel er nog zit. Je weet maar nooit. Heb je een hengel van ongeveer 2,5 meter met een top actie met een kleine molen neem die dan ook mee. Ik vis met een hengel van 30-100 gram en een molen met gevlochten lijn van 10/00, met een trekkracht van om en nabij de 9 kg. Vergeet de voorslag niet, deze is van fluorocarbon van ongeveer een meter met 45/00 diameter.

Het werd me al snel duidelijk dat voor het kunstaasvissen andere wetten en regels gelden dan voor de manier waarop ik gewoonlijk vis, met natuurlijk aas. Er moest een voorslag van fluorocarbon geknoopt worden, anders zou de zeebaars de gevlochten lijn zien. Het gebruik van wartels werd ook afgeraden, de Black Minnow moet direct aan de voorslag geknoopt worden. Bij het verlaten van de jachthaven kreeg Harry zijn eerste les hoe hij met het kunstaas moest vissen, hiertoe voer John naar een steenstort net buiten de haven. In de tijd dat John Harry instrueerde kon ik mijn hengel in orde maken om te gaan vissen. Na wat proefworpen gingen we op weg naar de kop van de Zuidpier om daar ons geluk te proberen. Als eerste gebruikten we de kopjes van de Black Minnow, en op een later tijdstip zouden we overschakelen op kopjes die gemaakt waren van loodvrij materiaal.

Van 6 tot 37 gram en hopelijk ook wat vaker loodvrij…

Naar het wrak

Aangekomen bij het havenhoofd van de Zuidpier werd snel duidelijk dat er vissers waren; we telden daar al snel een twintigtal. Ook zagen we heel veel meeuwen duiken in de vaargeul, en aangezien er geen schepen in aantocht waren konden we daar ons geluk even beproeven. We zagen veel kleine vis aan de oppervlakte maar er kwam geen grotere vis uit de viswolken tevoorschijn.

Daarna gingen we vissen tegen de blokken en driften tot op het zand om ook die techniek te leren. Na een tijdje hadden we dat aardig onder knie kregen maar omdat er geen visje boven water kwam werd er besloten om te verkassen en een wrak op te zoeken. Na een half uur varen kwamen we bij het wrak en zagen we mooie aaswolken in de buurt van het wrak. Ook daar waren niet alleen. Bij het wrak kregen we uitleg hoe we daar het beste konden vissen. John had al snel een beet maar miste helaas de aanbeet. Tijd om zelf ook aan de slag te gaan. Uptide ingooien, en terwijl de gps van de elektromotor ons op de plaats hield, lieten we snel het kunstaas over de bodem huppelen, hielden onze hengels strak om direct aan te slaan zodra we een aanbeet voelden. Geen idee wat ik moest verwachten, ik was wel wat gespannen.

Na een aantal keer opnieuw ingegooid te hebben kreeg ik een felle aanbeet en met een luide kreet kon ik melden dat de instructies zich uitbetaalden in een eerste aanbeet. Ik voelde dat het een flinke jongen moest zijn want er werd aardig wat tegenstand geboden. Het enige wat ik kon doen was de hengel strak houden en wachten tot de vis aan de oppervlakte verscheen. Het was een prachtige dikke zeebaars met een lengte van 63 cm, eentje die dus mee mocht naar huis. Aan boord had John een mooi viskist met ijs, zo bleef de vis vers. Zelf kun je zoiets ook creëren door koelelementen of met water gevulde melk pakken in te vriezen en in een koeltas te doen.

Wat een prachtige sterke vis! 

Geen geluk

Weldra werd het duidelijk dat er meerdere zeebaarzen bij het wrak aanwezig waren. We vingen nog wat kleinere baarzen. De ondermaatse vissen werden netjes teruggezet met de opdracht ‘Ga je moeder of vader maar halen’. Inmiddels werden we achtervolgd door een andere boot, zij visten op een andere manier dan wij en vingen niets in de tijd dat wij daar lagen. Maar dat zegt natuurlijk niets want ondanks dat Harry alles goed deed wat John hem uitgelegd had, kreeg hij deze visdag geen aanbeet. Ik gaf hem later mijn hengel waarmee ik de dikke zeebaars gevangen had in de hoop dat hij er ook een zou vangen, maar het geluk bleek gewoon niet op zijn hand te zijn.

Dat er ook dingen misgaan overkwam mij ook. Je kan snel vast raken als je bij een wrak vist en je raakt soms ook meerdere shads kwijt. Op het moment dat er goed gevangen werd besloot ik over te schakelen naar mijn eigen loodvrije kopjes. Ik vis al zo’n 10 jaar met dit materiaal en vind ook dat het lood verdwijnen moet uit onze mooie vissport. Lood dat verloren raakt gaat in het water corroderen en laat giftige en toxine afvalstoffen in het water achter, dit komt weer in de voedselketen en dus in de vis die later op ons bordje ligt, dat is mijn mening.

Ik had nog niet met loodvrije jigkoppen van 25 gram gevist op zeebaars, dus het was een vuurdoop. Het werpen ging prima. Het materiaal bleef ook mooi langs de bodem huppelen. Ik kreeg weer een enorme klap op de hengel en voelde dat deze vis nog groter kon zijn dan de vis die ik al gevangen had. Helaas na een flink aantal klappen op de hengel brak mijn voorslag af en ging de vis er vandoor. Waarschijnlijk had ik beter een nieuwe lijn op mijn molen kunnen spoelen. Een nieuwe voorslag en nieuwe jigkop later, kwam ik vast te zitten aan het wrak. Na een keer of wat trekken aan de lijn kwam de boel los, alleen bleek de haak wel verbogen te zijn. Het type haak in de jigkop bleek niet geschikt te zijn, dit heb ik de volgende dag gemeld bij de makers.

Op sommige dagen zit alles mee en val je met je neus in de boter!

Loodvrije uitvoering

Dan de kopjes voor de Black Minnow; ook deze had ik in een loodvrije uitvoering. Ik viste deze in de 25-grams uitvoering. Het lukte mij om daar wat ondermaatse zeebaarzen mee te vangen die weer allemaal netjes werden teruggezet zijn.

Op een gegeven moment werden de vangsten minder op het wrak, tijd om terug te gaan naar de pier en daar ons geluk nog eens te beproeven. Bij de pier een plekje gezocht, het was daar gezellig druk met vissers. Na wat aanwijzingen van John konden we daar ook nog een paar baarzen vangen. Met behulp van de fishfinder zagen we waar we moesten beginnen en waar de blokken lagen. Zo konden we langzaam huppelend met het kunstaas de stenen afvissen tot er een baars zich aan ons kunstaas vergreep.

Ook aan een mooie visdag komt een eind en tegen 14.00 uur gingen we terug naar de jachthaven van IJmuiden. Het was genieten van deze gezellige visdag. Jammer uiteraard dat Harry geen stekels kon vangen, maar dat leed werd verzacht doordat hij de andere zeebaars mee naar huis mocht nemen voor een culinaire traktatie. Volgende keer maar eens in Zeeland op de zeebaars proberen met de kayak en kunstaas. Met zeven gevangen zeebaarzen mocht ik niet klagen! Schipper John bedankt en hopelijk komt er nog een vervolg!

Ton en Harry

Tot de volgende keer! 

Garnalen: klein aas, grote vis

In de vorige editie van *Zeehengelsport*, in nummer 379, konden we in het artikel ‘Groot aas, grote vis’ lezen welke aassoorten en in welke grootte we kunnen aanbieden aan soorten als kongeraal, rog en gevlekte gladde haai. Maar tegelijk wezen we op een uitzondering die dit jaar als ‘kleine verrassing’ voor grote haaienvangsten zorgde: de garnaal! Door Kees Gillissen Wie denkt aan grote vissen, denkt automatisch al snel aan groot aas. Maar soms is het aas niet voorradig of soms zijn ze gewoon ie...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Snoeken op zout water

De Zweedse hengelsporttraditie Snoek op zout water, is dat zeevissen? Zweedse, Finse en Deense vissers zal het worst zijn. Zij zijn eraan gewend dat je op sommige stekken de keuze hebt om snoek en baars, of zeeforel en kabeljauw te vangen. Vooral langs de Zweedse kust is de snoekvisserij op de Oostzee en de Botnische Golf geen curiositeit. De scherenkust langs het oosten van het land herbergt een snoekvisserij van wereldklasse. Mits goed gepland, kun je er ook nog eens op een ‘zoetwatermanier’ a...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Hank Ahoy

Hornet-jagers Een hornet is een garnaal. Dit oer-Zeeuwse woord hoor ik als ZeBra (dat is het zeer goed bedoelde pestwoordje van Zeeuwen die daarmee een Brabander aanspreken die naar Zeeland is geëmigreerd) te kennen. Na het lezen van onderstaand epistel vergeten jullie het nooit meer. Die hornet dan. Zijdelings had ik er al eens wat van gehoord. Oerconservatief als vissermannen nou eenmaal zijn, werd deze wetenschap gedurende geruime tijd naar een ver weggestopt hokje in mijn geheugenpaleisje ge...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Kommer & kwel in de eindeloze polder

In de ochtend open ik meestal op mijn telefoon het fenomeen Facebook. Als frequente bezoeker en plaatser van karper gerelateerde content bemerkte ik dat ik af en toe de neiging had om het ding aan de kant te gooien… De reden? Jaloezie! Inderdaad jaloezie van mijn kant – niet te verwarren met afgunst! Ik kan eigenlijk wel zeggen dat het mij totaal geen moeite kost dat het gras groener is bij de buren.

 Een mooie slanke torpedo…

Tekst & foto’s Richard Gans

Geloof me als ik zeg dat ik iedereen zijn visjes gun, maar toch dat knagende gevoel van ‘waarom zij wel en ik niet ?’ Jaloers is misschien niet het juiste woord, misschien is het meer het gebrek aan motivatie? Waarom dan?!

Tijdgebrek en andere zaken die prioriteit behoeven, maken dat mijn visserij op een dieptepunt is beland. Wat ook een bepalende factor is, is dat de leeftijd een rol gaat spelen. Echt oud ben ik niet, maar de lichamelijke ongemakken spelen wel degelijk mee tijdens de speurtocht naar karper en ik schijn niet de enige te zijn.

Natuurlijk is het niet altijd kommer en kwel en zijn er genoeg mogelijkheden om tot een goede balans te komen. Weg met de boot is een heerlijk alternatief; geen gesjouw meer, genoeg ruimte en meer dan mobiel om te verkassen als het niet loopt.

WIEBELTOP

Al jarenlang loop ik met het plan om deze vaart van mijn polder eens flink aan te pakken. 10 km voedselrijk water, 10 km poldervaart, 10 km wier, bagger, honderden rietkippen, eenden, zwanen, meerkoeten, 20 km rietkraag en geen idee wat het bestand is; je krijgt een klein beetje een idee waar ik aan begonnen ben. Dit is hard water, erg hard. Water met vissen die nooit een haak en laat staan een boilie hebben gezien. Brasem zwemt er genoeg en groot ook, maar zelfs die zijn lastig te vangen!

Tientallen kilometers riet en poldervaart… 

Elk water kun je om op te starten bevissen met particles, vooral mais en hennep zijn goede ingrediënten om de vissen aan het azen te krijgen. De kleine, zoete, opvallende maïskorrels en de minuscule hennepkorreltjes maken elke karper gek. En dit zijn dan ook exact de particles waar ik mijn voercampagne mee opstart. Later zal ik er wat andere particles bijvoegen; verschillende maten tijgernootjes, maples en boekweit. En uiteraard meng ik ook wat bollen erdoorheen, het liefst 20 mm.

Na een week van voeren besluit ik de hengels uit het foedraal te halen voor de eerste testsessie. Het vertrouwen is torenhoog en ik weet 100% zeker dat ik ga vangen. Na acht uur vissen heb ik geen tikkie gehad. Zelfs op de extra penhengel geen teken van leven…

Een week later liggen er weer twee hengels op de aangevoerde stekken welke ik afgelopen week heb voorzien van bollen en extra grote tijgernootjes. Eindelijk de verlossende ‘run’; een paar flinke tikken op de top en de spoel doet vrolijk een klein rondje…

Tot zover een deel uit een sfeervol karperverhaal van Richard Gans. Een artikel dat je kunt lezen in de Karperwereld nummer 141 die nu in de winkels ligt. Om voortaan alle artikelen als eerste te kunnen lezen, zorg je natuurlijk voor een abonnement: klik hier.

Terug naar de Oosterschelde op haai en rog!

Jerry van Tilborg uit het Vlaamse Berendrecht had drie jaar geleden zijn visboot verkocht. De zeevisser deed dat vanwege de tegenvallende vangsten aan de Belgische kust. Als visser in hart en nieren kreeg hij hier al snel weer spijt van, en schafte zich een mooie grote consoleboot voor de zomermaanden aan om dagtrips mee te maken met het gezin en voor zijn vistrips. De boot kreeg een plek in de haven van Stavenisse aan de Oosterschelde waar het vissen voor hem 40 jaar geleden ooit begon.

 De grote vissen

“Na jaren fanatiek op gul, zeebaars en tong te hebben gevist, begon ik weer vanaf de basis om de Oosterschelde-visserij weer te ontdekken en natuurlijk ging ik experimenteren op gevlekte gladde haai en pijlstaartrog, de grote vissen die de laatste jaren zo’n opmars hadden gemaakt in dit water.

Op dinsdag 8 juni ging ik voor het eerst met de nieuwe boot ‘naar buiten’. Ik had mij voor de kering gelegd tussen de vele charters en kon die dag drie gladde haaien vangen. Dat was al een begin, maar het was zeker nog niet goed genoeg.

Springtij

Op maandag 16 juni deed ik poging twee. Weer naar buiten voor de kering en ditmaal met springtij. Om kort te zijn, deze dag vijf verschillende plekken gehad, gigantisch veel stroming, veel vuil en maar één haaitje kunnen vangen. Dat was iets om over na te denken. Ik moest me eerst maar even gaan bezinnen voor ik opnieuw te water zou gaan, want ik deed blijkbaar zeer veel dingen fout omdat andere vissers wel aantallen konden vangen. Na wat info te hebben ingewonnen bij bevriende vissers van de Deltavissers, bleek dat ik steeds op de verkeerde plek gevist had met verkeerde onderlijnen en met het verkeerde aas. Ik viste al twee maal met kweekzagers omdat er in deze periode bijna niet aan steekzagers te komen was, maar die zijn blijkbaar wel ‘zeer’ noodzakelijk. Na deze waardevolle info ging ik het de volgende keer helemaal anders aanpakken.

Krabben

Op vrijdag 23 juli ging voor de derde keer op de haai, maar nu was ik wel voorbereid. Vol goede moed voer ik weer naar buiten voor de kering maar nu op een iets andere plek. Onderlijnen aangepast en na zeer veel moeite, en via oude connecties van vroeger, was ik nu wel aan zeer mooie steekzagers geraakt en had ik zelf voor krabben gezorgd. Al deze aanpassingen betaalden zich direct uit in 15 haaien deze dag, waaronder verschillende 90’ers en wat bijvangst van zeebaars! Kijk, dat begint er al een beetje op te lijken. Het vertrouwen kwam langzaam weer terug…

Het vertrouwen kwam weer terug…

Woensdag 11 augustus; na het succes van vorige keer ging ik er weer alleen op uit. Dit keer vol vertrouwen zeer vroeg naar buiten voor de kering, en mijn plekje was gelukkig nog vrij. De dag begon fantastisch, het was zeer mooi weer en na 5 minuten vissen kwamen al de eerste twee haaien in de boot. Ik viste de laatste twee uren van het afgaande tij en er kwamen geregeld mooie haaien aan boord op de steekzagers en krabben, en de grootste tot dan toe was met 95 cm – een zeer mooie haai. Toen de stroming eruit ging kreeg ik een aparte aanbeet en mijn eerste pijlstaartrog van dit seizoen kwam aan boord. Ongelooflijk maar waar, maar 25 minuten later had ik er nog drie bij gevangen!! Vier roggen op een half uurtje, ik wist niet wat me overkwam! De vissen voorzichtig en netjes behandeld, en geprobeerd om er mooie foto’s van te maken wat in je eentje niet gemakkelijk is. Mijn dag was natuurlijk allang geslaagd, maar de kers op de taart moest nog komen. Toen de vloed er al terug goed in zat en mijn zagers al op waren, was ik aan de laatste krabben bezig. Opnieuw was er een mooie aanbeet op de wapperlijn en ik voelde direct dat geen kleintje was. De haai zwom gewoon tegen de sterke stroming in en ging stil onder de boot hangen, en schoot dan weer van links naar rechts. Uiteindelijk kreeg ik hem voorzichtig van de bodem en kwam hij boven. Aan zijn lengte te zien dacht ik in eerste instantie aan een ruwe haai. Poging 1 en 2 met het scheppen mislukte, maar bij poging 3 kreeg ik hem gelukkig toch (alleen) in het net. Wat een torpedo was dit zeg? Loeizwaar en na meting was hij 123 cm op het meetlint! Wat een topdag. Ik sloot de dag af met 13 haaien, waarvan de grootste die 123 cm, en met vier roggen! Met een big smile voer ik terug naar de haven.

Een exemplaar van 123 cm!

Op zaterdag 21 augustus voer ik weer uit. Na het succes van de vorige keer dacht ik dat het niet gekker kon worden, dus de verwachtingen waren iets minder hoog. Maar het ging opnieuw een topdag worden. Ik had de onderlijnen nog wat verbeterd, iets meer steekzagers en krabben meegenomen, en nog een experimentje met wat ander aas – wat zeer goed uitpakte. Om het kort te houden, vandaag ook weer een dag met een gouden randje. Eindstand 25 haaien met verschillende 90’ers en weer één rog.

Pijlstaartrog! “Wees gerust, ik weet hoe ik met deze rog en zijn stekel om moet gaan…”  aldus Jerry.

Mijn ‘experiment’ van dit seizoen was uiteraard allang geslaagd met voldoende haaien van groot formaat en met vijf roggen, en ik genoot weer volop van mijn Oosterscheldevisserij. Het was inmiddels al later in het seizoen, maar op 25 september ging ik het gewoon nog een keer proberen. Ik verwachtte dat de meeste haaitje al vertrokken waren naar hun winterplaatsen. Het tegendeel bleek echter waar. Ze zaten er nog. Enige nadeel was dat ook de (kleine) wijting er alweer was en die rakkers vraten samen met de steenbolken, heel wat aas van de haak. Op deze laatste visdag kreeg ik desondanks toch nog 14 haaitjes gevangen, maar helaas geen grote – de meeste tussen de 60 en 70 cm. En nu? Ik kijk alweer uit naar volgend jaar!”

Tot volgend jaar!

 

Dutch Masterclass: welke feeder-tip voor de beste beetregistratie?

De mannen die de rubriek Dutch Masterclass in BEET voorzien van content, geven weer genoeg tips om succesvol aan de slag te gaan. Ook David Visser komt aan het woord. De witvisser van team Cresta geeft tips voor het feedervissen.

Voor grove vis verkies ik om de wormen per keer te knippen.

Zeker bij het feedervissen op brasem zijn geknipte wormen een favoriet aassoort. Wat is nu de juiste manier om de wormen in je voermix te verwerken?

In de regel hanteer ik twee manieren. De eerste is om de wormen al van te voren fijn te knippen en eventjes uit te laten lekken in een zeefje en zo telkens een plukje wormen mee te voeren in de korf. Bij een delicate visserij met kleinere blieken en enkele brasems is dit vaak een hele goede manier. De kleine stukjes worm zullen de vissen nauwelijks verzadigen en juist meer vissen aanlokken. Wanneer echter de grote platten gearriveerd zijn, gaan die piepkleine stukjes ze niet op de plek houden, dan kies ik ervoor om de wormen per inworp te knippen. Een worm of 4-5 op het voer, een paar knippen en wat overblijft zijn levendige stukken worm van circa 1,5 cm; voor brasem een ideaal aas om te voeren.

De keuze van de juiste feedertip is essentieel.

