Home Blog Pagina 44

Zeeforel: wat eten ze vandaag?

Deense zeeforellen kunnen kiezen van een uitgebreide menukaart. Wil je zeeforel vangen, dan moet je niet alleen weten welk voedsel er voorhanden is. Je moet ook doorhebben waar de zeeforellen tijdens jouw visdag trek in hebben. Terkel Broe Christensen legt uit hoe je dat doet en vertelt wat je moet weten over het voedsel van de zeeforel.

De zon begint al aardig te zakken boven het rif. Het is voorjaar en ik ben in het zuiden van Funen met mijn vismaat Mikael Pedersen. Samen hebben we een avondsessie gepland op een van de talloze topstekken op dit eiland. Het gaat prima; twee zeeforellen voor de pan liggen op de stenen voor ons, beide door Mikael gevangen. In drie uur tijd heeft hij die twee vissen gevangen, vier ondermaatse vissen teruggezet en een groot aantal aanbeten gemist. Het is een fantastische avond, tenminste voor Mikael. Ik doe het een stuk minder met maar twee kleine visjes.

Mikael is dan ook een ongelooflijk effectieve zeeforelvisser. Hij is die vismaat die altijd vangt. Iedereen die de tijd en energie erin steekt, kan een zeeforel vangen op Funen. Maar een visser als Mikael vangt altijd meer dan gewone stervelingen zoals ik.

Voortdurend analyseren

Wat is zijn geheim? Dat is geen eenvoudig te beantwoorden vraag. Het is duidelijk dat Mikael goed nadenkt over windrichtingen, getijdewerking, zoutgehalte van het viswater en watertemperatuur. Voortdurend analyseert hij de situatie om daar dan zijn theorieën op los te laten. Eén factor heeft zijn bijzondere aandacht: het voedsel van de zeeforel op de visdag en het aas, kunstaas of de vlieg die dat voedsel imiteert. Hij vraagt zich dus vooral af wat de zeeforel vandaag eet.

De aanwezigheid van prooidieren en dus ook het menu van de zeeforel varieert met de tijd van de dag of nacht, het seizoen en de locatie. Mikael is daarom voortdurend bezig met het vinden van het juiste aas. Ik zie hem vaak van vlieg of kunstaas wisselen tot hij het aas heeft dat werkt. En bijna altijd vindt hij het aasje dat werkt. Hij heeft dan ook het rotsvaste vertrouwen dat er altijd een aasje is waar zeeforel in is geïnteresseerd. Het is voor hem de aanleiding om steeds te blijven experimenteren en de reden waarom hij zo goed vangt.

Match the hatch

Bij het zoeken naar het juiste aas is het vooral een kwestie van het kiezen van een vlieg of kunstaas dat lijkt op het type voedsel waar de zeeforel trek in heeft. Vliegvissers noemen het ‘matching the hatch’. Als ze voor zagers gaan, dan hang je een vijf tot tien centimeter lange zagerimitatie aan je leader of onder je bombarda.

Je kunt aan je vliegenarsenaal nog een stuk of vijf vliegen toevoegen, imitaties van vlokreeften of gammarus, garnaalvliegen en imitaties van vissen als grondels, zandspieringen en stekelbaarzen.

Met deze vliegen in zijn doos houdt Mikael goed in de gaten welke beestjes bij het waden uit de modder of het wier schieten. Maar wil je het echt weten? Dan moet je eigenlijk de maaginhoud van een schoongemaakte zeeforel controleren. Die moet je dan natuurlijk wel eerst zien te vangen.

De ‘schijf van vijf’

De aasjes in Mikaels tackleboxen zijn in vijf categorieën in te delen: wormen, schaaldieren, grondels, stekelbaarzen en zandspiering. Deze ‘schijf van vijf’ moet onder iedere omstandigheid het juiste aasje kunnen leveren.

Wormen zijn vooral effectief in het voorjaar als de zagers zwemmen, dan zijn ze onmiskenbaar overal aanwezig. Maar zeeforellen eten het jaar door honderden types wormen die in hun biotoop leven. Mikael bindt wormen van 5 tot 10 cm lang. Hij gebruikt ook levende zagers achter een plugje of onder een bombarda. Een gewone regenworm werkt in sommige gevallen ook erg goed.

Winterkost

In de winter is het voedselaanbod voor zeeforellen schaarser dan in warmere jaargetijden. Voordat het water weer opwarmt, kunnen imitaties van kleine kreeftachtigen vaak de sleutel zijn. Je vist deze kleine imitaties aan een vliegenhengel of onder een bombarda. Vis je met kunstaas, houd het dan klein.

Kleine kreeftimitaties zijn eenvoudig te binden, vaak is er niet veel meer nodig dan een plukje wol of dubbing op een haakje maat 10.

Stijgt de watertemperatuur een beetje, dan mogen de garnaalimitaties best een paar maatjes groter. In het voorjaar is het echter wel zo dat deze grotere garnalen zomaar ineens kunnen verdwijnen als de temperatuur weer iets daalt. Garnalen onder de kust hebben een grondige hekel aan koud water.

Ervaren vliegvissers én spinvissers met de bombarda op zeeforel hebben vaak dozen vol met imitaties van garnalen. Patronen zoals de pattegrisen (het biggetje) en de glitter shrimp zijn populair, effectief en prima te vissen met de vliegenhengel en een bombarda-montage.

Een levende garnaal doet het ook prima. Prik een klein dregje in de staart en vis het schaaldiertje onder een dobber. Pas wel op met inwerpen: het staartje is erg kwetsbaar.

Volop vis

Zeeforellen zijn viseters. Ze hebben langs de Deense kust de keuze uit een groot aantal vissoorten. De meest voorkomende zijn grondels, stekelbaarzen, zandspieringen en haring. Spinvissers met lepels, plugjes en kustwobblers kunnen goede zaken doen als de zeeforel zich tegoed doet aan vis. Maar ook vliegvissers staan niet buitenspel.

De gemene deler van deze verscheidenheid aan vissoorten is dat zeeforellen het vooral hebben voorzien op de kleinere exemplaren: zelden groter dan 15 tot 20 cm en vaak veel kleiner. Zeeforellen treffen vis in alle waterlagen aan: van wierbedden in ondiepe stroken tot de diepte van de open zee.

Kennis van wat er leeft is essentieel voor de juiste keuze van aas. Iedere vissoort die door zeeforel wordt gegeten heeft zijn eigen eigenaardigheid en leefwijze. Verderop in het artikel heb ik per belangrijke soort wat wetenswaardigheden opgeschreven.

Het aas en de feiten

Grondels

De familie van de grondels (de orde Gobiiformes) is een van de grootste visfamilies met wereldwijd bijna 2000 soorten in zout en zoet water. In het noordelijke zoute water leven een stuk of tien soorten die allemaal hun eigen specifieke biologische kenmerken en gedrag hebben. Het dikkopje en de brakwatergrondel zijn in alle kustwateren rond Funen te vinden. Deze onopvallende visjes zijn een belangrijke voedselbron voor zeeforellen. Het is daarom belangrijk dat je deze visjes kent als zeeforelvisser. Deze grondels hebben doorgaans een zandkleurige tot bruine tint en hebben allemaal een brede kop en uitstaande borstvinnen. De visjes die ten prooi vallen aan zeeforellen zijn meestal rond de 5 tot 6 cm lang. Op internet vinden vliegvissers uitstekend werkende grondelpatroontjes.

Spinvissers hebben tegenwoordig een aardige keuze aan ‘soft plastic’ grondelimitaties. Als je de combinatie goby of grondel en soft plastic googelt, kom je interessante kunstaasjes tegen.

Sommige grondelsoorten houden zich in kleine scholen op in dichtbegroeide wiervelden, andere soorten zijn solitair, en weer andere, waaronder het dikkopje, leven boven en in het zand. Als ze je opmerken, weten ze zich in een tel in te graven. Deze dikkopjes zijn een populaire prooi van zeeforellen. Vooral in de vroege zomer, als de mannetjes onverschrokken de nesten bewaken, wordt er veel op gejaagd.

Grondels liggen ’s zomers vaak in het ondiepe warme water en regelmatig in de maag van een zeeforel.

Stekelbaars

Langs de Deense kust vind je drie soorten stekelbaars: de driedoornige stekelbaars, de tiendoornige stekelbaars en de zeestekelbaars. Hoewel de naam al zegt dat de stekelbaars een stekelige hap is, worden ze graag en veel gegeten door zeeforellen.

Stekelbaarzen zijn meesters in het aanpassen aan de omstandigheden. Je vindt ze in kleine poeltjes, in beken en rivieren en in open zee. Vooral in brakke zones zoals uitlopers van baaien en riviermondingen zijn vaak stekelbaarzen te vinden.

Een driedoornige stekelbaars. In brak water is de spin- of vliegvisserij met stekelbaarsimitaties soms bijna een garantie voor succes.

Zandspiering

Zandspieringen van 15 tot 20 cm lang staan hoog op het menu van de zeeforel. Deze langwerpige, zilverkleurige vis trekt in grote aantallen naar de kust als het water tegen de zomer opwarmt. De zandspiering leeft in de veiligheid van een school. ’s Nachts gaan ze nog weleens solitair aan de wandel, onder de beschutting van de duisternis.

Zoals de naam suggereert, leeft de zandspiering vooral boven een zandbodem. Waar een zandbodem er leeg en schraal uitziet, kan de schijn bedriegen: zandspieringen zijn meesters in het zichzelf verbergen onder het zand.

Dit kunstaasje is een perfecte imitatie van de favoriete prooi van de zeeforel.

Wormen

Zagers en zeepieren hebben een groot aandeel in de biomassa langs de Deense kust. Van de meer dan 500 soorten borstelwormen in de noordelijke wateren is de zwemmende gewone zager favoriet bij zeeforel en zeeforelvisser.

Deze borstelworm houdt zich het grootste gedeelte van het jaar schuil. Tijdens de paaitijd in het voorjaar blijft er van die schuchterheid weinig over. De zagers gaan aan de wandel en treffen daar hongerige roofvissen die na de winter van de gemakkelijk te vangen hapjes profiteren om wat aan te sterken.

Kleine kreeftachtigen

Nog voordat in het vroege voorjaar garnalen, zagers en kleine vis de ondieptes opzoeken, zijn de kuststroken het domein van vlokreeftjes, aasgarnaaltjes, zeepissebedden en andere kleine kreeftachtigen.

Wil je in die periode zeeforel vangen, dan moet je doorgaans met klein aas vissen. Vliegen van niet meer dan 2 cm lang doen het nu goed aan de vliegenhengel of onder de bombarda. Er zijn veel beproefde patronen, met vliegen als de kobberbassen (een vlokreeft van koperkleurige dubbing) en de Fyggi (een garnaaltje met vier rubber pootjes) als favorieten van veel Deense zeeforelvissers.

Garnalen

In het water rond Funen leeft een groot aantal garnaalsoorten. Voor zeeforelvissers zijn de aasgarnaal en de roodsprietgarnaal de belangrijkste soorten. Je vindt deze soorten vooral rond en in wierbedden.

De roodsprietgarnaal wordt een centimeter of acht lang. Ze variëren in kleur van transparant geel/wit met zwarte stippen tot een donkerrode, bijna bruine tint. Roodsprietgarnalen houden zich in het voorjaar en de zomer op in het ondiepe kustwater. In juni trekken de vrouwtjes met kuit tussen de poten naar dieper water. Zodra het kustwater afkoelt, vertrekken de mannetjes ook. In de winter zul je praktisch geen garnaal meer aantreffen in het kustwater rond Funen.

De aasgarnaal houdt meer van het open water. Overdag liggen ze begraven onder het zand met alleen de ogen en sprieten zichtbaar. ’s Nachts worden ze actief en zwemmen ze rond.

Voorjaarsbaarzen

De eerste golf… De ‘gesloten tijd’ voor roofvis op het zoete water betekent voor Jaimy Posthumus dat het niet lang meer zal duren voor de zeebaars zich onder de Nederlandse kust begeeft. Zoals velen kijkt hij hier enorm naar uit. In dit artikel geeft Jaimy zoveel mogelijk handvatten om de eerste ‘golf’ aan voorjaarsbaarzen met succes aan de zilveren schubben te komen. Door Jaimy Posthumus De zeebaars paait in de winter, richting voorjaar, bij een watertemperatuur van 8,5 tot 11 graden Celsius in...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Blog: Van viswinter naar visvoorjaar in het Eems-Dollard gebied

Het zeevissen in noordoost Nederland in verenigings- en wedstrijdverband ligt al een tijdje stil vanwege de coronacrisis, maar dat betekent natuurlijk niet dat de individuele strand- en bootvissers niet meer buiten komen. Erwin Nijdam van de Eemsvissers praat ons in onderstaande blog bij over de afgelopen winter en kijkt optimistisch vooruit naar de lente.

Door Erwin Nijdam

Alle verenigingen hebben te maken met de coronacrisis, maar er mag gelukkig nog gevist worden. De sociale activiteiten van de verenigingen lagen nagenoeg wel stil en dat is jammer, ook voor onze vereniging de Eemsvissers. We hebben nog drie gezamenlijke visdagen gehouden waarbij er voldoende deelname was – zie www.eemsvissers.nl  

Bij deze visdagen misten we natuurlijk wel de gezelligheid en het gezamenlijke drankje en de vispraat achteraf. Maar laten we positief blijven: met een zomer in verschiet en toenemende vaccinaties, verwacht ik dat we rond de zomer wel weer ‘normaal’ kunnen leven en daardoor ook weer activiteiten kunnen organiseren.

De weidsheid van het Eems-Dollard gebied…

 

Crisis

De coronacrisis veroorzaakte een hoop narigheid in het land maar op gebied van sportvissen kunnen wij een stijging waarnemen in het aantal vissers, zowel in het binnen- en buitenwater. Ook de eigenaar van hengelsportwinkel Henry in Delfzijl – voor ons de dichtstbijzijnde hengelsportzaak – gaf aan dat hij nog nooit zo`n goed jaar had gedraaid. Met name het vissen op zeebaars afgelopen zomer zat in de lift. Dat geeft velen van ons – ook mijzelf – inspiratie om de aankomende  zomermaanden eens wat meer aandacht te geven aan deze vissoort.

Als panvisser kon je soms geluk hebben…

 

Wijting en schar

De afgelopen winter gaf ons het vertrouwde beeld dat bij deze noordoosthoek van het land hoort. Zoals altijd beginnen de kleine wijtingen en spieringen begin oktober de Eems op te trekken en voeden zich dan met garnalen. Naarmate het seizoen vordert groeien de wijtingen en maken we ook kans op schar. Helaas waren de scharren sporadisch maar misschien had dit ook te maken met de overheersing van de kleine wijtingen waardoor de scharren geen kans kregen. Dan zo half december kwamen de eerste meldingen van gul binnen. Nog geen grote aantallen maar zo nu en dan kon je op één tij 4 a 5 gullen vangen. De grootste vis voor het lopend jaar voor de vereniging gevangen op de Eems was een  gul van 67 cm, en dat is in deze tijd niet slecht.

IJs in de haven!

 

IJs in de haven

Toen werd het koud en onze boten lagen ineens vast in het ijs in de haven.  De ervaring leert dat de gul richting de Noordzee vertrekt als er een koude periode is geweest, en ook dit jaar was dit het geval. Afgelopen weken zijn er nog wel vissers op pad geweest maar er is nagenoeg niks gevangen.

Als de watertemperatuur dan weer stijgt, komen de gullen vaak voor een kleine periode weer terug op de Eems en aansluitend komen ook de scharren de Eems opzwemmen.

Flinke gullen soms!

 

Eems-Dollard 2050

Dan nog enige info van onze vereniging de Eemsvissers. Op dit moment is er een commissie binnen de vereniging actief die zich bezighoudt met het vervangen van de bootsteigers van de vereniging. Door het vervangen van deze steigers kunnen de ligplaatsen van de vereniging weer voor minimaal 30 jaar mee. Hier kijken we natuurlijk erg naar uit.

Wat nog verder speelt is het volgende. Het Eems-Dollard gebied is een brakke zeearm die behoorlijk veel slib bevat waardoor zuurstof ontnomen wordt. Hierdoor komt er minder leven (flora en fauna) voor in het water. Om dit te verbeteren is project Eems-Dollard 2050 ontwikkeld. Op de site  https://eemsdollard2050.nl/  kun je lezen hoe men de waterkwaliteit wil verbeteren waardoor er in de toekomst ook weer andere vissoorten gebruik gaan maken van dit mooie stuk water in het noorden.

Voor de nabije toekomst zijn we voornemens om eind maart en eind april gezamenlijke visdagen te organiseren, waarbij we de corona regels dienen te respecteren.

Erwin Nijdam – de Eemsvissers

 

Tips & Tricks: hét aas voor dressuurbaars

De visserij op grote baars is de laatste jaren enorm populair geworden. Waar je vroeger het rijk voor jou alleen had, is het op sommige wateren significant drukker aan het worden. De hoge hengeldruk maakt de visserij op die wateren er niet makkelijker op, zeker niet met kunstaas. De oplossing vind je in deze Tips & Tricks…

Drukbevist

De aandacht bij het vissen op grote baars gaat met name uit naar diepe plassen die in verbinding staan met de grote rivieren. Op de drukkere plassen kun je best nog baars vangen, maar je kunt de visserij echt niet meer met een aantal jaren geleden vergelijken. Met een shad op een loodkop zijn de echt grote baarzen op deze drukbeviste stekken moeilijk te vangen; en overschakelen op andere technieken en aanbiedingen zoals dropshot, C-rig of Texas rig met softbaits wil nog wel eens helpen.

 

Wil een softbait niet meer helpen? Pak dan maar een dauwpier…

 

Grote kronkelaar

Maar als zelfs die aanpassingen al dressuur oplevert bij de slimme baarzen, rest er vaak nog maar één remedie: vissen met natuurlijk aas, zoals wormen of dode visjes! Je moet wel zeker weten dat er baars zit op je stek natuurlijk, maar als deze gedresseerde knapen er zwemmen, prik dan maar een dauwpier aan je dropshotmontage. Je zult zien dat zo’n grote kronkelaar de schuwste vissen toch weer over de streep trekt!

Of offer een grondeltje op voor een megabaars…

 

Grondel

Zijn je dauwpieren bijna op, prik dan eens een klein stukje worm aan je dropshothaak om een altijd wel aanwezige zwartbekgrondel te vangen, die te doden, en aan je dropshothaak te prikken. Ook deze wordt vaak zonder argwaan geaccepteerd. Succes!

 

Tussen de wierbedden

Alle zegen komt van boven Eind september; dat betekent normaliter dat het najaar eraan komt. Volgens de weersvoorspellingen zal het die week 25 tot 28 graden worden, allesbehalve najaar dus. Toch pakken we onze spullen en vertrekken naar het Franse land, iets waar we al een hele tijd naar uit kijken. Voorbereiding is een sleutel tot succes. We weten dat er de afgelopen maanden heel wat plantengroei is ontstaan, hier moeten we dan ook rekening mee houden tijdens het positioneren van onze rigs. T...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Blog: te vroeg gepiekt…

Het naderende voorjaar doet rare dingen met een mens, en vooral sportvissers hebben er last van. De temperaturen van het viswater zijn nog maar net aan het omhoog kruipen, of veel vissers gaan alweer uit hun dak. Een bekend verschijnsel; men lijdt aan het eigen enthousiasme…

Ik merk het aan de appjes en berichten op mijn telefoon. Ach ja, die laatste dagen van februari en de eerste dagen van maart; hoe vaak zijn ze al niet aanleiding geweest voor een te vroege opstart van het seizoen, met onnodige ophef, verloren benzine, valse adrenaline en visloze sessies. We wilden te graag, maar het was nog te koud en de vis zat er nog niet! Te vroeg gepiekt…

 

Koelboxen en barbecues

De telefoon gaat. Vismaat 1 meldt dat hij slecht geslapen heeft en droomde dat hij op de pier tussen een school jagende makrelen terechtkwam. Het was nog maar net zomer, maar het ging compleet los! Ook op het droge ging het compleet los: van heinde en verre werden koelboxen en barbecues aangesleept en huismoeders met kinderen kwamen in het kielzog van de vissende vaders. Ze  zetelden zich op klapstoeltjes rond de paradijselijke stek waar vismaat 1 al snel omringd werd door collega-zeevissers met de jacht in het bloed en een mistige waas in de ogen. Schouder aan schouder schoven ze dichterbij. Pats. Daar kreeg hij een stomp van een zeevisser die hem vol afgunst zijn verenpaternoster met zes makrelen afhandig wilde maken. Maar gelukkig: het was maar een droom! Vismaat werd zwetend en met wijde ogen wakker naast zijn bed. ‘Ga asjeblieft koffie zetten!’ beet zijn vrouw hem toe vanuit de echtelijke sponde…

Op mijn telefoon klinkt nog een vreemd geluid. Na lang zoeken ontdek ik een Instagram-berichtje van vismaat 2: ‘Ik sta bij de Zeelandbrug. Het zonnetje schijnt heerlijk. Hopelijk zit er al een zeebaarsje of een vroege makreel. Kom je ook?’

