De winter is weer in het land. De temperaturen zijn niet altijd aangenaam en de vis is een stuk lastiger te vangen dan in de zomer. Wanneer je echter de dingen net eventjes anders doet dan normaal en je materiaal en aanpak hierop aanpast, dan kun je zomaar fantastische visdagen beleven. Reijer Kros is een echte expert op vijvers en commercials met de vaste hengel. Met behulp van zijn praktische wintertips ga je zeker meer vangen en blijf je warm, zelfs op de guurste dagen!
Tekst & foto’s: Re...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Koudwaterknaller
Halverwege het vorige decennium deed de pellet cone zijn intrede in het commercial vissen. Het waren de jaren van stormachtige ontwikkelingen op het gebied van vijvervissen, waardoor deze techniek een beetje ondergesneeuwd raakte. Voor Sam Collett pakt het vissen met de pellet cone in deze periode van het jaar enorm goed uit.
Tekst: Sam Collett, foto’s: Mark Parker
Zeker in de winter wil een pellet cone, in combinatie met een opvallend haakaas en een glug als smaakprikkel, de vi...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Verslavende finessevisserij
Roofvissen heeft iets magisch; het kent een zeer grote aantrekkingskracht op velen van ons. Als er één tak van hengelsport is waarbij het ‘jachtinstinct’ van de visser enorm aangewakkerd wordt, dan is het wel tijdens een dagje roofvissen. In dit artikel licht ik mijn subtiele visserij op baars en snoekbaars toe en ook roofblei komt aan bod.
Tekst: Leon Haenen Foto’s: Leon Haenen en Tim Janssen
Het gegeven dat je aan het jagen bent op de onderwaterrovers, die op hun be...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Veel vissers stoppen tijdens de wintermaanden met het beoefenen van hun sport. Tja, het valt natuurlijk niet te ontkennen dat de weersomstandigheden vaak minder aantrekkelijk zijn. Maar wat vaak wordt vergeten: op de juiste plekken is nu meer te vangen dan in welk ander jaargetijde dan ook!
Tekst & foto’s Jan van Schendel
Om op die juiste plekken te geraken moet je wel bereid zijn om je aan te passen. Meer dan ooit zul je de vissen moeten opzoeken, want in deze tijd van het jaar gedragen ze zich heel anders in vergelijking met de zomer bijvoorbeeld.
Niet alleen aan het visgedrag, maar ook aan de weersomstandigheden dien je je aan te passen. Het is vaak kouder en natter, maar met goede kleding hoeft dat geen enkel probleem te zijn. Goede warmtelaarzen zijn belangrijk, net zoals winddichte kleding. Neem dan ook altijd een thermosfles met warme thee, koffie, chocolademelk of wat anders mee. Een kopje warm drinken doet wonderen op de momenten dat je het toch een keer koud hebt. Verder kun je een beschutte plek opzoeken, maar niet altijd zijn dat de beste plekken. Een goed opgezette paraplu doet wonderen.
AANPASSEN AAN DE VIS
Vissen hebben de gave om plekken te vinden waar de watertemperatuur net dat ene graadje warmer is. Heel vaak verblijven ze tijdens de koudste maanden van het jaar juist daar. Bijna ieder groter watersysteem kent zulke plekken en niet zelden komen daar enorme scholen vis tezamen.
Als die plekken bevist mogen worden, dan kun je er bijna donder op zeggen dat ze garant staan voor goede tot zelfs enorme vangsten! Het frappante is dat dit soort plekken zich vaak bevinden bij of zelfs midden tussen de menselijke activiteit. Let maar op, als een kanaal door een dorp of stad loopt, dan zorgt de bebouwing voor wat extra beschutting. Heel vaak bevinden de vissen zich daar en zijn dat topwinterstekken.
Het water in dorpen of steden is net een tikje warmer: pleisterplaats voor vis en visser…
Misschien wel het beste voorbeeld zijn de vele (jacht)havens in ons land. Langs grote watersystemen, zoals de Friese meren, het IJsselmeer, de Randmeren en de grote rivieren die door ons land stromen, liggen tal van dat soort plekken. De afgemeerde boten bieden al automatisch de nodige beschutting en dan worden op sommige plekken die boten ook nog eens bewoond, met de kachel aan dus! Bijna altijd zwemt er in de winter heel veel vis in dat soort havens. Maar opgelet, want in veel van die havens bevinden de vissen zich massaal bij elkaar. Dat houdt ook in dat hele stukken nagenoeg ‘visloos’ zijn! Dat heeft deels ook met een ander fenomeen te maken, namelijk het aalscholverprobleem. Geloof me, deze vogels weten perfect de scholen vis te lokaliseren. En dat is dan weer een extra reden waarom de vissen zich vaak bevinden waar het meeste beweging is op de oever. Juist daar komen de aalscholvers niet echt graag natuurlijk. Datzelfde geldt in principe ook voor de aanwezige vissen, maar de angst voor de aalscholvers overwint al hun andere angsten.
Wellicht zijn havens langs grote waterstelsels de bekendste winterse witvishotspots.
HAVENS – MAG JE ER VISSEN?
In zeker de helft van alle jachthavens mag niet worden gevist, maar er zijn dus ook nog plekken waar er wel gevist mag worden. Laten we heel zuinig zijn op die plekken. Zeker wanneer je mag vissen op de loopsteigers is het belangrijk om na de vissessie die steigers even schoon te spoelen of te vegen. Een kleine moeite toch? Nog iets, zorg er altijd voor dat de boteneigenaren gemakkelijk hun boot kunnen bereiken. Wij zijn natuurlijk een beetje hun gasten, niet andersom, en de onnodige irritaties die er ontstaan, vaak door een gebrek aan onderling respect, hebben al heel vaak gezorgd voor visverboden. Eén ding is zeker, bij teveel ‘overlast’ is er altijd weer maar één verliezende partij en dat zijn wij, de vissers.
VERGUNNINGEN?
Het is raadzaam om voorafgaand aan een vissessie in (jacht)havens uit te zoeken welke vergunning je nodig hebt. Soms volstaat een VISpas, maar vaker heeft een plaatselijke visvereniging de visrechten exclusief gehouden. En soms zelfs zijn de steigers privébezit. Op sommige plekken kunnen dan weer dagvergunningen worden verkregen, op andere plaatsen weer niet. Vooraf even goed uitzoeken, want er loopt altijd veel volk op dit soort plekken!
En nou niet zeggen dat je het bordje niet hebt gezien…
DE VIS ZOEKEN
De vistechnieken zijn voor een groot deel afhankelijk van de aanwezige hoeveelheid vis en ook de manier waarop gevist kan worden. Het is een misvatting om te denken dat je momenteel een school vis echt kan aanlokken, op de meeste wateren althans. Als er bijvoorbeeld in een jachthaven heel veel vis aanwezig is, dan heb je misschien niet veel voer nodig, maar wel genoeg los aas zoals hennep en casters. Bij een vaste hengelvisserij komt het regelmatig voor dat er bij aanvang helemaal geen ballen lokvoer worden aangevoerd, maar wel losse casters en hennep.
Vis je met de feederhengel, dan werkt een wat behouden voeraanpak ook vaak het best. Gebruik wat voer en meng in de korf de gebruikelijke aassoorten, zoals wat pinkies, maden of casters. Geknipte wormen kunnen met name voor brasems ook heel belangrijk zijn. Verwerk ze echter beetje bij beetje en voeg zeker niet meteen al het aas toe aan het lokaas! Het principe van ‘alles dat in het water ligt kun je er niet meer uit halen’ is momenteel relevanter dan in welk jaargetijde dan ook.
WINTERSNACKS
1 van 4
Hennepzaad: prachtig om los bij te voeren.
Casters: niet zelden vang je hier de dikste voorns mee.
Zit je boven op de vis, dan is één zo’n bal soms voldoende voor uren vangen!
In stukjes nu ook onmisbaar in de feeder, maar voer niet te veel!
DE BESTE DOBBERSTEKKEN
Verspreid over Nederland zijn best goede wintervisstekken te vinden. Om jullie een beetje op weg te helpen zal ik wat locaties toelichten waar ik echte topdagen heb beleefd. Ik hoop dat het voor sommigen een hoop zoekwerk zal besparen. De beschreven stekken zijn zeker geen volledige opsomming van alle mogelijkheden. Ik ken echt niet alle wateren en iedere winter hoor ik van ‘nieuwe’ stekken. Zeker in de plaatselijke hengelsportwinkels is genoeg informatie op te doen om ergens in de buurt een goede winterstek te kunnen vinden.
Te beginnen met stekken waar met name de dobbervisserij in de winter volledig tot zijn recht komt. Kijk op beet.nl/winterstekken voor nog gedetailleerde informatie over vergunningen.
De wateren in Brielle: het ziet er allemaal mooi uit, maar vaak zitten ze geconcentreerd in een zone, de rest is bijna visloos!
Haven Elburg: Ik begin maar meteen met het beste, want een betere haven ken ik niet. Volop grote voorns en soms ook windes en blieken. Voorns van 400 tot 500 gram zijn geen uitzondering hier. Tijdens wedstrijden worden soms gewichten van 50 kilo en zelfs meer gevangen!
Elburg: wellicht de beste winterstek van Nederland!
Haven Harderwijk: Ook zo’n haven waar de visserij fantastisch kan zijn. Langs verschillende kades wordt vaak veel voorn gevangen. Ook de blieken en windes ontbreken hier zeker niet.
Zuidlaarderkanaal: Een kanaaltje dat in verbinding staat met een groot watersysteem, waaronder het grote Zuidlaardermeer en andere vaarten en plassen. In de winter zwemmen de vissen in grote getale dit beschutte kanaaltje op, dat eindigt in de bebouwing van Zuidlaren. Dit is tevens het beste deel; wordt in de volksmond het Zuidlaarder Kanaaltje genoemd.
Zuidlaarderkanaal: niet meer dan wat bebouwing in open landschap en direct ligt er massaal voorn!
Haven van Brielle: Eigenlijk is dit meer een kanaaltje (dat in verbinding staat met het Brielse Meer). Let op: de vissen bevinden zich vrijwel nooit overal. Probeer een plek te vinden waar het water het minst helder is. Juist op dat soort plekken zitten de vissen vaak allemaal bij elkaar. Deze haven staat ook bekend om de soms echt grote voorns en hele grote baarzen.
Haven van Oudenbosch: Ook weer zo’n doodlopend kanaaltje, in dit geval een zijtak vanaf de rivier De Mark. Vaak geldt ‘hoe dichter je bij het stadje en het centrum plaatsneemt, des te beter de visserij is’.
Aanloophaven van Huizen: Ook hier een kanaaltje dat vanaf het Gooimeer gezien dwars door Huizen loopt en eindigt midden in een winkelcentrum. Niet te verwarren met de Oude Haven. Vroeger was er overal vis te vangen hier, tegenwoordig is het kommetje bij het winkelcentrum, daar waar het kanaaltje doodloopt, absoluut de beste plaats.
Huizen: hoe later in de winter, des te meer de vis de hoeken in gaat. Dat geldt voor veel winterstekken.
Havenkanaal bij Assen: Dit water is een zijtak van het Noord-Willemskanaal. Waarschijnlijk komen veel vissen van dat grote kanaal op dit havenkanaal gezwommen. Casters zijn hier vaak een superaas!
Oude Jachthaven Drimmelen: Dit is een echte jachthaven, pal gelegen langs de Bergsche Maas tegenover de Biesbosch. Een van mijn vaste wintervisplekken waar volop wedstrijdjes georganiseerd worden. Zelfs met de plaatselijke visvergunning mag je lang niet overal in de haven vissen, let daar goed op, dat geldt vaak op andere locaties. De vangsten zijn hier de laatste jaren wel erg wisselend. Sommige winters zijn goed, soms ook is er amper een vis te vangen. Deze omgeving wordt echt overbevist door de beroepsvisserij…
Haven van Sprang-Capelle: Ook hier weer een kanaaltje dat eindigt in een klein haventje tegen het centrum van Sprang-Capelle. Ieder jaar is dit een hele goede winterstek. Wel moet je soms bereid zijn om zowat ‘viskist tegen viskist’ te vissen, want het is hier altijd erg druk.
De haven van Sprang-Capelle, staat in verbinding met het benedenrivierengebied.
Berghaven nabij Born: Ook in Limburg zijn er goede winterstekken. Deze haven ligt langs het Julianakanaal en ook hier trekken veel vissen de haven in om te overwinteren. De haven staat bekend om zijn grote voorns. Ook het vissen met de matchhengel is hier zeker een optie.
Alles heeft te maken met op de juiste plek zitten. Lukt dat, dan is er heel veel mogelijk!
FEEDEREN IN DE WINTER
Ook voor de feedervissers onder ons zijn er volop mogelijkheden. In verschillende diepe grindgaten langs de grote rivieren en op specifieke gedeeltes van grote kanalen is vaak prima vis te vangen. Het voordeel bij het feedervissen is dat je vaak het diepere water kan bereiken, daar waar de vissen zich in dit jaargetijde graag ophouden.
Amsterdam-Rijnkanaal bij Tiel: Dit gedeelte van het kanaal ligt tussen de rivieren de Neder-Rijn en de Waal. Met name wanneer de waterstand hoog is, trekken heel veel vissen dit kanaalgedeelte op, en vaak blijven ze hier ook hangen. Dit water staat bekend om zijn enorm grote blankvoorns. Dat is goed te zien wanneer er een wedstrijd is; telkens weer worden aardig wat van die vissen gevangen. Voorns van een kilo of meer zijn tijdens iedere wedstrijd eerder regel dan uitzondering!
Het ‘ARK’ kent meerdere goede stukken, zoals nabij Breukelen en Tiel.
Amsterdam-Rijnkanaal bij Breukelen: Ook op dit deel, veel noordelijker, is altijd wel wat vis te vangen tijdens de wintermaanden. Vaak worden de meeste vissen gevangen pal tegen de overkant van het kanaal, dat toch ongeveer 90 meter breed is. De laatste ontwikkeling schijnt hier te zijn (ik heb hier zelf al lang niet meer gevist) dat er ook veel vissen veel korter bij de eigen oever worden gevangen.
