Het warmere weer trekt ook veel meer mooiweer vissers naar het water. Vissers die elk een boilie in het spreekwoordelijke zakje doen. Het grotere aantal karpervisser die naar de waterkant trekt betekent ook meer voedsel (boilies) in het water, dus meer eten voor ons doelwit. Het heeft nu weinig nut om een uitgebreide voercampagne op te zetten. Beter is het om nu met goed rijk aas te gaan vissen. Een mini pop-up met misschien een klein stringertje boilies is nu de beste keuze om dressuurdoorbrekend te bezig te zijn. Maar ook dit valt of staat met de keuze van het water dat je op dat moment bevist.
42 – Uitlopen
Zoek als je gaat vissen en in dit geval instant de kant waar de zon het langst op staat te schijnen. Als het daarbij ook nog eens ondiep is en een bodem die niet al te modderig is dan is het mogelijk om je lijnen uit te lopen. Voor mij de allerbeste manier om je presentatie optima forma te presenteren. De onderlijn kan nu never nooit niet in de war komen te liggen en het is nu ook mogelijk om een langere soepele onderlijn te bevestigen die misschien met een voerboot of werpen in de war zou kunnen raken.
43 – Omwoelen
Wat ook een voordeel is van het uitlopen van je presentatie is dat je compact bij kan voeren. Als je je lijnen uitloopt, woel dan eerst eens de bodem om en deponeer dan pas je rig. De kleine stof- en modderdeeltjes die vrijkomen dwarrelen als een grote wolk op je stek. Een karper ziet dit van verre, is een nieuwsgierig beestje en zal dus snel een kijkje komen nemen. Een bijkomend voordeel is dat de neerdwarrelende deeltjes de onderlijn perfect camoufleren. Wees niet bang dat er wat op de haak valt, dit woelen doet een karper ook als hij op zoek is naar voedsel.
Wat helemaal dressuur doorbrekend is op een druk bevist water is het in de bodem drukken van je boilie. Echt waar geloof me! Als het niet wil lopen is dit zeker de moeite waard. Het kan de nodige bonusvissen opleveren, zelfs op nog geen 50 cm water!
44 – Vanuit de boot
Zomers wil het wel eens voorkomen dat de karper zich ophoudt juist daar waar wij niet bij kunnen komen. Vaak ligt de karper te zonnen tussen plompbladeren en of ander struikgewas aan de onbegaanbare overkant of kommetje, ver van alle drukte. Een boot is dan de goede oplossing. Met een boot kun je vaker dichterbij komen dan met een normale set-up vanaf de kant, ook al heb je een voerboot tot je beschikking. Er staat nu minder lijn uit dus het is nu mogelijk om een betere controle te verkrijgen tijdens de dril. Mocht je nu niet in het bezit zijn van een boot, dan is er een mooie oplossing. Tegenwoordig kun je zelfs compleet uitgeruste karperboten huren die ook nog eens voor jou op de plaats van bestemming worden gebracht. Zeker het proberen waard.
45 – Statisch in poldersloten
Iedereen heeft ze wel eens gezien, de karperboys die met hun hele hebben en houden aan een poldersloot van nog geen 10 meter breed staan. Een complete set-up staat uitgestald en de hypermoderne tent staat keurig te wapperen in de warme zomeravondwind. Dit is uiteraard iets overdone maar ook ondiepe poldersloten lenen zich prima om statisch met loodsystemen je slag te slaan. Het vraagt wel een kleine aanpassing aan de rig en loodmontage. Zo is 100 gram lood te veel van het goede en kunnen we hier goed uit de voeten met 50 gram. Als rig gebruiken we een klein pop-upje en een haakmaatje 10. Hiermee moet het lukken en je zult zien dat zelfs kleinere polderkarpers een mooie sport geven op het lichter gekozen materiaal.
46 – Pellet power
Niet alleen karper zijn gek op pellets, met name brasem lok je daarmee ook al snel op de stek. Maar op wateren met een gering brasembestand kun je je echter geen betere instant karperlokker wensen! Nu het water warmer is kun je ook heel goed olierijke vismeelpellets inzetten, die niet alleen een sterker geursignaal afgeven maar ook zorgen voor een verticaal werkend voerspoor dat omhoog stijgt. Op die manier worden ook karpers in de hogere waterlagen op het voer geattendeerd en naar het haakaas geleidt. Dus pva-zakje met pellets aan je haak prikken en ingooien maar. Bovendien voorkomt dit ook het in de war gooien van je onderlijn.
47 – Methodfeeder
Pellets zijn ook uitermate geschikt als hoofdbestanddeel van een methodmix. Giet een beetje heet water over divers soorten/maten pellets, laat het even een kwartiertje inweken en giet het resterende water af. Je zult zien dat de pellets een beetje zacht zijn geworden en je daarmee een stevige bal rond een methodfeeder kunt kneden, eventueel nog een beetje ‘aangestijfd’ met wat fijne methodmix. Eenmaal in het warme water zal de voerbal direct beginnen te werken, beetje bij beetje beginnen uit elkaar te vallen en is daarmee een prima instant vislokker! Uiterst effectief in combinatie met een (imitatie) pellet op de hair, een 15 mm boilie of twee 10 mm boilies. Maak de onderlijn niet te kort; 20-30 cm wanneer je ook grotere vissen kunt verwachten. Gooi regelmatig in en check hoelang het duurt voordat de voerbal opgelost/uiteengevallen is.
48 – Gouden combinatie
Hennep en zachte blikmais zijn en blijven een gouden combinatie waarop ontelbare karpers gesneuveld zijn. De oliehoudende hennep maakt de karpers helemaal dol en houdt de karpers heel lang vast op de voerstek, waar ze blijven wroeten tot ze het laatste zaadje gevonden hebben. Zit er vis op de stek dan is dat vaak goed te zien door de olievlekken die dan door het gewroet in het wateroppervlak uiteenspatten. Bijna net zo gek zijn karpers op zoete mais uit blik, ook daar blijven ze van vreten. De opvallend gele kleur wordt snel opgemerkt, maar kan uiteindelijk ook averechts, afschrikkend werken. Zie je dat er karper op de voerstek zit maar negeren ze je haakmais, vis dan eens een paar wormen op het hennepbedje!
49 – Spodden
Met de hoge watertemperaturen in de zomer werkt de spijsvertering snel en als de karpers gaan azen en je veel vis op de stek hebt, kun je gerust behoorlijk wat voeren. Je kunt in een keer een emmer voer op de stek kieperen en dan wachten, maar vaak beter is het om constant wat voer te brengen, door om de zoveel tijd wat boilies op de stek te schieten. Met een spod of ‘spomb’ kun je dat ook heel goed doen met particles. Wie niet vies is van een beetje werken (lees; regelmatig ingooien/voeren), wordt vaak beloond met aanbeten die regelmatig komen. Je moet de karpers aan de praat houden!
50 – Franse rivieren
Hoe lekker is het niet om in de zomerwarmte en zonneschijn relaxend achter jouw hengels te zitten? Zwembroek aan en met de voetjes verkoeling zoeken in het water..? Je als God in Frankrijk voelen. Op de Franse betaalwateren is het door de hitte in de zomer vaak krabben voor een vis. Hoe anders is het op de rivieren! In het stromende water is meer dan voldoende zuurstof en reuring en dat houdt de karpers actief. Juist in de zomer is aan de Franse rivieren veel karper te vangen. Ruim opgezette voerplekken van mais, hennep, tijgernoten in de vaargeul en in de kuilen bij de sluizen staan garant voor veel leven. Veel kleine- tot middelgrote karper, met altijd kans op een groter exemplaar. Bovendien krijg je te maken met kopvoorn, barbeel en brasem. Soms gekmakend veel! Ga je met boilies only aan de gang, dan maak je weliswaar meer kans op grote karper maar ook meer op een blank!
Het vissen met de method is vooral een techniek die voorbehouden lijkt aan visvijvers. Maar ook op openbaar water kun je deze techniek inzetten. Wanneer, hoe en waarom zou je op openbaar water gebruik maken van een method? Wij zetten de feiten en tips voor je op een rijtje! Alles over het methodvissen op openbaar water.
Feit 1. Steeds grotere vis
Of het nu gaat om rivieren, kanalen, afgesloten vijvers, plassen of wijkwateren; de laatste jaren worden deze gemiddeld genomen helderder en schoner. Het gevolg is dat er steeds minder vis zwemt. De witvis die overblijft wordt groter en groter. De method is bij uitstek een techniek om gericht op de grote vis te vissen.
Feit 2. Waterplanten
Helderder water betekend ook meer waterplanten. En daar vinden de vissen eten en beschutting. Met een traditionele feedermontage is het onmogelijk om tussen de planten te vissen. De lange onderlijn raakt verstrikt, waardoor de beetregistratie teniet gedaan wordt.
Bij het vissen met de method kun je het haakaas in het voer verstoppen. Noem eens een andere witvistechniek waarbij de montage, voer en haakaas één geheel is… Natuurlijk, als je een method midden in een plantenbed werpt, dan gaat deze weinig effectief zijn. Zo’n methodmontage kun je echter wel heel goed tegen planten vissen, of bij bodemwier inzetten.
Feit 3. Minder beet
Minder vis is ook minder beet. Het zelfhakende effect van een method is dan een groot voordeel ten opzichte van een schuivende feedermontage. Je hoeft niet meer ‘op scherp’ te zitten en een aanbeet te missen.
Feit 4. Selectief op grote vis
Een method combineer je het beste met een korte onderlijn en zogenaamd ‘modern’ haakaas. Dat wil zeggen, pellets, boilies, mais en wafters. Dit zijn vrij grote haakaasjes, vergeleken met een made of caster. Je zult merken dat het gemiddelde formaat van de vissen omhoog gaat. Je schakelt de kleinere vis uit.
Met haakaasjes van 6 en 8 mm vis je gerichter op de grote vis.
Feit 5. Dol op vismeel en pellets
Op commercials gebruik je doorgaans op de method, heel fijn grondvoer en/of pellets. Beide vaak met een hoog percentage vismeel. Niet alleen de karpertjes van visvijvers zijn dol op dat vismeel, maar ook de vissen op openbaar water lusten er wel pap van.
Grote winde gevangen aan een Sonubaits wafter in combinatie met een Preston ICS Method Feeder.
Door de explosieve groei van het statisch karpervissen heeft deze groep op veel wateren al vismeelrijk aas geïntroduceerd. Wedden dat op zo’n druk bevist karperwater de method met vismeel of pellets beter scoort dan een traditioneel op broodmeel gebaseerd voer!
De volgende vijvers waar Jan van Schendel zijn viskist heeft opgesteld, staat in het Achterhoekse Lievelde. Deze horen aan Rene Bomers. Rene kennen veel mensen van zijn winkel in Groenlo. Ook Jan heeft hier wel eens een lezing gehouden. Op de vijvers was hij echter nog nooit geweest. Hoogste tijd dus om hier eens een hengeltje uit te gooien!
Lekker diep gelegen uit de wind.
De vijvers
Er zijn in Lievelde op de Leeghte twee vijvers. Karpervijver 2 is een ‘speelvijver’ van 50 bij 40 meter waar alleen met de vaste stok gevist mag worden. Hier zwemmen kleine karper, uit eigen kweek onder meer, en ook flink wat giebels. Karpervijver 1 is 90 meter lang en 40 meter breed en kent een visbestand van ruim 3800 kg. Er zwemmen flinke graskarpers, schub- en spiegelkarpers rond.
Een mooi bestand sterke vissen.
De wedstrijdvijver
In Karpervijver 1 zwemmen dus de grootste vissen. De vijver is rechthoekig en de visstekken liggen aan de beide lange kanten. Er zijn 18 stekken en de vijver is behoorlijk diep, ruim 3 meter op sommige plekken. Op de meeste plekken staat op de vaste stok visafstand zo’n 2,5 meter water. Een mooie visdiepte dus. In de vijver ligt een ‘wel’ (bron) die het water voedt. Het water heeft een prachtige groene kleur die ik nog bijna nergens heb gezien. Een hele mooie vijver al met al.
Prachtig water met een ‘wel’ als bron.
Bestand
Karper vijver 1 is zoals gezegd 90 meter lang. Met een bestand van ruim 3800 kg kun je er exemplaren tegenkomen van 1 t/m 11 kilo. Wat er dan allemaal zwemt? Onder meer graskarpers, albino graskarpers, zilverkarpers, schubkarpers en spiegelkarpers.
De ligging
Ik had al vaker gehoord over visvijver De Leeghte en zijn grote vissen, gevist had ik er echter nog nooit. Visvijver De Leeghte ligt in een prachtig landelijk gebied en de vijver ligt relatief ‘diep’ waardoor je heel beschut zit te vissen. Dat viel me meteen al op toen ik de vijver zag. Dat kwam goed uit want er stond behoorlijk wat wind op de dag van mijn bezoek en tijdens het vissen was er van die wind maar weinig te merken.
Vissen onder het kantje.
Vissen op de Leeghte – alle info op een rij.
Vijvers: twee vijvers. Vijver 1 (voor match, picker, vliegenhengel of vaste stok) van 90 x 40 meter met 16 tot 18 visstekken. Vijver 2 (voor vaste stok) van 50 x 40 meter met 10 tot 14 stekken.
Waterdiepte: Vijver 1 heeft stekken tot 11 meter een gemiddelde diepte van 2,75 meter. Vijver 2 heeft is op 11,5 meter ongeveer 1,80 meter diep.
Geopend: van 9 tot 17 uur. In de maanden mei, juni, juli en augustus tevens van 16.00 uur tot 20.00 uur.
Tarieven: Per dagdeel € 10,-. Twee dagdelen aaneengesloten € 16,-. Voor drie dagdelen aaneengesloten is het € 22,50. Dagdeel 1 van 08:00 uur tot 12:00 uur; dagdeel 2 van 12:00 uur tot 16:00 uur; dagdeel 3 van 16:00 uur tot 20:00 uur.
Adresgegevens en contact: visvijver De Leeghte, Droebertweg 3B, 7137 HB Lievelde. Telefoon: 0544 464 970. Website www.deleeghte.nl
Avondwedstrijd
Een van de mooie dingen in mijn werk is dat ik op dit soort vijvers/commercials niet alleen een bezoek breng, maar daar ook kan vissen. En als er dan ook nog eens toevallig op de dag van mijn bezoek een avondwedstrijd wordt georganiseerd dan kan het allemaal natuurlijk helemaal niet meer stuk. Het werd dan ook een lange, maar al met al ook een hele mooie dag.
Daar hebben we Rene Bomers.
Gepassioneerd
Ik ken Rene Bomers als een gepassioneerd iemand en dat bleek ook nu weer. Het duurde dan ook niet lang of we hadden het over de hengelsport(handel) en het commerciële vissen in het bijzonder. Ook kreeg ik het hele complex te zien. Naast en achter de vijver liggen nog enkele kweekbakken en ook de genoemde vijver 2 waar de wat kleinere vissen rondzwemmen en waar men vissers helpt die nog niet zo veel kennis hebben van het commerciële vissen maar die daar wel belangstelling voor hebben. Ook daar zijn trouwens 14 visstekken en je zou die vijver ook prima kunnen gebruiken bij een wat grotere wedstrijd. Vissen zwemmen er absoluut genoeg daar.
Kweekbassins
Rene is bijzonder gepassioneerd bezig met viskweek. Naast de visvijver liggen enkele bassins waarin hij op dit moment vissen aan het opkweken is. Geen verkeerd idee natuurlijk richting de toekomst. Alle vissen komen uit de eigen vijver dus de kwaliteit ervan is gegarandeerd. Als er teveel vissen zijn voor eigen gebruik dan zal er altijd belangstelling voor zijn van elders. Er is genoeg vraag naar karper en in de toekomst wordt dat alleen maar meer. Je kan zien dat Rene weet waarover hij praat en hij heeft inmiddels heel wat kennis opgebouwd. Het (op)kweken van de vissen is heel wat meer dan ze alleen maar simpelweg voeren, zoveel werd me wel duidelijk. Machtig interessant allemaal!
Pellets en paste worden door de Leeghte verstrekt.
Halibut pellets
We hadden wel de gehele dag kunnen doorpraten zo maar het werd ook tijd om even te vissen natuurlijk. Ik had zelf allerlei aassoorten meegenomen maar ik besloot om niet eigenwijs te zijn en alleen te doen en gebruiken wat Rene me adviseerde. Zo voert hij de vissen met een bepaalde soort halibut pellets en die gebruikte ik dan ook. De vissen op dit soort wateren zijn altijd het meest gewend aan de dingen die hen dagelijks worden ‘toegeworpen’ dus waarom zou je iets anders gebruiken?
Oersterk
Er zwemmen werkelijk prachtige vissen rond, zowel spiegel- als schubkarpers. Grote vissen ook nog eens en bovendien, dat zou snel blijken, zijn ze oersterk. Ik besloot om niet al te ver te vissen, op zo’n zes meter uit de oever en ook zou ik een margin-plek maken, dus pal tegen de oever. Er staat daar weinig water maar dat zou geen probleem zijn begreep ik en dat klopte ook. Binnen een half uur was daar al volop vis aanwezig. Die vis vangen was nog wat anders trouwens. Maar er was heel de dag genoeg beweging langs de oever, hoewel het soms zo ondiep was dat ze misschien wel op hun zij moesten zwemmen.
Oersterk…
Op zes meter
De zesmeterlijn was het meest productief. De bodem is sterk aflopend op die afstand maar dat was ideaal omdat de wind richting oever waaide. Secuur vissen moest je wel. Het duurde misschien een minuut na de eerste inzet voordat de eerste vis aan de haak hing. De vissen zien er kerngezond uit en dat zullen ze ook echt wel zijn want ze zijn oersterk! Ik verbaasde me erover. Zo had ik een vis al enkele minuten aan de lijn toen hij nog een onderlijn van 18/00 wist te breken bijvoorbeeld. Dat gebeurt me op die manier niet zo vaak.
Elastiek en al
Even later arriveerde ook collega John Huussen en dat is ook een witvisser. John wilde dus ook nog wel even de visserij ervaren. Ook hij wist niet wat hij meemaakte toen hij zijn eerste vis aansloeg. Waar hij normaal altijd binnen enkele seconden de grootste vis van de dag weet te haken was het ditmaal eerst nog de kleinste, maar dat maakte hij even later weer dubbel goed. Tja, dit soort vissen vangen is ook gewoon prachtig natuurlijk. Op een bepaald moment brak bij John de elastiek en hij verspeelde dus de vis, de elastiek, dobber…alles. Maar wat denk je: na de avondwedstrijd had ik gewoon alles weer terug. Die vis werd gewoon weer gevangen tijdens de avondwedstrijd. Een vis van zo’n 7 kilo!
Nummer geloot
Toen ik Rene meteen na aankomst wilde vertellen dat ik graag mee zou vissen met de avondwedstrijd bleek dat hij al een nummer had geloot voor me. Dat had hij dus perfect ingeschat. We visten drie uur en een kwartier en het bleek, hoe stom dat ook mag klinken, een onverwacht moeilijke avond. Er werd gewoon prima gevangen hoor, daar niet van. Rene won de wedstrijd met ruim 36 kilo en beide zoons, Tim en Bob werden eerste en tweede in de andere sector met ruim 23 kilo. Ik kwam zelf daar niet verder dan ruim 16 kilo en daarmee kon ik geen potten breken. Zoveel lijners! Ook verspeelde ik – heel frustrerend – een grote vis die gewoon in de bek was gehaakt en die nog wel wat had goed kunnen maken in de eindstand. Maar goed, zoiets kan gebeuren bij dit soort visserijen. We visten op een dag met grote luchtdrukverschillen en dat is nooit ideaal voor karpers. Het valt me trouwens toch vaak op hoe gevoelig karpers kunnen zijn. Het zijn zulke sterke en krachtige vissen en toch zijn ze zowat van alle vissoorten het meest gevoelig van allemaal voor weersveranderingen. Ik ben er dan ook van overtuigd dat er hier ook avonden zullen zijn waar je het dubbele gewicht nodig hebt als op deze avond, als je wilt winnen.
Rene toont een paar fraaie topsets.
Materiaal
Nog even iets over het gebruikte materiaal. Ik gebruikte 20/00 JVS Extreme als hoofdlijn met een 18/00 onderlijn. Als aas viste ik vooral met harde pellets in een bandje aan een haakje 16 en 14. Stevig materiaal dus en dat in combinatie met een holle elastiek 2,5 mm. Het elastiek zou nog een maatje dikker kunnen misschien maar ik ben daar altijd voorzichtig mee. Een te dikke elastiek kan er ook voor zorgen dat de haak los schiet uit de vissenbek. Ik heb altijd nog een gedeelte elastiek buiten de hengeltop hangen en ik gebruik de nieuwe Flatside Soft Pullerbeads van Cresta om alles op de juiste spanning te houden. Als ik een grote vis haak die echt weg wil dan loopt de extra lengte elastiek van buiten de hengeltop zo door de pullerbead en heb je dus extra rek. Ideaal! Goed, het landen van de vis duurt net iets langer maar bij dat soort vissen aan de haak is er altijd genoeg tijd.
Je haakt hier echt extreme vissen die ook nog eens extreem sterk zijn. Ik zou bij een volgend bezoek dan ook proberen om nog iets dikker te vissen. Waarom niet als het kan? Het zou zeker het uittesten waard zijn. Ik heb al veel te vaak, ook in het internationale vissen, vissen verspeeld zien worden die het hele verschil hadden kunnen maken!
De toekomst
Eigenaar Rene heeft heel wat plannen voor de toekomst om de accommodatie nog te verbeteren. Ik vind het nu al heel mooi. Heel veel vissers vangen graag grote vissen en ik heb nog niet zoveel plekken gezien die daarvoor beter geschikt zijn dan hier in De Leeghte. Je vist ook nog eens in een heerlijke rustige omgeving. Een bezoekje is echt de moeite waard! Voor wedstrijdvissers al helemaal. Je hebt hier bovendien een zo eerlijk mogelijke visserij met overal een vergelijkbare diepte, en er zijn volgens mij heel wat plekken waar de wedstrijd is te winnen.
Voor beginnende vissers die eens dit soort visserij mee willen maken is dit ook een goed adres. Zowel Rene als de zonen Tim en Bob zullen iedereen met raad en daad bijstaan, daar ben ik van overtuigd!
In Nederland zijn wij gezegend met meerdere grote rivieren waar barbeelvissers hun hart kunnen ophalen. Al 15 jaar vissen Tim Janssen en Nico Breevaart gericht op deze prachtige, unieke en soms ook onnavolgbare vissoort. Na de vele praktijklessen, onder andere aan de Waal en met name Gelderse IJssel, kunnen zij putten uit een bron van informatie. Inmiddels is hun aanpak aardig uitgekristalliseerd en willen ze die kennis graag met jullie delen. Het najaar staat voor de deur ; een toptijd voor (grote) barbeel!
De comfortabele strandjes van de kribvakken worden na de zomer verruild voor de robuuste basaltblokken op de kop van de krib. Vanaf de kop van de krib deponeren we de voerkorven in de volle stroom en geven we gecontroleerd extra lijn. We houden hierbij contact met de korf, zodat we ook daadwerkelijk voelen dat deze de bodem raakt. De korf zal door de stroming nog even verder rollen om uiteindelijk tot stilstand te komen. De extra lijn die we geven wordt door de stroming meteen opgepakt en meegevoerd. Er ontstaat daardoor een lus in de montage vanaf de korf in stroom afwaartse richting. Als je dit probeert te visualiseren, dan ligt de korf op de bodem en vanuit daar loopt de lijn eerste in een bocht naar achteren en daarna pas weer terug richting de hengeltop.
MINDER STROOMDRUK
De hengels steunen we ook zodanig af dat deze bijna parallel met de stroming staan. Het grote voordeel van deze lus-montage is dat de stroomdruk niet op de korf komt, maar op de bocht in de lijn achter de korf. Dus ook op deze manier van vissen kunnen we de montage beter op zijn plaats houden en dus effectiever vissen. Ook zijn de aanbeten veel minder hard en daardoor sneller onder controle. Zeker de middelmaat barbelen van rond de 65 cm willen vaak nogal wild en explosief door de vrijloop van de molen schieten. Doordat de aanbeet minder hard doorkomt heb je veel minder kans op materiaalschade, zoals lijnbreuk.
PELLETVISSERIJ
De maden en casters worden richting het najaar ingeruild voor pellets als haakaas. Door het gebruik van pellets elimineer je grotendeels de kleine witvis. Bijkomend voordeel is dat dit haakaas veel langer goed aan de hair blijft zitten, waardoor we de barbeel langer de kans geven om het aas te vinden.
Cruciaal hierbij is ook hoe wij de voerkorf vullen. We vissen in de volle stroming, dus grondvoer zal binnen mum van tijd een kribvak verder rond dwarrelen. Wij vissen met in water geweekte pellets welke wij ook voorzien van een Sonubaits flavour. De pellets zijn nu bijna kneedbaar en kunnen heel gemakkelijk stevig in de voerkorf aangeduwd worden. Dit moet dusdanig stevig gebeuren dat dit langdurig in de korf blijft zitten…
Lees het hele artikel, waarin ook de visserij in het voorjaar en zomer aan bod komt, in de BEET van juli/augustus
Bij de keuze van een molen worden nogal eens niet de juiste keuzes gemaakt. En dat kan grotere gevolgen hebben dan je wellicht denkt. Waar moet een molen voor het feedervissen aan voldoen?
