Home Blog Pagina 51

Zeebaarsvissen op de Waddeneilanden

Deze bijdrage verscheen eerder in uitgave no.351 van Zeehengelsport magazine.

JELMER SCHEFFER – Voorheen vertrokken we met ons groepje vismaten steevast naar Ierland of Frankrijk voor onze zeebaarsvakanties. Telkens kwamen we na afloop echter tot de conclusie dat de Nederlandse kunstaasvisserij op zeebaars zo gek nog niet is. Daarom besloten we de afgelopen nazomer een zeebaarsexpeditie in eigen land op te tuigen; gedurende zeven dagen bevisten we drie verschillende Waddeneilanden.

 

Om onze trip een zo groot mogelijke kans van slagen te geven, kozen we er voor om eind september te vertrekken naar ‘het hoge noorden’. In die periode viel het springtij, zijn de zeebaarzen zich richting het einde van het seizoen flink vol aan het vreten en komen de grotere exemplaren met regelmaat dicht onder de kant. Mogelijk dat de noodzaak tot de opbouw van reserves voordat de baarzen richting de paaigronden vertrekken, hen minder voorzichtig maakt. En daarmee zouden wij dan ons voordeel moeten kunnen doen…

STEKKEN IN OVERVLOED

Een degelijk plan van aanpak te bepalen was lastiger. Een blik op Google Earth maakte duidelijk dat er op de eilanden werkelijk een overvloed aan potentiële stekken is. Dus waar te beginnen? Bij diezelfde satellietbeelden. Daarop hebben we minutieus gezocht naar obstakels en zandbanken dicht onder de kust. Ook slijpgeulen veroorzaakt door de stroming en andere opmerkelijke diepteverschillen (de mobiele app van Navionics is een handige tool om deze op te sporen) konden op onze aandacht rekenen. Vervolgens hebben we de potentiële stekken naast de lokale getijdentabel gelegd, zodat we een ruwe planning voor onze visweek konden maken.

ONGEREPT GEBIED

De Waddeneilanden zijn voor Nederlandse begrippen een redelijk ongerept gebied. Hier kun je als sportvisser je gang gaan zonder dat er continu auto’s, scooters of vrachtschepen om je heen verschijnen. Toch geldt ook hier: hoe meer moeite je doet om een stek te bereiken, des te groter de kans is dat je wordt beloond. En dit vertaalt zich niet alleen in de vangsten.

Verlaat je de gebaande paden, dan heb je het strand – op een zeehond of een enkele fanatieke wandelaar na – voor jezelf. En dat is ook best wat moeite en inspanning waard. Het grote aanbod en de diversiteit van de stekken is ook meteen een valkuil. Verkeerde keuzes worden onmiddellijk afgestraft. Aan de waterkant heb je er doorgaans geen ‘vergelijkingsmateriaal’ in de vorm van andere sportvissers die al dan niet zeebaars vangen.

En er zijn ter plekke ook geen specialistische hengelsportzaken waar je verkeerde keuzes kunt compenseren door daar informatie in te winnen. Bovendien kun je ook niet je hele eigen voorraad kunstaas van thuis meenemen, want je wilt je immers zo licht mogelijk verplaatsen – op de fiets, klauterend door de duinen of wadend langs de kust.

CODE KRAKEN

Met het voorgaande in het achterhoofd hadden we ons voorgenomen om op iedere stek zo snel mogelijk de ‘code te kraken’. Met vijf man lekker je eigen gang gaan en elkaar zo snel mogelijk inlichten als er actie is. Of het nou een aanbeet betreft op een specifiek soort kunstaas, de werpafstand, te bevissen diepte of een interessante visuele waarneming, alles draagt bij aan het kraken van de code. Deze aanpak scheelt je ongelooflijk veel kostbare tijd. Om die laatste zo goed mogelijk te benutten, visten we de klok rond. De minder interessante momenten in de getijdencurve haalden we wat slaap in of verplaatsten we ons naar een volgend eiland.

STRANDVISSERIJ

Visten we overdag, dan betrof dit vaak de strandvisserij. Zo konden we rond laagwater goed de situatie in ons opnemen. ’s Nachts wadend een nieuwe strandstek verkennen, is niet alleen lastig maar ook erg gevaarlijk; de sterke stroming en diepteverschillen kunnen je verrassen. Bovendien heb je in het donker slecht zicht op de potentieel interessante muien en zwinnen. Los daarvan keken we ook scherp naar de structuur van het zand. Is dit ‘zacht’ en zak je makkelijk weg, dan staat er vermoedelijk weinig stroming als het water hoger staat. Is de bodem echter keihard en geribbeld, dan dendert de stroming later in het getijde over deze mogelijke hotspot heen.

LANGE SPINHENGEL

Aangezien het vanwege het getij niet altijd gemakkelijk is om de hotspots te bereiken met je kunstaas, kies ik voor de strandvisserij voor een extra lange spinhengel van 330 cm. Dan wel een met een werpgewicht van maximaal 50 gram. Je wilt tenslotte niet alleen verre worpen kunnen maken, maar ook goed contact houden met je (lichte) kunstaas en weten waar dit zich ongeveer in de waterkolom bevindt.

Deze lange spinhengel combineer ik met mijn reguliere zeebaarsmolens: een Daiwa- of Shimano- molen uit de 3000- of 4000 serie vol gespoeld met 15-20 LBS 8 strand PE hoofdlijn. Aan het einde van die laatste zit een voorslag van minimaal 1,5 meter 35/00 klassiek nylon bevestigd

TIKKELTJE RUIGER

Bij de strandvisserij met kunstaas gaat het er net even wat ruiger aan toe dan wanneer je rondom de Oosterschelde en in het Europoort- en Maasvlaktegebied met pluggen of softbaits vist. De branding maakt het soms lastig om contact te houden met je kunstaas. Dan is het zeker op dagen met een wat steviger branding fijn om te kunnen opschalen naar kunstaas dat bij het binnendraaien wat meer weerstand geeft.

Een plug die meer in het water ‘bijt’ vist in dergelijke omstandigheden namelijk een stuk lekkerder dan ondiep lopende, ‘rollende’ pluggen. Ook kies ik in die omstandigheden gerust voor softbaits tot 20 gram. Die draai ik met af en toe een abrupte pauze (wel contact houden!) snel binnen – iets wat normaal gesproken ondenkbaar is op een plek met slechts drie meter water.

ZANDSPIERINGIMITATIES

Op het strand ontdekten we vrij snel dat kunstaas dat een zandspiering imiteert een streepje voor had op de rest. Bijvoorbeeld softbaits in de kleuren groen en geel en pluggen met een duikdiepte van 80-120 cm. Zo werd vergeten kunstaas weer nieuw leven ingeblazen. Een mooi voorbeeld hiervan is de IMA Sasuke. Van deze plug ben ik onder ‘normale’ omstandigheden alleen in de nacht fan. Maar ook oppervlaktekunstaas zorgde soms voor verrassingen. Grote, flink wat herrie schoppende pluggen van tussen de 12 en 15 cm lengte – zoals de Xorus Patchinko – wisten tussen de golven de aandacht van de baarzen te trekken.

STREKDAMMEN

Een onbekend en vooral ‘eindeloos’ doorlopend strand is een enorme uitdaging. Zeker als je maar beperkt de tijd hebt (bijvoorbeeld tijdens een gezinsvakantie) kan ik me voorstellen dat dit een brug te ver is. Dan is het een stuk gemakkelijker om naar obstakels te zoeken. Zo heb je op Texel en Vlieland aan de Noordzee-zijde veel strekdammen liggen. Op zo’n strekdam zit je in principe altijd goed.

De stenen zijn begroeid met mossels en wieren en de spleten en kieren bieden beschutting aan visjes, krabben en garnalen – alles waar de zeebaars dol op is. Bovendien raast de stroming om (en bij hoogwater over) de strekdammen heen.

DRIE EILANDEN

Hoewel de drie door ons bezochte eilanden slechts enkele kilometers uit elkaar liggen, verschillen deze qua visserij als dag en nacht.

ZEEBAARSVISSEN – TERSCHELLING

Terschelling kenmerkt zicht door de eindeloze – en in het naseizoen vrijwel verlaten – stranden. Ben je bereid om flink wat moeite te doen voor het ontdekken van nieuwe stekken, dan word je hier zeker voor beloond. Het is op het strand wel even zoeken, want er zijn legio mogelijkheden, maar je hebt geen referentiepunten in de vorm van obstakels. Wil je niet teveel naden-ken en gewoon aan de slag? Dan zijn beide strekdammen rondom de haven van West-Terschelling een prima plek om te starten.

ZEEBAARSVISSEN – VLIELAND

Vlieland is het kleinste eiland van de drie Waddeneilanden die we hebben bezocht. Het grote voordeel hiervan is dat vrijwel alle stekken binnen handbereik liggen. Met een half uur fietsen zijn alle duinover-gangen bereikbaar. Zoek je het liever dichterbij? De eerste strekdammen bevinden zich op slechts vijf minuten fietsen van het dorp.

ZEEBAARSVISSEN – TEXEL

Hoewel Texel een Waddeneiland is, doet het mij als Zeeuw qua omvang een beetje denken aan Schouwen-Duiveland. De wegen zijn wat breder dan op de andere eilanden en er is aanzienlijk meer (snel rijdend) autoverkeer. Daarvan dien je zeker bewust te zijn wanneer je ’s nachts met al je spullen naar huis fietst – zorg voor goede verlichting! De stekken waar wij ons op hebben geconcentreerd zijn de strekdammen aan de Noordzeezijde en de structuren rondom de havens.

DAMMETJE OP EN AF

Om het toeval zoveel mogelijk uit te schakelen, kies ik voorafgaand aan een sessie altijd voor een bepaald strijdplan. In het geval van de strekdammen kozen wij een interessante duinovergang uit om daarna de dammen met het getijde mee af te vissen. Dat kan vaak prima, want soms zit er wel een uur verschil in het getij op slechts een paar kilometer afstand. Op deze manier bestrijk je veel water en kun je door met het getijde mee te bewegen maximaal profiteren van de beschikbare tijd. Ook krijg je zo snel in de gaten wat de succesvolle en minder succesvolle strekdammen zijn.

KORTERE HENGEL

Aangezien je vanaf de strekdammen doorgaans maximaal op 30-40 meter afstand vist en het kunstaas tot voor je voeten actief (en effectief) is, kies ik bij deze visserij voor een andere hengel. Een van tussen de 240 en 270 cm lang met een werpgewicht van zo’n 10-25 gram. Zo’n wat kortere hengel is beter hanteerbaar; zowel bij het aansturen van je kunstaas als bij het op korte afstand drillen van vissen.

De combinatie van doorgaans snoeiharde aanbeten van vissen die het kunstaas met grote regelmaat pas vlak voor je voeten pakken, maken een lange hengel hier wat lastig in het gebruik.

KEIHARD AFGESTRAFT

De keuze voor een doorsnee voorslag van 35/00 nylon werd op de strekdammen keihard afgestraft. De steenstort en de hoek waaronder je de vis moet drillen, maken dat je voorslag net even meer moet kunnen hebben dan op het strand. Wil je op zeker spelen, kies dan voor een voorslag van 45/00. En zorg dat je voorslagknoop in orde is.

Vissen verspelen omdat de knoop niet goed is gelegd of niet regelmatig op sterkte wordt gecontroleerd, is natuurlijk uit den boze. Helaas moet ik bekennen dat ondergetekende uit gemakzucht verschillende vissen van zeer serieus formaat heeft moeten ‘lossen’ door dit euvel. En ik kan je verzekeren: dat zijn harde leermomenten.