Oude Rijn tussen Alphen aan de Rijn en Woerden: Zolang er geen ijs ligt, kan je hier altijd vis vangen met de feederhengel, maar ook met de dobber. Vaak zijn de wat bredere gedeeltes van dit water het best geschikt voor het feedervissen.
Grindgaten langs de Maas, Waal en Rijn: Langs deze rivieren liggen heel wat grindgaten die vaak erg diep zijn. Dit zijn schitterende overwinteringsplekken voor heel wat vissen. Typisch voor dit soort wateren is dat je wel wat geduld moet hebben. Het kan even duren voordat de vissen de voerstek gevonden hebben. Maar als de vis de stek dan ook eenmaal gevonden heeft, dan kan het vaak helemaal losgaan. Probeer die plekken te vinden waar het niet te ver uit de oever al flink diep is.
Op veel diepe rivierplassen kun je in de winter met de feeder- of matchhengel leuke sport beleven! Bron: Beeldbank Rijkswaterstaat
Havengebied Rotterdam: Je hebt hier heel wat havens langs de Nieuwe Maas en bijna overal is goed vis te vangen. Vroeger heb ik hier erg vaak gevist, ook wedstrijden. Die wedstrijden worden nu niet meer gevist, maar de vissen zijn zeker niet weg! Het grootste probleem is om ergens een parkeerplek te vinden.
In de Rotterdamse havens en vanaf de kades kun je in de winter leuk vis vangen.
Noord-Hollands Kanaal tussen Amsterdam en Purmerend: Hier zwemt zoveel vis in de winter! Niet voor niets dat in de winter hier nog veel wedstrijden plaatsvinden. Ik had deze stek ook bij het dobbervissen kunnen noemen, want ook op die manier wordt hier vaak gevist. Blieken, brasems en op sommige stukken ook voorns zijn hier bijna altijd volop te vangen. Bij het plaatsje Neck wordt ook in de winter goed gevangen. Het vissen is hier misschien iets meer feeder-georiënteerd, met name op de bredere stukken.
Het Noordhollands Kanaal, precies 1 km ten noorden van de A10 brug.
Van Starkenborghkanaal: In het Noorden en het Oosten van ons land zijn er ook prachtige winterstekken en dit Groningse kanaal is daar een goed voorbeeld van. Dit is een kanaal met veel scheepvaart en het is vaak zaak om een stek op te bouwen daar niet te dichtbij. Je hoeft ook zeker niet zo ver te vissen.
EN OP VISVIJVERS?
Commercials en visvijvers zijn locaties waar je ook in de winter vis kunt vangen. Sterker nog, het zijn relatief kleine wateren met veel vis. Bovendien wordt in dit jaargetijde hier minder intensief gevist.
De aanpak is op dit soort wateren anders dan in de warmere periodes van het jaar. In deze uitgave staan meerdere artikelen hoe je het met de vaste hengel of feeder aan kunt pakken. De rode draad: wees voorzichtig met voeren! Karpers en F1’s azen mondjesmaat. Vaak is een kleine voerhoeveelheid, middels een pole-cupje, al meer dan genoeg om vissen tot azen te verleiden. Daarnaast is het zaak om dunnere lijnen en kleinere haken te gebruiken. Je zult merken dat maden nu beter vangen dan pellets. Kortom, een voorzichtige en subtiele aanpak is een must!
Persoonlijk vis ik misschien wel het liefst in deze tijd van het jaar. Wedstrijden zijn nu kleiner van omvang en de echte die-hards blijven over als tegenstanders. Een uitdaging om dan een goed resultaat neer te zetten! Bovendien vang ik graag veel vis en nu is dat mogelijk, mits je op de goede stekken vist. Dat je hiervoor wellicht iets verder moet reizen is misschien een obstakel voor velen. Ik kan het iedereen aanraden, maar pas op dat je niet verslaafd aan het wintervissen raakt!
Een reusachtige staartvin gaf deze lange schub een indrukwekkende kracht en snelheid. De vis beet op twee meter van de oever. Zonder absolute rust was dit niet gelukt.
Heel vaak zie ik foto’s voorbijkomen waar het lijkt alsof de vanger niet bepaald blij is met zijn vangst. Strak wordt er in de lens gekeken of haast chagrijnig naar de vis. Een blije, lachende visser is zo veel leuker op de foto, ook voor de fotograaf! Iemand die altijd lacht op de foto is de jonge Rick Meulenberg. Blij met elke vis (nou ja, bijna) en bovendien iemand die zijn ‘visjes’ wel weet te vangen. Of het nu op een plas, in de polder of op een kanaal is. Laat Rick maar schuiven…
Tekst &am...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Macht der gewoonte
Aan het water maak je geen herrie, dat is voor veel vissers vanzelfsprekend, maar ‘bivvyvissers’ onderschatten toch vaak hoeveel van het geluid dat we maken onder water merkbaar is. Voor Bernd Brink is stilte aan en op het water het eerste, belangrijke stukje van de puzzel; hij legt het waarom en hoe aan ons uit.
Tekst & foto’s: Bernd Brink
Het verbaast me altijd dat juist niet-vissers vaak met uitspraken komen als ‘vissers mogen niet praten’ of ‘je moet stilzitten en je m...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Ruwer dan ruw
Soms komen er van die karpers op je pad waar je nauwelijks of geen weet van hebt. Een verklaring voor deze gekatapulteerde info is er niet. En voor de zoveelste keer in mijn visserscarrière wijk ik deels af van mijn beoogde jaarplan. Deze keer was het anders dan anders en ik wilde mijn toevlucht voor een korte periode zoeken op een water met een wel héél speciale karper. Zelden zo’n mooie parel gezien. ‘Ruwer dan ruw’, zeg maar.
Tekst: Mark Pansar Foto’s: Mark Pansar & Marco Te...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Blubbersessie
Het is half oktober wanneer we weer aan het prachtige Lac Havana arriveren. Het meer dat we zo noemen vanwege de metersdikke lisdoddekragen die de oevers omlijsten. Het is alweer een half jaar later na de eerste stroef verlopen sessie in april. In deel 1 van dit tweeluik (KW134) konden jullie lezen dat we door de barre omstandigheden en slechte vangsten toen de laatste 36 uur met succes zijn verkast naar een ons bekend meer in dezelfde regio. Nu zijn we wijzer geworden en vastberad...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Nieuwe generatie dieptemeters
In dit artikel zoomt Mike Thille behoorlijk in op het gebruik van de nieuwe, geavanceerde dieptemeters voor zijn visserij. Voor veel karpervissers een onmisbaar hulpmiddel en dat geldt ook voor Mike. Maar wat zien we nou eigenlijk allemaal op het scherm en hoe moeten we dit lezen en interpreteren? En wat is de meerwaarde van deze nieuwe generatie visvinders?
Tekst & foto’s: Mike Thille
Fish finders, zoals door velen genoemd, gebruiken wij karpervissers vooral al...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
In het allereerste artikel van deze serie schreef ik in Dé Karperwereld 113: “Hoewel geen zin gelogen is in de verhalen die volgen, is ook niet ieder woord helemaal waar. Om de simpele reden dat ik erg gehecht ben aan de rust op de plekken waar ik mijn avonturen tot op de dag van vandaag beleef.” Terwijl ik in de eerste maanden van dit jaar de boot rustig door het nog ijskoude water stuurde, realiseerde ik mij eens te meer de noodzaak daartoe.
Tekst & foto’s: Ewout Smeerdijk
Het was de afgelopen jaren aanmerkelijk drukker geworden op de plassen. Begrijpelijk ook. De weelderige natuur was uitzonderlijk mooi en de karpers spraken absoluut tot de verbeelding. Wie wilde daar nu geen deelgenoot van zijn? Eén bootje werden er twee, drie en soms wel vier, vijf of zelfs zes. Met elk twee man en toch minstens vier hengels aan boord. Omdat ik in alle rust in de natuur wilde verdwijnen, lagen die bootjes mij in de weg. Soms omdat mijn pen in hun blikveld lag, soms omdat de hoeveelheid hengels mijn heimelijk aangevoerde penvisstekken doorkruisten. De tijd en de aandacht die ik daarin had gestoken, werden abrupt tenietgedaan. Daarbij zag ik zo ontzettend graag de haviken jagen, de ijsvogels en de reeën van dichtbij, en de kiekendieven en uilen boven mijn hoofd. Die lieten zich met al die schuiten ineens veel minder zien.
Een vergeten plek
Deze winter stuurde ik de boot daarom naar gebieden waar ik niet eerder iemand zag. Tussen een woud van wildgroei en veenmos glinsterde me in een van die gebieden een bijzonder plekje tegemoet. Een eind verder weg, op een vergeten plek die voor de meesten aan het zicht werd onttrokken. Onder oude elzen vond ik een grote hoeveelheid braakballen. Voorlangs het rietland liepen er twee drachtige reeën kalm grazend voorbij. Het bevestigde de rust die ik er hoopte te vinden. Mijn enthousiasme werd des te groter toen ik de boot in een bocht kalm voorlangs de oever stuurde. Aan de wortelstronken te zien, lagen hier zomers flink wat waterlelies. Nu was het er vlak en schoon. In een holte tussen enkele struiken had ik iets gewekt. Narrig leek het zich te verplaatsen. Een diepe, lome golf uit de kant trok een spoor van bellen in het veen op weg naar een andere struik. Dat was het onmiskenbare teken van een karper!
Door een wildgroei van bomen en struiken…
Hier lagen blijkbaar karpers pal in de kant te overwinteren op amper 70 centimeter water.
Zo’n plotselinge ontdekking had het vermogen om je lichaam ineens met een aangename warmte te vullen. Zelfs op een koude dag in februari. De lome golf ontstak behalve een plezierige verwondering ook een diepe nieuwsgierigheid naar de plek die ik zomaar ineens had gevonden. Eens te meer toen hetzelfde schouwspel zich de keer daarop nog eens voltrok. Hier lagen blijkbaar karpers pal in de kant te overwinteren op amper 70 centimeter water. Tussen de wortelstronken en onder de struiken. De plek deed me denken aan een verhaal van Co, toen hij nog wekelijks zijn column publiceerde. Die las ik altijd graag. Ik herinner me zijn winterse avonturen met groot aas tussen de wortelstronken op ondiep water. Dit was net zo’n plek. In de omgeving was weliswaar dieper water te vinden. Toch kozen de karpers voor de beschutte luwte in de kant. Net als ik dat graag deed. Daar waar niemand ons zag.
Helaas had ik geen thermometer paraat die dag. De fraaie messing meter had ik jaren eerder eens verloren, nadat ik wegvoer zonder me te realiseren dat de thermometer nog buitenboord hing. Zonde. Desondanks was ik er ook zonder exacte metingen van overtuigd dat het water hier net iets aangenamer moest zijn dan elders. De bocht werd bijna volledig omsloten door bomen en struiken en lag daardoor in de luwte van vrijwel alle windrichtingen. Alleen een straffe noordoostenwind kon er bijkomen, hoewel zelfs die waarschijnlijk nog zou worden afgezwakt door de bomenrij ertegenover. In de late namiddag stond de zon bovendien precies op dit stukje van de oever. Dat lengende licht zou zijn uitwerking ook niet missen. Daarom lagen die karpers daar.
De bocht werd bijna volledig omsloten door bomen en struiken en lag daardoor in de luwte van vrijwel alle windrichtingen.
Het geloof is er
Aan het einde van maart waagde ik er een poging. Wellicht net een maand te laat, zo zou nog gaan blijken. Vissen vanuit de boot of kano zag ik er niet zitten. Vanwege de struiken moest ik er heel kort op zitten. En een vaartuig zou dan nagenoeg bovenop de vis moeten liggen. Dat zou de karper verstoren. Daarbij had ik vanaf het water te weinig controle over een hopelijk gehaakte vis. Zonder enige twijfel zou die in tegenovergestelde richting de struiken invluchten. Vanaf de oever maakte ik meer kans. Het kostte me een dag om uit te vogelen hoe ik daar kwam. Via een flinke omweg kon ik de boot aan het land achter de luwe hoek plaatsen. Ik besteedde nog een dag aan het maken van een slingerend paadje door de wildgroei van bomen en struiken, tot ik vlak bij de oever kwam. Volledig uit het zicht snoeide ik een tunnel in het struikgewas, met wat extra ruimte aan het einde om de hengel te heffen. Begin maart had ik zomaar een stek waar ik in geloofde.
Er zijn grenzen
Behalve de oriëntatie op nieuwe gebieden, veranderde er nog iets anders in mijn visserij. Niets was zo onvoorstelbaar intens en enerverend als van dichtbij met een pen bovenop karper vissen. Mijn geliefde splitcane en centrepin liet ik daardoor stilaan steeds vaker thuis. Hoezeer ik de warme aanblik van het bamboe en van de ogen van agaat ook koesterde, het materiaal schoot tekort. Zeker op de obstakelrijke stekken van de laatste jaren, waarbij ik er steeds vaker in slaagde om bovenop de grote vissen te zitten. Nu was dat formaat voor mij geen doel op zich. Gewichten deden er al een hele lange tijd niet meer toe. Toch wilde ik, als er een biels van een schubkarper onder mijn hengeltop lag, wel het vertrouwen hebben dat ik een kans maakte. In plaats van de bibberende aarzeling in mijn benen te voelen over of ik mijn pen überhaupt wel te water zou laten. Het gespleten bamboe kon ik nu eenmaal niet zo zwaar belasten als glas of grafiet. De veerkracht van die natuurlijke vezels had zo zijn grenzen. En de druk die ik met de zware nylon lijn moest zetten, zou de vezels onherstelbaar beschadigen. Leviathan had dat in feite al gedaan. Daarbij moest ik een slip hebben die ik op slot kon draaien, zodat ik de hengel met beide handen vast kon houden. Met mijn duim op de pin hield ik dat niet vol.