Ik kan mijn ogen niet geloven. Het is begin maart en vanmorgen stonden de ijsbloemen nog op de voorruit van de auto, en meneer staat vrolijk met kunstaas te werpen in het koude Oosterscheldewater! Schuddend met mijn hoofd kijk ik uit mijn zolderraam, waar een waterige zon achter het glas schijnt maar de thermometer onverbiddelijk 7 graden aanwijst.

Let op, de forsythia begint nu hier en daar al te bloeien (dd 20 maart 2021)…

 

Gele bloemen

Ik ga maar even koffie zetten. Uit mijn keukenraam kijk ik naar de bomen en de struiken, die me kleurloos aanstaren. Hoewel, die mooie elzenboom staat al prachtig te pronken met zijn donkere proppen en zijn goudgele langwerpige ‘snottebellen’ waartussen sijsjes hun kostje bij elkaar scharrelen. Tussen de struiken staat die ene forsythia. Hij zit al wat groengelig in de knop. Ik houd hem in de gaten, want ik weet wat mijn oude vismaat Rob gezegd heeft: “Let op, wanneer de forsythia gaat bloeien en zijn gele bloemen uitkomen, dan hebben de botten gepaaid en zoeken ze hongerig het strand op en gaan achter de garnalen aan”.

Want zo is het: als de forsythia bloeit gaat het zeevissen weer echt van start!

Berend Masselink

 

Deze blog verschijnt als voorwoord in de Zeehengelsport editie 376 die deze week is verschenen.

 

 

Specimen brasems: slijmjurken of jongensdroom?

Bente Morsch voelt zich altijd aangetrokken om te jagen op grote vissen van alle soorten die er in onze wateren rondzwemmen. Daardoor stond ook het vangen van een vijf kilo plus brasem hoog op zijn verlanglijstje. Maar als je duizenden brasems hebt gevangen, waarvan de grootste misschien vier kilo zwaar is; hoe pak je dat dan aan?

Mooie vissen hoor, maar nog niet groot genoeg…

 

Hoe, waar, wat en wanneer?

Als doorgewinterde allround visser is de brasem misschien wel de vissoort die je het meeste tegenkomt als sportvisser, al dan niet vals gehaakt tijdens het shadvissen op snoekbaars of tijdens een struinsessie met de pen op een karper. Eerlijk gezegd heb ik brasem nooit als vervelende bijvangst gezien. Uiteraard, als ik ‘s nachts zit te karperen en er hangt middenin de nacht zo’n slijmjurk aan, dan mopper ik ook wel een beetje, maar heb dan evengoed respect voor deze vis.

Samen met mijn collega en vismaat Rik Hagedoorn had ik het veel over de grote brasemvisserij. Het ging dan vooral over het ‘hoe, waar, wat en wanneer’. Het eerste wat ik dan meestal doe, is Googelen. Ik zocht van alles op over de grote brasem visserij. Ik kwam er al gauw achter dat er over dit onderwerp verdomt weinig informatie te vinden is. Dan maar opzoek naar historische artikelen uit de hengelsportbladen die Nederland rijk is. Tijdens deze zoektocht kwam ik artikelen tegen die ik als kind opvrat. Artikelen van Arnout Terlouw en Harry Groenewold. Artikelen met ongekende grote brasems.

 

De zoektocht

Na wat eerste pogingen op wat wateren bij ons in omgeving, die naar ons idee potentie hadden voor grote brasem, kwamen we er al snel achter dat het een lastige zoektocht ging worden. In die zoektocht probeerde ik zoveel mogelijk informatie te verzamelen van wateren waar eventueel die grote 5 kg+ plus vissen zouden kunnen rondzwemmen. Er waren een paar basisregels, waar een water aan moest voldoen:  het moest het een redelijk formaat plas zijn met een schraal brasembestand. Liefst een water waar lekker gevoerd wordt door karpervissers.

 

Alle redelijk grote plassen in  mijn omgeving werden stuk voor stuk afgevinkt of ze in aanmerking komen voor een echt grote brasem. Zo had ik samen met Rik – ik werkte toen nog in zijn zaak, Rik Hengelsport in Beverwijk –  een plas op het oog in de omgeving Amsterdam. Een grote zandwinplas met diep en helder water. De enige informatie die we konden inwinnen was van klanten die bij ons in de winkel kwamen. Dit waren vooral klanten die het water kenden van het roofvissen, maar ons wel wisten te vertellen dat ze daar hele grote brasems hadden zien zwemmen. Maar het is altijd de vraag of de brasems die een ander ziet ook echt de specimen brasems zijn waar wij naar op zoek waren. Er zat maar een ding op en dat was voeren en vissen om zo te kunnen achterhalen wat het formaat was van de brasems op deze plas. Of ze echt zo groot waren als beweerd. Het zou niet de eerste keer zijn dat karper- of witvissers de grootte en zeker het gewicht overschatten…

Holy cow!

 

Voeren maar

Onze tactiek was om op een ondieper plateau, dertig meter uit de kant en circa drie meter diep, een flinke voerstek aan te leggen. Een dag later zouden we deze vanuit de boot bevissen. We voerden een avond van te voren een kilo of tien grondvoer met vismeelpellets, dode maden, geknipte wormen, mais en mini boilies. Dit alles werd met twee spombs op de stek gebracht, dus het voorvoeren was met zijn tweeën al een flinke klus. Tien kilo lijkt veel, maar ons doel was om de eventueel aanwezige brasems de hele nacht bezig te houden, zodat we in de ochtend meteen succes konden boeken. We besloten vanuit de boot te vissen, omdat we dan makkelijk konden verkassen op het moment dat er geen vis op de stek zou liggen.

Dit artikel  is een deel van het volledige artikel van Bente Morsch dat in het voorjaarsnummer van BEET magazine verschijnt wanneer deze editie op 23 maart  a.s. uitkomt.  Wil je het magazine voortaan als eerste lezen, neem dan een voordelig abonnement: klik hier.

 

 

Botten vanuit de kaboat

Voor veel zoetekunstaasvissers is de gesloten tijd van april tot de laatste zaterdag in mei bij uitstek een periode om eens wat anders te doen. Voor de één is dat een vistrip naar het buitenland, voor een ander de visserij op witvis, karper of zeelt. Wilfred van Nunen gaat in die periode vaak naar het Oostvoornse Meer, om daar te vissen op forel én nog een andere interessante vis: de bot! Lees het in dit artikel uit de Zeehengelsport 363.

Forel en bot…

 

Dit relatief diepe brakwatermeer onder de rook van de Europoort heeft al enkele decennia een magische aantrekkingskracht op met name vliegvissers die het voorzien hebben op de forellen die er jaarlijks worden uitgezet en die, dankzij het rijke voedselaanbod, in rap tempo uitgroeien tot een indrukwekkend formaat. Vanaf de vele strekdammetjes, óf vanuit een bellyboat of kajak is er prachtig te vissen en omdat je er niet met een motorboot op mag, is het er ook heerlijk rustig. Een oase van rust, midden in een industriegebied!

Niet alleen de forel profiteert hier van het voedselaanbod; ook de bot – die hier geen natuurlijke vijanden kent – kan er dankzij de goedgevulde dis uitgroeien tot putdekselformaat. Jammer genoeg zijn er nogal wat (vlieg)vissers die zich wat denigrerend over de bot uitlaten. Sommigen spreken zelfs van een plaag. Nou, dan is het toch wel een plezierige plaag, want mensen, wat heb ik een plezier beleefd aan deze zilte platte rover! Bovendien heeft de bot – die van nature prima gedijt in dit brakke water – als het er op aankomt wel meer bestaansrecht dan de uitgezette forellen… Al zal ik nu voor ‘salmonidenfielen’ wellicht een uiterst gevoelige snaar raken! Veel heb je voor deze visserij niet nodig: een lichte spin- of dropshothengel, een molentje gevuld met dunne Dyneema (plus minus 10/00), een fluorocarbon onderlijn en een handjevol lichte loodkopjes, dropshotloodjes en kleine shadjes. Voilà: met dit gerei kun je je op gaan maken voor een bijzonder vermakelijk dagje!

Kajak, bellyboat…, kaboat!

Natuurlijk kun je net als bij het vissen op forel vanaf de strekdammetjes vissen. Je vist dan echter altijd van diep naar ondiep water en dat betekent, dat het shadje steeds kortere sprongetjes maakt, naarmate je dichter bij de kant komt. Ideaal is dat niet. Bij het kantvissen moet je er tevens rekening mee houden dat je niet zonder waadpak kunt en dat het ook het wat langer kan duren voor je een ‘bottenhotspot’ gelokaliseerd hebt. Het lopen over de strekdammetjes, het waden van dam naar dam, vergt tijd en oplettendheid, omdat de met algen bezette keien spekglad zijn. Daarom alleen al is de inzet van een bellyboat of kajak aan te bevelen. Zelf bezit ik een opblaasbare kaboat, een compromis tussen een kajak en een Zodiac opblaasboot. Dit 16 kilo wegende vaartuigje van één meter breed past opgerold gemakkelijk in de kofferbak van de auto. Het ‘visklaar’ maken is in een wip gebeurd: even met de voetpomp oppompen, bankjes erin, bodempje van triplex erin, peddels bevestigen, spulletjes erin en je kunt het water op! Ik heb het vaartuigje met name aangeschaft om er tijdens de zomervakantie in Zeeland mee op uit te gaan op zeebaars. Er hangt dan een 2.5pk viertaktmotortje aan de spiegel, waarmee ik vlot van stek naar stek kan switchen. Het Oostvoornse Meer is echter verboden terrein voor motorboten, dus kan het motortje lekker thuis blijven. Geen probleem; al peddelend kun je de interessante stekjes binnen afzienbare tijd bereiken.

Een goede plek om de kajak of bellyboat te water te laten is te vinden bij slag Baardmannetje, aan de Noordwesthoek van het Oostvoornse Meer. Rijdend richting Maasvlakte kun je deze afslag niet missen. Je kunt er met de auto tot aan het water rijden. Natuurlijk kun je er ook voor kiezen om één of twee afslagen eerder (Slag Bergeend of slag Stormvogel) te water te gaan, maar dan is het wel handig om een kanokarretje mee te nemen, aangezien je vanaf de parkeerplaatsen nog een stukje moet lopen over kleiachtige grond om bij het water te komen. Op rolletjes is dat prima te doen.

Ankeren

Eenmaal te water hoef je niet lang te peddelen naar de bevisbare stekken. Die liggen namelijk meteen voorbij de strekdammetjes. Op ongeveer 5 tot 20 meter van de strekdammetjes zul je het zicht op de bodem verliezen, ten teken dat je dieper water bereikt. In het vroege voorjaar, als er geen alg in het water zit, kan het water er echt glashelder zijn! Hoewel het niet noodzakelijk is, is een dieptemetertje natuurlijk erg handig. Maar ook zonder dieptemeter kun je vanwege de helderheid van het water de ondiepe platen en de grenzen naar dieper water redelijk eenvoudig lokaliseren. Wanneer ik ongeveer 5 tot 10 meter water onder de kajak heb, laat ik het ankertje zakken. Voor het werpend vissen is dit essentieel. Waarom? Wel, we vissen met lichte loodkopjes van vijf en zeven gram. Driftend is het dan onmogelijk om gecontroleerd bodemcontact te houden en dat is, wil je bot vangen, echt noodzakelijk! Overigens is een bellyboatvisser hier in het voordeel, aangezien deze geen anker nodig heeft, maar gewoon met de flippers een vaste positie kan aanhouden!

 

Driftzak

Op dagen dat er slechts een zwakke wind staat, is het gebruik van een kleine driftzak een goed alternatief. Ik gebruik graag een IKEA-tas die ik met een koord van drie meter lengte aan de kont van de kajak vastbind. Hiermee kan ik de kajak nagenoeg stilleggen. Het wisselen van stek gaat met een drifzak natuurlijk net iets vlotter en lichter dan met een bodemanker. Het mooiste bij het gebruik van een driftzak is, wanneer de wind parallel aan de dammetjes staat waar je langs af wilt driften. Je kunt dan echt heel relaxed een groot gedeelte van het meer uitkammen. En als je dan opeens op een kort stukje getrakteerd wordt op meerderen aanbeten, is een bodemankertje natuurlijk zó uitgelegd, zodat je de stek aan een nauwkeuriger ‘onderzoek’ kunt onderwerpen. Doe dat trouwens maar gerust, want botten zwemmen zelden alleen. Sterker nog: op diverse plekken ving ik op een oppervlakte van zo’n 50 vierkante meter soms wel tien tot vijftien vissen achter elkaar!

 

Shadjes en loodkopjes

Welke softbaits zijn nu geschikt? Op dagen dat de botten stevig azen, zal het niet veel uitmaken. Alles wat beweegt wordt als voedsel beschouwd. Toch blijken de slankere shadjes, slugjes en twistertjes het ’t beste te doen. Goede vangsten boekte ik aan kleine transparante twistertjes van vier tot zes centimeter lang en voorzien van gouden glittertjes. Ook de kleinste versie Komodoshad van Spro, een shad die ik in de grotere maten op het zoete graag inzet op baars en snoekbaars, bleken de gemeen loensende platte rovers bijzonder aantrekkelijk te vinden. Geen wonder; dit shadje is bijzonder soepel en kwispelt al bij de minste beweging. Verder kun je natuurlijk naar hartenlust experimenteren met garnaal- en visimitaties. Wat kleuren betreft: op helder water zoals het Oostvoornse Meer zijn natuurlijke kleurtjes altijd goed. O ja, omdat er van die ieniemienie softbaitjes op de haaksteel worden geschoven, zijn loodkopjes met een loden weerhaak totaal ongeschikt. Dan scheurt het softbaitje geheid uit, waardoor het al snel afgezakt in de haakbocht komt te hangen.

Ik knip overigens van álle loodkoppen, ook bij de allerzwaarste, die loden weerhaken weg. Een shad is dan namelijk véél mooier op de haak te schuiven en met een druppeltje secondelijm is het kunstaas muurvast te zetten. Helemaal ideaal zijn de van een rvs weerhaakje voorziene jigkopjes. Ook op déze kopjes zet ik trouwens het aasje vast met een drupje secondelijm. Dan gaan ze zeker meerdere botten mee!

Tactiek

De tactiek is simpel, maar vraagt wel wat fingerspitzengefühl. Wie bijvoorbeeld gewend is om op platvis te vissen met een strandpook van 4,5 meter, waarmee hij anderhalf ons lood 150 meter de zee in dirigeert, of wie vertrouwd is met het verticalen op gul met 70 grams koppen, zal werpend met 5-grams kopjes in het begin het gevoel hebben in het luchtledige bezig te zijn. Wie echter gewend is om op het binnenwater werpend op baars en snoekbaars te vissen, zal op Oostvoorne het spelletje al gauw genoeg door hebben en waarschijnlijk dan ook al snel op een felle bottenaanbeet getrakteerd worden.

Hoe pakken we het dan aan? Wel, je werpt het kunstaasje richting strekdammetje, sluit de beugel en wacht tot de lijn slap valt. Draai nu de bocht uit de lijn, tik het aasje op, draai ondertussen twee slagen binnen en houd de hengeltop vervolgens stil in de 11-uur-stand. Nu begint het kunstaasje met zijn afdaling en naarmate je met je aasje dichterbij de bellyboat of kajak komt, duren de afzinkpauzes natuurlijk steeds langer. Dat willen we ook juist hebben, want ondertussen hebben de schele platterikken volop de tijd om likkebaardend te loeren naar het vermeende hapje. De vis komt los van de bodem en slokt het aasje op, zodat je een droge ‘tik’ op de hengeltop voelt. Geef nu meteen een ‘tikkie trug’ en je zult merken, dat de vis meestal ook echt gehaakt is. De aanbeten kunnen ongekend fel zijn vanwege optredende voedselnijd.

 

Als er twee of drie (of meer) botten achter een aasje aanzwemmen, dan zal degene die het eerst komt, het eerst malen, nietwaar? Het eerste gevoel na een aanbeet is dat van een plastic zak aan het eind van de lijn, maar als je vervolgens de druk opvoert, dan zal de bot met felle slagen richting bodem fladderen en jou een kromme hengel, zingende molenslip en grijnzende smoel bezorgen. Want, mits met het juiste (lichte) materiaal bevist, knokt de bot centimeter voor centimeter voor wat ie waard is! Exemplaren van 30-35 centimeter zijn heel gewoon, terwijl er met enige regelmaat een echte plaat van 40-plus tussendoor gaat. Het is, zeker onder zonnige omstandigheden, een prachtig gezicht om zo’n fraai getekend zwemmend palet in het heldere water aan de oppervlakte te zien komen om ‘m vervolgens, een forse kolk achterlatend, weer met zijn beste vlinderslag de diepte in te zien schieten!

 

Veiligheid

Voor wie vertrouwd is met de ruwe golven en de stevige stroming waar we op zee vaak mee te maken hebben, zal het Oostvoornse Meer de uitstraling hebben van een rustig plasje. Echter, gezeten in een bellyboat, kajak of kaboat ben je kwetsbaar. Velen zullen gezien hebben hoe Ed Stoop tijdens opnames voor Vis-TV bij de aanbeet van een forel zijn evenwicht verloor en omsloeg. Iets dergelijks overkwam mij afgelopen jaar ook. Na het vangen van enkele fraaie botten vielen de aanbeten stil. Ik peddelde naar een nieuwe stek en liet ondertussen een klein plugje meehobbelen. Omdat ik – dom, dom! – mijn hengelsteun thuis had gelaten, klemde ik de handgreep van mijn hengel tijdens het roeien tussen mijn benen. Nog geen vijf minuten later krijg ik een beuk van een aanbeet. Een gierende slip en een krom slaande hengel doet me opveren. De hengel schiet tussen mijn benen vandaan en de molen blijft hangen achter het bankje van de kaboat. Ik spring overeind om de hengel te pakken en voor ik er erg in heb, lig ik naast de kaboat in water van 7 graden Celsius. De hengel zie ik overboord vliegen.

Het drama is echter nog niet compleet. Ik probeer terug aan boord te klauteren en zie het statief met mijn fotocamera kantelen en overboord slaan. In een reflex schop ik er met mijn voet naar en – hoe wonderlijk – de camera blijft met de draagriem aan mijn voet hangen! Ik leg ‘m terug in de kaboat en zwem, me vasthoudend aan de kaboat, richting oever. Ik voel geen paniek en prent me in, dat mijn zwemvaardigheid (ik heb jarenlang in clubverband gezwommen) me niet in de steek zal laten. Gelukkig is de wind, waar ik tegenin moet zwemmen, niet ál te sterk, anders had ik dit nooit gered. Gelukkig draag ik ook een zwemvest – altijd in de kaboat – zodat, mocht er kramp optreden, ik toch zal blijven drijven. Na tien minuten straffe beenslag zie ik de zandbodem onder me verschijnen. Eenmaal ik kniediep water kan ik weer instappen. Kletsnat en rillend peddel ik terug richting auto. Met een verzopen camera en telefoon en – het allerergste – een hengel overboord met een forel (hoe groot zou ie geweest zijn?) aan de andere kant van de lijn. Ik probeer troost te putten uit de gedachte dat hij zich weet te bevrijden van het enkele haakje, maar de twijfel daarover blijft zeer doen. Gelukkig maar, want dat is een teken dat ik nog leef… De moraal van dit verhaal is duidelijk. Ook vredig stilstaand water is niet ongevaarlijk. Wind en onderkoeling kunnen zwemmen moeilijk of zelfs onmogelijk maken. Daarom is het dragen van een zwemvest een absolute must. Ik heb mijn piepschuimen vestje inmiddels vervangen door een comfortabeler te dragen zelf opblazend vest met een drijfvermogen van 275 Newton. Dat kost een paar centen, maar alleen zo’n vest zal je tijdens de koude maanden, als je veel kleding aanhebt, zodanig drijvend houden dat je kunt blijven ademhalen. De eerste voorwaarde om te kunnen overleven en dat mag gerust iets kosten, want je leven is niet in geld uit te drukken.