[the_ad id=”25769″]

FIETSEN

“Zijn we nou op vis- of fietsvakantie?” Die vraag werd tijdens onze trip regelmatig hardop gesteld. Vissen op de Waddeneilanden betekent dus fietsen – veel fietsen. Tenminste, als je iets wilt ontdekken en je snel wilt kunnen verplaatsen. Aangezien je de nodige kilometers maakt, kan een elektrische fiets een uitkomst zijn. Let dan alleen wel goed op dat je de accu na iedere vis- en fietsdag goed bijlaadt, anders is het midden in de nacht en met een straffe wind tegen alsnog zwoegen geblazen als je elektrische hulpbron het laat afweten.

HAVENS: ZEEBAARS HOTSPOTS

Een andere hotspot die je zeker niet moet overslaan, betreft de havens. De houten steigerpalen oefenen een natuurlijke aantrekkingskracht uit op allerlei vormen van onderwaterleven. Als er dan ook nog een getijdenstroom langs loopt, kan het haast bijna niet missen dat er ook zeebaars actief is. Ook de plekken waar veerboten aankomen en vertrekken werken als magneten op deze rovers.

Focus je vooral op de plek waar de maalstroom van de motoren tegen een kademuur of ander obstakel botst. Daar ligt de zeebaars graag in een hinderlaag te wachten op prooivis die in de proble-men komt. Mocht je nog twijfelen: ik kan je verklappen dat wij op ieder eiland, in iedere haven diverse zeebaarzen hebben gevangen.

LICHTER VISSEN

Het leuke van de ‘havenvisserij’ is dat je hier lekker licht uit de voe-ten kunt. Jigkoppen van 5-10 gram voorzien van 8-10 cm lange shadjes zijn zwaar en groot genoeg. Omdat je redelijk beschut staat en dicht onder je hengel kunt vissen, is meer gewicht echt niet nodig. Bijkomend voordeel is dat het kunstaas een zo lang mogelijk zweefmoment krijgt, waardoor de zeebaars langer de tijd heeft om toe te slaan.

Je kunt hier dus prima aan de slag met een spinhengel van 210-240 cm lang, met een werpgewicht tussen de 7-21 gram die je combineert met een molen in het 2500-formaat. Houd bij je hengelkeuze wel rekening met het feit dat je soms even goed ‘gas’ op de blank moet kunnen zetten om de vis uit de buurt van de palen te houden.

WAADPAK EN VEILIGHEID

Op bijna alle stekken sta je (noodgedwongen) met je voeten in het water. Zeker op het strand en op de strekdammen kun je zonder waadpak (bij voorkeur een ademend pak, gezien al het lopen, klimmen en/of fietsen op een visdag) niet uit de voeten. Let alleen wel heel goed op dat je met een flinke branding op de strekdammen niet verder dan tot je knieën in het water gaat.

Je wordt namelijk regelmatig verrast door een grote golf waardoor je ineens tot je middel in het water staat. Onderschat daarbij nooit de kracht van een golf of het opkomende water. Mocht je op wat voor manier dan ook worden verrast, blijf dan vooral op twee benen staan en ga niet op zoek naar extra grip – op één been word je namelijk zo omver geworpen

DICHT ONDER DE DIJK

Rondom de havens bevinden zich dijken die aan de Waddenzee grenzen. De eerste kilometers van deze dijken bleken vaak ook hotspots. Aan de voet van de dijk ligt vaak steenstort, die wordt afgewisseld met natuurlijk gevormde oesterbanken. Vergeet deze plekken vooral ’s nachts niet. Op hun strooptochten in het duister komen de zeebaarzen soms zeer dicht onder de kant om te azen. Op een avond spotten we met behulp van onze hoofdlampen tientallen – joekels van – zeebaarzen in 30-50 cm diep water, op slechts een meter uit de kant. Bij dit nachtelijke schouwspel bleek echter eens te meer dat ‘vissen’ en ‘vangen’ twee totaal verschillende onderdelen binnen de hengelsport zijn.

VAN HARTE AANBEVOLEN

De Waddeneilanden bieden de zeebaarsvisser dus oneindig veel mogelijkheden. Of je nu een beginner bent of meer ervaring hebt: er zijn volop uitdagingen en iedereen maakt goede kans om een zeebaars te vangen. Bovendien zijn de variëteit aan stekken en de natuur fantastisch – zeker voor Nederlandse begrippen. En ondanks dat er het afgelopen jaar over de gehele linie (in heel Nederland) veel kleine vis werd gevangen, maak je zeker kans op mooie exemplaren. Ter illustratie: de zwaarste vis (die uiteraard weer rondzwemt) van onze trip woog ruim 4,5 kilo

Mocht je dus in eigen land op zeebaarsavontuur willen gaan, dan durven wij je de door ons bezochte eilanden – Terschelling, Vlieland en Texel – van harte aan te bevelen. Bereid je echter wel goed voor en neem voldoende verschillende soorten kunstaas mee, zodat je op iedere situatie kunt inspelen en niet onverwachts voor verrassingen komt te staan.

EILANDHOPPEN

Eilandhoppen klinkt leuk, maar betekent nogal wat geregel. Zo hebben we op de heenweg eerst twee auto’s (die groot genoeg zijn voor alle passagiers inclusief bagage) geparkeerd in Den Helder voor als we terugkwamen met de veerboot van Texel. Vervolgens zijn we met een derde, ruime auto naar Harlingen gereden voor de overtocht naar Terschelling (zonder auto).

Op Terschelling werden we opgewacht door Roelof Duker van  Wad Events. Hij is zelf ook een fanatiek zeebaarsvisser en heeft voor ons alle accommodaties, overtochten, taxi’s en huurfietsen verzorgd op de verschillende eilanden. Het enige dat wij nog hoefden te doen was ons op de vooraf afgesproken tijden en locaties te melden voor de desbetreffende afspraak. Zo konden wij ons heerlijk en ongestoord  focussen op het vissen – iedereen moet tenslotte doen waar hij/zij goed in is. Toch nog een beetje vakantie! Zie: www.wadevents.nl

Oppervlaktevissen – Dit heb je nodig

ROBERT DE WILT – Welk materiaal heb je nodig voor de oppervlaktevisserij? Robert de Wilt beschrijft wat hij op een dag struinen aan materiaal meeneemt.

HENGEL

De juiste struinhengel bestaat niet. Het gaat vooral om persoonlijke keuzes. Zo vist de een liever wat lichter en de ander juist graag wat zwaarder, of langer. Bij het kiezen van een geschikte hengel voor het oppervlaktevissen heb ik echter wel één belangrijke tip: kies als het even kan voor een hengel met een ‘zachte topactie’, of het nu een lichte of zwaardere hengel is. Zo kun je beter een wat zwaardere hengel maar met een zachte top pakken, dan een lichte penhengel die een dun maar ‘hard’ topje heeft.

Laatstgenoemde hengel volstaat prima voor het penvissen, maar bij het oppervlaktevissen  ‘sla’ je met zo’n harder, stijver hengeltopje vaak al snel het aas uit de baitband. Een zachte, dempende stok (vaak kom je dan toch uit op handgebouwde hengels) heeft veel meer een ‘katapulterend’ effect bij het werpen. En omdat oppervlaktevissen vaak vraagt om het snel aanwerpen van een vis, is het dan wel zo fijn als in het heetst van de strijd geen vistijd verloren gaat aan het steeds opnieuw moeten beazen van de baitband.

Zelf gebruik ik een handgebouwde Century Armalite van 3.60 m en 2.25 lb. Dat lijkt misschien wat aan de zware kant, maar is ideaal geschikt om met een vertraging in de top de brok goed en ver weg te zetten zonder dat deze uit mijn baitband vliegt. Het is natuurlijk ook afhankelijk van je portemonnee, maar als die het toelaat zou ik echt gaan voor een type Armalite blank, of een zachte, dempende stok van hengelbouwers als Bart Bakker (BB Specimen Rods), Cor Spinhoven (CJW) of Rod Visions. Bedenk je verder dat er op Marktplaats best regelmatig goed betaalbare tweedehands exemplaren te koop worden aangeboden. Ben je al een stuk goedkoper uit…

Geef vooral je ogen goed de kost!

MOLEN

Op de Daiwa Whisker SS1600 en SS2600 na, zijn er niet echt molens ontwikkeld speciaal voor het struinend karpervissen. Je komt dus al gauw uit op het stevigere segment spinmolens. Het hoeft allemaal niet zo groot, maar zorg wel dat de molen qua gewicht in balans is met je hengel en ga ook niet te klein: kleinere molen betekent kleinere spoel en dat is qua lijnafgifte met dikkere nylon lijnen niet ideaal. Je vist immers met ultralicht aas (je brok + haak is meestal het werpgewicht) en wilt soms ook snel en secuur een vis kunnen aanwerpen op pak hem beet 10, 15 meter afstand.

Bij Shimano zit je goed met de molens in het 4000- en 5000-formaat – die hebben ook een wat stevigere as, wel zo prettig bij dikkere lijn, dichtere slip en sterke karpers. Zelf heb ik de Shimano Biomaster C5000 FB – dat is een mooie tussenvariant, met een 4000-formaat body en een 5000-formaat molenspoel (incl. reservespoel). Ook de goedkopere Shimano-modellen voldoen prima. Lijnafgifte is een belangrijke factor, maar verder wordt de molen ook weer niet heel zwaar gebruikt bij deze visserij. Het is immers geen kunstaasvisserij waarbij er op een doorsnee visdag honderden tot duizenden worpen worden gemaakt.

Van Daiwa heb ik zelf de Whisker SS2600 (leuk retro model, maar wel met kleine terugslag op de slinger) en de Daiwa Caldia A 4000. Alle genoemde molens zitten zo tussen de 290 en 350 gram, prima in balans met mijn qua gewicht relatief zware Armalite hengel.

HOOFDLIJN

Op social media wordt er tussen struiners onderling vaak pittig gediscussieerd over wat nu de meest geschikte hoofdlijn is voor het penvissen en drijvend vissen. Laat ik voorop stellen dat de beste hoofdlijn, de lijn is waarmee jij zelf vertrouwen in hebt. Verder is het ook afhankelijk van je molen, hengel, formaat startoog, aantal geleide-ogen enzovoort. Er zijn tegenwoordig speciale ‘drijvende’ hoofdlijnen op de markt zoals de Fox Surface (30/00, 15 lb) en de Korda Kruiser Control.

Vaak voldoen deze goed, al heb ik wel het idee dat deze lijnen iets inboeten aan trekkracht en schuurbestendigheid. Wat dat betreft ben ik zelf vooral liefhebber van de ‘Ziggy’ nylon lijn van Rig Solutions. Deze lijn drijft goed, maar is ook vrij ‘scherp’ en daardoor best schuurbestendig. Ik heb al diverse vissen door de rietkraag gekregen met deze lijn en ondervond daarbij geen duidelijke schade op de lijn. En dat geeft mij vertrouwen.

Verder zijn ook de Gamakatsu G-Line Flex (ik gebruik zelf de 28/00 en 30/00) en de ‘good old’ Berkley Trilene en Sensation (White) prima hoofdlijnen. Desgewenst kun je wat zuur- en geurvrije vaseline op je laatste meter lijn wrijven, of ouderwets lijnvet kopen. Dit zou ik alleen doen als je zodanig drijvend vist, dat je aas voor langere tijd te water ligt. Bij het echte aanleggenáanwerpen/stalken van een vis, krijgt de lijn überhaupt vaak niet de kans en tijd om te zinken.

HAKEN

Ook dit is weer persoonlijk. Bij het vissen met een ‘vrije haak’ (je hondenbrok in een baitband) zweer ik vooralsnog bij de Korda Mixa haak in maat 10. Al heb ik inmiddels ook aardige ervaringen met de Nash Fang Gaper in maat 8. Vis je de haak liever (deels) in de brok of korst verstopt, pak dan een maatje 6, of zelfs nog iets groter… Belangrijk bij de haakkeuze is vooral: recht haakoog, korte haaksteel, brede haakbocht.