Werpmolens onderscheiden zich op een aantal aspecten. Voor het feedervissen zetten we samen met Arnout van de Stadt enkele belangrijke eigenschappen op een rij.
Inhaalsnelheid molen voor het feedervissen
De zogenaamde overbrenging zegt iets over hoe vaak de beugel één slingerslag om de as draait. Hoe hoger de overbrenging, des te meer lijn je binnen haalt. Hoe lager de overbrenging, des te krachtiger je iets kunt binnen halen.
In de meeste situaties is feedervissen is een techniek waarbij de molen een compromis moet zijn tussen kracht en een redelijke inhaalsnelheid.
Bij het feedervissen heb je toch enigszins kracht nodig om een korf binnen te draaien. Maar ook bij het vissen op grote afstand wil je ook je niet helemaal suf draaien. De Preston Magnitude molens hebben een 5,0:1 versnelling, hiermee heb je het perfecte compromis tussen kracht en snel ophalen.
Spoelformaat molen voor het feedervissen
Vaak wordt gedacht ‘hoe breder de spoel, des te verder je werpt’. Zo zwart-wit is het echter niet. Waar vaak niet rekening mee wordt gehouden is het formaat van de ogen op de hengel.
Het startoog van de hengel is tevens bepalend voor het formaat (breedte) spoel.
Het heeft geen zin om een enorm brede spoel op een hengel met een klein startoog (16 mm of kleiner) te zetten. Sterker nog, de brede lussen kunnen alleen maar voor problemen zorgen en om de ogen slaan!
Extra handigheidjes molens feedervissen
Let ook op extra’s die wel of niet bij een feedermolen komen. Krijg je bijvoorbeeld een extra spoel meegeleverd? Bij deze Preston Magnitude molens hebben de molenspoel twee lijnclippen. Zo is het mogelijk om op een handige manier twee afstanden te clippen met één hengel!
De Preston Magnitude molens hebben per molenspoel twee lijnclippen.
Geen twee zonder drie
Op Carp Den Bosch was de officiële release van het nieuwe boek van Alijn Danau; ‘De Wraak van de Weerhaak’. Inmiddels alweer de zesde pennenvrucht van deze meesterverteller én ‘grotevissenvanger’. Een boek vol prachtige verhalen waarin Alijn je meeneemt naar zijn avonturen aan de oevers van een scala aan, meest Belgische, wateren. Een boek dat opnieuw een unieke inkijk biedt in de hengelbelevenissen van een visser pur sang, aldus Mark Hoedemakers. Hieronder een outtake uit ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
IJskoude successen
Het is eind februari wanneer ik de hengels voor het eerst van stal haal. Het is nog vroeg in het jaar en we hebben nog steeds te maken met enorm koude temperaturen. Ondanks dat dit niet erg bevorderlijk is voor mijn kansen, ben ik vastberaden dat ik mijn geluk ga beproeven en mijn eerste Belgische karpers van het jaar ga vangen. Er staan twee waters op de planning voor de komende periode, waarvan het ondiepe water mijn aandacht eerst trekt.
Tekst en foto’s: Ruud Schoefs
Op di...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De Franse alpen, vroeger een goed bewaard geheim, inmiddels al wat jaren bekend en geliefd onder karpervissers. Een regio die Gerjan Vree Egberts niet onbekend is. Samen met zijn maat Fokko reist hij af naar de Franse giganten in het oosten. Dat niet alles zonder slag of stoot gaat blijkt al snel.
Tekst & foto’s: Gerjan Vree Egberts
Mijn visserij bestaat de afgelopen jaren voornamelijk uit het bevissen van rivieren en kanalen bij mij in de buurt. Het oosten van het land is prachtig, maar het...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
BIZARRE MAAS-SESSIE!
Vissen op de Maas. Het is niet voor iedereen weggelegd, maar Mandy voelt zich er thuis als een vis in het water. Een woeste visserij, met een rivier die de nodige nukken kent. Mandy trekt er samen met haar vismaat Gerrit voor twee weken op uit, het wordt een sessie met ups en downs. Kleine ongelukjes en grote vissen, een herkenbaar verhaal voor de meeste riviervissers onder ons.
Tekst en foto’s: Mandy Zupansic
De herfst is en blijft mijn favoriete periode om naar de waterkan...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Je kunt niets vangen met oostenwind. Als het regent, bijten de vissen. Er zijn veel visserswijsheden over het weer. Bernd Brink beschrijft hoeveel waarheid achter die ‘wijsheden’ zit. Onze auteur is van mening dat het in veel gevallen afhangt van de juiste aanpak, omdat hetzelfde doen bij elke weersomstandigheid niet gegarandeerd blijvend succes oplevert. Bernd heeft tien stellingen over het weer op papier gezet. Maar zijn ze feit of fictie?
Tekst en foto’s: Bernd Brink
Je kunt niets vangen met oostenwind – Fout!
Ik heb uitstekend gevangen bij oostenwind. Ik denk dat deze misvatting twee redenen heeft. Ten eerste is westenwind overheersend in Europa. De windkant , dus oostoever, is daarom vaak de beste visplek. Veel vissers realiseren zich niet dat de westenwind daar de hoofdreden daarvoor is en vissen altijd op deze oever, zelfs als de wind oostelijk is. Maar de karpers zitten dan hoogstwaarschijnlijk aan de overkant!
De tweede reden is dat oostenwind vaak samengaat met een hogedrukgebied. Bij helder, hogedrukweer liggen de vissen meestal ondieper. Als je je haakaas dan op de gebruikelijke ‘succesdiepten’ aanbiedt, vis je de karpers voorbij. Misschien goed om dan eens een zigrig te proberen!
Bernd met een prachtige schub; een van de vele vissen tijdens een sessie met oostenwind!
Wind is altijd goed – FOUT!
Ik heb altijd een goed gevoel als er een goede kabbel op het water staat. De oever waar de wind op staat is mijn eerste keuze. Alleen als de lucht veel kouder is dan het water kan de rustige, luwe kant beter zijn. De wind maakt het makkelijker om de vis te vinden. Doordat die zuurstof aanvoert, kan de wind er ook direct voor zorgen dat de karpers beter azen. Maar het kan soms ook te veel van het goede zijn. Een storm die grote golven veroorzaakt op een ondiep water, of ondiep zone zorgt ook voor veel turbulentie onder water. Ik vis dan vaak dieper als dat mogelijk is. Maar als er geen diepe zones zijn, zwijgen de beetmelders meestal. Het is duidelijk dat de vissen hun eetlust verliezen als ze voortdurend heen en weer worden geschud.
Wind kan ook teveel zijn. Karpers houden er niet van om heen en weer geschud te worden.
De beetmelders zwijgen als het windstil is – FOUT!
Een gebrek aan wind maakt het vaak moeilijk om de vis te vinden. Maar als het haakaas op de juiste plek aangeboden wordt, heb ik geweldige momenten beleefd. Vooral op grote wateren die bijna altijd in beweging worden gehouden door golven, profiteren karpers van het kalme water en voeden zich in zeer ondiepe zones die ze anders vermijden. Op een kalme nacht heb ik er geen probleem mee om mijn aas in minder dan 50 cm water aan te bieden, en het zijn niet alleen de kleinere exemplaren die daar azen!
Als het regent, bijten de vissen – FOUT!
Ik heb dit al ontelbare keren gehoord, vooral van niet-vissers. Ik weet niet hoe deze populaire wijsheid is ontstaan. Regen kan vissen inderdaad aanzetten tot eten. Na een warme periode brengt het zuurstof. Als er bomen boven het water hangen, spoelt de regen insecten in het water en de karpers weten dit. Hetzelfde geldt voor stekken waar water wordt ingelaten of afgevoerd. Maar je vangt de vis meestal NA de regen. Ik krijg zelden beet tijdens de regen. Vissen lijken niet van regen te houden. Dit geldt vooral voor lange, gestage regen. Dit was soms zo duidelijk te merken, dat de aanbeten alleen plaatsvonden tijdens korte onderbrekingen in de regen.
De vissen bijten niet altijd wanneer het regent..
Ik heb twee vermoedens waarom regen een negatief effect heeft. Ten eerste het lawaai. Karpers kunnen goed horen, en het lawaai is onaangenaam. Mijn tweede gok heeft te maken met het zijlijnorgaan. Met dit langeafstandszintuig kunnen vissen drukgolven registreren, bijvoorbeeld wanneer een andere vis voorbijzwemt. Ze kunnen het gebruiken om zich te oriënteren en een obstakel in de verte te herkennen. Als er enorme hoeveelheden regendruppels op het water vallen, zijn er talloze drukgolven die dit laterale zijlijnorgaan verstoren. De oriëntatie wordt beperkt en vooral een naderende vijand kan slechter worden herkend. Ik ben ervan overtuigd dat de vissen daarom in hun veilige schuilplaats blijven in plaats van op zoek te gaan naar voedsel. Daarom vis ik dieper als het regent, waar ik nog steeds af en toe aanbeten krijg. In heel ondiep water blijven de beetmelders meestal stil.
Het is moeilijk om vis te vangen in de heldere zon! – KLOPT!
Als de zon hoog aan de hemel staat en fel schijnt, zijn de kansen op succes zelden goed. De vissen blijven dan in de bovenste waterlagen die overspoeld worden met licht. Ze zijn nu zelden in een vreetbui, tenzij er veel waterinsecten in het open water zitten. Dan moet het aas ook in open water worden aangeboden, bijvoorbeeld met een zig rig, om een vis toch tot aanbijten te verleiden. Een bodemhengel die ’s nachts nog aanbeten opleverde, ligt nu te diep. Bij helder weer leg ik daarom mijn haakaas overdag meestal veel ondieper.
Deze gave schub kon de felle zon wel waarderen!
6- Bij mist vang je niet goed – KLOPT!
Een lichte grondmist heeft geen effect. Dichte mist daarentegen, waarbij je geen 100 meter ver kan zien, is bijna een garantie voor een blank. Mist wordt gevormd wanneer vocht (waterdamp) condenseert op de fijnste deeltjes in de lucht. Om dichte mist te krijgen moet er veel waterdamp in de lucht zijn. Hoe warmer het is, hoe meer vocht de lucht kan vasthouden. Om veel vocht te laten condenseren, moet het veel kouder worden. Mist is dus altijd het resultaat van een temperatuurdaling en daar houden karpers helemaal niet van. Het is dus niet de mist, maar de kou die de beetmelders doet zwijgen. Zoals met bijna alle negatieve weersverschijnselen, helpt het dan soms om het aas dieper aan te bieden. Maar een ‘mistkarper’ zal altijd een zeldzame vangst blijven.
Dichte mist, helaas zakken hierdoor de vangkansen
Karpers zeggen nee tegen hagel en sneeuw – KLOPT!
Of het nu hagel is die het water bekogelt of sneeuwvlokken die zachtjes op het water vallen, beide zijn bevroren water. Dit veroorzaakt een snelle temperatuurdaling. Zoals gezegd met mist, is dit vergif voor de vangsten. Nogmaals, wie diep vist, heeft de meeste kans op een koude vangst. Op zulke dagen kun je het beste naar een diep water gaan en de ondiepe parkvijver links laten liggen.
De hagel zorgt voor een dalende watertempratuur
Je vangt geen karper bij vorst – FOUT!
Dat je geen karper kunt vangen bij koud weer is duidelijk ontkracht. Het is alleen moeilijker omdat vissen bij lage temperaturen minder eten. Maar koud water is niet altijd slechter dan warm water. Karpers houden van constante temperaturen. In november en begin december ligt de watertemperatuur vaak op zo’n 7 a 8 graden Celsius en daalt nog maar langzaam. Je kunt nu vaak veel beter vangen dan in de weken ervoor, wanneer de eerste vriesnachten de watertemperatuur snel met enkele graden laten dalen.
Het is moeilijk om vis te vangen als het echt warm is – KLOPT!
Karpers houden van warmte, maar dit geldt alleen zolang het zuurstofgehalte hoog genoeg is. Hoe warmer het water, hoe minder zuurstof het bevat. Vooral in ondiep, stilstaand water daalt het zuurstofgehalte dramatisch tijdens een hete periode. Vissen vermijden dan elke inspanning, inclusief vertering van voedsel. Als het al lukt, kun je nog steeds aanbeten krijgen in de koele ochtenduren in ondiep water. Diepe zandafgravingen en stromende wateren bieden dan betere kansen omdat daar het zuurstofgehalte meestal hoger ligt.
Een warme zomerdag, lastig!
Lagedrukgebieden zijn goed, hoge druk is slecht – FOUT!
Luchtdruk speelt een grote rol bij het bepalen van ons weer. Veranderingen in luchtdruk zorgen voor veranderingen in het weer. Dit is waar veel van de vorige wijsheden samenkomen. Ik heb zowel in lagedrukgebieden als in hogedrukgebieden heel goed gevangen. Lagedrukgebieden kunnen omstandigheden creëren voor zeer goede vangsten. Bijvoorbeeld, na een hete periode (bijna altijd een periode met hoge luchtdruk), zorgt een naderend lagedrukgebied met harde wind en regenbuien, voor een hoge zuurstofinput. De voorheen trage karpers gaan dan vaak over tot een vreetbui.
Of wanneer, in de lente, de wind van een depressie het warme oppervlaktewater in een baai duwt en praktisch het hele bestand zich daar verzamelt. Logischerwijs zijn de vangstvooruitzichten daar heel goed. Uit dat soort voorbeelden wordt vaak de conclusie getrokken dat lage druk altijd goed is voor de vangsten. Ik zeg: nee, het komt door zuurstof- of temperatuurstratificatie onder invloed van de wind. Een stijgende hogedruk heeft deze positieve effecten niet. De wind neemt meestal af. Een gebrek aan wind kan ervoor zorgen dat de vissen zich meer verspreiden in het water en maakt het moeilijker om ze te vinden (zie stelling 2). Hogedruk geeft meestal helder weer, waardoor de vangkansen overdag afnemen (zie stelling 5).
De meest toepasselijke weerregel is: Slecht weer bestaat niet, het moet gewoon drie dagen stabiel zijn! Als een weerssituatie stabiel is, zijn de vangstvooruitzichten goed. Het maakt niet uit of het hoog of laag is. Als het weer verandert, zijn de kansen beter van hoog naar laag. Maar niet altijd, want een depressie kan ook koude regen brengen (zie stelling 4). En een koudegolf is nooit goed (zie stelling 7).
Het meer van Bled - Eeuwenoud, en misschien wel een van de mooiste meren van Europa. Bij toeristen al heel lang geliefd, bij karpervissers pas een aantal jaar bekend. Voor degenen die de lange reis en dure vergunning voor lief nemen, zijn het bijna altijd herinneringen om nooit meer te vergeten. Samen met mijn maat Maurice besloot ik in 2022 dat het maar eens tijd werd om te kijken of we een paar van de prachtige parels van het meer konden vangen. Het werd een reis die absoluut voor herhaling va...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Een vis met een verhaal… een verhaal dat ik altijd zal blijven koesteren.
Doorzetten loont!
Als visser en ondernemer weet ik dat doorzettingsvermogen cruciaal is, zowel op als buiten het water. Samen met mijn gezin zijn we een jaar geleden geëmigreerd naar de betoverend mooie Oostenrijkse Alpen. Het was een flinke uitdaging om ons aan te passen aan deze nieuwe omgeving, maar we hebben onze draai gevonden. De kinderen doen het goed op school en maken nieuwe vrienden, terwijl ik mijn plekje op mijn nieuwe thuiswater heb gevonden en een succesvol eerste seizoen heb gehad...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Drukte en tumult in en op het water van andere recreanten dan van onszelf kan een positieve uitwerking hebben op het gedrag van karpers. Denk aan surfstranden en plekken waar veel wordt gezwommen. Het omwoelen van de bodem is de grote trigger voor de karpers. Bang zijn ze niet voor spartelende benen. Ik krijg weleens de indruk dat karpers al dat zomerse vermaak juist gezellig vinden… Niet zelden begin je op dit soort wateren pas te vangen als de eerste badgasten te water gaan!
32 – Zachte maïscocktail
Het penvissen is in de zomermaanden een zeer relaxte bezigheid, met een lichte bepakking kun je snel van stek naar stek verkassen. Klein aas zoals zachte mais, kapucijners of bruine bonen zijn dan zeker zeer geschikt, deze kun je gewoon op de haak prikken (houd wel de haakpunt vrij!). Knijp eens de harde kern uit de korrel van de zachte ma zodat deze van structuur verandert, op dressuurwater is dit zeker de moeite waard om eens te proberen! Wat vaak ook heel goed werkt is een cocktail van een worm met een maïskorrel, het beweeglijke gecombineerd met het visuele. Wat mij betreft een gouden combi. Je moet ook niet raar opkijken als je een mooie zeelt als bijvangst krijgt.
33 – Parabolische hengel
Voor de visserij met de korst en de pen, die zich vaak dicht onder de kant afspeelt, heb je wel een passende hengel nodig. Een werpkanon is absoluut uit den boze; te zwaar, te strak en te onhandig in gebruik. Nee, voor deze visserij hebben we een soepele, parabolisch buigende hengel nodig van maximaal 2 – 2 1/4 pond. Het liefste een slowtaper model, een hengel die buigt tot in het handvat maar nog wel genoeg ruggengraat heeft om de grote vissen tot in het net te brengen. Een langere lengte van zo’n 4 meter is handig om over bijvoorbeeld over een rietkraagje een pennetje te laten zakken, een kortere van zo’n 3 meter wanneer je tussen of onder takken vist.
34 – Gemiste kans
Onderschat nooit je eigen kantje, is een veel gehoord advies. Maar wie doet er wat mee? De meeste karpervissers werpen, varen of gooien hun aas 99 van 100 keer verder dan 20 meter uit de kant of tegen de overkant aan, dat is jammer! Het eigen kantje word te vaak vergeten, daar zwemmen ze niet want er is teveel herrie en onrust op de stek, zo wordt gedacht. Een gemiste kans! Vergeet niet dat op bepaalde wateren de karper wel wat gewend is. Plaats daarom eens een (derde) hengel onder de eigen kant, ook al staat er misschien maar een meter water. Vooral in de nacht en ’s ochtends vroeg als de meeste vissers toch in hun tentje liggen te snurken, struinen de karpers de kanten af, tot voor je voeten!
35 – Zitmatje
Als je actief aan het vissen bent komt er een moment dat de benen het op een gegeven moment niet meer trekken. De vele (kilo)meters die we al wandelend struinend afleggen gaan je niet in de koude kleren zitten en het actief bezig zijn vraagt af en toe om een welverdiende rust. Maar om je kont nu op een natte grasmat of vieze grondbodem neer te planten is ook iets waar je niet vrolijk van word. En de hele dag slepen met een karperstoeltje dat is ook geen pretje. Als alternatief is een klein onthaakmatje de ideale oplossing. Twee vliegen in een klap, de vis ligt veilig en je kont blijft droog.
36 – In beweging
Op vaarten en kanalen met plezier- en beroepsvaart is het water constant in beweging met als gevolg meer zuurstof in het water. Daarom zijn de karpers daar vaak ook hartje zomer nog actief. Aanlegplaatsen, buitenbochten of zwaaikommen waar de bodem keer op keer wordt omgewoeld door het schroefwater van de schepen zijn vaak echte hotspots. Het water is op die plekken uitgesleten en dieper en daardoor verzamelt zich daar het nodige natuurlijke voedsel. Laat daar je pennetje maar zakken of leg je rig hier neer!
37 – Natuurlijke hotspots
Lelievelden zijn een natuurlijke hotspot, daar vindt een karper niet alleen beschutting tegen de felle zon, maar ook voedsel in de vorm van slakjes. Waar je ook mooie hotspots kunt vinden zijn de vaarten die voorzien zijn wilgen, de wortels van de wilg groeien vaak door tot in het water en bieden voor de karper een mooie schuilplaats en beter nog een voedselbron, alg en wier dat groeit op deze wortels en waar allerlei kreeftjes en schelpdiertjes in gaan zitten. Er drijft natuurlijk ook van alles in het water dat blijft ‘hangen’ aan de wortels en vaak loont het de moeite om hier een korst of vlok te laten zakken.
38 – Opportunist
Omdat een wilg vlak bij het water staan wil het nog wel eens gebeuren dat er bij een flinke zuidwesterstorm, deze geen houvast meer heeft en de boom door de kracht van de wind omver word geblazen. De wortels hebben dan geen houvast meer aan de sompige bodem. Als dat eenmaal is gebeurd dan komt het vaak voor dat de karper er als de kippen bij is om deze plek te inspecteren op alles wat eetbaat is. Karper is van nature een vrij nieuwsgierig schepsel en een verandering in zijn leefomgeving daar wil hij wel het zijne van weten. Het kan dus geen kwaad om daar een pennetje of rigje te deponeren.
39 – Regenworm
Natuurlijk aas is in de karpervisserij niet weg te denken, maar word vaak ondergewaardeerd. Wat te denken van maden, wormen meelwormen, slakken, naaktslakken etc. De mogelijkheden zijn legio. Maar wanneer kun je deze soorten nu het beste gebruiken? Eerlijk gezegd kun je ze eigenlijk altijd wel gebruiken en ze zijn absoluut dressuurdoorbrekend! Het gebruiken van wormen is met name goed bij of vlak na een regenachtige dag of ochtend. Door het regenwater wordt de worm getriggerd, gaat kruipen en wordt dus actief. De karper reageert hier vervolgens op zal zich dan meer gaan focussen op de worm, dan op een maïskorrel… om maar iets te noemen.
40 – Madenorgie
Maden kunnen een ‘dodelijk’ effectief zomeraas zijn voor karpers, zeker als je er behoorlijke hoeveelheden (liters!) van voert. Karper kan er dan helemaal gepreoccupeerd op raken en blijven uren wroeten op de voerplek. Natuurlijk kun je dit alleen doen op wateren of plekken met een gering witvisbestand. Vis er met een klein haakje volgepropt met maden tussen of beter nog een trosje maden aangeboden op een hair middels een speciale madenclip of een pop-up boilie of kurkje waar de maden aan vastgeplakt worden met secondelijm.
Voerboten, wie kent ze niet? Veel karpervissers hebben er eentje, anderen overwegen om een exemplaar aan te schaffen. Hoogste tijd voor Karperwereld magazine om een voerboot-crack aan de tand te voelen en hem uit te horen. Thijs Last is die ervaren man. Al ruim 10 jaar zet hij met grote regelmaat een voerboot in tijdens het vissen en in die tijd is hij veel wijzer geworden. We hebben hem bereid gevonden zijn ervaringen met ons te delen. Laten we een stukje gaan varen.
Tekst: redactie & Thijs Last, foto’s: Thijs Last
Thijs Last: “Een voerboot is voor mij niet meer weg te denken uit mijn visserij en heeft me al vele extra karpers in mijn net gebracht. Mijn eerste voerboot was de Carpcatcher van Tonny Schrijver. Voor zover ik me kan herinneren heb ik die ergens rond het jaar 2012 aangeschaft. Het aanbod van voerboten was toen minimaal, zeker als je het vergelijkt met vandaag de dag. Tonny had al snel door dat de voerboot heel populair zou worden en was de eerste in de Benelux die met een betrouwbaar exemplaar op de markt kwam. Destijds werden de voerboten uitgerust met loodaccu’s en waren het allen bovenladers (lees: een bakje, waar je jouw rig, lood en voer in legt).
Een ‘oude’ bovenlader…
Voor die tijd was dit top! Echter, als ik het vergelijk met vandaag de dag, zeker niet ideaal. Loodaccu’s zijn zwaar en hebben een beperkte levensduur en vaartijd en een lange oplaadtijd. Tegenwoordig kunnen we gelukkig gebruikmaken van lithium accu’s die licht van gewicht zijn, snel opladen en een langere levensduur hebben. Tevens zijn de meeste voerboten gebouwd als onderlader (bak met klep). Het nadeel van de oude bovenlader is dat je voorzichtig moet zijn bij het uitvaren en erop moet passen dat je het lood/rig niet uit de bak trekt tijdens het uitvaren of terugtrekken van de boot wanneer je een eindje over je stek bent gevaren.”
Een moderne onderlader…
Wat zijn duidelijke beperkingen van een voerboot?
“De grootste beperking van een voerboot is dat het een lomp ding is om mee te nemen en een goede voerboot een behoorlijk prijskaartje heeft. Voor een goede voerboot met dieptemeter moet je snel denken aan een prijs van rond de €2000,-. Ik reken hier een goede lithium accu, tablet + houder, batterijen voor je handzender + lader en tas bij. Natuurlijk zijn er goedkopere bootjes te koop in een prijsklasse van tussen de €500 en €1250, soms zelfs inclusief dieptemeter en gps. Het grote nadeel van deze bootjes is dat wanneer er iets stuk gaat, dit meestal problemen blijft geven ook nadat het gemaakt is. Maar ondanks de kwetsbaarheid van deze prijsklasse boten zijn er genoeg tevreden gebruikers. Echter, zit je veel aan de waterkant, spaar dan door en schaf meteen een goede boot aan van een van de bekendere merken. Verder zijn er tegenwoordig meerdere compacte bootjes op de markt, sommige passen zelfs in een speciaal op maat ontwikkelde rugzak die het een heel stuk makkelijker maakt om die boot mee te nemen.”
Is een voerboot een ultiem wapen of soms ook een blok aan je been?