Boron, grafiet & glas
Zo bleef de splitcane steeds vaker aan de wand hangen en toog ik met de lange boron-grafiethengel richting waterkant. Of met zijn kortere broertje van glas. Want in de winter was ik er bij toeval in geslaagd om een klassieker op de kop te tikken. Een hengel met een taaie wanddikte die niet onderdeed voor zijn grotere broer. Op krappe stekken was die kortere lengte een uitkomst. Ook de grotere, kleurrijke Engelse pennen verdwenen een voor een uit de doos.
Een uiterst soepele aasaanbieding buiten de ogen en optimale demping binnen de ogen.
Ik had ook een oplossing gevonden voor de rek. Aan het eind van de nylon lijn knoopte ik een paar meter gevlochten lijn. Dan had ik het beste van twee werelden: een uiterst soepele aasaanbieding buiten de ogen en optimale demping binnen de ogen. Beiden zeer slijtvast. De gevlochten lijn stelde me ook in staat om het aas gebalanceerd op de zachte veenbodem te vleien. Dat vroeg om veel kleinere pennen dichterbij.
De Engelse pennen verdwenen een voor een uit de doos.
Uit de verzameling in de kast plukte ik een setje dat ik koesterde. Het blauwe biesje op het drijflichaam vormde de signatuur van wijlen Bert Banen. Zijn pennen kreeg ik ooit van Bob, met de aanmoediging om er heel zuinig mee te zijn. De kleine pennen waren uiterst geraffineerd in balans en ongeëvenaard in kwaliteit. Zeldzaam en nergens meer te vinden. Ik heb er grif geld voor over, mocht ik er ooit ergens een aantal treffen. Eric maakte later nog eens een aantal extra versies voor me, zonder het blauwe biesje. Die komen er dicht bij in de buurt en vissen ook fijn. Toch koester ik die met dat blauwe biesje, ook vanwege de vele keren dat ik die op zag steken of onder zag gaan. Ze zijn al zeker twintig jaar deel van de collectie.
Bar koud
Het weer aan het eind van maart was zoals altijd in die periode van het jaar. Opvallend zonnig maar nog altijd bar koud. ’s Nachts schuurde het tegen het vriespunt aan, terwijl het warmere licht je overdag deed geloven dat de lente al was begonnen. Niets was minder waar. De noordoostenwind was straf en blies evenveel heldere lucht als koude over het land. Mijn veronderstelling bleek wel te kloppen. De bomen schermden de luwe hoek ook voor deze koude wind vrijwel volledig af. Er stond niet meer dan een lichte kabbel voor de kant, terwijl boven het riet toch zeker windkracht 5 over het landschap blies. Behoedzaam kroop ik door het hout en zat ik even na drie uur die middag op mijn stoeltje, op een kleine vier meter van de oever. Het topoog stak net voorbij de uiterste takken, zonder boven het water te verschijnen. Ik aarzelde even welk aas ik zou gaan gebruiken. Mais, lunchworst of garnalen hadden mijn voorkeur.
Het topoog stak net voorbij de uiterste takken.
Garnalen onder een blauw biesje…
Zonder vooraf te voeren hoopte ik op een directe reactie van de aanwezige vis. Het werden uiteindelijk de garnalen. Op een haak maatje tien met een snipper schuim. Tergend langzaam gleed het aas naar de bodem. Pal voor de oever kon ik niet vissen, daar lag teveel afgevallen hout. Een meter erbuiten lukte het wel. Van onder de beide struiken liet ik een spoor van losse garnalen richting de pen lopen. Een twintigtal in totaal, hooguit.
Lome wervelingen
De solitaire aasbellen die een uur later aan het wateroppervlak verschenen, waren te groot voor karper. Het waren de dikke, vette bellen van een brasem. De lap die ik kort erna haakte, liet ik zo soepel mogelijk aan land komen. Eruit tillen ging niet. Wel liet hij zich uiterst mak onthaken en daarna weer tussen de takken glijden. Er kwam geen plons of gespetter aan te pas. Deze was duidelijk nog niet wakker. Dat het me was gelukt om commotie op de stek te voorkomen, stemde me hoopvol voor de rest van de middag. Wellicht lag de karper er nog.
Het kostte me drie pogingen om een garnaal te vinden die in balans was met het schuim en met de haak. Daarna stond de pen weer overeind in de kabbel. Inmiddels kroop de zon langzaam achter de bomen en kwam mijn pen in de schaduw te staan. Net toen een sperwer de ingevallen schaduw gebruikte om voorlangs de struiken aan de jacht te beginnen, gebeurde het. Ik zat met de verrekijker in mijn handen en vlak voordat ik die voor mijn ogen bracht, stond er uit het niets een karper op zijn kop naast de pen. De verrekijker legde ik pardoes weg en in opperste concentratie keek ik naar wat er komen zou. De karper zelf zag ik niet. Zijn staart maakte wel duidelijke lome wervelingen net onder het wateroppervlak. In die wervelingen krulden twee kleine draaikolken sierlijk naar elkaar toe. De pen wiebelde zacht op de ontstane wervelingen.
Mijn pen kwam in de schaduw te staan…
Op de handrem
De karper liet net op tijd zijn aanwezigheid aan mij zien. Een paar seconden later en ik had het moment waarschijnlijk gemist omdat ik de sperwer zijn jacht gadesloeg. Terwijl ik mij inbeeldde hoe de karper zich evenwijdig langs mijn pen over zijn flank liet glijden en daarbij het aas meenam, kwam ook de aanbeet. Geen opsteker. De pen gleed uit het niets weg terwijl het korte stukje uitstaande lijn erachteraan gleed. Ik kon niet anders dan reageren en aanslaan. Het gebeurde instinctief. Daarna hoopte ik dat het aas was opgenomen en de lijn niet om een van de vinnen zat. De reactie aan de andere kant van de lijn volgde direct. Terwijl een roodgele staart het wateroppervlak ronselde, aanschouwde ik in een fontein van opspattend water een prachtige rij grote schubben. Dit was een hele mooie vis!
Tussen de mazen zag ik aan beide zijden een prachtige rij met schubben.
Het enthousiasme over de aanbeet sloeg vrijwel direct om in de zenuwen om deze niet te verspelen. Vlug stond ik op en boog ik gehurkt in de oever voorover om de uithalen van de karper op te kunnen vangen. Knerpend trok hij toch een meter van de spoel. Het was genoeg om de demping te verruimen en net te weinig voor hem om de struiken aan de rechterkant te bereiken. Ik trok de handrem aan. De top stak ik onder water terwijl ik de hengel opzij naar links trok. In het oppervlak rolde de karper dwars over zijn flank. Na deze uithaal ging het soepeler en binnen een minuut gleed de karper in het uitgestoken net. Tussen de mazen zag ik aan beide zijden een prachtige rij met schubben. Het was voor mij de hoofdprijs van een nieuwe aanpak op die koude winterdag. Met wat moeite vond ik in het wildgroei van hout een open plek voor een foto. Daar, in de laagstaande zon, fotografeerde ik mijn eerste vis van het nieuwe jaar.
De hoofdprijs van een nieuwe aanpak…
Winterstek
De dag erna was ik terug. Overtuigd dat er wellicht nog meer in het vat zat. Ondanks dat de temperatuur meer dan gehalveerd was vergeleken met de dag ervoor. De noordoostenwind was nog steviger opgestoken die nacht en liep zelfs op tot windkracht acht. Mijn vertrouwen was desondanks torenhoog. Ten onrechte, bleek, want urenlang zat ik er zonder dat de pen ook maar een teken van leven gaf. In de weken erna kwam ik er vervolgens achter dat de karper er niet meer zat. Ze waren gaan zwemmen en hadden de luwe hoek verlaten toen het licht eenmaal sterker werd en de temperaturen waren opgelopen. Ik kreeg het sterke vermoeden dat ik hier pas een volgende winter terug moest gaan komen. En dan wellicht een maand of twee eerder. Dat gaf niet. Alleen al de gedachte aan een winterstek met karper stemde me uiterst plezierig. Die vond ik hier nog niet eerder. Gedurende het voorjaar liet ik de gesnoeide tunnel in het hout weer dichtgroeien. Niemand die zag welk avontuur zich daar had afgespeeld.
Elk nadeel heeft zijn voordeel
Terwijl de hele wereld gebukt ging onder een ongekende pandemie, kreunden onze wateren deze zomer onder hun eigen epidemie. Dankzij verbeterde waterkwaliteit en exotische temperaturen kennen vele plassen, beken, kanalen en rivieren in binnen- en buitenland dit jaar een explosieve wiergroei. Inheemse soorten worden verdrongen terwijl de waterafvoer van tal van waterwegen wordt belemmerd. Overheden besteden soms miljoenen ter bestrijding van al dan niet invasieve wat...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
JOHN WILLEMS - Elk jaar weer is er een soort keuzestress in veel gezinnen. ‘Wat eten we met de feestdagen?’ De feestelijke diners dienen niet alleen gezellig te zijn, maar ook iets speciaals te hebben. In deze Panvisser ga ik jullie op weg helpen met een feestelijk menu. Het uitgangspunt is: eenvoudige producten die in de decembermaand makkelijk verkrijgbaar zijn. Bovendien kun je het grootste deel van dit visgerecht op een eerder moment voorbereiden, zodat je op de dag zelf zoveel mogelijk bij ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
PIETER BEELEN is vaak te vinden aan de andere kant van de Noordzee en de Ierse Zee. In de zoute wateren rond Groot-Brittannië en Ierland wemelt het namelijk van de roggen en haaien die zijn volle aandacht hebben. Door de jaren heen heeft hij er veel mooie roggensoorten mogen vangen, waaronder de schitterende golfrog, de gevlekte rog, de kleinoogrog en uiteraard de stekelrog. Maar de lijst van roggen was nog niet compleet, want een van de grootste roggensoorten ontbrak nog. Op aanraden van Dave ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Iedere regelmatige strandbezoeker kent ze wel, de ‘tandpastahoopjes’ op het strand. De meeste mensen lopen eraan voorbij en weten niet wat zich daaronder allemaal afspeelt. Voor de zeevissers echter duiden de hoopjes in het zand op een van de belangrijkste aassoorten: zeepieren! Samen met de zager misschien wel het allerbelangrijkste zeeaas. In dit artikel van Jan Seys daarom een inkijkje in het leven van deze Arenicola’s.
Het zijn er best veel, die tandpastahoopjes. Al wandelend langs de kustli...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De drie fases van de stroming
BRAM COLE - De wintermaanden komen eraan en deze gaan hand in hand met de terugkeer van onze wintergasten. De vangsten van wijting, schar en bot gaan weer de hoogte in! Menig bootvisser kan dan weer genieten van gouden dagen, als het weer het toelaat natuurlijk. Bram Cole kijkt er al reikhalzend naar uit en gaat wat dieper in op de invloed van de stroming en het anticiperen daarop met bijpassende onderlijnen.
Typerend aan de bootvisserij zijn de ontelbare variaties...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Zeevisser Robin van Loon
ROBIN VAN LOON - Sommige zeevissers krijgen het vissen met de paplepel ingegoten. Het helpt natuurlijk al wanneer je in Zeeland geboren wordt en dag en nacht de zeelucht inademt, en door je vader wordt besmet met dat visvirus. Robin van Loon is zo iemand. Zeevisser in hart en nieren, gepokt en gemazeld in de praktijk. Strandvisser, kleine-bootvisser, pierensteker, ‘loodgieter’, Noorwegenganger, keukenmeester en bovendien de uitvinder van een bijzonder recept: bottenballe...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Je kan de beste, mooiste en duurste dobbers gebruiken die te krijgen zijn, je zal er echter alleen er iets aan hebben wanneer ze ook perfect zijn afgesteld in het water tijdens het vissen. Dobberafstelling is alles!
Ik kwam op het idee voor deze tip tijdens het bekijken van een Jeugd- en Dames Teamtopcompetitie pas geleden. Met alle respect, maar ik zag nogal wat vissers die hun dobbers nog wel iets beter kunnen afstellen. Dat zou hen absoluut meer vissen opleveren, vooral wanneer de vissen voorzichtig azen.
Kleine stotsloodjes en halve stylloodjes zijn een ‘must’ in iedere viskist. Iedere dobber is hiermee perfect af te stellen voor de visomstandigheden van de dag
Er is altijd een gouden stelregel: hoe minder weerstand de vissen ervaren, des te groter de kans dat ze het aas goed en zonder argwaan pakken. Ik voeg daar altijd wel nog een paar woordjes aan toe namelijk ‘voor de omstandigheden’. Voorbeeld: Het is bladstil, er staat geen golfje op het water en het zicht is perfect. Het lijkt me logisch dat je dan een dobber scherper kunt afstellen (lees een kleiner gedeelte van de dobberantenne boven water) dan wanneer er een berg wind staat en wanneer je door de weersomstandigheden de dobber bijna niet kunt zien.
Inspelen op de situatie
Het is handig wanneer je altijd kunt inspelen op de actuele vissituatie, die overigens tijdens het vissen zelfs nog kan veranderen. Hoe kun je dit doen? Simpelweg door wat stotz-loodjes in de maten 11, 12 en 13 in de viskist te hebben. Neem ook een tangetje mee om die stotzjes op de lijn te kunnen zetten. Voor lichte, kleine dobbertjes vind ik zelfs de stotzjes nog te groot en daarvoor gebruik ik halve stylloodjes. Die zijn nog kleiner. Hoe dan ook, met deze kleine loodjes maak ik de afstelling van de dobber perfect voor de aangetroffen omstandigheden. Je gebruikt hooguit twee of drie van die loodjes, meestal maar een. Die loodjes moeten nergens in de weg zitten op de lijn en dus plaats ik ze net boven het hoofdlood.
Of je nu Stotz- of halve Stylloodjes gebruikt om de dobber exact af te stellen, altijd moeten deze loodjes pal boven het hoofdlood komen
Bijna iedere dobber neemt tijdens het vissen wel wat water op en dan gaat de dobber automatisch iets dieper in het water staan. Geen probleem, deze kleine loodjes zijn erg zacht en je kunt ze heel gemakkelijk weer van de lijn verwijderen
Hengel in de hand
Het strand is een geweldige plek om met je waadpak aan actief vis te vangen. Niet met kunstaas, maar met een lichte strandhengel en licht lood. Je hengelsteun laat je deze keer thuis, want dit keer houden we de hengel in de hand. Een spannende visserij met soms knalharde aanbeten! Hoe je dit aanpakt, vertelt Dave Lewis in dit artikel.