Feedertips zijn er in allerlei soorten; zacht, hard, fast taper, glas en carbon… Wat bepaalt de keuze?

Voor de visserij die ik doorgaans doe, de visserij op voorn en brasem, zijn carbon toppen mijn vaste keuze. De keuze voor het aantal ‘oz’, oftewel de buigkracht van de top, kies ik altijd zo licht als mogelijk. Maar eveneens is het erg belangrijk dat je de top nooit te licht kiest. Wanneer je met een te lichte top vist staat deze in een ontspannen situatie al erg krom en registreert je top de aanbeten veel  minder goed. De juiste tip kiezen is net zo belangrijk als de juiste dobber bij het vissen met de vaste stok, uiteindelijk bepaalt het de hoeveelheid weestand bij een aanbeet. Er zijn natuurlijk zaken die invloed hebben op de spanning van je top zoals stroming en wind. Wanneer beide aanwezig zijn, kies ik vaak voor eenzelfde buigweerstand (aantal oz) maar dan in een fast taper variant. Een fast taper feedertip heeft een tapser verloop in het voorste deel van de tip. Hierdoor bezit het onderste gedeelte meer body en buigt minder ver door. Dit komt in die gevallen de beetregistratie ten goede.

Tot zover een deel uit de Dutch Masterclass uit BEET Magazine die momenteel in de winkels ligt. Om deze artikelen voortaan in het geheel te kunnen lezen, kun je ook een voordelig abonnement nemen: klik hier.

Maden als winters topaas voor karper

De bijtlust in de winter is vaak minimaal, daarom schotelen veel karpervissers de vis maar een klein hapje voer voor. Een van de meest effectieve aassoorten voor in de wintermaanden zijn maden! In dit artikel laat Paul Garner enkele van zijn madenmontages zien. Er zit er vast eentje bij die op jouw water al het traditionele haakaas er met gemak uit vist!

Tekst & foto’s Paul Garner

Als je in Engeland een ronde zou maken langs de gemiddelde goedbezette karperput, dan zal je zien dat behoorlijk wat visser maden inzetten. Sterker nog, in een paar jaar tijd is dit wellicht het meest gebruikte aas onder karpervissers geworden… en niet alleen in de winter! En dat is niet zonder reden, want maar al te vaak vang je hier meer vis mee dan traditioneel karperaas.

De madenvisserij is zo’n succes geworden, dat op sommige wateren er limieten gesteld zijn aan de (voer)hoeveelheid. Sommige wateren werden helemaal overvoerd, wat uiteindelijk contraproductief werkte. Zeker in de winter is de voerhoeveelheid relevant, omdat je beter vang op een klein hoopje aas, dan een groot voertapijt.

 

======================================

DE MADENCLIP

De madenclip wordt aan het uiteinde van de hair geknoopt. Deze clips zijn verkrijgbaar in verschillende maten, zodat je het gewenste formaat haakaas in balans met de clip (en haak) kunt houden. Ga je voor zo’n madenclip, voeg dan altijd een stukje drijvend foam toe om het gewicht van de clip op te heffen. Zonder foam zal een karper de clip met maden een stuk lastiger naar binnen werken!

=======================================

De madenclip.

Stukje drijvend foam is essentieel!

 Klaar voor gebruik: knettergoed winteraas!

 

BIJVANGSTEN?

Bij de madenvisserij moeten we wel wat kanttekeningen plaatsen. Zwemt er naast karper veel witvis of kleine baars, dan ga je geplaagd worden door deze vissen, zelfs hartje winter. Je zult bijvangsten voor lief moeten nemen, maar ergens ligt een grens. Dat is voor iedereen weer anders… Ten tweede bouw ik graag mijn madenplek zorgvuldig op, en dat kan wel een paar uur duren. Als ik daar aan begin, dan wil ik wel zeker weten dat ik in de juiste zone bezig ben. Kortom, op mijn manier is het zeker geen ‘zoektechniek’ om de karper op te sporen.

Door elk uur op dezelfde plek in te werpen met een pva-zakje of -stick ontstaat een geconcentreerd hoopje maden. De maden kruipen echt niet ver weg en ook zullen ze nauwelijks in de modder duiken. Onderwaterbeelden laten zien dat ze zich verspreiden over een oppervlakte van hooguit een dinerbord.

 

=================================================

MADEN STICK

Ik gebruik graag een pva-stick vol met maden. Soms introduceer ik bij aanvang met een spomb al wat maden. Het gebeurt zelden dat ik tijdens een sessie meer dan 1,5 liter maden gebruik. Overigens is karper niet zo kieskeurig als andere vissoorten, dus hoef je je ook geen zorgen te maken of het echt kakelverse maden betreft die je aanschaft.

Voeg eerst een pva-wokkel toe en vervolgens de maden. Prik de pva-zak aan de haak met de haakpunt in de pva-wokkel, zo blijft de haakpunt vrij van maden!

==================================================

Wil je maden flavouren of boosten, dan dien je wel op te passen. Een vloeibare liquid heeft weinig zin. Als je niet oppast maak je ze allemaal drijvend! Kies daarom voor een poeder additief, dat je een paar dagen van tevoren al toevoegt. Een eetlepel sterk geconcentreerd additief, zoals inktvis- of leverpoeder, is vaak voldoende. Je kunt de maden ook een aantal dagen door droge stickmix of ander lokvoer laten kruipen; de mogelijkheden zijn bijna eindeloos.

In Engeland kun je nog van allerlei kleuren maden kopen, maar opmerkelijk genoeg heb ik nog geen verschil in vangsten kunnen opmerken. Best vreemd, aangezien in de boilievisserij wel de algemene consensus is dat bepaalde, fel gekleurde haakaasjes beter scoren ten opzichte van een andere kleur.

Als je last hebt van kleine witvis, schakel dan over naar nepmaden als haakaas. Die kleine vis zal ook een deel van het voer wegvreten. Daarom voeg ik op dat soort wateren een klein beetje blikmais en snel uiteen brekende pellets aan mijn voermix toe.

MADEN RIGGEN

Omdat maden zo klein van stuk zijn, is het een uitdaging om de rig in balans te houden. De haakkeuze is het voornaamste dilemma. De grootste karper draait zijn hand niet om voor een made, maar het materiaal moet het wel aankunnen. Tegelijkertijd moet de presentatie ook niet te lomp zijn.

Op een obstakelvrije stek houd ik het allemaal een tikje dunner, kleiner en lichter. Ongeveer 6 maden prik ik direct op een stevig model klauwhaak in maat 10 of 12. Door de maden door de kop te haken, in plaats van door de gebruikelijke achterkant, blijft de haakpunt beter vrij. Overigens is het niet essentieel om de maden op een hair te zetten voor een optimale inhaking. Bij het direct op de haak zetten is dit vrijwel gegarandeerd. Het wordt echter een ander verhaal wanneer je grotere en nog dikkere haken moet gebruiken, zoals een stevig maatje 8, dan ontkom je niet aan een hair montage.

 

===========================================

MADEN OP GAREN

Voor deze methode heb je een montage nodig met een klein rig ringetje aan het uiteinde van de hair. Vervolgens rijg je met een hele dunne naald maden op garen, of een stukje dunne, gevlochten lijn kan ook. Dit knoop je ten slotte aan de rig ring. Je kunt qua formaat madenbal alle kanten op. Deze methode geeft een hele strakke presentatie.

Op de aasnaald.

Bevestiging op het garen.

 

Haarmontage met rig ring

Hairmontage met rig ring.

 Het nette eindresultaat!

Als je een goede winterstek hebt, dan is het absoluut het proberen waard om eens met maden aan de slag te gaan. Wat dacht je van een felroze nepmaiskorrel met enkele witte maden erboven? Of gewoon wat maden direct op de haak aan een subtiele, schuivende montage? Ik weet zeker dat er heel wat stekken zijn waar je met zo’n aanpak meer karper gaat vangen dan met de traditionele winteraanpak!

==================================================

MADEN COMBI BAIT

Als laatste een methode om maden te combineren met een ander aas, zoals een nep maïskorrel. Hiermee krijg je een wat groter en opvallender haakaas. Deze rig bestaat uit een round bend model witvishaakje maatje 12 dat aan het uiteinde van de hair is geknoopt. De maiskorrel wordt op de hair geregen en vervolgens worden de maden op het kleine haakje geprikt. Tot slot duw je de haakpunt van het witvishaakje terug in de maiskorrel. Met een drijvende maiskorrel krijg je een heel langzaam zinkend aasje, met aan de bovenkant nog een paar bewegende maden. Over die visuele prikken: de maiskorrel hoeft niet per se een natuurlijke kleur te hebben, dus ook hier zijn de mogelijkheden om te experimenteren groot.

Rijg eerste een nepmaisje op de hair en knoop er vervolgens een klein witvishaakje aan.

 

 

Twan & Mandy: elastiek in ontwikkeling

De opkomst van de commerciële karpervisserij op visvijvers is niet meer weg te denken en bovendien worden er ook op veel natuurlijke wateren steeds meer grote vissen gevangen. Om dit soort vissen ook daadwerkelijk te kunnen vangen is wel wat aangepast materiaal nodig. Het is zeker niet voor niets dat bijna alle toppers onder de vaste stokken die op de markt zijn, zijn voorzien van topkits met zogenaamde Side Puller systemen. Tevens is er een verschuiving gaande van dunnere maten vol elastiek naar wat dikkere maten hol elastiek.

 

Met name voor het vissen op de commerciële karpervijvers maar ook net zo goed voor bijvoorbeeld het vissen op grote brasems en zelfs barbelen op grote en vaak stromende natuurlijke wateren is er bij Browning Stretch 7 Hollow Elastic ontwikkeld. De naam zegt het al, dit elastiek is rekbaar tot een lengte van 7 x de lengte van het gebruikte product. Je bereikt die maximale lengte vrijwel nooit en juist dat is het perfecte aan dit materiaal. Als je de goede lijndikte gebruikt in combinatie met de juiste maat van dit elastiek zal je vrijwel nooit een goed gehaakte vis verspelen door lijnbreuk omdat je simpelweg nooit dat maximum aan rek bereikt.

Kies de juiste diameter… 

Het is bijna onmogelijk om voor ieder soort visserij de exact beste elastiekmaat te omschrijven. Ieder water is weer anders qua diepte en ook qua visbestand. Stretch 7 Hollow Pole Elastic is verkrijgbaar in de maten 1,7 mm. (paars), 1,9 mm. (blauw), 2,1 mm. (geel), 2,3 mm. (wit), 2,5 mm. (groen, 2,7 mm. (oranje), 3,1 mm. (rood) en 3,5 mm. (licht blauw). Deze maten zorgen ervoor dat voor iedere visserij de juiste maat elastiek te vinden is. De dunnere maten zijn bedoeld voor de visserij op F1’s en kleinere karpers. De middenmaten zijn bij uitstek geschikt voor de visserij op wat grotere karpers en ook de barbelen en grote brasems op natuurlijke wateren en de dikste maten zijn bedoeld voor de visserij op redelijk extreme vissen die je tegenwoordig op sommige commercials tegen komt zoals steuren en echt grote karpers. Voor iedere omstandigheid de juiste maat. Alle maten worden geleverd met een lengte van 3 meter, ruim lang genoeg voor iedere tweedelige topkit van welk hengelmerk dan ook.

Mandy met een dikke brasem.

 

TIP MANDY:

HAIR-CONDITIONER

Soms wil elastiek nog wel eens opstroppen in de hengeltop en als dat gebeurt dan werkt het elastiek vaak niet optimaal. Allereerst moet het elastiek volop ruimte hebben in de hengeltop. De binnendiameter van de hengeltop moet altijd aanmerkelijk groter zijn dan de diameter van het gebruikte elastiek.

Ik ben bovendien steeds meer gaan geloven in de werking van Pole Elastic Allignment Bushes. Die moeten worden geplaatst in het tweede hengeldeel daar waar het topdeel over het tweede hengeldeel gaat, aan het ‘dunne’ einde dus. Hierdoor wordt het elastiek maximaal door het centrum van de binnenzijde van het hengeldeel geleid waardoor het vastplakken van de elastiek aan het hengeldeel zoveel mogelijk wordt beperkt.

Volgens mij het allerbelangrijkst is het gebruik van een heel klein beetje hair-conditioner dat opgelost is in water. Hair-conditioners zijn meestal op siliconen basis gemaakt en dat zorgt absoluut voor het beter glijden van het elastiek aan de binnenzijde van de hengeldelen waarin het is gemonteerd. Je moet er alleen wel voor zorgen dat de gebruikte hoeveelheid conditioner ten opzichte van de hoeveelheid water echt minimaal is, misschien niet meer dan 0,5%. Als je teveel conditioner gebruikt gaat het na een tijdje juist zorgen voor opstroppingen in de hengeltop, precies het tegenovergestelde dus van wat je wilt bereiken. Bovendien is er dan bijna geen knoop meer te maken in het elastiek die vast blijft zitten.

Tenslotte nog één belangrijke aanvulling. Check altijd even voor iedere vissessie of het stukje elastiek bij de bevestiging bij de gebruikte connector of kraaienpoot (dus daar waar de gebruikte vislijn aan het elastiek wordt bevestigd op welke manier dan ook) niet een beetje verweerd is geraakt. Juist dat precieze punt is altijd weer de zwakste schakel bij iedere elastiekmontage. Als de elastiek ooit breekt dan is het altijd daar. Als je ook maar n beetje twijfelt altijd meteen even opnieuw een bevestiging maken en het stukje elastiek waaraan je twijfelt verwijderen!

Twan drilt een grote vis… 

TIP TWAN:

ELASTIEK BUITEN DE HENGEL

Hoe vaak komt het niet voor dat je ergens aan het vissen bent en dat je een veel grotere vis haakt dan je had verwacht of dat je bijvoorbeeld een vis ‘pikkelt’, dus in het lichaam haakt. Bijna altijd zijn die vissen dan extra sterk en zijn ze veel moeilijker te landen dan normaal. Een extra hulpmiddel is dan vaak het extra stuk elastiek dat buiten de hengel hangt, daar waar je Side Puller systeem zit. Als je dat extra stuk elastiek gebruikt tenminste.

 

Waarom zou je zo’n extra stukje elastiek niet gebruiken? Het zit je absoluut niet in de weg tijdens het vissen en de extra rek vergroot absoluut de kans om zo’n grote of op een bijzondere manier gehaakte vis toch geland te krijgen. Wel moet je een stopkraaltje gebruiken waar het extra stukje elastiek doorheen schuift wanneer er extra veel kracht op het elastiek staat. Wat gebeurt er in de praktijk? Het extra elastiek schuift door het stopkraaltje heen de hengeltop in en je hebt gewoon meer rek juist wanneer je dat nodig hebt. Nadat de vis is geland simpelweg de kraal terug in de juiste positie terug schuiven en verder vissen.

Ik heb zo al verschillende keren vissen geland die ik met standaard elastiekmontages waarschijnlijk verspeeld zou hebben en zeker in de wedstrijdvisserij gaat het juist om dat soort vissen vaak. Probeer het maar eens!

Een heel ander slag vissen met een fijnere elastiek…

Chatterbaits & Spinnerbaits

Ik zie en hoor dat veel roofvissers chatterbaits nog niet echt weten te waarderen of zelfs niet in hun viskoffer hebben. Vreemd, want bijna elke roofvisser heeft wel een paar spinnerbaits in hun aasselectie. Als je goed kijkt, dan zie je dat een chatterbait bijna dezelfde kwaliteiten heeft als een spinnerbait. En als je het mij vraagt: zelfs nog wat meer! Tekst & foto’s: Jack van de Mortel Een chatterbait is simpel gezegd een jigkop met haak, met daarvoor een blad gemonteerd. De blade, het b...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Vissen met jerkbaits (deel 2)

vissen met jerkbaits

In deel 2 van dit drieluik over het vissen met jerkbaits gaan we dieper in op het vissen met jerkbaits in polders en kanalen. Dat is wat mij betreft echt nog een onderschat terrein; in die wateren kun je juist met jerkbaits het verschil maken. Niet alleen op snoek, ook snoekbaars en soms zelfs grote baars schuwen een jerkbait niet! En ook hier zit dit verschil weer in de details van het water en in het begrip van de werking van je jerkbait. In dit artikel probeer ik samen met jerkbaitbouwer Leon Prins hier wat meer toelichting over te geven en ook hoe je het water kunt ‘lezen’ zodat je meer kans maakt de roofvis te vinden.

Tekst: John Smit, foto’s: Smit, Leon Prins & Dennis Rademaker

>| DEEL 1

Polders en kanalen, ons mooie Nederland is ermee vergeven. Wat hebben wij een water en wat een diversiteit! En zowel vanuit de boot als vanaf de kant hebben we dus alle gelegenheid om hier gericht op roofvis te vissen. Toch kennen we allemaal dat gevoel wel; waar moet ik nu beginnen en hoe maak ik in zo’n eindeloos kanaal of in zo’n enorme polder nu een kans om ze ook te vinden? Zoals altijd zijn er aanwijzingen en als je die weet te herkennen vergroot je je kans enorm.

Grote snoekbaarzen hebben geen moeite met grote jerkbaits zoals deze BackslapperXL peacock.

JERBAITS IN DE POLDERS

Laten we beginnen met polders. En met polders bedoel ik ook echt polders met veel slootjes en afwateringskanalen om het land droog te houden. En een diepte die meestal niet meer bedraagt dan 1,5-2 meter maximaal. En daar zit volop (roof)vis en is dus alleszins de moeite waard om hier aan de slag te gaan. Hieronder een aantal tips. Allereerst; de kleinste, ondiepste slootjes kunnen de grootste vissen bevatten! Zeker in zomer en voorjaar, wanneer er veel kleine visjes zwemmen, volgen de rovers. En al helemaal op de kruisingen van grotere sloten en de ondiepere kleinere slootjes maak je een zeer goede kans. Hier heb je vanaf de kant echt een voordeel ten opzichte van de boot.

Grote snoekbaarzen hebben geen moeite met grote jerkbaits zoals deze BackslapperXL peacock.

Daarnaast is elke plek met een onderbreking of afwijking in de reguliere structuur een hotspot. Bruggen, overhangende takken, een afkalving in de oever, een grote duiker voor afwatering die in de sloot uitkomt, een poldergemaal, lelievelden; allemaal plekken waar je je jerkbait doorheen wilt vissen. Kijk hier ook goed naar het doorzicht van het water. Het kan er de ene dag kraakhelder zijn en de volgende dag, zeker na regen, erg troebel en stromen. Dit verandert dan natuurlijk de keuze van je jerkbait; Leon vertelt daar verderop in dit artikel meer over. Zorg in ieder geval voor jerkbaits die niet te diep lopen en een goed stopmoment hebben waarop ze blijven zweven (suspending), hier kun je echt je kansen mee vergroten.

 

JERKBAITS VOOR POLDERS – Leon Prins

Je gaat in de polder vissen. Ik hoor je denken: ‘Wat moet ik nou meenemen? Moet ik die Buster Jerk meenemen of een Rozemeijer Tybrid?’ Je kijkt dan naar specificaties, zoals zinksnelheid, actie en duikdiepte. Pak in de polder nooit een jerkbait waarvan je weet dat hij snel zinkt of de diepte in duikt. Een jerkbait mag in de polder niet te diep gaan. Voor je het weet zit je in de planten of misschien ligt er daar in de stadsvijver wel een fiets en dan ben je je favoriete aasje kwijt. Zou toch zonde zijn!

Jerkbaits als de Aad Dam Toppie/Topper jr. vind ik zelf echt super voor de polder. Of een Twisterjerk voor als ze lastig over de streep te trekken zijn. Maar er is ook goed bewaard gebleven truc! Probeer eens een drijvende of suspenderende kleine ‘strikermodel’ hybride jerkbait of een drijvende pullbait zoals bijvoorbeeld de Suick Thriller.