 

Verslavend

Al zal het Oostvoornse Meer ook voor mij vooral een targetwater voor forel blijven, toch hoop ik er met name in die ‘zoete roofvisloze’ lentemaanden nog vaak bot te mogen vangen. Op de wijze zoals hierboven omschreven is dit om de drommel geen plaag, maar een vreselijk verslavend spelletje!

Wilfred van Nunen

 

Een rover met een haarscherpe blik. Hoofdrolspeler in een vreselijk verslavend spelletje.

 

Subtiel voorjaarsvissen met de methodfeeder

De methodfeeder kun je heel goed in het vroege voorjaar toepassen, zowel op commercials als op natuurlijke wateren. Maar je moet wel extra rekening houden met het aasgedrag; het water is nog erg koud en niet elke dag aast de vis vol overgave… Net zoals bij de vaste hengel ‘subtiel vissen’ de standaard is, geldt dat ook voor de methodvisserij in het voorjaar. En dat finesse-aspect is wat bij veel methodvissers te wensen overlaat.

De methodfeeder blijft relatief lang te water.

 

Drie specialisten

In Engeland wordt het vissen met de method veel toegepast, zeker ook in deze tijd van het jaar. Of het nu op commercials is of op andere wateren. Drie Engelse specialisten geven hun tips voor de methodvisserij in het (vroege) voorjaar: Joe Carass, Des Shipp en Lee Kerry.

Joe Carass bouwt zijn stek heel voorzichtig op: “Wanneer je in het vroege voorjaar veel inwerpt, zonder dat je ook veel beet krijgt, dan bouw je al snel een te ruim gedekte tafel op. Het moet allemaal iets minder. Het kan zo extreem zijn dat ik soms maar één worp per uur maak.”

In zo’n situatie wil je dat het haakaas en voer perfect is. In dit geval valt wel wat te leren van statische karpervissers die hun montage vaak de hele dag in laten liggen. Hierbij zijn visuele attractie, geur en smaak aspecten om eens nader onder de loep te nemen.

 

Extremen

De helderheid van het water kenmerkt zich nu door extremen: op sommige wateren is het op zijn helderst, terwijl op andere wateren veel water afgevoerd wordt en de kleur eerder aan koffie doet denken… Voor beide situaties een uitgelezen kans om een opvallend of juist onopvallend voer en haakaas te gebruiken.

Joe: “Als voer voor de method gebruik ik graag 2 mm Fin Perfect pellets. Na bereiding zijn deze lichtbruin van kleur, niet echt opvallend, maar is dat erg? Met name op heel troebele wateren heb ik goede resultaten geboekt door de pellets geel te kleuren.”

Met kleurstof kun je alle kanten op; zo hoor je geregeld vissers vol lof over rood praten. En een geurtoevoeging met bijvoorbeeld Haze Banoffee voer van Sonubaits, geeft een echte smaakboost, aldus Joe.

  Joe Carass weet ook de karpers te vinden met de methodfeeder.

 

Kraakhelder

Als het water kraakhelder is, dan hanteert hij echter een subtielere aanpak. De basis van het voer matcht hij graag bij de bodemkleur, maar door de toevoeging van wat kleine opvallende deeltjes, valt het alsnog op, maar dan wel op een subtiele manier. Met de zogenaamde Fluo Rocks kun je precies dit effect bereiken. Tenslotte kun je met wat druppels Haze op de feeder een kleurkolom creëren. Soms kan dit onder lastige omstandigheden opeens wel een snelle aanbeet opleveren.

Voor Joe is er geen twijfel dat extra geur en smaak in het vroege voorjaar heel effectief is. “Ik heb talloze experimenten gedaan en de resultaten wijzen telkens in de richting dat het wel degelijk een verschil kan maken.”

Dit artikel en vele andere lezenswaardige artikelen, verschijnen in de BEET magazine die op 23 maart zal uitkomen. Wil je dit nummer als eerste lezen, neem dan een abonnement en je komt goed voorbereid aan de waterkant: klik hier.

 

Maart: de laatste snoekmaand – Bertus Rozemeijer

‘Maart roert zijn staart’ en daar is onze groenjas de snoek rond deze tijd ook flink actief mee. Er is geen maand waarin het zo lastig kan zijn de snoek te vinden als in maart. Dat heeft deels te maken met de watertemperatuur. Ligt deze hoog, dan heeft een groot deel van de snoeken het ondiepe water alweer opgezocht. Tikt de temperatuur ruim zeven graden aan, dan is een groot deel van de snoek al klaar met paaien of daar volop mee bezig.

Boven water is het nog koud, maar voor de snoek is het onder water optimaal.

 

Niet gesloten

Helaas wordt het tijdens paai-omstandigheden lastig snoek voor je (kunst)aas te interesseren. Maar daarvoor en zeker erna kan het feest zijn! Vaak hoor je vissers zeggen dat je in maart niet op snoek mag vissen, maar dat is een misverstand. We kennen in Nederland een gesloten seizoen voor het vissen met (kunst)aas. Vanaf 1 april tot het laatste weekeind van mei mag je niet met kunstaas, een visje of een stukje vis vissen. In de maand maart geldt wel de regel dat je elke gevangen snoek gelijk moet terugzetten, dus ook in water waar je wel een snoek mee nemen mag, moet de vis gelijk worden teruggezet.

 

Stevige dame

In ons eigen land, maar ook in Zweden en Ierland, ben ik vissend nogal eens paaiende snoek tegengekomen en overal laten ze je kunstaas of je aasvis gewoon aan zich voorbij gaan. Ik moet eerlijk zeggen dat die snoeken mij blijven verrassen. Vaak genoeg heb ik snoeken zien zwemmen die duidelijk paaiactief zijn. In ondiep water en onder de juiste omstandigheden kan dat al eind februari gezien worden. Wat me wel achter de oren deed krabben was het zien van een stevige dame geflankeerd door meerdere kleine snoeken langzaam kruisend boven drie, vier meter water… Dat is me niet alleen een paar keer in eigen land opgevallen, maar heb ik ook gezien in Zweden (Västervik) en in Ierland. Of mevrouw de heren aan het verzamelen was om daarna het ondiepe op te zoeken? Of gewoon op dieper water actief waren?

Warmer water

Wie in maart ondiep aan de slag wil doet er goed aan te vissen daar waar je het warmste water treft. Zelfs een graad kan al een verschil maken; dus een nog hoger cijfer staat eigenlijk gelijk aan een nog grotere trefkans op snoek. Het water kan in maart op veel plekken ontzettend helder zijn, dus wees er wel van bewust dat dit de snoek op zijn minst argwanend maken kan.

Helaas heb je in ons land geen water meer wat geen tot weinig dressuur kent en wie daar rekening mee houdt ligt gelijk al een stuk voor. Benaderen doe je derhalve met respect voor die achterdocht. Ga bijvoorbeeld niet lopen smijten met dozen vol kunstaas, want geluid draagt ontzettend ver onder water en kan al een eerste waarschuwing voor de snoek zijn om op te passen. Hoewel je, als het een beetje meezit echt veel snoek op het kale zand kunt vinden, hebben ze zeker met een zonnetje erbij toch graag wat beschutting.

Tot zover een deel van het artikel uit de BEET februari 2021 magazine dat nu in de winkel ligt. Wil je zeker zijn dat je de BEET als eerste in huis hebt, klik dan hier voor een abonnement.

 

Kanaalkarpers per auto’

(uit BEET november 2019: ‘Kanaalkarper’.

Florian Pippardt:

“Kanaalkarpers zijn op deze plek niet kritisch, omdat ze weinig bevist worden. Heb je geen aanbeet gehad, dan had je ook geen vis op je stek. Net zoals in afgesloten wateren hebben karpers eetroutes die ze steeds opnieuw zullen volgen. Omdat kanalen vaak zeer lang zijn, kan het lang duren voordat de vissen op de voerplek komen. Maar karpers kunnen zeer goed beïnvloed worden door regelmatig te voeren. Als er vaak boilies, pellets of particles op een bepaald deel van het kanaal liggen, dan zullen de karpers deze plekken vaker bezoeken of zelfs in de buurt blijven.

De autovisser

Mijn vismaat Sebastian Redlich heeft een efficiënte tactiek ontwikkeld. Aan een lang stuk kanaal heeft hij vijf tot zes voerplekken aangelegd, die hij regelmatig van voer voorziet. Hij voert pellets, tijgernoten en boilies om de vissen aan het haakaas te laten wennen.

Pellets worden meteen door de karpers geaccepteerd, tijgernoten zijn lang onder water eetbaar en worden door de brasems en kreeftjes met rust gelaten. Om zo flexibel mogelijk te blijven vist hij vanuit zijn auto. Gebeurt er tijdens de eerste nacht op een stek niets, dan verkast hij in de ochtend naar een andere stek. Dat herhaalt hij net zo lang tot hij de trekkende vissen heeft gevonden. Sebastians auto is volledig voor de mobiele visserij ingericht. Zijn slaapbank ligt klaar en komt vrijwel nooit de auto uit. Aan het plafond een magneetlicht, de schoenen en receiver staan binnen handbereik naast de bank. Net als een brandweerman is hij meteen klaar voor actie!”

 

 

 

Voorjaarszeelt – een wispelturige beauty! 

Op social media kwamen al de nodige zeeltvangsten voorbij… niet alleen tijdens de afgelopen ‘zomerdagen’ van februari, maar zelfs al in januari! Maar niet te vroeg gejuicht…

Staan jouw zeelthengels ook al op scherp?

 

Koude nachten

De kans is groot dat we in maart en misschien ook nog in april een dip krijgen met koude, heldere nachten die het net lekker opgewarmde water meteen weer graden doen kelderen. Wat dat betreft is het vaak hollen en stilstaan als het gaat om de (zeelt)vangsten in het vroege voorjaar. Daar weet Arnout Terlouw alles van. Lees zijn artikel in de aankomende BEET, een editie met nog veel meer interessante voorjaarsartikelen.

 

Los nummer bestellen

Bestellen van deze editie nummer 3 kan alleen in het vooruit als los nummer tot 15 maart 2021 klik hier. En wie weet is jouw kantoorboekhandel of kiosk binnenkort wel al beperkt open. Met een abonnement zit je natuurlijk helemaal eerste rang. Klik hier voor de mogelijkheden.

 

 

 

WELKE HAAK VOOR COMMERCIALS EN VISVIJVERS?

Welke haak (type/sterkte) is het beste geschikt voor de omstandigheden en de te verwachten vissen, met name de grootte van die vissen? Middy heeft voor elke situatie de juiste haak…

.https://youtu.be/byVNzjlbhHw

Waarom vissen gezond is!

SAMSUNG CSC

We wisten het natuurlijk allang, maar er verschijnen steeds vaker onderzoeken die het onderschrijven: vissen is goed voor je gezondheid! Ga dus maar weer terug naar de basisverzekering, wanneer je de zorgverzekering vergelijken gaat en haal de hengel uit de kast. Het is tijd om te vissen! Ben je benieuwd waarom vissen zo gezond voor je is? Wij vertellen het je graag!

Net zo gezond als wandelen

Veel mensen denken bij vissen aan relaxen in een luie stoel met een biertje in de houder en de blik passief gericht op de dobber. Diegenen die vissen weten echter dat er ook flink wat bewogen wordt. Niet alleen moet je zo nu en dan je hengel uitgooien, maar je moet natuurlijk ook je vis binnenhalen, nieuw aas aan je haak doen, naar je visstek lopen en wat dacht je van het opzetten van de tent? Al met al verbrand je door te vissen net zoveel calorieën als wanneer je gaat wandelen. Helemaal niets mis mee dus!

Ideale therapie in meerdere aspecten

Vissen is voor iedereen, ook voor jongeren, een geweldige therapie. Tijdens het vissen is er voldoende ruimte om sociale banden aan te leggen. Bovendien blijken zelfs kinderen die veel energie hebben zich vaak makkelijker te concentreren, wanneer ze rustig aan de oever zitten. Tot slot blijkt dat de hengelsport PTSS-symptomen kan verminderen. Zo zou je door het vissen minder depressie, stress en angst kunnen gaan ervaren.

Een sportieve hobby zonder veel blessureleed

De kans dat je een blessure oploopt tijdens het vissen is relatief klein. Daarom heb je ook geen aanvullende zorgverzekering nodig om deze sport met vertrouwen te kunnen beoefenen. Omdat vissen niet al te inspannend is, is het ook geschikt voor iedereen. Of je nu goed of niet zo goed ter been bent, vissen kan eigenlijk altijd wel. Ook als je niet al te mobiel meer bent, is vissen de manier om je sociale cirkel uit te breiden en al bestaande contacten te versterken. Ook kan vissen zeer goed voor je eigenwaarde zijn (zeker als je af en toe een joekel van een vis vangt!)

SAMSUNG CSC

Lekker de natuur in

Eén van de beste dingen van de vissport? Je zit lekker buiten! Er is toch niets beter voor lichaam en geest dan jezelf te trakteren op een middagje aan het water? Volgens een studie die werd uitgevoerd aan de Universiteit van Essex draagt lichamelijke activiteit in de natuur bij aan een verhoogd zelfvertrouwen. Tevens zou het de stemming verbeteren. Alle reden dus om lekker van de natuur te genieten door te gaan vissen. Zorg er wel voor dat de natuur zo mooi blijft als hij is. Doe dit door middel van duurzaam vissen.

Grote softbaits voor grote snoekbaarzen

Snoekbaars is mijn favoriete roofvis. De kracht van de aanbeet en zijn raadselachtige gedrag vind ik fascinerend! Lange tijd heb ik snoekbaars bevist zoals vele anderen; met softbaits van 7 tot 13 cm, gemonteerd op een jighead en dan het geheel over de bodem binnen jiggen. Ook al werd ik op de meeste van mijn sessies beloond met vis, het gemiddelde formaat was niet altijd even groot als ik hoopte. Op een regelmatige basis grotere vis vangen, zonder dat het ‘toevalstreffers’ waren; dat was hetgeen waar ik naar op zoek was…

Tekst & foto’s: Cedric Goossens

Dit artikel is in de eerste plaats bedoeld voor vissers die, net als ik, een nieuwe draai aan hun visserij willen geven. Ik ga zeker niet beweren dat ik het gedrag van snoekbaars gekraakt heb, maar ik neem graag risico’s om daar meer over te weten te komen. Hoewel de eerste stappen van het nemen van risico’s moeilijk zijn, is de voldoening groot als het lukt. En dat is wat ik zoek in mijn visserij; die extra sensatie, die dosis adrenaline die ik krijg op het moment dat ik die harde tik voel!

GROOT VOOR GROOT

Ook al worden er elk jaar zeer grote vissen gevangen met klein en midden formaat kunstaas, toch geloof ik dat het gebruik van groter aas leidt tot gemiddeld genomen grotere snoekbaarzen. Denk bijvoorbeeld aan de zeer grote snoekbaarzen die elk jaar weer worden gevangen door meervalvissers met kunstaas, of middels de pelagische visserij met kunstaas tot 30 cm, die volledig worden opgeslokt door snoekbaarzen van recordformaat! In mijn overstap naar groot rubber werd ik ook nog eens gemotiveerd door de blog van Working Class Zero; een Amerikaanse black bass visser die met groot kunstaas vist. Met dit perspectief stond mij een flinke uitdaging te wachten voor mijn snoekbaarsvisserij…

Het verschil is goed te zien tussen een ‘standaard’ snoekbaars shadje en een XL-shad.

Ik begon in eerste instantie met 14 cm shads, maar mijn grens schoof al snel op naar de grotere 18 cm Fox Rage Zander Pro Shads. Wat me in het begin het meest verraste was dat, hoewel het vangen van vis boven de 60-65 cm steeds gebruikelijker werd, ik snoekbaarzen van circa 50 cm bleef vangen. In aantallen waren het minder dan met klein kunstaas, maar ik ving ze nog wel op dit grote kunstaas, zonder stinger! Enkel bij softbaits boven de 20 cm gebruik ik een stinger. Ik heb ooit gelezen dat snoekbaarzen een prooi ter formaat van een derde van hun grootte kunnen inslikken, maar het is toch vrij verrassend om dit in levende lijve te zien!

Mijn (onder)grens schoof al snel op naar 18 cm shads…

Dat is ook een voordeel van grote shads: ze worden snel opgemerkt!

Wat mij ook verraste was het aantal aanbeten. Dat is ook een voordeel van grote shads: ze worden snel opgemerkt! Dit alles gaf mij zo’n boost aan vertrouwen dat het enorm hielp om op deze weg door te gaan. Uiteindelijk was het niet meer de alternatieve aanpak, maar werd het mijn standaard aanpak. Terwijl in het begin een 18 cm softbait groot leek, hing ik later zelfs 25 cm lange ‘finesse’ type kunstaas, bedoeld voor de verticale pelagische visserij, aan de speld. Ik wilde mezelf overtuigen dat er geen enkele reden was waarom deze softbaits bij een kantvisserij niet zouden werken. Al bij de eerste testsessie werd mijn gekke plan beloond met een enorme snoekbaars!

Zelfs kleinere snoekbaarzen hebben soms geen probleem met een shad van 20 cm of meer!

MET 25 CM RUBBER…

We schrijven november 2018; vanaf dat moment begon ik steeds meer korte sessies te vissen. Het was ook de beginperiode van het snoekbaarzen met grotere softbaits. Zodra ik tijd had ging ik op pad, ook al was de effectieve vistijd maar een uurtje. Ik zet koers naar een gekende stek niet ver van huis; van dit gebied weet ik zeker dat er altijd wel snoekbaarzen aanwezig zijn. Hier hadden shads tot 18 cm mij al goede resultaten gebracht, maar deze dag monteer ik een 25 cm lange finesse shad. Met slechts een uurtje voor de boeg besluit ik alleen met dit kunstaas te vissen. Voordat ik begin met vissen, neem ik de tijd om de actie van het kunstaas onder de kant te bekijken. Het geheel ziet er groot uit, maar gemonteerd op een 5 grams jighead ben ik direct onder de indruk van de glijdende actie. Mijn vertrouwen wordt alleen maar groter wanneer ik al snel een aanbeet krijg, die ik helaas mis.

Met nog maar 30 minuten voor de boeg, nader ik een plek die me al eerder vis heeft opgeleverd. Het kunstaas raakt de bodem en na drie keer optikken komt ineens een keiharde aanbeet, zo typisch voor snoekbaars! Ik zet de haak en trek de hengel krom op een zwaar gewicht dat in eerste instantie gewoon stil blijft liggen. Echter, al snel voel ik het kopschudden aan de andere kant van de lijn. Dit voelt heel goed aan; dit zijn de snoekbaarzen waar ik naar op zoek ben. Maar na een tijdje drillen twijfel ik of het wel een snoekbaars is, zeker als ik een geelachtige gevaarte net onder het oppervlak zie verschijnen, zo’n vijftien meter uit de kant. Dit moet wel een snoek zijn, gezien het formaat, maar eenmaal aan de oppervlakte zie ik tot mijn verbazing een gigantische snoekbaars… Bij de eerste scheppoging ligt de vis in het net, yes! Ik ben door het dolle heen, maar realiseer nog steeds niet echt wat er net is gebeurd. Als ik het net uit het water lift, dringt het tot mij door dat op zeker een nieuw persoonlijk record voor me ligt. Na een paar foto’s om deze prachtige vangst en inspanningen te vereeuwigen, laat ik de reus weer los in haar element.

Na deze mega-snoekbaars, gevangen op een 25 cm McWalleye, was ik meteen overtuigd!