Bottomline is: gewoon gaan, proberen, klieren, uitzoeken…

Weerhaakloos kan prima (er zit verder geen contragewicht op je lijn waarmee de vis de haak kopschuddend kan lossen, zodra je lijn onverhoopt slap komt te liggen), maar zelf houd ik het wel bij de micro barbs. Pak het liefst een ‘doffe’, gecoate of camou haak. Anders dan bij het bodemvissen met de pen, zijn te glimmende bling bling haken nu niet echt ideaal. Zeker niet op helder water, bij zonnig weer en op water waar de vissen het klappen van de zweep reeds kennen… Handige baitbands die tevens betaalbaar zijn en geschikt voor de hondenbrok, zijn de Gardner Latex Baitbands in het maatje 4.8 mm. Zitten er 100 van in een kokertje, kost drie piek ofzo.

AAS

Minder duur dan een paar zakken boilies!

Een van de belangrijkste elementen bij het drijvend vissen is het aas. Dat moet allereerst drijven (duhhh), als het even kan lang drijven, betaalbaar zijn en handig te vissen zijn. De volgende brokken zijn allemaal geschikt als voer- en ‘haakbrok’: Bonzo Menubrokken, Pedigree Vital Senior 8+ en Lucky Dog (alleen bij de Aldi). Maar schroom vooral zelf ook niet om andere varianten van bijvoorbeeld de talloze huismerken eens te proberen.

Verder wel handig om een potje van in de tas te hebben, zijn de Nash Hookable Floaters – goed drijvende haakaasjes waar je de haak mooi in kunt verstoppen. En uiteraard geldt dat de broodkorst nog altijd een topper is. Nadeel is dat de watervogels er vaak sneller lucht van krijgen. Voordeel dat een voorgedoopte korst twee keer verder werpt dan een hondenbrok. Even uitknijpen en je hebt bovendien een mooi, zwevend aasje voor die lastige exemplaren.

Veel gaan, veel zoeken en vooral volhouden. Op zeker moment lukt het je!

Nu nog een handige, opvouwbare onthaakmat (ik gebruik de Fox Combo Mat, en dan tevens als vistas en ‘stoel’), landingsnet en uiteraard een polaroid zonnebril en gaan met die banaan. Uhh… Hondenbrokken…  Bottomline is: gewoon gaan, proberen, klieren, uitzoeken… Dan komt het gegarandeerd helemaal goed en kan ook jij ‘brokken’ gaan maken.

En vergeet je net én onthakingsmatje niet!

Op jacht naar grote zeelt

Na veel investeringen in vooral tijd, beginnen de successen te komen!

Deze bijdrage verscheen eerder in uitgave no. 89 van Witvis Totaal magazine

MARCEL POMP – “Mas, haal jij de tas uit de auto? Dan brengen wij de hengels en de stoelen alvast naar het water.”  De gele Albatrostas is loeizwaar, maar ik laat me niet kennen. Met vereende krachten sleep ik de heilige tas naar het water.

Het is 1985. Ik ben 13 jaar, krijg net dons onder mijn neus en mag mee met de drie kameraden: Loek, Joop en Pa. De mannen zijn al jaren visvrienden en besloten met hun gezinnen de zomervakantie in Limburg door te brengen. We staan op Vakantiepark Kasteel Ooijen. We bevinden ons in een schitterende omgeving, met niet ver van ons vandaan: een visvijver. Ik heb het even opgezocht op Google maps, maar dat moet de Gubbelsvijver zijn geweest.

Deze vijver is vandaag het viswater. Ik mag mee, maar wel zonder hengel. Dat is geen enkel probleem. Ik ben de enige van de zes vakantiekinderen die mee mocht; de oudste en ik houd van vissen. Ik ben vandaag de uitverkorene.

De drie vrienden zijn competitief, maar op een leuke manier. Beetje bekvechten, de gek met elkaar steken, maar vissen kunnen ze. Er werd in die tijd veel met de vaste stok en deeg gevist. Volgens mij op basis van havermout of bambix. De mannen zijn kampioen deegjes maken en ieder heeft zo z’n eigen ingrediënten. De één heeft kaneel als geheim ingrediënt, de ander bruine basterd suiker. Prachtig. We zitten. Het voer ligt inmiddels op de stekken en ik zit bij Joop. Er verschijnen aasbellen boven zijn voerplek, maar er gebeurt verder nog niks.

Dan is het rumoerig bij Pa. De top van zijn vaste stok staat krom. Een vis maakt het Pa behoorlijk moeilijk en deze heeft geen enkele zin om mee te werken. Linksom, rechtsom, dan weer richting riet. Het zweet staat Pa op zijn kop. De lijn staat strak en het duurt vijf minuten voordat we een glimp van een vis kunnen opvangen. Loek staat klaar met het schepnet en fluistert tegen mij dat het een zeelt is. Mijn ogen worden zo groot als schoteltjes. De vis worstelt, draait zich tig keer om z’n as en bonkt. Pa krijgt het benauwd. Ik zie dat mijn vader het moeilijk heeft, maar net als de vis weer een run wil geven, schept Loek de vis.

Ik ben sprakeloos. Op het gras licht een olijfgroene vis met robijnrode ogen. Deze vissoort heb ik nog nooit gezien. Een zeelt. Wat een krachtpatser. Wat een schitterende vis. Een zeelt die me nog lang zal heugen.

GROTE ZEELTEN

Het is ruim 20 jaar later en ik heb mijn hobby vissen weer opgepakt. Tijd en andere interesses hebben me van mijn vroegere hobby onthouden, maar eens een visser, altijd een visser. De vaste stok wordt uit de kast gehaald en ik vang volop brasem en voorn. Dan sla ik een zeelt aan de haak en ervaar opnieuw hoe sterk deze vis is.

Eénenvijftig centimeter schoon aan de haak en ik vraag me af hoe groot deze zeelten wel niet kunnen worden. Ik lees in de bladen dat zeelten van 50 cm tot de grote vissen behoren, maar dat een 60’er toch wel het summum is. Het is het startschot van mijn jacht op grote zeelt. Ik ben hooked. De olijfgroene rakker heeft me volledig in de greep en ik verzamel alles wat er op internet te vinden is over deze vis.

Het gericht vissen op zeelt wil echter maar niet vlotten. Ik vang brasem bij de vleet, maar zeelten vangen ‘ho maar’. Ik moet op zoek naar water met een goed zeeltbestand en beland zo aan Naarden Vesting. Daar begint mijn jacht op ‘Tinca tinca’ en weet ze in die tijd tot 55 cm te vangen.

Het virus heb ik van mijn vader…

Toch ben ik niet tevreden. Ik begin vissen te dubbelen, stoor me aan de drukte en ik kom in gesprek met een karpervisser die nog een water weet waar zeelten zwemmen. Ik verkas en richt me op het nieuwe water en al gauw weet ik ook daar zeelt te vangen. De vaste stok is inmiddels ingeruild voor twee lichte karperhengels van zo’n 1,5 pond en ik vis met lichte loodjes en karpersysteempjes.

De gedachte hierachter is dat ik nu me twee hengels vis en zo mijn kansen groter acht en dat blijkt goed uit te pakken. De maden en maïs op de haak hebben plaatsgemaakt voor miniboilies en kikkererwten en ik merk dat de zeelten hier zeer goed op reageren. Ik vang zelfs aantallen van vijf tot 10 vissen in een sessie. Vooral de zoete boilies lijken de vissen lekker te vinden en zo lukt het me zeer gericht op deze zoetwatervis te vissen. Dit resulteert uiteindelijk in een vis van 57 cm en ik ben de koning te rijk.

SPECIMENHUNTERS

Maar dan begint het opnieuw te knagen. De 60’er spookt weer door mijn hoofd en het lukt me maar niet om deze grote vis te strikken. Dan krijg ik de website www.tenchfishers.com in het vizier en word ik lid van de grote zeeltvissersclub van Engeland. Ik krijg foto’s te zien van gigantische zeelten van 3, 4, 5 en soms 6 kilo. Mijn hart slaat over van deze mammoeten onder de zeelten en ik vraag me af hoe lang deze vissen wel niet zijn.

Aangezien in Engeland alleen het gewicht telt, moet ik er specifiek naar vragen en ik krijg te horen dat deze grote zeelten tussen 55 en de 70 cm zitten. Maar dat is in Engeland niet belangrijk, krijg ik te horen. Als je toch op zoek bent naar een grote zeelt, dan moet je op zoek naar een 10 ponder, wordt me verteld. “It’s the pounds that counts…”

Nou moet ik wel vertellen dat een Engelse pond (libra pound) niet helemaal overeenkomt met de 500 gram die wij in Nederland kennen. Een 10 ponder is in Engeland dus een vis van 4,53 kilogram en die wordt dan ook een ‘Double’ genoemd. Ik peins en begeef me inmiddels in de wereld van de specimenhunters.
Een nieuwe missie is geboren. Niet alleen ben ik nu op zoek naar een 60 cm zeelt. Nee, ik ben tevens op zoek naar een ‘Double’ en heb meteen een tweede uitdaging.

Er worden Engelse boeken gekocht om mijn kennis te verrijken en ik ben inmiddels eigenaar van de Bijbel onder de zeeltboeken: ‘A time for Tench’ van Chris Turnbull. Ondertussen ben ik op het internet de specimenhunter Rob H. tegengekomen. We mailen en blijken dezelfde passie te hebben. Zeeltvissen. Vervolgens worden er foto’s uitgewisseld. Wanneer Rob mij foto’s stuurt van diverse zeelten van 60 cm plus en ruim vier kilo, vallen mijn ogen weer uit mijn oogkassen.

De inzet van twee lichte karperstokken betekent een sprong vooruit.

Rob vertelt mij dat ik het moet zoeken op wateren die bevist worden door karpervissers. Op deze wateren wordt zoveel gevoerd dat zelfs de brasems en zeelten zich te goed doen aan de eiwitrijke boilies die karpervissers er voeren. Het effect is dat er op die wateren enorme witvissen zwemmen. Zeelten en brasems van buitenproportionele afmetingen.

Ik heb de aanwijzingen opgeslagen en wijk uit naar karperwater. Ik bevis verschillende wateren en vang na negen sessies een zeelt van 57 cm lang en 3,2 kg zwaar. Ik sta perplex, want ik evenaar meteen mijn PR en dat met de eerste vis die ik vang op een karperwater. Dit smaakt naar meer en ik zet mijn tanden er goed in, maar ik word al gauw teleurgesteld

“Ik lees alles wat ik kan vinden over mijn favoriete vissoort.”

MADEN…

Na vier sessies zonder noemenswaar-dige vissen (ik vang voornamelijk brasem van een aardig formaat), zakt me de moed me in de schoenen en verkas ik naar een nieuw karperwater. Ik raak met wat karpervissers aan de praat en krijg nauwelijks informatie. Maar wanneer ik vervolgens vertel dat ik op zoek ben naar grote zeelt, komen de verhalen los. Kennelijk zien ze me nu niet meer als concurrentie en zijn ze ineens heel vriendelijk.

Ik krijg te horen dat ik goed zit. Dat ze vaak als bijvangst gevangen worden. Er zwemmen hier hele grote zeelten van wel 60 cm en wel 5 kilo. Tevens krijg ik te horen waar ze zo nu en dan mee gevangen worden. Zoete boilies. Ik kan mijn geluk niet op, begin met het uitpeilen van het water en vis met zoete boilies. Ondertussen droom ik van mooie 60’ers en de vijf kilo vissen die straks in mijn net liggen. Maar net als bij het vorige karperwa-ter krijg ik de eerste drie sessies geen tik. Ja, lijnzwemmers zat, maar er gebeurt verder helemaal niks.

Met de staart tussen de benen ga ik naar huis en twijfel. Ik pieker over mijn montages. Ik pieker over mijn aas. Ik pieker over het water. Ik heb het zelfvertrouwen van een voerkorf, niks is goed.