Jerkbaits in de polder

Aarzel niet om na een vangst dezelfde plek nog een paar keer uit te werpen

Wat mij daarnaast opvalt in de polders is dat de roofvis geconcentreerd kan liggen; als er eentje ligt, liggen er vaak meer. Aarzel dus niet om na een vangst dezelfde plek nog een paar keer uit te werpen. De vis ligt vaak superstrak in de kant, je krijgt soms onder je voeten beet! Stil zijn dus en zorgen dat je juist de oeverranden niet overslaat. Een goede manier om dit vanaf de kant te doen is door voor je uit te werpen. Je hebt het water daar nog niet verstoord en je kunt dan goed onder je eigen oever vissen. Qua materiaal zou ik ook hier niet te licht vissen (en ook niet te zwaar); een reelhengel van ongeveer 190-240 cm afhankelijk van je persoonlijke voorkeur met een werpgewicht van 40-80 gram met een gevlochten lijn van 40 lb en een dito onderlijn is prima. Niet alleen zit je wat vaker vast in planten en takken, maar je zult verbaasd zijn over welk formaat vis je nog tegen kunt komen… In beide gevallen is een beetje extra power geen overbodige luxe en met deze lengte kun je prima werpen. Datzelfde geldt voor de boot, zowel qua aanpak als voor het materiaal. Rustig varend in het midden van een poldersloot kun je perfect de oevers uitwerpen. Zelf vis ik graag in een waaier voor mij uit, mijn jerkbait komt dan bijna overal en dit verhoogt de kansen aanzienlijk.

Samenvattend: goed onder je eigen kant vissen, zoek naar afwijkingen in structuur, kruisingen goed uitvissen en niet aarzelen om door te blijven vissen waar je beet hebt gekregen. Of wacht eens een half uurtje en probeer het dan nog eens, soms zijn ze dan opeens wel los.

KLEURENKEUZE JERKBAIT – Leon Prins

Vissen met jerkbaits
Pak eens een goede hybride en kijk eens wat hij met zijn buikje doet na een haaltje

Kleurenkeuzes kunnen menig vissers uren over discussiëren. Ik geloof maar half in kleuren, maar meestal zal een kleur eerder het vertrouwen van een visser vangen dan de vis, zeg ik altijd. Maar vooruit.

Helder water: Natuurlijke print op basis van welke aasvissen er veel zwemmen. Troebel: Fellere kleuren die meer opvallen. Maar ook kleuren die veel flash hebben in combinatie met een jerkbait met veel wiebel. Wat ik ook heel graag doe is een natuurlijke kleur maken met fluoriserende accenten, die zijn in elk water goed te zien door de vissen. Ik vis heel graag met een Firetail, een zilvergrijze print met flash en een baarskleur. Persoonlijk hou ik veel van contrast: pak eens een goede hybride en kijk eens wat hij met zijn buikje doet na een haaltje: Juist! Hij wiebelt daar lekker mee in het rond! Laten we dan de kleur daarop afstemmen. Donkere basiskleur, hele lichte kleur buik. Nu gaat hij door het wiebelen flitsen onder water. Dat valt op, net als een knipperlicht. Snap je waar ik heen ga? Je hoeft niet per se een lichte kleur te gebruiken in troebel water. Zolang je jerkbait maar genoeg contrast biedt in zijn kleur kan je overal terecht.

KANALEN

Met kanalen bedoel ik de grotere kanalen en dan hebben we het over serieuze watersystemen. Bijvoorbeeld de Hoge en Lage Vaart in Flevoland, het Wilhelminakanaal door Friesland, de Vecht of het Overijssels kanaal. Grote kanalen, soms met veel (beroeps) scheepvaart en daarom met een grote diversiteit aan dieptes, oeverstructuur en verbindingen. En daarmee weer net wat complexer dan de polder.

Allereerst denk ik persoonlijk dat je voor deze type wateren beter met de boot kunt gaan. En als je vanaf de kant vist, ga dan met de fiets zodat je snel van hotspot naar hotspot kunt komen. Waarom? De meeste kanalen hebben lange stukken waar nagenoeg geen vis zit en korte stukken waar relatief veel vis zit. En die wil je natuurlijk afvissen! Ik heb dat vastgesteld na jaren en jaren vissen en kilometers varen en pas hier ook mijn aanpak op aan.

Korte stukken waar relatief veel vis zit… Leuk zo’n HDR foto met ‘gebroken’ hengel!

Die korte stukken waar veel vis zit laten zich op dezelfde wijze als in de polder ‘lezen’; afwijkingen in de oeverstructuur, kruisingen, overhangende takken, stroming, doorzicht van het water. Maar! In kanalen spelen nog een paar criteria een rol. Allereerst diepteverschillen, die kunnen aanzienlijk zijn. De vaargeul in het midden kan soms enkele meters dieper zijn dan het oevertalud. En dat betekent dat je dus verschillende dieptes af moet vissen. En dus verschillende jerkbaits zult moeten inzetten. Soms zijn er plekken waar beroepsvaart aanlegt; het spoelwater van de schroeven kan hier echt gaten creëren, soms tot wel 6 meter diep; dit zijn zeker in de winter echte hotspots!

Inham in een dikke rietkraag… ook een hotspot.

En anders dan in de polder bewegen ook de prooivissen zoals voorn en blankvoorn meer als scholen door een kanaal. De roofvis volgt deze en ook daarom zit de vis vaak meer op enkele, specifieke stukken dan overal. Ik gebruik hier dan ook altijd mijn side scan functie van mijn Raymarine apparatuur zodat ik de scholen aasvis goed kan waarnemen en weet waar ik moet vissen. Weer een extra mogelijkheid vormen de bruggen, zeker die bruggen waar de betonvoeten van de brug in het water staan. Langs deze betonvoeten ligt vaak de roofvis. En als die betonvoet zelf weer op palen staat, en de vis dus onder de betonvoet kan liggen, zijn dit extreme hotspots voor grote snoekbaars. Moeilijk te vangen maar als je er een haakt is het altijd een goede!

Hotspot voor met name grote snoekbaars!

Ook de oevers zelf zijn diverser dan de meesten zich realiseren. Ja, het klopt, veel ervan is beschoeid en saai. Maar dat maakt juist de plekken waar dat niet zo is superinteressant! Bijvoorbeeld stortblokken; gegarandeerd goed om snoekbaars of baars op te vinden in het voorjaar. Of rietoevers; door de hekgolven van de scheepvaart vaak wat uitgesleten waardoor de rietlanden hol zijn en de vis eronder kan liggen. Ook erg goed voor meerval overigens… Of openingen in de beschoeiing om vogels door te laten, paaiplaatsen te maken of slecht onderhoud. Of een opening voor een kleine aanlegplaats voor de recreatievaart. Allemaal bijzonderheden die je zeker in je op moet nemen en met meer kans kunt bevissen.

Kanalen hebben vaak een gevarieerder bodemprofiel dan je op het eerste gezicht zou denken…

Samenvattend zijn er dus veel variabelen die een rol spelen en specifiek voor kanalen: dieptes kennen, gaten vinden, afwijkende oeverstructuren afvissen, bruggen secuur uitvissen, kruisingen bevissen, scholen prooivis zoeken, stroming en doorzicht goed vaststellen. Op nieuw water begin ik daarom zelf vaak eerst met een stuk trollen terwijl ik de omgeving en diepte opneem en kijk of ik aasvis zie. Zodra ik die gevonden heb of een stuk interessant vind ga ik over op jerkbaits en vis ik dat gebied heel gericht werpend uit. Zo benut ik mijn vistijd optimaal.

IN KADER

SNOEKBAARS

FOTO 19 medium

In grote kanalen huizen kastelen van snoekbaarzen!

Ik krijg regelmatig vragen over het vangen van snoekbaars in kanalen. Dat is kennelijk toch speciaal. En dat is ook zo! Snoekbaars, met name in grote kanalen, is vaak groot en sterk. En ze zijn met jerkbaits erg goed te vangen. Er zijn een paar zaken die je er extra kans op geven. Allereerst de al eerder genoemde grote betonvoeten onder bruggen, daar liggen ze vaak bij en kun je je jerkbait rustig presenteren. Wat ook erg goed werkt is kort na de opening in juni de oevers uitvissen. Vaak liggen de vissen dan tegen de oevers en zijn ze extra scherp. Zelf zoek ik ook met mijn Raymarine apparatuur naar kuilen in een voor de rest egale bodem; daar liggen ze vaak in. En als laatste: plantenbedden, vroeg in de ochtend en tegen de avond of in het donker. Hou daar je hengel maar vast! Zelf begin ik altijd eerst met kleinere jerkbaits, ook om de inhakingskans te vergroten. Als dat niet werkt schakel ik snel over naar grotere jerkbaits. Ook hier heeft de Backslapper XL van Leon zich bewezen; al meerdere keren schuiven deze volledig naar binnen op de agressie van een jagende grote snoekbaars!

WELKE JERKBAIT(S)?

Tsja, en met al deze variabelen, hoe kies je dan de juiste jerkbait(s)? Ik kijk zelf altijd eerst naar het doorzicht van het water. Helder? Dan een natuurkleur jerkbait. Troebel? Dan iets fellere kleuren. Vervolgens beoordeel ik de diepte. Vis ik van ondiep naar diep dan kies ik voor een langzaam zinkende jerkbait. Hiermee kan ik het talud blijven volgen en zakt de jerkbait langs het talud de diepte in. Vis ik bijvoorbeeld langs de oevers op dezelfde diepte (1-2 meter) dan kies ik voor een jerkbait die nauwelijks zinkt.

Mijn favoriete jerkbaits voor polders en kanalen afgemonteerd met Owner splitringen en Owner dreggen. Een goede splitringtang (Frichy van Fiiish) is wel zo handig!

Links, van boven naar beneden:

  • PrinsBaits BackslapperXL
  • Aad Dam XL (opnieuw gespoten, ‘teveel’ op gevangen)
  • PrinsBaits try out model (die lekker vangt)
  • StrikePro Buster Jerk, kleine versie, superratel

Rechts, van boven naar beneden:

  • PrinsBaits Seductor
  • Salmo Jack
  • Salmo Sweeper
  • Salmo Glider

Daarna kies ik een type actie. Een hybride jerkbait met een waggel om aasvis te imiteren. Een slider om met een mooie uitslag vis tot een aanbeet te triggeren (samen met een lang stopmoment) en soms een pullbait, met name om mee door openingen in de oever en op kruisingen met ondieper water of door leliebedden te vissen. En qua grootte? Dat is lastig te zeggen. Het lijkt wel of dat van dag tot dag kan verschillen en een ding weet ik zeker; ook snoekbaars en baars schuwen een grote jerkbait niet. Mijn volgorde van kiezen is dus: kleur – drijfvermogen – type actie – grootte.

Een hybride jerkbait met een waggel om aasvis te imiteren

JERKBAITS VOOR KANALEN – Leon Prins

Een kanaal lijkt vaak kaal, maar dat is het niet altijd. Onderwater ziet alles er een stuk minder saai uit. Helaas kunnen wij kantvissers niet alles zien. Maar ik kijk wel graag naar de struiken die over het water hangen, vooral in de kanalen met een ondiepe kant van zo ongeveer <1m diepte. Ik pak voor kanalen over het algemeen veel sneller een hybride glider, die duiken net ietsje verder naar beneden als de typische gliders. Dan kun je denken aan de Striker van Rob Kraayenveld, of misschien wel een dikke vette Terror van Nick…, die dingen zijn ook machtig!

Voor stekken van rond de 2 meter diepte heb ik mijn Backslapper XL ontworpen. Ik heb dus dan altijd een doosje met grotere hybrides bij mij met standaard daarin: Backslapper XL, NK Terror, NK Shot, RK Striker en Whopper. Daarnaast ook de standaard Backslapper waar ik gewoon heel graag mee vis en een Bössel, maar de NK HotChubby mag ook niet ontbreken! Die wil wel eens werken, met korte haaltjes en tikjes omhoog gevist, als ze nogal vast liggen op hun plek. Gliders kunnen ook een goede uitkomst bieden, zoals de Manta, Shallow Busterjerk, Westin Swim, Wingman van Armatus, of een Prinstail of een good old Twistglide van Nick natuurlijk. Het liefst vis ik hier met een glider die wat duikt en niet eentje die heel hoog in het water blijft, tenzij de waterplanten hoog staan natuurlijk of de aasvis net onder het oppervlak zwemt.

Als John en ik samen vissen zijn er altijd genoeg Backslappers XL aan boord…

Voor grotere kanalen met meer diepte ga ik naar jerkbaits die echt hard zinken of diep duiken. Denk daarbij aan de Tybrid, Mopskop, NK Hot Chubby met halen gevist, of een snelzinkende glider kan je hier ook specifiek op bestellen bij een goede bouwer. De genoemde jerkbaits krijg je ongeveer 3 meter diep, met meer pauzes zelfs tot 4 meter.

Qua materiaal kun je met hetzelfde uit de voeten als in de polders. Tegelijkertijd is het wel goed jezelf te oriënteren. Sommige kanalen bevatten soms bovengemiddeld grote vis, zoals bijvoorbeeld in Flevoland. Aarzel dan niet om een slag zwaarder te gaan met hengels tot 100 gram werpgewicht, 60-80 lb lijnen en stevige wartels. Je zal die ene buffel maar haken… En ook je jerkbaits goed verzorgen! Zelf monteer ik alles af met Owner splitringen en Owner dreggen. Voor mij een zekere keuze en geen nachtmerries van uitgebogen materiaal.

Ook in de koudere maanden met jerkbaits op de kanalen… probeer het eens!

ONVERWACHTE PARELTJES

Wat ik zo bijzonder vind aan polders en kanalen is niet alleen de vaak prachtige omgeving waarin je vist maar ook de waanzinnige vangsten die je kunt hebben. Vaak onverwachte pareltjes. Grote snoeken, diepdonkere snoekbaarzen, agressief grote baarzen. En als je het echt treft de verwoestende aanbeet van een grote meerval, altijd goed voor liters adrenaline! En last but not least; in ons winderige landje kun je eigenlijk altijd wel een plek vinden waar je terecht kunt. Alle opties dus om aan de slag te gaan en met de tips in dit artikel hopelijk met veel mooi resultaat!

LEES OOK >| DEEL 1

Herfst Roofblei

Op rivierplassen

Voor de meeste mensen is roofblei inmiddels een bekende roofvis. Deze zilveren torpedo’s worden meestal in één adem genoemd met stromend water. Hoe harder het stroomt, des te ‘roofbleiiger’ de stek, lijkt het. Waar veel vissers aan voorbijgaan, is dat roofblei ontzettend goed op stilstaand water te vangen is. De diverse plassen die in directe verbinding met een van onze grote rivieren staan, herbergen namelijk een goed bestand aan (grote) roofblei. Sinds een aantal jaar vissen we hier gericht op, met succes. In dit artikel gaan we dieper in op deze visserij. Alle geheimen op tafel!

Tekst & foto’s: Vis Technische Dienst

De roofblei is een zogenaamde ‘exoot’. Dit betekent dat hij van nature niet in Nederland voorkomt, maar ondertussen is de roofblei ingeburgerd en komt wijdverspreid voor. De soort heeft namelijk een opmerkelijk vermogen om zich aan te passen aan de omstandigheden. Van het snelst stromende water dat we hier kennen tot aan eendjesvijvers in sierparken: de roofblei weet zich er te handhaven. Van een agressieve jager die razendsnel door scholen vis in het oppervlak jaagt, tot een luie slobberaar van broodkorsten. De roofblei is van alle markten thuis.

Grote roofbleien zijn prachtig om te bekijken in het water. Check die puntige staartvinnen eens!

NIEUW JACHTGEBIED

Rivierplassen in ons land hebben een belangrijke functie als opgroeigebied voor jonge vis. Jonge blankvoorn, winde, baars en roofblei komen hier in de zomermaanden vaak in zeer hoge aantallen voor. Het water is er rustig, de oevers zijn ondiep en er staan vaak waterplanten. Kortom: in de plassen is meer beschutting en voedsel aanwezig dan op de aangetakte rivier. Niet onlogisch dat ook de roofbleien hier graag naartoe trekken om te jagen.

De vroege ochtenduurtjes zijn de beste momenten van de dag.

Het bestand aan roofblei op de plassen is dan ook vaak hartstikke goed. En het leuke aan de rivierplassen vinden wij juist het stilstaande en heldere water. Want wat is er nou mooier dan op een nagenoeg windstille septemberochtend aan een kraakheldere rivierplas te staan en je topwater aasje in kniediep water de lucht in geslagen zien worden door een dikke roofblei? Daar slaat je hart gegarandeerd een keer van over.

OM GEK VAN TE WORDEN…

Roofblei is een soort die vroeg paait, op stromend water. De soort is dus ook erg vroeg actief te belagen met kunstaas. Als je de social media in de gaten houdt, zie je vissers in maart soms al behoorlijke hoeveelheden grote roofbleien vangen op de rivieren aan snel gevist kunstaas. Het duurt echter een tijdje voordat de grote roofbleien de plassen op trekken en er ook goed te vangen zijn. Het roofvisseizoen gaat elk jaar eind mei weer open. We trekken er dan massaal op uit.

Ongetwijfeld herken je de volgende situatie: je ziet roofblei jagen! Van rustige head & tail bewegingen tot harde klappen en alles wat er tussenin zit. Je kan je geluk niet op en je begint je al rijk te rekenen. Maar dikke pech: wat je ook doet en wat je ze ook voorschotelt, een aanbeet komt er niet. Om gek van te worden! Wat er aan de hand is, is dat roofblei in het late voorjaar volledig gefixeerd is op het jongbroed. Deze visjes zijn nu tussen 1,5 en 3 cm groot en kunnen nog niet zo goed zwemmen. Ze zijn op sommige plekken massaal aanwezig en ze vormen dus een gemakkelijke prooi voor de roofblei. Niet zo gek dus dat de roofblei niet tot nauwelijks geïnteresseerd is in je kunstaas. We denken dat de roofbleien zo gefixeerd zijn op de langzame en minieme bewegingen van het speldaas, dat ons kunstaas de roofblei gewoonweg niet triggert. Het enige dat in deze periode nog wel eens wil werken, is een vrijwel statisch aangeboden ‘visbroedvliegje’ met een vliegenhengel gevist.

Volop jagende roofblei, maar wat je ook doet en wat je ze ook voorschotelt, een aanbeet komt er niet.

Maar hoe verder de zomer vordert, hoe groter de aasvisjes worden en hoe meer moeite roofblei moet doen om zijn prooi te vangen. Hierdoor wordt hij agressiever en gevoeliger voor triggers, waardoor wij ze ook weer beter kunnen foppen. Meestal begint dit halverwege juli. Waar je wel rekening mee moet houden, is dat roofblei in de zomermaanden niet de hele dag even actief is. Veruit de beste periodes zijn (het is een open deur) de ochtend- en avonduren. Het krieken van de dag heeft bij ons hierbij de voorkeur. Op een of andere manier boeken we in de ochtend altijd de beste resultaten.

Een beste roofblei vergreep zich aan een eigenbouw jerkbaitje. Laat in de zomer is je aas niet snel te groot.

MAGISCH!

Wanneer de zomer overgaat in de nazomer en vroege herfst, zeg halverwege september, is de visserij op zijn mooist en best. De roofbleien zijn nu maximaal op jacht, want ze moeten zich volvreten voor de naderende winter. Het mooie is dat de roofbleien in dit jaargetijde de gehele dag te vangen zijn. En roofbleien scholen ook samen in de herfst. Je moet dit niet zien als de klassieke scholenvis (schouder aan schouder), maar zones van plassen waar grote aantallen zich ophouden. Weet je zo’n school te vinden, dan kan het echt magisch worden met meerdere dikke roofbleien in een sessie. Richting oktober, als de herfst meer zijn intrede doet en de watertemperatuur verder daalt, neemt de activiteit van roofblei ook af. Maar vergis je niet: oktober kan ook nog echt een topmaand zijn. Zeker de eerste weken. In november zijn de meeste roofbleien wel verdwenen. Waar ze heengaan? Dat is eigenlijk nog steeds een raadsel. De vermoedens zijn dat ze naar de diepere lagen in de plas gaan en daar overwinteren, maar zeker weten doen we het niet. De roofbleien zijn nagenoeg spoorloos tot het nieuwe seizoen weer begint.