“Een voerboot kan nog steeds een ultiem wapen zijn, zeker in de winterperiode! Daarnaast maakt een voerboot het vissen voor een hoop mensen een stuk efficiënter omdat het vele malen makkelijker is om op hetzelfde plekje/vierkante meter te vissen. Het werpend vissen is de laatste jaren alleen maar afgenomen in de Benelux, op wat uitzonderingen na. Wanneer je veel met een voerboot vist, is het wel zaak om jezelf scherp te houden en je bewust van jouw aanpak te zijn. Bij veel mensen – ik betrap mezelf daar ook wel eens op – zie ik dat hun visserij erg stereotype wordt. Kort samengevat; vissen op compacte hoopjes voer en maar blijven zoeken in plaats van je hengels op strategische plekken te positioneren waarvan je weet dat ze er azen.”
Steenkoud; passieve karpers en van de vierkante meter dankzij de voerboot…
Hoe zet jij de voerboot in de wintermaanden in, en waarom?
“De winterperiode is absoluut mijn favoriete periode van het jaar. Het zoeken naar karper met de voerboot is bijna een extra hobby aan het worden en het uitwisselen van screenshots met collega-vissers is daar een groot onderdeel van en erg leerzaam. In de koudere periode liggen de karpers graag bij elkaar. Vind je zo’n groep vissen, dan is het vaak kassa en kun je een hele serie vangen in enkele uren. Heb je de groep vissen verjaagd of leeggevist, dan begin je weer opnieuw met zoeken. Mijn voerboot is uitgerust met een fish finder die zowel een sonar als downscan functie heeft. Ik adviseer je om deze tegelijkertijd te gebruiken (split screen). Op deze manier leer je namelijk het beste alles herkennen, denk hierbij aan karpers, obstakels, planten etc. Om de beste weergave op je scherm te krijgen, is het zaak om heel langzaam te varen met je voerboot.”
Gevonden! Ik gebruik altijd de splitscreen functie van mijn fish finder; hier tijdens het droppen van de rig. Op de downscan (r) zie je het voer naar beneden vallen.
Hoe gebruik jij je voerboot met uitvaren?
De handzender van mijn voerboot is voorzien van een keycord die ik om mijn nek kan hangen zodat ik maar één hand nodig heb om mijn voerboot te bedienen en in mijn andere hand de hengel vast kan houden (zie de grote foto aan het begin van dit artikel). Ik vind dit zelf de prettigste manier omdat ik tijdens het droppen van het lood het contactmoment met de bodem wil voelen. Vaar ik iets te ver over mijn stek, dan kan ik simpel de boot terugtrekken. De tablet ten behoeve van mijn dieptemeter zit met een tablethouder vastgeklemd aan mijn handzender, makkelijk en lekker compact. Wat het uitvaren betreft, vaar ik altijd maar één lijn tegelijk uit, dit werkt voor mij het prettigst.”
Zijn er nog speciale manieren om je voerbak te vullen?
“De meeste voerboten die verkocht worden, hebben kleppen en dien je van onderaf te laden. Met andere woorden, je steekt je hand door de klep om van onderaf het lood/rig door de bak te halen en de klep dicht te doen. Bij dat laatste gaat het nog wel eens fout. Bij sommige goedkopere bootjes zijn de randen van de kleppen wat scherp en ligt lijnbreuk op de loer wanneer je geen tube of leader gebruikt. Vis je graag met levend aas zoals maden, gooi deze dan eerst in de bak en leg daar vervolgens wat grondvoer op zodat de maden niet zo snel uit de bak kruipen. Tegenwoordig zijn er ook voerboten die met klepjes worden geleverd om de bakken af te dichten. Die klepjes zijn erg handig, op deze manier kruipt er niks uit of in en wanneer het regent, dan wordt je PVA niet nat. Vis je graag met PVA, let er dan op wanneer je een voerboot aanschaft, dat de bakken hoog genoeg in de boot liggen en er niet bij het wegvaren al water in komt.”
Detail gleuf van een bovenlader zodat je jouw rig er van bovenaf in kan leggen, geen scherpe randjes!
Op dressuurwater reageren de karpers op een voerboot, soms positief, meestal negatief. Wat is jouw kijk hierop?
“Twee jaar geleden heb ik de invloed van mijn voerboot op karpers heel goed kunnen waarnemen. Ik viste op dat moment een wintersessie aan een ondiep water in Frankrijk. Na wat zoeken met de drone had ik de vissen gevonden. Zij lagen in grote getallen (ongeveer 300) bij elkaar. Op een gegeven moment heb ik de proef op de som genomen en gekeken hoe dichtbij ik kon komen met mijn voerboot voordat de karpers hierop reageerden. Kwam ik binnen een straal van ongeveer tien meter, dan verjaagde ik de hele groep en verplaatsten zij zich een meter of vijftig om vervolgens weer rustig op de bodem te gaan liggen. Door mijn ervaringen met snorkelen ben ik erachter gekomen dat het geluid wat een voerboot maakt erg ver draagt onderwater. Daarnaast weet ik van snoekbaarsvissers dat wanneer zij bekende stekken bevissen, de dieptemeter uitzetten en daardoor meer vangen. Zet je dieptemeter maar eens aan op je voerboot en houd je oor er tegenaan, je zult dan een tikkend signaal horen. Allemaal interessante zaken om rekening mee te houden tijdens het vissen.”
Een van de oude bewoners van het water die ik dankzij zeer nauwkeurig vissen met mijn voerboot kon vangen!
Bij welk weertype of water blijft je voerboot in de tas?
“Mijn voerboot blijft alleen in de tas om tactische redenen. Bijvoorbeeld wanneer ik op een water ben waar iedereen met een voerboot vist en ik werpend het verschil kan maken door de stek minimaal te verstoren. Je kan er ook voor kiezen om je stek bij aanvang van je sessie of beter nog een paar dagen ervoor in kaart te brengen zodat je tijdens je sessie minimaal gebruik hoeft te maken van je voerboot. Zeker op ondiep water geeft je dit een voorsprong op de andere vissers. Echter, in de meeste situaties is de verstoring van je stek door je voerboot minimaal, zeker wanneer je een wat langere sessie vist of hebt voorgevoerd. De vis heeft dan al meerdere dagen van jouw voer gegeten en vertrouwen opgebouwd waardoor deze minder argwanend je stek zal benaderen.”
Mijn voerboot blijft alleen in de tas om tactische redenen.
Voerboot, rubberboot of drone?
“Het voorjaar en de zomer lenen zich er perfect voor om met je drone de karpers te zoeken en vervolgens met je voerboot op de juiste plekjes je rigs te droppen. Locatie is nog altijd nummer 1. Vis je dichtbij de vis, dan blijft een aanbeet vaak niet lang uit. Echter, er zijn verschillende situaties die bepalen of ik mijn voerboot of rubberboot inzet. Dit is erg afhankelijk van het type water. Is het water erg wierrijk of vis ik ver uit de kant (125 meter plus), dan zal een rubberboot mijn voorkeur hebben. Zeker wanneer er uit de boot gedrild dient te worden. Vis ik tegen obstakels – bijvoorbeeld een boom of struik die in het water ligt/hangt – dan vind ik het vooral belangrijk om eerst de situatie goed in kaart te brengen. Hoe ligt de boom in het water? Hoe lang zijn de uitstekende takken? Vanaf welke hoek is het obstakel ‘veilig’ te bevissen? Als ik antwoord op die vragen heb, zal ik een keuze maken voor een rubber- of voerboot. Wanneer je de situatie kent, is de keuze meer een persoonlijke voorkeur, los nog van de geldende regels. Is het toegestaan om een rubberboot of voerboot te gebruiken? Let op! Vis je tegen een boom aan en krijg je een aanbeet, leid dan eerst de vis weg bij de boom voordat je in de boot stapt. De kans is namelijk groot, wanneer je meteen in de boot stapt, de vis je met boot en al naar de boom trekt en de vis verstrikt raakt in het obstakel.
Een voerboot in combinatie met een drone kan een gouden combi zijn! Vind de karpers…
Wat voor onderhoud pleeg jij aan je voerboot? Tips?
“Het belangrijkste is om je boot open te maken wanneer je terugkomt van een dagje vissen. Op deze manier geef je eventueel vocht (condensvorming) de ruimte om te ontsnappen. Daarnaast poets ik de boot en laad ik geregeld mijn accu’s op zodat deze lang meegaan. Mocht je een paar maanden niet vissen, zet dan een reminder in je telefoon om een keer je accu’s op te laden. Tijdens het vissen zet ik na gebruik mijn boot in de tent of onder mijn plu en berg ik mijn handzender op in een vochtdichte tas. Dit tezamen zorgt ervoor dat je spullen betrouwbaar blijven. Verder breng ik mijn boot eens in de zoveel tijd naar de bouwer voor een servicebeurt.”
Een zig-dropper voor je voerboot, superhandig!
Hoe lees jij je dieptemeter/fish finder af? Hou je rekening met diepte, zoek je stekken én vis op?
“Voordat ik een water ga bevissen, zoek ik altijd naar zoveel mogelijk informatie op het internet. Google Maps laat je vaak al veel zien, zeker wanneer een water een ondiepere zone, zandbanken of begroeiing heeft. Daarnaast vind je van de meeste federatie-wateren dieptekaarten op de site van Sportvisserij Nederland. Door deze informatie van tevoren te verzamelen, weet ik vaak al waar ik moet zoeken op een water en dat scheelt veel tijd. Heb ik deze informatie niet, dan breng ik eerst mijn stek of liever nog het hele water in kaart. Nadat ik de dieptes in kaart heb gebracht, kan ik een inschatting maken waar de vis zich op dat moment begeeft. Bij het gebruik van mijn dieptemeter let ik op de volgende zaken.
Hoe hard is de bodem? Hoe roder, dikker, de streep/bodem op je dieptemeter, hoe harder de bodem. Liggen er obstakels? Is er veel verschil in diepte? Staat er veel wier? Indien er veel wier staat, kun je op je dieptemeter aflezen hoe hoog het wier staat. Wil je op het wier vissen, dan weet je dus ongeveer hoe ver je bovenste kraal van je heli set-up moet komen. Staat er te veel wier en heb je geen rubberboot om de vis te gaan halen? Dan is het wellicht verstandiger om een andere stek te zoeken om niet onnodig vis te verspelen.
Vis je in de winter met de voerboot en wil je je rig zo dicht als mogelijk droppen naast de karpers, dan is het volgende erg belangrijk. Let erop dat alleen het beeld wat rechts binnenkomt op jouw dieptemeter LIVE is. Alles wat naar links verschuift, is alweer geschiedenis. Wil je strak droppen naast de vis, dan drop je dus op het moment dat helemaal rechts in je beeld een scan van een karper verschijnt. Alleen dan lig je er strak naast en dan droppen met een (bijna) slappe lijn, anders komt het lood naar je toe. Wat ook goed werkt, is een paar stappen naar achteren doen en op het moment van droppen naar voren lopen totdat het lood de bodem raakt. Op deze manier zorg je er ook voor dat het lood nauwelijks naar je toekomt, maar voel je wel het contactmoment met de bodem. Doe je dit niet, dan zal je rig/lood verder van de vis afliggen en kan een aanbeet ver weg zijn in de winter. Dit geldt dus ook als je op dieper water vist en boven op je voerstek wil liggen.”
Hier word je wel blij van! Een schub van meer dan 30 jaar oud…
Maak je veel gebruik van GPS/auto pilot en wat leg je dan vast? Wat is interessant om op te slaan?
“Voor het terugvinden van stekken is een GPS natuurlijk een erg handig hulpmiddel. Wanneer je een jaar later terugkomt op hetzelfde water, zijn oriëntatiepunten zoals bomen vaak veranderd en is het terugvinden van stekken zonder GPS vaak lastig of een tijdrovende bezigheid. Daarnaast sla ik plekken op waar obstakels liggen, wierbedden staan of punten waar de vis langstrekt (zwemroute). De auto pilot functie is erg handig. Wanneer je een rig hebt gedropt, druk je de home knop in en vaart de boot automatisch terug naar de stek. Dit geeft jou de gelegenheid om je hengel op de steun te leggen en je lijn op te spannen.”
Aan het werk met de GPS!
Wat voer jij allemaal qua aas en is daar ook een voor welke jij graag toepast?
“Wat aas betreft loopt het erg uiteen; boilies, particles, pellets, grondvoer en maden zijn de aassoorten die ik het meeste gebruik. Om je aas verspreid te voeren, zijn er een aantal handige producten die je op je voerboot kan monteren. De meest bekende is de voervijzel, deze laat om de zoveel meter wat voer vallen. Hierdoor ligt je voer verspreid in plaats van compact op een hoopje. Daarnaast zijn er tegenwoordig voerrotors verkrijgbaar. Dit is een bakje dat je vult en door een druk op de knop heel snel ronddraait. Het voer schiet er als het ware uit wat ervoor zorgt dat het 2 à 3 meter rondom je voerboot komt te liggen. Mijn voorkeur gaat uit naar de voervijzel omdat deze veelzijdiger is. Met de voervijzel kun je zowel verspreid voeren, een streep trekken als rondjes varen op de plek waar je jouw rig hebt gedropt.”
Een voerboot met een voervijzel, ideaal om je voer beter te verspreiden!
Waar moet je op letten wanneer je een voerboot aanschaft?
“Mocht je een voerboot aan gaan schaffen, denk er dan goed over na of je een boot met twee motoren of met één motor wil kopen. Het voordeel van een boot met twee motoren is dat hij om zijn as kan draaien. Echter, de bootjes met één motor hebben tegenwoordig ook een minimale draaicirkel. Bijvoorbeeld de Navigator mini, deze is voorzien van een speciaal roer die dit mogelijk maakt. Wat wel een aandachtspunt is, is dat over het algemeen de boten met één motor een veel langere vaartijd hebben dan de boten met twee motoren.”
Heb je tot slot nog een gouden voerboottip?
“Zoals ik hierboven al genoemd heb is mijn beste tip: vaar langzaam met je voerboot hierdoor krijg je de beste weergave van de onderwaterwereld op het scherm van je dieptemeter. Zorg ervoor dat het beeld van jouw dieptemeter is uitgezoomd anders zal je weinig zien. Dit doe je door twee vingers op het scherm te plaatsen en tegelijkertijd horizontaal naar buiten te vegen.”
Het onderscheidende aspect van het feedervissen is dat je op grote afstand een compacte voerplek kunt creëren waar je ook het haakaas aanbiedt. Er bestaat geen effectievere vismanier, maar hoe voer je een stek aan bij het feedervissen?
Wanneer je met top feedervissers op pad gaat, dan kun je echt zien waarom zijn bijna altijd beter vangen dan een ander. Een van de belangrijkste aspecten is een loepzuivere werptechniek. Vandaag zijn we op pad met Arnout van de Stadt en hij zal meer vertellen over het aanvoeren van een stek.
Lijnclip en richtpunt
De eerste stappen is het gebruik maken van een richtpunt aan de overzijde van een water en het vastzetten van de lijn in de lijnclip van de molenspoel. Vergeet ook niet om met behulp van distance sticks de visafstand vast te stellen. Moet je onverhoopt je montage opnieuw opbouwen, dan weet je exact hoe ver je moet vissen. Maar zelfs al werp je elke keer op dezelfde plek, dan is dat nog geen garantie dat je een compacte voerplek maakt!
Als je denkt dat een compacte voerstek altijd het resultaat is van ‘clippen en een richtpunt’, dan heb je het mis…
Wachten met binnen halen
We zijn al vaker met Arnout op pad geweest en altijd valt het volgende op. Hij werpt de korf op de stek, maar trekt deze vrijwel nooit direct leeg. In plaats daarvan legt hij de hengel op de steunen. Soms wacht hij wel één minuut voordat hij de korf binnen haalt. Door die rustperiode geef je het voer de kans om uiteen te breken; het resultaat is een compactere voerplek, dan wanneer je gelijk het uit de korf gaat trekken. Het is de optelsom van dit soort kleine, ‘onopvallende’ zaken die vaak de doorslag geven…
Wire Bait Up Feeders
Het aanvoeren van een stek doe je normaal gesproken ook met de feederhengel waarmee je vist. Eventueel kun je een wat grotere korf er aan hangen, een speciale ‘voer voerkorf. Met dit in gedachte heeft Preston de Wire Bait Up Feeders ontworpen. Verkrijgbaar in 2 formaten, te weten 28 gram – 6 x 4,5 cm en 45 gram – 7 x 5 cm.
De speciaal ontworpen Preston Wire Bait Up Feeder.
Voeren met een karperhengel
Arnout voert vandaag op een grote, visrijke plas en dan kun je wel een flinke voerplek aanleggen. De feederhengel welke Arnout vandaag gebuikt is te licht om de grootste Wire Bait Up Feeder te werpen. In plaats daarvan gebruikt hij een 10 voets Avid kaperhengel. Deze clipt hij met behulp van distance sticks op dezelfde werpafstand als de visafstand.
De tactiek bleek vandaag zijn vruchten af te werpen!
De zonnige morgen was een voorbode voor de voorspelde temperaturen tot 30 graden, een schitterende dag! Vandaag ga ik op pad met Hans Heirman op het domein van de welgekende Meldert Vijver; één van de meest populaire commercials in België. We kijken hoe deze Middy team Benelux aas de visserij hier aanpakt.
Tekst & foto’s Bart de Cock
De innovatieve en dressuur doorbrekende Middy Shotgun Feeders.
Hans is een echte feederkrak die op commercials meer als zijn mannetje kan staan, maar ook een gr...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Karper binnen handbereik
Iedereen die jong is begonnen met vissen, is waarschijnlijk in zijn of haar eigen vertrouwde omgeving gestart. In een slootje voor de deur, een plasje verderop of de polder aan de grens van je woonwijk. Zo ook Ramon (15) en Jaider (15), beiden afkomstig uit Rockanje, en twee super fanatieke vissers. Het hele jaar rond zijn ze elk vrij uurtje samen te vinden langs het water ergens in of rond hun dorp. Op uitnodiging van hen ging ik op een mooie, zonnige zondagochtend mee ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Afgelopen jaar namen we ons voor om weer eens ouderwets te gaan snoeken in Ierland. Werpend met een jerkbait, spinnerbait of streamer, dé manier van snoekvisserij waar Ierland om bekend staat. Deze keer niet naar de ruige meren Corrib of Mask in het westen, maar naar de county’s Cavan, Leithram, Longford en Roscommen. Deze liggen in het midden van Ierland en zijn veel glooiender en groener dan de westkust. In dit gedeelte van Ierland bevindt zich het stroomgebied van de rivieren de Shannon en de...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Onlangs verbeterde Ivo Van Den Berghe het Belgische record meerval met een monster van 232 cm (zie Beet februari 2020). Ik kwam toen in contact met deze sympathieke meervalfanaat. “Ga een keer met me mee naar de Maas” stelde hij voor. En zo stond ik begin juni bij de trailerhelling zijn meervalboot te bewonderen…
Afgelopen week nog had Ivo succes gehad met een mooie 2 meter+ meerval en de vooruitzichten voor het weekend zien er top uit. Het zou broeierig warm worden met kans op onweer. Uit ervaring weet ik dat dan de meervallen vaak actief worden… “We zullen vast wel een visje vangen”, aldus Ivo, die er ook goede hoop op heeft. Nadat de boot is volgestouwd en de kleine rubberboot op het grote voordek is vastgesjord gaan we op weg. Na een klein halfuurtje varen komen we op de stek aan en verankeren we de boot in positie. Dat is nog even lastig omdat de wind constant aan het draaien is. Bij de trailerhelling was het nog zonnig, maar ondertussen begint het steeds meer bewolkt te raken. Een voorbode?
Klaar voor vertrek, aan de boot zal het niet liggen!
BOEIENSYSTEEM
Ivo kent deze stek goed en volgens hem is de diepte op dit stuk vrij constant, zo’n 6-7 meter met weinig obstakels. Alleen onder de eigen kant bevindt zich een scherp talud met stroomafwaarts een interessante kuil van 8 meter.
Daar kan weleens een meerval achter liggen…
De overkant ziet er ook interessant uit met bosjes en lelies waar ongetwijfeld witvis rondhangt, maar volgens Ivo is die zone gek genoeg niet heel productief gebleken. Plan is om drie hengels over het midden van het water te verdelen met de aasvissen op verschillende dieptes, afgespannen op boeien. De vierde hengel zullen we onder de eigen kant vissen, net voor het diepere gat stroomafwaarts, met een steenmontage.
Duidelijk is dat Ivo alles zeer goed voor elkaar heeft en routinematig worden alle hengels klaargemaakt. Maar eerst moeten de (opblaasbare) boeien gezet worden, die voorzien worden van een zogenaamde uitlegger waar straks het breeklijntje aan wordt bevestigd. Voor mij is het alweer heel wat jaren geleden dat ik zo op meerval heb gevist, maar mooi om te zien dat zo’n boeiensysteem, dat wij begin jaren negentig op de Ebro hadden geperfectioneerd tot een uitermate effectieve zelfhaakmontage, nog steeds functioneert. Het is de favoriete manier van meervalvissen voor Ivo, zo vertelt hij mij.
1 van 2
De favoriete montage van Ivo voor het boeiensysteem met een loshangende dreg die gefixeerd wordt met een elastiekje.
Nadat de boeien op hun plaats liggen worden de onderlijnen met twee dreggen voorzien van aasvissen, in dit geval kruiskarpertjes van zo’n 25 cm, klaargemaakt om uit te varen. Na een halfuurtje staan de drie hengels strak afgespannen in de steunen met op de toppen een ‘ouderwets’ belletje. Het rinkelende geluid brengt de nodige mooie herinneringen boven uit de begingaren van mijn meervalvisserij.
Nadat we ook de vierde aasvis hebben laten zakken met een steen voorzien van een breeklijntje, kunnen we eindelijk even rustig zitten voor een welverdiende bak koffie. Volgens Ivo kunnen we op dit diepe stuk ook midden op de dag een aanbeet verwachten… laat maar komen!
Geroutineerd worden de aasvissen uitgevaren en dan is wachten op een rinkelend belletje!
Tijdens de koffie raken we aan de praat over de begintijd van het meervalvissen en ook Ivo was er al snel bij halverwege de jaren negentig. Sindsdien is hij helemaal verslaafd aan de meervalvisserij en doet niets anders meer. Ik stel hem een paar vragen hoe hij daar zo ingerold is en waar hij al allemaal gevist heeft.
Wanneer ben je begonnen met het vissen op meerval en waarom? Werd je door bepaalde mensen/vissers geïnspireerd?
“Het begon allemaal in 1994, na 9 jaren karpervissen werd de opkomende karpervisserij mij allemaal te veel. Voerstekken aanleggen werd alsmaar moeilijker, zeker op het bekende Kempische kanaal waar ik vlakbij woonde. Ik had in die tijd een goed contact met Kevin Maddocks, die toen al succesvol viste op meerval. Hier en daar ving ik al geruchte op van gigantische meervalvangsten, denk maar aan de meerval die gevangen werd op Cassien waar tijdens het wegen het touw brak op 150 pond. Geruchten over meervalmonsters op rivieren als de Saône, (Petit) Rhône, en de Ebro. Na het zien van de film ‘Monsters van de Ebro’ van Arnout Terlouw en zijn broer Onno was het voor mij duidelijk: ik word meervalvisser!”
Waar ben je begonnen met meervalvissen? Was het meteen een succes of vallen en opstaan?
“In 1994 hadden twee Nederlandse vrienden van mij een karpertrip gepland naar de Saône in Frankrijk. Dit was mijn kans, ik ging mee! Wat ik me nog herinner: het was bloedheet de dag bij aankomst, meervalmateriaal had ik zo goed als niet dus moest ik het doen met zwaarder karpermateriaal. Ik verkende de plaats waar mij vrienden visten en besloot de dag erna het te wagen vanuit de rubberboot. Die dag zou heel mijn visserijleven veranderen. Met de informatie die ik bezat besloot ik midden in de vaargeul te gaan liggen en zo driftend met dobber met een levende aasvis te gaan vissen. Na een uurtje vissen lag mijn eerste meerval van 176 cm in de boot, ik was verkocht!
Ik was verkocht!
Samen met mijn broer Mippe gingen we verder als meervalvisser en planden al snel een volgende trip naar de Saône, met tips en informatie van Kevin Maddocks werd dat een succes. Na een 5-tal keren gevist te hebben op de Saône besloten we naar de Ebro in Spanje te gaan. Ondertussen had ik al het meervalmateriaal aangeschaft wat er toen maar te verkrijgen viel. Het was zover, 1996 vertrok ik met mijn broer naar de Ebro. Na grondige studie op voorhand en weer met informatie van Kevin Maddocks en de plaatselijke Belgische gids Werner Verbeemen besloten we de stek van Arnout Terlouw bij de boomgaard aan te pakken. Het was een gigantisch succes met vele grote meervallen.”
1998, mijn eerste Belgische meerval.
Op welke rivieren heb je allemaal gevist? Wat is je favoriete rivier tot dusver en waarom?
“De buitenlandse rivieren die ik tot hiertoe bevist heb zijn de Moezel, Saône, Petit Rhône, Rhône en de Ebro. Mijn favoriete rivier is toch wel de Rhône, deze rivier bevat echt alles. Het is een brute, ruwe rivier met harde stroming, draaikolken, ondiepe gedeeltes waar de meerval optrekt om er te jagen, diepe gaten tot wel 20 meter die dan weer ideale standplaatsen zijn, slecht bereikbare topstekken die zonder degelijke boot niet bevisbaar zijn, vele en grote scheepvaart – denk maar aan de grote cruiseschepen waar we soms zo op vloeken doordat deze zo’n golfslag veroorzaken dat heel je viskamp ondersteboven wordt gegooid. En natuurlijk de gigantische grote meervallen tot meer dan 260 cm, waaronder de wereldberoemde en grootste albino.