Op zoek naar een ‘Double’…

Wanneer ik de Bijbel van Chris Turnbull weer eens opensla en de grote zeelten voorbij zie fladderen op de pagina’s, begint me iets te dagen. Alle specimenhunters uit dit boek zweren bij maden. Natuurlijk zijn boilies ook goed, maar bij iedere specimenhunter staan de maden als aas op nummer één. Ik besluit mijn tactiek te wijzigen, laat speciale Drennan Bolt rig Maggot feeders uit Engeland komen en begin weer op het karperwater waar ik ben gestopt.

De eerst volgende sessie val ik meteen met mijn neus in de boter. In de vier uur die ik vis vang ik vier prachtige zeelten van 56, 50, 55 en 54 centimeter. Niets bijzonders zou je zeggen, maar op de 50’er na zijn de vissen allemaal boven de drie kilogram, waarvan de 56’er 3,64 kg weegt. Wauw!

Nu moet je als zeeltleek even weten dat het gemiddelde gewicht van een Nederlandse zeelt zo rond de twee kilogram ligt. Snap je nu waarom ik zou blij ben?

Ik zit goed; ik ben helemaal in mijn nopjes en ik zet door. De maden werken hier prima, maar niet elke sessie en ik experimenteer nog wat met mijn montages. Ik vang zo nu en dan een vis, maar het houdt niet over en ik blijf mijn montages voortdurend verder finetunen. Nieuwe madenkorven en helicoptersysteempjes uit het boek van Chris worden ingezet. Ik test met allerlei soorten aas. Van kikkererwten en boilies, tot maïs en natuurlijk maden.

Dan gebeurt er iets waarvan ik al zolang gedroomd heb. Mijn beetverklikker gaat heel langzaam omhoog en als een gebeten hond pak ik de hengel. Normaal gesproken voel ik meteen of het een zeelt is, maar het karakteristieke bonken van de vis is er niet. De vis zwemt zich een breuk en het duurt even voordat ze langs de kant komt. Met een snelle haal verdwijnt ze in het net en nog steeds heb ik haar niet gezien.

A DOUBLE…

Wanneer het net op de kant ligt en ik de vis onder ogen krijg, schrik ik. Voor me ligt een kapitale zeelt. Met behulp van een karpervisser wordt de vis twee keer gemeten en gewogen. In mijn handen ligt een zeelt van 4,76 kg zwaar en 58 cm lang. Naar Engelse maatstaven een vis van 10lb 7 oz en dus een onvervalste ‘Double’. Wauw!

Mijn eerste missie is geslaagd en ik ben zo blij als een kind. Ik vang die dag helemaal niks meer, maar dat deert me niet en ik ga naar huis. Mission accomplished. Het vissen op grote zeelt kan dus wel degelijk. Er is momenteel een klein groepje in Nederland dat deze tak van visserij beoefend, maar dat begint aardig te groeien. Mede dankzij de Nederlandse Facebookgroep die zich de Tincahunters noemt, krijgt deze kleine karperachtige met de rode ogen tegenwoordig de aandacht die het verdient. Want wat is dit een prachtige sportvis! In mijn ogen vaak een vergeten vis. De zeelt.

Feederen op de Benedenrivieren

Deze bijdrage verscheen eerder in uitgave no. 90 van Witvis Totaal magazine

LUCIËN DE RADE – Als witvisser mag Luciën de Rade zich gelukkig prijzen met de enorme waterrijke omgeving waar hij woont. Vooral het vissen op groot en stromend water geniet zijn voorkeur en dergelijk water is in de directe omgeving volop te vinden in de vorm van grote rivieren als de Maas, Waal en Merwede. Luciën neemt ons mee voor een sessie op een van zijn favoriete stekken: de Merwede.

De Merwede is de uitloop van de Waal. Dit stuk rivier begint bij het historische stadje Woudrichem (vroeger Woerkum genoemd) en vormt daar de grens tussen de provincies Noord-Brabant en Zuid-Holland. Verderop bij de plaats Werkendam splitst de Merwede zich op in de Beneden-Merwede richting Dordrecht en de Nieuwe Merwede richting het Hollands Diep.

De stroming is sterk afhankelijk van de hoeveelheid neerslag

VERWACHTINGEN

Het vissen op een rivier is altijd een uitdaging, omdat de omstandigheden vrijwel nooit hetzelfde zijn. Met omstandigheden doel ik op stroming, wind, scheepvaart, waterstanden en zelfs de bodem kan ver-anderen (zandplaten die bewegen). Dit laatste is natuurlijk van groot belang tijdens het feederen.

De laatste tijd is er niet veel regen gevallen en ik verwacht met een gram of 60 tot 80 goed te kunnen vissen. De kleur van de rivier bevestigt mijn vermoeden. Deze

is nu een soort van grijs. Wanneer het echt hard stroomt, verandert de kleur van het water al snel in bruin. De laatste paar dagen is de temperatuur wel onderuit gegaan. Wanneer je dan op een kanaal of vaart vist, merk je dit vaak meteen aan de vangsten. Bij de riviervisserij hebben temperatuurschommelingen niet zo heel veel invloed op de vangsten. Ik denk dat dit komt omdat vissen in de rivier door de stroming altijd in beweging zijn en hierdoor meer energie verbruiken – en dus meer honger hebben.

Juist die omstandigheden, de stroming en de daardoor vaak goed azende vissen, maken het vissen op dit type water vaak zo aantrekkelijk. Dit wil zeker niet zeggen dat het vissen op een rivier gemakkelijk is. Integendeel zelfs, het is ronduit uitdagend, want je moet met veel zaken rekening houden.

Ik zie het liefst dat m’n korfje onbelemmerd kan rollen over de rivierbodem

DE JUISTE VISAFSTAND

Wanneer je ver vist, ligt er meer lijn in het water waardoor er automatisch veel druk op die uitstaande lijn komt te staan. En het is de druk op de lijn die een korf laat rollen en niet de korf zelf die aan de wandel gaat. Ver uit de kant vissen, betekent dan ook dat je dan relatief zwaar moet vissen. Vis dus nooit verder dan noodzakelijk.

Voor dit gedeelte van de Merwede is een afstand van tussen de 20 en 35 meter prima. Voor mij is het van essentieel belang om te weten hoe de bodem verloopt en dat probeer ik in kaart te brengen door uitgebreid te peilen. Ook op stromend water is het peilen met de feeder goed mogelijk. Ik gebruik daarvoor een karperloodje, dat met zo’n 70 – 80 gram zwaar genoeg is om snel de bodem te bereiken en daar ook te blijven liggen. Wanneer je het loodje te licht kiest, ben je niet goed in staat om accuraat te peilen.

Ik begin met een worp op 20 meter en fixeer die afstand daartoe met behulp van de lijnclip. Wanneer het loodje op het water valt, houd ik de hengel constant in dezelfde positie. Vervolgens kijk ik op mijn horloge en tel de secondes die het loodje nodig heeft om de bodem te bereiken. Dat blijkt op die eerste afstand zo’n vijf seconden te zijn. Vervolgens verleng ik de lijn met vier meter (precies de lengte die mijn hengel lang is) en herhaal dit proces driemaal, zodat ik nude volgende gegevens heb:

  • 20 meter = 5 seconden
  • 24 meter = 6 seconden
  • 28 meter = 7 seconden
  • 32 meter = 7 seconden

Op deze wijze krijg ik een goed beeld van de bodemstructuur. Ik kies ervoor om op 28 meter te starten, mits er op deze afstand geen rommel ligt! Hier kom ik achter door eerst een aantal proefworpen te maken met een lege korf. Ik trek de korf langzaam over de bodem naar binnen. Wanneer er obstakels liggen, dan merk je dit vrijwel meteen. Wanneer je op de Merwede lukraak een afstand zou kiezen, is de kans groot dat je voortdurend vast komt te zitten en dan is je visdag verpest. Gelukkig rolt de korf op de nu door mij gekozen afstand geleidelijk over de bodem, zonder vast te komen zitten. En in de tussentijd heb ik ook al enkele grote vissen zien springen. Ik heb er zin in…

VOERTJE

Ik vind het heel belangrijk dat mijn riviervoertje precies de eigenschappen bezit die ik zoek voor deze visserij en maak de mix zorgvuldig klaar.

DRIE BELANGRIJKE ELEMENTEN

In mijn koffer bevinden zich een royale hoeveelheid casters, wat dode grote maden, wormen en ook een blik maïs. Mijn voer bestaat vandaag uit vier delen Dutch Special Feeder, twee delen Vijver Geel en 1 deel Chapelure. Deze mix bezit precies de eigenschappen die ik zoek voor deze visserij:

  • het komt geleidelijk los uit de korf;
  • het bevat weinig werkende delen;
  • het geeft een goede kleefkracht om veel aas te transporteren.

Eerst breng ik een korf of zes met dit voer en wat los aas en vervolgens beaas ik m’n haak met twee casters en een made. Op een paar minuscule tikjes op de top na gebeurt er eigenlijk niets. Hoewel de vissen kennelijk dus nog niet op mijn voerlijn zijn gearriveerd, blijf ik iedere vier tot vijf minuten een royaal gevulde korf met aas gooien. De ervaring leert dat als de vissen op komen dagen, ze wel wat lusten.

Bovendien is dit water zo groot dat té veel voeren bijna niet mogelijk is. Een wat somber half uurtje volgt, met als enige vangst enkele grondels. Tot de eerste voorn zich meldt; niet groot, maar wel een goed teken. Ook de korte felle tikjes op de top verraden dat er nu voorn op de voerplek zit. Heel vaak zijn voorns de eerste vissen die op de voerplaats arriveren. Na een reeks kleine voorns heb ik echter nog niet gevangen waarvoor ik eigenlijk kwam…

Ik schakel over op alleen casters, zowel op de haak als in het voer. Ook nu weer laten die casters me niet in de steek, want al snel worden de voorns steeds groter. Ook windes laten zich aanlokken door de casters en wanneer zo’n winde het aas pakt is dit overduidelijk te zien en wordt de hengel tot ver over het midden krom getrokken.

Na het peilen maak ik nog enkele proefworpen met een lege korf.
Ik schakel over op alleen casters, zowel op de haak als in het voer.

ANGSTVALLIG STIL

Na verloop van tijd merk ik echter dat de frequentie van aanbeten minder wordt; waar het net nog gonsde op de top van de voorn aanbeten blijft het nu vrij rustig.

Dit alles heeft te maken met het afnemen van de stroming. Vaak stopt de vis dan voor een tijdje met azen… Ik vis nog een tijdje door met dezelfde setup, maar constateer dat het minder en minder wordt naarmate de stroming steeds verder afneemt. Ik vang nog enkele kolbleien en blieken, maar voorns laten zich nauwelijks nog zien.

Zo’n winde trekt de hengel tot ver over het midden krom.

OMSCHAKELEN

Ik heb het idee dat er nog zeker vis op mijn plek aanwezig is, maar dat ze minder fanatiek azen. Het duurt steeds langer voor ik een aanbeet krijg. Ik besluit mijn setup te veranderen en de de stugge vier oz top maakt plaats voor veel soepelere 2,5 oz top. De grote zware korf vervang ik door een kleinere korf van 45 gram en mijn onderlijn die eerst een metertje lang was, door eentje van anderhalve meter. Die aanpassingen hebben vrijwel meteen effect. Er belanden weer meer kolbleienen blieken in mijn net en tegen het einde van de sessie zo af en toe ook een grote brasem.

VARIËREN IN AAS

Verandering van stroming verandert ook het aasgedrag van de verschillende vissoorten en dus die je wat aas betreft op alles te zijn voorbereid.

Cocktail stukjes worm plus made.