Hangen! Tim drilt een mooie roofblei, zeker in het najaar zijn het echte krachtpatsers.

SIZE DOES MATTER

Roofblei op de plassen is met een grote variatie aan kunstaas te vangen. Eigenlijk is het grotendeels hetzelfde kunstaas dat je ook op de stromende plekken inzet: tailspinners, plugjes, kleine twitchbaits, ratelplugjes, pilkertjes en topwaters zijn onze favorieten. Belangrijk bij de keuze van je kunstaas is dat je goed in de smiezen hebt op welk formaat aasvis de roofbleien aan het jagen zijn. Roofblei is namelijk zeer kritisch op formaat. Dit is misschien wel belangrijker dan kleur of actie. Zorg dus dat je verschillende maten kunstaas bij je hebt. In het begin van het seizoen klein – 2,5 tot 5 cm – en later wat groter: tot een centimeter of 10-12 in september/oktober. Onze favoriete kleuren zijn overwegend zilver(achtig), maar ook wit, groen of oranje willen het bij ons vaak goed doen. Maar eigenlijk is dat puur persoonlijk. We hebben tot op heden nog geen echte uitschieter gevonden.

De DUO Realis Pencil is in veel formaten verkrijgbaar en daarmee een aasje dat inzetbaar is gedurende het hele seizoen.

JACHTTECHNIEK

Tailspinners, (ratel)plugjes en pilkertjes tussen de 5 en 15 gram vis je eigenlijk hetzelfde als op de rivier. Lange worpen maken en op hoog tempo binnenvissen, waarbij je iets kunt variëren in snelheid. Vergeet ook niet om deze aasjes eens naar de bodem te laten zakken en dan snel omhoog te vissen. Roofblei is een soort die zich in alle waterlagen ophoudt. Je gelooft het niet: we hebben ze zelfs aan de traag geviste Carolina rig gevangen, met een 2,5 inch aasje. Twitchbaits vissen we iets anders. Deze kunstaasjes, die we tussen de 5 en 10 cm pakken, twitchen we zo snel we kunnen binnen. Hierbij houden we vrijwel niet stil, behalve bij een tik die niet hangt of een kolk achter je aasje. Dan is het juist wél van belang om het aas een fractie stil te laten vallen.

Roofblei
Tim met een hele mooie roofblei op de Molix WTD Tarpon, één van onze favoriete topwater aasjes!

Dit heeft met de jachttechniek van de roofblei te maken. Vaak beukt de vis zijn prooi murw met zijn kop en komt een paar seconden later terug om het verlamde visje op te eten. Vis je gewoon door dan vang je de vis minder vaak (of hij zit aan de buitenkant van zijn bek gehaakt). Laat je het aasje stil vallen, dan krijg je vaak alsnog die verziekende aanbeet. Het enige kunstaas dat we niet snel vissen, zijn de topwaters. Zowel de poppers als de walk the dog aasjes vissen wel vlot, maar niet extreem snel. Onze ervaring leert dat een vaste snelheid de meeste aanbeten opleveren. Deze zijn vaak ronduit spectaculair, maar het moet ook gezegd worden dat ze ook regelmatig niet blijven hangen. Daardoor zijn deze aasjes wellicht iets minder effectief. Maar die prijs betalen wij graag, want topwaters zijn bij ons favoriet voor de roofblei! We vissen met mini-poppertjes van maar 4 cm tot grotere walk the dog stickbaits van 12 cm.

FAVORIETE ROOFBLEI AASJES

Een greep uit onze favoriete aasjes voor de roofblei. Hier komen ze:

  • Rapala Rippin Rap
  • Rapala BX Minnow
  • Rapala X-Rap
  • Rapala Rip Stop
  • Molix WTD Tarpon
  • Molix Trago Spin
  • Molix Finder Jerk
  • Duo Drag Metal
  • Duo Spearhead Ryuki
  • Duo Pencil
  • Duo Tetra Works Poco Poco
  • Tacklehouse Feed Popper
  • Megabass Dog-X en Dog-X S
Roofblei aas
Kleine, slanke plugjes zoals de Rapala BX Minnow zijn echte roofblei killers.

MATERIAAL

Qua materiaal voldoet je standaard spinhengel in de meeste gevallen prima. Wat wij het liefst gebruiken, is een spinhengel met een lengte rond de 2,40 meter en een werpgewicht tussen de 10 en 30 gram. Persoonlijke favorieten zijn de St Croix Legend Tournament 7,6 Ft Medium-Light (LWS76MLXF2), de Legend Xtreme (LXS76MLXF2) en de Legend Elite (ES76MLXF2). Wat betreft molen voldoet een 2500 maat het beste. Deze ligt goed in balans met een lichte hengel. Een wat hogere inhaalsnelheid is gewenst omdat je meestal snel vist. Onze favorieten zijn de Shimano Stradic, Vanford en als je echt luxe wilt de Vanquish. Op de molen hebben we een 8/00 tot 12/00 gevlochten lijn waarbij onze favorieten de X8 van Sufix en Kairiki van Shimano zijn. Als laatste deel hebben we een voorslag van fluorocarbon van 24/00 tot 30/00 met een FG-knot aan de hoofdlijn geknoopt. Aan de voorslag knopen we een Mustad Fastach speld maatje 0 of 1. Wil je met een dikkere voorslag vissen, neem dan geen fluorocarbon. Dit materiaal zinkt namelijk en kan bij gebruik van dikkere lijnen de actie van met name je topwaters negatief beïnvloeden, bij een dunnere voorslag valt dat mee.

ROOFBLEI TACTIEKEN

Aasjes in de pocket, hengels opgetuigd, wekker vroeg gezet: nu nog de stek. Een goed begin is om te kijken waar de aasvis zich ophoudt. Dit kan je zien door de kleine kringen die ze maken. Of je ziet schooltjes langs de oever trekken. Zie je dit, dan weet je dat de roofbleien vaak niet ver weg zijn. Ook is het slim om de vogels in de gaten te houden. Zo kunnen sterntjes of meeuwen verraden waar zich veel aasvis ophoudt, maar denk ook aan futen. Zie je meerdere futen in een hoek van de plas, dan kan je ervanuit gaan dat daar voldoende aasvis aanwezig is. Verder laat roofblei zich ook vaak zien. Dit kan doordat ze aan het oppervlak draaien of aan het jagen zijn. Of als je je rustig langs de kant beweegt, zie je ze ook vaak cruisen langs en over de ondieptes. Dit laatste is trouwens een van de belangrijkste tips die we je kunnen meegeven. Jakker niet meteen tot je middel het water in, als je op roofblei vist. De meeste aanbeten krijgen wij op maximaal 1 meter diep water! Benader je stek dus rustig, en waaier eerst een paar keer links en rechts de stek uit. Waadt dan, als dat nodig is, het water in. Maar liever blijf je zoveel mogelijk uit het water.

HOTSPOTS RIVIERPLASSEN

Stilstaande heldere plassen: verborgen parels voor de roofbleivissers!

Los van de aanwezigheid van aasvis, kan je roofbleistekken op de rivierplas in grofweg drie categorieën indelen: de oever, het open water en ondiepe platen.

De oever: Vaak zwemmen de roofbleien op de rivierplas parallel langs de oever, meestal langs het talud op. Vanuit deze positie jagen ze visbroed tegen de oever omhoog op. Als je langs deze oevers vist kan je het beste worpen van 45 graden ten opzichte van de oever maken. Pas wel op, aanbeten kunnen hierbij vaak vlak voor je voeten voorkomen, dat is niet goed voor je hart. Maar wel leuk!

Open water: Vaak zwemmen scholen aasvis boven diep water. De roofbleien weten dit en zwemmen in de diepere waterlaag, waaruit ze hun aanval bijna verticaal omhoog uitvoeren. Het is niet erg om je aasje een halve meter diep of zelfs in het oppervlak boven 10 meter water te vissen. Aanbeten zijn hier vaak zeer explosief en de roofblei komt hierbij soms helemaal het water uit, zeker als je topwaters gebruikt. Check onze YouTube-film over topwaters maar eens, van afgelopen jaar!

Ondiepe platen: Vaak heb je in rivierplassen ondiepe platen of uitlopers. Daar heb je in de regel meer plantengroei waardoor er ook veel aasvis zit. Met name in de vroege ochtenduren of in de avond komen de roofbleien deze platen op om te jagen. Dit zijn onze favoriete topwater stekken!

Aanbeten zijn hier vaak zeer explosief en de roofblei komt hierbij soms helemaal het water uit, zeker als je topwaters gebruikt!

GEVOELIGE VISSEN

Wees je ervan bewust dat roofbleien gevoelige, kwetsbare vissen zijn. Mocht je een vis hebben uitgedrild, houd hem dan nog even een halve minuut onder water zodat deze een beetje bij kan komen. Grote roofbleien kan je prima aan hun staartwortel vasthouden. Nog beter is natuurlijk een drijvend landingsnet. Dan kan je de vis scheppen en even rustig in het water laten liggen, terwijl jij ook even bij kan komen en je camera in orde maakt. Wanneer je foto’s maakt, houd de vis niet te lang uit het water. Doe je dat wel dan duurt het heel lang voordat een roofblei weer een beetje bij is. En tot slot: gebruik géén kieuwgreep! Doe je dit dan is de kans dat het kieuwdeksel uitscheurt heel groot, met vaak dodelijke gevolgen! Wil je met een roofblei op de foto, ondersteun deze dan met één hand onder de borstvissen en houd met de andere hand de staartwortel vast.

Behandel roofbleien voorzichtig en til ze niet meer dan nodig uit het water.

Het roofbleien op de rivierplassen is een fantastische visserij om lekker een paar uurtjes te doen. Zeker nu, op het moment dat deze Beet op je mat valt. De aanbeten zijn on-Nederlands hard. Spektakel van de bovenste plank. Pak een hengel, je doos met kunstaasaasjes en ga lekker roofbleien!

Werphengels onder de loep

Wanneer je tegenwoordig een beetje gerespecteerde hengelsportzaak binnenloopt en om je heen kijkt, dan zal je merken dat er een groot aanbod aan werphengels te krijgen is. Voor iedere tak van vissen is er wel een speciale hengel ontworpen. Maar waarom is de ene hengel nou beter geschikt voor de ene techniek dan de andere? Wat wil ik? Welke hengel past hierbij en waar moet ik rekening mee houden? Tekst & foto’s: Mark Fekkes Allereerst is het natuurlijk belangrijk te bepalen voor welke visseri...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Op Roofvis in de Klotsbak

In deze ‘Vissen in de Buurt’ stappen we binnen bij kampeerwinkel Frans de Witte in Houten. Het woord kampeerwinkel lijkt niet veel met hengelsport van doen te hebben, maar het tegendeel blijkt waar. De hengelsportafdeling op de eerste verdieping van deze zaak floreert namelijk en breidt telkens meer uit. Op roofvisgebied kun je het gerust toonaangevend noemen. Met medewerker Sietze Hendriks gaan we in de buurt op zoek naar roofvis.

Tekst & foto’s: Berend Masselink

De winkel ligt 3 minuten rijden vanaf de A27 afslag Houten. Voor viswater hoef je niet ver te zoeken, want rond de winkel op bedrijventerrein De Meerpaal liggen diverse singels. Een lint van (karper)water langs ‘de Staart’ en de bekende rondweg van Houten en natuurlijk het Amsterdam-Rijnkanaal (‘ARK’) en Lek op loop- en fietsafstand. We pakken echter de auto, want dat gaat natuurlijk sneller bij het afrijden van wat stekken na het avondeten. Wanneer Sietze bij mij in de auto stapt, staan we in nog geen vijf minuten tijd bij een van de drukbeviste stekken van het kanaal.

Deze stek van de ‘klotsbak’ wordt druk bevist.

BEVER

Sietze werkt nu ongeveer een jaar bij Frans de Witte en deed ervaring op in de ‘retail’ bij Bever en een hengelsportzaak in Nijmegen. De hengelsportafdeling van kampeerwinkel Frans de Witte is redelijk uniek, want het is een onderdeel van Bever en het enige filiaal dat aan hengelsport doet, dankzij sportvis-minded medewerkers als Frank, Bob, Sietze en Samuel. Sietze: “De klanten weten ons steeds beter en vaker te vinden. Op roofvisgebied is ons doel om dé specialist van Midden-Nederland te worden, maar ook de witvisafdeling groeit inmiddels in rap tempo.” Dus daar staan we dan aan de rand van de ‘klotsbak’, in de volksmond de naam voor het Amsterdam-Rijnkanaal, op een drukbeviste stek waar het niet eenvoudig is om een roofvisje te vangen. Voor Sietze de mooiste uitdaging die er is. Waar ondergetekende de shad en dropshot te water laat, heeft Sietze er een suspenderende Megabass twitchbait aangeknoopt. Binnentikkend laat een 35 cm grote baars zich al bij de tweede worp in de luren leggen door dit spierwitte kunstaasje.

Sietze vangt al snel de eerste baars op een twitchbait.

Niet veel later komt er nog een tweede baars boven water die de 40 cm aantikt. Wanneer dit uitgewerkt lijkt te zijn, switcht Sietze aan dezelfde hengel dankzij een kleine, lichte Decoy Snap (een soort Fastach clip maar dan lichter) naar een fluorocarbon onderlijn met een roze shad en vervolgens een Carolina rig. Die C-rig levert hem nog enkele tikken op, maar de vis blijft niet hangen en het lijkt erop dat alle roofvissen vanaf nu de bekken dichthouden. Sietze: “Het wisselen tussen technieken is een van de belangrijkste zaken in mijn visserij. Vooral op stekken waarbij je 100% zeker bent dat er vis ligt, is het vaak een kwestie van net zo lang wisselen tot je ze over de streep krijgt. Dan moet de trukendoos open tot er vis op de kant komt.”

Het wisselen tussen technieken is een van de belangrijkste zaken in mijn visserij

Geen wonder dat hij veel technieken en kunstaasjes tot zijn beschikking heeft, variërend van Carolina rig, hardbaits (crankbaits, twitchbaits, ratelpluggen en waar mogelijk topwaters), de Ned rig en de good old loodkop met softbaits. “In landen als Amerika is het aan de orde van de dag, maar vooral in Nederland geven mensen het in mijn ogen te snel op als hun favoriete techniek of stek vruchteloos blijkt,” aldus de geboren Nijmegenaar.

Gevangen aan een dropshot geviste Keitech Easy Flapper.

MOSSELBANKEN

Op naar de volgende stek. Iets meer ten zuiden van Houten laat de Navionics Boating app wat meer afwisseling zien op de bodem van de klotsbak. Het lijkt op een stuk met wat mosselbanken. Op ogenschijnlijk monotone wateren zoals het ‘ARK’ staat of valt alles met structuur. Sietze: “De meeste vissers denken dan al gelijk aan bruggen, gemalen en sluizen, maar ook op een kaarsrecht stuk kanaal kunnen er onderwaterstructuren liggen waar (roof)vissen zich ophouden. Heb je deze gevonden dan kan je er bijna zeker van zijn dat er vis ligt.” Ook bij Sietze is de Relief Shading functie van de Navionics apps een van de belangrijkste gidsen voor zowel bekende als onbekende viswateren: “In één oogopslag kun je de taluds, mosselbanken, obstakels en kuilen vinden waar je normaal straal aan voorbij zou lopen.”

We worden op deze stek opgewacht door Nico van Dee, een frequente bezoeker van de winkel en ervaren roofvisser – kennismaking is niet nodig. De bodem afpeilend met onze shads merken we al dat we geregeld vastzitten aan mosselbanken, dus we zitten ‘in theorie’ op een snoekbaarsstek. Nu de praktijk nog. Niet zelden blijken die twee niet geheel overeen te komen waar het de ‘zanders’ betreft, die soms zo nukkig zijn als humeurige honden. Terwijl de zon langzaam de horizon opzoekt komen dan toch enkele aanbeten en de buit wordt aardig verdeeld. Nico haakt een snoekbaars op een Fox Zander Pro, ik haak er eentje wanneer mijn kleine Westin ShadTeez Slim – dropshot gevist – net over de rand van de mosselbank valt, terwijl Sietze een mooie tik krijgt op zijn supergevoelige Japanse carbonstok. Zouden ze dan toch loskomen?

Sietze is helemaal verslaafd geraakt aan de finesse-visserij op zeebaars.

JAPANS

Sietze is een groot liefhebber van de materialen uit het land van de rijzende zon. In tegenstelling tot menige ‘tackle tart’ die met dure spullen pronkt, kent hij als geen ander de specificaties en praktische verschillen tussen de honderden, misschien wel duizenden hengels, molens en kunstaasjes die er op de markt zijn, en deels ook in de winkel van Frans de Witte. Wat de voordelen van de door hem gebruikte Japanse hengels en kunstaasjes zijn weet hij feilloos te benoemen. Ondanks zijn jeugdige leeftijd vormt hij dan ook een gewillige vraagbaak in de winkel. Het gevolg is dat naast de recreanten onder de winkelbezoekers steeds vaker ook de specialisten richting Frans de Witte rijden.

Terwijl de schemering inzet lopen Nico en ik naar de auto’s om een paar honderd meter te verkassen. Ondertussen zal Sietze die afstand vissend overbruggen. De techniek erbij is ‘trollen’ of slepen met dieper lopende crankbaits of pluggen. ‘Trollen’ staat gewoonlijk voor slepen met kunstaas vanuit de boot, maar in het Amsterdam-Rijnkanaal wordt dit ook lopend vanaf de kant in praktijk gebracht, en door sommigen ‘wollen’ genoemd (‘wandelend trollen’). Terwijl ik op weg naar de auto nog een mooie snoekbaars haak op een dropshotaanbieding met een Finesse Filet van LMAB boven een verre mosselbank, heeft Sietze de 200 meter naar de volgende stek twee vissen weten te haken, een flinke baars en een snoekbaars.

Van alle markten thuis!

HOGE EISEN

Als het inmiddels donker is, legt Sietze nog even de kunstaasjes op een rij waar hij mee gevist heeft. Ook werpen we nog even zijn kostbare Megabass hengel uit, waar een Stella molen onder zit. Moeiteloos werpt deze combinatie een 7 grams jigkop met One-Up shad een meter of 75 ver de klotsbak in. Inderdaad een vederlichte set-up met perfecte balans en handelbaarheid. Mag ook wel voor die centen, maar dan heb je ook wat! Inmiddels kun je deze hengel en veel van de door hem gebruikte Japanse kunstaasjes van Megabass, Decoy, Tenryu, Duo en Sawamura ook in de winkel aantreffen, naast honderden andere hengels, molens en kunstaasjes van veel goede merken in elke prijsklasse.

Sietze: “Zelf vis ik erg vaak en stel hoge eisen aan mijn materiaal. Het bekende Japanse oog voor detail en kwaliteit zie je in dergelijk materiaal gelijk terug. En ondanks de hoge prijzen weten de echte die-hard roofvissers dit materiaal goed te waarderen en het verkoopt dan ook enorm goed.” Nico en ik kijken elkaar aan en schatten de waarde van onze eigen combi’s. Alle drie schieten we vervolgens in de lach. Ook daarmee kunnen we onze visjes vangen. Maar het zet ons wel aan het denken. En dat is de winst van vandaag. FOTO 13 groter als afsluiter? De avonduren zijn vaak top voor snoekbaars; dat weet Sietze maar al te goed!

Streetfishing op het scherpst van de snede

Op 16 oktober vond de finale van het tweede Nederlands Kampioenschap Streetfishing plaats in Utrecht. Het toernooi werd georganiseerd door Sportvisserij Nederland in samenwerking met aangesloten hengelsportfederaties en de Vereniging Nederlandse Roofvissers (VNR). David van Maanen (Team Shimano) kijkt met zijn koppelmaat Jordi Rakiman terug op dit avontuur.