Een goede meervalboot is onmisbaar voor mijn visserij.
Als ik me richt heb op een bepaald water, dan kan ik het moeilijk loslaten in de wetenschap dat ik er niet snel uitgevist ben en nog veel te leren heb. Op een rivier in het buitenland kun je moeilijk uitgevist raken doordat je er gewoon te weinig komt en vist.”
Vis je ook veel in België en waar meestal?
“Ja, wat is veel? Meestal vis ik wel elk weekend twee nachten. België bezit ondertussen een groot bestand aan meerval met als toprivier de Maas, waar ik dan ook het meeste vis. Ik vermoed dat op de Belgische Maas toch een honderdtal 2 meter plus meervallen rondzwemmen, waardoor ik er niet ben weg te slaan. De Maas biedt ook vele mogelijkheden; je kunt er zowel actief driftend met een (belly)boot als statisch vissen. Ik vis 99% statisch, meestal vanuit mijn boot. Hierdoor kan ik op stekken vissen die voor veel vissers onbereikbaar zijn. En zijn vaak die stekken die de meeste 2 meter plus meervallen opleveren.”
Een week voor deze trip ving Ivo zo nog een mooie 2 meter+ meerval.
FAVORIETE ONDERLIJN
1 van 4
Mijn favoriete onderlijn voor het boeisysteem bestaat uit twee dreggen aan een kort stuk kevlar die ik snel en simpel kan verwisselen aan de wartel met daarboven een stuk dik, schuurbestendig nylon waar ook de verzwaring op komt te zitten om de aasvis op diepte te houden
SCHUILEN
Ondertussen gebeurt er nog weinig, geen kringetje op het water te zien en de toppen bewegen alleen door de golven van voorbijkomende schepen. Stroming staat er niet of nauwelijks. Het weerbericht geeft een kleine kans op een onweersbui aan tegen middernacht, maar naarmate de middag vordert trekt de lucht steeds verder dicht. De voorspelde 27 graden wordt niet gehaald. Om 19.00 uur voelen we zelfs een paar druppeltjes en besluiten voor de zekerheid om toch maar de overkapping op te zetten zodat we in ieder geval droog kunnen zitten/slapen als er meer regen komt. De speciale tent wordt over het voordek gespannen met genoeg ruimte voor 2 man. Perfect!
Voor de zekerheid zetten we toch maar de speciale boottent: maar goed ook!
Dat is maar goed ook, want een uur later zien we een donkere lucht hangen met af en toe een flits onweer. Die onweersbui lijkt aan ons voorbij te gaan, maar dat is ijdele hoop. Om 21.00 tuur rekt de lucht helemaal dicht, zien we steeds meer flitsen en begint het steeds harder te regenen. Uit ervaring weet ik dat meervallen doorgaans niet van harde regen houden en het is dan ook niet zo verwonderlijk dat een aanbeet uitblijft. We schuilen onder het tentzeil, een mooie gelegenheid om Ivo nog wat meer vragen voor te leggen voordat we onze slaapzakken opzoeken.
Wat is je grootste meerval tot dusver? In België, het buitenland?
“Mijn grootste meerval ving ik op mijn favoriete rivier de Rhône en toevallig was dit de eerste nacht dat ik er viste. Geluk of niet, maar hij was 249 cm lang. Gewicht? Geen sprake van om zo’n vis te wegen met 2 man, ik schatte deze enorme bak tussen de 110 en 120 kg.
Rhône-monster van 249 cm – niet te tillen!
Wat België betreft mag ik het geluk hebben met het huidige Belgisch record van 232 cm. Er gaan uiteraard geruchten dat er al groter zijn gevangen… Wat ik zeker weet is dat dit record geen jaren zal staan, vroeg of laat wordt er een grotere meerval gevangen en ligt ook voor mij de uitdaging weer open.”
Wat is je favoriete manier van vissen en waarom?
“Op zeker afspannen! Zowel vanaf de oever als vanaf de boot. Ik zeg altijd ‘statisch vissen levert vaker grote meerval op’ en het is zo! Als actieve visser houd je teveel halt bij elke reactie die je krijgt van meerval op je visvinder en het zijn net de kleinere meervallen die het actiefst zijn; als kleinere kinderen in een speeltuin. Grote meervallen zijn sluwer, zeker op de Maas, en zal je ze zeer discreet moeten benaderen. Ik beweer niet dat je met een bellyboat of actief vissen geen grote meerval kan vangen, maar de kansen zijn een pak kleiner. Wie beide technieken gaat beoefenen zal mij op termijn zeker gelijk geven.”
Statisch vissend vanuit de boot heeft mijn absolute voorkeur.
Je hebt een nieuwe boot gekocht, kun je daar kort iets meer van vertellen?
Onlangs kocht ik een nieuwe boot bij Markus Eulen van ‘Waller-Welt’ in Italië. Markus is een topper op het gebied van het statisch vissen op meerval op de Po. Doordat deze ruige rivier vrijwel niet visbaar is zonder degelijke boot weet hij beter dan wie ook aan welke eisen een perfecte meervalboot moet voldoen. Ik kocht de meest bekende meervalboot Mext 550; een zeer stabiele platbodem met een groot beloopbare oppervlakte. Hij voldoet perfect om lange tijd door te brengen op het water. Ik verblijf soms wel tot 2 weken op mijn boot en hiervoor heb je topkwaliteit nodig en vooral een veilige boot. Ik kocht de boot als casco en heb die verder zelf ingericht en voorzien van hengelsteunen, een grote visbun (100 liter) voor aasvissen, grote en vooral waterdichte opslagplaatsen om het materiaal tijdens slecht weer droog te houden, groot zonnedek waar je perfect op kan slapen, enz. Dit is gewoon de topper onder de meervalboten!
Heel blij met mijn nieuwe meervalboot – echt super!
Je gaat binnenkort voor het eerst naar de Po: hoe bereid je dat voor en wat zijn de verwachtingen?
“Mijn eerstvolgende buitenlandse trip zal de Po worden in Italië. Dit is een rivier naar mijn hart: brut en ruw zoals ik het graag heb. En wat bestand aan grote, zware meerval betreft ongeëvenaard. Het huidige wereldrecord van 276 cm komt van de Po en er zwemmen ongekend veel vissen van boven de 250 cm. Kortom een uitdagende rivier!
Ik verzamel al heel wat jaren alle informatie die ik tegen kom wat betreft vangsten, technieken, stekken, enz. Ik heb zelfs een waterkaart van de Po gemaakt die bijna 10 meter lang is waar ik alle informatie als stekken, boothellingen en dergelijke op heb aangegeven. Uiteraard heb ik ook goede contacten met plaatselijke topvissers zoals Markus Eulen en Yuri Grisendi. Ik ben er ook al wezen kijken toen ik mijn boot ging ophalen. Mijn verwachtingen zijn dan ook hoog, aan de voorbereiding en het materiaal zal het niet liggen!”
BOEIENSYSTEEM MET ’UITLEGGER’
1 van 6
De uitlegger wordt aan de boei bevestigd en uitgerold tot de gewenste afstand en dan gefixeerd. Vervolgens wordt aan de clip het korte breeklijntje bevestigd, en dan strak afgespannen naar de boot
MISSIE GESLAAGD
De hele nacht gaat de regen door, pas in het eerste streepje licht klaart het wat op. We zijn ook net wakker en varen snel de hengels opnieuw uit. Tijdens het uitvaren merken we dat het behoorlijk is gaan stromen en zien het nodige drijfvuil voorbijkomen. Binnen een kwartier is het raak en kunnen we de eerste kleine meerval van rond de meter bewonderen. Nog geen uur later gevolgd door een tweede die nets iets groter is. Beide op een boeihengel met de aasvis behoorlijk diep aangeboden.
De stroming zorgt voor actie.
Ook de aasvis op de onderwatermontage wordt zenuwachtig, even later gevolgd door een harde klap… maar de breeklijn breekt niet. Een misser, een kleine meerval? Als we later de aasvis inspecteren zien we dat die aardig ontschubd is bij de staart, waarschijnlijk door een kleine meerval. Snel wordt deze weer afgezonken met de steen om daarna meteen door te varen naar de lijnen van de andere hengels, waar zich inmiddels al weer heel wat druifvuil in heeft verzameld. Net als we aan het genieten zijn van de eerste zonnestralen en een verse bak heerlijke koffie zien en horen we een harde klap op de rechter hengel. Dan is het even stil, gevolgd door weer een harde tik waarna we de hengel steeds verder door zien buigen en weer wat terugveren. Een kleintje die de breeklijn niet kapot krijgt? Het is de hengel met de langste onderlijn (zo’n 5 meter)… Het is duidelijk dat er een vis aanhangt en ik pak de hengel uit de steunen en zoek contact. Terwijl ik dat doe breekt de breeklijn en voel ik toch wel een zwaarder gewicht hangen wat zich in eerste instantie rustig naar de boot laat leiden. We overwegen even om in de rubberboot te stappen, maar zien daar toch vanaf. Het moet zo ook wel lukken. Op 10 meter van de boot blijft de vis nog steeds diep hangen en begint dan toch harder te trekken. Dat moet toch wel een wat beter vis zijn. Dat wordt bevestigd als we in het helder water een mooie meerval zien boven komen die een eind richting de 170 cm gaat volgens Ivo. Dat blijkt te kloppen en even later kunnen we mooie meerval bewonderen van 166 cm. Missie geslaagd!
Missie geslaagd!
VOOR HERHALLING VATBAAR
We verwachten eigenlijk nog een aanbeet, maar als even later de stroming weer helemaal wegvalt wordt het tijd voor een ontbijt: een omelet met gebakken appel. Een vreemde combinatie, maar volgens Ivo echt lekker. Hij blijkt gelijk te hebben. Dat ontbijt is zeker voor herhaling vatbaar net als deze meervaltrip met Ivo. Ik heb genoten en ben toch weer een beetje aangestoken door het meervalvirus. Met dank aan Ivo!
Door verschillende factoren, zoals het helder worden van water en de toegenomen snoekstand, moet de snoekbaars een stap terug doen. Ook het aandeel grote snoekbaarzen lijkt gestaag af te nemen. Maar is dit echt het geval? Snoekbaarsvisser en bioloog Marco Kraal gaat in op de bijzondere populatiedynamica van de snoekbaars oftewel Sander lucioperca.
Tekst: Marco Kraal
De voor snoekbaars optimale leefomgeving bestaat uit voedselrijk, troebel water met veel diepteverschillen. In dergelijke wateren k...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Slepen én werpen!
De hitte raakt eraf en de planten zijn dik op hun retour, dus eindelijk is er ruimte om lekker achter de snoek aan te gaan. Met welke techniek je dat wilt doen is wel een beetje afhankelijk van het te bevissen water. In sommige gevallen zijn het nog steeds de planten die parten kunnen spelen. Niet als het groen wat als een jungle vanaf de bodem omhoogkomt, maar nu als afgestorven, drijvende resten van verloren uitbundigheid.
Tekst & foto’s: Bertus Rozemeijer
In sommige geva...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Topkoppel aan de IJssel
Het vissen op een rivier als de IJssel vraagt om een speciale aanpak, zeker met de feeder. Lukraak ergens ingooien en het er beste van hopen is vragen om een teleurstelling. Materiaal, voer en manier van vissen is allesbepalend voor succes. Koppelmaatjes Jan Willem Plekkenpol en Martijn Kroes, beide vissend voor Shimano, weten daar alles van. En zelfs dan kan het soms lastig zijn. De rivier en de vissen kunnen wispelturig zijn… zeker aan het begin van de zomer!
Tekst &am...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Een vissende tweeling, dat spreekt natuurlijk altijd tot de verbeelding. Je zou al snel de fout kunnen maken dat de nadruk komt te liggen ‘op het tweeling zijn’, dat natuurlijk een speciale band schept. Maar nog veel belangrijker voor dit magazine en de lezers: Twan en Mandy Swart zijn ook topvissers. Vandaag laten ze hun commercial aanpak zien.
Tekst & foto’s Mark Pijnappels
Het werd een visrijke dag voor Twan en Mandy!
Locatie van ons treffen is de Snake Lake vijver op het Berenkuilcomple...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Vandaag blijkt weer dat de rivier de Linge een prachtig visrijk riviertje is. Maar zelfs op visrijk water is de optelsom van kleine slimmigheidjes van de visser, het verschil tussen een beetje vis of leuk vis vangen. Wie kan die handigheidjes het best demonstreren? Dan kom je snel uit bij één van Nederlands meest succesvolle wedstrijdvissers: Stefan Altena!
Tekst & foto’s Mark Pijnappels
Om maar gelijk in huis te vallen met, een deel, van de imposante uitslagen die op de cv van deze kanjer p...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Het vissen met de method feeder is heel erg leuk, spannend en je hebt er relatief weinig spullen voor nodig. Het is een manier van vissen die je gemakkelijk na het werk, of wanneer je er een uurtje erop uit trekt, kunt beoefenen. Anja Groot is natuurlijk bekend van haar wedstrijdcarrière, maar ook zij is regelmatig licht bepakt met de method feeder aan de waterkant te vinden.
Tekst & foto’s Sjors Milder
De visserij met de method feeder is de laatste jaren enorm populair geworden. Het is een ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Tegenwoordig vis ik vaker op wateren waar F1’s en karpers te vangen zijn; dat zijn in de regel commerciële visvijvers. Dat soort visserij wordt populairder en dat is ook goed te begrijpen natuurlijk. Op deze wateren vang je nu eenmaal grote hoeveelheden vissen en bovendien zijn die vissen heel spectaculair om te vangen. Een positieve ontwikkeling is dat ook steeds meer verenigingen op hun wateren karpers en F1’s uitzetten.
Tekst Jan van Schendel, foto’s Mark Pijnappels
Als visser heb ik mijn hel...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Het volgende is voor veel vissers vast herkenbaar: in welke tas, vak of lade liggen mijn onderlijnen? Ah, ze zijn op… Dan maar even eentje knopen, maar waar ligt het juiste klosje onderlijn materiaal, en dat ene zakje haakjes, heb ik die niet thuis op een onlogische plek in de garage zien liggen…? Tijd voor orde: hoe organiseer je het vismateriaal? Peter Urscheler geeft zijn tips en tricks!
TIP 1. Tegenwoordig zie je steeds vaker van die EVA opbergbakken, en dat is niet zonder reden. Ze zijn handig, duurzaam, sterk en kunnen wel tegen een beetje modder of zand. Tevens zijn deze bakken erg stijf, waardoor ze hun vorm behouden en je ook het iets meer kwetsbare materiaal er in kunt bewaren, zoals dobbers. Maar ook zijn ze prima geschikt voor aas en voer!
Het Preston Supera EVA System is zo’n uniek ontworpen (aas)bak systeem. Ze zijn gemaakt van sterk en duurzaam 100 procent EVA materiaal. De grote bak is voorzien van een transparante deksel met ritssluiting, waardoor je snel kunt zien waar wat ligt. Het voordeel wanneer je alles van één merk koopt, is dat alles in elkaar past. Zo is het Supera EVA System ontworpen dat deze precies in de Inception zitkist past.
Ga voor kwaliteit! Dit soort ritsen gaan simpelweg stukken langer mee dan B-kwaliteit.Met handige, transparante deksel en een stevig handvat.
TIP 2. Zorg ten alle tijde dat je de juiste spullen bij elkaar houdt en dat je tijdens een vis sessie niet hoeft te zoeken naar dat gene wat je snel nodig hebt.
Neem bijvoorbeeld onderlijnen dozen: deze kun je compact bij elkaar houden en zo heb je in 1 greep de juiste onderlijnen.Dit bovenstaande geldt uiteraard ook voor de pellet wagglers, cad pots, hakensteker en pellet banders…
Hoe reinig je de tasjes?
TIP 3. Koop tasjes die je makkelijk kunt reinigen. Het voordeel van deze Preston Supera tasjes is dat ze waterdicht zijn: ze zijn van eva materiaal gemaakt. Het mooie hiervan is dat zodra het smerig en vies is geworden je het gemakkelijk schoonmaakt door er een vochtige doek of een spons overheen te halen.
Hoe gebruik je deze tassen?
TIP 4. Deze losse accessoire tasjes kun je dus voor diverse materialen gebruiken. Je kunt het zo gek niet bedenken: onderlijn mapjes, cad pods, pellet wagglers… Uiteraard zijn deze ook goed te gebruiken voor je aas en voer!
Bekijk maar eens in dit item hoe ik pellets klaar maak en handig gebruik maak van de Supera Pellet Wetter.
Vliegvissen is een beetje een buitenbeentje binnen de sportvisserij. Vliegvissers worden nogwel eens weggezet als elitair en aanstellerig. Maar vliegvissen is veel meer dan dat. Jeroen Schoondergang legt uit waarom hij verslingerd is aan het spelletje van het juist presenteren en vissen van een bijna gewichtloos aasje. Hij vindt vliegvissen soms minstens net zo effectief als traditionele methoden.
Ik herinner me de blikken nog op de trailerhelling van de Brouwersdam, eind jaren ’70. We waren net een paar jaar bezig met onze eigen boot. Bij het inladen na het traileren, haalden we de visspullen uit de auto. De lichte spinstokken met kunstaas leverden al gefronste wenkbrauwen op. Toen ik ook nog een vliegenhengel uit de achterbak van de auto toverde, kon één van de toeschouwers zich niet inhouden. “Er zit hier geen forel hoor, dus die zweephengel hoef je niet mee te nemen.”
Er is de laatste veertig jaar veel veranderd in de sportviswereld. Maar de combinatie vliegenhengel en zoutwater wordt door reguliere vissers nog steeds als iets eigenaardigs gezien. Een aantal keren is het me wel op de man af gevraagd: “waarom een vliegenhengel? Dat is toch veel te omslachtig, te veel gedoe? Of vind je dat leuk, dat zwaaien met zo’n hengel om dan niets te vangen?”
Of ik het leuk vind? Absoluut. Of ik het leuk vind om niets te vangen? Absoluut niet. Ik hoor tot het groepje vissers dat zich er niet voor schaamt hardop te zeggen dat het vangen van vis toch wel de belangrijkste reden is waarom ik vis. Dat ik daarnaast ook nog eens 99% van de tijd met de vliegenhengel vis, maakt niets uit.
Net als andere vissers moet ik veel vertrouwen hebben in het materiaal dat ik op dat moment in mijn handen heb. Vliegvissen op zee is effectief, wanneer je het -net als andere technieken- op het juiste moment en op de juiste manier inzet. Ik wil zelfs zo ver gaan dat je met vliegvissen soms vissen kunt vangen die natuurlijk en kunstaas aan zich voorbij laten gaan. Hoe dat in elkaar zit leg ik verderop uit.
MAKREEL: DE GARANTIEVIS
Ik ben er bijna zeker van dat de eerste vis die in Nederlands zoutwater aan de vlieg werd gevangen, een makreel was. Makrelen lenen zich nou eenmaal erg goed voor de vliegvisserij In de zomermaanden zijn zij (hoewel dat wel iets minder lijkt te worden) in grote scholen langs onze kust aanwezig. En zie je makreel, dan kun je er eigenlijk wel zeker van zijn dat ze trek hebben.
Een boot is vaak erg handig om actie van makreel te vinden, maar niet altijd nodig. Om ze vanaf de kant te vinden is de juiste plek in combinatie met het juiste moment (getij) cruciaal. Ik houd als stelregel aan dat makrelen nooit te ver van open zee afdwalen en dat ze ruim aanwezige voedselbronnen volgen, zoals kleine aasvis en garnalen. Havenhoofden zijn ideaal, als je dichtbij het water
kunt komen. Dat geldt ook voor dammen langs en in scheepvaartkanalen, de hoofden van pieren en de ingang van havens die direct aan zee liggen. Makreel is minder tolerant voor brak water, dan bijvoorbeeld zeebaars en fint. Het komt dus bijna niet voor (naar mijn ervaring) dat je makreel ver stroomopwaarts aantreft in scheepvaartkanalen als de Nieuwe Waterweg en het Noordzeekanaal.
HELDER WATER
Makrelen houden van stroming en meestal ook van helder water. Voor de kantvisser betekent dit doorgaans dat opkomend tij meer kansen biedt dan afgaand. Vooral in periodes dat rivieren veel water bevatten, komt er tijdens afgaand water vaak gekleurd water mee. Opkomend water neemt niet alleen helderder water van open zee mee, de kans op scholen aasvis onder de kant is ook groter. Makrelen zullen zich niet zo snel op grote prooien storten. Ze hebben een zeer zachte en kwetsbare bek, die slecht kan tegen een gevecht met een tegenstribbelende prooi. Daarom volgen ze graag scholen jonge sprot of haring, vliegen van een centimeter of vier tot zes zijn dan ideaal.
INTERESSANT? |LEES HET HELE ARTIKEL IN ZEEHENGELSPORT 372.
NU IN DE WINKEL OF NEEM EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
Op zoek naar voedsel begeven graskarpers zich niet zelden in de kleinste zijslootjes, slootjes van soms nog geen meter breed! Om ze daar te vangen valt vaak niet mee en wordt er veel gevraagd van de ‘stealth’ kwaliteiten van de visser. Haak je een vis dan kan de vis maar een ding doen, zo ver mogelijk naar rechts of naar links zwemmen, waarbij natuurlijk het hele slootje op de kop wordt gezet en je een verder vangst daar wel kunt vergeten. Dat geldt ook als je een vis onverhoeds toch verschrikt!
22- Goudgeel voertapijt
Zie je geen graskarpers in de oppervlakte omdat het bijvoorbeeld waait of je op dieper water vist, dan kun je ze ook heel goed aan het azen krijgen op de bodem. Graskarpers zijn echte zicht-azers en goudgele maïs (eventueel gemengd met duivenvoer) is en blijft een prima graskarperlokker. Wel minimaal een dag laten weken en 20 minuten koken (en liefst daarna nog een dag of wat laten staan in het kookvocht). Een groep grote graskarpers weet wel raad met zo’n geel tapijt. Vis er met een pop-up op; een paar korrels ma met een stukje geel foam er boven, een paar drijvende imitatie maisjes of een felgele (fluoro) pop-up boilie.
23 – Afkoeling
Op snikhete en windstille dagen is het slecht vissen vangen. De karpers zie je wel hangen onder de waterspiegel, maar azen doen ze nauwelijks. Het gedaalde zuurstofgehalte is de boosdoener van de inactiviteit. De karpers zijn lamgeslagen door de warmte. Pas als het flink gaat waaien en er een buitje regen valt wordt het drijfvoer weer gretig gepakt. Tijdens warme zomerse perioden zijn juist de koelere dagen met wat regen dikwijls zeer goede visdagen.
24 – Regen en uitstroming
In ons regenlandje doen talloze gemalen hun best om ons niet te laten verzuipen. Gemalen, groot en klein, laten het water vanuit polders, kanalen en boezemwater op gezette tijden stromen richting de uitwegen naar zee en IJsselmeer. Het zijn de uitstromende gemalen die na hevige regenval trekpleisters vormen voor groepen karpers. Maak een route langs de gemalen in een straal van pakweg 10 kilometer om je woonplaats. Voer ze ’s morgens aan en vis deze hotspots om de beurt af. Penvissend langs de uitstroming zijn hier in de regen vangfeesten te beleven.
25 – Overstorten
Stads- of cultuurwateren die doorstroming naar boezemwater kennen, worden bij zware regenval gebruikt om overtollig regenwater via overstortbuizen te lozen. Doorgaans zit dit overstortwater vol met micro organismen. Karpers zijn verzot op deze piepkleine diertjes. Zodra de overstort in werking treedt zijn de karpers hier razendsnel bij. Zorg dat je deze plekken in je water kent en houd ze scherp in de gaten. Begint het water voor zo’n buis te wervelen, dan gauw wat los voer erbij. Een uurtje wachten en dan met je pen erop. Het kan je dag maken! De overstort kan in de zomer ook weleens voor vissterfte, of visflauwte zorgen. Dit, aangezien het uitstomende water licht vervuild en zuurstofarm is…
26 – Zomertijgers
Tijgernoten heten het zomeraas bij uitstek te zijn. Ik kan daar een heel eind in meegaan. Karpers kunnen werkelijk verzot raken op tijgers, elke keer weer. Voor het penvissen vormen tijgers een ideaal voer en aas. Vooral in combinatie met een beetje kiemende hennep. Wanneer je onder je eigen kant vist met een pen of een loodje, voer de tijgers dan eens alsof het peper dure boilies zijn. Strooi ze nu eens niet op een hoopje, maar stuk voor stuk verspreid over een paar vierkante meter. Gebruik liever kleine nootjes dan de grote. Bijt de grote door en presenteer dan een of twee halve en gekauwde nootjes op een dunne hair van 8/00 nylon. Gevist aan een haakmaatje 10. En zie wat er van komt.
27 – Particlebom
Doe eens gek, iets wat de karper niet gewend is. Zoals een paar volle emmers gekookte duivenvoer over een strook water van 10 meter uitstrooien. Zelf zoek ik dan zo’n voerbomplek in een gebied van het water waar niet veel gevist wordt. Bij voorkeur een monotoon en saai stuk. Een stuk zonder rietkragen, overhangende takken, losse paaltjes of andere gekende idyllische karpertrekkers. Hoe eenzijdiger hoe beter. Daar voer ik ’s avonds laat weleens stiekem in een keer 25 kilo duivenvoer (mais, erwten, zaden en hennep). Ik strooi de particles vrij compact tot een paar meter uit de kant en dat over een strook van 10 meter oeverlengte. De volgende ochtend ga ik daar dan vroeg met een pennetje of een loodje op vissen… Probeer maar eens, deze zomer. Grote kans dat je compleet ‘lamgedrild’ huiswaarts keert.