Ik ben extra trots dat ik mijn snoekbaars-theorie ‘groot rubber voor grote snoekbaars’ bij een kantvisserij in de praktijk heb gebracht. Ik zal deze vette vis nooit vergeten! Je begrijpt dat dit een enorme boost voor het vertrouwen gaf; een vangst die nog jaren later zeer vruchtbaar blijkt te zijn. Ik besloot om mijn ervaringen niet direct te publiceren, omdat ik zoveel mogelijk ervaring en perspectief wilde hebben, voordat ik iets op papier zette. Bovendien gaf het me de mogelijkheid om de snoekbaarsjacht met groot kunstaas tijdens alle seizoenen van het jaar te beoefenen. En ik kan je één ding vertellen: je hoeft niet te wachten tot de winter om groter kunstaas te gebruiken! FOTO 21 medium Groot kunstaas werkt niet alleen in de winter!

TE GROOT?

Twijfel je nog steeds over de aanpak met groot rubber? Ga dan naar Beet.nl en zoek op ‘snoekbaars op nest’. Je ziet een video van een duiker die tevens visser is en een snoekbaars op zijn nest heeft gefilmd. Je zult ook zien hoe de vis een 18 cm lange shad (zonder haak) zonder moeite aanvalt! (https://www.youtube.com/watch?v=pjl2_-T0WJo) 

GA VOOR ZEKERHEID

Ongeacht de techniek maakt een geschikte hengel een groot verschil. In dit geval zal deze in staat moeten zijn om relatief groot kunstaas te werpen. Ook stevig genoeg om effectief de haak te zetten in de harde bek van grote snoekbaars. Ten slotte gebruik ik graag een hengel die enigszins flexibel is tegen het zware kopschudden van een grote vis. Omdat ik veelal vanaf de kant vis gaat mijn keuze uit naar spinhengels van 2,4 tot 2,7 meter met een werpvermogen van ongeveer 15 tot 50 gram. Met zo’n hengel kun je softbaits van 14 tot 25 cm prima vissen, maar zijn gevoelig genoeg om ook een voorzichtige aanbeet te detecteren. Vanaf de kant heb je echt een langere hengel nodig om het kunstaas goed onder controle te houden bij het vissen op afstand. Als je vanuit een boot of bellyboot vist, kun je wel met een kortere hengel uit de voeten, denk aan 2 tot 2,2 meter.

Vanaf de kant is een wat langere hengel met een werpvermogen van 15-50 gram wel zo prettig

Als je voor een werpmolen gaat, let dan goed op dat de combinatie met de hengel goed in balans is, anders loop je het risico dat je er niet lekker mee vist. Vooral bij een lange hengel ‘trekt’ het topdeel de balans naar beneden, voor een contragewicht is een molen in formaat 2500 tot 4000 vaak de beste keuze. Op de spoel heb ik 19/00 gevlochten lijn zitten, met een 70 cm lange fluorocarbon leader van 40 tot 50/00. Voor een snoekbaarsvisserij klinken deze diameters wellicht ‘too much’, maar bij de jacht op XL-formaat glasogen beperk je zo wel de kans op lijnbreuk. Ook bij het werpen komen er veel krachten op de lijn te staan en vergeet ook niet dat je met zulk formaat rubber ernstig rekening moet houden met de bijvangst van snoek. Tot slot zal je merken dat die dikke lijnen de zinkfase van de softbait vertragen. Daarnaast stel ik mijn slip erg strak af, zodat ik goed de haak kan zetten. Een ander voordeel van mijn relatief zware setup is dat de dril veel korter is en de vis in betere conditie weer te water gaat.

Vissend vanuit een bellyboot is een wat kortere hengel ideaal: dit kasteel pakte een rustig, in één tempo binnengeviste 18 cm ProShad.

MIJN TOP 6

Van boven naar beneden

  • 1) Svartzonker Mc Walleye 25 cm
  • 2) Westin Ring Teez 23 cm
  • 3) Deps Sakamata Shad 20 cm
  • 4) Fox Forktail 18 cm
  • 5) Fox ProShad 18 cm
  • 6) Fox Super SlickShad 18 cm

TECHNIEK VAN BINNENVISSEN

De manier hoe ik de grote softbaits vis kent grote gelijkenissen met hoe ik kleinere shads vis, en tevens voor jou ook wel bekend: tik het kunstaas 20 tot 40 cm van de bodem en laat het dan aan een strakke lijn weer naar beneden zakken. Afhankelijk van de visomstandigheden (stroming, diepte en wind) gebruik ik een zo licht mogelijke jigkop om een verzwakte vis na te bootsen. Voor grote vissen geldt dat zij naast ouder ook meer ervaren zijn dan hun kleinere soortgenoten. Ik probeer daarom met mijn softbait zo goed als mogelijk als een verzwakte vis te imiteren. Een echte uitdaging en geweldig kat en muisspel!

Bij het binnenvissen houd ik altijd het willekeurige gedrag van een gewonde aasvis in gedachten

Bij het binnenvissen houd ik altijd het willekeurige gedrag van een gewonde aasvis in gedachten. Ik vis de softbait maar heel zelden elke worp op dezelfde manier binnen, maar richt me liever op een zeer grillige actie om op het jachtinstinct van de snoekbaars in te spelen. In de praktijk zou dit er uit kunnen zien als een of twee tikken vanuit de top en een pauze van tijd tot tijd, die de vis vaak triggert tot een aanbeet.

Enkel bij softbaits boven de 20 cm gebruik ik een stinger.

De tweede vistechniek is heel eenvoudig: langzaam en continue binnendraaien, met de softbait net boven de bodem. Ook al heeft snoekbaars de reputatie het kunstaas tijdens de zinkfase te pakken, geloof me, ze hebben geen moeite om de shad te achtervolgen en met geweld te stoppen. Van dat soort aanbeten sta je een week later nog te shaken! In dit geval gebruik ik een stapje zwaardere jighead dan ik voor bij het jiggen zou kiezen. Dat is nodig om de shad permanent in de buurt van de bodem te houden.

Waar ik normaal gesproken een 7 grams jighead zou nemen voor de eerste beschreven techniek, grijp ik bij het langzaam en steady binnen vissen naar een 10 grams jighead. Wanneer shads niet productief zijn, wanneer de watertemperatuur sterk is afgenomen of afneemt en je langzamer moet (of wil) vissen, dan kies ik voor grote ‘finesse’ softbaits. Ik gebruik dan zo licht mogelijke jigheads, soms maar 3 gram, voor een zeer glijdende actie. Deze softbaits hebben een actie die het dichtst bij de werkelijkheid staat en ik vis ze binnen als een gewonde vis. Lees het eerste stuk onder deze tussenkop er nog maar eens op na. Dit type softbait is niet erg populair bij kantvissers, maar ze kunnen echt een verschil maken als de omstandigheden moeilijk zijn.

Sterker nog: deze combinatie heeft het grootste deel van mijn allergrootste snoekbaarzen opgeleverd! En als ik nog langzamer moet vissen, dan gebruik ik ze op een dropshot rig met een Gamakatsu LS 5213N haak in formaat 6/0.

Dit type softbait is niet erg populair bij kantvissers, maar ze kunnen echt een verschil maken als de omstandigheden moeilijk zijn.

DE STEK NIET KAPOT VISSEN!

Ongeacht de techniek, bij het bevissen van een gekende stek zal ik deze niet ‘kapot vissen’. Wat ik daarmee bedoel? Als ik na een aantal worpen geen teken van leven bemerk, dan laat ik de stek ‘rusten’ en kom ik er later terug, in plaats van het risico te lopen dat de vissen op hun hoede raken voor deze ‘gewonde vis’ die consequent hen een aantal keren passeert. Want net als snoek en baars volgt ook snoekbaars je kunstaas vaak zonder aan te vallen. Het verschil met deze rovers is echter dat snoekbaars je kunstaas maar zelden tot aan het oppervlakte volgt, zodat je het ook niet opmerkt… 

Een (oprolbaar) beschermend matje is geen overbodige luxe, zeker bij grote snoekbaarzen die je op wilt meten.

VERGROOT JE KANSEN: 5 tips

  1. Begin met iets bekends. Het is vaak lastig om opeens naar een ander formaat kunstaas over te stappen en de twijfel kan al snel toeslaan, zeker als succes uitblijft. Om te beginnen adviseer ik om deze aanpak eerst in de praktijk te brengen op visrijke stekken die je al goed kent. Op die manier heb je meer rust in je visserij en is elke gevangen vis een echte aanmoediging voor de toekomst. Vertrouwen is een doorslaggevend element bij het vissen; en juist bij een nieuwe techniek is vertrouwen opbouwen het recept om deze lijn door te zetten! 
  2. Niet te veel keuze. De zoektocht naar grote vissen is vaak doorzetten, dus doe jezelf een plezier en neem slechts een minimum aan kunstaas mee, zoals bewezen softbaits waar je het volste vertrouwen in hebt. Zo vis je de meeste uren met vertrouwen, in plaats van tijd en/of concentratie te verliezen doordat je continu gaat wisselen wanneer een aanbeet uitblijft. Behalve wanneer ik ga experimenteren, neem ik niet meer dan vijf of zes verschillende kunstaasjes mee, vaak in een natuurlijke én een opvallende kleur. In mijn tacklebox liggen een of twee 18 cm lange shads met een grote peddelstaart, een finesse type kunstaas in twee maten (18 en 25 cm) en een kleinere peddelshad. Nog een laatste tip. Neem geen kleinere kunstaasjes mee, om te vermijden dat je te snel verandert als het resultaat er nog niet is; de verleiding om te veranderen wordt vaak te groot!
  3. Compromisloos materiaal. Bestaat er iets ergers dan het verspelen van een goede vis? Zeker als dit gebeurt door nalatigheid, bewust of niet! Om deze frustratie te vermijden, vergeet niet af en toe de zwakke punten van je uitrusting te controleren. Dus check regelmatig de haakpunt, knopen, de laatste centimeters van je leader en de laatste meter van de gevlochten hoofdlijn. 
  4. Plan je sessies strategisch. Ga je net als ik voor formaat in plaats van aantallen, dan is het belangrijk om je kansen zo groot mogelijk te maken. Ik schrijf ‘kansen’ in het meervoud, omdat er zelden slechts met één aspect rekening gehouden dient te worden. Meer specifiek; snoekbaars staat bijvoorbeeld erom bekend dat hij ’s nachts en in periodes van weinig licht op rooftocht gaat. Geef daarom de voorkeur aan perioden voor en na zonsopkomst en -ondergang en zelfs ’s nachts wanneer dat mogelijk is. Deze aanpak heeft in mijn visserij echt een heel groot verschil gemaakt. 
  5. Details die je vertrouwen vergroten. Door je softbaits een paar minuten in kokend water te leggen wordt het materiaal zachter.

 

Riviersnoekbaarzen vanaf de kant

DE STROMING ALS BONDGENOOT

Hoe ga je om met stroming als je vanaf de kant op snoekbaars vist? Een vraag die Peter De Kock maar wat graag op de Nederlandse rivieren in de praktijk brengt. Het bracht hem in de loop der jaren een schat aan informatie over het ‘wanneer, waar, hoe en waarmee’. Ook niet-alledaagse informatie, zoals de grote invloed van de hoofdlijn op de aaspresentatie, is voor Peter een reden om een boekje open te doen en jullie de juiste weg te wijzen.

Tekst & foto’s Peter De Kock

Vissen met softbaits staat met stip op nummer één.

Een paar jaar geleden viste ik vanaf de kant een avond aan de Bergsche Maas. Aan de lijn een 7 grams loodkopje versierd met een 8 cm lang shadje. Om de situatie een beetje te schetsen; ik sta aan een havenhoofd en er staat een flinke stroming op de rivier. Direct voor mij ligt er een ondiepte van ongeveer 1,5 tot 2 meter diep. Op ongeveer 10 meter uit de kant volgt er een talud aflopend van 2 naar ongeveer 3,5 meter. Het lukt nog net om met 7 gram vanuit de stroming naar de stroomnaad en dus de grens naar stiller water te vissen. Geen enkele worp levert echter een aanbeet op. Ik vis met een 10/00 gevlochten 8-braid en één meter 33/00 fluorocarbon als onderlijn.

Wanneer ik bij de kop van het havenhoofd mijn shad binnenvis krijg ik een eerste vastloper, net aan de bovenkant van het talud, daar waar het ondieper wordt. Gelukkig kan ik de haak lostikken, waarna ik vrijwel direct een aanbeet krijg die ik mis… En nog erger: de twee volgende worpen exact hetzelfde scenario!

Ik besluit om mijn set-up om te bouwen en plaats een andere molen op de hengel. De spoel van deze molen is gevuld met een behoorlijk drijvende 20/00 mm 8-braid en de fluorocarbon onderlijn is nu slechts 50 cm lang en van 26/00 dik materiaal. Deze dikkere dyneema heeft veel meer drijfvermogen… en dus ook liftvermogen.

Door mijn lijn-onderlijn aan te passen, in plaats van loodkop-shad, weet ik een heel andere aanbieding te organiseren…

Met die combinatie maak ik weer een worp en stuur de softbait naar het juiste plaatsje, zo lukt het mij om weer bij het talud des onheils te komen. Door de lijn te liften en zo een opwaartse druk te creëren slaag ik er nu in om het talud af te vissen zonder erin vast te hangen. Kortom, ik verander niet de loodkop-shad combinatie, zoals veel vissers zouden doen. Echter, door mijn lijn-onderlijn combinatie weet ik een andere aanbieding te organiseren. Deze aanpassing wordt beloond met een paar mooie snoekbaarzen! Gebruik de stroming als een bondgenoot om jouw ding te doen en besef dat de allerbelangrijkste parameter op een rivier absoluut de stroming is!

In de winter werkt een minder agressieve en langzamere aasvoering vaak beter.

JACHT- & RUSTPLAATSEN

Om beter te begrijpen waar een snoekbaars zich bij voorkeur ophoudt laat je je best inspireren door het beestje zelf! Een snoekbaars is een snoekbaars en zal zich dus altijd gedragen als een snoekbaars. Wat ik daarmee bedoel? Een snoekbaars zoekt omstandigheden die hem in het voordeel brengen. Ik zal de belangrijkste kort beschrijven.

De waterkleur is één van de parameters om te weten dat snoekbaarzen zich dieper of ondieper gaan ophouden. Bij somber en zeker vochtig weer kunnen snoekbaarzen zeer ondiep gaan liggen. Vochtig weer is bepalend om insectenlarven te laten uitkomen, wat prooivis aantrekt en op zijn beurt weer de rovers.

Snoekbaars is bovendien een liefhebber van alles wat onder water botst. Daarmee doel ik op diepteverschillen, maar ook verschillen in hardheid van bodem, uitgespoelde oevers, diepe putten, beschutting van havens. Dit zijn potentieel goede stekken omdat ze jachtterrein kunnen zijn met nabij de nodige schuilplaatsen.

Naar mijn mening is er een duidelijk verschil tussen jacht- en rustplaatsen, afhankelijk van het moment en aasgedrag. Diepere plaatsen, schaduw en plantenbedden, onderkanten van taluds of dieperliggende plateaus zijn potentiële rustplaatsen. Rustplaatsen hebben een duidelijke link met niet-actieve periodes en snoekbaars ligt dan vaak tegen de bodem.

Vaak is de schemering de beste periode van de dag!

Wanneer de snoekbaars actief wordt verlaat hij meestal de rustplaats en komt losser van de bodem. Avond, nacht en ochtend zijn meestal de actiefste periodes. Gelukkig voor ons vissers kan snoekbaars in rust en niet-actief toch verleid worden tot een aanbeet. Er is wel een duidelijk verschil in benadering van actieve en passievere snoekbaarzen. Bij actieve rovers is dikwijls de imitatie van de prooi belangrijk. Vooral de grootte is soms cruciaal. Bij passieve snoekbaarzen hebben we gelukkig nog andere trigger mogelijkheden. Agressie en territoriumdrift zijn wel de twee belangrijkste. Onder deze omstandigheden komt de doos met frivole verschijningen en flashy kleurtjes tevoorschijn!

Voor mij zijn de donkerste uren meestal de uren om grotere vis te verwachten. Overdag zijn dit de agressievere vissen en de kleinere exemplaren die zich laten verleiden.

Maar al te vaak komen de grootste vissen er in de nacht uit, zoals deze om 01:15 uur… Foto: Tom Sintobin

STEKBENADERING

Stel, je staat op een haven- of kribkop, hoe pak je het dan aan? Ten eerste werp je de softbait in de stroming onder een hoek die je kunstaas weer uit de stroming duwt, naar de keerstroom toe. Je werpt niet de shad op de beoogde visplek, maar je maakt gebruik van de stroming door er steeds naartoe te vissen. Belangrijker dan jezelf de vraag te stellen of je wel het juiste gewicht jighead en type kunstaas gebruikt, is je eigen staanplaats en de hoek van je aanbieding. Maak eerst kortere worpen, en daarna pas langere worpen om het gebied gecontroleerd af te vissen.

VAN KORT NAAR LANG

Onderdeel van het plan om zo efficiënt mogelijk een spot te bevissen is goed na te denken over korte en lange worpen. Ik begin altijd met een korte worp om de vissen zo weinig mogelijk te verstoren. Waarom? Wanneer je direct volle afstand werpt en op grote afstand een vis haakt, dan kan het drillen de potentieel vangbare vissen dichterbij verstoren en moeilijker vangbaar maken. Dus eerst korte worpen en dan steeds verder weg vissen.

Er zijn van die momenten dat elke beweging wel te veel lijkt en voortgang van je kunstaas niets oplevert omdat snoekbaarzen compleet passief zijn, herkenbaar? Voor mij werkt het volgende alternatief soms echt wel goed, vooral in koudere periodes: een iets te zware loodkop. Bijvoorbeeld 10 of 14 gram, terwijl 7 gram perfect te vissen is. Kies een stand-up of erie jigkop met als versiering een softbait die zo weinig mogelijk weerstand heeft en veel beweging in zich draagt zonder uitgesproken in beweging te zijn. Dus geen schoepstaarten, tenzij zeer soepel en beweeglijk, maar eerder slugs, wormen of v-staarten. Het kunstaas wordt over de stek geworpen en al schuifelend en met zachte bewegingen vanuit de hengeltop voortbewogen over de bodem. De rustperiodes zijn langer dan de bewegende periodes. Deze techniek heeft al vaak opeens wel vis opgeleverd!

 

HOE VIS JE EEN STEK AF?

Hoe speel je in op de stroming en wat is de impact op de presentatie van je softbait? De volgende vijf hoeken hanteer ik regelmatig:

1. Je vist met de stroming mee naar je toe. Dit kun je doen met zeer lichte loodkoppen, omdat de stroming je shad terugbrengt. Deze lijn is moeilijk onder controle te houden, maar soms zeer succesvol.

2 & 3. Wanneer je licht vist zijn deze hoeken moeilijk onder controle te krijgen. De stroming ‘pakt’ de lijn en maakt een bocht onder water. Het kunstaas wordt meegepakt en eindigt dikwijls in de stenen.

4. Dit is een super positie! Bij deze aanbiedingshoek kan je de bocht in de lijn gebruiken om bijna op afstand te verticalen.

5. Dit is een mooi traject om eventuele contouren van een talud te bevissen. De stroming en de vislijn brengt kunstaas over het talud naar het ondiepere.

EEN PLAN VAN AANPAK

Het is van groot belang om je visdag goed te plannen. Alle elementen die je in jouw voordeel kan gebruiken moet je kennen en alle elementen die je nadeel opleveren moet je evenzeer kennen. Ik loop enkele belangrijke elementen na.

Gaat het om de periode van de dag, besef dan dat de avond en ochtend in de regel de ideale aasperiodes zijn. Overdag en vooral bij betrokken of vochtig weer kunnen snoekbaarzen vrij ondiep zitten. Zonnig weer noodzaakt je om wat dieper of beschaduwde plekken te bevissen.

Rekening houden met de periode van het jaar is enorm belangrijk om snoekbaarzen te lokaliseren. Koude periodes beïnvloeden het insectenleven ongunstig en hierdoor gaan aasvissen zich ook anders gedragen. Prooivissen zijn dan meestal wat dieper te vinden! Warmere periodes daarentegen beïnvloeden het insectenleven gunstig en brengen prooivissen dikwijls zeer dicht onder de kant of tussen de plantenbedden. Daar vind je dan ook hun predatoren.