Door David van Maanen – aanvullende fotografie Rein Rijke / Zout Fotografie

In de Domstad zou het moeten gebeuren. In deze finale stonden 47 overgebleven teams finalisten van de eerder geviste selectiewedstrijden in de regio’s (Rotterdam, Groningen, Zaandam, Zwolle, Sneek en Nieuwegein) klaar om het tegen elkaar op te nemen. Behalve het prijzengeld maakten de teams kans om geselecteerd te worden voor Team Holland om o.a. deel te nemen bij de eerste editie van het WK Streetfishing dat op 20 en 21 november plaatsvindt in Utrecht.

De 47 teams zijn er klaar voor! 

Loodvrij

Sportvisserij Nederland kwam dit jaar met een extra aandachtspunt. Alle streetfishingwedstrijden, zowel NK als WK, worden geheel loodvrij gevist. Beter voor het milieu en een goed voorbeeld voor de rest. Elk deelnemend team ontving een pakket van loodalternatieven bestaande uit jigheads, dropshotgewichtjes en bullet weights (www.sportvisserijloodvrij.nl).

‘Het parcours was gigantisch en het deelnemersveld bestond uit geduchte tegenstanders. Na het startsignaal gingen de meeste vissers richting de binnenstad. Zelf besloten wij eerst snoek en baars ‘’vol’ te maken op onze lijst. Daarvoor moesten we eerst nog een heel eind lopen. Het duurde maar liefst 45 minuten voordat de eerste worp werd gemaakt. Voor ons liepen nog twee teams die dezelfde tactiek hadden: op naar helder water!

Na een lange wandeling – meer een hardloopsessie – kwamen we uiteindelijk aan bij een smaller kanaal met aan weerszijden woonboten. Het was er hooguit 1,5 meter diep en de bodem had een donkere kleur. Het water was echter kraakhelder. Links en rechts langs de kanten zagen we plompenbladen en fonteinkruid liggen: de ideale habitat voor de snoek. Het plan was dat Jordi zich eerst op snoek focuste en ikzelf op baars. Voor de snoekvisserij koos Jordi voor zijn Shimano Expride 168MH2/Curado XG combo en ik pakte mijn Poison Adrena 276m2/Vanford C3000. Het duurde niet lang of ik ving al de eerste twee baarzen (23 cm en 25 cm) op de Spinjig en shad.

Op naar de vijf baarzen!

Finesse

We visten het water al struinend systematisch af. Jordi viste alles af met de spinnerbait, chatterbait, streamer en crankbait en ik viste vooral tussen de woonboten en onder de bruggen met kleine shads, twitchbaits, spinjigs en kreeftimitaties. Er gebeurde een half uur niets totdat we bij een brug aankwamen. Ik riep: ‘’Jordi, ik zie een snoek! Hij volgde mijn shadje maar pakte hem niet.’’ Jordi stelde een chatterbait voor maar ik wilde deze eerste met iets meer finesse benaderen. Ik pakte een skirted jighead met een kreeftje en gooide langs de kant waar de snoek zich zojuist had laten zien. Even dacht ik vast te zitten maar het bleek toch die donkere snoek te zijn. Zowel onder als bovenwater ontstond er een tumult van jewelste! ‘’Ga daar naar beneden Jordi, daar kun je hem scheppen!’’ Waar? Uiteindelijk baande Jordi zich een weg door de het hoge struikgewas en vond een krakkemikkig eendentrappetje waarop hij nog net kon staan om de vis te landen. Jordi slaagde erin de vis vakkundig te scheppen. Yes! Een mooie donkergetekende snoek van 82 centimeter wilde wel voor de camera verschijnen. Dat waren al geweldige punten die we konden bijtellen!

Vervolgens staken we de weg over en probeerden we het aan de andere kant van de brug. De eerste worp met de kreeft leverde direct een mooie baars op van 26 cm. Een paar worpen later ving ook Jordi nog een baars (op de Yasei LTD Perch 5-18) ditmaal van 21 cm. ‘’We hebben dus nog 1 snoek, 1 baars en eventueel wat snoekbaars nodig!’’

Geweldige punten erbij!

Dat ging lekker…

 

Snoekbaars

Hoewel we hetzelfde water nog een heel stuk hebben afgevist, lieten zowel de baars als de snoek zich de rest van de middag niet meer zien. Uiteindelijk kwamen wij uit bij het Amsterdam-Rijnkanaal. Gezien de troebelheid een ideaal water voor de snoekbaars zou je zeggen. Na kort overleg ging ik aan de slag met shads en Jordi wilde de kade aflopen met de plug. Binnen tien minuten hoorde ik hem alweer roepen. Ik pakte het schepnet, de onthaakmat en het meetlint en rende naar hem toe. Jordi liet een mooie 52 cm snoekbaars zien. ‘’Yes, we zijn weer in de race!’’

Weer in de race!

Na een uur op het kanaal geprobeerd te hebben begaven wij ons richting de sluizen en ontmoetten onderweg nog een aantal andere teams. Het was al 13 uur en we hadden onderweg pas één team ontmoet. Bij een grotere brug stak ik over naar de andere kant. Aan deze kant was veel schaduw dus een felgroen shadje aan een tungsten loodkop van 5 gram moest het doen. Boem, knal! Jordi!!!! (*FLUIT). Jordi komt aanrennen. Met 33 extra punten, was dit de grootste baars van de dag en bovenal: de baarzen op de lijst waren vol!

Het bewijs wordt doorgestuurd…

 In de laatste minuten…

Chatterbait

We hadden nu nog maar één snoek nodig. Dat moet toch lukken? We visten ijverig door en kwamen een bekende en tevens een local tegen. ‘’Kletsen kan zo dadelijk, nog 5 minuten, kom op Jordi nog 1 vis!’’ Jordi gooit nog eens met de chatterbait, ook al heeft hij er geen enkele aanbeet op gehad de hele dag. ‘’Ja, aanbeet! Snoek, maar hij mist hem!’’ riep Jordi. Boem! De vis bijt nogmaals aan. “Net David, schepnet! Hij pakt hem gewoon nog een keer!’’ riep Jordi. Omstanders kwamen af op het gegil en gejuich. Een leuke snoek toonde zich aan de oppervlakte. De onthaakmat lag al klaar en ik hees de snoek naar boven. De snoek zat nauwelijks gehad en raakte al los in het schepnet. Wat een geluk! Ik keek onmiddellijk op de klok. ‘’Drie minuten voor tijd, snel een foto en meteen uploaden.’’ Na de vis te hebben ingediend en netjes te hebben teruggezet keken we elkaar aan. Dat was net op het nippertje maar we hebben het geflikt!

Met een totaal aantal centimeters van 322 behaalde team Shimano de tweede plaats, 24 centimeter achter de winnaars van team Roofmeister. In totaal werden er tijdens deze wedstrijd 267 vissen gevangen: 157 baarzen, 58 snoeken, 31 snoekbaarzen en 21 overige vissoorten. Het totaal aantal punten staat gelijk aan het totaal aantal centimeters gevangen vis. De grootste 5 baarzen, 3 snoekbaarzen, 2 snoeken en drie overige roofvissoorten telden mee. De grootste vis van de dag was een snoek van 1,08 meter gevangen door Justin Gottmers. Een mooi en spannend dagje!

Toms Creek

Big game in de polder

Bij Toms Creek in Lelystad is de afgelopen maanden ontzettend hard gewerkt om het nieuwe gedeelte met vier ‘grote vissen’ vijvers klaar te krijgen en open te stellen voor het publiek. Wil je ook eens een grote steur, meerval of (gras)karper vangen, dan zit je hier goed!

Tekst & foto’s: Arnout Terlouw

Als ik ’s ochtends om 08:30 uur het parkeerterrein van Toms Creek oprijd, zie ik eigenaar Tom Bremer al staan samen met twee vissers: Camiel Driehuis en Sebastiaan Swalef, die hier wel vaker vissen en af en toe ook clinics geven. Voordat we naar het nieuwe gedeelte aan de overkant lopen, pakken we een kop koffie in het restaurant en krijg ik een rondleiding over het al langer bestaande gedeelte. Hoewel het nog vroeg is, zitten/staan er al heel wat mensen te vissen op de diverse vijvers. Het is er dan ook een mooi dagje voor!

Tom assisteert even met het landen van een mooie steur.

Een vriendenclubje, moeders met hun zonen en dochters, mannen, vrouwen, echtparen; je kan het zo gek niet bedenken of men vist hier. Op de forelvijvers, karpervijvers en avonturenvijvers, waar ook heel wat diverse soorten steuren en meervallen zwemmen. Er zijn zelfs meerdere ‘kwie kwie zwamps’, met slootjes van nauwelijks een meter breed, net zoals in Suriname waar deze pantsermeervalletjes van nature voorkomen. Heel populair bij met name mensen met een Surinaamse achtergrond en ook de dames vangen hier hun visje voor de pot. Leuk en verrassend om te zien! Er is ook een wat grotere vijver met een eilandje, type commercial, waar vooral karper zwemt. Voor ieder wat wils! Regelmatig zien we mensen met een kromme hengel staan. Gespannen gezichten bij nieuwkomers, wat meer ontspannen bij de vissers die hier vaker komen en al eerder zo’n mooie steur gehaakt hebben en weten hoe sterk ze zijn. Komend weekend zijn de avonturenvijvers volledig volgeboekt, zo vertelt Tom mij, terwijl we verder lopen over het uitgestrekte terrein. Ondertussen stel ik hem wat vragen.

Uitgestrekt terrein met maar liefst 15 visvijvers.

Als straks ook de Monster Creek open is, hoeveel vissers kun je dan op een topdag kwijt?

Op het nieuwe gedeelte (Toms Creek Oost) met de 4 grote vijvers ruim 100 mensen per dagdeel. Op de avonturenvijvers ook ruim 100 mensen. Op de forelvijvers ongeveer 60 personen. En in de zomer op de kwie kwie zwamps ook ongeveer 100 mensen. Dan hebben we het over vissers en daarnaast ook losse bezoekers die vrij het terrein en terras op mogen. Dit zijn de aantallen per dagdeel, zomers hebben we een ochtend-, middag- en avonddagdeel en soms ook een nachtdeel; Glow-in-the-Dark vissen.

Het nieuwe gedeelte met de ‘grote vissen’ vijvers.

Ben jij de afgelopen corona-periode goed doorgekomen?

Ja, eerst wel veel afzeggingen van grote groepen, bedrijfsuitjes en evenementen. Later heel veel dagjesmensen die toch een frisse neus wilden halen. Ook direct ons serviceconcept aangepast. Doordat het terras en de horecaruimte dicht moest, zijn we via QR-codes op de visstekken eten en drinken gaan bezorgen. Maar ook aas, pellets of een vuurkorf.

Zo’n steur heb je niet zomaar binnen…

BIG GAME

Daarna lopen we naar de Big Game vijver waar we meteen kromme hengels zien. Een jongen heeft de grootste moeite om een mooie steur naar binnen te krijgen en Tom assisteert hem even. Ik maak een paar foto’s en dan snel door naar het andere einde van de vijver waar een vrouw een prachtige witte steur van maar liefst 185 cm heeft gevangen… op een stuk zure haring! Volgens Tom zwemmen er zo’n 90 steuren op deze vijver en verder ook karpers en een paar grote graskarpers. Op de Monster Creek vijver mag nog niet gevist worden. Er zwemmen al wel twee grote steuren, maar het is nog even wachten op de rest van de monstersteuren en grote meervallen. Vandaag nog wordt er een witte steur van 68 kg geleverd, afkomstig van een kwekerij uit Italië. Bedoeling is wel dat ook de Monster Creek nog dit jaar opengaat. De andere twee vijvers op het nieuwe gedeelte – Carp Creek (waar naast mooie karpers ook steuren zwemmen en een verdwaalde meerval) en Catfish Creek (met steur, meerval en Amerikaanse channel catfish) – zijn al wel een paar weken open.

Een witte steur van maar liefst 185 cm.

Camiel en Sebastiaan strijken neer in een hoek van de Big Game vijver. De weerhaakloze haken worden beaasd met een garnaal of een stukje zalm en ze voeren een paar handjes pellets bij. Haakaas is in principe vrij, gevoerd mag er alleen worden met de pellets van Toms Creek.

Camiel en Sebastiaan aan de Big Game vijver.

GEWILDE VIS

Steuren zijn een zeer gewilde vis om te vangen. Niet zo verwonderlijk, want ze zijn groot, sterk en springen soms helemaal het water uit. Het zijn echte bodemazers die je met pellets, stukjes zalm, garnalen etc. kan vangen. Het leuke is dat er allerlei soorten steur op Toms Creek zwemmen: Beluga, Transmontanus (witte steur), Gueldenstaedtii (diamantsteur), Baeri (Siberische steur), Naccarii, Oxyrinchus, Sterlet, Stellatus en ook nog diverse kruisingen.

Er zwemmen heel wat soorten steuren!

Wil je meer gericht op karper vissen, dan is mais of een pellet beter. Dat probeert Camiel ook even, dicht tegen het eiland aan in de hoop op een grote graskarper.

Haakaas is in principe vrij.

Na al vrij snel twee mooie steuren en twee karpertjes te hebben gevangen, valt het stil, ook bij anderen op de Big Game vijver. Op Catfish Creek zien we wel regelmatig actie en kromme hengels, maar gek genoeg alleen steur, terwijl op die vijver, zoals de naam al zegt, toch behoorlijk wat diverse soorten meervallen zwemmen. Voor Europese meerval kun je volgens Tom beter boven de bodem vissen, en dan met wormen eventueel in combinatie met een stukje kaas. Marvin, die hier werkt, laat dat even zien en vangt zo kort achter elkaar twee mooie meervallen op een van de avonturenvijvers. Een echtpaar verderop zit daar al een paar uur te vissen, maar vissen op de bodem en vangen dan ook voornamelijk steur.

Camiel met een karper van tegen het eilandje.

Hoe wordt ervoor gezorgd dat op de catch & release vijvers de vissen zo goed mogelijk behandeld worden en weer worden teruggezet? Zijn er strikte regels?

Er zijn strikte regels met betrekking tot gebruik van originele weerhaakloze haken, geen gevlochten lijnen en het gebruik van een grote onthaakmat/cradle. Daarnaast moet de vis altijd zo dicht mogelijk boven de onthaakmat worden gehouden en mag de vis niet staande vast worden gehouden.

Wordt er ook bijgevoerd, bijvoorbeeld in de winter, om de vissen in conditie te houden?

Ja, de vis wordt met speciale Pro Plus pellets bijgevoerd om de vis in goede conditie te houden en de beschermende slijmlaag van de vis te stimuleren.

CARP CREEK

Het zonnetje komt door en wat nu extra opvalt, is dat het nieuwe gedeelte er al aardig groen en begroeid uitziet, met dank aan de koele, natte zomer. Je kunt je al een beetje voorstellen wat voor groene oase dit straks moet zijn. Het terrein is nog volop in ontwikkeling en er wordt druk gewerkt aan de nieuwe lodge die begin volgend jaar helemaal klaar moet zijn. De auto kun je nu al parkeren op de nieuwe parkeerplaats, wel zo handig! Wat ook bijzonder is, is dat het hele complex vrij toegankelijk is, ook voor bezoekers die een kijkje willen nemen.

Ze willen wel springen die steuren!

Op Carp Creek zit gek genoeg niemand te vissen… terwijl er wel regelmatig een vis springt. Camiel en Sebastiaan besluiten om toch nog maar even te verkassen om te kijken of ze daar nog een mooie, grote karper kunnen vangen. Dat blijkt een goede zet, want binnen vijf minuten haakt Sebastiaan al de eerste vis. Een Siberische steur die vrijwel direct geheel uit het water springt. Prachtig! Dat er veel vis op de stek zit, blijkt wel aan de vele lijnzwemmers. Helaas ook hier geen karper, maar nog wel drie steuren binnen een uur. Zo snel kan het hier gaan!

Sebastiaan met een mooie Siberische steur van Carp Creek.

MONSTER CREEK

Helaas kan ik niet langer blijven om de levering van de nieuwe, grote steur te zien voor de Monster Creek, een vis van dik 2 meter lang. Tom wordt gebeld dat het transport twee uur verlaat is. Voordat ik naar huis rijd, wil ik graag nog wat meer horen over deze bijzondere vijver. Mijn nieuwsgierigheid is wel gewekt, zeker als ik een hele grote steur daar in het wateroppervlak zie draaien, een enorme kolk achterlatend.

Tom kan niet wachten totdat de rest van de grote meervallen en steuren zijn gearriveerd.

Wat maakt Monster Creek zo bijzonder?

Op de Monster Creek zwemmen alleen echt grote vissen; karpers, steuren en meervallen. En er zijn maar 4 stekken waar met 2 personen gevist mag worden per stek. Op de Monster Creek is gebruik van een waadpak verplicht en mag de vis het water niet uit, dus in het water onthaken en fotograferen.

Eind van de dag wordt dan toch de grote Transmontanus steur geleverd. 210 cm lang en 68 kg!

Wat zijn je plannen de komende jaren? Hoe zie jij de toekomst van de sportvisserij & commerciële visvijvers in het algemeen?

Ik zie de toekomst voor de hengelsport positief. We moeten als vissers verantwoord vissen en ook niet-vissers laten ervaren hoe leuk vissen kan zijn en hoe gaaf onze hobby is. Op ons park komen ook heel veel niet-vissers om te genieten van het park of terras of om kennis te maken met de hengelsport. Ik denk dat commerciële vijvers ook een rol hierin kunnen spelen door een plek van ontspanning en ontmoeting te worden voor zowel vissers als niet-vissers. Met Toms Creek hebben we Forelvijver H2O net overgekocht. We gaan daar Toms Creek Zwolle bouwen, een zelfde toffe plek voor de hengelsport. En daarnaast willen we verder bouwen aan onze locatie in Lelystad qua park, maar ook met grote vissen en gave nieuwe vissoorten.

Check TOMS CREEK voor meer info

Pellet Waggler & Bomb

HET BESTE VAN TWEE WERELDEN  Jorg Dekkers en Kris Sloof van het Shimano Aero Commercial team zijn geen onbekende in de wereld van het vijvervissen en wisten tijdens de laatste NK Commercial Teams Competitie Nederlands kampioen te worden. We gingen een dag met ze op pad om te zien hoe effectief twee succesvolle vistechnieken – de bomb en de pellet waggler – zijn op visvijvers met een goed bestand aan karper. Tekst & foto’s: redactie Deze twee technieken, die eigenlijk iedere witvisser moet b...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Giebels in de woonwijk

Vliegensvlugge bellenblazers De gemiddelde witvisser zou dit piepkleine vijvertje in het Utrechtse dorp Woudenberg al snel links laten liggen. Een klein visje vangen zal wel lukken, maar echt bijzonder, dat vast niet… Echter, schijn bedriegt! Dit watertje zit bomvol met giebel, maar ook andere witvis en kleine karpers. Een perfecte locatie voor vissers Rob Amerongen en Ed van der Kamp om hun vaste hengel aanpak en het voer en aas van hun sponsor CBB Baits te laten zien. Tekst & foto’s: Mark ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Herfst Tips & Tricks

DUTCH MASTERCLASS (65) De 'r' zit weer in de maand! Dat wil zeggen dat we ons kunnen opmaken voor misschien wel het mooiste jaargetijde voor sportvissers: de herfst. Onze mannen die de masterclass voorzien van content, geven weer genoeg tips om succesvol aan de slag te gaan. Dit keer presenteren we een nieuw gezicht in de persoon van Vico Baltissen, prostaffer van Middy. Vico richt zich volledig op de commercial visserij en kan onze lezers ongetwijfeld voorzien van praktische handigheidjes. Verd...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Selectief vissen

Op kleine rivieren en kanalen De visserij op kleinere rivieren en kanalen is toegankelijk voor beginners en gevorderden. Het probleem dat beginners vooral tegenkomen, is dat ze moeite hebben om in de grote scholen kleine witvis de grotere vissen te pakken. Topvisser Des Shipp geeft een masterclass op de Warwickshire Avon in Engeland. Hij laat zien hoe je er selectief op grotere witvis vist. Tekst & foto’s: Des Shipp Kleinere rivieren en kanalen met een beetje stroming in het water hebben vaa...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Paste, super aas voor grote karper

Het vissen met paste, pasta of ‘de bol’ in de volksmond, is zeker niets nieuws onder de zon. Het blijft echter een uitstekende techniek om gericht op de grotere vissen aan de slag te gaan. De aanbeten kunnen heel rustig en subtiel gebeuren waarna de hel losbarst. Kriebelt het bij jou ook al om eens met paste aan de slag te gaan? Wij trokken met Guru-visser Reijer Kros naar Aquavita in Driel om het spelletje eens van naderbij te bekijken. Tekst & foto’s: redactie Vissen met paste betekent eig...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


De zoektocht: gericht op Nederlandse schol

Waar Jeff Waleboer andere jaren alleen gericht op tong viste aan de Zeeuwse stranden of Oosterschelde was hij dit jaar vooral langs de Nieuwe Waterweg te vinden. Hier bracht hij heel wat uurtjes door, vaak in het gezelschap van zijn drie oudste kinderen Ferde, Rex en Bredt. Toen hij de tong weer dichter bij huis in de Westerschelde ging belagen, kwam er steeds vaker een schol aan de lijnen. Was het toeval? Zou deze schaarse platvis op de terugweg zijn?