Ik was een jonge tiener toen ik de stranden van Zuid-Wales als visplek ontdekte. Tijdens de schoolvakantie kampeerde ik met een groep vrienden so...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Schuimkoppen & zilveren rovers
DAAN WINTEIN - Wanneer er gesproken en geschreven wordt over het vangen van zeebaars, gaat het heel dikwijls over het vissen met kunstaas. Een discipline die binnen het zeehengelen de laatste jaren in de lift zit. Ook wel begrijpelijk; quasi geen voorbereiding van aas verzamelen of bestellen, geen gezeul met zwaar hengelmateriaal, strandsteunen en strandkarren. Eén hengel, een rugzakje met wat kunstaas en misschien een schepnet en hup, je bent vertrokken. Nocht...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Al in januari van dit jaar berichtte Sportvisserij Nederland dat nieuw onderzoek had aangetoond dat het loodverlies in de zeehengelsport voorheen zwaar overschat bleek. Het blijkt dat er op zee ‘maar’ 22,9 ton lood wordt verloren per jaar; dat is minder dan 5% van de eerder genoemde 470 ton! Desalniettemin betekent het alsnog dat we met z’n allen nog steeds per jaar ruim 2 kubieke meter lood in het water achterlaten, en dat kan anno 2020 écht niet meer.
Tekst & foto’s: Michiel van Spankeren
...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Er zijn tegenwoordig best goede kant-en-klare tuigjes te koop in de hengelsportwinkels. Toch ken ik maar weinig vissers die de vislijnen niet zelf maken. Ik begrijp dat ook goed en ik ben zelf niet anders. Alleen wanneer je de lijnen zelf maakt, dan kun je dat precies doen zoals je dat zelf prefereert.
De vislijnen moeten voor de visser gewoon perfect zijn tot in het kleinste detail. Iedereen weet tegenwoordig van alles over de loodmontages en verdelingen en bijna iedereen beschikt ook over de goede materialen daarvoor. Toch worden er vaak fouten gemaakt al voordat het eerste loodhageltje op de lijn staat.
Silicones in allerlei diameters. Ik heb genoeg voorraad voor de rest van mijn leven van elke maat
De eerste handeling bij het maken van een vislijn is het plaatsen van de dobber op de lijn. En juist daar gaat het fout. Je hebt allerlei soorten onderantennes, zoals metaal, carbon en fiber. Bovendien zijn deze vaak in verschillende diameters. Ik raad iedereen aan om een ruime sortering dobbersilicones aan te schaffen om de dobber vast te zetten op de lijn. Ze zijn verkrijgbaar (per tiende oplopend) van 0,2 tot en met 0,9 millimeter. Bij mij ontbreekt geen enkele maat.
Als je de juiste maat silicone-slang gevonden hebt, dan is het zaak om ALTIJD drie stukjes ervan te gebruiken voor de onderantenne. Het grootste stukje komt aan de onderzijde van de onderantenne. Het kleinste stukje komt ongeveer in het midden, tussen dobberlichaam en onderzijde. Plaats tot slot een stukje ongeveer half zo groot als het grootste stukje net onder het dobberlichaam.
ALTIJD drie stukjes! Waarom? Bij dikkere antennes zal het allemaal nog wel meevallen, maar bij metalen onderantennes gaat absoluut de antenne verbuigen wanneer je slechts twee stukjes gebruikt. Als de onderantenne eenmaal is verbogen, dan is de dobber wat mij betreft niet meer te gebruiken en gaat hij in de vuilnisbak.
ALTIJD drie stukjes silicone op de onderantenne
Waarom al die verschillende diameters siliconeslang? Als de diameter te groot is verschuift de dobber te gemakkelijk. Bijvoorbeeld bij het aanslaan kan een te kleine diameter en de lijn beschadigen of zelfs breken bij het verschuiven van de dobber. Drie stukjes dus, ALTIJD!
Als allround visser heb je soms last van keuzestress. Op welke vissoort kan ik nu het beste vissen? Vaak hoor je ‘wil je iets echt goed doen, focus op slechts één vissoort’. Gedurende de jaren ben ik er echter achter gekomen dat je met de juiste planning en prioriteiten optimaal kunt profiteren van de beste periodes in het jaar voor een bepaalde soort.
Tekst & foto’s Pieter Beelen
Nederland heeft als echt waterland veel mogelijkheden, dus stel eerst vooraf een bonte mix van vissoorten samen ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Deze editie van Dutch Masterclass staat geheel in het teken van de visserij op karpervijvers. Een drietal absolute toppers is aangeschoven om vragen te beantwoorden en jou van praktische tips te voorzien om nog meer karpers te vangen. Nieuw in ons team van experts is Twan Swart, één van de meest talentvolle jonge vissers van ons land en inmiddels opgepikt door de firma Browning. Naast Twan deze keer twee internationale toppers: Jo Adriolo en Jurgen Spierings!
JURGEN SPIERINGS
De dikste vissen w...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Bij het feedervissen komt meer kijken dan alleen een korf richting de horizon slingeren. Er zijn vele details die het verschil kunnen maken tussen vangen en veel vangen, en ook tussen winnen en verliezen van een wedstrijd. Met welke details kun je simpel het verschil maken? Sjors Milder zet de tips op een rij waardoor je net wat meer vis vangt, mede-vissers een stapje voor blijft of een visdag een stuk aangenamer maakt.
Tekst & foto’s Sjors Milder
Er bestaan tal van verschillende soorten mon...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Met de keuze voor het Noordhollands Kanaal als decor voor deze reportage verscheen er een grote glimlach bij Kaylee Goedhardt, Kira Epping en Fabienne ter Horst. ‘Een van de mooiste witviswateren van Nederland’ volgens de door Evezet-Maver gesponsorde dames. Het doel was een visserij gericht op voorn en kleine vis, maar op een water als dit zijn dikke brasems nooit ver weg…
Tekst & foto’s: redactie
Wanneer je witvissend Nederland zou voorleggen dat het NH-Kanaal één van de mooiste wateren is...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De Engelse internationale topvisser Kayleigh Smith houdt van de uitdagingen die kanalen bieden. Op een voor Engeland-begrippen breed kanaal maakt ze drie stekken aan en vist deze stuk voor stuk af voor het optimale resultaat.
Tekst & foto’s Kayleigh Smith
Ik houd van de onvoorspelbaarheid en de uitdaging die kanalen bieden. Hoewel ik enkele echte ‘red letter days’ aan dit watertype heb kunnen beleven, is de visserij op kanalen zelden gemakkelijk. Dit betekent dat een weloverwogen aanpak ver...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Op het prachtige viscomplex Toms Creek bekeken we samen met Peter Urscheler de mogelijkheden aan de wedstrijdvijver. Dit keer komen de vaste hengels uit het foedraal en tovert hij lichte dobbers uit zijn box. Welke van de vele details zal vandaag doorslaggevend zijn?
Tekst & foto’s redactie
Op commerciële visvijvers als deze zwemt plenty vis, daar hoeven we verder niet over uit te weiden. Je kunt er veel vangen. En mede daardoor is ook de hengeldruk groot, met alle gevolgen van dien. De viss...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Al zo lang ik vis vind ik het interessant om te vissen in brakke wateren, zoals, het Rotterdamse havengebied, het Kanaal Gent-Terneuzen, het voormalige brakke Hartelkanaal en zeker ook het Noordzeekanaal. Op dit soort wateren is vaak volop vis te vangen en vaak zijn dat ook nog eens grote vissen.
Tekst Jan van Schendel, foto’s redactie
Bovendien was er mogelijk een voor mij nieuwe visserij te verwachten op de locatie van vandaag. De plek waar ik viste was in een soort kom van het kanaal nabij de...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Tekst & foto’s Richard Gans, Ernesto Kamminga en Gerard Schaaf
41. Vaseline
Vaseline is niet alleen goed om je lippen en handen mee in te smeren, dit vet beschermt ook de geleideogen van de hengel tegen het dichtvriezen. Een potje vaseline is iets wat veel oudere vissers standaard in hun vistas hebben liggen. En niet zonder reden, dit wonderzalf is niet alleen een weldaad voor droge vissershanden, het is ook nog eens vochtafstotend. Dit is de voornaamste reden dat deze vissers het in hun vistas hebben liggen. Door de ogen van de werphengel lichtjes in te vetten met vaseline voorkom je dat de lijn vast vriest in de ogen. Vooral het topoog kan onder koude omstandigheden eenvoudig dichtvriezen met alle gevolgen van dien.
42. Dunner en lichter
Dunner en lichter vissen levert in de winter meer aanbeten en karpers op. Dunner nylon, van 35\00 naar 25\00, soepelere onderlijnen en lichtere loden genereren meer en doorlopende aanbeten. Vis in de winters ook eens met de pen of met schuiflood en een lichte waker. Dunner en lichter vissen loont in de winter aangezien karpers in het koude water trager en voorzichtiger azen. Dunner en lichter vissen kan in de winter omdat de vissen zich minder krachtig verzetten als ze eenmaal gehaakt zijn.
43. Korte onderlijnen prikken sneller
Karpers zijn koudbloedig, dit betekent dat door de lage watertemperatuur het oppakken van het haakaas ontzettend traag zal gaan. Het is dan ook belangrijk om de vissen niet teveel speelruimte te geven. Daarom is een korte onderlijnpresentatie in de wintermaanden het meest efficiënt. Een goed startpunt wat betreft de lengte voor een winterrig is rond de 10 tot maximaal 15 centimeter. Kijk na elke gevangen vis hoe deze is gehaakt en waar nodig pas je de lengte van de onderlijn aan.
44. Rechte haakpunt
Door het koude water bewegen de karpers in slow motion en omdat de vissen in tegenstelling tot de warmere maanden zich minder enthousiast verplaatsen tijdens het azen, is het belangrijk dat een haak snel en diep moet penetreren. De zogenaamde long shank modellen haken staan met hun rechte haakpunt bekend om hun snelle prikeigenschappen. Dit soort haken zullen zeker in deze periode hun meerwaarde bewijzen. Een bijkomend voordeel is dat de vissen in de wintermaanden mooie stevige bekken hebben, waarbij het snijden van de haak vrijwel uitgesloten is.
45. Zig rigs ook in de winter
Het vissen op half water met een stukje foam of een pop-up kan in de wintermaanden ontzettend goed werken. Met deze presentatie bied je het aas direct voor de bek aan en dat is zeker voor een trage winterkarper vaak voldoende om een vreetreflex uit te lokken. Om de vissen nog wat meer te triggeren kun je de stek opbouwen met een wolkende spodmix. Vergeet niet dat karpers het grootste gedeelte van de dag ergens op half water hangen, daarom kun je met de zig rig in deze periode van het jaar het verschil maken tussen blanken en vangen.
46. Zet de beetmelder gevoeliger
Winterkarpers zullen onder invloed van de lage watertemperatuur in de meeste gevallen niet de bekende run produceren. Om nu niet een aanbeet te missen is het raadzaam om de gevoeligheid van onze beetmelder hoger te zetten. Immers als we te laat reageren op een aanbeet krijgt de gehaakte vis genoeg tijd om zich te ontdoen van de haak. Let er ook op dat de beetmelder in de juiste hoek (90 graden) staat ten opzichte van de hengel. Is dit niet het geval, dan kan het gebeuren dat de lijn niet optimaal door de beetmelder loopt, wat natuurlijk weer garant staat voor een slechte beetindicatie.
47. Waker in de juiste stand
Niet alleen de gevoeligheidsinstelling van onze beetmelder is belangrijk, maar vooral de stand van de waker is bepalend of een beetmelder goed kan reageren. Een waker die strak onder de hengel hangt geeft een slechte beetregistratie. Hang je daarentegen de waker niet strak tegen de hengel maar een stukje eronder, dan zal elke beweging van de lijn goed geregistreerd worden. Bij een ideale hengelopstelling staat de hengeltop gericht naar onze aasaanbieding. Hoe rechter de hoofdlijn in de richting van de montage wijst des te beter.
48. Voorzichtigheid
Wees extra voorzichtig met een wintervis, zeker als er wat wind staat en de temperaturen zo rond het vriespunt zijn. Een karper kan dan gemakkelijk bevriezingsverschijnselen krijgen, met alle gevolgen van dien. Daarom is het raadzaam om de vis goed nat te houden. Dit dunne laagje water beschermt de vis net voldoende om even een foto te nemen. Wel dien je de vis bij aanvang van de fotosessie even weg te hangen in een bewaarzak in het water. In de tussentijd kun je op je gemak de camera juist instellen, zodoende wordt het verblijf op het droge sterk gereduceerd.
49. Goede daad
Het volgende is niet echt een tip, maar meer een goede daad. Verzamel wat oud brood voor als je gaat vissen. Dit gaan we niet gebruiken om mee te vissen maar om de watervogels die aanwezig zijn een hart onder de riem te steken. Deze kunnen in de winter wel een extra stukje brood gebruiken. Misschien laten ze dan wel je boilie liggen als je de volgende keer weer in het zonnetje aan de waterkant zit!
50. Ontdekkingsreis op de schaats!
Wat als koning winter zijn zin krijgt en al het water is bedekt met een dikke laag ijs? Ja, dan rest ons nog maar een ding, dat is wachten tot het weer gaat dooien. Wil je toch met vissen bezig zijn? We binden schaatsten onder en gaan alvast op ontdekking uit naar nieuwe stekken met alle voordelen die daaraan gekoppeld zijn. Cheers!
JAN VAN SCHENDEL – Tijdens het vissen, en dat geldt al helemaal voor het wedstrijdvissen, is het belangrijk om alles zo gestructureerd mogelijk te doen. Bovendien is het soms belangrijk om gewoon opnieuw te beginnen bij de basis wanneer je niet meteen de juiste vismanier gevonden krijgt.