Als het gaat om windrichting, heb ik geen uitgesproken voorkeur. De enige uitzondering is een warme, vochtige zuidwesten- of westenwind, omdat het insectenleven hierdoor gestimuleerd wordt. Wat ik wel belangrijk vind, is dat ik mezelf kan positioneren op een manier dat de wind mij voordeel brengt. Ik vind in mijn plan van aanpak het erg belangrijk om een groot arsenaal aan potentieel belangrijke visstekken te hebben. Zo vind ik altijd wel een paar stekken die ik qua windinvloed in mijn voordeel kan gebruiken.

De getijwerking kan op sommige stekken een allesbepalend element zijn. De stroming in bepaalde momenten van het getij kan snoekbaarzen actief maken of ervoor zorgen dat ze zich op een bepaalde plaats ophouden. De stroomperiode van halfweg afgaand over laag tot half opkomend, of de stroomperiode van halfweg opkomend tot half afgaand over hoogtij zijn meestal ideaal.

EEN KRIBVAK LEZEN

Bij het passeren van grote schepen kan de stroming in een kribvak veranderen. Het is een moment waarop prooivis in de problemen kan raken. Daarnaast wordt soms extra duidelijk waar ondiepe en diepere delen in het kribvak liggen. Wanneer een boot het kribvak nadert zorgt waterverplaatsing dat het water uit het kribvak gezogen wordt. De stroom versnelt langs de oever en langs de ondieptes van het kribvak (fase 1). De boot bevindt zich ter hoogte van het kribvak. Het water stabiliseert zich en komt tot stilstand (fase 2). Wanneer de boot voorbij het kribvak is, wordt het water terug het kribvak ingestuwd en tekent in de omgekeerde richting opnieuw de contouren van de ondergrond (fase 3).

 

Stroomcirkels

De rode cirkels zijn afbakeningen van diepteverschillen, geaccentueerd door verschillen in stroomsterkte. De afbakening met kruisjes is een ondiepte waar de stroom langs loopt. Een aanbeet is te verwachten waar diep en ondiep botsen en waar meer en minder stroom elkaar ontmoeten!

SOFTBAIT STUREN

Voor mij heeft de ideale hengel een fijne topactie. Dat houdt in een gevoelige top voor zowel een fijne beetregistratie als om het moment dat je jighead op de bodem valt te kunnen registreren. Het verdere verloop van de hengel is het best te omschrijven als een taaie halfparabool met veel body in het laatste gedeelte. De lengte is afhankelijk van je standplaats ten opzichte van het water. Hoe hoger je boven het water staat, des te korter de hengel kan zijn. Op rivieren is dit minimaal 2,4 meter, met een maximum van 3 meter.

Het belangrijkste onderdeel aan een molen is een fijn opspoelmechanisme. De norm is het feilloos opspoelen van je lijn zonder spanning en toch foutloos opgespoeld. Qua formaat voelt een type 1000 tot 2500 voor mij het best aan. De spoel wordt voorzien van bij voorkeur een 8-braid dyneema die zo glad en soepel mogelijk is. Een 4-braid heeft dan weer als voordeel dat ze minder kwetsbaar is. Een lijn moet je optimaal kunnen zien. De kleur hangt af van de achtergrond, maar meestal is fluo groen in donkere omstandigheden en grijs of oranje in heldere omstandigheden het beste zichtbaar. Dikwijls volg ik tijdens het vissen alleen de lijn; zo zie ik aanbeten die ik niet voel. Ook zie ik aan de lijn mijn loodkop op de bodem landen in plaats van het moment met de hengel te voelen.

Gebruik bij voorkeur minimaal 10/00 op snoekbaars, bij een riviervisserij is 12/00 of 14/00 een betere keuze. Hoe dunner, des te kwetsbaarder. Met dikkere lijnen kan je ook beter een ‘vorm meegeven’ op het water. Een dunnere lijn zinkt rechter naar je loodkop toe en dat is zeker een nadeel als je de stroming op je lijn gebruikt om de softbait naar een plaats uit de stroming te sturen. Om zeer lichte loodkoppen (lichter dan 4 gram) te sturen en een bepaald patroon te laten zwemmen gebruik ik soms tot 20/00 dyneema.

TOP 5 – FAVORIETE SOFTBAITS

1. Artbaits – Rumble

Heeft een flankende actie. Snelle staartbeweging zonder veel ‘remkracht’. Is bij uitstek de shad waar je de overgang stroom en keerstroom mee aanvoelt.

2. Artbaits – Jiver

Heeft een flankende en breed uitslaande staartactie. Is bij uitstek een shad om ofwel ondiep zeer licht gelood te kunnen vissen of wat zwaarder met meer gewicht tegen de bodem. Is in vlotte beweging te houden zonder voortgang te geven.

3. Bass Assasin – Turbo shad

Voor mij een ‘zoekshad’ om een stek snel af te kunnen vissen, maar moet wel in beweging blijven.

4. Artbaits – Wispher

Een shad die ik inzet als de vis te zoeken is op uitgesproken structuren. Moet dan wel op een Erie loodkop gevist worden om de contouren van de structuur te kunnen afvissen.

5. Relax – Turbo twist

Een kunstaas dat nooit verkeerd ingezet kan worden. Zowel te vissen op een superlichte als een zware loodkop, op stilstaand tot zeer snel stromend water, zowel in de winter als in de zomer.

JIGKOPPEN

Je kan verschillende typen jigkoppen gebruiken. De meest gebruikte is ongetwijfeld de ronde loodkop. Kenmerkend is de snelle afzink en de weinige zweeffase. Bij landing op de bodem platvallend wegens geen profiel. Kortom, ideaal om te verticalen maar ik vind dit type compleet ongeschikt om werpend te vissen! Wat ik dan gebruik is een football vorm, zeker wanneer er geen uitgesproken talud is, Deze vorm heeft een ideale glijbeweging en blijft perfect in balans bij het landen. Perfect in te zetten bij jiggen over de bodem, zeker bij een ‘start en stop’ techniek, waarbij de stop zeker een aantal seconden na de landing mag worden aangehouden. Daarnaast is een erie-vorm loodkop perfect geschikt om de contouren van een talud te volgen. Zo’n jigkop is ook ideaal om de versnelling en beweging uit je aanbieding te halen.

In combinatie met een pointy tail of v-staart gaat je kunstaas licht schommelend in de stroming bewegen: een topkeuze, die zeker in koude omstandigheden het verschil kan maken!

Lijndikte is één van de aspecten die een grote invloed heeft op de manier waarop

Een zogenaamde v-tail of vorkstaart.

Bij het snoekbaarsvissen spelen soms kleine aspecten van doorslaggevende rol. Lijndikte is één van de aspecten die een grote invloed heeft op de manier waarop en de plek waar je het kunstaas wil aanbieden. Het is tevens een aspect waar je zelden over leest. Voilà, ik hoop dat je daardoor geïnspireerd raakt en wens je veel succes bij het snoekbaarsvissen in de stroming. Doe er je voordeel mee!

Soms zijn het de details die het verschil maken.

 

Wakvissen

Ijskoude tips Na een aantal jaren zeer zachte winters hoopt Mark Fekkes stiekem dit jaar nog op een flinke vorstperiode. Een dikke laag ijs is voor de meeste vissers een doorn in het oog, maar het biedt ook weer unieke mogelijkheden: ijsvissen! Dit is inmiddels alweer zo lang geleden dat Mark het echt begint te missen. Let wel, ik zit niet ieder jaar op een laag dik ijs te wachten, want het vissen vanuit de boot of in de winter vanaf de kant met wat kunstaas zwiepen, is dan even niet meer mogeli...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


De laatste snoekmaand

Voorjaarssnoek ‘Maart roert zijn staart’ en daar is onze groenjas rond deze tijd ook flink actief mee. Er is geen maand waarin het zo lastig kan zijn de snoek te vinden. Dat heeft deels te maken met de watertemperatuur. Ligt deze hoog, dan heeft een groot deel van de snoeken het ondiepe water alweer opgezocht. Tikt de temperatuur ruim zeven graden aan, dan is een groot deel van de snoek al klaar met paaien of zijn daar volop mee bezig. Tekst en foto’s: Bertus Rozemeijer Helaas wordt het tijdens ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Feederen op rivierplassen

Op diverse plaatsen langs onze grote rivieren liggen plassen. Veel staan in open verbinding met de rivier. Deze plassen zien eruit alsof ze veel vis kunnen herbergen. In veel gevallen is dat ook zo! In dit artikel richten we de pijlen op de diepe plassen, te meer omdat dit doorgaans goede stekken zijn om in de winter te bevissen. Jan-Willem Nijkamp en Jan Pellen vissen al vele jaren op dit soort wateren en weten van de hoed en de rand.

Tekst & foto’s: Jan-Willem Nijkamp

Wanneer je over de snelweg rijdt en daarbij een van de grote rivieren kruist, zie je de grote wateroppervlakken vaak al liggen. Niet geheel toevallig, want veel van deze wateren zijn afgravingen waarbij het gewonnen zand en grind zijn gebruikt bij de aanleg van wegen en viaducten. Op sommige wateren zijn nog steeds baggeraars actief. De diepte van deze wateren moet je niet onderschatten; sommige plassen kennen diepe putten tot wel 30 meter.

Op die diepe plassen kom je in de winter vaak baksteengrote voorns tegen… als je ze kunt vinden!

Zandafgravingen die in open verbinding staan met de rivier vormen voor veel vissoorten ideale plekken om te overwinteren. Kort voor de winter azen de vissen vaak goed op de rivier, ze lijken zich daarmee voor te bereiden op hun verblijf in het stille water. Zeker wanneer de waterstand op de rivier hoog staat, merk je dat het aantal vissen in de aanliggende plassen toeneemt. Hoog water is vaak het gevolg van regen of sneeuw in de landen waar de rivieren ontspringen of waar ze door stromen. Bij een hoge waterstand is het water vaak troebel en koud in de rivier, niet echt aantrekkelijk voor onze geschubde vriendjes. De aanliggende plassen vormen dan een perfect toevluchtsoord.

Zandafgravingen vormen voor veel vissoorten ideale plekken om te overwinteren

Zandafgravingen vormen voor veel vissoorten ideale plekken om te overwinteren

FEEDER WALHALLA

De diepere stekken waar je de vissen naar alle waarschijnlijkheid zult aantreffen, liggen doorgaans wat verder uit de kant. Regelmatig vormen de ondiepe oeverzones strandjes waar in de zomer gezwommen wordt. De hotspots liggen dus buiten bereik van de vaste stok, maar met de feeder zijn deze plekken vaak wel te bereiken. Zeker in de winter zoeken de vissen die de plassen uitkiezen om te overwinteren een rustige, diepe plek op. Die plaatsen liggen doorgaans voorbij een aantal taluds. Met de feeder zijn dit soort stekken prima te lokaliseren en te bevissen.

Een gegraven plas kun je niet vergelijken met bijvoorbeeld de relatief ondiepe Randmeren. Op ondiepe wateren met weinig bodemverloop zijn factoren als wind vaak bepalend waar de vis zich ophoudt. De plassen waar we het nu over hebben, kennen echter een aflopend bodemverloop. Vissen zoeken een vertrouwde plek op en blijven daar ook vaak en je moet ze echt daar gaan zoeken. Onze ervaring richt zich vooral op de wateren langs de Gelderse IJssel en Neder-Rijn. Hier hebben we talloze wedstrijden gevist en daarbij kunnen laten zien dat onze aanpak doorgaans klopte.

GOED PEILEN

We zoeken steevast naar een stukje vlakke bodem, liefst kort achter een taludje. Deze plekken kun je alleen vinden door rustig de tijd te nemen en middels een serie proefworpen de bodem te verkennen en af te tasten. Je clipt je lijn elke proefworp een paar meter verder vast en telt de seconden die de korf onderweg is naar de bodem. Heb je de juiste afstand gevonden, trek je de korf nog een paar keer over de bodem om deze te checken. Je wilt niet op een mosselbankje of tussen ander vuil aan de slag gaan. Een schoon en hard stukje zand is favoriet.

Peil het water eerst grondig uit d.m.v. een paar proefworpen met een niet te lichte voerkorf. Daarmee kun je ook mooi de bodem aftasten.

HOE DIEP VISSEN WE?

Dat hebben wij ons ook lange tijd afgevraagd. Het peilen met een korf of loodje geeft een goed beeld van het bodemverloop, maar de feitelijke diepte blijft een beetje gissen. Hierover kregen we pas uitsluitsel toen we de beschikking kregen over een Deeper dieptemeter en visvinder. De laatste functie is mijn optiek ondergeschikt aan de eerste. Het in kaart brengen van een water is natuurlijk wel reuze interessant. De Deeper zijn we meteen gaan testen op een van onze favoriete stekken. De stek waar we al vaak mooie vangsten in de vorm van blieken hadden geboekt, bleek rond de 14 meter diep te zijn. Op diezelfde diepte hadden we ook op andere plassen goede resultaten geboekt. Dat kan geen toeval zijn.

Voorn blijkt zich vaak aanzienlijk minder diep op te houden. Van roofvissers die met de boot op het grote water vissen, kregen we regelmatig te horen dat grote scholen vis zich ophielden op dieptes van rond de 8 meter. Bij de keuze van je stek is het dus goed om dit in het achterhoofd te houden en niet op één paard te wedden.

FREERUNNING

De keuze van het juiste materiaal zal een beetje afhangen van de wateren waar je vist. Aan de Maas liggen bijvoorbeeld een aantal plassen waar dikke brasems de boventoon voeren. Die visserij is wat minder subtiel dan wanneer je de pijlen richt op blieken en voorn. Laatstgenoemde visserij is ondanks de visserij op afstand best subtiel. Blieken kunnen uiterst voorzichtig azen, dat maakt het even leuk als spannend. Kleine aanbeten omzetten in mooie vissen is toch prachtig?!

Voor deze stijl van vissen gaat mijn voorkeur uit naar de Preston Supera 12.6 ft hengels in zowel 50 als 80 gram werpgewicht. Om nog scherper te vissen, kies ik regelmatig voor de tips uit de lichtste hengels in de Supera range. Afhankelijk van de visafstand kies ik voor de lichte of de zwaardere uitvoering. Op deze hengels plaats ik een 520 Extremity molen die is opgespoeld met 06/00 of 08/00 gevlochten lijn, gecombineerd met een voorslag van 23/00 of 26/00. De dunste diameter is voldoende voor afstanden tot 50 meter, daarboven is een dikkere voorslag aan te raden.

Soms heb je te maken met een subtiele visser als het gaat om voorns en blieken.

De onderlijntjes voor deze visserij zijn 11/00 tot 13/00 Reflo Power met haken N20 en N30. Eerstgenoemde is dundradiger en daarmee perfect voor delicaat aas zoals maden, pinkies en casters. De N30 is wat robuuster en komt in beeld als er met een (stukje) worm wordt gevist of bijvoorbeeld wanneer je wat steviger moet drillen in verband met lastige taluds.

Het voordeel is dat je bij een flauwe aanbeet de lijn slap kunt leggen…

Onze feedermontage is tegenwoordig freerunning; de korf is bevestigd op een zijlijntje, dat met behulp van een kraaltje over de hoofdlijn kan schuiven. Het voordeel, naast het visvriendelijke aspect natuurlijk, is dat je bij een flauwe aanbeet de lijn slap kunt leggen en de vis het aas zonder weerstand kan opnemen en wegzwemmen. Een kromme feedertip is het gevolg.

De vissen blijken zich deze dag ondieper op te houden, niet ver verwijderd van de aangegeven 8 meter.

TWEE STEKKEN

Zoals beschreven is het een goede optie om twee stekken aan te leggen op twee verschillende dieptes. Dit blijkt ook maar weer eens tijdens de visdag waarop we onze fotosessie gepland hebben. Tijdens het peilen vinden we een stukje vlakke bodem op een afstand van circa 50 meter. De diepte op deze afstand ligt rond de 10 meter en alles lijkt perfect. Een tweede plek wordt aangevoerd op 35 meter, hier is het enkele meters minder diep.

Een korfje of vijf tot zes is voldoende om vissen aan te trekken en vast te houden. We starten op de lange lijn en na een uur vissen, ligt er één vis in het net, maar verdere aanbeten blijven uit. Wel krijgen we met regelmaat indicaties die duiden op de aanwezigheid van vis in de vorm van lijnzwemmers. Let wel: winterse lijnzwemmers. Minuscule en langzame bewegingen; het lijkt alsof er vissen tegen de lijn aan schuren, meer niet.

De vissen blijken zich deze dag ondieper op te houden, niet ver verwijderd van de aangegeven 8 meter. Reeds bij de eerste inzet op de kortere lijn dienen de eerste aanbeten zich aan. Met regelmaat verdwijnen er nu blieken, brasems en enkele voorns in het net. Zo zie je maar: stekkeuze is doorslaggevend voor een succesvolle visdag, zeker in de wintermaanden!

Met regelmaat verdwijnen er nu blieken, brasems en enkele voorns in het net.

AANGEPAST DIEP VOER

Net als voor iedere stijl van feedervissen, is het ook bij het vissen op diep water verstandig om even de spreekwoordelijke puntjes op de ‘i’ te zetten. Juist de diepte vraagt mogelijk om enkele aanpassingen. Om op een diepte van 10 meter de bodem te bereiken, is de korf ongeveer 20 seconden onderweg en het is natuurlijk wel de bedoeling dat aas en voer compact en intact de bodem halen. Een enigszins bindende voermix is dus wel noodzakelijk.

VOER VOOR DIEPE PLASSEN

De mix waar wij vertrouwen in hebben voor de visserij op diepe plassen, is een 50/50 mix van Sonubaits Dutch Master Yellow en Silver, eventueel aangevuld met een klein aandeel (5%) gemalen hennep wanneer er voorns te verwachten zijn.

Vertrouwen is alles!

Het voer dient voornamelijk om aas te verpakken in de voerkorf en als initiële aantrekker van vis. De gevoerde aasjes zijn echter belangrijker om de vis op de plek te houden. Voor blieken en brasem zijn casters, dode pinkies en geknipte wormen perfect. De wormen kunnen het beste flink fijn geknipt worden om verzadiging te voorkomen. Enige terughoudendheid is sowieso wel aan te raden. De hoeveelheid opvoeren kan altijd nog, terughalen wordt een stuk lastiger.

Wanneer voorn een grote rol speelt, is een mix van casters, gekiemde hennep en wat dode pinkies een goede optie. Waarom altijd dode pinkies? Op dit type wateren vormen maden een prima haakaas, hier sluiten pinkies vanzelfsprekend perfect op aan. Het voordeel van de dode variant is dat ze ook blijven liggen wanneer het langer duurt voor er vis op de stek komt. De keuze voor het haakaas is simpel: maden, casters en kleine wormen of mestpiertjes zijn feitelijk alles wat je nodig hebt. Heel misschien een maïskorrel om grote voorn te selecteren.

De eerste bliek meldde zich al snel op de verre, diepe stek… maar de iets ondiepere stek dichterbij bleek de hotspot deze dag.

Het kan geen kwaad om te starten met een gaaskorf die tijdens het afzakken wat voerdeeltjes loslaat

KORVENPRAAT

Voerkorfjes zijn er in allerlei soorten en maten en ook voor deze visserij zijn er enkele modellen die het meest geschikt zijn. Te brede korven vallen af omdat ze teveel inhoud kunnen verliezen onderweg naar de bodem. Iets smallere of zelfs meer gesloten korven zijn ideaal. Het kan geen kwaad om te starten met een gaaskorf die tijdens het afzakken wat voerdeeltjes loslaat. Dat is een goede methode om vis aan te trekken, zeker als deze zich hoger in het water ophouden. Eenmaal gearriveerd wil je de vis aan de grond nagelen en ze daar op zoek laten gaan naar voedsel. Hiervoor is een kunststof feeder of zelfs een zogenaamde ‘window feeder’ perfect. Kies ook het juiste gewicht! Een te licht korfje is extra lang onderweg en creëert een grotere boog in je lijn. Dit maakt je minder accuraat bij een aanbeet. Bij een diepte van 8 tot 10 meter is een 50 grams korf prima, bij nog diepere stekken is 60 gram een nog betere optie.

Iets smallere of zelfs meer gesloten korven zijn ideaal.

GEWOON DOEN!

Hopelijk heb je door het lezen van dit artikel zin gekregen om eens een bezoekje te plannen aan een van de vele grote plassen die ons land rijk is. Het is zeker de moeite waard. Wanneer je de gegeven tips meeneemt in je aanpak, ga je ongetwijfeld mooie (winterse) visdagen beleven. Veel succes!