Ik vind het aasgedrag van vissen altijd enorm interessant en vandaag was daarvan weer een mooi voorbeeld. Na een trage start kwamen de voorns in gestaag tempo op gang. Ik ving er redelijk wat achter elkaar. Toen plotseling de stroming minder werd, gingen de kolblei, bliek en brasem azen en kregen die ‘platten’ de overhand. Ik vraag me dan af: hebben zij de voorn verjaagd of zijn de voorns vertrokken omdat de stroming minder werd? En zijn deze blieken en brasems er dan wellicht toch de hele tijd al geweest, maar kregen ze de kans niet…? Allemaal vragen waarop eigenlijk niemand voor de volle 100% procent zeker een antwoord kan hebben. Dat hoort echter bij het vissen en maakt het tegelijkertijd leuk en interessant. Tenminste wel voor mij…

Fotografie: Hugo Van Gelder

Werpmolen of toch een Reel?

Een molen heeft mijn voorkeur bij onder andere verticalen en het vissen op baars …

HAN VAN DEN EERTWEGH – De meeste roofvissers vissen met een werpmolen, maar heel veel anderen gebruiken liever een reel. Ook zijn er die naast elkaar allebei de opwindmachientjes inzetten in verschillende situaties. Daar ben ik er één van: ik gebruik meestal een molen, maar voor sommige doeleinden vind ik een reel weer meer geschikt.

OP ZIJN KOP!

Wat is nu het verschil tussen een molen en een reel? Bij het zien van een visser die met een reel vist, valt de ‘molenvisser’ gelijk iets op: hij heeft de hengel op zijn kop! Hiermee hebben we gelijk één van de belangrijke verschillen te pakken: de reel zit bovenop de hengel, met de geleideogen boven op de hengel, en de molen hangt eronder. Bij het vissen met een reel wordt ook een ander soort hengel gebruikt, een ‘baitcaster’ met een ‘triggergreep’.

Triggergrip van de baitcaster.

STERKER

Bij het gebruik van een reel komt de lijn in één lijn vanuit het startoog op de spoel terecht, en de spoel draait rond. Dit in tegenstelling tot een molen, waarbij de lijn onder een hoek van negentig graden onder de beugel door op de spoel wordt gedraaid. Hierbij staat de spoel stil en draait de beugel met lijnrolletje er rondom heen. Door dit verschil in constructie, maar ook omdat de spoel van een reel aan twee kanten vastzit en de spoel van een molen maar aan één kant, is een reel sterker dan een molen.

SPOEL STOPPEN

De meeste vissers vinden het werpen met een molen makkelijker dan met een reel, en kunnen hier verder mee ingooien. Dit is echter ook een kwestie van oefening. Bij het werpen met een reel is het belangrijk om de spoel te stoppen door er met je duim op te drukken, precies op het moment dat het kunstaas het water raakt. Doe je dit niet of te laat, dan draait de spoel nog even door met een flinke pruik als gevolg…

Een molen heeft mijn voorkeur bij onder andere verticalen en het vissen op baars …

BAITCASTER

Een reel is of linkshandig, of rechtshandig, terwijl je bij een werpmolen de slinger van kant kunt wisselen en zo omschakelen. Ook kun je bij een molen snel en gemakkelijk van spoel wisselen met diverse lijndiktes. Bij een reel is deze mogelijkheid er niet.
Nu ik de belangrijkste verschillen genoemd heb blijft de vraag: wanneer kies je voor een hengel met een molen, en wanneer voor een baitcaster met een reel? Dit is vooral een kwestie van voorkeur van de visser. Uitzondering is de zware biggame-visserij waar vrijwel altijd een reel ingezet wordt omdat deze zoals eerder genoemd veel sterker is.

 

Ook bij het vele werpen op roofblei is een werpmolen handig.

VOORKEUR

Zelf gebruik ik een molen bij de werpende visserijen op snoek en roofblei, het vissen op baars en het verticalen. Wanneer gaat mijn voorkeur echter uit naar een reel? Ten eerste bij het trollen op snoek met groot kunstaas. In de steun komt een lange hengel met molen, maar als handhengel geef ik de voorkeur aan een korte, stevige baitcaster met een reel. Dit is voor mij puur een kwestie van gevoel, want met een hengel met molen zal je geen snoek minder vangen!

Reel op de handhengel bij het trollen op snoek.

LIJN BIJGEVEN

Daarnaast zet ik graag een hengel met reel in bij het diagonalen en backtrollen op snoekbaars met zware loodkoppen. Hierbij kan heel gemakkelijk door een ‘druk op de knop’ lijn bijgegeven worden, om zo bodemcontact te houden in de vaak sterke stroming. Dit vind ik sneller en prettiger vissen dan het steeds open en dicht moeten maken van de beugel als je met een molen vist.

Voor zover mijn keuzes en ervaringen, maar zoals eerder al gezegd, het is vooral afhankelijk van gevoel en voorkeur van de visser. Toch zou ik willen zeggen tegen de verstokte molenvissers: geef de reel eens een kans! Na enige oefening kan het voor bepaalde takken van sport een gelijkwaardig of zelfs beter alternatief zijn!

 

Bakstenen uit het Haringvliet

Deze bijdrage verscheen eerder in uitgave no. 92 van Witvis Totaal magazine

ROB PUNSELIE – Iedereen heeft denk ik wel eens dat je ergens mee instemt zonder
eigenlijk precies te beseffen wat het is of inhoudt. Hetzelfde had ik eigenlijk toen ik bevestigend antwoordde op de vraag een keer mee te gaan vissen op het Haringvliet. Natuurlijk wist ik wel een beetje wat het Haringvliet is en waar dit immense water ligt. Maar ik moet eerlijk bekennen en ook met een beetje schaamte dat dát zo’n beetje alles was…

Via de diverse multimedia waar we tegenwoordig bijna allemaal toegang tot hebben, staat er een gigantische hoeveelheid informatie tot onze beschikking, over welk onderwerp dan ook. Enig zoekwerk op Google is voor mij dan ook een standaardprocedure, voordat ik een nieuw water ga bevissen. Je krijgt op een snelle en eenvoudige manier een grote hoeveelheid basisinformatie. En al die informatie liet mij zien dat het hier wel een heel uniek en waanzinnig mooi stukje Nederland betreft.

Er nestelen zelfs zeearenden op het natuureiland Tiengemeten, dat in het Haringvliet ligt. Met een lengte van 28 kilometer en een breedte van 795 tot 3.150 meter is dit echter wel een heel grote bak met water. Het Haringvliet is een voormalige zeearm van de Noordzee, gelegen in Zuid-Holland tussen in het noorden de Hoekse Waard en in het zuiden Goeree-Overflakkee.

GROTE GEVOLGEN

In 1970 werd de toen nog zoute zeearm in het kader van de Deltawerken afgesloten van zee door de Haringvlietdam en voor de scheepvaart werd de Goereese sluis aangelegd. Van de Hoekse-waard naar het Hellegatsplein loopt de Haringvlietbrug en het Spui mondt erin uit tussen de Hoekse-Waard en Voorne-Putten. Het sluiten van het Haringvliet had grote gevolgen voor de natuur. Het zoute water werd door de aanvoer van zoet water uit het Benedenrivierengebied eerst zilt en vervolgens geheel zoet en de invloed van eb en vloed verdween. Daarmee verdween na verloop van tijd ook de kenmerkende vegetatie, net als trekvissen als de fint, elft en Atlantische steur.

We zijn inmiddels echter bijna een halve eeuw verder en in de loop der jaren is het Haringvliet uitgegroeid tot een uniek gebied met een geweldige visstand. Ondertussen is men ook druk bezig geweest met onderzoek en plannen van het eventueel structureel ‘op een kier zetten’ van de Haringvlietsluizen, om zo de werking van het getij weer terug te brengen en zout water in te laten. Dat zogenoemde ‘Kierbesluit’ zou eerst al ingaan in 2003, werd vervolgens verschoven naar 2008, toen naar 2010 en inmiddels is dat zelfs 2018 geworden. En over de effecten van het inlaten wordt al die jaren een felle polemiek gevoerd, met ook onder sportvissers zowel voorstanders als fervente tegenstanders.
Die discussie gaan we echter nu maar niet voeren!

Het Haringvliet is een immense plas water, maar er zijn weldegelijk ook lekker beschutte stekjes te vinden.

FAAM

Het Haringvliet staat vooral bekend als een excellent roofviswater, met grote baarzen, snoekbaarzen, snoek en zelfs roofblei. Maar het is echter ook -of misschien nog wel meer- een geweldig witviswater. Daarbij lijkt het echter wel of het Haringvliet in het buitenland meer bekendheid heeft als een geweldig witviswater dan in eigen land. Velen Belgen, Duitsers en Engelsen bezoeken het Haringvliet om de grote brasems, blank- en ruisvoorns en windes te belagen.

Overal langs het Haringvliet zijn goede stekken waar je lekker vanaf de kant kunt vissen, maar op veel plekken zijn de oevers te ondiep, met hooguit een meter water tot tientallen meters uit de kant. Hier zie je in het voorjaar en de zomer veel vissers wadend vissen. Een heel leuke discipline!
Maar waar moet je nu beginnen, voor het eerst aan zo’n gigantische bak met water?

Ons avontuur begon na het verzamelen van al die achtergrondinformatie via internet’ met het vinden van een hengelsportspeciaalzaak dicht bij het Haringvliet. Wij kwamen uit bij De Catfish Hengelsport in Hellevoetsluis en via enige telefonische contacten en een bezoekje aan deze prachtige zaak voorzag eigenaar Mario ons van de praktische tips die we zochten. Zo vertelde hij dat wanneer in het voorjaar de watertemperatuur stijgt zich rond de ingangen van de havens in het Haringvliet bij Hellevoetsluis hele grote blankvoorns gaan verzamelen. Dat was totaal nieuw voor mij. Ik wist natuurlijk dat je in de winterperiode in het diepere water van de havens rond het Haringvliet een geweldig leuke voornvisserij kunt hebben. Maar dat je ze vervolgens in het voorjaar ook heel effectief kunt opvangen gedurende hun trektocht naar de paaiplaatsen, dát wist ik niet.

LET’S TWIST AGAIN

Eenvoudige, maar uiterst effectieve montage.

WANNEER?

De blankvoorns verzamelen zich in het voorjaar rond april – mei in de buurt van de paaigebieden, tot de watertemperatuur daar minimaal 12 graden Celsius is en de omstandigheden gunstig zijn om zich voort te planten. Dan paaien ze af en trekken vervolgens weer weg, om zich over het immense water te verspreiden. Tijdens de paai zelf zijn ze niet te vangen. Maar in de periode net daarvoor, als ze zich beginnen te concentreren, wel.

Die verzamelplaatsen aan de uitgangen van de binnenzijde van de havens moeten dus haast wel dicht bij een paaigebied liggen. Volgens Mario gaat het daarbij om grote voorns, van die stevig gebouwde staalblauwe vissen van het formaat baksteen. Een aantal Duitse en Engelse vissers vist elk jaar weer op die grote voorns en over het algemeen met het nodige succes. Zo liet Mario me een indrukwekkende foto zien van een Engelse visser met diverse baksteen formaat blankvoorn.
Na aanvullende tips van Mario over het hoe en nog belangrijker het waar, was een plan snel gemaakt. We gingen dus feederen bij de ingang van de havens bij Hellevoetsluis, met de focus op blankvoorn.

BODEMAZERS

Ik weet dat de grotere blankvoorn zich meer als brasems gedragen en hun voedsel hoofdzakelijk dicht tegen of zelfs op de bodem zoeken. Dit in tegenstelling tot hun kleinere soortgenoten. Blankvoorns hebben een eindstandige bek en het grootste gedeelte van hun leven zijn ze eigenlijk in alle waterlagen te vinden. Het grootste gedeelte wel dicht tegen de bodem of net erboven. Maar naarmate ze ouder en groter worden gaan ze hun voedsel steeds meer op die bodem zoeken en aangezien we met de feeder het aas hoofdzakelijk op bodem aanbieden, is het hiermee een perfecte keuze voor de grote voorns.