Typex, het perfecte product om een markering aan te brengen op de hengel
Het vissen op de juiste diepte is natuurlijk heel erg belangrijk. Je zal de vissen daar moeten bevissen waar ze zich het liefst ophouden. Vaak is dat pal tegen de bodem. Soms bevinden ze zich vooral (soms ver) daarboven en als visser zul je je daaraan moeten aanpassen. Je schuift dan ook vaak de dobber een stukje naar boven of beneden om dat voor elkaar te brengen. Na een aantal verschuivingen ben je vrijwel zeker de precieze aanvangsdiepte kwijt en juist op die diepte had je verwacht het meest doeltreffend te kunnen vissen.
Vissen zijn niet altijd meteen aanwezig op de voerstek. Vaak hebben ze tijd nodig om hun aangeboren voorzichtigheid te overwinnen en soms duurt het uren voordat men op een voerstek gaat azen. Die aanvangsdiepte was misschien helemaal nog niet zo slecht bedacht en moet je daar naar terug gaan voor het beste resultaat en als die diepte niet is gemarkeerd op de een of andere manier moet je opnieuw peilen.
Zo werkt het…
Simpel maar doeltreffend
Een super oplossing is om nadat je voor de vissessie de gewenste diepte hebt uitgepeild, even de dobber, zonder spanning op de lijn, langs de hengel te houden en dan die te markeren op de hengel. Ik gebruik daar zelf altijd tipex voor, omdat het gemakkelijk ook weer van de hengel te verwijderen is. Je kunt ook eventueel vetkrijt gebruiken. Hoe vaak je ook van diepte hebt gewisseld, altijd kun je weer terugvallen naar de basis en dat op de millimeter zuiver. Zo simpel en toch zo belangrijk
MIKE THILLE – In dit artikel zoomt Mike Thille behoorlijk in op het gebruik van de nieuwe, geavanceerde dieptemeters voor zijn visserij. Voor veel karpervissers een onmisbaar hulpmiddel en dat geldt ook voor Mike. Maar wat zien we nou eigenlijk allemaal op het scherm en hoe moeten we dit lezen, interpreteren? En wat is de meerwaarde van deze nieuwe generatie visvinders?
Fish finders, zoals doorvelen genoemd, gebruiken wij karpervissers vooral als dieptemeter. Speurend over het water naar kuiltjes, ondieptes en wiergroei. Het scherper wegleggen van je montage en het hiervoor gemaakte voerplannetje hebben voor mij al vele malen het verschil gemaakt.
Na jaren te hebben volgehouden met H-markers en een simpele (verouderde) dieptemeter wilde ik een upgrade in mijn visserij. Ik maak nu al jaren gebruik van de Raymarine dieptemeters, zowel voor mijn rubberboten als voerboten.
Veelal vis ik korte nachtjes en voer ik ‘s avonds laat als het rustig is langs en op de plas. Het terugvinden van taludranden en uitlopers was voorheen een hels karwei. Keer op keer moest ik met behulp van mijn hoofdlamp en rijen bomen mezelf oriënteren, om vervolgens de juiste diepte te vinden met mijn ‘good old’ Eagle dieptemeter. GPS moest een uitkomst bieden. Ik was al snel overtuigd na de eerste voerbeurt! Hoe nauwkeurig deze GPS is blijft lastig te bepalen, op open water zit dat voor mijn gevoel zo rond de meter, ruim voldoende voor
mijn visserij.
We maken als karpervisser steeds meer gebruik van een scala aan elektronica aan de waterkant.
WAYPOINTS
Afijn, GPS was dus een must, althans voor gebruik in de rubberboot. Eenvoudig maak je tijdens het varen markeringen (waypoints) op de kaart. Deze worden opgeslagen op het display en blijven dus staan. Met de pijltjestoetsten selecteer je vervolgens eenvoudig de waypoints op de kaart. Mijn Dragonfly geeft je de mogelijkheid meerdere symbolen te gebruiken om dingen te duiden op de
kaart. Zelf beperk ik het meestal tot drie symbolen. Hotspots, waar vis meermaals vanaf komt wil ik er laten uitspringen. In de loop der jaren ben ik steeds meer tijd gaan steken in het zorgvuldig
plaatsen van de waypoints. Met een zwart symbool markeer ik uitlopers die ik makkelijk kan vinden met de drone.
Het is in het begin even oefenen, maar veel werk is het niet. In de donkere maanden zal je blij zijn dat je ze hebt geplaatst, want uitvaren is zoveel makkelijker hiermee. Mocht ik na verloop van tijd terugkomen op de stek, dan heb ik alvast kleine handvaten voor de eerste paar uren.
Ook obstakels, zoals bomen of takken, moeten ook onmiskenbaar worden aangegeven in de map. Ik plaats ook altijd een waypoint op het kamp zelf. Het ‘huisje’-symbool gebruik ik om het basiskamp aan te geven. Met behulp van de cursor kun je dan snel zien hoe groot de afstand tot mijn hengels is.
Bij het uitzoomen van de map heb je dus in één oogopslag een overzichtelijk beeld van de stek. Je kunt op meerdere manieren hier een invulling aan geven, maar voor mij moet het simpel en effectief zijn. Niks is zo verwarrend als tig symbolen te hebben en niet meer weten waar deze voor staan!
Ook vrienden lenen mijn Raymarine dieptemeters vaak; zo kunnen zij makkelijk stekken terugvinden op wateren waar ik al heb gevist. Natuurlijk snijdt het mes ook aan twee kanten, want ik krijg ook een schat aan waypoints terug van wateren die nog op mijn bucket list staan!
HAARSCHERP ONDERWATERBEELD
De sonar van mijn Raymarine Dragonfly zend vele malen meer signalen het water in als mijn oude Eagle, waardoor er een weergave gecreëerd wordt tot in details! Mijn display staat altijd ingesteld als een ‘split screen’. Je kunt dus in het scherm meerdere weergaven tegelijk zien; ik selecteer vaak de kaart en de downvision weergave. Met behulp van de downvision kun je een scherp
beeld van de bodem krijgen, met eventueel wier, waterplanten en/of obstakels.
De downvision geeft geen hardheden van bodems weer, hiervoor moet je de sonar weergave selecteren. Door in het menu te scrollen in de display mogelijkheden kun je alle combinaties van kaart, sonar en downvision maken. Ik kies vaak bewust voor de downvision weergave, omdat ik vaker op wier wil vissen dan op schone, harde plaatjes. Anders doen dan de rest’ geldt hier natuurlijk ook!
Dankzij al die jaren gebruik en turen naar het display, kan ik goed inschatten hoe hoog wiervelden zijn gegroeid bijvoorbeeld. Zelfs de vissen en het voerspoor worden duidelijk weergeven op de downvision!
Links: Geen vissen maar een boom! | Rechts: Het voer wordt voor de neus van de vissen gedropt
ALLES WETEN OVER HET GEBRUIK VAN DIEPTEMETERS? | LEES HET HELE ARTIKEL IN KW 135
KARPERWERELD LIGT NU IN DE WINKEL OF NEEM EEN ABONNEMENT
Tekst & foto’s Richard Gans, Ernesto Kamminga en Gerard Schaaf
31. Zakje of kous?
Het vissen met pva zakjes of pva kous, is in de winter een methode op zich. Mocht je na circa een uur nog geen vis hebben gehaakt, draai dan in en probeer een andere diepte of stek! Op deze manier blijf je actief en vis je veel meer stekken af dan de reguliere methode. Bovendien zorg je er voor (wel in mindere mate) dat middels de kleine hoopjes voer dat de karper blijft zoeken naar voedsel. Mocht je eenmaal vis hebben gevangen, dan kan het zijn dat op die plek meerdere exemplaren te vangen zijn. Vaak liggen de vissen vlak bij elkaar en als je eenmaal zo`n spot gevonden hebt dan kan je nog wel eens een leuke dag beleven.
32. Maïs: top particle
Particles zijn een geweldig winteraas. Ten eerste verzadigen ze nauwelijks, maar ook de instant respons is ontzettend goed. Zorg dat je altijd een blikje gezoete maïs in je vistas hebt liggen. Naast het feit dat de vissen de smaak van dit gele wonderaas erg waarderen, is ook het visuele aspect een niet te onderschatten voordeel. Gooi het vocht niet weg dat in het blikje zit, maar gebruik het om de stickmix mee aan te maken, met deze laatste tip kun je vaak net het verschil maken.
33. Extra laagje om je boilie!
Zodra het boiliedeeg wordt gekookt zal er een hard en weinig attractief aas ontstaan, de zogenaamde boilie. Door de harde uitgekookte buitenkant is er niet veel uitwaseming van attractie meer mogelijk, dit wordt nog eens versterkt door het koude winterwater. Ga je boilies maken? Houdt dan wat van het deeg achter de hand. Dit deeg kun je rond je haakaas boilie kneden. Op deze manier heb je maximale attractie zonder dat je bang hoeft te zijn dat het haakaas er af is.
34. Pop-up onder een pennetje
Een attractieve fluo pop-up kunnen we met het vastloodsysteem vissen. Maar ook onder een subtiel pennetje kan, bijvoorbeeld gevist naast een dukdalf, erg effectief zijn. Om de doodeenvoudige reden dat de karper nieuwsgierig van aard is. Daarbij komt dat het water in de winter helderder is dan in de voorgaande periodes. Dus een witte, felgele of roze pop-up zal de vis zeker aantrekken. Het voordeel voor ons is dat de vis geen handen heeft, om de pop-up te inspecteren zal de vis deze in zijn bek naar binnen moeten zuigen. En dat is nu precies wat wij willen.
35. Onthakingsmat als isolatiebuffer!
Gebruik een onthakingsmat tegen koude voeten. Als je eenmaal steenkoude voeten hebt, dan rest er niet veel meer dan je visspullen bijeen te pakken en huiswaarts te keren. Onze voeten zijn nu eenmaal kwetsbaar voor de optrekkende kou van een bevroren ondergrond. Het is niet alleen raadzaam om speciale warmtelaarzen en thermosokken te dragen, de beste tip is misschien wel, om te voorkomen dat de koude ondergrond vat krijgt op onze voeten. Door gebruik te maken van een onhakingsmat, die je als isolatie buffer tussen de voeten en de ondergrond plaatst, voorkom je dat de kou optrekt naar boven.
36. Sjaal en muts
De meeste warmte verlaat ons lichaam via het hoofd en de hals. Om deze warmtelekken zo goed als mogelijk te isoleren is een goede muts en sjaal eigenlijk onmisbaar in de strijd tegen winterse weersomstandigheden. Doordat je als karpervisser stil op een stoeltje zit en zodoende weinig lichaamsbeweging krijgt is het heel belangrijk dat er zo min mogelijk warmte ons lichaam verlaat. Net als een huis dat goed geïsoleerd is en daarom laag in de stookkosten is, zal een lichaam dat goed is aangekleed zich zonder moeite warm kunnen houden.
37. Pak beter dan overall!
Als je in de winter de karper achter zijn schubben zit, is het voornaamste en het belangrijkste dat je goed gekleed de waterkant bezoekt. Je kunt een warmteoverall dragen, maar een warmtepak is in de praktijk iets praktischer gebleken. Ook in de winter kan het soms aangenaam zijn en kan het wel eens voorkomen dat je het warm krijgt. Draag je een pak, dan kun je de jas uitdoen, dit in tegenstelling tot een overall.
38. Handenwarmer
Nog een kleine tip wat betreft warm blijven. Als het echt koud is, dan is een pocket handenwarmer echt een super accessoire. Dit kleine dingetje kan het verschil maken tussen blijven zitten of naar huis gaan.
39. Warm van binnen!
Niet alleen is het belangrijk om goede kleding te dragen zodat er zo min mogelijk warmte aan ons lichaam onttrokken wordt, het is minstens zo belangrijk om het lichaam van binnen uit op te warmen. Dit kun je doen door geregeld een beker warme thee of chocolademelk te drinken. Daarnaast is het ook belangrijk om voldoende te eten, want het kost nu eenmaal veel energie om een lichaam warm te houden. Vandaar dat we onze inwendige motor niet moeten verwaarlozen. En zeg nu zelf, een heerlijke kom erwten- of tomatensoep is toch een ware traktatie tijdens een koude winterse dag!
40. Kacheltje
Als je dan kiest voor de eerste optie dan is het zeker aan te raden om een goede tent te kiezen die ruim en goed afsluitbaar is en tegen een stootje kan. Neem ook een kleine gas- of petroleumkacheltje. Tegenwoordig zijn alle petroleumkachels uitgerust met een koolmonoxide beveiliging die er voor zorgt dat de kachel vanzelf afslaat. De ruime tent heb je nodig om de hoeveelheid spullen veilig weg te bergen vanaf de warmtebron. Zorg er wel voor dat je voldoende ventileert.
Niets is meer irritant en frustrerend dan het breken van een duur hengeldeel hoewel zoiets vroeg of laat iedere visser wel eens zal overkomen. Een ongeluk zit wat dat betreft vaak in een heel klein hoekje. De oplossing? Zogenaamde Pole Guards!
Jaren geleden sprak ik al eens hierover met een van de producenten van (hele dure) carbon hengels die me vertelde dat de meeste breuken uiteindelijk voorkomen door het stoten van de hengel tegen bijvoorbeeld de afsteekroller(s) die zowat iedere visser wel gebruikt.
Hij vertelde er ook nog bij dat vaak niet de exacte plek waar de hengel de roller aantikt de zwakke plek gaat vormen, maar veel vaker een plekje op het hengeldeel in de buurt van het aangetikte stukje hengel. Daar ontstaat dan de zwakke plek en je kan dan misschien er nog een half jaar mee doorvissen , of slechts een uur in het slechtste geval. Maar onvermijdelijk komt vroeg of laat het moment dat je de hengel in een ‘ongelukkige’ positie vasthebt, je een keer aanslaat bij een aanbeet of simpelweg een keer een ongelukkige beweging maakt met de hengel en dat dan ‘uit het niks’ het hengeldeel breekt op de zwakke plek.
Hoe lichter, strakker, hoe duurder de hengel hoe kwetsbaarder- met name de uiteinden!