Stekkeuze is doorslaggevend voor een succesvolle visdag, zeker in de wintermaanden!

Winterwinde

Leuk vissen!

Tekst & foto’s Matty Dawes

Steeds meer visvijvers creëren een gevarieerder visbestand. Zo ben je niet enkel afhankelijk van de grillen en nukken van karper. In eerste instantie vonden F1’s de weg naar de vijver en de laatste trend is dat ook witvis meer en meer wordt uitgezet. In Engeland zag je deze ontwikkeling al jaren geleden. Naar verwachting zullen de Lage Landen dit voorbeeld ook volgen. Met dit als uitgangspunt volgden we Matty Dawes.

Een van mijn favoriete witvisvangsten op commercials zijn windes. Ze azen behoorlijk agressief, ook wanneer de watertemperatuur laag ligt en andere soorten weigeren te azen. En weet je wat ik het mooiste aan winde vind? De toegepaste tactieken zijn relatief simpel om een mooi netje vis te vangen. Op bepaalde wateren kunnen de windes al genoeg zijn om een wedstrijd te winnen. In andere gevallen kunnen ze net die doorslaggevende factor zijn tezamen met F1’s en karpers. Vandaag ben ik op Monkhall Fishery, naar mijn mening één van de meest innovatieve complexen. De vijver waar ik plaatsneem wordt gedomineerd door F1’s, karpers en winde. Mijns inziens de weg die visvijvers moeten inslaan, omdat ongeacht de tijd van het jaar er altijd ‘vangbare’ vissen zwemmen. Op deze vijver liggen de winnende gewichten in de winter vaak tussen de 20 en 40 kilo, en dat is leuk vissen! We zien vaak in de winter dat karpers en F1’s maar hele korte aasperioden hebben. Als je geluk hebt tref je één of twee van die periodes tijdens een visdag. Het is super dat je dan in de tussenliggende periode wel de windes kunt vangen.

Ondanks hun fanatieke, ‘roofachtige’ aasgedrag, blijft een finesse aanpak bij deze koude watertemperatuur belangrijk!

MADEN!

Om winde te vangen kan de aaskeuze niet makkelijker zijn: maden! Winde is een roofzuchtige soort, het zijn alleseters, zelfs kleine vis staat op het menu. Alhoewel je ze ook kunt vangen op mais of pellets, steken maden er in de winter echt met kop en schouders bovenuit. Later in het jaar heb ik ook goede ervaringen met (geknipte) wormen en casters, vooral in ondiep water, maar maden zijn het hele jaar door goed voor een visserij op winde. Neem ook genoeg maden mee, want winde zijn hongerige vissen, zelfs bij koude temperaturen. Als je ze eenmaal aan het azen krijgt, dan kun je behoorlijk wat voeren. Er zijn dagen dat er wel 1,5 liter doorheen gaat! Bij ons nog toegestaan, maar bij jullie niet: gekleurde maden. Ik zal er daarom niet uitgebreid over uitwijden, maar op de haak, als extra opvallend aas tussen de normale maden kunnen ze het verschil maken. Met name op de dagen dat de beten op gewone witte maden niet heel overtuigend zijn.

SIMPELE TUIGJES

Bij het wintervissen is het van cruciaal belang dat je subtiel vist, ongeacht de soort, dus ook op winde. De tuigjes en het materiaal zijn vergelijkbaar met een winterse F1 visserij. Ik gebruik twee verschillende tuigjes. Laten we beginnen met mijn bodemmontage. Ik kies voor een Preston F1 Maggot 4×14 (0,4 gram) dobber, uitgelood met een bulk nummer 8 hagels, en twee nummer 10 droppers daaronder. Vroeger viste ik regelmatig met niet-alledaagse loodzettingen, maar in de loop der jaren kwam het besef dat simpel doen vaak toch het beste is… Sindsdien heb ik met name bij de bodemmontages al mijn tuigjes weer vereenvoudigd. Het grootste deel van de nummer 8 hagels brengt de onderlijn snel naar de gewenste bestemming, de twee nummer 10 valloodjes zorgen ervoor dat het aas goed wordt gepresenteerd terwijl het haakaas nog een stukje langzaam kan zinken. Windes zijn visueel ingesteld en een langzame zinkfase bij de bodem is belangrijk.

Vroeger viste ik regelmatig met niet-alledaagse loodzettingen, maar in de loop der jaren kwam het besef dat simpel doen vaak toch het beste is…

Ik verwacht dat vandaag de winde met name op de bodem zal azen, maar later op de dag kun je ze ook wat hoger in het water verwachten. Om die reden heb ik ook een topset met een ‘ondiepe’ montage klaarliggen. Nu is op deze frisse dag ‘ondiep’ een relatief begrip; de dibber-montage voor in de zomer laat ik voorlopig in het foedraal. In plaats daarvan een Preston F1 model dobber 4×10, dat is 0,15 gram. De loodzetting bestaat uit een gespreide zetting met nummer 11 hagels. Het haakaas zal zo zeer natuurlijk naar een diepte van ongeveer een meter zakken, terwijl de stek ongeveer 1,8 meter diep is. Zowel mijn bodemmontage als ‘half water montage’ zijn gemaakt op 15/00 Reflo Power hoofdlijn en worden gecombineerd met een kant-en-klare onderlijn: de 11/00 mm variant met een SFL-B haak in formaat 20. Deze kleine haak is ongelooflijk sterk voor zijn draaddikte. Zodoende kun je het aas met finesse presenteren, maar heb ik ook de kracht om elke karper of F1 te landen.

 

DIKKER ELASTIEK

De keuze van het elastiek is een belangrijk onderwerp. De gemiddelde vis weegt hier tussen de 250-300 gram. Veel vissers zouden dan voor een nummer 5 elastiek (1,2 mm) gebruiken, maar soms fungeert een licht elastiek contraproductief. Waarom? Ik merk dat de windes op dit lichte elastiek snel naar de oppervlakte komen en hier cirkeltjes zwemmen en kopschudden, wat resulteert in relatief veel lossers! Gebruik ik een dikker elastiek, dan kan ik de haak beter zetten en blijven ze tevens door de grotere weerstand langer diep zwemmen. Het is interessant dat veel vissers bij lossers in eerste instantie naar een lichter elastiek grijpen, terwijl een dikker elastiek vaak een betere optie is. Voor het bodemvissen gebruik ik overigens de Preston No 9 Dura Slip (1,6 mm). Aan de andere kant is het belangrijk om bij het vissen in het ondiepe een zachter elastiek te gebruiken. De No 7 Dura Slip (1,4 mm) is ideaal. Als ik een vis haak duikt hij naar beneden in plaats van naar de oppervlakte te worden getrokken. Beide elastieken zijn gemonteerd in een ééndelige ‘short stop top kit’, die is 1,85 meter lang.

Maden schieten in plaats van cuppen kan ze helemaal los maken op half water.

BIJVOEREN DILEMMA

Voor in de winter is 13 meter een prima afstand, verder vis ik nauwelijks. Ik kan snel vissen, en de afstand is ver genoeg om beten te krijgen. Vandaag heb ik maar één stek gemaakt. Tijdens een wedstrijd zou ik de rest van mijn stek gebruiken om karpers en F1’s te vangen. Vergeet niet dat gewicht tijdens wedstrijden leidend is en dat winde pas interessant wordt wanneer de grotere, zwaardere vissen niet azen. Je moet heel wat kleine windes vangen die opwegen tegen een karper van drie kilo! Bij aanvang voer ik ongeveer 100 maden met behulp van een cupping kit. Vanaf dan is het bijvoeren een kwestie van uitzoeken. In eerste instantie voer ik bij middels een Soft CAD Pot, hiermee krijg ik een mooie strakke aaskolom. Het is en blijft per visdag aftasten hoe de vissen reageren. Zolang ik goede beten krijg blijf ik losse maden brengen middels de CAD Pot. Als ik aanwijzingen krijg dat de vis ondieper het aas onderschept, dan ga ik nadenken welke voertactiek bij de half water montage het best matcht. Zodra ik het gevoel heb dat ik ondiep de windes kan vangen, zal ik de CAD Pot van mijn hengel halen en de katapult oppakken. Het overschakelen naar de katapult zal de vissen stimuleren om ondiep te komen.

Met de CAD pot kun je gecontroleerd een zeer compacte voerkolom creëren.

DUBBELE LADING

Binnen korte tijd schiet ik tweemaal een lading van circa 20 maden op de stek. Mijn theorie is dat de eerste lading de vis aantrekt (ook door het geluid) en ze dit onderscheppen en volgen, waarna de tweede lading wel de bodem bereikt. Ik geloof dat dankzij de dubbele voerlading altijd wat aas op de bodem terechtkomt, wat belangrijk kan zijn: zelfs bij het vissen boven de bodem.

OP HALF WATER

Zoals ik eerder schreef zijn de technieken niet ingewikkeld, het komt nu aan op goed vissen. Ik bedoel daarmee dat het aan jou is om te lezen wat er op je stek gebeurt en er ook op te reageren. De beste vissers reageren het snelst en passen zich aan. Ik begon met vissen op de bodem en kreeg al snel veel beet. Na elke vis dropte ik zo’n 30 tot 40 maden met de CAD Pot op de stek. Een enkele made, gepresenteerd met ongeveer vijf centimeter overdiepte, ving het beste. Interessant is dat 90% van de beten kwam binnen enkele seconden na het staan van de dobber. Dit doet mij vermoeden dat het haakaas hun aandacht trekt op het moment dat de twee valloodjes naar beneden zakken.

Zoals zo vaak wanneer je vijf uur lang op één stek vist, overkomt het zelden dat je met één aanpak continue goed blijft vangen. Zo ook deze keer. Na ongeveer een uur vissen krijg ik lijnbeten kort na het droppen van de maden. Ik weet vrijwel zeker dat mijn losse voer nu tijdens de zinkfase wordt onderschept en niet pas op de bodem. Ik haal de pole pot van mijn hengel en begin met de katapult bij te voeren. Ik blijf in eerste instantie op de bodem vissen om de vissen vertrouwen te geven in het losse voer. Overigens kan het schakelen naar de katapult ook goed uitvallen voor de bodemvisserij. Omdat je de katapult gebruikt betekent dit niet dat je altijd van de bodem af moet gaan vissen. Vandaag azen de windes een stuk boven de bodem en ik vang er een mooi aantal op mijn tweede topset, op circa één meter diepte. In hoogzomer laat ik de montage bewust met wat kabaal, zelfs door te ‘slappen’, te water. Maar in deze tijd van het jaar ben ik voorzichtiger en leg ik het tuigje zachtjes in.

Ik heb een stelregel; als ik drie beten achter elkaar mis, dan stel ik de dobber vijf centimeter ondieper af.

 

DOBBERTJE SCHUIVEN

Ongeveer 20 cm boven de dobber heb ik een No 8 Stotz loodje op de lijn geplaatst. Dat is een belangrijk detail om tijdens de zinkfase aanbeten te registreren. Hoe werkt dit? Ik leg de montage met een gestrekte lijn in en laat het Stotz loodje onder water hangen. Je zult zien dat de dobber, door druk vanuit beide kanten, heel stabiel is en parallel met de zinkende lijn van diagonaal naar verticaal beweegt. Zodra in de zinkfase het aas wordt onderschept zie je het! Net als op de bodem vang ik vandaag heel erg goed op half water. De enige aanpassingen betreft het aanpassen van de visdiepte. Ik heb een stelregel; als ik drie beten achter elkaar mis, dan stel ik de dobber vijf centimeter ondieper af. Zodoende probeer ik stapsgewijs de beste visdiepte te achterhalen. Het verschilt vaak per dag, maar er is vaak een bepaalde diepte die het meest effectief is. Al met al is het een ongelooflijke sessie geweest, zeker gezien de tijd van het jaar. Het belangrijkste aspect wat ik je wil meegeven betreft het bijvoeren; specifiek het ‘lezen’ wat er na elke voerbeurt gebeurt. Dit vormt de basis voor kleine aanpassingen en is vaak de sleutel tot succes.

Een nieuw seizoen: voorbereidingen!

DUTCH MASTERCLASS 59 Voor velen van ons staat de start van het nieuwe visseizoen weer voor de deur. Het voorjaar komt eraan en het begint te kriebelen; je wilt maar wat graag weer naar de waterkant! Deze tijd is perfect om de spulletjes weer piekfijn in orde te maken. Niet geheel toevallig geven Jo Adriolo, Ramon Ansing en Jurgen Spierings de nodige tips voor het perfect prepareren van tuigen, elastieken en montages. Doe er je voordeel mee! JO ADRIOLO Veel mensen zijn nu bezig zich voor te berei...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Tellen en Meten

Wel of geen logboek? Soms wordt gezegd dat het meten, wegen en tellen van je visvangsten de vis degradeert tot een numeriek iets en dat je daardoor de vis of de ervaring van het vissen tekortdoet. Pieter Beelen ziet dat anders en voegt juist door lijstjes en tellen van bepaalde vissen iets toe aan de beleving waardoor de vis of visdag juist méér waard wordt. Tekst & foto’s Pieter Beelen Het mooie van vissen is dat spanning en ontspanning elkaar afwisselen. Als je een target zet in de vorm va...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Tien Feedertips

Maak het vissen makkelijker Om de komende maanden goed beslagen aan de waterkant te verschijnen, heeft Belgisch topvisser Frank van Waelderen, tevens lid van het internationaal feederteam, 10 nuttige feedertips voor je op een rij gezet. We volgen hem tijdens een visdag naar het Limburgse Lateraalkanaal. Tekst & foto’s: Frank van Waelderen TIP 1 PERFECT OPGESPOELD Als ik een molen opspoel met een gevlochten hoofdlijn, dan wil ik dat deze perfect gevuld is, niet te veel, maar ook niet te weini...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Matchvissen met de vaste montage

Met name in de winter wordt vaak gericht op voorns gevist, meestal in een van de vele jachthavens in ons land. Bijna altijd vist men met de vaste stok. Prima, daar is niets mis mee. Toch zijn er ook momenten dat het vissen met de matchhengel op dit soort wateren bijzonder effectief kan zijn. Jan van Schendel streek neer aan het havenkanaaltje in Dinteloord en laat het gebruik van de zogenaamde vaste montage zien. Tekst & foto’s Jan van Schendel Vissen zijn absoluut niet gek. Sterker nog, ze ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Tips & Tricks: ‘Over de streep lokken’

(uit: BEET december 2019 – ‘Ongewone montages’)

Jan van Schendel:

“Als je de vissen kunt aanlokken en laten azen, dan ben je er nog niet. In uitzonderlijke situaties (heel veel vis) kun je simpelweg je haakaas aanbieden op de diepte waar die vissen zwemmen. Echter, veel vaker zal je door zo te vissen amper of helemaal geen aanbeet krijgen. Al het aas dat je voert zinkt langzaam door het water naar beneden, behalve het aas aan de haak… Het lijkt me logisch dat zo’n stil in het water hangend aas argwaan opwekt bij de vissen: het haakaas wordt niet gepakt. De enige uitzondering is wanneer er een soort van voedselnijd ontstaat. Dan overwint de eetlust van de vissen soms hun aangeboren argwaan. Het creëren van voedselnijd kun je bereiken door verstandig te voeren, hoeveelheid is het sleutelwoord! Je moet te weinig voeren om alle aanwezige magen te vullen, echter ook net genoeg om de vissen op de visplek te houden. Daarnaast is het zoeken naar de juiste aasaanbieding. Het haakaas moet je zo natuurlijk mogelijk tussen het andere naar beneden zakkende aas aanbieden.

 

Gedoseerd voeren voorkomt dat de vis je haakaas negeert, en creëert voedselnijd…

Nu zijn we weer terug bij het onderwerp van dit artikel; de juiste aasaanbieding is alleen te bereiken door de loodhageltjes op de juiste manier over de lijn te verdelen. Vaak dien je bij deze techniek een zo licht mogelijk dobbertje te gebruiken. Hoe meer lood op de lijn, des te sneller alles naar beneden zinkt. Mijn advies? Gebruik nooit al te grote hageltjes! Gebruik er liever wat meer die kleiner zijn en verdeel de hageltjes goed over de lijn. Zorg er altijd voor dat het onderste loodhageltje tegen de lus zit van de onderlijnbevestiging. Alleen wanneer je echt geen aanbeet weet te krijgen, terwijl je weet dat de vissen er wel zijn, kun je de montage veranderen, bijvoorbeeld door alle loodjes wat verder van de haak te schuiven. Maar pas op: hoe verder de loodjes van de haak zitten, des te groter de kans op gemiste aanbeten. Gebruik hier al je visverstand! Met name nu komt het aan op zo goed en effectief mogelijk vissen. ”

 

IJsvissen: alleen als het ijs- en ijskoud is…

Nu de meeste viswateren bevroren zijn en er boven de vissen schaatsers over het ijs zwieren, zijn er toch sportvissers bij wie het kriebelt; zij gaan ijsvissen! Mark Fekkes is zo iemand. Hij hoopte stiekem weer op een flinke vorstperiode omdat het immers zo lang geleden was. Maar nu is het weer zover; Mark wordt op zijn wenken bediend, en dus praat hij ons even bij over het ijsvissen…

 

Ze zitten er echt hoor…

 

Niet in het vet

Het is niet zo dat ik ieder jaar op een laag dik ijs te wachten, want het vissen vanuit de boot of in de winter vanaf de kant met wat kunstaas zwiepen, is dan even niet meer mogelijk en dat doe ik maar wat graag. Echter, de keren dat er ijs lag dat veilig te betreden was, zette ik de hengels niet in het vet, maar ging er juist op uit. Mocht het onverhoopt nog gebeuren, dan heb ik een aantal tips voor jullie.

 

TIP 1: BLIJF WARM

Om te beginnen is het aan te raden om een goed warmtepak aan te trekken. Heb je dit niet, draag dan in ieder geval thermo-ondergoed en dikke kleren. Het liefst meerdere laagjes over elkaar, dit isoleert beter dan één dikke trui. Draag ook goed geïsoleerde schoenen of laarzen. Het liefst snowboots en let er op dat je laarzen met een dikke zool koopt. De kou trekt namelijk vanuit het ijs omhoog naar je voeten. Hoe dikker de zool, des te langer het duurt voordat je koude voeten krijgt. Neem ook een handdoek mee om je handen te drogen nadat je een vis hebt onthaakt. Wanneer je handen nat zijn passen ze minder makkelijk in een handschoen en blijven ze langer koud. Eventueel kun je handwarmers meenemen. Heb je deze niet dan kan je ook altijd een thermosfles vullen met lauw/warm water en deze over je handen gieten om ze op temperatuur te laten komen.

 

TIP 2: VEILIGHEID

Het spreekt voor zich dat je alleen het ijs op gaat wanneer het dik genoeg is. Als je het ijs nog niet helemaal vertrouwt, zeker wanneer je in je eentje gaat, neem dan een touw mee. Bind dit aan jezelf vast en het andere eind aan een boom, paal of iets anders stevigs op de kant. Als je door het ijs zakt kun je jezelf er weer uit trekken.

 

TIP 3: IJSBOOR, ZAAG OF BIJL?

Als je een gat moet maken, dan is een ijsboor één van de belangrijkste hulpmiddelen. Koop meteen een goede, bijvoorbeeld van Rapala. Hiermee ben je veel sneller door het ijs dan met een boor van de goedkope merken. De mesjes van de betere merken blijven ook veel langer goed. Wanneer je een groter gat moet maken, bijvoorbeeld voor het snoekvissen, dan kun je een zaag meenemen om het wak groter te zagen. Enkel wanneer het ijs erg dik is kan je een bijl gebruiken. Een bijl heeft namelijk als nadeel dat het ijs kan splijten wanneer je hier op slaat. Aangezien jij op het epicentrum van het hakken staat kan dit gevaarlijk worden! Ik heb de beste ervaringen met een hamer met houtbeitel. Met deze beitel kom je snel door het ijs en kan je makkelijk het formaat van je wak bepalen. Neem daarnaast een lepel met gaten (schuimspaan) mee om ijsgruis uit het wak te halen. Leg dit ijsgruis niet op het ijs, maar doe dit in een emmer! Wanneer je het op het ijs legt vriest het snel vast en ontstaat er een bobbel waar jij en ook schaatsers over kunnen vallen. En pak de schuimspatel nooit met natte handen vast op het metalen gedeelte. Voor je het weet vriezen je vingers er aan vast…

Tot zover een deel van het artikel over ijsvissen dat komende week rond 16 februari zal verschijnen. Wil je deze februari-editie als los nummer in het vooruit bestellen? Dat kan: klik hier voor de bestelwijze. Met een abonnement zit je natuurlijk altijd eerste rang. Wil je een voordelig abonnement? Klik hier.