28 – Wierharken
Ooit weleens de bodem van dat vuilhoekje in de poldervaart, parkvijver of van welke sloot ook met een hark omgewoeld? Enig idee wat er dan daar gebeurt? Dat het water terplekke zwart kleurt van de bagger, dat het gaat stinken van de bagger, dat daar een waarachtige hoeveelheid natuurlijke voedsel vrijkomt waarop in een mum van tijd een heleboel vis op afkomt. En dat de karpers op zo’n omgewoelde plek binnen kort tijdbestek gaan domineren. En dat die karpers door fanatiek gaan azen, heel fanatiek gaan azen… In ons jaarlijks helderder wordend water krijgen we vaker te maken met overmatige wiergroei. Vooral op plekken waar karpers graag komen, loont het de moeite om deze plekken wier vrij te maken en wier vrij te houden. Zwembroek aan, het water in en harken maar. Breng het wier meteen naar de kant. Een klus waar je spierballen van krijgt. Het effect van zo’n schoongemaakte plek en omgewoelde bodem laat zich dubbel en dwars uitbetalen. Door sommige wierexperts wordt gezegd dat zolang je dagelijks daar blijft voeren met hennep, de plek wier vrij wordt gehouden door azende karpers…
29 – Wokkelen
Gewoon midden in het wier vissen, kan ook. Het wier mag dan niet tot aan de waterspiegel zijn gegroeid, maar een stuk in het wier vissen dat tot half water staat is zeker lucratief, zo heb ik vorig jaar ontdekt. De karpers hangen, zwemmen en azen ook gewoon in het wier. Ze zullen wel moeten. Dus wat zou het om er dan ook maar gewoon een boilie in te vissen? Ik had er succes met een witte zwevende boilie, aan een soepele onderlijn van 40 cm en een pittig loodje. Om de haak na de ingooi te vrijwaren van wier, prikte ik deze vol met pva wokkels. De wokkels lossen in een vloek en een zucht op en de haak en aas staan mooi vrij tussen de planten. Hapklaar voor de vette biggen.
30 – Onderaan het talud
Door de stijgende watertemperatuur en het zakken van de koude spronglaag, wordt het diepere water in onze plassen interessanter voor karpers. Bevonden de karpers zich tijdens het voorjaar vooral in de ondiepe uitlopers, de randen en oeverzones van de plassen, vanaf juli zwemmen ze ook weer onder de taluds, op zes tot twaalf meter diepte. In augustus zakken de karpers naar nog dieper water af. Aan de andere kant trekken karpers ook de ondiepe slotenstelsels in waar amper 60 cm water staat. Ondiep water dat in open verbinding staat met dat grote en diepe water. Kennelijk is de ene karper de andere niet. ’s Zomers is er voor ieder wat wils. Houd het achterland met de slootjes en de kommetjes goed in de gaten en zet de zakken honden- of kattenbrokken maar klaar.
Schilderachtig en visrijk riviertje
In Nederland zijn niet zo veel stromende riviertjes, de Kromme Rijn is een welkome uitzondering! Dit riviertje loopt dwars door de provincie Utrecht, van Wijk bij Duurstede tot in de stadsgrachten in het centrum van Utrecht. Onderweg stroomt dit 28 kilometer lange riviertje door prachtige landerijen, bossen en langs fraaie landhuizen en kastelen.
Tekst & foto’s: Jan van Schendel
Een van de mooiste plekken is het punt waar de Kromme Rijn langs kasteel Bever...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
PAREL IN HET NOORDEN
Op de grens van Groningen en Drenthe ligt het bijna 300 hectare grote Paterswoldsemeer. Het is één van de favoriete visstekken van Henk Enting vanwege de talrijke aanwezige grote brasem. Henk heeft er al Abramis brama’s gevangen tot 3,9 kg zwaar; reden om hem eens aan de oevers van dit prachtige meer op te zoeken.
Tekst & foto’s: redactie
Na de eerste kennismaking blijkt al snel dat bij deze Drentenaar water en vissen in de genen zitten. Zoals velen komt hij uit een ‘vis...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Uiteindelijk redde ‘naar binnen vissen’ vandaag de dag!
Alles in balans
Winde is een alleseter; een soort die aast van bodem tot aan het oppervlak en die je met veel verschillende technieken kunt vangen. Met de feeder, klein kunstaas of een drijvende korst, het is allemaal mogelijk. Voor mij gaat er niets boven het zichtvissen. Het is eenvoudig, spannend en je hebt weinig materiaal en tijd nodig. En de bonus: je vangt vaak de dikste windes!
Tekst & foto’s Mark Pijnappels
Het opmerkelijke van het vissen op winde is dat het voor maar heel weinig me...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Een van de belangrijkste schakels bij het vaste hengel vissen is de verbinding tussen hengel en lijn. Zeker bij sterk vechtende soorten als (kruis)karper is dit extra relevant. Hoe bevestig je de lijn aan een vaste hengel? Welke eigenschappen moet een vislijn op commercials hebben? En hoe lang maak je de lijn, ook wel opslag genoemd? We vroegen dit aan commercial expert Peter Urscheler.
Hoe bevestig je de lijn aan het elastiek?
Er zijn meerdere manieren om dit te doen. Dit doe ik altijd door middel van een dubbele lus. Zo kun je snel van tuig wisselen mocht dit nodig zijn.
De verbinding tussen hengel en lijn is zonder meer een van de belangrijkste schakels in het geheel.
Welke eigenschappen moet een vislijn op commercials hebben?
Je hoofdlijn en onderlijn moeten niet te stug zijn. En ook is een beetje rek op de lijn geen overbodige luxe. Ik ben een voorstander van een soepele hoofdlijn en onderlijn. Dit zorgt er voor dat je aaspresentatie erg natuurlijk wordt aangeboden, zodoende hebben de vissen minder argwaan.
Een beetje rek is zeker geen overbodige luxe als je dit soort vissen moet drillen!
Een voorbeeld van zo’n lijn een lijn die aan de bovengenoemd eigenschappen voldoet is de Preston Reflo Accu Power lijn. Deze lijn is inmiddels een klassieker en uitermate betrouwbaar. Vele topvissers maken gebruik van deze lijn en dat is niet zonder redenen: een hoge knoopsterkte, een accurate diameter. Daarnaast is de lijn sterk en soepel tegelijkertijd!
Een hoge knoopsterkte, accurate diameter en daarnaast is de lijn sterk en soepel tegelijkertijd!
Hoe lang maak je de lijn, ook wel opslag genoemd?
Op commercials kunnen de aanbeten erg voorzichtig zijn. Je moet soms snel kunnen reageren op dobberbewegingen. Wanneer je opslag dan te lang is, zul je meer aanbeten missen. Mijn opslag is doorgaans 25 cm, gerekend van de top van de hengel tot de bovenkant van de dobber.
Onder normale omstandigheden houd ik de opslag 25 centimeter lang.
Alleen wanneer er veel wind staat, dan maak ik de opslag 10 cm langer. Bovendien maak ik dan van een zogenaamde ‘backshot’ op de opslag. Dit zijn verzwaringen, in mijn geval één of twee Preston Stotz loodjes formaat acht, om de dobbermontage stabiel te kunnen presenteren.
Voor al zijn commercial visserij valt Peter terug op de Accu Power lijnen!
Warme, windstille zomerdagen waarbij de mussen van het dak vallen, gelden niet bepaald als ideale omstandigheden voor het vangen van karper, zeker niet midden op de dag. Hoe anders is het voor graskarper. Voor graskarper kan het warm genoeg zijn en daarom is deze vis de ultieme zomervis! Ze beginnen dan echt veel te vreten en zijn dan gemakkelijk te spotten in de oppervlakte. Soms ligt er een groep lui net onder het wateroppervlak maar vaak zie je ze ook actief bezig met het ‘maaien’ van de kanten of zich te goed doen aan dikke bossen drijfwier. Zijn naam heeft hij natuurlijk niet voor niets gekregen! Een omzichtig aangeboden broodkorst (of een dubbelgevouwen pluk gras) wordt dan meestal vroeg of laat genomen!
Afstand houden
Graskarpers zijn extreem schuwe vissen die zich maar moeilijk laten benaderen. De sleutel tot succes is dan ook vaak afstand houden en je zo stil en verdekt mogelijk gedragen langs de waterkant. Zie je een groepje (azende) graskarpers ga er dan niet direct op af, maar positioneer je op veilige afstand en laat de wind en/of (oppervlakte) stroming je korst naar de vissen voeren. Dat kan wel even duren en daarom is het belangrijk dat je de korst zo bevestigt dat die minstens 10 minuten in het water kan blijven liggen en nog steeds op de haak zit. Voordeel van zo’n verzopen korst is dat de graskarpers de korst soms ‘aanvallen’ zonder echt te pakken, maar daarbij de haak naar binnen zuigen.
Stevige korstbevestiging
Moet je ver gooien en wil je dat je korst ook na enige tijd nog steeds op de haak zit dan is er eigenlijk maar een goede manier van bevestigen. Vouw de korst dubbel en voer de haakpunt door beide delen van de korst, draai vervolgens de haak een halve slag en laat de korst ‘ontspannen’. De haak is nu mooi verborgen en de korst zit zeer stevig op de haak, ook na een tijdje in het water te hebben gelegen. Sop de korst een tel in het water voordat je inwerpt en je zult zien dat je dan gemakkelijk 15-20 meter kunt werpen.
Groot voordeel
Moet je bij een gewone karper vaak snel aanslaan als de korst of brokje naar binnen wordt gezogen, bij een graskarper is dat niet nodig. Als de korst verdwenen is, draai dan de lijn strak (je zit vaak op grote afstand te vissen) totdat je het gewicht van de vis op de top voelt en zet dan beheerst de haak. Op deze manier zal je zelden een aanbeet missen. Graskarpers zijn met hun stevige, benige lippen gewend om hard materiaal als riet te eten en schrikken niet van een grote haak of dikke lijn. Een groot voordeel als je aan het vissen bent in zwaar begroeid water!
In de schemer
Graskarper mag dan heel goed overdag te vangen zijn op die mooie zomerse, windstille dagen, maar graskarpers zijn ook schuw. Daarom zijn vaak de vroege ochtend (zeker na een warme nacht!) en late avond, wanneer het rustig is geworden, toch vaak de beste tijdstippen om de graskarpers met oppervlakteaas te foppen. Omdat je niet snel hoeft aan te slaan kun je ook heel goed tot in het donker doorvissen met de korst. Gewoon de lijn tussen je vingers houden en wanneer je vermoed dat de broodkorst gepakt is, gewoon wachten totdat de lijn uit je vingers wordt getrokken!
Het dobbervissen op openbaar water en commercials kent veel raakvlakken, maar zeker ook veel verschillen. Omdat de technieken en aassoorten in de regel wezenlijk anders zijn, heeft dit ook gevolgen voor de dobberkeuze. Peter Urscheler geeft antwoord op de vraag: welke dobbers heb je bij het commercial vissen nodig?
Aan welke eigenschappen moet commercial dobber voldoen?
De belangrijkste voorwaarde waar een dobber voor de commercial vijvers aan moet voldoen is dat het een degelijke dobber is. Dit wil zeggen dat het drijflichaam, het oog en de boven en onderantenne sterk moeten zijn.
Welke dobbers heb je bij het commercial vissen nodig? In ieder geval modellen die tegen een stootje kunnen!
Hoe herken je zo’n dobber?
Neem bijvoorbeeld de nieuwe Preston Des Shipp commercial range dobbers. Zijn voorzien van een unieke side – eye oog. De bevestiging van het oog zorgt er voor dat wanneer je een grote vis vangt het onmogelijk is dat het oog los komt uit het drijflichaam. Het oog zit om de antenne van de dobber heen en dan in het drijflichaam verwerkt. Verder bestaat deze range uit 5 verschillende type dobbers. Alleen een andere dikte boven antenne om zo op ieder situatie in te spelen.
De Preston Des Shipp commercial range dobbers zijn voorzien van een unieke side – eye oog.
Hoe bevestig je een dobber?
Ik bevestig mijn dobbers altijd met drie silicone rubbertjes. Twee daarvan ongeveer een halve centimeter lang en de laatste één centimeter lang. Deze laatste laat ik iets over de onderantenne heen komen. Zo raakt je dobber niet snel in de war met je hoofdlijn. Voordeel van drie rubbertjes is dat de dobber goed op zijn plek blijft en niet snel zal verschuiven.
Bevestiging middels drie slangetjes. Let eens extra op hoe mooi het oogje net boven het drijflichaam de nylon voert (bovenste inzet), in combinatie met de slang net onder het drijflichaam. Het laatste slangetje laat ik altijd een stukje ‘over steken’.
Hoe moet je een dobber uitloden?
Het uitloden van de dobber is een erg secuur werkje. Je wilt het haakaas zo natuurlijk en subtiel mogelijk aanbieden aan de vis. Wanneer je te weinig lood gebruikt, dan zal de vis meer weerstand voelen en eerder los laten. gebruik je te veel lood gebruikt, dan gaat dit ten kosten van een goede beetregistratie. Verder zijn er natuurlijk diverse modellen dobbers op de markt en ook diverse technieken van vissen waarbij de loodzetting een rol speelt.
Perfecte grip op de lijn; bijna elke serieuze commercial visser maakt gebruik van de Stotz loodjes.
Ik gebruik doorgaans 7 tot 8 Stotz loodjes op lijn. De verdeling hiervan hangt af van de visserij. Ik gebruik graag stotz loodjes omdat deze over een groter oppervlak op je lijn zitten en deze mindere snel de lijn beschadigd.
“Je wilt het haakaas zo natuurlijk en subtiel mogelijk aanbieden aan de vis”
Kun je nog wat meer over die Preston Des Shipp commercial range dobbers vertellen?
De volgende modellen zal ikeven kort uitlichten, deze zullen zeker voldoen aan de vraag: welke dobbers heb je bij het commercial vissen nodig? Het zijn de Chianti, , F1 Maggot en de F1 Pellet.
De range bestaat onder meer uit een Chianti, F1 Fine, F1 Maggot, Carp Pellet en een F1 Pellet model.
De Chianti is een heel populair allround model dobber, geschikt voor een breed scala aan aassoorten en omstandigheden. Dankzij het slanke model kun je deze dobber prima inzetten in combinatie met verspreide loodzettingen voor een natuurlijke zinkfase van het haakaas.
De F1Maggot heeft een holle plastic bovenantenne en een carbon onderantenne. Het is tevens een slank model, waardoor je deze perfect met maden kunt inzetten. De zwaardere modellen voor op dieper water, de kleinste kun je goed in het kantje gebruiken. Kortom, een de F1 Maggot is bij uitstek geschikt voor het vissen op F1’s en witvis op commercials.
De F1 Pellet is speciaal ontworpen voor het vissen met pellets. Door de stalen onderantenne krijgt de dobber de nodige stabiliteit. Dankzij het slanke model zal de weerstand minimaal zijn; ideaal voor schuwe vis.
De zon staat hoger en de zeewatertemperatuur loopt op. Niet lang na de intocht van de meivissen als geep en fint volgen de gladde haaien om zich in de Zeeuwse delta voort te planten. De laatste jaren lijkt het alsof er meer en meer van deze stoere, maar vriendelijke kraakbeenachtigen ons water weten te vinden. Geef toe: je hebt er zelf ook vast al aan gedacht om te gaan touwtrekken met zo’n deftige meterplus dame, maar hebt niet de tijd om het spelletje zelf uit te dokteren. Michel van Spankeren beschrijft daarom vanuit de praktijk zijn bevindingen voor het vissen op gladde haai vanaf de kant deze zomer.
Natuurlijk wil ook jij een haai vangen vanaf het strand. Daar is geen beslist rocket science voor nodig. Dus daar gaan we: om vanaf het strand op haai te vissen kiezen veel mensen, waaronder ikzelf, voor het gebruik van een stevige strandhengel met dito molen waarmee 200 gram geankerd werpgewicht plus een krab zonder moeite zo ver mogelijk kan worden ingegooid.
Op die molen spoelen we een stevige vislijn. Dit is een vereiste omdat je te maken kunt hebben met een steile kleirand, begroeid met schelpen waar de haaien nietsvermoedend hun portie ongewervelden bij elkaar scharrelen. Op die kleirand kan je ankerlood of haak zich helaas ook vastzetten en daarom is wat extra trekkracht wel zo fijn. Bovendien laten de grotere (vaak vrouwelijke) haaien niet met zich sollen en zullen ze keer op keer het gevecht proberen te dicteren door hard weg te sprinten.
KLEIRANDEN
Een lijn die zo’n klap kan opvangen, zeker bij het gebruik van een stuggere strandhengel, maakt het verschil tussen vangen en verliezen. Qua lijnkeuze zit je goed als je kiest voor een sterke gevlochten lijn van minimaal 25/00 of 40/00 nylon. Het voordeel van het gebruik van gevlochten lijn is de hoge trekkracht per diameter. In verhouding tot nylon is gevlochten lijn dunner per kilogram trekkracht. Bovendien heb je met gevlochten lijn een directere en duidelijkere beetregistratie – wat in het voordeel is van zowel vis als visser.
Hoewel nylon in verhouding dus dikker is dan gevlochten lijn heeft het als voordeel dat het superieur is in slijtvastheid, wat je ten goede komt op de begroeide kleiranden langs de Zeeuwse stranden. Om het beste van beide werelden met elkaar te combineren vis ik met 25/00 gevlochten lijn die ik middels een oersterke FG-knoop verbind aan een 50/00 of 60/00 nylon voorslag. Die voorslag maak ik voor mijn hengel van 4,5 meter lengte ongeveer 6 meter lang (minimaal één hengel lengte plus wat extra). Deze dient dus om te voorkomen dat de gevlochten lijn bij het binnenhalen onverhoopt een oestertje raakt en doorsnijdt.
DRIEPOOT
Als standaard gebruik ik een stevige driepootsteun die ik hoog doch breed wegzet zodat de hengels zo verticaal mogelijk staan, maar de steun niet makkelijk omvalt door wind of stroming. Een stabieler systeem zijn de handige strandsteunen die je in het zand steekt. Ik heb gemerkt dat deze stabieler zijn bij sterke wind, stroming en aanbeten, makkelijker in gebruik zijn en lichter om te dragen zijn. Als ik mocht kiezen zou mijn keuze daarom vallen op de modellen die je in het zand steekt.
Met een hengel, een molen gevuld met stevige lijn en een steun ben je aardig op weg, maar er zijn nog wel wat zaken die eigenlijk niet mogen ontbreken aan de uitrusting. Een goede onthaaktang is bijvoorbeeld belangrijk om de haak snel en soepel uit de taaie haaienbek te krijgen. Daarnaast is het handig om bindelastiek mee te nemen om de krabben stevig vast te zetten op de haak. Vergeet ook niet een goede, duidelijke onthaak- of meetmat bij te hebben voor een foto om kans te maken op die felbegeerde Noordzeekanjer badges én uiteraard een goede camera met flitser mee te nemen voor het vastleggen van het moment supréme
SUPERSIMPEL
De onderlijn kan heel simpel bestaan uit een 1,5 meter lange wapperlijn met aan het uiteinde een grove stevige haak. Hoewel het een prima supersimpel systeem is heb ik gemerkt dat op sommige dagen de afstand loont en dat het ‘clippen’ van de haak nét die waardevolle extra meters kan opleveren. Ik vis daarom standaard ‘geclipt’. Hoe ik meestal zo’n onderlijn makkelijk en snel maak, zie je op de tekening bij dit artikel. Om de geclipte lijn bovenlangs te leiden heb ik een heel simpel clipje bedacht. Je neemt de speld van een safety-clip en knipt er twee stukjes af.
Het uitstekende stukje bevestig je richting het lood en het ringetje bevestig je richting de wartel die de lijn aan de hengel verbindt. Het bevestigen doe je supersimpel door de lijn vier keer rond
het metaaltje te wikkelen. Daarmee is de clip makkelijk verstelbaar als je de haaklijn inkort omdat deze beschadigd is, of omdat je hem initieel niet helemaal lekker op de lijn hebt gezet.
Bovendien is het een lekker goedkope manier. Maak het uiteinde van het metaaltje niet te lang want dan komt de haaklijn er niet van los bij het raken van het water.
INTERESSANT? |LEES HET HELE ARTIKEL “ZEELANDS ROEM” IN ZEEHENGELSPORT 372.
NU IN DE WINKEL OF NEEM EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
In de zomer groeien veel wateren dicht. Karpers hebben weinig last van al dat groen, ze vinden het zelfs wel prettig. Voor ons ligt dat anders; een overvloed aan waterplanten levert een heleboel problemen op: van het presenteren van aas tot het drillen van de vis. Bernd Brink laat zien dat je met de juiste tactiek toch vis kunt vangen in de onderwaterjungle.
Het aantal plantenrijke en heldere wateren neemt de laatste jaren in rap tempo toe. De hoofdoorzaak daarvoor is volgens mij de stijgende temperatuur en schoner, helderder water door de
afname van fosfaten in ons water. Waterplanten groeien sneller in warmer water en in helder water dringt meer licht door waardoor planten sneller ontspruiten. Waterplanten bieden een ideale
biotoop voor slakken, mosselen, insectenlarven en ander klein spul. Voor karpers is dit een luilekkerland. Ze hoeven soms alleen maar hun bek te openen en het voedsel stroomt naar binnen.
Hoewel grote karpers nauwelijks natuurlijke vijanden hebben, zoeken zij instinctief altijd beschutting. Het verblijf in de onderwaterjungle werkt stress-verlagend, het brengt ze rust. Deze instant
‘wellness’ in combinatie met het grote voedselaanbod, maakt deze zomerse wateren tot een vijfsterren vakantiepark voor karpers. En zoals toeristen in een luxe resort, komen ook de karpers hier flink aan.
Kleine openingen in het plantentapijt leveren vaak de meeste aanbeten op.
WATERLELIES
Karpers houden dus van beschutting. Tijdens warme zomerdagen zoeken ze de schaduw van drijvend blad. De onderzijde van de bladeren en de stelen leveren volop voedsel op. Ze hoeven de slakjes er alleen maar af te grazen. Afhankelijk van de grootte en dichtheid zijn lelievelden altijd een uitdaging. Een veld waar de stelen redelijk ver uit elkaar staan levert doorgaans geen problemen op tijdens de dril. De lijn loopt gemakkelijk langs de lange stelen en snijdt moeiteloos door het dunne blad. Dyneema maakt zelfs met de stelen korte metten. In zo’n
dun lelieveld ben ik dan ook niet bang om een meter of twintig in het veld te vissen.
Staan de stelen dicht bij elkaar, dan is het een ander verhaal. In een dichtbegroeid lelieveld pak je tijdens een dril gemakkelijk meerdere stelen tegelijkertijd. Bovendien heeft zo’n lelieveld vaak een dichte wortelstructuur. In tegenstelling tot de stelen geven wortels niet mee, ze kunnen armdik worden. Voorzichtigheid is daarom geboden als de mogelijkheid bestaat dat een karper de waterlelies in vlucht.
Bij dichte velden vis ik daarom alleen tegen de randen aan. De hengel ligt met een bijna dichte slip in de steunen, zodat een gehaakte karper bijna geen lijn kan nemen. Het spreekt voor zich dat je in deze situatie bij een aanbeet direct bij je hengel moet kunnen. Ben je te laat, dan zit de vis vaak al in de lelies en als je dan met volle kracht drilt, is de kans erg groot dat de haak losscheurt. Niet fijn voor jou en de karper… In een dunner begroeid lelieveld is het belangrijk om tijdens de dril voldoende druk te houden. Alleen met een strakke lijn lukt het immers om de stelen en bladeren ‘om te ploegen’. Zwemt een vis zich vast in de bladen dan is nog niet alles verloren. De flexibele stelen vangen de meeste klappen van de vis op en de haak blijft vaak wel even zitten.
Deze junglekarper pakte een opvallende pinda in de opening tussen de planten.
SCHEERMES
We willen allemaal grotere vis vangen. Op deze stekken is het bijkomende voordeel dat een twintigplusponder je tijdens de dril helpt korte metten te maken met de lelies.
De lijn die aan twee kanten strak gespannen staat werkt als een zeis, zodat de vis zichzelf snel vrij zwemt. Kleinere vissen maken er vaak juist een potje van door rond stengels te
zwemmen en zo nog vaster te komen. Een gevlochten hoofdlijn is een grote hulp bij een dril in de lelies. Een relatief dunne gevlochten lijn van 25 tot 30/00 mm snijdt door de planten
als een scheermes.
Je kunt je molens volledig met deze lijn volspoelen, of combineren met een dikkere lijn. Zorg er dan wel voor dat de ‘snijlijn’ lang genoeg is. Doe je dat niet, dan loop je het risico dat de dikkere lijn in de planten terechtkomt. Vis de snijlijn altijd in combinatie met anti tangle-tubing, een nylon leader of een stuk leadcore, anders is er een kans dat de karper zich verwondt aan de dunne, scherpe lijn. Een stuk van een halve meter tot 70 centimeter moet voldoende zijn om de lijn uit de weg te houden, zonder de snijfunctie al te veel te beperken.