GAAS

Zoekt en gij zult vinden!

Om wat meer te selecteren ten gunste van de voorn, hebben we wat aanpassingen gedaan in de aaskeuze en ook in de keuze van het voer. Ik gebruik eigenlijk altijd een kant en klaar fabrieksvoer. Simpel omdat ik mezelf niet de tijd gun om zelf een mix samen te stellen. De kwaliteit van het kant en klare voer is tegenwoordig, meer dan goed en thuis staan te klooien voegt dus eigenlijk ook niets toe. Omdat blankvoorn ons hoofddoel was, had ik voor een kant en klaar voornvoer gekozen.

Waar ik normaal gesproken het voer thuis al klaarmaak als we gaan feederen, deed ik dat nu aan de waterkant. We wilden namelijk geen brasem aantrekken met ons lokvoer en die platten hebben het niet zo op bewegende deeltjes in het voer. Door het voer aan de waterkant klaar te maken, krijg je samen met het vettere voornvoer meer bewegende deeltjes en dit houdt de brasem dan mooi iets meer op afstand. Het voer prepareren we net als anders met kleine hoeveelheden water, tot de gewenste consistentie is bereikt.

Vervolgens is het belangrijk om het bevochtigde voer even 15 minuten tot een half uur te laten rusten. In de tussentijd kun je dan mooi je spullen installeren en de hengel(s) optuigen. Na 15 tot 30 minuten nog een kleine controle of er nog wat water moet worden toegevoegd en pas daarna de massa door een voerzeef drukken.
Ook in de toevoegingen en aas probeerden we wat meer richting de voorn te denken. Dat betekende dat we gekiemde hennep, casters en maden gebruikten en absoluut geen wormen door het voer deden. Wormen trekken teveel brasem aan.

‘Naturlijk’ liepen er wat brazelaars tussendoor, maar dat was ook geen ramp!

MONTAGE

Voor deze visserij gebruikten we een medium heavy feeder hengel. Er moest namelijk op een afstand van tussen 30 en 40 meter gevist worden en het water is daar bovendien zo tussen de vijf en zeven meter diep. Op de molen een gevlochten lijntje, met 24/00 voorslag. Mijn onderlijn voor het feederen is eigenlijk altijd hetzelfde. Ik neem een lus van ongeveer 30 cm lengte. Waar de lijn wordt dubbelgevouwen, twist ik de twee gedeelten in tegengestelde richting in elkaar tussen mijn duimen en wijsvingers.

Als ik een ingedraaid stukje van ongeveer 10 cm heb, leg ik er een 8 knoopje in. In de lus hang ik een speldwarteltje en zorg er daarbij voor dat het ingedraaide stukje aan de zijkant van de grote lus zit. Je hebt nu een afhoudertje dat de onderlijn van de korf afhoudt. In de grote lus leg je ook een achtknoop. Aan het afhoudertje kun je nu lus in lus je onderlijn bevestigen.
We hebben in eerste instantie gevist met een 14/00 onderlijn van 80 cm lang, met daaraan een haakje no.14. Tijdens het vissen hebben we dat aangepast naar 80 cm 12/00 met haakje no.16. Deze iets fijnere aanpak leverde beduidend meer voorns op. In de wartel hang je tijdens het vissen je voerkorf. In mijn geval was dat een normale gaaskorf van ongeveer 30 gram.

Gericht op voorn vissen? Dan mag gekiemde hennep niet ontbreken…

TALUD

Volgens de adviezen die we hadden verzameld, zouden we tegen de onderzijde van het talud aan dienen te vissen. Het was dus noodzakelijk om eerst te bepalen op welke afstand die taludvoet lag. Daartoe bevestig ik in het speldwarteltje een wartelloodje van 30 gram. Je gooit vervolgens op een afstand in. Zodra het loodje het water raakt, houd je de hoofdlijn met je vinger tegen de spoelrand gedrukt en begin je te tellen. Het loodje zakt met gebogen top naar de bodem.

Zodra de lijn slap valt en de top terug veert, heb je de bodem bereikt. Door op verschillende afstanden in te gooien en te tellen krijg je een nauwkeurig verloop van de diepte en zo kun je bepalen waar het talud begint. Heb je die helling gevonden, dan zet je op die afstand je lijn in de lijnclip. Door het loodje over de bodem te slepen tijdens het binnen draaien, krijg je tevens een idee van de bodemgesteldheid. Is de bodem zacht dan blijft het loodje zo af en toe wat hangen en voel je hem door de bodem ploegen.

Is de ondergrond hard, dan voel je het loodje als het ware over de bodem stuiteren. Op deze wijze peilend, kom je er meteen ook achter of de bodem schoon is en of er geen obstakels liggen tussen jou en je voerstek. Dit is echt een belangrijk punt, dat vaak wordt vergeten. Het is echter behoorlijk slordig en vervelend als je een mooie vis haakt en er vervolgens achter komt dat je die niet goed naar je toe kunt dirigeren door een obstakel…

START ZUINIG!

Bij het begin van de visserij breng ik een vijftal korven met niet te veel toevoegingen; per korf een paart casters en wat gekiemde hennep. Vervolgens bevestig ik de haaklijn met een paar maden en/of casters op de haak, vul de korf en dan… vissen!
Zit de beet er eenmaal goed in, dan kun je steeds meer caster en hennep gaan brengen. Maar wees zuinig zolang je nog geen beet hebt. Haal wel regelmatig op om een korfje voer te brengen. In ons geval bleek de dunnere haaklijn en kleinere haak met daarop slechts een cocktail van één caster plus made het meest effectief voor de voorns. En wat zijn die grote voorns sterk, niet normaal!

Missie geslaagd

BUITEN PROPORTIES!

Op een gegeven moment kreeg ik een aanbeet waarbij de hengel bijna van de steun af werd getrokken. Ik pakte de hengel en riep naar mijn maatje: “Dit is een karpertje, wedden!” Toen de vis echter dichter onder de kant kwam, zag ik in het kraakheldere water een bak van blankvoorn.
Schitterend!
Ik had deze dag al de nodige grote voorns gevangen, maar het formaat van deze voorn was echt buiten proporties. De vis dook diverse keren weer de diepte in en ik stond daar met knikkende knieën, bang dat ik hem kwijt zou raken. Iedere keer als hij het net zag, ging hij er weer vandoor. Ik moet je zeggen dat als je zo’n kneiter eenmaal hebt gezien in de wetenschap dat je vist met een klein haakje en dunne onderlijn, dat wel even wat met je doet! De ontlading was ook gelijk aan de opgebouwde spanning toen ik hem met een keiharde schreeuw van opluchting en blijdschap de vis schepte. Ik denk dat heel Hellevoetsluis me heeft gehoord. Wat een waanzinnig mooie vis en met 47 cm en 1,6 kg een dik vet nieuw PR. Nu kon deze dag al helemaal nooit meer stuk! Heerlijk ontspannen vissen, diverse grote voorns vangen en als afsluiter dan ook nog eens zo’n dikke baksteen van 47 cm. We vingen overigens ook nog enkele mooie platten en dat is zeker ook niet vervelend, al was de blankvoorn het hoofddoel.
Zo kunnen we terugkijken op een meer dan geslaagde vissessie op een prachtig en voor mij nieuw water. Missie geslaagd!

Deze bijdrage verscheen eerder in uitgave no. 92 van Witvis Totaal magazine

Rob Punselie
Fotografie: Bram Bokkers

 

 

 

 

 

De Basis van het Method Feederen

Waar eind van de vorige eeuw vaak nog slechts Engelse specimenhunters en karpervissers de method gebruikten, zie je vandaag de dag zelfs recreatievissers overal in Nederland en België ermee uitpakken. Selectief op grotere witvis spreekt bij velen tot de verbeelding en de method is een van de meest effectieve en tevens eenvoudige methodes.

Waarin verschilt een method korf van een traditionele gaaskorf? Immers, met beide presenteer je naast het haakaas een hoopje voer. Bij een normale voerkorf wil je het liefst dat het voer zo snel mogelijk uit de korf komt. Bij een method wil je echter het voer zo lang mogelijk op de korf houden. Een normale voerkorf kun je ook op stromend water inzetten, daar waar een method toch vooral voor stilstaande wateren is bedoeld. Bij een normale korf vis je voornamelijk met een schuivend systeem, waarbij je zelf de haak moet zetten, bij een method haakt de vis zich op het gewicht van de korf en de lijndruk.

Method
Boven de traditionele voerkorf met daaronder de method korf.

Lichte hengel

In principe heb je voor het method vissen niet veel nodig; een feederhengel met een maximaal werpgewicht van 80 gram volstaat. Meer weegt een gevulde method echt niet. Speciaal ontworpen methodfeeder hengels hebben vaak zelfs een nog lager werpgewicht en zijn erg soepel; ze beschikken over een progressieve en parabolische buiging. Dat is met name handig in de laatste fase van de dril, zeker bij grotere vis. Door de demping van een zachte, parabolische hengel zal de haak minder snel lossen dan bij een hengel met een stugge top. Omdat je veelal op kleine verenigingswateren met de method vist, hoef je niet ver te werpen en hoeven hengels niet lang te zijn; van 2,7 tot 3,3 meter volstaat. Veel vissers combineren zo’n hengel met een kleine vrijloopwerpmolen. Bij een harde aanbeet wil je immers niet je hengel in het water zien verdwijnen. Toch schuilt er een gevaar in, want bij een lage weerstand kan een vluchtende vis ook sneller snelheid maken en eventuele obstakels bereiken. Dus stel de vrijloop niet te los in.

Regelmaat

Het belangrijkste onderdeel bij het methodfeederen is de montage. Hoewel diverse bedrijven verschillende type korven ontwerpen, is het principe veelal hetzelfde. Aan de onderzijde een strip lood en aan de bovenkant een plastic constructie die het voer op zijn plaats houdt. Bij veel modellen wordt een mal geleverd waarmee je het voer op de korf drukt. Zo kun je iedere keer nagenoeg hetzelfde formaat, vorm en gewicht voerkorf bereiken. Elementen die je helpen om nauwkeurig te kunnen werpen. En laat een compacte voerplek nu een van de belangrijkste aspecten van het method feederen zijn… Zonder mal en met de hand kun je ook voer op de method aanbrengen, maar never nooit zul je iedere keer dezelfde vorm, hoeveelheid en gewicht kneden.

Inline

De method korven zet je ‘inline’ op de hoofdlijn en vervolgens knoop je een wartel of adapter aan de lijn, waar je tot slot de onderlijn aan bevestigd. In veel gevallen druk je de wartel of adapter in het methodlood. Hierdoor veranker je de korf op de hoofdlijn, wat tevens zorgt voor een zelfhakend effect.

Method inline op de hoofdlijn, de wartel in het methodlood drukken zorgt voor een zelfhaakeffect.

Kleverig

Kleefkracht is om meerdere redenen het sleutelwoord wat betreft het voer. Micropellets en goed klevend lokvoer zijn de belangrijkste voersoorten die op de method worden gedrukt. Grof lokvoer en de toevoeging van los voer, met name levend aas, zijn niet aan te bevelen. Neem bijvoorbeeld maden: in de regel zal voor of tijdens de worp de bal voer uiteen breken. Bovendien moet het voer tot op de waterbodem op de method blijven plakken en niet bij de inslag op het water uiteen breken. Op de bodem moet het voer langzaam zijn lading vrijgeven en interesse bij de vissen opwekken. Op karpervijvers is deze techniek een knaller, maar ook voor de visserij op andere grote witvis, zelfs op openbare wateren, is de method het proberen waard.