POLE GUARDS
Hoe duurder de gebruikte hengel hoe hoogwaardiger vaak het gebruikte carbon is. Meestal zijn de meest exclusieve hengels superlicht, superstrak en ook meer ‘tegen de limiet’ gebouwd. Vaak is het dan ook zo dat dit soort hengels vaker zullen breken dan de iets goedkopere en zwaardere (maar ook meer degelijk daardoor) hengels. De vaak gehoorde opmerking dat ‘zo’n dure hengel toch niet zomaar moet kunnen breken’ komt dan ook niet echt overeen met de werkelijkheid.
Enkele duizenden euro’s ben je al snel kwijt voor een carbonhengel in het topsegment. Het is dan ook heel belangrijk om zo’n hengel in ieder geval zo goed mogelijk te beschermen. Er zijn enkele hele belangrijke dingen die je kunt doen en die echt helpen. Zorg er in ieder geval voor dat je een ALTIJD een Pole-Guard gebruikt in het laatste gebruikte hengeldeel. Heel veel breuken worden veroorzaakt door minuscule (haar)scheurtjes die zijn ontstaan precies op het stukje hengeldeel dat tijdens het vissen ‘onder’ je arm zit.
Pole Guards zijn er in verschillende soorten. Ze zijn hoe dan ook onmisbaar voor de bescherming van je dure hengeldelen
VERSCHILLENDE DIAMETERS
Pole guards zijn eigenlijk een soort van stootdoppen die je in het achterste hengeldeel plaatst wat je gebruikt. Het is dus goed om verschillende Pole Guards te gebruiken met verschillende diameters voor alle hengeldelen die je wel eens gebruikt als achterste gedeelte van de hengel. Wanneer je dus een hengel bezit van 13 meter en je vist ook weleens op 8, 9,5 of 11,5 meter dan heb je voor al die afstanden de juiste Pole Guard nodig. Er zijn overigens zelfs verstelbare Pole-Guards op de markt die je voor meerdere einddelen kunt gebruiken.
Zo werkt het
JOINT PROTECTORS
Heel veel hengels zijn tegenwoordig oversteek. Juist dat soort hengels kunnen ook goed beschermd worden aan het andere uiteinde van de verschillende hengeldelen. Hiervoor zijn zogenaamde ‘joint protectors’ op de markt die het hengeldeel aan de ‘mannelijke’ kant afsluiten.
Joint Protectors voorkomen beschadigingen bij het op- en afsteken. Ook zorgen ze ervoor dat het hengeldeel blijft drijven. Een must voor iedere visser!
Deze joint protectors zijn er zowel in plastic als in eva uitvoeringen. Ik zal altijd de eva uitvoeringen prefereren omdat dat materiaal zachter is. Nog een groot voordeel van dit soort protectors is dat ze ervoor zorgen dat een hengeldeel, of een hele hengel die door wat voor oorzaak dan ook in het water terecht komt, zullen laten drijven in het water. Zonder de protector zinkt alles als een baksteen.
Tekst & foto’s Richard Gans, Ernesto Kamminga en Gerard Schaaf
21. Zacht winteraas
Voor wat betreft de afgesloten, stilstaande wateren; hier kunnen we ten volle gaan variëren met aassoorten. Zacht aas staat hier op nummer 1. De smeuïge kattenbrokjes van Felix zijn voor velen een favoriete winteraas. Karpers zijn werkelijk verzot op dit zachte voer voor katten. Het zachte sterk ruikende vleesbrokje is perfect te vissen op een haakmaatje 8, dat je middels een licht en scherp uitgelood pennetje onder de kant vist op een van te voren aangelegd voerplekje. Wanneer je met dit spul gaat vissen, is het aan te bevelen om plastic handschoentjes aan te trekken, zodra je voert of het vlees aan de haak prikt. Neem er eens een paar mee bij de benzinepomp, die zijn uiterst handig. De vislucht van zalm en tonijn blijft je anders een dag lang achtervolgen.
22. Scharrel-aas met de pen
De onvolprezen broodvlok, zachte gezoete maïs, rozijnen, kapucijners, bonen, erwten; heerlijk om mee te pennen aan licht materiaal. En vergeet vooral maden niet, deze larven vormen een subliem winteraas. Wanneer er tijdens het vissen een afstandje overbrugd wordt zijn er de zachte soepballetjes, vlees uit blik; het taaiere vlees van bijvoorbeeld luncheon meat, het zachte soepele, snel uitlekkende deeg waarvan je boilies maakt en dan zijn er altijd nog de langzaam afbrekende pellets. Met deze aassoorten rommel en scharrel je op licht aangevoerde stekken. Schuilplekken onder en tussen takken, onder bruggen, duikers, tussen afgestorven waterplanten, naast gezonken bootjes, rond palen en steigers. Bovengenoemde aassoorten laten zich uitstekend als ‘single’ vissen. Voeren mag, maar niet te veel en bij voorkeur een dag van te voren.
23. Broodpap
Laat één of twee broden weken in een flinke emmer met water. Kneed het brood stevig door elkaar, dit om de lucht zoveel mogelijk uit het brood te knijpen. Verwijder de grove korsten. Laat vervolgens het brood een nacht in de emmer staan. De broodpap voer je over de stekken welke je die dag wilt gaan afvissen. Of je voert de emmer broodpap in de avond voorafgaand aan de ochtend dat je wilt gaan vissen. Voer de broodpap bij bruggen, sluizen, havens, duikers en/of eenden voederplaatsen. De broodpap moet wel even de tijd krijgen om zijn karperlokkende werk te doen. Brood alleen heeft al een enorme aantrekkingskracht op karpers. Zet er vervolgens een scherp uitgelode pen op met een luchtige vlok brood…
24. Voerbootje helpt!
Gedurende februari en maart zijn door sommigen de laatste jaren goede vangsten geboekt door met single-boilies te vissen in combinatie met een klein beetje kiemende hennep. Dit niet zomaar ergens aanbieden, maar daar waarvan je bijna zeker bent dat er karpers liggen. Om het kleine handje hennep en die ene boilie nauwkeurig in het winterhol neer te leggen is de hulp van en voerbootje aan te bevelen.
25. Grondvoer
Een karper kan moeiteloos de hele winter doorkomen zonder te eten en dat gegeven maakt het voor ons vissers moeilijk om de vissen door middels van boilies tot azen aan te zetten. Het is ook vooral daarom dat fijn grondvoer zo goed werkt. Je creëert wel een voerstek waarvan veel attractie uitgaat, echter het aangeboden grondvoer zal niet tot verzadiging leiden. Hierdoor blijven de vissen lang rond hangen op de voerplek en azende vissen zijn vangbare vissen! Laat daarom de boilies even links liggen vooral als je instant aan de slag gaat, maar kijk even in de method afdeling naar een goed lokvoer. Succes verzekerd!
26. Bewegingsattractie
Maden zijn misschien wel het beste winteraas wat je als visser kunt gebruiken. Niet alleen de uitstoot van aminozuren, maar ook het visuele aspect, namelijk de witte kleur, zijn voor de karper heel attractief. Maar wat te denken van de bewegingsattractie die deze kleine friemelaars produceren. Vooral dit laatste kan bij een passieve karper net het verschil betekenen tussen opname of negeren. Regelmatig wat bijvoeren is heel belangrijk, waarbij je niet moet vergeten om ook wat dode maden als voer te gebruiken. Deze dode maden blijven namelijk op de bodem liggen en vormen zo een makkelijke hap voor de karper. Maden kun je eenvoudig dood maken door ze in te vriezen of door ze te overgieten met kokend water, ook het zogenaamde dood wrijven lukt erg goed.
27. Gekneed in een bal
Gebruik deze witte proteïne-bommetjes een keer in combinatie met een methodvoertje. Meng de maden erdoor, kneed ballen en breng deze middels een voerbootje op de stek. Doordat de maden vastgekleefd in de voerbal zitten zullen deze niet zo snel wegkruipen of weggevreten worden door de witvis. Als haakaas kun je een boilie gebruiken en als stopper een madenclip. Deze clip wordt met uiteraard maden beaasd.
28. Pva sticks
Het gebruik van een pva stick is zonder twijfel een van de beste karper wintertips. Pva sticks zijn namelijk het middel om snel een winterkarper naar je haakaas te lokken. Zeker als je niet precies weet waar de vissen zich ophouden kun je op deze manier daar wel snel achter komen. Een ander bijkomend voordeel is dat een pva stick perfect de haakpunt beschermt tijdens het afdalen naar de bodem, wat natuurlijk een groot voordeel is in de late herfst/vroege winter als er veel bladeren in het water drijven.
29. PVA zakje
Kleine pva zakjes kun je vullen met gebroken boilies, pellets en/of zachte mais. Maak er alvast een vracht klaar als je gewoon thuis bent. Koude vingers belemmeren vaak het knopen en vullen van de zakjes. Vergeet niet dat bij de lage temperaturen het langer duurt eer het pva oplost. Test voordat je gaat vissen hoe lang het duurt voordat het zakje oplost. Dit voorkomt een hoop onzekerheid.
30. Gemalen pop-ups
Om ook de vissen in de hogere waterlagen te prikkelen is het gebruik van gemalen stukjes pop-up boilies in de stickmix een echte aanrader. Op deze manier creëer je een verticale voerkolom en worden de smaak- en geurstoffen die in de stickmix verwerkt zijn heel goed verspreid in de hogere waterlagen. Je kunt natuurlijk ook gebruik maken van kurkpoeder of drijvende pellets. Bij deze laatste moet je er wel opletten dat ze niet te veel olie bevatten. Ten eerste trekt het olie in het pva, waardoor de oplostijd aanzienlijk langer wordt, maar olierijke pellets verzadigen ook nog eens enorm snel.
PAUL GARNER – De winter staat voor de deur en de watertemperatuur zal dalen. Zelfs op wateren met een goed bestand zal dat ervoor zorgen dat het metabolisme van de karpers op een laag pitje komt te staan. Slechts een mondvol eten per dag is in de winter genoeg. Hoe zorg je er nu voor om karpers wel aan het azen te zetten, maar ze niet te verzadigen? Het antwoord ligt in volumineus aas met weinig voedingswaarde.
Een aas dat vrij veel volume heeft, maar met weinig voedingswaarde is gemalen brood. in Engeland noemen we het ook wel ‘liquidised bread’. Gooi een plak witbrood in een blender en het verandert in een luchtig, zacht, bijna sponsachtig voer. De brooddeeltjes zinken heel langzaam, maar zijn lastig voor een vis tot zich te nemen. Kortom, het is voor karpers erg moeilijk om zich hiermee vol te vreten. Dit maakt het perfect om in pva-sticks te verwerken en de aandacht op het haakaas te vestigen zonder ze teveel te voeren. Omdat het zo gemakkelijk wordt weggespoeld, heeft het geen zin om een voerplek met dit spul aan te leggen.
Het is veel beter om een minimale hoeveelheid te gebruiken middels een netkous pva-zakje of -stick, ook wel de ‘bread bomb’ genoemd. Wanneer een vis in de buurt komt en voor wervelingen zorgt, dan ontstaat een opdwarrellende wolk van fijne, smaakvolle deeltjes. En ons haakaas ligt precies in het midden!
BROODJE INKTVIS
Heb je een blender of keukenmachine, dan is het heel eenvoudig om fijne brooddeeltjes te maken die je nodig hebt voor bread bombs. Hoewel niet strikt noodzakelijk, verwijder ik normaal gesproken eerst de korsten van elke plak wit brood. De korst heeft de neiging te drijven en ik wil wel dat mijn voer gewoon zinkt. Voor het beste resultaat gooi je het brood niet in hele plakken, maar ik stukjes in de machine. Voeg vervolgens gedoseerd stukken brood toe, zodat ze volledig worden vermalen tot een fijne consistentie.
Normaal maak ik mijn broodmengsel op de avond voordat ik ga vissen en bewaar het in luchtdichte zakken zodat het niet uitdroogt. Het is eigenlijk verrassend hoeveel vocht er in vers brood zit, en dit is iets dat in ons voordeel kan worden gebruikt.
Het vocht in brood betekent dat het na verloop van tijd alle poedervormige toevoegingen die je toevoegt, zal absorberen. Dit kunnen bijvoorbeeld kleurstoffen in poedervorm zijn. Omdat het brood van nature een lichte kleur heeft, neemt het heel goed heldere, fluorescerende kleurstoffen op en kun je aas maken dat echt opvalt.
135KW10_bread_bombs_Garner-02 (vrij klein)
De mogelijkheden met (poeder)kleurstoffen zijn bijna eindeloos!
Hetzelfde geldt voor additieven in poedervorm, zoals inktvispoeder, betaïne, zout en suiker. Voeg ongeveer een theelepel toe aan het vermalen brood en schudt goed om het poeder gelijkmatig te verdelen. De volgende ochtend zijn de toevoegingen in het brood opgenomen, waardoor de uitwaseming veel langzamer gaat!
Het mengen van gemalen brood met boiliekruim of een speciale stickmix is ook een geweldig idee, omdat je alle aantrekkingskracht krijgt met heel weinig voer en het de kosten aanzienlijk verlaagt.
>KADER<
EXTRA POEDERTJE
De fijne deeltjes van gemalen brood zijn ideaal om te combineren met een breed scala aan verschillende toevoegingen. Ik geef de voorkeur aan ‘vaste’ additieven, poeders dus, omdat ze gemakkelijk gelijkmatig in de mix te mengen zijn. Denk ook eens out-of-the box en kijk ook eens wat je in een supermarkt kunt vinden en probeer als additief bijvoorbeeld eens bananenmilkshake, een theelepel zeezout of wat fijngeraspte kaas om aan de broodmix toe te voegen.
135KW10_bread_bombs_Garner-03
Leverpoeder, inktvispoeder… maar kijk ook eens in de supermarkt. De mogelijkheden zijn eindeloos!