Waar het is toegestaan, is een bootje hét ideale hulpmiddel om een vastgezwommen karper los te krijgen en om verder in de lelievelden te vissen
INTERESSANT? LEES HET HELE ARTIKEL IN KARPERWERELD 133
Nu te koop in de winkel of neem een voordelig jaarabonnement voor slechts € 46,50
Door verschillende factoren, zoals het helder worden van water en de toegenomen snoekstand, moet de snoekbaars een stap terug doen. Ook het aandeel grote snoekbaarzen lijkt gestaag af te nemen. Maar is dit echt het geval? Snoekbaarsvisser en bioloog Marco Kraal gaat in op de bijzondere populatiedynamica van de snoekbaars oftewel Sander lucioperca.
De voor snoekbaars optimale leefomgeving bestaat uit voedselrijk, troebel water met veel diepteverschillen. In dergelijke wateren kan snoekbaars in hoge dichtheden voorkomen en vind je verhoudingsgewijs het hoogste aantal grote vissen. De belangrijkste reden hiervoor is voldoende voedselaanbod in de vorm van prooivis, gevolgd door de afwezigheid van predatiedruk door snoek. Daarnaast is snoekbaars een lichtschuwe vis die een broertje dood heeft aan helder water.
Dat geldt vooral voor juveniele snoekbaarsjes die letterlijk dood gaan aan stress ten gevolge van teveel licht. Voedselrijk, door algen vertroebeld water is daarom een ideaal snoekbaarsmilieu, zeker wanneer er in dat water diepe plekken te vinden zijn. Dat laatste heeft te maken met het afsterven van algen in het najaar, waardoor het water helder wordt. De lichtschuwe snoekbaarzen kunnen dan een veilig heenkomen zoeken in de diepere delen van het water waar weinig licht meer doordringt. Ook rivieren vormen een uitstekend milieu voor snoekbaars, zeker wanneer de betreffende rivier in openverbinding staat met diepe zandwingaten
ERWTENSOEP
Bovenstaande factoren bepalen nietalleen de hoeveelheid snoekbaars in een water, maar ook de opbouw van de populatie, met andere woorden: het aandeel grote versus kleine exemplaren. Daarnaast kan visserij een rol spelen. Daar kom ik later in dit artikel op terug. De tak van de biologie die zich hiermee bezig houdt, wordt populatiedynamica genoemd. De populatiedynamica van snoekbaars is goed onderzocht, ook in Nederland en is buitengewoon interessant. Niet alleen voor visserijbiologen, maar ook voor sportvissers.
Vooral tijdens afvissingen kun je vaak duidelijk zien hoe een snoekbaarspopulatie in een bepaald water in elkaar steekt. Zo kan ik me goed herinneren dat ik in opdracht van de Amsterdamse Hengelsport Vereniging visstandbemonsteringen uitvoerde op verschillende wateren. Destijds, en dan heb ik het over een dertig jaar geleden, was het meeste water door een overmaat aan voedingsstoffen en de daardoor veroorzaakte algenbloei zo groen als erwtensoep. Bij onderzoek in ondiepe, troebele wateren troffen we steevast een paar bakken van snoekbaarzen aan. Dan heb je het over vissen vanaf 70 centimeter tot tegen de meter lang.
Vooral de scheepvaartrivieren vormen nog steeds een uitstekend milieu voor (grote) snoekbaars.
Naast snoekbaars troffen we vooral kleine, slecht gegroeide brasem, karper en een enkele grote snoek aan. Dergelijke visgemeenschappen worden het ‘snoekbaars-brasem type’ genoemd. Steevast ontbrak er echter jonge snoekbaars. Die worden in dit soort water namelijk óf opgevreten door hun grote familieleden en óf leggen in het ondiepe water bij het naderen van de winter het loodje ten gevolge van stress. Het aantal grote snoekbaarzen viel in deze ondiepe wateren erg tegen. Vaak waren het maar een beperkt aantal. Sommige vissen werden door sportvissers dan ook met regelmaat terug gevangen.
Hoe anders was de situatie in troebele, voedselrijke meren met een groot diepteverschil. Wateren als het Gooimeer, Volkerak en De Nieuwe Meer, om een paar te noemen, waren nog geen 25 jaar vertroebeld door algenbloei én extreem voedselrijk. Het waren wel de topwateren waar je bizarre aantallen snoekbaars van fors formaat kon vangen. Het bestand op het Gooimeer was destijds zo groot en de productie zo hoog dat, ondanks beroepsvisserij en een destijds aanzienlijke stroperij met staande netten, je hier als sportvisser in een heus snoekbaarswalhalla waande.
Op het Markermeer is sprake van herstel van de snoekbaarsstand. Beroepsvissers vangen hier steeds meer grote exemplaren. (Foto: Sander Boer)
HELDER WATER
Die tijd is voorgoed voorbij. Door het drastisch terugdringen van de hoeveelheid voedingsstoffen in het water is het oppervlaktewater overal helder aan het worden (of inmiddels geworden), komen waterplanten terug en verandert de visstand. Niet alleen verandert de samenstelling van de visstand, ook de productie en de hoeveelheid vis zijn de afgelopen
decennia afgenomen.
Met betrekking tot de samenstelling van de visstand de visgemeenschap -, is vooral de biodiversiteit aan vissen sterk toegenomen. Ook is de snoek terug van weggeweest en heeft de rol van toppredator van de snoekbaars overgenomen. Vast staat dat ten gevolge van het gevoerde waterbeheer de snoekbaars in veel wateren een behoorlijke stap heeft teruggedaan. In helder geworden ondiepe plassen en meren is de snoekbaars nagenoeg verdwenen. Hooguit tref je daar nog een enkele ouwe knar aan.
LEES HET HELE ARTIKEL | “POPULATIEDYNAMICA SNOEKBAARS ONTRAFELD” in BEET JULI/AUGUSTUS
Nu verkrijgbaar in de boekhandel of neem een extra voordelig jaarabonnement
Wat zou je als witvisser zijn zonder een aastafel? Uiteraard ook handig voor kleinmateriaal dat je snel bij de hand wil hebben. Maar wat is een goede aastafel? Aan welke eigenschappen moet deze voldoen. Peter Urscheler geeft je enkele tips waar je bij aanschaf op moet letten.
In zijn algemeenheid zijn er een aantal zaken waar je op moet letten. Ga ten eerste voor een tafel die genoeg ruimte biedt. Natuurlijk is dit voor iedereen weer anders, maar er is niks zo irritant als wanneer de spullen die je bij de hand wil hebben niet passen…
Wat is een goede aastafel? In ieder geval ééntje waarop je al je spullen kwijt kunt!
Ga daarnaast voor kwaliteit. Het kost wellicht ietsje meer, maar gebruiksgemak, levensduur en stabiliteit krijg je ervoor terug. Bekijk eens de Preston Venta-lite side trays. Zeker weten dat er binnen deze range de perfecte tafel voor jou is!
Stevige zwenkpoten met een kogelgewricht, welke ook ondersteuning bieden op een ongelijke bodem.Het gemak waarmee je de Venta-lite side trays op je viskist of extra poten zet, is verbluffend makkelijk en biedt een extreem stabiel geheel.Kleine details, maar wel details die heel handig kunnen zijn!
Wat zijn de voordelen van een kap die past op een aastafel?
Wanneer je een aastafel aanschaft met een kap er op, dan kun je deze op diverse mogelijkheden inzetten. Wanneer het droog is en niet al te warm kun je de kap naar beneden laten. Zodra het gaat regen trek je de kap op en staat je aas, voer en diverse andere materialen droog. Ook wanneer het erg warm en zonnig is beschermd de kap je aas en voer tegen uitdrogen. Hiermee sla je dus twee vliegen in één klap.
Een kap biedt bescherming tegen zonlicht, maar ook tegen regen!
Zo goed als een single-broodkorst vangt, zo slecht doet een zomaar in zijn uppie geviste honden- of kattenbrok het. Of je moet het echt voor de bek leggen. De brokken moeten het hebben van het lokkend effect van de vele drijvende aasjes. Heeft de karper ze ontdekt, dan is er geen houden meer aan. Voelen de karpers zich veilig dan verdwijnt het ene na het ander brokje. Dat gebeurt vaak wanneer de brokjes in de kant gedreven zijn, tussen het vuil of rietstengels, of juist wanneer ze door de wind wat verder uit de kant zijn gedreven.
12- Floater controller
Honden- en kattenbrokken zijn heel licht; hoe krijg je zo’n aasje op de plek waar de vissen zwemmen/azen? Uiteraard komt het wel eens voor dat ze binnen een hengellengte aan het azen slaan, maar vaker niet dan wel. Een transparante floater controller; een soort van kleine geepdobber, die aan de onderkant verzwaard is en aan de bovenkant op de lijn bevestigd wordt, biedt dan uitkomst. Eentje met een werpgewicht van 10 tot 20 gram is meestal voldoende om de verre vissen te kunnen bereiken. Gooi niet direct midden tussen de azende vissen maar er overheen of naast en trek de controller langzaam naar de vissen toe.
13- Met elastiekje
Roodkleurige brokken zijn favoriet, die wil je dus graag als haakaas inzetten. Maar hoe bevestig je zo’n hard of zacht, voorgeweekt brokje aan de haak? Niet zelden valt het er bij de eerste de beste worp al af. Een hard brokje kun je heel simpel bevestigen met een (beugel)elastiekje. Gewoon een simpele lus om de haaksteel, brokje in de lus van het elastiek klemmen en vissen maar. Ook kun je het brokje met een (korte!) hair vissen of meerdere brokjes op een D-rig rijgen. Veel brokjes, als de Tom Poes variantjes, zijn al voorzien van een gaatje en anders kun je met een boilieboortje een gaatje maken.
14- Lastpakken
Eenden, meerkoeten, ganzen, zwanen en vooral ook meeuwen kunnen je het leven behoorlijk zuur maken bij de oppervlaktevisserij! Vooral meeuwen kunnen vanuit het niets verschijnen en storten zich krijsend op je broodkorsten. Met brokken heb je minder last van al deze lastpakken en is het vaak het beste om ze hun gang te laten gang, totdat ze er genoeg van hebben. Klappen in je handen wil helpen om meeuwen te verjagen. Ga niet lopen zwaaien en schreeuwen want daarmee verjaag je ook de karpers! Ook kun je op een andere plek wat voeren en hopen dat ze bij jou uit de buurt blijven.
15- Grasmaaien
De zomerperiode is een periode waarin regelmatig weilanden en gemeentelijke plantsoenen onderhouden moeten worden. Alles groeit en bloeit en dus ook het gras zal met grote regelmaat gemaaid worden. Het gemaaide gras zal niet allemaal op het grasveld of weide achterblijven, een groot deel zal in het water belanden. Een uitgelezen kans! Het gras zal door de wind in een bepaalde hoek worden geblazen en zo’n drijvend grasveld oefent een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit op de karpers of aanwezige graskarpers, die zijn dol op versgemaaid gras!
Visvijvercomplex De Slothoeve bestaat eigenlijk nog niet zo heel lang. Vanaf 2012 om precies te zijn. Toen bezocht Jan van Schendel het complex al eens. Er zijn verschillende vijvertjes die speciaal het populaire forelvissen zijn ingericht en in eerste instantie was er ook een vijver voor de moderne commerciële karpervisserij, de oude vijver. vanaf 2107 is er ook een tweede karpervijver. In dit artikel alles over het vissen op de Slothoeve.
Vissen op De Slothoeve – de Oude Vijver
De zogenaamde Oude Vijver is een behoorlijk diepe vijver met daarin zowel flinke grote karpers (ik ving er al een van 7 kilo en volgens mij zijn er nog grotere vissen) en enkele steuren als ook enorme aantallen aan F1’s, giebeltjes, karpertjes en zelfs goudvissen.
Vissen op de Slothoeve: in dit geval de ‘Oude Vijver’.
Hoewel er soms weleens een wedstrijdje wordt gevist hier wordt deze vijver meestal open gehouden voor recreanten en juist voor deze vissers is dit een prachtige vijver. Laat ik het zo zeggen, als hier een vader komt vissen met zijn zoon of dochter dan is zo iemand vaak meteen verknocht aan onze sport. Logisch ook want men moet iets kunnen vangen en hier is dat bijna een garantie.
Hier leer je vissen
Deze vijver werd al verschillende keren gebruikt voor jeugdtrainingen van onze Nationale Jeugdteams. Een betere plek om snel te leren vissen kan ik me echt niet bedenken. En juist dat is wat tijdens Internationale wedstrijden zo vaak wordt gevraagd van onze vissers. Nou, leer zoiets dan maar eens als je onze kanalen en rivieren bekijkt tegenwoordig, dat is een onmogelijke missie misschien met uitzondering van de jachthavenvisserij in de winter. Deze vijver biedt dus de werkelijk ideale oplossing.
Wedstrijdwater van de Slothoeve
In 2017 is er nog een tweede vijver voor deze visserij bijgekomen, de wedstrijdvijver, met in totaal 24 visplekken, gelijk verdeeld over de twee lange kanten van deze rechthoekige vijver. Een ‘eerlijke’ vijver zal een wedstrijdvisser niet snel kunnen vinden.
Vissen op de Slothoeve is een eerlijke zaak, met vanuit iedere stek je eigen ‘prive’ eiland.
Overal precies dezelfde diepte en met op iedere stek een eilandje pal ervoor op ruim 13 meter afstand. Bovendien heeft iedere stek ook een eilandje tegen de eigen oever. Echt alles is eraan gedaan om een eerlijk parkoers te maken. Ik heb hier inmiddels al heel wat wedstrijdjes gevist en het mooie is dat er volgens mij bijna geen enkel nummer is te vinden waarop nog nooit de wedstrijd gewonnen is.
Het visbestand op de Slothoeve
Ik vind het telkens weer echt onvoorstelbaar hoe snel de visstand evolueert op dit soort nieuwe wateren. Misschien heeft het te maken met al het proteïne-rijke voer en aas dat door ons wedstrijdvissers wordt gebruik,t maar hoe dan ook is het onvoorstelbaar hoe snel alle vissen groeien en ook hoeveel jonge vissen er steeds bij komen.
De wedstrijdvijver kent een schitterend visbestand met (nog) een hoop kleine vissen, want ze groeien er flink!
Mooiste voorbeeld hier zijn misschien wel de karpers. Er zijn zowel spiegels uitgezet als ook schubkarpers en al die vissen waren toch wel minimaal 500 gram en meestal groter. Vorig jaar werden er plotseling ook kleine karpertjes gevangen, echt “postzegeltjes” toen, en sommige van die visjes zijn nu al 300 gram. Wat gaat dat allemaal worden over enkele jaren?
Vissen in goede conditie
Bijna alle vissen zien er trouwens super gezond uit. Weerhaakloos vissen is hier verplicht en bovendien worden alle vissen in het schepnet onthaakt en vanuit dat schepnet in het leefnet geplaatst. Die leefnetten zijn trouwens uitsluitend netten die worden verstrekt op de vijver.
Weerhaakloos vissen is verplicht!
De weging na de wedstrijden is ook super professioneel. Niet meer dan 25 kilo per leefnet en werkelijk binnen enkele seconden zijn de vissen gewogen en weer terug in het water. Wanneer er niet in wedstrijdverband wordt gevist zijn leefnetten verboden.
Vissen op de Slothoeve: techniek & aanpak
Allereerst moeten we constateren dat de visserij werkelijk constant verandert. Misschien ook wel typisch voor karpers en F1’s, afhankelijk van de temperatuur en tijd van het jaar gedragen ze zich telkens weer anders. Soms vang je het best op de diepste gedeeltes van de vijver, met name in de wat koudere tijd van het jaar. Heel vaak echter wordt de meeste vis gevangen in de buurt van de eilandjes.
Ondiep vissen kan hier echt enorm goed werken!
Het laatste nieuwe fenomeen is bovendien dat de vissen vaak ook in de bovenste waterlagen kunnen worden gevangen en als deze vismanier werkt dan is hij bijna niet te verslaan. Er is zo al enkele keren 100 kilo gevangen tijdens een wedstrijd! En dat zijn toch echt zo’n 300 vissen of zelfs meer. Prachtige grote F1’s, maar ook veel relatief kleine karpertjes.
Het geheim van vissen op de Slothoeve
Wat zijn nu de meest belangrijke redenen voor het succes van dit soort visserij? Allereerst moet er veel vis zijn te vangen natuurlijk en als het kan allerlei interessante verschillende vissoorten.
Daarbij is een visdag hier voor veel bezoekers een leuk dagje uit en dus is het belangrijk dat er een goede parkeerplaats is, iets te eten en te drinken en ook dat het juiste materiaal is te verkrijgen voor de mensen die dat niet bij zich hebben.
Nou, ik kan met recht zeggen dat al deze facetten absoluut goed zijn verzorgd hier. Je kunt iets te eten en drinken bestellen voor de lunch en ook komen Anita en Arnold langs de visstekken om daar koffie en softdrinks te verzorgen. Prima verzorgd gewoon.
Een ruim terras om een hapje en een drankje te doen!
Verder stond ik ervan te kijken wat er allemaal verkrijgbaar is aan materiaal in de hengelsportwinkel die naast het restaurant in hetzelfde pand zit. Zowel de forel- als de karpervissers hoeven echt niks te kort te komen.
Tevens een shop met een ruim assortiment kleinmateriaal, aas en voer!
Vissen op de Slothoeve – alle info op een rij:
Aantal visplaatsen: 24 stekken.
Waterdiepte: de maximale diepte is 3 meter, in de zomer wordt de meeste vis gevangen op 13 meter, daar is het ongeveer op 60 cm diep.
Visbestand: circa 35 % spiegel en schubkarper tot 3,5 kg, 60% F1 van rond een kilogram en 5 % witvis zoals zeelt, giebel en voorntjes.
Succesvolle technieken: er wordt bij ons veel met de jigger en pellet waggler gevist, maar ook met een normale dobber is er goed vis te vangen.
Voer & aas: het meest gebruikte aas is pellets, maden en mais zijn vrij. De voerpellets mogen alleen pellets zijn van de Slothoeve, deze zijn in de winkel te koop.
Tarieven:Forel: Vijver 2 – 17,50 euro, vijver 3 – 17,50, vijver 4 – 20 euro. Vissen met 2 hengels 27,50 euro. Alle prijzen zijn per dagdeel. Hengels, schepnetten en koelboxen zijn te huren. Karper: Per dagdeel met 1 hengel 8 euro, met 2 hengels 10 euro. Twee dagdelen met 1 hengel 12 euro. Vissen met 2 hengels 15 euro. Drie dagdelen met 1 hengel 17 euro en met 2 hengels 20 euro.
Dagdeel 1 08.00-12.00 uur van maart tot en met oktober.
Het dagdeel 2 12.30-16.30 uur van maart tot en met oktober.
Dagdeel 3 17.00-21.00 uur vanaf woensdag tot en met zaterdag, dit vanaf juni tot en met augustus.
Vanaf november tot en met februari is de vijver geopend van 09.00-16.00 uur
Aanvullende info: mooie vijver aan de rand van het dorp Vinkel. De vijver is over de gehele lengte op de zelfde wijze uitgegraven zodat iedereen onder de zelfde omstandigheden kan vissen, op elke plek kun je vis vangen. Met 13 meter kun je tegen het eiland vissen; er zijn ook mooie margin stekken. Vanuit je stek heb je ongeveer 130 m2 om te vissen.
Ik viste vandaag een dagje op de wedstrijdvijver en het eerste bijzondere was dat ik alleen was. Dat zie je tegenwoordig bijna nooit. Het was een warme dag en ik had besloten om me vandaag alleen te concentreren op de visserij ondiep zoals ik die zonet omschreef. Juist omdat ik alleen was misschien zag ik werkelijk duizenden paaiende vissen pal in de oever. Echt niet normaal hoeveel vissen er daar rondzwommen toen ik aankwam.
Verrassende start
Toch begon de visserij eigenlijk verrassend moeizaam. Mijn eerste vissen waren uiteindelijk…voorns. Mooie blankvoorns die er kerngezond uitzagen. Ik wist niet eens dat ze er zaten. Normaal zie je ze nooit omdat ze worden weggedrukt door de meer agressieve F1’s en karpers.
Natuurlijk kwam er nadien wel al heel snel volop vis op de stek. Zo vaak mogelijk aas bijschieten met ’n kattapultje was daarvoor de beste manier. Ik had ze vandaag zeker korter bij de oever kunnen vangen maar ik hield een visafstand aan van zo’n 11 meter omdat dit de gebruikelijke afstand is tijdens wedstrijden. Na 1 uur en 45 minuten had ik zo ruim 25 kilo aan f1’s en kleine karpertjes bij elkaar gevist. Wat later op de dag viste ik nog gericht zo een uur lang en in die tijd ving ik 51 vissen. Tja voor mij bestaat er dan echt geen mooiere visserij!!
Maden schieten met de katapult was vandaag de beste manier.
Zo reageren ze op De Slothoeve op geluid
Ik ben nog niet zolang bezig met deze commerciële karpervisserij en als er nu een ding is waaraan ik moet wennen dan is het wel om volledig te begrijpen hoe sterk deze vissen reageren op geluid. Hoe vaak heb ik al gezegd dat vissen echt niet gek zijn en hier identificeren die vissen absoluut het geluid van in het water vallende pellets.
Vissen op de Slothoeve – Slappen!
Het is dan ook zaak om zo goed mogelijk dit geluid te imiteren door telkens weer met de dobber (en het daaronder hangende stukje lijn, lood en haakaas) op het water te “splashen” en dus ook telkens opnieuw in te gooien. Ik ken absoluut geen visserij die meer actief is. Je bent werkelijk ieder moment bezig met iets. Continu “slappen”, zo heet dit telkens weer opnieuw splashen met dobber en haakaas, aas bijschieten, afsteken, vis landen (als het goed loopt) en weer inwerpen.
Let wel, je vist op een diepte van 20 tot 60 centimeter meestal. Je hebt zeker het goede materiaal nodig voor dit soort visserij. Stevig dobbertje en een nylon die dik genoeg is om de vissen geland te krijgen. Met name ook de juiste elastiek is van vitaal belang. Te dik en je verspeelt veel vissen, te dun en je bent de vissen teveel aan het “uit laten” waardoor je niet snel genoeg bent.
Andere, winnende vistechnieken
Denk nu vooral niet dat dit hoog in het water vissen alleen maar de winnende manier is! Ik heb hier al wedstrijden zien winnen tegen het eiland, in het midden en pal onder de eigen oever en ook met als aas deeg, maden, mais en zeker ook wormen. Zowel softpellets als ook harde pellets in een bandje zijn natuurlijk van vitaal belang. Ook het jiggeren is hier al vaak heel succesvol geweest. Met andere woorden, zowat iedere vismanier die je kunt bedenken kan hier op de juiste dag winnend zijn. En juist dat maakt het allemaal zo mooi!
Is het warm en windstil en zie je de karpers aan of net onder het wateroppervlak liggen of cruisen, dan kan het vissen met een zig rig en een (semi-) schuivend zelfhaaksysteem heel lonend zijn. Bij een zig rig wordt met behulp van een lange onderlijn (en eventueel een onderwaterdobber) het drijvende haakaas op half water aangeboden. Biedt de zig drijvend aan of beter nog een half metertje onder het wateroppervlak. Ook al zijn de karpers lui en hebben weinig trek om te azen, uit pure nieuwsgierigheid wordt zo’n klein opvallend aasje vaak toch even ‘geproefd’. Pakken is hangen! Zorg daarom dat de haak vlijm en vlijmscherp is en niet teveel wordt afgeschermd door het haakaas.
7- Broodrig
Een stuk brood op de hair kan ook in moeilijke tijden een vis verleiden tot een aanbeet. Natuurlijk doen we er geen echt brood op maar een stuk imitatiebrood, ofwel een stuk nepbrood. Gewoon brood wordt door witvis binnen no time van de hair gevreten en dan zit je natuurlijk voor spek en bonen te vissen. Zo’n stukje nepbrood kun je heel mooi samen vissen met jouw favoriete boilie op de hair. Zeker op stekken waar veel met brood wordt gevoerd het proberen waard!
8- Brood pimpen
De broodkorst ‘met’. Dit om de luie, vadsige en verwende karpers dat extra zetje te geven. Octopussy; drijvende broodkorst met mestpieren. Eerst drie wriemelende mestpiertjes aan de haak, eenmaal onder het vel aanprikken, vervolgens de broodkorst. Dodelijke combinatie! Karpers zijn gek op aas dat vet uitlekt. Zowel op de bodem als aan de oppervlakte. Ze ruiken het en reageren erop. Wat denk je om de korst een klodder mayonaise, mosterd of tomatenketchup mee te geven? Moet je die vette olievlek zien ontstaan, nadat je de korst hebt ingeworpen! Houd je hengel maar vast.
9- In het donker
’s Avonds laat, als het donker is, dan trekken watervlooien en zoetwatergarnaaltjes naar oppervlakteplekken waar straatlantaarns of andere lichtbronnen op het water schijnen. De karpers volgen. Strooi er maar vast wat brood of brokken! Willen ze toch niet gaan voor de drijvende brokken, presenteer dan eens een langzaam zinkende brokje of vlokje tergend langzaam voor hun neus en sta op scherp zodra je het aas uit beeld ziet verdwijnen! Een super spannende visserij die het nodige van je zenuwen en concentratie vraagt.