Lekker met de mannen langs de Waterweg.

Door Jeff Waleboer

In de Waterweg heb ik af en toe dit jaar best leuk kunnen vangen maar voor de tong wilde het maar niet loskomen. Als eerste begon ik aan mijn eigen kunde te twijfelen maar ‘gelukkig’ bleken andere vissers de tong ook niet echt te vinden. Vismaat Gino gooide het over een andere boeg en is elders aan het zoeken gegaan. Hij belandde uiteindelijk  langs de Westerschelde op een stek die er goed uitzag. Waarschijnlijk was ik nooit zelf op die stek uitgekomen, maar waarom eigenlijk niet? Het was niet te ver van huis, dus ook nog eens prima te vissen met de jonge mannen, en vanaf de kant was er een redelijke diepte te bevissen van 14 meter water.

Tong

De eerste twee sessies begin juli vingen we grondeltjes, redelijk botjes, een paling en beide keren een tong. Dat was al iets. Maar het moest toch beter kunnen? Het water werd opnieuw bekeken en tegen het licht gehouden. We zochten naar een stek waarvan wij dachten dat er meer kans zou zijn op een tong, een plek met een ander stroompje of taludje. Ook bekeken we onze onderlijnen nog eens goed of er iets aan te verbeteren viel. Op de tong maken wij voornamelijk gebruik van de toverstokjes – zo noemen wij de click-afhouders. Een makkelijke afhouder die over een simpel knoopje op de onderlijn te bevestigen is, of zoals ik graag doe, over een kraaltje dat ik met Loctite 406 vast lijm.  Overschakelen op andere afhouders? De click-afhouders zijn zo gemakkelijk om te switchen, maar iets te zwaar om heel ver mee te gooien…

 Vismaat Gino stuurt een appje…

Meer tong

Een week later konden we de nieuw gekozen stek eens goed uitproberen en we wisten er inderdaad wat meer tong te vangen. Veel tong was niet aan de maat maar over de aantallen mochten we niet klagen. En we vingen nog meer: bot, paling, steenbolk, zeebaars en ook een drietal schollen tussendoor. Schol? Een maand eerder wist ik na een kleine twintig jaar eindelijk weer eens een maatse schol te vangen vanuit de kano voor Zoutelande, maar de laatste keer dat ik er gericht op gevist heb is nog samen met mijn vader geweest op de Grevelingen. Daar wisten we toen een emmer schol, schar, tong, wijting en paling te vangen. Was het vroeger dan allemaal beter? Nee hoor. Kijk alleen maar eens naar het materiaal, ik moet er niet aan denken om met mijn eerste strandhengel van toen vandaag de dag een flinke tong eruit te sleuren.

Gaan de maatregelen en vangstbeperkingen dan eindelijk hun vruchten afwerpen? 

Maar terug naar die schol. Hadden we op onze nieuwe stek ineens een put gevonden vol met schol? Was het een klusje verdwaalde exemplaren? Of gaan de maatregelen en vangstbeperkingen dan eindelijk hun vruchten afwerpen? We wisten het niet. Stel dat het beter zou gaan, dan zouden er toch ook berichten moeten zijn van scholvangsten aan de stranden? Tot nu toe ontbrak dat echter, ik had dergelijke berichten nog nergens vernomen…

Tot zover een deel van het artikel over een zoektocht naar schol dat te lezen is in Zeehengelsport nr 380. Deze zal rond 25 november bij abonnees in de bus vallen en daarna ook in de winkel verkrijgbaar zijn. Met een abonnement zit je natuurlijk op zeker en kun je dit zoute magazine voortaan als eerste lezen: klik hier.

Met dood aas dobberen op grote snoek

Het doodaasvissen op snoek komt weer in beeld wanneer het kouder wordt en de roofvissen passiever worden. Tegen de winter en in de winter zijn de snoeken zuinig op hun energie en kiezen liever voor een makkelijke vette hap dan voor een inspannende spurt achter een snelle prooivis. Tijd dus om met dood aas aan de slag te gaan!

Onder een dobber

Nu kun je dood aas op diverse manieren aanbieden. Statisch op de bodem, of zwevend onder een dobber zijn de bekendste technieken. Als dood aas worden vaak voorns of zeevissen als een (halve) makreel, een spiering, horsmakreel of haring gebruikt. Deze aasvissen worden dikwijls met een ‘takel’ (dubbele dreg) bevestigd voor het statisch bodemvissen, of aan een enkele dreg zwevend onder een flinke dobber. Kies je voor de laatste methode, dan kun je via onderstaand filmpje mooi zien hoe je zo’n montage in elkaar zet.

Pike proof

Zorg voor een staaldraadje of een andere ‘pike proof’ onderlijn als laatste 30 cm of iets langer. Deze ‘takels’ kun je kant-en-klaar kopen, maar ook makkelijk zelf maken met losse onderdelen. Probeer het eens. De beste oefening is zelf uitproberen en ervaring opdoen!

Klik hieronder om een mooi filmpje van Angling Direct te bekijken.

 

Doodaasvissen met flavours, geuren & kleuren

De tijd voor het doodaasvissen op snoek gaat weer komen. Winkeliers zorgen voor een voorraadje dood aas in de vriezer en de lange soepele hengels en takels komen weer tevoorschijn bij de die-hards. Ook Limburger Edwin Warnier bereidt zich voor en geeft je wat bruikbare tips om de snoeken dichterbij te lokken.

Gekoeld verstuurd

De koudere maanden komen eraan, dus tijd om je voor te bereiden! De aasvissen worden gevangen of besteld. Of het nu om voorn, horsmakreel of haring gaat, bestel op tijd anders vis je achter het net. Zelf bestel ik mijn aasvissen online. Er is een breed scala aan aasvissen, zodat er wel voor iedere visser iets bij zit. Je gekochte aassoort wordt netjes verpakt en gekoeld verstuurd.

Het is er weer tijd voor! 

Daar de snoekpopulatie in het zuiden van Limburg minder is dan in het noorden des lands probeer ik mijn aas zo attractief mogelijk te maken. Het is intussen alom bekend dat de snoek ook graag met zijn neus op jacht gaat. Vooral de grote trage moeders leven vaak als pure aasvreters. Daarom is het tijd om je aasvis te pimpen zodat het sneller gevonden zal worden door die grote mama’s. Er bestaan een aantal mogelijkheden om je aasvis te prepareren en te presenteren.  Een van deze is het aantrekkelijker maken door middel van geur en kleurstoffen. Hieronder geef ik wat voorbeelden.

Geurstof uit blik!

 

Sardientjesolie

Voor mij is de klassieker nog altijd sardientjesolie.  Deze olie is zonder twijfel  een van de beste lokstoffen voor snoek.  Alleen in de winter wanneer het erg koud is wordt het moeilijker omdat de olie dan extreem dik wordt en moeilijk te injecteren is. Je kunt deze olie vaak kopen bij de betere hengelsportzaken of online. Wanneer je geen verse olie kunt vinden dan bestaat er nog de mogelijkheid om deze zelf uit een blikje sardientjes te halen. Dit is wat ik meestal doe zodat ik altijd verse olie heb.

 

Levertraan

Deze traan is rijk aan omega-3 vetzuren en overal verkrijgbaar tegen een redelijke prijs. Voor een fles van 500 ml betaal je ongeveer tien euro. Deze olie is lekker dun maar bijna reukloos. Hij is geschikt om met andere visoliën te mengen zodat deze wat vloeibaarder worden. Doordat de olie bijna reukloos is voeg ik wat snoekreukstof toe. Ik kocht ze van het merk Pikepro; deze heeft meerdere geuren op de markt. Tevens geven deze aroma’s een kleur aan je aasvis. Het is de bedoeling dat de olie zo dun mogelijk blijft, zeker in de wintermaanden. Hierdoor kan de olie zich beter verspreiden in het water. Bij een te dikke olie zal dit niet gebeuren en blijft het effect van de geurverspreiding uit.

Ook visueel kun je het dode aas aantrekkelijk maken met gekleurde plastic stripjes.

 

Melk

In melk, een water-vet-emulsie, laten oliën zich gemakkelijk oplossen. Het beste is om magere melk te gebruiken, deze bevat bijna geen vet waardoor de oliën beter worden opgenomen. Wanneer je de melk in je aasvis injecteert, dan zal zich in het water een witte wolk met een visgeur verspreiden. Bij het mengen van de olie en de melk zal je in het begin zien dat de olie boven op de melk blijft drijven, goed schudden voor het injecteren is dus noodzakelijk.

 

Pike flavours

Snoeklokstoffen bestaan voor een groot deel uit glycerine.  Dat is de  stof  die ervoor zorgt dat  olie wordt opgelost in water. Men kan dus deze flavours het beste met olie en water mengen. Het enige nadeel is dat  glycerine erg dik van structuur is. Veel flavours zullen dan ook niet met een gewone injectienaald in te spuiten zijn.  Ik heb het geluk dat ik gemakkelijk aan dikke injectienaalden kan komen via mijn (medische) beroep dus dit is voor mij geen probleem. Mocht je niet over dikke naalden beschikken dan raad ik je aan om de pike flavour te verdunnen met water. Zeker in de winter.

Veel aanbod online en bij de binnenlandse of buitenlandse hengelsportwinkeliers.

 

Pike clouds

Flavours, geurwolken en kleurwolken kunnen alle meewerken om de gevoelige ‘neus’ van de snoeken jouw kant op te laten wijzen. Naast de reeds genoemde kun je ook bij de karpermerken kijken, zoals de Goo dips van Korda, deze flavours geven naast hun (halibut, squid) geur ook een kleurwolk af in het water. Wat ik zelf graag toevoeg aan de visolie is de Monster Crab van Sonubaits. Deze flavour gebruik ik normaal om mijn pellets van een geur te voorzien bij het vissen op barbeel. De reuk is extreem  Verder zijn er nog meer merken die flavours op de markt hebben gebracht. In Engeland, waar het ‘deadbait’ fishing populair is, zijn ook goede bewezen flavours te krijgen, zoals de Pike Clouds van Eddie Turner.

 

Zalmolie capsules

Deze mogelijkheid heb ik nog maar zelden toegepast maar het is zeker een manier om ervoor te zorgen dat de visolie langzaam oplost in het water. De gelatine capsule lost  op in het water waardoor de oliën vrijkomen. Je kunt de capsule in de bek van je aasvis stoppen of aan een van je dreggen prikken. De capsules zijn bij iedere drogisterij of supermarkt te verkrijgen.

Voor iedere doodaasvisser is er wel iets van zijn gading te vinden, of je nu een doe-het-zelver bent of liever kant-en-klaar inkoopt als je weinig vrije tijd hebt om zelf te experimenteren en je eigen aasvis te vangen. Voor beide soorten doodaasvissers geldt echter: wees voorbereid dan kom je beslagen ten ijs als het zover is. Succes!

Edwin Warnier

=======================================================

Gastblog voor iedereen

Heb jij ook een leuke visserij, specialisme of tips voor je medevissers, of denk je een leuk visverhaal te hebben? De Beet.nl Blog staat open voor iedereen met een goed verhaal! Mail naar: info@publishinghouse.nl 

========================================================

 

Een leuke tak van (roofvis)sport!

 

Dutch Masterclass: herfst tips & tricks met leem

De ‘r’ zit weer in de maand! Dat wil zeggen dat we ons kunnen opmaken voor misschien wel het mooiste jaargetijde voor sportvissers: de herfst. Onze mannen die de masterclass voorzien van content, geven weer genoeg tips om succesvol aan de slag te gaan. Naast Vico Baltissen (Middy) en David Visser (Cresta) ook mooie feedertips van Ramon Ansing.

Leem geeft ook een wolkend effect…

Voor veel mensen is het gebruik van leem bij het feedervissen nog geen gemeengoed. Wanneer en hoe pas je dit bijzondere bestanddeel toe in je voermix. Wat zijn de voordelen?

Leem heeft in feit drie belangrijke eigenschappen, het verschraalt het voer, het geeft een wolkend effect en het maakt je voersamenstelling zwaarder. Dat laatste vind ik zelf alleen interessant in combinatie met een licht voornvoer wat erg veel werking heeft en snel naar de bodem moet tijdens het vissen met de vaste hengel. De korf brengt het voer altijd naar de bodem dus dat heeft voor de feeder geen meerwaarde. Het verschralende effect heeft absoluut een meerwaarde, zeker wanneer je een wolk wilt maken om wat vissen aan te lokken. Je hebt een iets grotere korf nodig om dat effect te creëren en het liefste ook nog eens vlot achter elkaar ingooien. Het voordeel is dat je door de leem niet meer aas en voer brengt dan je zou doen met een kleine korf maar wel meer volume hebt door de leem. Het visuele effect is enorm en zorgt voor een grote, gele wolk in het water, zeker op diep water. Vissen die op half water zwemmen volgen de wolk naar beneden en zullen daar al snel wat aas van de bodem pakken.

 Het verschralende effect van leem heeft absoluut een meerwaarde.

Bij het vissen van internationale wedstrijden spelen muggenlarven bijna altijd een grote rol. Wat voegt dit aas toe en zou het niet beter zijn om larven bij alle wedstrijden vrij te geven?

Muggenlarven spelen inderdaad een belangrijke rol en zijn internationaal vaak het belangrijkste aas. Elke vis aast erop en je kunt met twee muggenlarven aan de haak net zo makkelijk een visje van 10 gram vangen als een karper van 2 kilo. Het vissen en voeren met muggenlarven geeft je ook veel meer opties, zeker op moeilijkere visdagen wanneer de vis niet geweldig reageert op bijvoorbeeld wormen. Op deze dagen zijn muggenlarven hét aas om toch blieken en brasems aan te lokken. Bij ons in het noorden van het land is aas en voer bijna altijd vrij, wat een groot voordeel is omdat je er dus vaak mee kan vissen in een wedstrijdsituatie. Wat mij betreft zou het aas en voer altijd vrij moeten zijn, ik zou geen reden kunnen bedenken om dit niet te doen eigenlijk. Verse vase (muggenlarven) is tegenwoordig prima verkrijgbaar en dat wordt alleen maar beter wanneer er meer vraag naar komt.

Tot zover een deel uit de Dutch Masterclass van BEET Magazine die nu in de winkels ligt. Om dit gehele artikel te lezen koop je de BEET los, of je zorgt natuurlijk voor een goedkoop (-50%) abonnement: klik hier.

 

‘Handy Fisherman’ Bert Schouten

Bert Schouten werd in 1959 geboren en groeide op in Heiloo. Van jongs af aan was hij betoverd door het sportvissen. Vader Frans was een enthousiast visser en hij deed mee aan alle zoete en zoute wedstrijden van de visclub DVW (De Vroegte Wint) in Heiloo. Later zou Bert de bekende Handy Fish hengelsportzaak openen. In de rubriek Masterclass van Zeehengelsport vuren we een aantal vragen af op de ervaren (vlieg)visser en winkelier.

Tekst en foto’s John Willems

Dit Artikel van Toen verscheen eerder in de rubriek Masterclass van Zeehengelsport 377.

 

Je mocht al jong meehelpen maar nog niet meevissen van je vader?

“Zo was het inderdaad. Bij de bekende baarswedstrijden in de buurt wilde ik ook wel meedoen. Maar ik was nog te jong volgens de reglementen. Ik mocht wel mee om de paaltjes uit te zetten. Bij baarswedstrijden wordt vaak 6 tot 10 keer verkast en ongeveer 20 minuten per stek gevist. Dat is dus serieus loopwerk en gesleep met die stalen plaatsnummers.  Ik leerde natuurlijk wel van alles door goed te kijken en eindelijk mocht ik ook meedoen. Ik was de eerste die ook een lichte werphengel meenam naar de baarswedstrijden en hoe ze ook zochten in de reglementen; het was toegestaan. Daardoor ving ik nog wel eens een paar baarzen verder uit de kant en de volgende wedstrijd verschenen en meer mannen met een werphengel. Daarna is het helaas toch afgeschaft: ‘nieuwlichterij’! Toch ben ik tot twee keer toe clubkampioen  baars geworden en ook bij het witvissen haalde ik diverse successen.

Voor reparaties van hengels of ander gerief.

Maar school en werk gingen natuurlijk voor in die tijd?

Ik raakte bezeten van het vissen. Toen ik tijdens mijn schoolbaantje in de supermarkt tegen mijn chef zei dat ik volgende week zaterdag niet kon komen werken omdat ik een belangrijke viswedstrijd had, was het antwoord: ‘Dus je kan niet werken omdat je wil vissen, nee jongeman: je kan niet vissen omdat je moet werken!’ Dat had ie dus beter niet kunnen zeggen… De interesse in de hengelsport nam enorm toe. Ik las, nee ik bestudeerde de visbladen en boeken en ik onthield het als een soort spons. Na de Mavo ging ik naar de MDO detailhandelsschool. Ik wilde een eigen bedrijf en dan moest je toen nog diploma’s hebben. Het plan was om eerst gaan werken in een kleine winkel, dan proberen bij een grote bekende winkel te gaan werken om daarna zelf te gaan beginnen.

Makreel op de vliegenhengel...

Hoe is de hengelsport in beeld gekomen?

Op de dag van mijn diploma-uitreiking nota bene belde John Schreiner uit Amsterdam om te zeggen dat ze een vacature hadden voor een allround medewerker, waarbij ook hengelbouw belangrijk was. Woeahh! De winkel van Jan en zijn zoon John Schreiner was in die tijd een topzaak en uitgerekend ik mocht daar de befaamde Fair Play hengels (met de unieke gebronsde metalen bus sluitingen) gaan maken!

 

=========================================

“Als je de verhalen van Jan Schreiner las sloeg de ochtendmist nat op je gezicht en voelde je je laarzen denkbeeldig vastzuigen in de drassige polders”

===========================================

 

Had je dan ervaring met de hengelbouw?