>EINDE KADER<
ACTIEF VISSEN
Ik houd mijn broodbommen erg klein, ongeveer het formaat van een 1 euromunt. Het enige wat ik probeer is extra aandacht te vestigen op het haakaas, dat ik normaal gesproken als single hookbait vis. In de regel voer ik niks bij, tenzij de vissen echt goed azen, maar dat zijn in de winter echt uitzonderlijke situaties. Zonder voerplek kun je op de stek naar vissen zoeken. Vaak heb ik bij aanvang wel een idee waar de karpers zijn en waar ik moet vissen: klassieke hotspots als obstakels, eilanden met overhangende struiken of een dieper gat. Maar hoe goed de hotspot ook is, zodra je hier één of twee vissen hebt gepakt, staan ze op scherp of vertrekken ze. Dan kun je met je broodbommen het gebied gaan doorzoeken. Voordeel is dat het brood zich snel verspreidt, dus je blijft niet achter met allemaal verzadigde voerzones.
Als haakaas ga ik normaal gesproken voor een kleine 12 mm boilie. Momenteel prefereer ik een opvallend aas, waarbij roze mijn favoriete kleur is om een snelle aanbeet uit te lokken. Naast boilies kun je de bread bombs ook prima combineren met een stukje worst (Smac), een 8 of 12 mm (harde) pellet of maïs.
De pva-broodbom prik ik aan de zijkant op de haak; op zo’n wijze dat de knoop in de pva niet in de haakpunt kan komen. Eenmaal in het water duurt het ongeveer 30 seconden voordat het pva openbreekt en de inhoud loskomt. Na ongeveer een minuut zou de haak helemaal los moeten zijn. Door regelmatig opnieuw in te werpen blijf je voor karper begrippen actief vissen, maar dit is natuurlijk afhankelijk van het water dat je bevist. Op de goed bezette wateren waar ik kom werp ik soms om het kwartier in. Ook wanneer ik lijnzwemmers of andere indicaties krijg die niet resulteren in een aanbeet, dan haal ik in en werp opnieuw een broodbom uit.
In de winter wil zo’n visuele prikkel de vis wel eens eerder over de streep trekken.
In de winter zal je op zoek moeten gaan naar de vis en moet je ze tevens triggeren voor een aanbeet. In dat licht kun je met bread bombs dat beetje extra aantrekkingskracht actief inzetten. Dat kleine beetje extra kan het verschil maken en je prachtige winterkarpers opleveren. Probeer het maar eens!
>KADER<
Zie kader stap voor stap voor de foto’s
Superkrachtige broodbommen – stap voor stap
Verwijder de korstjes van enkele sneetjes gesneden witbrood.
Maal drie sneetjes brood per keer en zorg ervoor dat je alle klonten verwijdert.
Voeg een halve theelepel kleurstofpoeder toe aan het broodkruim.
Maak een 50-50 mix van stickmix en gemalen brood.
Voeg vervolgens een theelepel suiker toe.
Stop een beetje mix in een smalle, snel smeltende pva-stick.
De sticks moeten ongeveer de grootte hebben van een 1 euromunt.
Het gebruik van drijvende maden kan heel belangrijk zijn in de witvisserij, zelfs doorslaggevend. Maar hoe krijg je maden drijvend? Heel simpel!
Je wilt vaak het aas dicht tegen of op de bodem aanbieden. Daarheen zijn de vissen gelokt door het aangevoerde lokaas als het goed is. Dat kan echter niet altijd, bijvoorbeeld door een vuile bodem met bladeren, takjes of wat dan ook wat op de bodem van het viswater kan liggen. Juist dan werken drijvende maden die net boven die bodem ‘zweven’ prima. Soms ook azen de vissen boven de bodem en ook voor die omstandigheden is een mooi natuurlijk zwevend aas perfect. Om het hier even duidelijk te stellen. Het drijfvermogen van de maden balanceert ongeveer met het gewicht van de haak waardoor het aas mooi in het water ‘hangt’.
Je herkent verse maden aan het zwarte ‘spotje’ in het lichaam
HOE MAAK JE MADEN DRIJVEND?
Maden drijvend maken is super simpel. Je laat ze in een madenbak kruipen met een heel klein laagje water erin. Om precies te zijn, de maden moeten half in het water kruipen en half erboven. Overigens moeten de maden redelijk vers zijn. Wanneer ze te oud zijn lukt het niet meer om ze drijvend te krijgen. Je herkent verse maden aan het ‘stipje’ in het madenlichaam. Dat stipje is de maag en hoe verser de maden zijn hoe beter je dat maagje kan zien. In het water nemen de rondkruipende maden wat van dat water op waardoor dat maagje groter en beter zichtbaar wordt. Met het water wordt ook wat lucht opgenomen
Laat de maden 20 minuten in wat water kruipen. Half in en half boven water is ideaal. De maden nemen water (en ook wat lucht) op. Je ziet dit aan de spot die groter is geworden
Nadat ze zo’n 15 a 20 minuten de tijd hebben gehad om water en lucht op te nemen zullen alle maden drijven. Check even of alles is goed gegaan door een made uit de bak in het water te werpen. De made verdwijnt even onder water en stijgt dan als het goed is terug naar de oppervlakte. Twee of drie maden op een haakje 16 is meestal de perfecte combinatie maar natuurlijk hangt alles af van het precieze haakgewicht.
HOE BEWAAR JE DRIJVENDE MADEN?
Je hoeft maar een kleine hoeveelheid maden drijvend te maken want dit is alleen bedoeld voor het haakaas. De maden worden vochtig en zullen zonder een deksel op de doos absoluut ontsnappen. Om tijdens het vissen toch gemakkelijk bij de maden te kunnen zul je een deksel moeten ‘opofferen’ waaruit je de binnenste helft van het deksel knipt. De maden die het deksel bereiken vallen terug naar beneden en kunnen nu nooit ontsnappen en toch kun je nu gemakkelijk bij het aas door de opening in het deksel.
Drijvende maden bewaar je het best in een afgesloten madendoos met de binnenste helft van het deksel uitgeknipt. De maden kunnen niet ontsnappen en je kunt gemakkelijk bij het aas tijdens het vissen.
Denk een beetje anders
Tijdens het commercialvissen op karpers in de komende wintermaanden wordt volgens Bradley Gibbons geheel onterecht de visserij met de waggler niet benut. Met een veel gevoeliger, slank model dobber, en ondersteund middels een bomb-hengel, pakt hij het net even anders aan. En dat kan erg succesvol zijn.
Tekst Bradley Gibbons, foto’s Mark Parker
Ondanks de intrede van de kou rijd ik nog steeds wekelijks naar het water. De periode waarin we ons nu bevinden en die voor ons li...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Voor het vangen van monstermeervallen hoef je niet per se af te reizen naar de Ebro in Spanje of de Po in Italië. Ook in Frankrijk is dit heel goed mogelijk. Samen met vismaat Rick Visser (hoe verzin je het!) ging Toby Beeloo op avontuur naar de Rhône in Zuid-Frankrijk waar ze overdag actief vanuit de boot op meerval visten: verticaal en met de dobber.
Tekst & foto’s Toby Beeloo
Na een rit van zo’n 12 uur komen we op de plaats van bestemming aan. Het probleem is echter dat we hadden verwacht...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Vanaf het strand
‘Dat er haaien langs de Nederlandse kust zwemmen is al lang geen geheim meer, maar voor veel vissers blijft het vangen van een echte haai voorlopig een jongensdroom. Maar die kan nu voor je uitkomen! Wij van hengelsportmagazine BEET sturen je deze zomer een dag op pad met onze zoutwater specialist Martijn Dekkers. Hij heeft het vissen op haai in Nederland tot zijn favoriete visserij gemaakt. Wil jij met hem mee?’ Die oproep lokt heel wat reacties uit!
Martijn Dekkers
In korte ti...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De weg naar 40 plus
De afgelopen jaren stond grote baars behoorlijk in de picture. Het lijkt tegenwoordig een appeltje-eitje om een 40 cm-plusser te strikken, maar is dat wel het geval? Veel hangt samen met het juiste water, maar dan nog zijn er andere factoren die je succes bepalen. De basis is altijd een goed uitgangspunt om op terug te vallen. Holger Aderkass, prostaffer van Quantum, helpt je hierbij op weg.
Al is je materiaal en techniek nog zo goed, als je op een water vist waar geen grote ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Ik zie, ik zie wat jij niet ziet
Je hebt de stap gemaakt van een simpele dieptemeter/fish finder naar een nieuw high tech model. Gefeliciteerd! Na de juiste installatie ga je er trots mee het water op. Je zet de dieptemeter aan en dan vliegt de informatie je om de oren. Help! Waar kijk ik nu naar? In dit artikel geef ik uitleg over hoe je zo’n geavanceerde dieptemeter kunt gebruiken om jouw water beter te leren kennen.
Tekst & foto’s Martin Korner
In BEET juli/augustus is in het artikel van ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Vrijdag 17 juli was het dan eindelijk zover! Een week lang vissen bij Fishing Adventure, op de diepe zandwinplas Het Rutbekerveld bij Enschede. Op dit prachtige water was ik zelf al vaker wezen vissen tijdens een paar teamweekenden, maar nog nooit samen met een goede vriend, laat staan een hele week lang. Het werd een bijzondere week, zoveel kan ik alvast wel verklappen…
Tekst & foto’s: Isaiah Epping
Een ding stond vast: makkelijk zou het niet worden doordat de plas sinds kort daadwerkelijk als betaalwater wordt aangeboden en de lijndruk met het drukker worden meer en meer toeneemt. Maar juist daarom ging ik er, samen met vismaat Maarten Dogger, er vol voor. Dit keer vissend vanaf stek 2.
Nadat we enkele vissen recht bovenop de aangevoerde stekken al zagen springen, gingen vol goede moed de eerste avond in. Helaas verliep de nacht rustig, maar werden we ’s ochtends vroeg heerlijk gewekt door een rustige aanbeet op de verre hengel. Helaas verspeelde ik deze nog voordat ik nog met de boot achter de vis aan kon gaan. Afijn, nieuwe rig geknoopt, grotere haak erop en de hengel ging meteen terug in de hoop een volgende run te kunnen verzilveren, maar helaas bleef die uit en verliep de dag zonder ook maar een stootje te krijgen. Ondertussen hadden we gezellig bij de buren gezeten en troffen nog enkele kleine voorbereidingen voor de rest van de dagen en maakte ik ook een door de buren gehuurde meervalstok klaar voor de nacht.
40 hectare met een fantastisch visbestand.
Niet te tillen!
Die nacht kon ik de slaap maar slecht vatten, waarschijnlijk door de vele muggen die op de een of andere manier toch in mijn tent wisten te komen om mij van top tot teen helemaal lek te prikken. Gelukkig verdwenen ze bij het eerste beetje licht waarna ik dacht dat ik eindelijk even kon bijslapen… nou niet dus. Een keiharde fluiter volgde en wist even niet welke hengel het nou was, want onze karperstokken stonden er nog onaangeroerd bij. Tot ik naar links keek en de meervalstok gigantisch zag doorbuigen en amper in de steun bleef staan! Ik zette het op een sprint waarna ik voor het eerst in mijn leven met zo’n hengel stond te drillen met het idee een goede meerval gehaakt te hebben, totdat er ineens een enorme steur recht voor mijn neus het water uitklapte.
Niet te tillen…
Tijdens eerdere sessies had ik hier als enkele steuren gevangen, maar dit was duidelijk veel groter en lomper dan die 60 kilo steur van een jaar terug. Een hevige dril volgde waarbij ik zelfs drie keer bijna over de kant het water in werd getrokken terwijl ik volop in de hengel moest hangen om alles een beetje onder controle te houden. Gelukkig duurde de dril met het zwaardere materiaal dit keer ook niet langer dan 20 minuten en bleef ik de eerste seconden vol verbazing kijken wat ik nu weer gevangen had. Het enige wat ik tegen mijn vismaat zei was: “wat is de grootste steur van het water?” Na een hoop moeite om de vis in bedwang te houden in het water tijdens het opmeten, kwam de vis, een Beluga steur, toch echt op 236 cm uit! Vier centimeter meer dan de grootse steur tot dan toe gevangen door ervaren steur- en meervalvissers. Het meerrecord was verbroken!
Wat een ongelooflijk oermonster!
Zo’n grote vis wegen is onverantwoord, maar we wisten van enkele locals wel dat de vis tegen de 140 kilo aan kon zitten en volgens sommigen zeggen zelfs over de 150 kilo. In ieder geval te zwaar om te tillen, zoveel was zeker. Mijn zondag was in ieder geval al helemaal goed!
Nat pak
De rest van de dag verliep rustig bij ons en werden er af en toe wat kleinere karpers gevangen door de buren tot de volgende middag. Toen ik na weer een stille nacht maandagochtend rustig wakker werd, had ik een idee. Vrijwel iedereen viste met standaard boilierigs en redelijk wat voer erop, dus wilde ik juist wat anders doen. De verre hengel werd binnengedraaid en voorzien van een choddy met een kleine pop-up. Bij het inleggen van de rig voerde ik slechts een handje tijgernoten en enkele sweet peanut bollen bij.
Dinsdagmiddag resulteerde dit in een volgende run en meteen pakte ik de boot om de vis achter het talud vandaan te halen, weg van de scherpe rand. Eenmaal boven de vis en de eerste glimp van de vis gezien te hebben dachten we beide dat het een kleinere spiegel was. Het bleek echter een 22 kg spiegel te zijn en werd mijn oude record verbroken! Wat een heerlijk gevoel was dat zeg! Uiteraard werd dit gevierd met een nat pak.
Mijn nieuwe record… en een nat pak!
De dagen erop bleven helaas zeer rustig totdat de buren die donderdagavond genoodzaakt waren in te pakken en wij onze kansen konden (ver)spreiden waarna er vrij snel al een nieuwe run volgde, ditmaal op een van de hengels van Maarten en niet veel later mocht ik zijn eerste kleine spiegeltje van de sessie scheppen. Vlak daarna liep dezelfde hengel nog een keer af en was het mijn beurt om een tweede kleine spiegel te landen. Prachtige visjes voor de toekomst! Helaas bleef het die avond en nacht weer stil. De sessie zou eigenlijk de volgende ochtend aan zijn einde lopen, maar gelukkig mochten we nog twee extra nachten blijven zitten. Top!