 

 

In Beet: koude kopvoorns & kaasfanaten

Bij heel veel specimenvissers heeft de kopvoorn een speciaal plekje verworven. Niet gek natuurlijk. Dat komt vooral vanwege de prachtige uitstraling van deze omnivoor en natuurlijk vanwege het feit dat deze sluwe vis niet altijd even makkelijk te vangen is. Daar ligt de uitdaging. De najaar- en winterse kopvoornvisserij van Leon Haenen is een van de meest simpele visserijen die je maar kunt bedenken, maar tevens luistert deze visserij volgens hem heel nauw. Zeker met helder winterwater. In Beet magazine een artikel hierover…

Dropshot?

In dit artikel geef ik mijn visie op de wintervisserij op kopvoorn; aassoorten, montages en technieken. Afgelopen twee jaar heb ik uitermate veel en vaak getest met een voor de kopvoornvisserij andere, nieuwe aanpak die ik regelrecht vanuit de roofvisserij heb ‘gestolen’. Ik ken verder niemand die met de dropshot techniek op kopvoorn vist. Huh…? Ja, met een dropshot techniek! Ik heb in de loop der jaren een specialisme ontwikkeld richting deze vis. Ik heb er een speciale uitrusting voor op de plank liggen die regelmatig gefinetuned en verder verbeterd wordt. Met mijn kopvoornvisserij heb ik goede resultaten geboekt. Enorme resultaten! Maar aan de andere kant ook enorme teleurstellingen voor de kiezen gekregen, zoals visloze dagen die me vaak frustreerden. Die frustratie kwam vaak voort uit het feit dat het leek alsof alle omstandigheden top waren. Op ‘de tekentafel’ wel verstaan, want in de praktijk ging ik vaak met nul vissen op de teller naar huis. Ik herinner een dag met maar liefst een stuk of 15 aanbeten waarvan er niet een bleef hangen… en anderzijds waren er dagen van 10 stuks op een ochtend.

 

Kaasje voor de kopvoorns…

 

Er zijn dagen dat die duivelse kopvoorns alle schroom verliezen en dat resulteert vaak in niet te missen aanbeten. Vraag me niet hoe dat werkt, maar het is wel zoals het is. Tijdens goede, maar ook tijdens slechte dagen, kijk ik altijd naar luchtdruk, maanstand, windrichting en (water) temperatuur, maar daar lijkt niet echt een peil op te trekken.

 

Instant visserij

De visserij op kopvoorn is er een van meters maken. Het is zinloos om een hele dag op één plek op kopvoorn te vissen. Het kan wel, maar het levert vaak niet het optimale resultaat. Kopvoornvissen werkt het beste als je voor jezelf een stuk of vijf stekken op een dag uitzoekt en die wellicht twee maal bezoekt. Voor mij werkt dat top. Heel vaak komen de aanbeten heel snel nadat je gestart bent met vissen. Ik geef een stek maximaal een uur, tenzij er regelmatig aanbeten komen. Er bestaan stekken waar je meerdere exemplaren kunt vangen, maar de meeste stekken leveren per keer een of twee kopvoorns op, tijdens een topdag welteverstaan… Juist vanwege het feit dat ik een keer of tien op een dag verkas (vijf stekken tweemaal) heb ik vaak een authentieke, zogenaamde ‘roving-set’ bij me. Een rugzakje met een heel licht stoeltje, een bankstick, hengel en een schepnet. Ik neem enkel mee wat ik echt nodig heb. In de rugzak zit een doos onderlijnen in verschillende uitvoeringen, wat loodjes, een paar korven en wat klein materiaal…

 

 Abonnement

Tot zover dit artikel dat je in zijn geheel kunt lezen in de Beet die nu in de winkel ligt. Met een abonnement heb je de Beet natuurlijk elke keer als eerste in huis. Om de Beet februari (verschijnt half februari) in huis te krijgen als los nummer (geen abonnement) kun je hier klikken.

 

Maden als troef

WINTERS TOPAAS! De bijtlust in de winter is vaak minimaal, daarom schotelen veel karpervissers de vis maar een klein hapje voer voor. Een van de meest effectieve aassoorten voor in de wintermaanden zijn maden! In dit artikel laat Paul Garner enkele van zijn madenmontages zien. Er zit er vast eentje bij die op jouw water al het traditionele haakaas er met gemak uit vist! Tekst & foto’s Paul Garner Als je in Engeland een ronde zou maken langs de gemiddelde goedbezette karperput, dan zal je zie...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


De Black Mirror

De jacht op Hollands grootste  In 2016 zie ik voor het eerst beeldmateriaal van de welbekende Nederlandse gigant. Nieuws dat inslaat als een bom. Maar het is pas nadat Darrell Peck in het daaropvolgend voorjaar beelden van zijn geweldige vangst de wereldwijde karperwereld in lanceert, dat ik enig onderzoekwerk verricht. Algauw heb ik een vermoeden in welke regio de vis moet leven, maar de exacte locatie van de plas kom ik pas te weten in de zomer van 2018. Jammer genoeg weet half karpervissend N...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


De Rhône

Bikkelen aan de rivier  Een uitstapje naar het buitenland heeft steeds een extra gouden randje. De lange autorit zorgt voor een opbouwende spanning naarmate je verder van huis bent. Er zijn duizenden opties mogelijk en iedereen zoekt zijn eigen weg, met zijn eigen doel of target. Of het nu een groot meer is, een pittoresk kanaaltje of een mooi betaalwater, ieder doet zijn ding. Zelf heb ik ook een behoorlijk parkoers afgelegd en ben uiteindelijk verstrengeld geraakt aan de magie van de sterk str...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Stadskarpers

Bij dit soort schilderijen is het gewicht totaal niet van belang.

4 maanden onder een brug De ondertitel van dit artikel refereert niet aan daklozen die noodgedwongen soms een beschutte brug als hun onderdak moeten nemen. Nee, in dit geval gaat het over mijn tweede huis, waar ik in de herfst al mijn vrije dagen doorbracht. Om op karper te vissen! Bruggen bieden niet alleen onderdak en beschutting, maar brengen ook een aantal kenmerken met zich mee die echt interessant kunnen zijn om als karpervisser nader te onderzoeken. Zeker op een rivier! Tekst & foto’...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Knopendans

Een vis met mijn naam erop Tja, de ene keer valt het muntje op kop, in je voordeel, de andere keer op munt, in je nadeel. Maar soms maakt het niet uit hoe het muntje valt, dan kan je gewoon niet verliezen. Dan staat je naam er met dikke letters op geschreven. Tekst & foto’s Edwin Wouters Ik zit de afgelopen weken goed op de vis. Door veel en regelmatig te voeren houd ik de vissen actief hier voor de deur. En apart, deze periode ook veel vis overdag. En er is in mijn ogen niets mooiers dan ge...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Gerechtigheid

Alles of niets! Met mijn 160 cm lange Proline bootje draai ik het grote water op. De oostenwind is veel steviger dan verwacht en de tocht naar de stek is verre van verantwoord. Golven slaan over de boot en alles is zeiknat als ik op de plek aangekomen ben. Geen goed begin van deze sessie, die bovendien nog uitdraait op een blank… Tekst & foto’s: André de Wit Dit is natuurlijk niet de enige keer dat er van alles fout gaat. Iedereen kent dat wel: tijden dat alles goed gaat en je schijnbaar nie...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Een nieuw begin

Als het thuis maar goed zit Het is begin januari 2020. Na een aantal jaren hard gewerkt te hebben als beginnend zelfstandig ondernemer, krijgen mijn vrouw en ik groen licht voor een hypotheek en mogen wij ons zelf de trotse eigenaren noemen van een prachtige woning. De sleutel krijgen wij in maart en begin april zullen wij verhuizen. Wat betekent dat wij een drukke tijd tegemoet gaan, want er zal een paar weken behoorlijk geklust moeten worden aan onze nieuwe woning. Mijn vader is goud waard, wa...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Visweekend – RCN De Potten

Drie dagen Friesland

Even een moment ertussenuit gaan stond al een tijdje op ons verlanglijstje. Omdat vissen nu eenmaal hoort bij een paar daagjes ontspanning, moest die mogelijkheid er ook zijn. De keuze voor Friesland was dan eigenlijk ook zo gemaakt. Eerdere bezoekjes aan de provincie zonder hengel hadden hier de nodige invloed op. De keuze viel op de omgeving Sneek, waar naast het Sneekermeer en het Prinses Margrietkanaal ook volop ander water in de buurt ligt.

Tekst & foto’s Arjan Klop

Naast het vissen is het natuurlijk belangrijk dat er ook andere uitstapjes mogelijk zijn. RCN De Potten in Offingawier paste precies in het plaatje met Sneek op slechts enkele kilometers afstand.

RCN de Potten
Je kunt zo vanuit je huisje gaan vissen… maar dan wel met wat beter weer!

Bij aankomst worden we aangenaam verrast met een prachtig uitzicht over het meer vanuit ons verblijf en een boodschappenmand vol lekkers. Bij het zien van al dat prachtige water kan het dus niet lang uitblijven om te gaan vissen. Vanwege de harde wind valt de keuze op de passantenhaven aan de overkant van het park. Dat blijkt een perfecte keuze, want we zitten er lekker beschut en krijgen volop beet van voorns en zelfs enkele brasems. In de verte rollen grote golven over het meer, terwijl wij met fijn materiaal en lichte dobbers de ene na de andere vis binnenhengelen. Die golven zouden het vissen de volgende dag vanuit de boot niet eenvoudig maken…

Gelukkig kunnen we de afspraak met Jeroen Kok van Predator Fishing Holland een dagje opschuiven, zodat we met veel beter weer kunnen uitvaren. De uitnodiging om enkele uren in de stad van Sneek te komen streetvissen slaan we niet af.

 

Streetvissen

Inmiddels is het avond en de hoogste tijd om te gaan eten. De diverse restaurants in de omgeving en op het park zijn helaas gesloten. Maar de geweldige bezorgservice van het parkrestaurant stilt onze honger direct met heerlijke menu’s.

De volgende ochtend worden we wakker met een prachtige zon boven het water, die bijna zou doen vergeten dat het al herfst is. Omdat we nog enkele uurtjes tijd hebben, kunnen we mooi de speurtocht over het park maken. Als we om 11 uur aankomen op de afgesproken plaats in hartje Sneek, heeft Jeroen al een snoekbaarsje gehaakt. Na een stukje uitleg van deze visgids, gaan wij ook aan de slag. Het geconcentreerd vissen in zo’n drukke stad valt niet mee. Er is van alles te zien en te horen, maar toch weet Julia al snel een leuke baars te vangen. De glimlach op haar gezicht spreekt boekdelen.

Julia is maar wat blij met haar baars!

Streetvissen in Sneek…

Tijdens het vissen blijkt wel dat Sneek een stadje is dat veel gezelligheid biedt met zijn vele winkeltjes en terrasjes. Na een paar uurtjes het stadswater te hebben uitgekamd en diverse baarzen te hebben gevangen, gaan we terug naar het park. Eigenlijk wil ik graag even met de feeder op het meer gaan vissen, echter de harde wind en dreigende lucht brengen ons naar de midgetgolfbaan, waar we met veel plezier de middag afsluiten.

Vaarfeest!

Een paar daagjes van huis vinden de kinderen altijd wel erg leuk, maar als er dan ook nog een vaartocht met een echte visboot op het programma staat, is het helemaal feest. Wanneer we de volgende ochtend de gordijnen opendoen, hangt er een dikke laag mist boven het water. Dat is even een domper… Zo kunnen we niet varen. Dan maar even gaan voetballen in de grote voetbalkooi. Op het moment dat een waterig zonnetje verschijnt en we naar ons huisje teruglopen, komt Jeroen al aanvaren! Perfecte timing en we zitten zo in de boot met z’n allen. Het plezier is van onze gezichten af te lezen en wanneer Milan even het stuur mag overnemen is het hek van de dam. Varen met een echte boot, dat is pas echt gaaf!

Varen met een echte (vis)boot, dat is pas echt gaaf!

Inmiddels is de zon lekker gaan schijnen en is het de hoogste tijd om Danielle en kinderen weer af te zetten en het grote water op te gaan. Er verschijnen een paar zeer beteuterde gezichten. Niemand wil al van boord… Op dat moment komt Jeroen met een uitstekend plan: We kunnen ook even gaan trollen op snoek richting Sneek, dan kan iedereen lekker mee genieten. Dat valt in goede aarde. We varen langs prachtige rietkragen, afgewisseld met oude en nieuwe huizen. Het is prachtig om te zien dat water in Friesland een essentieel onderdeel en verrijking is in het dagelijkse leven. De vele haventjes, aanlegsteigers en vakantieverblijven aan het water maken dit gebied zo aantrekkelijk.

Dan opeens helemaal uit het niets een keiharde aanbeet op een van de hengels! Maar voor we de kans hebben de hengel te grijpen, is de vis alweer los… Gggghrrrrrr, gemist.

De vele haventjes, aanlegsteigers en vakantieverblijven aan het water maken dit gebied zo aantrekkelijk.

Snoekbaars hotspot

Inmiddels zitten we al veel langer op het water dan gepland en beginnen we honger te krijgen, tijd om terug te gaan. Het is al 2 uur in de middag als we na een snelle hap alsnog het grote Sneekermeer opvaren. Terwijl de kids nu achterblijven, komt de jonge sportvisser Jort aan boord. Ook hij verblijft op het park en is maar wat enthousiast als Jeroen hem meevraagt op de boot. Werpend vissen we diverse stekken af langs de kant op baars. We krijgen diverse beten, maar de vis aast moeizaam. Dan gaan we naar de sluis van het PM-kanaal. Hier is het tot wel 4 meter diep en staat bekend om zijn snoekbaarsvangsten. Het duurt niet lang voor de eerste snoekbaarsjes aan boord komen. Dan opeens roept Jort: “Dit is hem, ik weet het zeker!” Zijn hengeltje staat behoorlijk krom, om vervolgens de grootste snoekbaars van de dag te vangen. Hij glundert van oor tot oor!

Jort is maar wat blij met zijn snoekbaars!

Het is tijd om terug te gaan en tijdens het varen worden we nog even getrakteerd op een hagelbui en een prachtige regenboog. Wat is buiten zijn en genieten van de natuur toch mooi en eigenlijk heb ik helemaal geen zin om naar huis te gaan.

Genieten van een prachtige regenboog op de weg terug.

De drie dagen zijn werkelijk omgevlogen en we hebben met z’n allen erg genoten. De intrede van de herfst en de coronamaatregelen maakten diverse geplande uitstapjes niet mogelijk. De diverse restaurants, de ‘11fountains’ wandelroute en de Waterpoort in Sneek zijn zomaar enkele redenen om in de zomer terug te komen. Dit gaan we op zeker doen!

RCN De Potten, direct gelegen aan het Sneekermeer, is een uitgesproken waterpark. Van alle kanten omsloten door water en natuur met volop gelegenheid om te genieten van de schoonheid van de omgeving. Een paradijs voor vissers en watersportliefhebbers. Check: RCN de Potten

Elburg – Wintervis Mekka

Mandy en Twan Swart behoren allebei tot het groepje jonge ‘topvissers in de dop’. Dat is best bijzonder voor een tweeling. Ze wonen niet zo ver bij me vandaan en ik vind het altijd prachtig om te zien hoe snel ze zich verder ontwikkelen. We hadden al een tijdje geleden afgesproken om een keer een dagje naar Elburg te gaan, het ‘Mekka’ van de Nederlandse jachthavenvisserij. Nu kwam het er eindelijk van en we hadden werkelijk geen mooiere dag kunnen uitkiezen! Tekst & foto’s Jan van Schendel T...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Wintersnoeken met doodaas

Wanneer de R in de maand komt, begint ons snoekhart harder te kloppen. De temperatuur daalt en de lichturen worden beetje bij beetje minder. De grote migratie van aasvissen komt langzaam op gang naar de winterspots. Voor ons de tijd om met doodaas achter de metersnoeken aan te gaan! Tekst & foto’s: Sebastiaan Barendrecht en Jelle Kalter Dat scholen van de aasvis op de winterstekken kan, zeker gezien vanaf september, enige tijd duren. Tot die tijd is het bepalen van de route en mogelijkheid o...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Koude Snoek met de Streamer

Zo nu en dan zie je er één, meestal in de polder; een vliegvisser die aan het snoeken is. Prachtig gezicht, dat zeker. Maar vangen ze eigenlijk wel wat? Over vliegvissen wordt wel gezegd ‘dat het de mooiste manier is om weinig te vangen’. Grote flauwekul, in de prullenbak ermee! Vliegvissen op snoek is geweldig en vanuit de bellyboot nog mooier. En de actie van een streamer? Dodelijk effectief! Tekst: Michiel Dekker Foto’s: Arnold Koning, Stefan Schipper, Edwin Kerssies en Michel Dekker We schri...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Streetfishing Utrecht

Rovers van de Domstad Het is allang geen geheim meer dat de wateren in en rond Utrecht rijk aan roofvis zijn. Visrijke plassen, de polder en natuurlijk ook de stadswateren. Eigenlijk alles wat rooft en tanden heeft, kun je in hartje Utrecht verwachten. We gingen een dagje op pad met Derek Drabbe; de geboren Utrechter én Nederlands kampioen streetfishing is de ideale gids voor een dagje Domstad. Tekst & foto’s redactie Op het dagmenu staan voornamelijk de singels en daarmee in verbinding staa...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Winterse Hotspots

DUTCH MASTERCLASS (58)  Deze keer in de Masterclass niet het gebruikelijke spel van vraag en antwoord. Speciaal voor de mensen die ook graag in de winter blijven vissen, neemt een drietal feeder-experts ons mee naar één van hun favoriete winterstekken. Zij leggen graag uit wat je hier kunt verwachten en geven je praktische tips om succesvol aan de slag te gaan. Edgar Kuus vist het liefst op het Amsterdam-Rijnkanaal, Theo Leijrik reist naar het hoge noorden en Martijn Kroes weet dat je op de plas...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Koude Kopvoorns

Kaasfanaten Bij veel specimenvissers heeft de kopvoorn een speciaal plekje verworven. Niet gek natuurlijk. Dat komt vooral door de prachtige uitstraling van deze omnivoor en het feit dat deze sluwe vis niet altijd even makkelijk te vangen is. Daar ligt de uitdaging. Mijn najaar- en winterse kopvoornvisserij is een van de meest simpele visserijen die je maar kunt bedenken. Maar tevens luistert deze visserij mijns inziens heel nauw. Zeker als deze zich gaat afspelen in helder winterwater. Tekst: L...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Winterbliek en Brasem

Winterbliek en brasem op de korte lijn Aan de overzijde van Het Kanaal strijkt witvissend Engeland in de winter neer op commercials. Visvijvers die niet enkel karpers bevatten, maar ook behoorlijk wat witvis in de vorm van bliek, brasem en voorn. Een tendens die je bij ons ook steeds vaker terug gaat zien. Specialist Jordan Holloway deelt zijn ervaringen met ons. Tekst & foto’s Jordan Holloway Het witvissen op visvijvers, vanaf de late herfst tot diep in de winter, wordt de laatste jaren met...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Feeder en Vaste Hengel

VAN ELKAAR LEREN FEEDER EN VASTE HENGEL Vandaag is niet zozeer de vraag ‘feeder of vaste hengel?’, maar omarmen we juist het beste van deze twee werelden. Elke techniek heeft zijn kwaliteiten en tekortkomingen, maar tezamen vullen ze elkaar perfect aan. Behoren beide technieken tot je repertoire, dan word je daar een betere visser van en ga je meer vangen. Daar kunnen Lucien de Rade en Danny Flipsen ons alles over vertellen. Tekst & foto’s redactie Achteraf gezien was het een beetje een gok ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Vissen met elastiek: soepel laten lopen

Verreweg de meeste witvissers gebruiken tegenwoordig op de één of andere manier elastiek door het topdeel van hun hengel. Of nog beter, door de eerste twee delen van de vaste hengel. Vissen met elastiek; er geen betere manier ook de grootste gehaakte vissen veilig te kunnen landen met de vaste hengel.