Nou nee. Jan Schreiner vertelde me achteraf dat hij mij had aangenomen, nadat ik hem tijdens het sollicitatiegesprek mijn zelfgemaakte dobbers had laten zien. ‘Die jongen heeft het in zijn vingers’, had hij tegen zijn zoon gezegd… Maar ik werkte daar met veel inzet en plezier en heb heel veel geleerd van Jan Schreiner. Hij was een super verhalenverteller en een meester in het kneden van de taal. Als je zijn verhalen las sloeg de ochtendmist nat op je gezicht en voelde je je laarzen denkbeeldig vastzuigen in de drassige polders. Veelvuldig hoorde ik enthousiaste reacties van lezers die beweerden dat ze door Jan Schreiner letterlijk meegenomen waren in het visavontuur. Toen was het 90% tekst en af en toe een foto of afbeelding. Nu is het 95 % afbeeldingen en filmpjes en 5% tekst… Ik reisde elke dag met de  trein en tram vanuit Heiloo en was uit en thuis naar Amsterdam bijna 12 uur van huis. Toen ik Jan en John vroeg of ik misschien reiskostenvergoeding kon krijgen ging de pijp van Jan uit de mondhoek en hij zei: “Je kan wel uit Engeland moeten komen dan kennen we de pont ook nog betalen…” Maar ik kreeg het wel meteen en toen Jan bijna 65 werd zei hij dat hij graag wilde dat de zaak zou worden voortgezet door zijn zoon John en nog iemand en dat hij zelf alleen hoefde te komen als het echt nodig was. ‘Dan kan ik nog wat schrijven en wat meer materialen uitproberen tijdens het vissen. Zou je daar interesse in hebben?’ zei hij. Jazeker, was mijn stellige antwoord, dat wil ik heel graag. Maar Jan werd 65, daarna 66 en bijna 67 en er veranderde niets. Toen ik naar zijn aanbod refereerde zei hij: ‘Ja, we kunnen je wel directeur maken maar daar verandert je werk niet mee en helaas je loon ook niet.’

Geschoold in de beroemde zaak van Jan Schreiner…

Maar je had nog steeds de wens van een eigen winkel?

Precies, nog steeds koesterde ik de droom om een eigen bedrijf te gaan starten in mijn hometown Heiloo. Mijn vader Frans was timmerman in de bouw en heeft nog aan de Bijlmer gewerkt, maar na een val in een bouwput was hij zijn leven lang rugpatient. Desondanks stimuleerde hij mij en zei dat hij mij graag wou helpen om de zaak op te bouwen. ‘Nu kan ik het nog , ik weet niet hoe ik er over een paar jaar bijloop,’ was zijn aanmoediging. Ook mijn moeder Gery ontwikkelde zich trouwens later als een gewaardeerde hulp in de winkel en hielp veel vissers aan passende kwaliteitskleding.

Het lukte om een voormalige timmermanswerkplaats te huren en we maakten daar een hengelbouwatelier van. De naam ‘Handy Fish’ werd gekozen uit honderden namen en bleek een schot in de roos. Naast zelfbouwhengels kreeg ik steeds meer vraag naar andere hengelsportmaterialen. Na een paar jaar was dat flink uitgebouwd en konden we verhuizen naar een mooie winkel aan de overkant van het atelier aan de Kennemerstraatweg.

De zaak in Heiloo…

Wat voor hengelsportwinkel was het?

De winkel werd de doorbraak van Handy Fish met topmaterialen voor alle visserijen en met een bovenverdieping vol met vliegvismateriaal. Dat was een grote passie van me geworden. Ik raakte ook bekend als vliegvisser en werpinstructeur. Ik vliegviste in mijn spaarzame vrije tijd over de hele wereld van Florida tot Canada aan toe. Op een dag werd ik gevraagd om mee te doen met het NK Vliegvissen en de eerste wedstrijd won ik meteen. De tweede wedstrijd won ik ook en ik was favoriet voor de finale. Maar juist die wedstrijd op de forelvijver van de Eemhof flopte. In 2005 won ik alsnog het NK Vliegvissen en ik viste vele wedstrijden voor Nederland in diverse EK’s en WK’s als deelnemer en als captain van ons nationale team.

 

Terwijl je bijna de zee kan aanraken vanuit Heiloo…

Haha. Ik heb ook nog een WK Zeevissen in Italië beleefd met mijn eigen zeevisteam hoor! Op het strand van Sicilië kregen we visles van de Italianen en Portugezen met extreme onderlijnen. Er mocht niet met dobbers gevist worden maar er zaten kleine geepachtige vissen en met drijvende onderlijnen van zo’n  6-8 meter konden ze hoog in het water wat van die vissen vangen.

Maar goed, alle methodes van vissen hebben mijn interesse en vooral de beleving en passie van de diverse sportvissers vind ik super interessant. Vissen is een bijzonder tijdverdrijf. Niet afhankelijk van zalen, speelvelden, teams, openingstijden, en er kan bijna altijd gevist worden. Alleen of met je vaste vismaat waar je je hele leven mee deelt.

(Op een hilarisch bordje in de winkel staat: ‘Mijn vrouw is er vandoor met mijn beste vismaat. Ik mis hem!)

Zeebaars op de vlieg!

Vertel nu maar eens iets over het zeevissen.

Geen probleem. Vliegvissen kan ook goed op zee.  Veel zeevissoorten zijn met de vlieg te vangen. Bonefish en tarpon zijn misschien wel de meest bekende in de wereld. Voor Nederland is zeebaars daarbij misschien wel de meest spectaculaire aan onze kust. Maar ook zeeforel, makreel en fint zijn goed op de vlieg te vangen. In Denemarken heb ik op een topavond in Strib precies 50 gulletjes gevangen aan de vlieg. Een zinklijn met een verzwaarde zwarte marabou streamer bleek top.

 

En dicht bij huis?

Zeker. Ik heb bij de Noordpier ook diverse keren met de vliegenhengel zeebaars en makreel gevangen. En bij de Nieuwe Waterweg op een bekende zeebaarsstek voor de vlieg. Maar het mooiste is misschien wel de visserij op de strekdammen. Ik heb zeebaars door de eerste waterlaag over de dam zien jagen. Heel bijzonder, aan zee is alles nog eens extra mooi om te zien. Ik zeg veel vissers dan ook dat het mooiste van zeevissen vaak de zee zelf is…

 

Hoe gaat het nu met Handy Fish?

In begin 2019 kwam een klant in de winkel die vroeg of ik geen winkel op de Beverwijkse Bazaar wilde starten. Ik was er heen gegaan om me te oriënteren en huurde meteen een winkel unit in Hal 2. Elk weekend stond ik op de Bazaar en breidde ik mijn hengelsport assortiment uit. Het liep best goed maar toen de Covid toesloeg werd de Bazaar lockdown terrein. Ik moest alles weer meenemen naar mijn winkel maar het werd in de winkel zó druk door de Corona dat ik bijna alles weer kon verkopen.

Begin van dit jaar 2021 heb ik mijn winkel overgedaan aan Nick Venema. Hij zet als jonge enthousiaste sportvisser de winkel voort en brengt Handy Fish verder in de toekomst. Ik had gelukkig nog steeds mijn eerste hengelatelier kunnen doorhuren en doe daar nu hobby-matig reparaties en restauraties aan hengels en molens. Het blijkt een zeer gewaardeerd succes. Ik ben als hengelbouwer allround voor bijna alle reparaties en het is duurzaam om een hengel te kunnen repareren. Als één oogje stuk is van een hengel dan is deze onbruikbaar en wordt vaak achterin de kast gedrukt. Maar met een kleine reparatie kan de hengel weer gebruikt worden. Ik ben van ‘Gered Gereedschap’ zeg ik dan vaak. Sportvissers die nog defecte hengels hebben kunnen die bij Nick in de winkel afgeven.

Ik wil graag in de toekomst mijn kennis en ervaring nog verder delen. Ik wil me inzetten voor het goede doel binnen het sportvissen en vooral nog zelf veel genieten van onze prachtige hobby. Ik kan trouwens niet anders: It’s in my blood!”

Nick Venema (links) is de nieuwe eigenaar van Handy Fish en heeft de zaak al een flinke metamorfose gegeven.

 

 

 

Tips: kronkelaars aan dropshot voor argwanende baarzen

Baarzen zijn slimmer dan je denkt en hoe ouder en groter de baarzen, des te groter hun slimheid. Nu de herfst en de winter weer voor de deur staan, is het nuttig om onderstaande tips voor grote baarzen weer van stal te halen. De hoge hengeldruk maakt de visserij op populaire baarswateren er niet makkelijker op, zeker niet met kunstaas. Maar er is een alternatief…

Baarzen zijn gek op wormen…

Andere technieken

De aandacht bij het vissen op grote baars gaat met name uit naar diepe plassen die in verbinding staan met de grote rivieren. Op de drukkere plassen kun je best nog baars vangen, maar je kunt de visserij echt niet meer met een aantal jaren geleden vergelijken. Met een shad op een loodkop zijn de echt grote baarzen op deze drukbeviste stekken moeilijk te vangen; en overschakelen op andere technieken en aanbiedingen zoals dropshot, C-rig of Texas rig met softbaits wil nog wel eens helpen.

Kronkelaar

Maar als zelfs die aanpassingen al dressuur oplevert bij de slimme baarzen, rest er vaak nog maar één remedie: vissen met natuurlijk aas, zoals wormen of dode visjes! Je moet wel zeker weten dat er baars zit op je stek natuurlijk, maar als deze gedresseerde knapen er zwemmen, prik dan maar een dauwpier aan je dropshotmontage. Je zult zien dat zo’n grote kronkelaar de schuwste vissen toch weer over de streep trekt!

 

Grondel

Zijn je dauwpieren bijna op, prik dan eens een klein stukje worm aan je dropshothaak om een altijd wel aanwezige zwartbekgrondel te vangen, die te doden, en aan je dropshothaak te prikken. Ook deze wordt vaak zonder argwaan geaccepteerd. Succes!

 

Najaarsbarbeel in het zonnige zuiden

Zodra de R na de zomer in de maandnaam komt is dat voor mij een startsein om mijn aandacht naar de grote rivieren te verleggen en specifiek om achter de enorm hongerige barbeel aan te gaan. Deze krachtpatsers gebruiken de herfstmaanden om te schransen en zodoende voldoende reserve te kweken om de wintermaanden door te komen.

door Nico Breevaart

Na een succesvolle sessie in september aan de IJssel met zes grote barbelen, waaronder drie in de categorie ‘monster’, wordt het weer in Nederland zienderogen minder en zet ik mijn zinnen op een traditionele tweedaagse vistrip met mijn vader naar het zonnige zuiden van Frankrijk! Het is inmiddels half oktober en als we de weersvoorspellingen mogen geloven gaan we de 23 graden nog aantikken deze trip!

Terug aan de Loire! 

Op het programma staat de rivier de Loire. Dit is de langste rivier van Frankrijk en herbergt een goed en gevarieerd visbestand. Tijdens de laatste zomervakantie al wat speurwerk vooraf en op locatie gedaan hetgeen nu de nodige vruchten af zou moeten werpen.

Er wacht een IJssel-achtige rivier op ons met in de oeverzone de nodige basaltblokken waarna de rivier al snel een heel stuk dieper wordt. Bodem is voorzien van grind en het stroomt er behoorlijk. De juiste ingrediënten voor barbeel!

Ze zitten er nog! 

 

Voerspoor

We vissen met een stevig Sonubaits grondvoer waar 4 en 6 mm voerpellets aan zijn toegevoegd. De eerste paar worpen drukken we het voer niet al te hard aan zodat we in korte tijd een mooi voerspoor creëren. Daarna moet het voer zo lang mogelijk in de korf blijven dus drukken we het voer extra stevig aan. Nu zal de knoflookgeur van het voer zijn werk moeten doen.

Lekker in je T-shirt half oktober…

Het eerste uur krijgen we alleen korte felle tikken op de 14 mm haakpellets, waarschijnlijk van kleinere witvis. Niet veel later giert mijn molen het uit en staat de hengel hoepelrond! De eerste Franse schone heeft zich gemeld. De gekozen aanpak werkt dus en dat geeft een boost.

Dit is het startsein voor een paar mooie uurtjes. We vangen de nodige barbelen, maar zo snel als de aanbeten kwamen zo abrupt eindigen ze ook weer. We worden gelukkig wel getrakteerd op een heerlijk zonnetje en de korte broek had vandaag niet misstaan!

De eerste uren mist…

Drukke dag

De tweede visdag heeft de mist de zon de eerste uren van de dag volledig in bedwang. Pas tegen het middaguur komt de zon door. Toeval of niet, ook dan komen pas de aanbeten op gang. Vooral mijn vader heeft een drukke dag en staat met regelmaat een mooie barbeel te drillen. De vissen zijn al opvallend dik in verhouding tot twee maanden terug.

Mijn vader heeft een drukke dag! 

De tweede dag vissen we wat verder uit de kant. Dit maakte een wereld van verschil. Zodra we dichterbij liggen blijven de aanbeten uit. Het vissen met maden heb ik even geprobeerd maar leverde telkens binnen een fractie een aanbeet op van kleine witvis. Door met pellets als haakaas te vissen richten we ons volledig op de aanwezige barbeel. Dat ging ons deze trip heel goed af met zelfs twee mooie zeventigers als resultaat. Dát in combinatie met het heerlijke weer, maakte het méér dan geslaagd. En dan hebben we de topmaand november ook nog in het vooruitzicht…

Een sterke Loire-barbeel. 

Een uitstapje om te koesteren…

 

 

Masterclass zeevissen

Stephen Jansen werkte in het verleden bij hengelsportzaak Peeters in Amsterdam, maar vertrok naar Mexico, heeft daar een goedlopende hengelsportzaak en bovendien een succesvolle range aan kunstaas ontwikkeld. Stephen Jansen – Mexico Hoe kwam je ook alweer in Mexico verzeild als Hollander? Ik reisde in januari 1995 naar Cabo San Lucas voor een tweeweekse vistrip. Het doel was om voornamelijk op marlijn te vissen. De marlijnen werkte mee en zo ook een aantal dorado’s en wahoos. De inmense kracht e...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Tijd voor Cataplana!

Vanaf het terras zie ik een hoge branding, die de grens vormt tussen de Atlantische Oceaan en een prachtig breed strand. Zo midden op de dag doet de zon enorm zijn best. Zelfs in de schaduw is het pakweg 26 graden Celsius. Het oceaanwater daarentegen is hartstikke koud. Ik ruik de geur van geroosterde Portugese sardines en weet dat ze straks op ons bordje liggen. Tijd voor een lange lome lunch. Waar we zijn? Portugal! Portugal is een aanrader als je graag vis eet. Een prachtige kustlijn en veel ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Een bijzondere avond aan het NZK

Bij ‘een bijzondere dag’ denk je misschien aan de film Una giornata particolare met daarin Sofia Loren en de heer Mastroianni in de hoofdrollen. Maar deze keer waren Yvonne en ik gewoon een dagje op weg naar het Noordzeekanaal bij IJmuiden.

Gemijmer

“Wat zou het leuk zijn om weer eens een bijzondere vangst te doen,” mijmerde mijn eega voor zich uit in de auto. Ik keek haar aan en dacht: dat zei ze vorige keer ook al, en toen was het allerminst goed te noemen qua vangsten. Dus ik was wat huiverig en liet het gemijmer aan haar over. Ze droomt ook wel eens van een man met wild krullend haar namelijk. Als ik haar dan mijn richting op zie kijken, zeg ik dat ik dat eigenlijk ben; alleen groeien bij mij de krullen naar binnen en het ziet er aan de buitenkant iets anders uit zeg maar. De gesprekken zijn van een hoog niveau zoals u hieruit begrijpt.

We waren er zoals gebruikelijk even voor donker. In deze periode worden de hengeltoppen van de feederhengels meestal geteisterd door grote aantallen mini steenbolken en wijtingen. De targetvis, in dit geval de tong, heeft dan nog geen schijn van kans helaas. Maar in het donker zal dit gelukkig bijna geheel ophouden weet ik uit ervaring. En alles is natuurlijk beter dan stille toppen.

We hadden de hengels weer eens verdeeld in rechts voor Yvonne en links voor mij. Anders ontstaan er nog weleens echtelijke twisten van wie die hengel nu eigenlijk was die in één keer krom vloog met een tong van formaat. Yvonne blijkt dan opeens verrassend snel.

Gekreun

In het Noordzeekanaal vis ik altijd zonder ankers en actief slepend om de zoveel tijd. Dat werkt het best voor de tong. Ik zag al dat er een of twee kleine visjes aanzaten bij Yvonne dus even voelen of het toch iets van substantieel gewicht was.

Tijdens het slepen voelde ik opeens een dikke boemmm. Helaas moest ik de hengel bijna direct afstaan aan Yvonne die stond te trappelen van ongeduld. Ik kon het geheel dan gaan regisseren vanachter mijn smartphone vandaan. Gelukkig vang ik daarmee altijd wel vis op de lens.

Aan het gekreun van Yvonne te beluisteren moest dit toch wel iets bijzonders zijn. Ik zag aan de top van de feeder dat de vis anders vocht dan een tong maar toch kon ik alleen daar maar aan denken. Toen de vis dichterbij kwam en erg begon te stoten dacht ik ook even aan een leuke zeebaars.

Het werd uiteindelijk iets anders: een mooie snoekbaars van 60 cm!

Een zoete snoekbaars op zout water!

Allemachtig wat een euforie aan de waterkant. De adrenaline spoot door de aderen. Natuurlijk viste ik vroeger vaak gericht op snoekbaars in het kanaal. Maar als deze dan toch niet je targetvis is en dan bovenkomt valt er wat te gejuich. “Altijd rustig blijven Luc,”  zegt ze me dan. Jaja,  vergeet het maar. Yvonne de verschrikkelijke tilde de vis enthousiast in één keer op de kant. Een beetje mazzel is hierbij noodzakelijk.

De vis zat gehaakt aan een haakmaat nr 4, beaasd met een stukje zager. Daar had vervolgens een wijtinkje in gebeten die op zijn beurt door de snoekbaars werd opgezogen. Zout en zoet verenigd!

Op de kant heb ik de snoekbaars uit zijn  lijden verlost. Voor een zeevisser en caveman was deze vis een mooie maat voor consumptie. Niet te groot en niet te klein.

En hoewel de vis van Yvonne was, mocht ikzelf ook mee op de foto, dus de eer was groot. We spraken over ‘teamwork’ dus ik had hem ook mee helpen  vangen. Dat streelde mijn ego dan weer.

Wilt u de rest van de avond nog weten? De rest van de avond vingen we genoeg kleinere tongen  en een enkele maatse. Maar de avond kon toen allang niet meer stuk na de bijzondere vangst.

Dus onthoud: als uw vrouw gaat mijmeren; houd dan de hengels in de gaten!

Luc Mom

Saltstraumen festival dag 5: op zoek naar de jackpot

Het was weer een dag van uitersten bij het gecombineerde Raven/ Wout Van Leeuwen Noorwegen Festival 2021. Het begint met een redelijke bak regen in de ochtend maar verder is het visserijtechnisch best oké. Een redelijke drift is mogelijk door de rustige wind en er waren groepen die zich helemaal klem hebben gevangen en er waren groepen die de vis niet konden vinden. Het heeft allemaal te maken met de juiste keuzes en het getij.

Ook de kleine heilbotjes houden van een robbertje vechten.

Saltstraumen dag 5

De vissers die vandaag de jackpot raakten hebben voor de omgeving rondom de Straumen gekozen. Kapitale kabeljauw en grote koolvis zijn er door hen gevangen, recht voor de deur op geen 3 minuten varen. De grote truc vandaag was om een zwartzilveren pilker van rond de 300 gram naar de bodem te laten zakken en deze een paar meter op en neer te vissen om te kijken of er kabeljauw zit en daarna deze omhoog te draaien op een normaal tempo waarbij de koolvis zich vaak meldt.  John en Dennis hebben hier vandaag flink huis gehouden en samen met de gasten waar ze mee gevist hebben. De glimlach op de gezichten was duidelijk aanwezig.

Kan het ook wat minder heren…

Tien heilbotten

Zelf was ik met Ed en Eric mee en zij wilden graag met licht materiaal  op heilbot vissen. Achter in het fjord is een hele ondiepe baai waar we op 5 t/m 10 meter diepte gevist hebben. Heel natuurlijk ogende sandeels werden zo ver mogelijk ingegooid en deze met drie korte snelle slingers aan de molen opvissen en daarna weer laten afzakken. Super actief en met spinhengels van 20 t/m 50 gram een absoluut feestje. We mochten tien heilbotten verwelkomen in de boot. We hebben zelfs filmopnames kunnen maken van een heilbot die het kunstaas tot aan de oppervlakte volgde en deze daar ook nog eens pakte. Super mooi en spectaculair. De mannen  hebben een mooie dag gehad en waren blij.