Prachtige visjes voor de toekomst.
Eind goed al goed
Vrijdagochtend kreeg ik dan toch nog bij het eerste beetje licht weer een keiharde run op de verre hengel. Het voelde ditmaal niet als een karper en een steur zou wel hebben gesprongen…. Minuten tikten voorbij en de vis bleef maar de diepte induiken. Uiteindelijk was ik een goede 20 minuten verder en werd het duidelijk dat de vis moe begon te worden en kwam dan ook vrij snel naar boven. Tot mijn grote verbazing kwam er een meerval boven. Ik riep gelijk naar Maarten dat hij wakker moest worden! Een meerval had ik namelijk nog nooit gevangen, dus ging ook weer uit mijn dak toen ik hem eindelijk in het net had zitten. Een meerval van rond de 140 cm, een leuk formaat om mee te beginnen leek mij zo!
Mijn eerste meerval.
Nadat ik de meerval had teruggezet lieten we alle hengels op de kant om zo de rust een beetje te laten terugkeren op de stekken, maar voerden die ondertussen nog wel aan om die avond er weer op te gaan vissen. Maar ook die nacht bleef het net als de nachten ervoor ook erg stil en zagen we ook geen activiteit van vis meer. Maarten trakteerde ons op een heerlijke portie kipschnitzel, maar lang genieten konden we niet want halverwege onze maaltijd liep ineens mijn verre hengel totaal onverwachts af en moesten we in alle haast gauw de boot weer in, dit keer met de hengel in de handen van Maarten. Eenmaal boven de vis zagen we dat het om een flinke schub ging die ons een stuk op sleeptouw nam. De vis belandde veilig in het net en bleek dit ook daadwerkelijk een grote schub te zijn die de 20 kilo grens zeker zou passeren. Op de kant werd dat bevestigd: de wijzer van de unster bleef trillend staan op 22,5 kg! Dat betekende ook voor Maarten een nieuw record en uiteraard met ook ditmaal een volle bak water over zich heen!
Deze schitterende schub van 22,5 kg betekende ook voor Maarten een nieuw record.
De avond die volgde leverde ook voor mij nog een leuke steur op en binnen een half uur liep de verre hengel nog een keer af wat resulteerde in een 20,3 kg spiegel. Wat een heerlijke sessie werd het uiteindelijk zo! Helaas draaide de wind die nacht en verliep alles weer heel rustig en pakten we de zondagochtend met een heerlijk gevoel in, terugkijkend op een taaie, maar geweldige sessie bij Fishing Adventure.
FISHING ADVENTURE
Bij Fishing Adventure vis je op een 40 hectare grote zandwinplas die bij Enschede ligt. Het water kent een heel goed bestand aan karper met meerdere karpers van over de 50 pond, en er zwemmen ook hele grote meervallen en steuren van over de 2 meter. Maar ook witvissers en roofvissers kunnen hier hun hart ophalen, ook vanuit de boot, kajak of bellyboat. Of vanaf een van de drijvende vissershutten! Kijk voor meer info op: www.fishingadventure.nl
Het duister fascineert. Sinds de Star Wars-films zijn we geïntrigeerd door ‘The Dark Side’. Zwart is sinds tientallen jaren de favoriete kleur van autospuiters en… voor veel snoeken is dat niet anders. Het kan er wild aan toe gaan als een zwarte streamer in de bijtzone van snoek. Waarom? Steffen Schultz geeft tekst en uitleg.
Tekst & foto’s Steffen Schultz
Vliegvissen op snoek zit stevig in de lift. Dat is voor een gedeelte te danken aan de YouTube-filmpjes van het Zweedse KanalGratis.se. Hu...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Al vanaf de jaren ’50 is er in de VS aandacht voor de correlatie tussen (formaat) forelbaars, oftwel largemouth bass, en de vangbaarheid.
Hengeldruk & evolutie
Vissen van dezelfde soort verschillen onderling in hun aangeboren interesse voor kunstaas of natuurlijk aas. Dat betekent dat nieuwsgierige, agressieve, snelgroeiende exemplaren het snelst aan de lijn hangen. Onderzoekers waarschuwen dat als juist deze exemplaren vaak worden meegenomen, de overgebleven vis geleidelijk moeilijker vangbaar wordt.
Tekst & foto’s Arno van ’t Hoog
De mens is een soort roofdier, met grote invloed op de evolutie van andere dieren. Het verz...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Tekst & foto’s Richard Gans, Ernesto Kamminga en Gerard Schaaf
11. Korte sessies
De karper heeft in tegenstelling tot de herfst, waar er meerdere aasperioden zijn, in de winter maar een korte aasperiode. Om deze te kunnen vinden moet er vaak of lang gevist worden om zo uit te vinden welk dagdeel het geschiktst is om effectief gebruik te
maken van deze periode. Dit kan door een lange nacht en dagsessie te maken of door enkele korte sessies te vissen. Het is aan te raden om voor de laatste optie te gaan temeer omdat 24 uur lang in de kou je niet in de koude kleren gaat zitten.
12. Interesse blijft
In ijskoud water zijn karpers in staat om wekenlang geen greintje voedsel op te nemen. Ze kunnen in totale apathie tegen de bodem hangen. Dit passieve gedrag vertonen karpers vooral tijdens perioden met hoge druk in de atmosfeer. De karpers teren op hun opgebouwde vetreserves. Zolang de vis niet beweegt wordt er nauwelijks tot geen energie verbruikt. Karpers eten weliswaar veel minder dan in de mildere seizoenen, er is ook minder voedsel verkrijgbaar, maar een deel van de karperstand houdt de gewoonte te gaan azen in stand. En het gaat dan ook nog eens om de grootste vissen van het water… Alle bewegingen in de vissen verlopen trager en met langere tussenpozen. Probeer uit te vinden in welke gebied van jouw winterwater de karpers naar voedsel zoeken. Dikwijls zijn het ondiepe stukken waar ze te vangen zijn en dan opvallend vaak in de avondschemering.
13. De vreetmotor
De vreetmotor in de karper draait bij aanvang winter, november en december, nog op volle toeren, om half januari met tussenpozen te gaan haperen. Het afgekoelde water en het gebrek aan voedsel maakt de vissen passief. De vreetmotor komt tijdens het begin van het voorjaar moeilijker op gang dan deze aan het begin van de winter stilvalt. Vooral als we praten over karpers uit de grote kanalen, rivieren en grote meren. Karpers uit ondiep polderwater, sierwateren, parkvijvers etc. zijn daarentegen juist wel gewillig in het tijdbestek februari, maart en april. Het toenemend zonlicht is hetgeen dat de karpers in ondiep stilstaand water stimuleert om uit hun winterslaap te ontwaken en op scharrel te gaan.
14. Blanken
De karper is in de winter nu niet echt bepaald een soort die er met tientallen tegelijk uitkomt. Het is dus zaak om een water uit te kiezen waar er een redelijke kans is om een vis te haken. Hoe leuk is het als je midden in een sneeuwlandschap met een donkergekleurde vis op de foto kan. Echte diehards die op moeilijke wateren vissen gaan vaak ook stuk! Niet vreemd na bijvoorbeeld 10 keer blanken, bij een temperatuur van min 8 graden Celsius en een oostenwindje…
15. Lauwe winters
In tegenstelling tot de laatste jaren hebben we in de jaren ’90 van de vorige eeuw een serie ‘lauwe winters’ beleefd. Winters waarbij de minimumtemperatuur amper beneden de 0 graden Celsius kwam. Overdag was het dikwijls 8 tot 12 graden! IJs en sneeuw leken voorgoed verleden tijd. Het karper vangen ging gewoon door, alsof het herfst was, de voerplekken gingen leeg en overal kon je karper vangen. Nimmer is er zoveel karper gevangen als tijdens die lauwe winters. Het werd simpelweg niet koud genoeg voor hun winterdip…
16. Sneeuw vormt een probleem
De laatste 5 jaren hebben we redelijk strenge winters gekend. Winters die veel ijs en sneeuw hebben gebracht. De combinatie sneeuw op ijs kan verstikkend werken op het vissenleven. Met name ondiepe wateren met een dikke zuurstof vretende baggerlaag zijn bijzonder gevoelig voor sneeuw op het ijs. De afgelopen jaren hebben de sneeuwwinters de karperbestanden op veel van onze wateren flink gedecimeerd. Sneeuwruimen is misschien wel de enige remedie tegen wintersterfte door zuurstof gebrek. En vanzelfsprekend zal er op dicht geslibde wateren gebaggerd moeten worden.
17. Lage druk, hoge druk!
Lagedrukgebieden in de atmosfeer stimuleren de bijtlust van karpers meer dan hogedrukgebieden, zeggen de experts. Daar zouden ze best wel eens gelijk in kunnen hebben. Maar, lage druk brengt in de winter wind, regen, hagel en sneeuw. Die drijfnatte zooi en dat gekleum in de kou, dat is verre van ideaal. Kies liever je visdagen tijdens een wat rustiger weertype en een zonnetje. Dan houdt je het wat langer vol. Thuis kun je de boilies of pellets al aan de hair rijgen. Vervolgens pak je de beste uurtjes en plekjes uit de wind en, mocht ie schijnen, in de zon. Gelukkig vang je op de ‘hete’ winterstekken, met heel weinig voer je visjes.
18. Wintervoeren in het donker!
Wanneer je een stek op het oog hebt waar de karpers ’s winters komt om te azen, dan kan het slim zijn om daar op geregelde tijden te voeren. Zeker in de periode aan het begin van de winter wanneer de karper nog actief is. Zie het ‘wintervoeren’ als een manier om de karper geïnteresseerd te houden naar dat gebied van het water en ze te laten weten dat daar een lekker balletje te halen valt. Wanneer je gaat voeren, voer dan in het donker. Bij daglicht vreten meerkoeten en kuifeenden in een mum van tijd alles weg.
19. Langdurig voeren loont
Voer in de winter echt mondjesmaat een stek aan. Deze voertactiek werkt het beste met kleine en zachte boilies, die zijn voorzien van extra tarwevezels. Mondjesmaat betekent in veel gevallen vaak niet meer dan 10 a 15 boilies per dag voeren in een kleine diameter van maximaal 14 tot 16 mm. Let wel, je moet er zeker van zijn dat de vissen ook daadwerkelijk in de voerzone liggen anders heeft het totaal geen zin. Het grote voordeel van het voeren is dat de vissen ook in de winter blijven zoeken naar iets eetbaars.
20. Spreiden die bollen
In de winter gebruik je het best een schrale boilie. Niet te veel poespas, gewoon een bol die lekker zoet is en uiteraard niet te vet. Het voordeel van zo’n schrale boilie is dat deze de vis niet snel verzadigd. We kunnen dan over een groter oppervlakte de bollen verspreiden en dus meer kans maken dat deze worden opgepikt door vriend Ciprinus. Vis je het hele jaar met een vrij vette bol en wil je deze ook in de winter gebruiken, dan kun je minderen door deze doormidden te snijden of een kleinere diameter te gebruiken. Vergeet niet dat de vis zijn vetreserves al heeft opgebouwd.
Peer Boogaard – NL
Peer is bekend vanwege zijn vangsten van ruwe haai in Nederland. Voor dit jaar heeft hij een claim ingediend voor een recordhaai van 170 cm.
Hoe gaat het seizoen 2020 voor de ruwe haai tot nu toe Peer?
Aardig voorspoedig. De teller voor dit jaar staat op 20 ruwe haaien (d.d. 17 augustus 2020– red.). Dat seizoen begon in mei. Nadat in mei de temperaturen omhoog gingen en dus ook de watertemperatuur (rond de 20 graden) dachten we een kans te kunnen wagen op de ruwe haai. ‘We’ zi...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Het zeebaarsseizoen is in volle gang en wat worden er ongelofelijk veel zeebaarzen gevangen. Veel scholenbaars, maar regelmatig tikken ze ook 50 cm (en groter) aan. Wat mij betreft de ideale maat voor een heerlijke panvis. Alles boven de 60 cm laat ik weer lekker zwemmen om voor het nageslacht te zorgen…
We weten het inmiddels: de minimum maat 42 cm en de baglimit twee maatse zeebaarzen, per persoon, per visdag. Je mag ‘de stekelridders’ meenemen van 1 maart tot 1 december. Zeebaars is in het ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
In de Nederlandse en Belgische kustwateren kunnen we steeds beter gericht op haaien- en roggensoorten vissen. Met name gladde haai, stekelrog en pijlstaartrog worden talrijker. Maar hoe gaan we het beste om met deze drie soorten? We vroegen het aan Dave Lewis, die in de UK al jarenlang ervaring opdeed met dit trio...
Tekst & foto’s: Dave Lewis
In mijn thuiswateren langs de kust van de Britse eilanden gaat het de laatste jaren goed met de gladde haai en verschillende roggensoorten. Nog maar t...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De zeebaarsvisserij is de afgelopen jaren sterk in populariteit toegenomen. Ondanks de nieuwe technieken, aassoorten, potentiële stekken en de overvloed aan informatie via social media, kun je het spoor makkelijk kwijtraken. Jaimy Posthumus schept wat orde in de chaos en biedt in dit artikel wat handvatten voor elke zeebaarsvisser om meer grip te krijgen op deze fantastische roofvis. Zijn belangrijkste tip luidt: ‘Probeer het eens in het donker!’
Wie in de nacht op pad gaat, heeft dubbel zoveel ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De pijlstaartrog is één van de tien verschillende roggensoorten die voorkomen in de Noordzee. Deze roggensoort was voor een lange tijd lastig te vangen vanaf de Nederlandse (en Belgische) kust, maar lijkt aan een ware opmars bezig, met meer en meer vangstmeldingen. Vanaf de boot, maar ook vanaf de kant. Erik Schilt schetst een portret van deze ‘vervaarlijke’ rog en beschrijft hoe hij deze bijzondere verschijning gericht vangt vanaf de kant.
Tekst: Erik van Schilt – foto’s: Erik van Schilt & ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Wij gebruiken cookies om onze website en onze service te optimaliseren.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een website of over verschillende websites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.