Door een korte onderlijn te gebruiken is in de war werpen nagenoeg onmogelijk. Helemaal wanneer je het haakaas in het voer van de method zelf verstopt. Met tussen de 8 en 12 centimeter heb je de beste gemiddelde lengte te pakken; op deze wijze weet je ook zeker dat het haakaas vlakbij of tussen het voer ligt.

Wat betreft haakaas worden vaak miniboilies van tussen de 6 en 10 mm gebruikt. Een felgekleurd haakaas, of in ieder geval iets wat contrasteert met het voer, valt eerder op en ziet er uit als de kers op de taart. In de regel lok je met een fel gekleurd haakaas eerder een aanbeet uit dan wanneer je het qua kleur matcht met het voer. Onthoud dat net zoals bij veel andere visserijen er ook bij het methodfeederen altijd die uitzondering op de regel is; dus een onopvallend haakaas buiten de method gelaten kan soms ook de sleutel tot succes zijn.

Goed klevend lokvoer is de basis voor succes.

Aan de Hair

Om het aas op de hair te zetten en te zekeren, gebruik ik het push stop systeem. Een uitkomst in vergelijking met het gepriegel met losse stoppers! Met behulp van een dunne naald duw je de naaldvormige stopper, die vast zit aan het einde van de hair, door het aas naar keuze. Goed, een reeks foto’s leent zich beter dan duizend woorden, maar dit systeem is echt aan te bevelen.

Een ander voordeel van een boilie op de hair is dat je dit nauwelijks hoeft te verversen. Je kunt een hele reeks vissen aan één haakaas vangen.

Om het haakaas of de voerbal zelf extra aantrekkelijk te maken liggen er van allerhande soorten en type liquids in de winkelschappen, variërend van vloeibaar tot meer gel-achtig. Soms gaat het puur om de smaak, maar andere geven ook een wolkend effect.

Gevlochten

Bij het feedervissen op grotere afstanden, meer dan 40 of 50 meter, wordt vaak naar een gevlochten hoofdlijn gegrepen in plaats van de standaard nylon lijn. Hoe minder de rek, des te gevoeliger de beetregistratie. En laat een gevlochten lijn nu over geen rek beschikken…
Welnu, een gevlochten hoofdlijn en de method is geen gelukkige combinatie. De aanbeten zijn sowieso erg overtuigend, dus om de gevoelige registratie hoef je het niet te doen. Daarnaast fungeert bij een heftige aanbeet en de dril de rek van nylon als een buffer tegen lossers of zelfs breken van de onderlijn. Omdat de nylon onderlijn erg kort is, komt alle kracht op een stukje van bijvoorbeeld 8 cm lengte te staan. De method zit ook nog eens vast aan dat onderlijntje, zodoende komt er vaak teveel kracht op te staan. Dus qua hoofdlijn kun je maar beter voor nylon kiezen.

Nylon hoofdlijn als buffer.

Niet snel slaan

Een veelgemaakte fout door beginnende methodvissers is te snel de haak zetten, zeker wanneer je een gewone feedervisserij gewend bent. Daar moet je soms reageren op de kleinste bewegingen van de feedertop. Bij de method feeder ga je te maken krijgen met veel meer lijnzwemmers en andere tikjes; dat is niet per definitie negatief, het zijn indicaties dat er vis in de buurt van je haakaas zit. In die situaties is het zaak om letterlijk en figuurlijk op je handen te gaan zitten. Pas wanneer je hengel zowat uit de steun wordt getrokken pak je de hengel op, de haak zetten is dan ook niet meer nodig.

De method feeder gebruik ik vanaf het voorjaar tot laat in de herfst. Is de watertemperatuur lager dan vijf graden? Dan stap ik over van miniboilies naar levend aas. Ook pas ik de montage aan: langere onderlijnen aan een standaard gaaskorf montage zijn dan meer op hun plaats.

BLIJF OP DE HOOGTE VAN DE LAATSTE METHOD ARTIKELEN

MEER LEZEN OVER DE METHOD

 

 

Vang karper met popcorn!

Popcorn karper

Vissen met een korst aan de oppervlakte is zo mooi! De adrenaline van een de korst die wel of net niet naar binnen gaat… Brood is geweldig aas, maar Johannes Radtke zweert echter bij een alternatief: karper met popcorn en smacks!

Het moet ongeveer 15 jaar geleden zijn geweest. Ik wierp wat popcorn in de tuinvijver bij mijn ouderlijk huis. Naast wat goudvissen zwommen hier ook karpers in van tussen de 2 en 4 kg zwaar. Kort ervoor had ik wat korsten in het water geworpen, maar dat liet ze koud; ze bleven roerloos onder de lelies hangen. Hoe anders was dat met de popcorn! Een van de vissen kwam nieuwsgierig een kijkje nemen en na een korte inspectie werd de popcorn naar binnen gezogen. Kennelijk activeerde het eten ook de andere karpers, want na een halve minuut was de hele school nog op zoek naar restjes popcorn…

Vreetroes

Een paar dagen later zat ik aan het ontbijt en at gesuikerde, gepofte tarwekorrels. Zouden de karpers deze zoete lekkernijen op prijs stellen? Ik liep naar buiten en voerde de vissen wat van de Kellogg’s Smacks; en of ze het lusten! Nu hoor ik je denken ‘een tuinvijver, wat is daar natuurlijk aan?’. Dat dacht ik zelf ook, dus tijd voor een experiment in de praktijk!

Popcorn karper
Activiteit alom. De spanning stijgt.

Tijdens de ‘testfase’ op andere vijvers bleken de resultaten hoopgevend: de karpers reageren opvallend goed op het nieuwe oppervlakteaas. Ze laten brood links liggen en storten zich vol overgave op de popcorn en de smacks! Als de eerste vissen eenmaal het aas vertrouwen en de horde hebben genomen, dan volgt de rest al snel. Waarom zijn ze er zo dol op en vervallen ze in een vreetroes? Misschien is het de combinatie van de lage voedingswaarde (ze zijn heel luchtig) per voedselitem en de kenmerkende smaak. Dat kun je van brood niet zo snel zeggen. Een bijkomend voordeel is dat eenden met name de popcorn links laten liggen. Een uitkomst voor de gefrustreerde parkvijver struinvisser!

Popcorn karper
En hangen!

Twee problemen

Tot nu toe alleen maar positieve eigenschappen, een superaas hoor ik je denken, zijn er dan geen nadelen? Ja, die zijn er zeker, maar ze zijn te overwinnen. 

Popcorn karper
Een paar voorbeelden. Er zijn uiteraard nog veel meer soorten om uit te proberen.

Ten eerste het geringe gewicht van beide aasjes. Het weegt drie keer niks dus met het voeren laat het zich slecht in het water schieten en werpen. De oplossing is eenvoudig: wind of water. Optie één: als je het met de wind in de rug voert, dan creëer je een voerspoor dat van je af drijft. Optie twee: week het ‘visvoer’ minstens een kwartier in water. Het zuigt zich deels vol met water, maar blijft nog wel drijven. Zodoende is het met een voerschep of katapult prima over een iets grotere afstand in het water te mikken, 20 meter haal je bij windstil weer met gemak.

Popcorn karper
Geweekt zijn ze met een katapult over enige afstand te transporteren.

Een positief neveneffect is dat popcorn tijdens het weken nauwelijks uiteen breekt en zinkt; zo kun je een tapijt aan drijvende aasjes creëren! Ze zijn nauwelijks verzadigend en de karpers blijven er maar van eten. Ik vermoed dat dit een belangrijke factor is, waarom een vis in het algemeen vaak in een vreetroes vervalt.

Sproeifles

Het voerprobleem is dus getackeld, het beazen van de haak stelt ons echter voor een grotere uitdaging. Tijdens de eerste keren ‘popcornen’ en ‘smacken’ werd ik er wanhopig van! De vissen zogen eerst voorzichtig, met natuurlijk wantrouwen, de eerste aasjes naar binnen, en toen ze eenmaal los gingen moest ik het haakaas te water laten… maar bij het beazen ging het al mis. De oplossing bleek kleverig gemaakte popcorn en smacks.

Popcorn karper
Maak zelf een sproeifles.

Om dit te maken heb je een sproeifles nodig waarmee je twee tot drie keer het aas lichtjes bevochtigt. Tip: maak zelf een sproeifles, zo krijg je geen verwijten van je naaste, wanneer de sproeifles weer foetsie is. Jij weet al lang dat deze in je vistas ligt, helemaal vies van al dat visslijm; je mond houden is dan vaak de beste tactiek, anders gooi je nog meer olie op het vuur, ook dat is een tip.

Popcorn karper
Doet het net zo goed als een ‘echte’.

Dus besproeien met water en even laten intrekken, deze handeling herhaal je twee tot drie keer. Stop het aas in een afsluitbare zak en het resultaat zijn hele taaie stukken, die je gemakkelijk op de haak kunt prikken en die tijdens de worp ook blijven zitten!

Popcorn karper
Taaier en zwaarder, nu kun je er wat mee.

Perfecte vervalsing

Als de omstandigheden er om vragen dan kun je ook met witte schuimrubber, gele en bruine viltstiften een heel eind komen voor een ‘artificial bait’. Een imitatie van een grote popcorn of een smack is gemakkelijk gemaakt, zelfs al ben je niet zo handig in dat handwerk! Veel belangrijker dan de kleur of het formaat is het aroma! Laat je aroma nou heel gemakkelijk in het schuimrubber in kunnen laten trekken. Gooi thuis wat popcorn en smacks in een afsluitbaar bakje, voeg wat water toe en laat dit een tijdje weken. Wanneer je aan de waterkant vervolgens een stukje schuim tussen je vingers samenknijpt, doopt in de ‘popcorn en smack liquid’ en weer loslaat, dan zal het schuim zich volzuigen met het gearomatiseerde water: een perfecte vervalsing van het origineel. 

Popcorn karper
Bijna niet van echt te onderscheiden.

Kleven er aan deze methode dan geen nadelen? Ja, helaas wel; voorzichtige karpers zuigen het nepaas wel naar binnen, maar spugen het ook weer uit. Dus soms moet je vliegensvlug zijn om met succes de haak te kunnen zetten.

Sbirolinos als werpgewicht

De visserij met popcorn en smack heeft veel raakvlakken met een korstvisserij. Het haakaas weegt nauwelijks wat en daardoor is het plaatsen van het haakaas niet zo simpel. Vlakbij te water brengen is nog goed te doen, maar om precies en ver te kunnen werpen, zeker als er een windje staat, is een werpgewicht noodzakelijk. Ik gebruik graag sbirolinos uit de forellenhoek of speciaal hiervoor ontwikkelde floater controllers. De laatst genoemde zijn in feite uitgelode dobbers met een bevestigingsoog aan de bovenzijde. Beide werpgewichten fixeer ik middels rubber stuitjes op de nylon hoofdlijn. Je kunt de hoofdlijn door laten lopen en daar ook de haak aan bevestigen of middels een lus-in-lus verbinding een drijvende gevlochten onderlijn monteren. De lusverbinding kun je ook vervangen middels een kleine ring, een rig-ring uit het karpervissen of kijk voor speciale ringen op de vliegvisafdeling.

Hoe monteer je het haakaas?

Wanneer de hoofd- of onderlijn de neiging heeft te zinken vet deze dan in, zodat de lijn wel blijft drijven. Tip: zoek ook weer eens op de vliegvisafdeling naar zogenaamd ‘floatant’.

Ik gebruik een klein maatje model klauwhaak, het liefst met een rechte haakpunt, in combinatie met een hair rig. Aan het uiteinde van de hair monteer ik een soort schroefje met weerhaakjes, deze prik je vast in het aas.

Popcorn karper
Het plastic schroefje houdt stevig in de popcorn.

Als alternatief kun je ook een wat groter model haak gebruiken, waar je direct het aas op prikt.

Popcorn karper
De rice crispy kan direct aan de haak.