10- Honden- en kattenbrokken
Drijvende honden- of kattenbrokken vormen een prima alternatief voor brood.. Zelfs op wateren waar karpers met grote moeite naar boven komen om te azen, kunnen honden- of kattenbrokken voor een omslag zorgen. Er dient dan wel flink met de brokken gevoerd te worden. Een paar avonden 10 kg ‘variantjes’ strooien en je krijgt het hele bestand op je hand. Mits niet iemand je voor is geweest… Onvoorstelbaar wat deze drijvende brokjes bij de karpers teweeg kunnen brengen. Brokjes die na enige tijd in het water gedreven te hebben, kleine deeltjes afscheiden die langzaam zinken en die een enorme vislokkende werking uitoefenen. Voorntjes zijn als de kippen bij. De karpers komen wat later naar boven. En hoe langer je wacht met vissen, des te groter de karpers gaan worden die zich aan de brokken overgeven
Zoveel nieuwe vissers aan de waterkant hebben we in Nederland en België de laatste tijd niet gezien. Glen Veekemans viel dat ook op, net zoals dat beginners wel een helpende hand kunnen gebruiken ‘hoe beginnen met vissen’. Hij organiseerde enkele jeugdkampen en beschrijft voor ons zijn tips.
Een zonnige dag, geen winkels open, geen bistro’s open, alles dicht… Ik besloot om een fietstochtje te maken. Na een tijdje fietsen aan het water, viel me iets op. Zoveel vissers, zoveel nieuwe gezichten en zoveel jeugd. Ik voelde me direct weer 20 jaar jonger toen ik zelf ook met mijn vrienden naar het water ging om te gaan vissen. Beginnen met vissen: wat een goed en nostalgisch gevoel!
Die ene vraag: hoe beginnen met vissen?
Ik keek men ogen uit en stopte af en toe bij de jeugd om te kijken hoe het liep. Verbaasd dat ze eigenlijk vaak voor het eerst aan het water waren om te komen vissen en dat verliep blijkbaar toch niet al te vlot. De ouders vaak ook met de beste intenties om te helpen maar met toch heel beperkte kennis. Steeds kwam de vraag toch omhoog van ‘Hoe beginnen met vissen’, zeker met kinderen.
Wat is er nu leuker om tijdens de vakantie een kind mee te nemen vissen.
Vakantie in eigen land: kunnen we hier vissen?
Daar ik de functie Sportleader Hengelsport uitoefenen in de Decathlon familie, is het in mijn aard om te helpen waar ik kan. We proberen dan ook ‘hengelsport toegankelijk te maken voor zoveel mogelijk mensen’. Dat is onze missie, dat is onze core. We blijven allemaal dit jaar dichtbij ons huishouden. Vakanties gaan allemaal wat lokaler door en vaak zien we hier een prachtig water. Voor veel mensen kwam gelijk de vraag op: ‘Zouden we hier niet kunnen vissen?’.
Leerzaam jeugdkamp
Veel jeugd en beginners kwamen al langs in de winkel en het woord jeugdkampen blijf tussen mijn oren zitten. Daarom had ik besloten, ondanks deze coronatijden, een jeugdkamp te organiseren voor jongeren te leren vissen. We hebben voldoende ervaring met kinderinitiaties dus waarom niet ineens gewoon jeugdkamp vissen tijdens deze vakantieperiode. Vier volle dagen, zonder ouders, gewoon veel vis vangen en de hengelsport leren kennen. Super leerrijk voor zowel deelnemer als coach, met veel tips die we kregen en meegaven.
Wil je nu ook beginnen met vissen? Of wil je gaan vissen met een kind en weet je niet hoe je moet beginnen? Na het succes van de jeugdkampen zetten we de belangrijkste tips voor je op een rij.
TIP 1: Locatie
Waar geen vis zwemt zal je geen vis vangen. Toch niet onbelangrijk en in mijn ogen de belangrijkste tip. Kijk even in je omgeving waar er waters zijn waar je zeker bent dat er vis zwemt. Heb je geen idee, fiets even rond en sla gerust een praatje met een visser. De meeste vissers zijn vriendelijke en behulpzaam en zo kom je snel wat meer te weten.
De lokale hengelsportwinkel weet je ook vaak meer te vertellen en natuurlijk heb je dan nog het digitale netwerk. Denk bijvoorbeeld aan een facebookgroep van de buurt of de lokale hengelsportvereniging. Wij kozen zo voor een verenigingswater met een flink visbestand op een recreatiepark, Dennenbad in Schoten. Een groene, rustige en veilige omgeving is en dit vlakbij de grootstad Antwerpen. Vissen met een kind is ook zorgen voor veiligheid en rust.
TIP 2: Materiaal
Starten met vissen zonder hengelmateriaal gaat het moeilijk worden. We kiezen voor eenvoudig materiaal omdat leren vaak samengaat met fouten en zo is er ruimte voor verbetering. Waar vroeger hengelsportzaken best overzichtelijk waren vinden we nu in veel zaken een heel arsenaal aan spullen en zie je vaak die bomen niet meer. Je laat je best even informeren en kies voor eenvoud en betaalbaarheid. Laat dat nu iets zijn waar Decathlon met Caperlan zich op richt. De Caperlan Lakeside hengels zorgen voor een zeer lage instap. Duurdere hengels en materialen, zullen bij schade alleen maar enorm veel frustratie opleveren.
Wat wel belangrijk is, is dat je compleet bent. Denk bijvoorbeeld ook aan een grote emmer, een paraplu, een schepnet, hengelsteuntje en krukje. Dit wordt vaak vergeten en aan het water merk je dat je deze zaken nodig gaat hebben. Voor een volledige en zelfs al degelijk set ben je zo’n kleine 100 Euro kwijt. En vrijdagavond in een bar ziet er vaak erger uit voor je geldbeugel.
TIP 3: Vaste hengel of werphengel?
Ik denk dat 90% van ons vissers allemaal zijn beginnen met vissen met de vaste hengel. Geen molentje, maar een tuigje aan de hengel. Je kan het niet eenvoudiger bedenken. Zit je in de knoop of heb je lijnbreuk dan knoop je er een nieuw tuigje aan en kan je weer verder vissen. Zo kan je meer vissen in plaats van je te frustreren. Dit voordeel gaat toch wel vaak voor op de werphengel.
beginnen met vissen? Vissen met een werphengel spreekt tot de verbeelding, maar vergt wel behoorlijk wat oefening.
Vissen met een werphengel vraagt toch wel wat meer behendigheid en techniek om niet steeds een boom of struik te vangen. Ik ben zelfs al de meest onmogelijke knopen tegengekomen en gebruik ik bijna tovenarij om de molen te ontwarren. Echter merk ik wel de interesse vanuit de jeugd om dit te leren omdat het toch wel veel spannender is en ze meer bezig zijn. Probeer dan zeker je even je te verdiepen in youtube of vraag het misschien even aan een visser. Het is toch wel iets dat een dagje oefenen vraagt.
TIP 4: Vistijd
Vissen met een kind, is anders vissen als voor volwassen. Beperk de vistijd naar gelang de leeftijd. Ik deel meestal de leeftijd door 2. Een 6 jarige heeft voldoende aan 3 uur vissen waar een 16 jarige gerust 8 uur kan vissen. Neem ook voldoende pauzes ertussen en pak de tijd om rustig te eten en even de beentjes te strekken. Sommige kinderen hebben meer nood aan beweging dan anderen en probeer dit hier dan ook tijdens deze pauzes gebruik van te maken.
TIP 5: Aasaanbieding
Vaak maak het voor mij niet uit wat voor aas ik meeneem. Dit kan levend aas zijn, mais, maar ook mini boilies, alsook pellets. Je kan het soms nog niet zo gek bedenken. Wat wel belangrijk is is waar je je aas aanbiedt. De haak en haakaas biedt je best aan op de bodem, de plaats waar de meeste vissen voorkomen. Voor bodemvissen zoals karper, zeelt en brasem mag dit zelf goed plat liggen. Dit doen we bij een dobbermontage met een peillood. Het is belangrijk om dit steeds goed te doen en kan een visdag doen slagen of verpesten. Een lokvoertje erbij om de nodige vissen te lokken is zeker geen overbodige luxe om mee te nemen.
Met de vaste hengel is het belangrijk om met behulp van een peilloodje de diepte van de montage goed in te stellen!
TIP 6: Dobberfocus
Als er één ding is wat ik geleerd heb dan is het wel dat kinderen snel focus verliezen en afgeleid geraken. Ach, zo waren we allemaal toch? Starten met vissen vraagt vaak toch een bepaald geduld en focus waar niet iedereen zich lang aan kan toewijden. Een dobber uren in het oog houden is niet voor iedereen weggelegd.
beginnen met vissen en dan uiteraard trots zijn op die eerste, helemaal zelf gevangen vis!
We kozen voor een oplossing: vissen met een werphengel. Dat vroeg om een basic hengeltje : de Caperlan Essential 240 met molentje en draad en voor die 15 Euro kan er weinig fout gedaan worden. We knopen er een eenvoudige voerkorf met onderlijntje aan en vissen maar. We noemen dit ‘feedervissen’. Voordeel nu is dat de vis zich kenbaar gaat maken door de hengel een tik te verkopen. We merkten dat in tegenstelling met een dobber dit voor vele toch wel een leuke en eenvoudige manier van vissen is. Kinderen die nog nooit gevist hadden bleken na een halve dag al prima te kunnen werpen.
TIP 7: Fish care
Verzorg je vangst alsof het je puppy is. Met veel zorg, natte handen, onthaaktangetje en een flinke emmer water zorgen we ervoor dat de vis de beste zorg krijgt voor hij terug gaat. Leg je vis nooit op zand of stenen, nat hoog gras is de beste keuze dan. Vis heeft een beschermende slijmlaag, door zand of een handdoek beschadig je hem en is de kans op sterfte groot.
Hoe onthaak je een vis? Hoe behandel je een vis? Het kan nooit kwaad om hier extra aandacht aan te besteden!
Wil je graag een foto, hou de vis dan boven je emmer of onthaakmatje en blijf op je knieën zitten. Ze glippen zo door je vingers en zo komt hij alsnog op een natte zachte plek terecht. Dan zet de vis weer zo snel mogelijk terug met het schepnet.
TIP 8: Blijf bij je hengel
Ze leren het heel snel, zeker als hun hengel in het water knalt. Gelukkig hebben wij onze hengels nog kunnen terughalen maar voor velen is het wel einde verhaal. Als er dan nog eens een vis aanhangt, kan dit dodelijk zijn voor je vangst. Dit is dus iets om zeker te vermijden. Wil je toch even pauzeren of help je je vismaatje haal dan je hengel uit het water.
Een klein karpertje is voor een beginnende visser een reusachtige vis. Dit is een moment dat ze nooit gaan vergeten!
TIP 9: Engelengeduld
Beginnen met vissen vraag om geduld. Roepen en je druk maken werkt averechts. Wees geduldig en behulpzaam. Alle beginners maken fouten, maar zolang je uit je fouten leert maakt dit niet uit. Iedereen heeft leren stappen door te vallen.
TIP 10: Geniet van je omgeving
Klinkt gek maar we vergeten het soms. Geniet van de rust en kalmte en ga vissen voor deze reden. Stress en drukmakerij is niet de juiste insteek, dan kan je beter wat anders gaan doen. Wil je sensatie dan kan je beter gaan voetballen. Ruim je visplek ook altijd op. Zo zorg je ervoor dat wie na je komt ook van deze scenario kan genieten.
Vissen is voor de jeugd om perfecte hobby om te ontsnappen van alle drukte en hectiek van het dagelijkse leven!
Heb je het over onderlijnen, dan kun je niet heen om de eeuwige discussie: onderlijnen zelf maken versus kant-en-klare onderlijnen. Zijn zelf gemaakte onderlijnen beter dan kant en klare? In welke situaties ga je zelf nog onderlijnen knopen? Welke goede kant en klare onderlijnen voor commercials zijn er? Voor de method, vaste hengel en meer. En waar moet een goede kant en klare lijn aan voldoen? Lees hieronder de antwoorden.
Zijn zelf gemaakte onderlijnen beter dan kant en klare?
Nee, zeker niet! De kwaliteit van kant en klare onderlijnen is vandaag de dag erg goed. Zelf knoop ik alleen nog de specialistische onderlijnen. Alhoewel sommige firma’s een breed scala aan diverse onderlijnen in hun pakket hebben, is het natuurlijk onmogelijk om voor iedere vissituatie een onderlijn in de winkelschappen te hebben liggen.
De kwaliteit van kant en klare onderlijnen is vandaag de dag erg goed!
In welke situaties zelf nog onderlijnen knopen?
Dan moet je denken aan extreem korte onderlijnen of met een dunnere of dikkere diameter dan er doorgans gebruikt wordt. Denk ook aan een grotere of kleinere haak dan normaal gesproken gebruikt wordt.
Welke goede kant en klare onderlijnen voor het vissen met de method?
Er is een breed scala aan kant en klare onderlijnen op de markt. De Preston Mag-Store pre-tied hook lengths bevallen mij enorm goed en zijn in veel varianten beschikbaar. Om te beginnen de 10 cm onderlijnen, welke voornamelijk gebruikt worden voor de methodvisserij. Deze zijn er in diverse lijndiktes en haakmaat formaat. Ook kun je kiezen of je een baitband, rapid stop of een bayonet wilt gebruiken.
Deze kant-en-klare onderlijnen zijn allen met KKM-B haken uitgerust. Het verschil zit hem in de diameters (17/00 of 19/00), het haakformaat (12, 14 16 en 18) en bevestiging van het haakaas (bait bandje of rapid stop).Wil je een onderlijn met een oersterke cickle haak voor groter haakaas? Kies dan voor de onderlijnen met MCM-B haak. Deze zijn er in diameters van 17/00 en 19/00 met formaat haak 12, 14 of 16. De aasbevestiging is middels een bayonet of een bait bandje.De verschillende type van aasbevestiging, met van links naar rechts: middels bait bandje, rapid stop en bayonet.
Welke goede kant en klare onderlijnen voor het vissen met de vaste hengel?
De 15 cm lengte uit de eerder genoemde range wordt met name gebruikt voor de vaste stok visserij. Ook bij deze kant en klare onderlijnen vind je diverse lijndiktes, haakmaten en haaksoorten. Zo is er een serie onderlijnen met een fijne en dunne haak voor de secure visserij, een medium draad dikte haak voor de meest veelzijdige visserij en een onderlijn met een dikke draad haak voor de extreme visserij in de kant of tegen obstakels.
De 15 cm variant is verkrijgbaar met twee verschillende haakmodellen. De eerste vier verpakkingen van links gezien zijn uitgerust met een GPM-B bledhaak (maat 18 – 11/00, maat 16 – 13/00, maat 14 en 12 – 15/00) voor rechtstreeks montage van het aas. De overige zijn eveneens voor rechtstreeks montage van het haakaas en zijn uitgerust met een SFL-B haak (maat 14 – 13/00, maat 16 – 11/00, maat 18 – 11/00 en maat 20 – 10/00).
Welke goede kant en klare onderlijnen voor het vissen met de pellet waggler?
Als laatst zijn er nog de 38 cm onderlijnen, welke gebruikt worden voor de visserij met de pelletwaggler en het bombloodje. Deze zijn te verkrijgen met een baitband of met een rapid stop.
De 38 cm kant en klare onderlijnen zijn uitgerust met een KKM-B haak in de maten 12, 14, 16 en 18. De twee grootste formaten haken zijn afgebouwd op een 19/00 lijn, de andere op een 17/00 onderlijn.De onderlijnen berg je heel overzichtelijk op in het Preston Mag Store System. Middels handig magneetjes kun je de onderlijnrekjes met een klik er in zetten en uit halen. Prachtig bedacht!
REDACTIE – In BEET juli/augustus, het extra dikke zomernummer met maar liefst 164 pagina’s, een interview met meervalspecialist Ivo Van Den Berghe, die het huidige Belgische record meerval in handen heeft. Zijn favoriete manier van vissen is het ‘afspannen’ wat meestal met behulp van boeien gebeurt.
De favoriete manier van meervalvissen van Ivo: afspannen vanuit zijn speciale meervalboot
Ivo gebruikt dan een zogenaamde uitlegger waaraan de breeklijn wordt bevestigd. Daarmee kun je heel gemakkelijk de afstand tot de boei aanpassen en de breeklijn simpel en bevestigen. Wel zo handig in het donker! Pakt een meerval de aasvis of de bos met wormen, dan zal de meerval zich zelf haken op de strak afgespannen lijn naar de hengeltop en vervolgens de breeklijn breken. Een uiterst effectief systeem!
Uitlegger
De uitlegger wordt aan de boei bevestigd en uitgerold tot de gewenste afstand en dan gefixeerd. Vervolgens wordt aan de clip het korte breeklijntje bevestigd (die aan de wartel van de onderlijn is bevestigd, of in dit geval aan een vertelbare stopper), en dan wordt de lijn strak afgespannen naar de boot of kant
Op Spanning
De toppen staan op spanning, in afwachting op het rinkelen van het topbelletje!
Vervolgens wordt de hengel in een stevige steun gezet en wordt de hengeltop goed op spanning gezet. Een topbelletje en/of elektronische trillingsmelder zijn dan wel zo handig zodat je ook hoort of de top beweegt bij een aanbeet. Meestal zal de hengel eerst diep doorbuigen om vervolgens terug te veren als de breeklijn breekt. Maar bij een grote meerval is de aanbeet soms zo hard dat de hengel geen kans krijgt om terug te veren en dan nog nauwelijks uit de steun te krijgen is!
Bij het eerste ochtendlicht gevangen. Deze had moeite om het breeklijntje te breken…
Lees meer over onderlijnen, speciale aasbevestiging en nog veel meer tips in het uitgebreide artikel in BEET juli/augustus die nu in de winkel ligt.
Nu verkrijgbaar in de boekhandel of neem een extra voordelig jaarabonnement
MIKE THILLE – Sinds drie jaar heb ik mijn visuitrusting uitgebreid met een drone. Ik weet het, niet iedereen zijn brood, maar voor mij is het een echte must have gebleken. De drone is voor mij een onmisbare aanvulling geworden. Verkenningsvluchten geven mij een perfecte indicatie van plantengroei, interessante ondieptes en taluds, holdings én collegavissers. Informatie die mij heel veel tijd, gezoek en onzekerheid scheelt!
Anno 2020 nemen ‘wij moderne karpervissers’ steeds meer materiaal mee naar de waterkant om onze hobby uit te oefenen. Een barrow vol wordt naar de stek geduwd en markerfloats vliegen door de lucht op weg naar de bodem.
We doen er alles aan om ‘spot on’ te liggen. Onze rigs willen we het liefst op de harde plaatjes voor het talud presenteren en het vertrouwen is hoog! Dit is bij mij niet anders, al vele jaren probeer ik met vertrouwen het uiterste te halen uit de vistijd die ik heb. Stekkeuze en het aanvoeren hiervan van zijn twee grote pijlers in mijn plan.
Dit plan werk ik verder uit met één van mijn tools: de drone DJI Mavic Pro. De meningen over een drone binnen het karpervissen zijn zeer uiteenlopend, eigenlijk net als bij de intrede van de voerboten en elektronische beetmelders stuit ook het dronegebruik soms op stevige kritiek. Maar ook voerboten en beetmelders blijken inmiddels vaak onmisbaar in de hedendaagse karpervisserij…
Ik deel jullie mijn ervaringen uit de praktijk. Het inmiddels jarenlang vliegen met een drone heeft mijn karpervisserij inmiddels enorm verrijkt. Ik hoop jullie te kunnen overtuigen dat deze bijzondere tool erg doorslaggevend kan zijn voor je visserij.
Mike met een drone karper
GPS Markeringen
Op voor mij nieuwe water begin ik altijd met één of twee testvluchten. Om gewoon eens te kijken wat ik aantref. Vliegen op zo’n 40 meter hoogte ervaar ik zelf als het veiligst. Boomgrenzen rijken meestal tot 30 meter en we zijn niet de eerste die die ons hierin vergissen!
In deze testvlucht fotografeer ik interessante obstakels, uitlopers en scholen met vis natuurlijk. Dit zijn waardevolle puzzelstukjes die ik meeneem in het visplannetje dat ik uiteindelijk verder over het water uitrol. Vanuit de hoogte kan je perfect bekijken welke hoek jij het minste kan gaan verstoren.
Zwemroutes en zandplaten kun je rustig bekijken zonder het onderwaterleven te verstoren. Deze platen voer ik vaak al aan met boilies en hennep. Dit kan de volgende dag al leuke beelden opleveren van azende vissen. Via de ‘DJI GO 4 app’ kan je namelijk direct na het landen de foto’s en beelden terug kijken.
Op de drone zitten meerdere functies, ‘follow you’ is er eentje van die ik veelvuldig inzet. Via een simpele ‘select loop’ in de app volgt de drone je tijdens het uitvaren van je lijnen. Dit doe ik om mijn positie ten opzichte van de zandplaat duidelijk in beeld te krijgen. Ergens middenop vissen doe ik niet graag en omdat veel vissers hierin wel geloven, zal ik me daardoor dikwijls enigszins onderscheiden.
Het randje van de plaat, dáár ligt mijn vertrouwen! Hier moet mijn rig liggen… Géén lijnen over de plaat zelf heen. Erg belangrijk, en slechts een eitje dankzij ‘mijn ogen’ in de lucht. Het plan kan je verder tot in het detail uitwerken. Zoals GPS markeringen plaatsen in de dieptemeter aanbrengen. Ik zet er soms wel zeven rondom een uitloper, zodat ik ‘s nachts of met slecht weer (wanneer er niet verantwoord gevlogen kan worden) toch een duidelijke indicatie heb van de stek.
De batterij kan zo’n A Tijdens een verkenningsvlucht is er enorm veel extra informatie te vergaren, zeker als het gaat om waar de vissen zich ophouden. Na een dronevlucht een juiste stekkeuze maken en daarna zo’n vangst boeken: kicken!
Dit soort stekken zie je alleen vanuit de lucht
Extra informatie
Daar waar eerder de bodeminformatie er vooral toe deed, is de informatie van bovenaf tegenwoordig minstens zo belangrijk. 20 minuten mee en dat geeft dus prima ruimte om tijdens de vliegbeurt meerdere hengels of stekken te bekijken. Het opladen doe ik altijd met de autolader, een noodzakelijk item om ‘on the move’ te blijven.
INTERESSANT? LEES HET HELE ARTIKEL IN KARPERWERELD 133
Nu te koop in de winkel of neem een voordelig jaarabonnement voor slechts € 46,50
Mike heeft zijn eigen youtube kanaal waarin mooie drone beelden te zien zijn.
GERARD SCHAAF, ARNOUT TERLOUW, RICHARD GANS – De zomermaanden gelden algemeen niet als de beste maanden voor de visserij op karper. Overvloed aan natuurlijk voedsel, warm water met weinig zuurstof; het maakt het er allemaal niet gemakkelijker op om de karpers aan de schubben te komen. Zeker niet als je statisch achter je hengelopstelling blijft zitten. Nee, de zomerperiode leent zich bij uitstek om de karpers struinend te belagen, in de kantjes en in de hogere waterlagen. En dan is er altijd nog de graskarper; een vis voor wie het niet warm genoeg kan zijn!
1- OPPERVLAKTEVISSEN
Kenmerkend voor de zomer is het struinend vissen met drijvend aas. Gelokt door zon, watervlooien en hoge watertemperaturen bevinden veel karpers zich nu op half water of aan de oppervlaktelaag. Vis daar waar de karper zwemt. Zoek ze bij voorkeur aan de windkant, zoek ze daar vooral in de buurt van drijfvuil; kroos, ingewaaid gras, drijfplanten, plastic zakken etc. Juist op die plekken kun je prachtig je broodkorst of brokje aan de rand van zo’n vuilplakkaat presenteren. Zorg dat je lijn over het vuil loopt en geen karper zal er van schrikken!
2- BROODVERSLAVING
Op cultuurwatertjes, parkvijvers en sierwateren is het geweldig om met een penhengel te gaan struinen. Gewoon één hengel, tas met spulletjes, net, matje én zonnebril met polariserende glazen. De broodkorst is vanaf oudsher een aas dat vrijwel nooit door een karper genegeerd zal worden, zeker niet zolang er mensen zijn die de eendjes voeren… In parken en stadswateren, waar dagelijks eenden met brood worden gevoerd, blijft drijvend brood bij karpers in trek. Zie je een oma met een kleinkind en een zak brood door het park lopen, ga er gerust achteraan want je kunt er donder op zeggen dat de karpers liggen te wachten op een makkelijke maaltijd. Niet zelden komt het voor dat de eenden door de karpers worden weggeduwd!
3- WEG VAN DE DRUKTE
Ook plekken waar mensen dagelijks oud brood en andere etenswaren aan de eendjes komen voeren zijn ware hotspots voor een berg witvis en karper. Maar je zal vaak niet de eerste zijn die hier een poging komt wagen een karper te vangen aan de korst. Vandaar dat de karpers hier op scherp staan. Doorgaans is het al beter om een kleine broodkorst te laten drijven in de luwte van zo’n voerplaats. Een eindje verderop in de kant bij die overhangende takken of dat stille hoekje.
4- VLOKVERRASSING
Het kan stijf liggen van de karper rond bruggen of steigers waar watervogels worden gevoerd. Karpers die je gewoonlijk niet meer spontaan aan de oppervlakte ziet, maar die zich onder de brug verschuilen, of zich op half water ophouden en de zinkende stukjes meepakken. Daar kun je soms geweldige vangsten boeken door daar een langzaam zinkende vlok te presenteren. De eerste meters lijn vet je dan een beetje in met vaseline of ander vet, dit om de vlok en de lijn nog trager te laten afzinken. Geen loodjes of dobbers, maar je vist puur op de lijn. Een slappe lijn die je bij de aanbeet ineens ziet strak lopen… Of rijg eerst een korst op de lijn en vis er 20 cm met een vlok onder!