Geef ze een hengel en je hebt er de hele dag geen last meer van!

Overtreffen

En dat terwijl een andere groep vissers in dezelfde baai is geweest maar de vis hier niet heeft kunnen vinden. Het lag vandaag echt dicht bij elkaar maar tegelijk ook zo ver uit elkaar. Morgen al weer de laatste dag. Is er nog iemand die de huidige grootste exemplaren gaat overtreffen? Morgen eind van de dag weten we meer. En ook dan is er natuurlijk weer een verslag te vinden op deze site.

Joris Nieuwenhoff – Visreis.nl

Bekijk ook de verslagen van de vorige dagen:

dag 1

dag 2

dag 3

dag 4

 

  Daar kun je mee thuiskomen…

Wijting: de nacht is voor de rovers

Het is een mooie winterdag, strak blauwe hemel, een zachte frisse bries laat de bomen zachtjes bewegen als ik uit de auto stap onderaan de duinen. De temperatuur ligt net iets boven het vriespunt, en daalt ‘s nachts tot net onder nul. Ik zet mijn hengels in elkaar, bind mijn steunen aan elkaar vast en trek mijn warmtepak aan. Ik check nog een keer of ik alles heb, en of ik toch mijn hoofdlamp niet vergeten ben. Gelukkig ligt deze netjes bovenop in mijn viskist. Het avontuur kan beginnen.

 Door Kees Gillissen

Dit Artikel van Toen verscheen eerder in Zeehengelsport nr 370.

 

 Overdag zie je het beter dan in donker; het is aan te raden ook bij daglicht even jouw nachtstek te gaan bekijken!

Hoofdlamp

U vraagt zich wellicht af, wat is ondergetekende van plan met die hoofdlamp in dit koude jaargetijde. Klopt. Nachtvissen doen wij Nederlanders vooral in de zomermaanden op tong. Zeker op een mooie zomerdag is het ‘s avonds en ‘s nachts lekker afkoelen aan zee. Maar wat veel mensen niet weten is dat de winternachten echte visnachten zijn. De wijting komt in het najaar en de winter massaal naar de kust en laat zich bij voorkeur ‘s nachts veel beter vangen dan overdag!

Als ik de trap op loop richting strand, komt een andere visser mij tegemoet. Even een kort babbeltje over de vangsten laat mij al snel weten dat het een taaie avond wordt. De beste man had een enkel scharretje en geen wijting. Maar hij weet waarschijnlijk niet wat ik weet, dus ik sjouw toch met een opgewekt gemoed naar het strand. Na een dagje werken is het toch wel lekker om nog even zand onder je voeten te hebben. Het is inmiddels half vijf in de middag als ik op strand ben aangekomen. De zon begint in kracht af te nemen en het gaat al schemeren. Tijd om de hengels in te spannen en een paar loodjes richting de horizon te werpen.

Als je in de namiddag de nacht in vist, weet je in donker beter de weg… (foto Dirk Horemans)

 

Ankerlood

Ik ben vandaag neergestreken op een stek tussen Zoutelande en Westkapelle, bekend om zijn diepe wateren op werpafstand. Een aantal edities terug heb ik in dit magazine over de strandstekken op Walcheren geschreven. Deze stek was daar één van.

Voordat ik begin met vissen werp ik eerst even een hengeltje uit om te kijken hoe het gesteld is met de stroming langs de kust. Met andere woorden, kan ik met een simpel rolloodje uit de voeten, of moet ik een ankerloodje gebruiken. Het antwoord is al snel duidelijk: na enkele minuten is mijn loodje tientallen meters weggerold naar de rechterkant. Jammer, dan toch maar weer een ankerlood er op. Ik vind dit persoonlijk minder fijn vissen dan een rolloodje, maar als de omstandigheden het niet toelaten dan is het niet anders. De eerste hengel tuig ik op met een redelijk ‘basic’ onderlijntje wat altijd wel werkt: haaklijntjes van een halve meter 30/00, met hieraan een haakje maat 6 of 4. Ik voorzie het haaklijntje altijd van een lichtgevend kraaltje, op een of andere manier werken roze kraaltjes voor mij altijd het beste. Maar ook groen en blauw werken prima. Je zou zeggen dat die vissen dat niet zien, maar de ervaring leert dat dit toch wel beter werkt dan zonder kraaltje.

Kees Gillissen deed al de nodige ervaring op met wijting tijdens tal van (internationale) wedstrijden.

Bindelastiek

Ik prefereer vers aas boven diepgevroren of gezouten aas. Gelukkig heb ik zelf nog wat pieren en tappen liggen van een wedstrijd, dus deze kan ik mooi gebruiken. Ik steek ook altijd nog een pakje diepgevroren tappen bij mij voor het geval dat ze ineens liever een minder vers stukje aas willen hebben. Meestal volstaat een pier of een stukje tap van een centimeter of 4 al. Ik zet deze wel altijd goed vast met bindelastiek, liefste niet te dik. Ze hebben tegenwoordig allerlei merken bindelastiek, maar mijn voorkeur gaat toch wel uit naar het latex elastiek van Tronixpro en dan de ‘light’ variant, deze blijft goed zitten om het aas, trekt er niet te hard in en is toch redelijk makkelijk van de haak af te halen als je je aas gaat vervangen. Ook laat ik mijn afgeknipte stukje draad bij mijn haak iets langer, zo heb je al een soort stoppertje gecreëerd en blijft het aas nog beter zitten.  Mijn eerste onderlijn beaas ik met een drietal pieren en zet deze stevig vast met een beetje bindelastiek.

 

Als ik op deze stranden vis, kies ik altijd voor een loodlifter, liefst een medium maatje of een klein maatje. Deze werken prima, en gaan niet te veel tollen tijdens de worp. Het voordeel van een loodlifter is dat het onderlijntje al ver voor de kant naar boven komt, zodat de kans op vastzitten veel kleiner is. Wel erg belangrijk, want onderlijnen en lood kwijtraken is voor niemand leuk. Dus: beter voorkomen dan genezen. Let wel op, je moet hier redelijk snel binnenhalen, anders heeft die loodlifter geen nut. Verder vis ik met een gevlochten lijntje op de molen, niet alleen omdat het verschrikkelijk leuk is om een aanbeet te zien, maar ook omdat je dan veel sneller contact hebt met je lood. Dit betekent ook dat je onderlijn weer sneller omhoog komt, dus hoef je weer minder snel binnen te draaien. Standaard kies ik een 16/00 met een voorslag van 20/00. Dat ligt een beetje aan het merk, maar meestal is 16/00 afdoende. Zo gebruik ik de X8 Power lijn. Deze is mooi rond, en op deze manier lever je niet te veel in op je werpafstand en heb je toch een sterke lijn op de molen.

Diverse soorten lood… 

Wijtingtijd!

Wanneer ik mijn eerste hengel ingooi is de schemering al goed aan het doorzetten. Wijtingtijd! Het duurt niet lang of ik zie in mijn ooghoek mijn hele hengel al fanatiek op en neer gaan. De eerste vis heeft zich al gemeld! Wat is dat toch mooi, die aanbeet op gevlochten draad; je ziet werkelijk waar alles. Hoe verleidelijk het ook is om gelijk weer op te halen; ik blijf toch even wachten. Er zitten immers drie haken aan de onderlijn. Een ‘rammelende’ wijting trekt ook de aandacht van de rest van de groep, dus wie weet zijn er nog meer hongerige wijtingen die wel zin hebben in een pier of tap. Ik ga snel mijn andere hengel in orde maken, ik kies bij deze hengel voor een nylon lijn van 30/00, met een tapse voorslag van 30/00 tot 60/00. Hiervoor pak ik de Xenon lijn en de Xenon voorslag. Omdat het  bijna laagwater is wordt de stroming minder, dus ik waag de gok. Ook aan deze hengel doe ik een loodlifter om er zeker van te zijn dat ik mijn onderlijn heelhuids terugkrijg. Aan deze hengel bevestig ik dunne stalen onderlijntjes, dit kan soms ook goed werken. Als lood een 175 grams klapankerlood, net als aan de andere hengel. Als ik deze hengel een lel richting de horizon heb gegeven zie ik dat mijn andere hengel nog steeds staat te stuiteren. Eerst die maar eens binnen draaien!

Een felle nachtrover…

Omdat ik met een loodlifter en gevlochten draad vis, kan ik gelijk gaan draaien en komt door de loodlifter het lood gelijk omhoog. Ik hoef dus niet eerst mijn ankers los te trekken. Het voelt gelijk al zwaar aan, dus de vraag is: hoeveel hangen er aan? Door de loodlifter komt het hele spulletje al op 40 meter uit de kant naar boven. Ik tel voor zo ver ik kan zien twee vissen.  Maar als het onderlijntje op de kant komt zit er maar één visje meer aan. Waarschijnlijk zat die niet goed gehaakt. Jammer, maar de sessie is nog maar net begonnen. Wellicht dat het op de hengel met nylon beter gaat nu de stroming er even uit is. Ik voorzie de onderlijn weer van aas en hij vliegt weer tegen de stroming in naar de horizon. Eigenlijk te snel, maar ik wil toch weten of die ‘nylon hengel’ beter is. Ik trek de stoute schoenen dus aan en ga binnendraaien. Warempel, het gaat wel heel zwaar, dit moet wel vis zijn.

Na een minuutje draaien komt ook deze onderlijn naar de oppervlakte. Nu tel ik er drie! Ditmaal doe ik iets rustiger zodat de vissen er niet afvallen, en nu komen er inderdaad drie wijtingen op de kant. Nylon lijkt op dit moment beter te werken.

Zo gaat het eigenlijk nog drie keer door. Aan de nylon hengel vang ik iedere draai twee vissen of meer, en aan de gevlochten bijna niks. Maar net op moment dat ik ook de tweede hengel van nylon lijn wil voorzien, komen er aan de gevlochten draad ook drie vissen binnen. De stroming is inmiddels weer goed zijn werk aan het doen, en nu vang ik ineens weer minder aan mijn nylon lijn. Vandaag  is nylon bij het dode tij beter dan gevlochten lijn, en als de stroming weer goed zijn werk doet, is gevlochten draad beter.

Lichtgevende kraaltjes trekken ook de nieuwsgierige wijting naar je aas…

Rovers

Inmiddels is het al goed donker geworden en is de stroming dusdanig hard dat ik overschakel op twee hengels met gevlochten draad, puur om goed te kunnen blijven liggen met die harde stroming. Inmiddels ben ik ook bewust wat minder ver gaan werpen. Zo blijf je ten eerste beter liggen, en ten tweede komt de wijting vaak dichter naar de kant als het donker wordt. Je wil graag blijven liggen omdat anders je lood gaat ‘zoeken’ naar een punt waar het blijft liggen, en vaak is dit een plek met rotzooi waar je in vast komt te zitten. Gevolg is dan dat je alles kwijtraakt.

Om dat te voorkomen moet je altijd opletten dat je lood niet al te ver gaat wandelen door de stroming. Vaak is het voor de vis ook beter als je onderlijn stil op een plaats ligt. Zeker op deze stek staat er altijd veel stroming, dus een ankerlood is vrijwel altijd noodzakelijk. Een exemplaar van 150 tot 175 gram is vaak afdoende. Het belangrijkste is hoe dik en hoe lang de ankerstaafjes in het lood zijn, want hoe langer en hoe dikker,  des te beter het lood blijft liggen.

 Zorg dat je onderlijnen klaarstaan voor het donker…

 

Ik ben inmiddels twee uurtjes aan het vissen en heb al een mooi klusje vis gevangen, waarvan het merendeel maats is. Nu is het water al ongeveer twee uur aan het opkomen en het mooie is er wel vanaf. Maar ik vang nog steeds twee of drie vissen tegelijk, al worden ze wel een beetje kleiner. Ik besluit om de gevangen vissen alvast schoon te maken, zodat ik thuis die rotzooi niet meer heb. Ik tel twintig wijtingen om mee te nemen, ruim voldoende om een paar dagen culinair van te kunnen genieten. Ik vis nog een half uur door en vang nog steeds bergen met vis, alleen is nu ongeveer drie kwart van de wijtingen onder de maat. Deze krijgen toch een behoorlijke klap, en hebben moeite met wegzwemmen. Om dooie vissen te voorkomen stop ik ermee en ruim ik mijn spulletjes op.

Het is een mooie dag geweest zo na het werk. Door het wegblijven van de wind heb ik geen jas nodig gehad, dus het was echt genieten. Bij de auto aangekomen zie ik dat er nog een visser op het strand was gaan vissen. Ook hij is net aan het opruimen. Ik ben benieuwd naar zijn vangsten, en die blijken ook goed. Ook deze man heeft veel wijting gevangen. Het is dus wel degelijk waar, wijtingen zijn de echte rovers van de nacht!

 

Twan & Mandy: elastiek-details die het verschil maken

Browning heeft een heel interessant pakket aan allerlei kleine accessoires voor de vaste hengel die het waard zijn om eens nader te belichten, zeker ook voor de wedstrijdvissers onder ons. Gewoon omdat juist dit soort kleine dingetjes nu net het verschil kunnen maken wanneer je op een maximale manier een elastiekmontage wilt gebruiken. Browning-vissers Twan en Mandy praten je bij.

 Elastiek is super belangrijk…

Een bung-set voor je elastiek kun je zelf installeren...

BUNG SET

Bungs zijn soort stoppers aan het ‘dikke’ einde van een elastiekmontage. In de praktijk zitten ze in de hengeltop of eigenlijk nog veel vaker in het tweede hengeldeel en wel daar waar het derde hengeldeel net niet meer bij komt als de delen in elkaar gestoken worden.

Het handige bij deze bungs is dat je er heel gemakkelijk en heel snel tijdens een vissessie het gebruikte elastiek strakker of juist iets losser mee kan zetten en dat kan enorm  belangrijk zijn! Voorbeeld uit de praktijk: de visserij is veel slechter dan verwacht waardoor je dunnere onderlijnen gaat gebruiken met kleinere haakjes eraan. Juist dan kun je heel gemakkelijk vissen aan de haak krijgen die je vrijwel onmiddellijk na het haken ervan weer verspeelt. De oorzaak daarvan is dan dat voor die omstandigheden het gebruikte elastiek net iets te strak staat ingesteld. Heel even stoppen met vissen en een of twee omwentelingen van de bung eraf halen en het probleem is binnen ‘no time’ opgelost. Of nog een ander voorbeeld: de visserij is nu plotseling veel beter dan verwacht waardoor je dus sneller moet vissen om tot het maximale resultaat te komen. Nu juist even een of enkele slagen meer op de bung draaien en meteen weer verder vissen. Nu kun je plotseling vissen uit het water tillen die je anders had moeten scheppen. Echt ideaal voor iedere visser.

Deze bung wordt geleverd in 3 verschillende maten waardoor ze voor werkelijk iedere vaste stok geschikt zijn. De bijgeleverde lange ‘naald’ zorgt ervoor dat je heel snel en gemakkelijk de bung uit het hengeldeel kan trekken.

 

Vangen of niet vangen: een Bung set of Pulla Bush Oval maakt het verschil.

PULLA BUSH OVAL

Side Puller systemen zijn niet meer weg te denken bij met name de moderne commerciële karpervisserij. Logisch ook want het helpt gewoon enorm bij het landen van vaak grote vissen. Altijd en op elk moment kan je de juiste spanning zetten op de gebruikte elastiek wanneer je zo’n vis hebt aangeslagen. De meeste hengelmerken maken een extra verstevigd stukje op de plaats van de hengel waar je het side puller systeem kan inbouwen. Zonder die extra versterking zou het hengeldeel daar kunnen breken.

De Pulla Bush Oval van Browning zorgt ervoor dat het gebruikte elastiek maximaal de hengel in- en uitschuift zonder welke scherpe randjes dan ook. Hij wordt geleverd met een boorsjabloon zodat de montage heel gemakkelijk is te maken. Echt een perfecte accessoire die ervoor zorgt dat je bij iedere gehaakte grote vis gewoon veel meer kans hebt om hem ook succesvol te landen.

Alignment bushes…

POLE ALLIGNMENT BUSHES

De meeste elastiekmontages zijn tussen de twee en twee en een halve meter lang en dat is best een hele lengte. Bedenk daarbij dat het elastiek over vrijwel de gehele lengte door de binnenzijde van de hengeltop en het 2e hengeldeel loopt en niet zoveel ruimte heeft zonder ergens vast te plakken daaraan. De Pole Allignment Bushes zijn gemaakt om het elastiek juist zo centraal mogelijk door de binnenzijde van de hengeldelen te laten lopen wat je helpt om het maximale te halen uit het gebruikte elastiek. Dat werkt ook echt in de praktijk. Deze bush is gemaakt van EVA en is zodanig zacht dat hij heel gemakkelijk in het hengeldeel kan worden geplaatst. Verreweg de meeste hengels zijn oversteek tegenwoordig en dan is de beste plek voor de bush in het tweede hengeldeel daar waar de hengeltop erover schuift, het dunne eind dus. Ook dit is weer zo’n handig product waarover door vissers is nagedacht in de praktijk. E het werkt ook echt!

Deze bushes worden in drie diameters geleverd waardoor er voor iedere hengel wel een perfecte maat is te vinden.

Met elastiek haal je zelfs deze bijvangsten boven je net!

DUO BUSH SET

Wanneer je als visser op allerlei vissoorten vist dan heb je best wel verschillende soorten en maten van elastiekmontages nodig. Simpel gezegd, een montage om karpers mee te vangen is totaal anders, grover en qua gebruikte elastiek dikker dan een montage om voorntjes mee te vangen. Op zich geen enorm probleem maar als je dikkere elastiekmaten gebruikt dan moet ook de binnendiameter van de hengeltop daarop zijn aangepast en wordt hij eigenlijk veel te groot voor het gebruik van dunnere elastieken. Het kan allemaal wel maar ideaal is het zeker niet. Voor iedere omstandigheid een andere hengeltop gebruiken kan natuurlijk maar is ook relatief duur natuurlijk. De beste oplossingen in onze sport zijn vaak de meest simpele en dat geldt ook hier. De Dual Bush Set is eigenlijk een combinatie van een bush met grote diameter waarin simpelweg een dunnere bush zit die perfect kan worden gebruikt voor de dunnere elastiekmaten zonder dat er telkens veel water in de hengeltop loopt. Super handig in de praktijk.

De Dual Bush Set…

TIP MANDY EN TWAN:

Als het goed is hebben we de werking van al deze kleine producten zo goed mogelijk omschreven. Allemaal op hun eigen manier helpen ze om een elastiekmontage zo maximaal mogelijk te gebruiken. Om daar nog allerlei specifieke tips aan toe te voegen is niet gemakkelijk en ook overbodig als we alles goed genoeg hebben omschreven.

De maximale werking van de elastiekmontage is een van de belangrijkste zaken in onze sport. Als het hier allemaal niet maximaal klopt tot in de kleinste details dan zal dat vroeg of laat leiden tot verspeelde vissen die eigenlijk wel te vangen waren en dan gaat dat dus ten koste van het maximale resultaat. Nou, hier heb je als visser absoluut invloed op, dus is er geen excuus als het niet klopt en als je als wedstrijdvisser het maximale wilt bereiken dan is dat dus gewoon geen optie.

Wat is nu de juiste strakheid van de elastiek bij de perfekte elastiekmontage?? Wij gaan altijd uit van het principe dat standaard de elastiek altijd net vloeiend terug de hengeltop in moet kunnen lopen als de spanning er volledig van wordt afgehaald. Verder passen we daarna alles aan op de vissituatie van het moment. Telkens weer gaan we bij het begin van een visdag uit van diezelfde basis en naarmate je vaker zo hebt gevist ga je steeds gemakkelijker alle mogelijke situaties tijdens zo’n visdag herkennen en wordt het aanpassen daarop een automatisme.  Vang ze!

  Geluk dwing je af met het gebruik van je verstand en goed materiaal!