VEEL GEMAAKTE FOUT: ELASTIEK HANGT ER UIT

Hoe vaak zie je het niet als je langs het water loopt? Bij zo veel vissers hangt er tijdens het vissen een stukje elastiek buiten de hengel. Echt niet te geloven!

De reden ervoor is eigenlijk heel simpel. Heel vaak is de binnendiameter van de hengeltop maar net ietsje groter dan de elastiekdiameter, waardoor het geheel gaat opstroppen. Het resultaat is dat het gebruikte elastiek gewoon niet meer maximaal werkt.

HOE LOS JE DIT OP?

Door simpelweg de hengeltop iets verder in te korten los je dit probleem op. Soms is er ook een andere reden en dat is dat de binnenzijde van de hengeltop vochtig blijft en/of iets vervuild is geraakt. Even thuis alles goed schoon maken en dat probleem is ook weer opgelost.

GEBRUIK HAIRCONDITIONER

Er zijn allerlei producten in de handel die je in de hengeldelen kan spuiten. Deze helpen om het gebruikte elastiek soepel door de hengeldelen te laten lopen. Ik heb ze ook altijd gebruikt en op zich is er helemaal niks mis mee. Enkele jaren geleden kreeg ik eens de tip om hairconditioner te gebruiken en vanaf dat moment heb ik nooit meer iets anders toegepast.

vissen met elastiek
Hair conditioner in sterk verdunde vorm is ideaal voor het geleiden van de elastiek in de hengeltop.

NIET PUUR GEBUIKEN

Wel heb ik de dosering ervan behoorlijk aangepast. Daarmee bedoel ik dat ik het meer en meer verdund ben gaan gebruiken.

Je kan hairconditioner niet puur gebruiken; dat wordt een viezigheid in de hengeldelen wat er in resulteert dat het allemaal juist contraproductief gaat werken. Bovendien wordt het elastiek zo glad dat je er geen knoop meer in kan maken zonder dat je die knoop meteen weer los trekt.

vissen met elastiek
Het originele product. Zo is het niet te gebruiken. Ik gebruik het tegenwoordig in een dosis van minimaal 95% water en 5% conditioner.

WELKE MIX?

Ik heb het nooit precies nagemeten, maar ik denk dat de vloeistof die ik tegenwoordig gebruik misschien bestaat uit 95 of 98% water en hooguit dus nog enkele procenten conditioner, dat ik eerst heb opgelost in warm water. Dat water koelt vanzelf af natuurlijk maar het is belangrijk voor het oplossen van de conditioner, dat veel dikker is.

HOEVEEL GEBRUIK IK?

Je mag gerust behoorlijk veel van het opgeloste eindproduct gebruiken. Ik zou zeggen, bij twijfel nog iets meer. De vloeistof moet over de gehele lengte van het elastiek zijn verdeeld en aan het topeinde mag er gerust wat vloeistof uit de hengeltop lopen.

Als daarna tijdens het vissen de elastiek toch eens iets gaat opstroppen voeg ik gerust nog iets meer toe. Een ding is zeker, mijn elastiek werkt altijd maximaal en geloof me, daarmee voorkom je zo veel verspeelde vissen.

ELASTIEK SOEPEL – STAP VOOR STAP

vissen met elastiek
STAP 1. Haal de topdelen uit elkaar.
vissen met elastiek
STAP 2. Wees niet te zuinig! Bij twijfel nog iets meer toedienen!
vissen met elastiek
STAP 3. Schuif de topdelen weer in elkaar.
vissen met elastiek
STAP 4. Het beste bewijs dat de conditioner-mengeling over de gehele elastieklengte in de hengeltop is verdeeld. Ik laat altijd wat uit de hengeltop lopen

 

MEER WITVIS TIPS & TRICKS? BEKIJK ZE HIER!

Winterstek: Schagen

Noord-Hollandse hotspot Wanneer het kouder wordt, trekt een groot gedeelte van het visbestand, met name voorn, naar warme en beschutte plekken om hier de winter door te brengen. Vooral (jacht)havens zijn in de wintermaanden echte hotspots voor wie grote aantallen wil vangen. Anja Groot is in de winter regelmatig terug te vinden in verschillende havens. Hoe pakt zij hier deze visserij aan? Tekst & foto’s Anja Groot Verspreid door Nederland zijn er tal van havens die in verbinding staan met gr...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Winterbaars

Wispelturig en kieskeurig De watertemperatuur op de rivierplassen is onder de 10 graden gedoken. Dat is het sein voor baars om in wintermodus te gaan. Dat betekent niet dat er niets meer te vangen is: integendeel! Tekst & foto’s: VisTD In het septembernummer van Beet hebben we jullie onze inzichten gegeven in de baarsvisserij in de vroege en late herfst. De echte topmaanden voor baars wat ons betreft. We zijn deze periode inmiddels voorbij en we staan aan het begin van de koudere winterperio...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Dode pinkies

Je ziet tegenwoordig steeds meer vissers die voeren met ‘niet bewegend’ aas in hun voer. Met name het gebruik van dode pinkies zie je steeds vaker. Hoe maak je dode pinkies en hoe bewaar je deze het best?

Als je erover nadenkt dan is zoiets ook heel logisch natuurlijk. Vooral wanneer je bedenkt dat op de bodem van vrijwel ieder water altijd wel wat slib ligt, waarin levend aas heel gemakkelijk kan weg kruipen en daardoor onzichtbaar wordt voor de in de buurt rondzwemmende vissen.

Die vissen kunnen absoluut dat aas weer wel vinden. Zeker de echte bodemazers die het gewend zijn om hun aas daar te vinden maar de visuele aantrekking ervan is helemaal weg.

HET AAS OP DE BODEM

Casters bewegen natuurlijk niet, wormen die in stukken zijn geknipt bewegen nog wel een tijdje, maar in de bodem kruipen die ook niet meer. Kortom, de aassoorten die het meest bewegen zijn maden en pinkies.

Nu worden er in Nederland niet zo heel veel maden meegevoerd. Maar pinkies gebruikt vrijwel iedereen. En juist die zijn perfect voor een vissessie dood te maken op een manier dat ze exact er uit blijven zien als hun levende soortgenoten en waarbij het enige verschil is dat ze niet meer bewegen.

HOE MAAK JE DODE PINKIES?

Er zijn verschillende manieren om pinkies te doden.

  • Je kunt ze bijvoorbeeld invriezen. Het nadeel daarbij is echter dat wanneer ze ontdooid zijn ze meteen bruin gaan kleuren.
  • Een andere manier is om ze in een plastic zakje (waaruit alle lucht is geperst) te laten stikken. Nadeel hier is dat gestikte pinkies er toch vaak anders uitzien omdat ze helemaal zijn uitgerekt.
  • De voor mij absoluut meest simpele en ook meest snelle manier is om ze te doden met bijna kokend water. Wel moet je dat doen op de goede manier, anders kook je ze en dan zien ze er echt niet meer uit zoals dat heet.

DE BESTE MANIER

  • Eerst moeten de pinkies worden afgezeefd zodat eventuele vellen weg zijn.
  • Daarna moet je ze even ontdoen van al het zaagsel of ander meel waarin ze kruipen. Zelf spoel ik de pinkies dan altijd nog even extra met een heel fijnmazig zeefje waardoor ze echt helemaal schoon zijn. ‘
  • De volgende stap is om ze daarna onder een laagje lauw water te zetten. Zorg er altijd voor dat je hiervoor een ruime bak gebruikt.
  • Om nu de pinkies dood te krijgen hoef je nu alleen maar voorzichtig en al roerend bijna kokend water toe te voegen. Zo verwarm je natuurlijk het water waarin de ze al kropen steeds meer tot het moment dat de hitte te groot wordt en ze binnen enkele seconden allemaal sterven.
  • Meteen daarna moeten de dode pinkies weer worden afgekoeld door er meer koud water aan toe te voegen. Nu kun je de pinkies weer afgieten, ze in volledig koud water zetten en in een koelkast of in ieder geval op een koele plek bewaren.

DODE PINKIES STAP VOOR STAP

dode pinkies hoe wat
Dit heb je nodig om op de goede manier pinkies dood te maken. In de aasbak zit koud water, in de thermoskan zit warm maar niet kokend water.
dode pinkies hoe wat
Eerst de pinkies over een zeef laten lopen. Daarna ze even afspoelen om ze maximaal schoon te kunnen toevoegen aan het koude water.
dode pinkies hoe wat
Daarna de pinkies in het koude water al roerend overgieten met het warme water totdat ze niet meer bewegen. Dat gebeurt binnen enkele seconden.
dode pinkies hoe wat
Hierna al het water afgieten en zo snel mogelijk de nu dode pinkies in koud water zetten.
dode pinkies hoe wat
Zo bewaar je ze het best. In een dicht gesealde zak in water in de koelkast.

ZO OOK MET MADEN

Maden kun je op exact dezelfde manier doden trouwens. Daarmee wordt misschien niet zo heel vaak gevoerd (hoewel daarmee absoluut niks mis is) maar dode maden (en ook soms pinkies) aan de haak kan vaak perfect werken. Groot extra voordeel daarbij is dat je vrijwel nooit vissen zal verspelen omdat de made dubbel op de haak zit. Probeer het eens!

MEER WITVISTIPS? BEKIJK ZE HIER!

Alles over hakenstekers en onthaken

Het gebruik van hakenstekers is absoluut noodzakelijk in onze sport. Hoe graag we ook allemaal zien dat het haakje keurig in de boven- of onderlip van iedere gevangen vis zit, komt het gewoon soms voor dat zo’n vis het haakaas iets dieper heeft ingeslikt. Gelukkig hoeft dat geen enkel probleem te zijn.

WAT VOOR HAKENSTEKERS?

Wat mij betreft is er maar een goed type hakensteker. Namelijk het type waarbij je de vislijn door een kleine opening haalt.

hakensteker welke hoe
Wat mij betreft met afstand de beste hakenstekers. Ik gebruik ze in verschillende maten.

HOE GEBRUIK JE HAKENSTEKERS?

  • Haal de vislijn door het sleufje. Wanneer je de lijn strak houdt en de hakensteker voorzichtig richting de vissenbek schuift, dan kom je altijd bij het haakje in de vissenbek terecht.
  • Wanneer je het haakje bereikt hebt, hoef je alleen maar even de hakensteker iets verder in de vissenbek te drukken en de vis is onthaakt.
  • Daarna voorzichtig het haakje en de hakensteker uit de vissenbek halen en de vis is goed en veilig onthaakt.

STAP VOOR STAP

hakenstekers
De onderlijn schuif je via de opening in de hakensteker, waarna je de hakensteker voorzichtig de vissenbek in schuift tot het punt waar de haak zit.
hakenstekers
Met een voorzichtige drukkende beweging onthaak je de vis, waarna je de haak en de hakensteker uit de vissebek haalt. De haak blijft in de hakensteker zitten waardoor je hem onmiddellijk weer in je handen kan nemen om de haak opnieuw te beazen.

VERSCHILLENDE MATEN

Nog iets, je hebt meteen ook het haakje weer beschikbaar. Je hebt verschillende maten van dit soort hakenstekers en het lijkt me duidelijk dat je voor hele kleine visjes een kleinere maat gebruikt dan wanneer je bijvoorbeeld op brasems vist.

WAAR LAAT JE HAKENSTEKERS TIJDENS HET VISSEN?

Al mijn hele visleven lang zie ik hakenstekers die achter een van de oren zitten van de visser, of ze zijn onder hun pet gedrukt. Prima op zich, behalve wanneer je de hakensteker verkeerd aantikt en deze op de grond of in het water valt.

Ook zie ik heel veel vissers die de hakensteker in hun mond hebben. Dat is een echt modeverschijnsel, want vroeger zag ik het nooit. Nou, smakelijk zou ik zeggen, maar voor mij is dit he-le-maal niks. Ook op deze manier valt vroeg of laat de hakensteker uit je handen of mond…

AAN EEN ELASTIEKJE

Noem me maar ouderwets, maar ik gebruik altijd een stukje elastiek. Ine en lus heb ik dat om mijn nek heb hangen, met daarin verschillende maten hakenstekers. Je kunt ze zo nooit verliezen tijdens het vissen en sneller kun je de juiste maat niet vast hebben. Na het vissen rol je de elastiek om de hakenstekers en gaat alles in de viskoffer. Simpel en handig. Daar houd ik van.

hakenstekers
Tijdens het vissen hangen de hakenstekers via een oud stukje elastiek om mijn nek en voor mijn lichaam. Simpel en doeltreffend. Je kunt er op deze manier nooit een uit je handen laten vallen.

TWIJFEL? GEBRUIK DE HAKENSTEKER!

Ik weet gewoon dat iedere echte visser ook bijna altijd een natuurliefhebber is. Hij of zij gaat met respect met iedere gevangen vis om gaat, en dat moet ook echt! Juist het goede gebruik van de juiste hakenstekers helpt daar enorm bij.

Zodra je twijfelt of je een gevangen vis kan onthaken met je vingers, denk er geen seconde over na en gebruik alsjeblieft de hakensteker! Het duurt hooguit enkele seconden langer en het houdt zo’n vis in tiptop conditie. Dat wil toch iedereen die vist?

NOG MEER WITVISTIPS? BEKIJK ZE HIER!

Vissen met hennepzaad: hoe, wanneer en waarom!

hennepzaad hoe wat bereiden maken

Hennepzaad wordt heel algemeen gebruikt in de witvisserij. Bijna iedere witvisser voert er weleens mee en een kleinere groep vist er ook weleens mee als aas op de haak. Ik kan iedere witvisser ook echt adviseren om dat te doen. Niet alleen iedere witvisser trouwens. Ook in de karpervisserij is hennepzaad verantwoordelijk voor het vangen van heel wat grote karpers. Maar hoe gebruik je hennepzaad? Wanneer en waarom? En hoe moet je hennepzaad bereiden?

hennepzaad hoe wat bereiden maken
Zo ziet droog hennepzaad eruit als je het koopt.

HOE WERKT HENNEPZAAD?

Hennepzaad (hoe meer zuidelijk je komt in ons land hoe vaker er ook wordt gesproken over kempzaad) bevat enorm veel olie. Wanneer die olie in allerlei andere meelsoorten waarmee een lokaas wordt samen gesteld ‘in trekt’ zorgt dat altijd voor een extra ‘werkend’ voer waaruit eenmaal in het water heel veel voerdeeltjes opstijgen en weer naar de bodem zakken.

Ook worden die voerdeeltjes meegevoerd door de waterbeweging waardoor ze worden opgemerkt door in de buurt zwemmende vissen die vaak daarna op zoek gaan naar de bron, de aangevoerde stek dus. In heel veel commerciële lokazen wordt gemalen en/of geroosterde gemalen hennepzaad gebruikt. Het valt niet mee om hennepzaad puur te malen maar het kan wel. Ik gebruik daarvoor een kleine elektrische koffiemolen.

VISSEN MET DE HELE HENNEPKORREL

Gekiemd hennepzaad wordt ook heel vaak bijgevoerd als hele korrel. Vaak moeten de vissen er even aan wennen voordat ze er echt op gaan azen maar als ze daarmee eenmaal zijn begonnen is dat gekiemde hennepzaad absoluut het beste haakaas dat je kunt gebruiken vaak. In ieder geval zullen de aangelokte vissen niet gemakkelijk de voerstek verlaten.

hennepzaad hoe wat bereiden maken
Gekiemd hennepzaad zoals het wordt bijgevoerd. Hoe verser het hennepzaad, des te beter het zaad zal kiemen.

WANNEER VIS JE MET HENNEPZAAD?

Ik hoor vaak vissers zeggen dat hennepzaad een winteraas is. Andere vissers geloven weer heilig in het gebruik ervan in de warmere zomermaanden. De waarheid is dat je gedurende het hele jaar hennepzaad goed kunt gebruiken.

HENNEPZAAD: ALLEEN GESCHIKT VOOR VISSEN OP VOORN?

Vaak wordt hennep vooral gebruikt bij een voorn-gerichte visserij en dat soort visserij komt bij ons vaak in de herfst en winter voor. Veel vissers vergeten daarbij echter dat de aangelokte voorns vaak weer het beste lokmiddel zijn voor andere grotere vissoorten die in de buurt rondzwemmen.

Hoe vaak maak je het niet mee dat je voorns vangt die dan wel plotseling helemaal verdwenen lijken te zijn en waarna even later de eerste brasem het haakaas pakt?

HOE LAAT JE HENNEPZAAD KIEMEN?

We gaan er even vanuit dat je droge korrels koopt, dus geen kant-en-klare hennepzaad. Het kiemen van het hennepzaad is heel simpel. Je hebt alleen een pan nodig waarin je de hennep laat weken nadat je het eerst onder water hebt gezet met zo warm mogelijk water. Dat weken mag gerust 24 uur duren.

Daarna giet ik dat inmiddels koud geworden water af en overgiet ik de hennep nogmaals met warm water, waarna ik het geheel voorzichtig aan de kook breng. Eigenlijk nog beter is het om het hennepzaad te laten weken in een thermosfles, waardoor de temperatuur van het water langer behouden blijft.

Het is een beetje afhankelijk van de kwaliteit van de hennep (hoe verser de hennep des te beter) wanneer je de eerste kiemen tevoorschijn ziet komen uit korrels die gedeeltelijk open gaan.

Wanneer je echte goede hennep hebt hoef je het zelfs bijna niet meer te verwarmen omdat de kiemen al tevoorschijn kwamen na het weken. De hier omschreven manier is ideaal voor de voerhennep. Voor op de haak is dit minder geschikt omdat de kiemen te zacht zijn waardoor ze tijdens het op de haak zetten vaak van de korrel afbreken.

STAP VOOR STAP: HOE HENNEPZAAD TE BEREIDEN

hennepzaad hoe wat bereiden maken
STAP 1. Laat eerst de hennep weken in warm water in een pan . Wat nog beter werkt: stop het in een afgesloten thermoskan. Laat dit gerust 24 uur weken!
hennepzaad hoe wat bereiden maken
STAP 2. Daarna de hennep voorzichtig verwarmen, zonder het te laten koken. Je ziet vrijwel onmiddellijk de eerste kiemen ontstaan.
hennepzaad hoe wat bereiden maken
STAP 3. Na 45 minuten is vrijwel ieder zaadje gekiemd en giet je het warme water af. Meteen daarna kan je de hennep ook nog ‘schrikken’ door er koud water overheen te gieten.
hennepzaad hoe wat bereiden maken
STAP4. Dit is dus het eindresultaat, maar daarvoor heb je wel een goede kwaliteit hennep nodig!

HOE GEBRUIK JE HENNEPZAAD OP DE HAAK?

De meeste vissers nemen niet de moeite maar wanneer je hennepzaad op de haak wilt gebruiken moet je eens proberen om een kleine hoeveelheid korrels enkele dagen voor de vissessie in een vochtige handdoek te leggen op een koele plek. Die korrels gaan ook kiemen en de kiemen worden zelfs aanmerkelijk groter. Ook blijven ze harder wat ze perfect geschikt maakt als haakaas.

Ik maak me er zelf nooit zo druk over maar het valt niet mee om goed kiemende grote hennepkorrels te vinden. Hoe groter de korrel hoe slechter hij meestal kiemt. Voor de grotere korrels heb je vaak langer geduld nodig voordat ze gaan kiemen. Aan de bereidingswijze verandert verder niets.

Hennepzaad is onmisbaar wat mij betreft om vissen op wat voor manier dan ook aan te lokken en ook het vissen ermee kan heel erg succesvol zijn. Probeer het maar eens!

Wijtingkanalen

Dag en nacht kansrijk MARTIJN DEKKERS - Officieel kent Nederland vier seizoenen, maar binnen de zeevisserij tellen we er eigenlijk maar twee: het zomerseizoen en het winterseizoen. Beide met een geheel eigen karakter, eigen vissoorten en een geheel eigen groep vissers. Wintervissers hebben het vooral gemunt op schar, kabeljauw en wijting. Van die drie is de wijting tegenwoordig met stip de nummer één vissoort in de winter, ook al is dat weleens anders geweest… Zeker, je hebt fervente zomervisser...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---