Op plekken waar de vissen gewend zijn dat eenden gevoerd worden zul je merken dat de korsten vaak wild worden aangevallen. Dit doen ze om de korst uiteen te slaan en de naar beneden dwarrelende stukjes tot zich te nemen. Laat daar nu net zo onder het oppervlak een mooi vlokje zweven!
5 – VERANKERDE BROODKORST
Wat ook heel succesvol kan zijn is een zogenaamde verankerde broodkorst; een vrij schuivend wartelloodje van 25 tot 50 gram, welke gestuit wordt op 50 cm van de haak. Dit werpt prima en door lijn te geven verschijnt het brood aan de oppervlakte. Bij naderende watervogels kun je de korst even onder water trekken. Dat is soms ook het moment dat een karper toeslaat! Karpers die kennelijk het drijvende brood weigerden, maar die het tot een stukje onder de waterspiegel getrokken brood wel pakten. Je kunt ook zo doelbewust gaan vissen met de hengel in de steunen en een waker die zwaar genoeg is om de korst onder water te houden. Het idee van de ‘zig rig’ werd zo geboren.
De Overijsselse Vecht is een prachtige rivier die zich slingerend door een landschap van weiden en bossen kronkelt. Niet alleen een prachtig water om te bevissen, de Vecht is ook nog eens een heel visrijk water met dikke brasems, grote windes, mooie karpers en een prima roofvisbestand, waaronder ook roofblei. De redactie ging een dag op stap met topvissers Frans van Berkel en Nick Eestermans, vissend vanaf het terrein van Resort de Arendshorst.
Op weg naar het Resort de Arendshorst is duidelijk dat je hier in een landelijke omgeving zit waar de natuur de overhand heeft. Na een kronkelige, doodlopende weg arriveren we bij de slagboom van het resort. Even later worden we hartelijk ontvangen door Michael Snoek, de eigenaar. Na een kop koffie wijst Michael ons de weg naar de Vecht, die hier over een paar honderd meter langs het terrein stroomt. Je kunt hier zo vanuit je tent, camper of huisje vissen. Ideaal!
Als visser kun je hier je hart ophalen.
We kiezen op aanraden van Michael een stek helemaal aan het einde van het laatste kampeerveld, zodat we de andere gasten die ook graag vissen, niet in de weg zitten. Bovendien kunnen we dan de auto’s voor deze gelegenheid ongestoord achter ons in het weiland parkeren. Wel zo handig als je ziet hoeveel materiaal de mannen hebben meegenomen!
Tijdens het uitpakken van alle spullen en het neerzetten van de visplateaus en kisten, wordt de grijze lucht even wat lichter en stopt het zowaar met regenen, al is de voorspelling dat het later op de ochtend niet droog zal blijven. We zien ook dat de Vecht behoorlijk stroomt door de regenval van de afgelopen dagen. Hoe anders dan een week geleden toen Frans en Nick hier ook een dag visten en de Vecht toen zo goed als stilstond. De vraag is wat die stroming voor de visserij betekent… Vorige week hadden de mannen een topvisserij beleefd met de ene na de andere grote brasem, dus de verwachtingen zijn hooggespannen!
Prachtig decor om in te vissen… en visrijk!
TOPPERS
Frans van Berkel, een goedlachse Brabander, mag/moet zich inmiddels veteraan noemen. Hij heeft reeds 6 Nederlandse titels op zak en viste diverse interlands. Zo won hij in 2018 het individueel klassement tijdens de interland Nederland- Duitsland.
De jonge Nick Eestermans zit nog steeds bij het WK-team Jeugd, maar is ondertussen toch ook al een gerespecteerd lid van het WK Senioren team. Nick werd onlangs nog gekozen tot talent van het jaar, werd al individueel 3e op het WK en heeft al een Nederlandse titel op zak. Zo jong en zo’n palmares, dat zie je zelden.
Frans vist voor het Maver team en Nick voor het Evezet/Maver team.
1 van 2
De altijd goedgehumeurde Frans van Berkel
Nick Eestermans: jong talent!
VERS DE VASE
Vorige week kregen ze brasems goed aan het azen op een stokafstand van 13 meter, dus het plan is om daar eerst wat ballen te voeren en vervolgens die lijn met rust te laten om dan eerst wat dichter in de kant te vissen op zo’n 6 meter afstand in de hoop op wat voorns en windes. Maar voordat het zover is moet natuurlijk eerst het voer en het aas in orde gemaakt worden. Nou, dat kun je wel aan de beide heren overlaten! Casters, (dode) maden, wormen… en de nodige vers de vase die met de grootste zorg behandeld worden. Zowel Frans als Nick zijn een groot fan van het gebruik van vers de vase, zeker als het gaat om de visserij op brasem.
Frans en Nick gaan niet zonder vers de vase van huis!
Frans vist stroomafwaarts van Nick, die op 13 meter en op 6 meter een stek aanvoert. Er worden 12 ballen gecupt op de lange hengel en 8 ballen op de korte, rijkelijk voorzien van vers de vase en ander aas. Gezien de sterke stroming kiest Frans ervoor om dit keer iets korter te vissen op de lange stok, op 11,5 meter lengte. Zal de stroomafwaartse stek van Frans op den duur meer vis opleveren? Dat is de vraag die aan het eind van de dag beantwoord zal worden.
Voerballen, rijkelijk voorzien van aas en leem.
DE VOERMIX VAN FRANS
Frans koos voor een donkergekleurd voer, bestaande uit een 75/25 mix. Dat wil zeggen 75% voer en 25% leem. De leemkeuze was een mix van de inmiddels overbekende Evezet Feeder Leem zwart en de Ready Turfleem zwart. Het voer was een mix van 1/3 Dutch Pro (zijn eigen Frans van Berkel mix), 1/3 Dreamteam en 1/3 Teamspirit Super Brasem.
DE VOERMIX VAN NICK
Nick zijn voer was duidelijk lichter van tint, de mix bestond uit 50% voer en 50% leem. De leemkeuze was Evezet Feeder Leem bruin en Droge Leem rood om de voer vers de vase los te maken. Het lokvoer was een rijke mix van 80% Teamspirit Super Brasem en 20% Teamspirit Super Voorn.
Voerballen, rijkelijk voorzien van aas en leem.
ALS EEN VIS OP HET DROGE
Feederleem van Evezet heeft een werking die onvergelijkbaar is met andere soorten. De verschraling kan zorgen voor veel volume zonder extreme voeding. Het wolkt en dat verleidt andere vissen tot een aanbeet, want bij het azen dwarrelen leem en voerdeeltjes verleidelijk op de voerstek. Het geeft ook heel lang zuurstof af, dat zorgt ervoor dat het aroma van het voer rijkelijk verspreid wordt. Volgens Frans & Nick is een voer zonder leem als een vis op het droge. Het zit er altijd in, alleen de verhouding wordt aangepast aan de situatie en omstandigheden van dat moment
Op de korte hengel worden al snel de nodige voorns en kleine windes gevangen.
VLAGDOBBERS
Al tijdens de eerste inzet op de korte afstand komt er vis boven, dat belooft wat voor vandaag! De eerste voorns en kleine windes melden zich in rap tempo en dan wordt na een goed half uurtje tijd om te kijken of de brasems al op de lange lijn zijn gearriveerd. Het blijkt echter al snel dat de omstandigheden toch echt wel een pak lastiger zijn dan vorige week toen er op dezelfde plek met 0,5 gram kon worden gevist. De Vecht stroomt nu matig tot behoorlijk en het is daardoor vrijwel onmogelijk om het aas stil aan te bieden, zelfs niet met vlagdobbers van 3-4 gram. Frans en Nick hadden hier niet echt op gerekend en hadden geen zwaardere stroomdobbers meegenomen. Een 5-grams vlagdobber was niet overdreven zwaar geweest…
Vlagdobbers zijn speciaal ontworpen voor het vissen met sterke stroom.
De techniek bij het vissen met de lolly of vlagdobber vraagt om een stabiele controle over de hengel. Zo geleidelijk mogelijk wordt de lijn met overdiepte door de stroming geleid of zelfs volledig geblokt. Blokken doe je door de hengel in een vaste positie te houden en dan komt de unieke stroomlijn van de dobber optimaal tot zijn recht. De vlag ‘wappert’ dan stabiel in de stroming, de aquadynamica is voor deze visserij optimaal.
De Vecht staat ook bekend om zijn prachtige windes.
TOPSETS
De snoeren van Frans op de diverse topsets gemonteerd varieerden in diameter van 12/00 t/m 14/00, met daarop de zeer bekende Maver ‘bolletjes’ van 1,5 gram voor de visserij onder de kant en voor de lange lijn op 11,5 meter lolliepops, oftewel vlagdobbers. Meest gebruikte haakmaten waren 16 en 18.
Nick maakte eenzelfde dobberkeuze, maar schroomde niet om ook een lijn met 16/00 klaar te leggen.
DIKKE BRASEMS
Het blijkt al snel dat de brasems wel aanwezig zijn, maar dit keer toch moeilijker azen. Er worden diverse vissen vals gehaakt, wat voor de nodige spannende drils zorgt waarbij het elastiek meters uit de top wordt getrokken. Maar ook als de haak wel goed in de bek zit, zijn de drils spannend. De vissen zijn sterk zo met die stroming en onder de kant liggen dikke leliebedden en wier waardoor een dikke vis niet zomaar binnen is.
Een dikke winde of sterke brasem heb je hier niet zomaar binnen!
De aanbeten volgen vooral op het moment dat de vlagdobber weer zijn weg vervolgt met de stroming mee, vaak 2 meter stroomafwaarts van de voerstek en gek genoeg niet als het aas even wordt tegengehouden voor een rustmoment. Gek is ook dat de brasems niet echt goed op de stek zijn vast te houden. Dan weer vangt Frans 2 tot 3 vissen achter elkaar voordat het stilvalt en dan is Nick weer aan de beurt met een serie vissen. Het lijkt wel of de vissen tussen de twee voerplekken pendelen. Regelmatig een bal bijcuppen helpt wel. Doen ze dat niet dan blijft de vis duidelijk langer weg.
Regelmatig bijcuppen, anders zijn de brasems (voor even) weg.
Al met al wordt er tussen de buien door heel wat kilo’s vis gevangen, meest donkergekleurde brasems van 1 tot 2,5 kg, met een paar mooie windes erbij. Dat gaat natuurlijk niet ongemerkt voorbij en al gauw krijgen we bezoek van de nodige campinggasten die hun ogen uitkijken. Zoveel vis hier…
Ongekend, zoveel mooie brasems zwemmen hier…
Om een lange verhaal kort te houden; de mannen hebben weer een heerlijke dag hier. Frans blijft herhalen hoe mooi hij het hier vindt en wat een geweldige visserij hier op de Vecht, ongekend! Gelachen wordt er ook volop, mooi die Brabantse humor. Alleen die vervelende man met de camera, die telkens met zijn waadpak aan door het water loopt en de boel verstoort als het net lekker loopt… die mag de volgende keer van Frans wegblijven!
UNIEKE LOCATIE
Midden in de natuur en pal aan de rivier de Vecht bij Ommen ligt Resort de Arendshorst. Visliefhebbers kunnen hier hun hart ophalen. Vanaf de ruime staanplaatsen op de camping of vanaf de huisjes pal aan het water ben je zo aan het vissen. Voer, aas en andere hengelsportartikelen zijn in een winkeltje op het terrein te koop. Ideaal! Kortom, een unieke locatie middenin een prachtig stuk natuur. Niet voor niets dat VisTV hier ook al op bezoek kwam. Kijk voor meer info op: www.arendshorst.nl
Bij het vissen op een commercials (bij)voeren een belangrijk aspect. Hoe voer je met een pole cup op een commercial? Peter Urscheler geeft tips over één heel belangrijke voertechniek: de pole cup.
Een zogenaamde pole cup is in feite een klein, kunststof potje, dat je op de top van de vaste hengel klemt. Door het potje te draaien kun je aas bijvoeren. Er zijn verschillende varianten beschikbaar, elk met hun unieke eigenschappen. Waar moet een pole cup aan voldoen? We nemen met Peter Urscheler de belangrijkste eigenschappen door.
Het vissen en voeren met een pole cup is niet meer weg te denken uit de commercial visserij!
Ten eerste, hoe herken je een goede pole cup?
Een goed pole cup is van zacht materiaal gemaakt, zodat de hengel niet beschadigd wordt. Tevens moet deze makkelijk gemonteerd kunnen worden op de hengeltop.
Ook zul je bij een goede pole cup zien dat er aan de onderkant een paar gaatjes / sleufjes zitten. Dit is om te zorgen dat wanneer jij je voer wilt cuppen dit gemakkelijker uit je potje komt en niet vacuüm zuigt.
Het dekseltje met één grote, centraal gat gebruik ik……bij groter aas, zoals mais of 6 mm pellets.
We zien verschillende varianten, waarom is dat?
Bij deze Preston Soft Cad Pots pole cups zitten zelfs twee opzet ringen. Eén daarvan is om kleine twee en vier millimeter pellets te sprenkelen boven je visplek en de andere is om grotere pellets of mais te voeren.
De pole cup met het andere dekseltje, om kleinere pellets tot ongeveer 4 mm op de stek te sprenkelen.De Preston Soft Cad Pots pole cups zijn in drie formaten (small, medium en large) beschikbaar.
Hoe bevestig je een pole cup?
Dit is heel simpel, door met twee vingers de zijkant van de pole cup in te drukken gaat hij openstaan en kun je hem zo op de top zetten. Klaar is Kees!
STAP 1. Zo ziet de onderkant van de pole cup eruit.STAP 2. Druk de pole cup in zodat de sleuf verder open gaat.STAP 3. Beng de pole cup naar de plek waar je deze wil monteren.STAP 4. Laat de cup los en klaar voor gebruik. Zo simpel is het!
De commerciële karpervisserij in Nederland wordt in snel tempo steeds meer populair en het is dan ook alleen maar logisch dat je overal in Nederland steeds meer nieuwe plekken ziet ontstaan waar je deze visserij kunt beoefenen. Daar zitten soms echt schitterend mooie wateren bij en één ding is zeker: vissen op Vispark Nolderwoud behoort zeker tot die categorie. Jan van Schendel reisde af naar Vispark Nolderwoud en deelt zijn ervaringen.
Vispark Het Nolderwoud ligt in Drenthe, in Zuidwolde om precies te zijn. Deze streek hier is sowieso al schitterend om allerlei soorten vakanties door te brengen en als je dan ook nog om vissen geeft dan is Vispark Nolderwoud daarvoor de oplossing bij uitstek. Je hebt hier werkelijk alles in de directe omgeving. Werkelijk ideaal, maar laten we het eerst eens hebben over de vijver zelf.
De vijver van Vispark Nolderwoud
We spreken hier over een vijver die er altijd al heeft gelegen. Toen ik er aankwam moest ik meteen denken aan een ven. Het ligt ook vrij ‘diep’ midden in een bosrijke omgeving. Op sommige plekken is de vijver tot 6 meter diep en op vaste stok-visafstand ligt de diepte zo rond de 3,5 meter op 11 meter. Overal heb je een aflopende oever gezien vanaf de vissteigers en zelfs vlak voor het steiger heb je al een mooie diepte.
Visbestand Vispark Nolderwoud
Over nieuw gesproken! Dit is pas het eerste jaar (2020) dat Het Nolderwoud geopend is. Er is een prachtig bestand aan meest (puntgave en kerngezonde) spiegelkarpers en er zijn ook F1’s uitgezet.
Bij dit schrijven (2020) zwemmen er veel mooie, kleine vissen op Vispark Nolderwoud.
Meest relatief kleine vissen van zo’n 300 gram tot een kilo maar ook was er al een flink oorspronkelijk bestand en dus zitten er ook grotere karpers, een enkele zeelt, brasems en vooral ook veel voorn, zowel blankvoorn als ruisvoorn.
Visstekken op Nolderwoud
Er zijn 24 visstekken gemaakt aan beide lange zijden van de vijver en rond de vijver loopt een verhard pad. Iedere stek is dus gemakkelijk te bereiken. De vissteigers die er liggen op iedere plek zijn uiterst comfortabel. Nog een mooie bijkomstigheid is dat de vijver door de diepe ligging die ik zonet omschreef behoorlijk beschut is. Met andere woorden, de wind heeft er niet echt vat op, zelfs al waait het flink.
Uniek: hengelsportzaak aan de vijver
Pal aan de vijver zit Rix Hengelsport en dat is al jaren een bekende hengelsportzaak die ook met name gespecialiseerd is in mailorder. Uiteraard kun je hier gewoon alles vinden wat je ooit nodig kunt hebben voor de visserij op de vijver.
Wat een luxe: een schitterende hengelsportzaak met een groot assortiment commercial techniek spullen!
Men is met name gespecialiseerd in het merk Preston Innovations. Ik ben eigenlijk nog nergens een bredere collectie tegen gekomen van dit merk.
Wedstrijden op Vispark Nolderwoud
Eigenaar Rick organiseert regelmatig wedstrijden aan de vijver en is verder heel intensief bezig met een viskweekproject. Op verschillende plaatsen staan grote bakken waarin tienduizenden hele kleine karpertjes zwemmen die hij nu aan het opkweken is. Dat zijn allemaal nakomelingen van de vissen die in de vijver rond zwemmen en dat zijn echt prachtige en gezonde vissen. Dat zie je trouwens toch vaak op de wat diepere vijvers. Ik kan me zo voorstellen dat de vissen daarin de perfecte leefomstandigheden hebben.
Vistactiek op Vispark Nolderwoud
Ik besloot om vandaag te vissen op steiger 4, een plaats zo’n beetje voor de parkeerplaats en een plaats met een wel heel aantrekkelijk uitziend veld van waterlelies aan de linkerzijde. Op 11 meter liet ik een peilloodje zakken ik verschrok van de diepte daar. Ik besloot dan ook meteen om iets dichterbij de oever te vissen op een diepte van zo’n 3 meter.
Naast de waterlelies stond al bijna twee meter water.
Verder maakte ik een tweede plek net naast de waterlelies en daar stond ook al bijna 2 meter water met een behoorlijk steil aflopende oever vanaf de kant gezien. Tot slot maakte ik ook nog een lijntje klaar om bovenop te vissen. Dus net onder de oppervlakte van het water.
Voeren op Nolderwoud
Als voer en aas koos ik voor pellets en mais. Ik voerde een halve cup met beide aassoorten op de verste visafstand en ik besloot om te beginnen bij de waterlelies.
Al bij de allereerste inworp ging mijn dobber niet staan en ving ik een ruisvoorn die het aas dus had onderschept. Daarvan zouden er nog wel wat volgen. Hier zwemmen echt veel voorns en ik kan me zo indenken dat die vissen tijdens de koude maanden van het jaar een hele interessante optie vormen om op te vissen. Vandaag echter niet, het ging me om de karpers en F1’s.
Op warme dagen
Nou, daarvan zaten er ook genoeg en ik had enkele heerlijke visuren. Ik heb eigenlijk amper meer gevist op de verste afstand tegen de bodem. Ik kreeg daar wel volop aanbeten maar die vissen waren bijna niet te haken. Wel probeerde ik de vissen daar in de hogere waterlagen te krijgen en dat lukte maar deels. Ik ving wel enkele vissen, op zo’n 80 centimeter diepte, maar echt goed lukte dat niet. Toch zal dat hier op warme dagen een hele goede vistactiek zijn, dat kan bijna niet anders. Vandaag was het vrij koel en telkens als er enkele vissen kwamen verdwenen ze ook weer meteen.
De beste stek op visvijver Nolderwoud
De beste stek van vandaag was absoluut de korte afstand bij het lelieveld. Enorm veel aanbeten hier maar ook waren die nog niet zo gemakkelijk te verzilveren. Ik ving hier veelal kleinere spiegels vanaf zo’n 300 gram tot maximaal 1 kilo en ook ving ik enkele prachtige F1’s en zelfs ook enkele kleine brasempjes.
Het was wel opletten telkens weer als je een vis aansloeg. Ze wisten natuurlijk stuk voor stuk perfect de weg naar de lelies en bij het haken van grotere vissen had dit misschien problemen op kunnen leveren. De grootste kunst was het ook werkelijk vangen van de vissen die aanbeten.
Vispark Nolderwoud; wat een schitterende locatie!
Harde 4 en 6 millimeter pellets in een bandje, zachte haakpellets, mais, wat ik ook gebruikte als haakaas, het was moeilijk om de aanbeten maximaal te verzilveren. Meteen is dat dan ook een mooie uitdaging op zo’n dag natuurlijk.
Voertactiek aanpassen
Later, door iets verder op de bodem te vissen, lukte het allemaal wat beter maar 100% tevreden was ik er nooit over om eerlijk te zijn. Ik pikkelde ook relatief veel vissen en meestal heeft dat te maken met de voermanier. Wat kon ik echter doen? Niets voeren is geen optie. Ik probeerde om wat grotere hoeveelheden ineens te voeren en dan wat minder vaak om wat rust op de stek te krijgen. Dat leek nog de beste aanpak.
Avond wedstrijd Vispark Nolderwoud
Na enkele mooie visuren was het tijd om in te pakken want ik had inmiddels besloten om mee te doen aan het avondwedstrijdje dat juist vandaag werd georganiseerd. Al met al heb ik toch nog een aardig netje vis kunnen vangen, geschat ruim 20 kilo, aan stuk voor stuk prachtige vissen. Allemaal kerngezond ook. De vissen moeten wel ideale leefomstandigheden hebben hier.
Stekken wedstrijd
Bij de avondwedstrijd werd gevist aan de overzijde van het water. De diepte was ongeveer vergelijkbaar, alleen liep de bodem minder steil af. De avonduren zijn bijna altijd de beste visuren van de dag op dit soort wateren en ik besloot om uitsluitend op 4 tot 5 meter uit het steiger te vissen en verder op 11 meter op 60 tot 80 centimeter diepte.
Wedstrijdtactiek
Er werd 3 uur gevist dus heel veel tijd om van alles te doen was er niet. Het leek me dat de korte afstand de beste afstand zou worden en dat klopte ook. Op de verre afstand ving ik twee vissen hoog in het begin van de wedstrijd, later concentreerde ik me volledig op de korte visafstand waar ik, schuin naar links en schuin naar rechts, twee plekjes had gemaakt met mais en pellets.
Ook nu waren de aanbeten heel moeilijk te verzilveren en ook nu pikkelde ik veel vissen. Ik verspeelde vanavond ook zoveel belangrijke vissen. Met overigens verschillende haken, zowel aas in een bandje als rechtstreeks op de haak. De verspeelde vissen waren zeker voor een gedeelte ook gepikkeld dus ik had absoluut niet de ideale vis- en vooral voermanier.
Uitslag wedstrijd
Naarmate de wedstrijd vorderde ging het wel wat beter, maar echt het goede gevoel kreeg ik nooit. Ik eindigde de wedstrijd met 18.440 kg en dat was goed voor een vierde plek. Zeker niet het maximale resultaat, maar goed. De wedstrijd werd trouwens gewonnen met 26 kilo en voor de tweede plek had je 20.200 gram nodig.
Winnende tactiek Nolderwoud
Om de diversiteit aan vismogelijkheden nog eens aan te stippen, de winnaar viste met een jigger, de tweede plek werd vooral behaald met de method feeder en de derde plek met zo’n beetje dezelfde vismanier als die ik zelf had gebruikt. Echt een prachtige visserij hier en heel veel vangstgewichten met slechts minimale verschillen.
Conclusie: Vispark Nolderwoud
Ik ben enthousiast naar huis gereden na de wedstrijd. Deze plek heeft ongekende mogelijkheden. Voor wedstrijden, voor allerlei clinics, voor vakanties en zeker ook voor meerdaagse wedstrijden. In de nabije omgeving heb je ook nog een andere viijver, De Poele, die ook wordt beheerd door Rick en zo heb je alles bij elkaar echt perfecte mogelijkheden. Vlakbij is er een vakantiepark met zalen, een restaurant, een zwembad en een speeltuin alles in de directe omgeving. Ik voorzie dan ook nu al dat ik hier nog wel vaker ga vissen en ik kan dat iedere visser ook van harte aanraden!
Vijver informatie – Vispark Nolderwoud
Aantal visplaatsen: we beschikken over 24 steigers, waar men met 2 personen op kan vissen.
Waterdiepte: 6 meter op de diepste punt, gemiddeld 3 meter. Aan de oevers tussen de 30 cm en een meter.
Visbestand: 10.000 spiegel en schubkarpers, 1000 F1 karpers en een oud bestand aan brasem, zeelt en voorn.
Succesvolle technieken: vaste stok, method feeder en pellet waggler.
Voer & aas: alle aassoorten zijn toegestaan, met uitzondering van Smac, nat honden of kattenvoer.
Tarieven: € 12.50 Vissen van zonsopkomst tot zonsondergang. Na 15 uur € 5 tot zonsondergang
Aanvullende info: De vijver is gelegen in een dalletje, waardoor er ook met stevige wind prima gevist kan worden. Omringd door bossen heerlijk rustig gelegen. In de toekomst komen er 8 blokhutten voor 4 personen aan de vijver gelegen. Aan de vijver een compleet uitgeruste hengelsportzaak, Rix Hengelsport, waar alles op het gebied van commercial visserij te krijgen is.
Wij gebruiken cookies om onze website en onze service te optimaliseren.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een website of over verschillende websites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.