Het liefste gebruik ik voor deze visserij een penhengel van 3,60 tot 4,20 meter lang, met vrij grote ogen en een hele zachte, dempende actie. Met dit type hengels kun je het tere, lichte aas nog het beste werpen; met een strakke karperhengel ontworpen voor statisch bodemvissen werp je om de haverklap het aas van de haak.

Als de karpers op jouw water het smacks en popcorn weten te accepteren, dan is het vangen helemaal niet moeilijk. Natuurlijk moet je de vis niet laten schrikken, zo werp je de montage nooit direct op een azende vis, want daar kan zelfs de meest fanatiek azende karper op afknappen. Je werpt bijvoorbeeld over een azende vis en versleept de montage heel langzaam in z’n richting. Ik heb zelfs wel eens meegemaakt dat andere karper tijdens het verslepen als een roofvis het aas detecteerde en er vol overgave op knalde! Zo gek, dat is wel een uitzondering, maar het geeft eens te meer aan dat verandering van spijs doet vreten!

[the_ad id=”25479″]

Ook interessant voor jou:

[irp posts=”15606″ name=”Oppervlaktevisserij op karper”]

[irp posts=”10385″ name=”Experiment: Karpervissen met frikandellen”]

Afwijkend aas voor grote blankvoorn

Blankvoorn aan erwt
Het zijn met name grote vissen die de erwten pakken.

Dankzij de rap stijgende watertemperaturen worden de voorns en andere witvissen steeds actiever. Dankzij een stomme fout ontdek ik een wonderbaarlijk goed aas voor grote blankvoorns; erwten!

Welk aas voor vissen op voorn? – bekijk hier de top 14 aassoorten!

Voorn met erwten voer
Zonder al te veel vertrouwen ga ik richting de waterkant.

Dit is de tijd van het jaar waarin de watertemperatuur weer langzaam gaat stijgen. De witvis begint vast en zeker met azen. Tijd om te gaan vissen! Nadat ik al mijn materiaal in de auto heb gelegd loop ik naar de koelkast om mijn haakaas te pakken. Als ik de deur open trek zie ik een leegte, een grote leegte. Geen madendoos te bekennen! Het schiet door mijn hoofd dat ik na het bezoek aan mijn hengelsportzaak vergeten ben om de maden in de koelkast te zetten. Stom!
Snel zoek ik de bewuste tas op en als ik de maden vind zie ik tot mijn teleurstelling dat ze niet meer bruikbaar zijn, en de hengelsportzaak is ook al gesloten… Ik neem de mogelijke opties door, van andere vissers had ik al eens gehoord dat ze op erwten redelijk voorn vingen. Gelukkig vind ik in de kast nog een blikje en met lage verwachtingen vertrek ik naar de waterkant.

“Na een uur zonder aanbeet overweeg ik om er een einde aan te breien, dit wordt niks… Hoe fout kon ik het hebben?!”

DE EERSTE TEST

Om de blankvoorn eerst vertrouwd te laten worden met de erwten meng ik een half blikje door het voer. Nadat ik een paar voerballen op de stek heb geplaatst, is het wachten hoe de vis op de erwten reageert. Het eerste halfuur verloopt zonder een teken van leven. Als ik na een uur nog steeds geen aanbeet heb gehad overweeg ik er een eind aan te breien, dit wordt niks. Tijdens mijn overweging zie ik vol ongeloof de dobber verdwijnen, ik zet de haak maar sla een gat in de lucht. Ik besluit om toch nog even te blijven zitten. Na twee minuten krijg ik weer beet en deze keer weet ik wel een mooie blankvoorn te verwelkomen. De vissen lijken eindelijk gearriveerd en pakken de erwten. In het daarop volgende uur krijg ik veel beet en vang ik een groot aantal mooie voorns. De erwten lijken meer potentie te hebben dan ik ooit had durven te dromen.

Blankvoorn erwten het gaat los
Dan plots zakt die dobber toch onder… Tot mijn eigen verbazing!

SELECTIEF

Mijn enthousiasme kent geen grenzen en een paar dagen later zit ik weer aan het water om te vissen met groene erwten. Daarbij bewijst dit groene gevaar zicht weer als een topaas voor blankvoorn. Opvallend is hoe dit aas met name voorn aanspreekt. Ik vang één brasem, maar voor de rest alleen maar voorn. Het lijkt erop dat ik met dit aas op dit water wel heel selectief op blankvoorn kan vissen. Een bijkomend voordeel is het gemiddelde formaat blankvoorn wat ik vang. In vergelijking met visdagen met maden of casters, vang ik gemiddeld genomen de betere vissen. Geen klein spul, maar handzame, grote vissen. Wie wil deze nu niet vangen?

Erwt witvis voorn haak
De kleine haak zit perfect verstopt in de erwt.

JUIST GESERVEERD

Op sommige wateren hebben erwten een nadeel. Je moet de vissen er eerst een beetje aan laten wennen willen ze deze vol overtuiging pakken. Daarom moet je na de eerste keer vissen niet direct opgeven wanneer het niet loopt. Het is verstandig om de visstek twee of drie keer van tevoren te voorzien van voer inclusief de erwten. De kans op succes wordt zo veel groter. De erwten presenteer ik het liefste onder een dobber aan een matchhengel. Daarbij is een goede uitloding essentieel om het aas staand op de bodem of net een paar centimeter erboven te presenteren

“Dit levert je misschien zelfs wel wat bonusvissen op!”

Het is een kwestie van proberen wat welke dag het beste werkt. Bij de keuze van het type haak kies ik voor eentje met een wijde haakbocht. Hierdoor blijft ondanks de bolvormige erwt de haakpunt vrij en haakt deze goed in de lip van de vis. Wat betreft het formaat gebruik ik een vrij forse brasem- of feederhaak maat 10 tot 14. Afhankelijk van de omstandigheden neem ik een onderlijn van maximaal 16/00 millimeter. Wie van plan is om met erwten te vissen moet deze ook rijkelijk door het voer mengen. Soms loont het ook om alleen de erwten te voeren, zonder lokvoer. Zo creëer je minder tumult in het water.

Blankvoorn aan erwt
Het zijn met name grote vissen die de erwten pakken.

Dit trekt vaak minder vis aan, maar de vissen die van deze rust genieten zijn vaak wel de betere exemplaren. Wie veel vertrouwen heeft in geflavourd aas, kan een lokstof of aroma in het blik gieten en deze een nacht in de koelkast laten staan. Zo trekt de smaak nog eens extra in de erwten en levert dit misschien enkele bonusvissen op. De erwten kun je aan de haak ook met een made combineren. Op sommige dagen is deze combinatie nagenoeg onverslaanbaar! De beste ervaringen met groene erwten heb ik van april tot oktober. In de winter reageert blankvoorn beduidend beter op maden of casters.

Net vol blankvoorn aan erwten
Blijkt mijn gebrek aan vertrouwen volledig onterecht te zijn geweest; wat een prachtig net blankvoorn!

TOP AAS

Meer dan een alternatief: Stefan heeft met erwten een topaas voor blankvoorn ontdekt. Wie met erwten vist moet deze ook rijkelijk door het voer mengen. De groene erwten laten zich goed aan een haak met een wijde haakbocht vissen.De erwt heeft er weer een aanhanger bij. De volgende voorn kan ik scheppen. Mijn ervaring is dat je met het groene gevaar gericht grote blankvoorn kunt vangen!

ALTIJD ALS EERST OP DE HOOGTE VAN HET LAATSTE HENGELSPORTNIEUWS EN WINACTIES?

[the_ad id=”25448″]

MEER LEZEN?

Welk aas voor vissen op voorn? – bekijk hier de top 14 aassoorten!

Hoe vis je met de matchhengel op voorn?

Hoe vis je met de matchhengel op voorn?

Hoe vis je met de matchhengel op voorn? Ook vissen met de matchhengel kan een prima manier zijn om blankvoorns te vangen. Je kunt visplaatsen bereiken die met een vaste stok onbereikbaar zijn, een enorm voordeel. Omdat de afstand tussen de dobber en hengeltop nu veel groter is, is er minder controle over de gebruikte montage dan bij het vissen met de vaste stok.

Vissen met de vaste montage

Een vaste montage is een matchmontage waarbij de dobber vast op de lijn bevestigd is. Je kunt alleen op deze manier vissen wanneer het water niet dieper is dan de gebruikte (match)hengellengte. Voor diepere wateren is het vissen met schuifdobbers noodzakelijk. Let op! De twee gouden regels voor deze visserij:

  • TIP 1. De onderlinge afstand tussen ieder gewicht op de lijn moet steeds groter worden. Dus gezien van de haak naar de dobber moeten de hagels steeds verder uit elkaar staan.
  • TIP 2. Bij het werpen moet minimaal 2/3 (bij voorkeur nog meer) van het totale werpgewicht in, om of bij de dobber zitten.

Hoe vis je met de matchhengel op voorn?

Matchvissen met langzaam zakkend aas

Bij het vissen met een vaste montage gebruik je maar weinig lood op de lijn. Dus wanneer de voorns ver boven de bodem azen is het verstandig om slechts enkele kleine valloodjes verdeeld op de lijn te gebruiken. Ook moet bijna al het lood al in of om de dobber zitten. Bovendien werpt dit heel gemakkelijk. Ook is het helemaal ideaal om de dobberantenne te kleuren met twee verschillende kleuren. Het haakaas zakt langzaam richting bodem en wanneer er weer een loodje is gezakt, verandert de antennekleur… of niet wanneer een voorn het aas heeft onderschept. Aanbeet, de haak zetten en vis aan de haak!

Meer lezen over het vissen met de schuivende montage? Klik op het onderstaande artikel!

https://www.facebook.com/beetmagazine/posts/2449380468479022?__tn__=-R

Vissen met de schuivende montage (slider)

Wie op diepere wateren wil matchvissen kan niet om de schuifdobber heen. Voor het ‘schuifdobberen’ hanteer ik vijf gouden regels.

matchvissen schuivende montage slider

  • TIP 1. Gebruik dobbers die zo min mogelijk zijn voorgelood.
  • TIP 2. De onderlinge afstand van de gewichten op de lijn, van haak naar dobber gezien, moet steeds groter worden.
  • TIP 3. Gebruik altijd een goed zichtbaar stuitje op de lijn. Gebruik hiervoor nylon of tandfloss, dat je redelijk stevig op de lijn kunt trekken, maar wel kunt verschuiven.
  • TIP 4. Gebruik dobbers met een groot dobberoog aan de onderzijde en plaats altijd een kraaltje op de nylon hoofdlijn tussen de dobber en stuitje.
  • TIP 5. Vis NOOIT met te lichte dobbers.

Meer lezen over het vissen met de schuivende montage? Klik op het onderstaande artikel!

https://www.facebook.com/beetmagazine/posts/2507865902630478?__xts__[0]=68.ARBGOkCNeiOEVVfE67BaEApWLo6m7xUu_qEES77LzyGp2PwDgTi3ZE_Ife_HvhrhTytnghixrmVsfjoGXoErYGrZoLH1Vc6OoiY2_1eoZr3GfDISD2f-Pp3-AeURsNs8QYgCyKzY3m6QzT8laqODv3YfeKlyQXyjZPAuwadcTSPe3gRUdzPzuSH7eLNHsZ_HTrUVFtjzCkzgN5RsmaajVzVtiBp6n7k2tIG6RG2uxtYRk66P4qLSYTF-N-XMid7B1Q8yKoZvOy-BCYmsoB-YnMCE6NyzCdeLJcpYscgzQLdT8p-knKWJCi2oVZeZmdkTGnfmM49h3OuWbfblhgjOAWL9qw&__xts__[1]=68.ARBX8wgdIbrKVgtl3Z5KetedLJCHQphBlrD_lXfCob-tC3FN_KflOLF0flBdtyAWhFqSy3Km_602AA3wOIXMY-VIeJ2JwQdX9sHtD2qjGG5fcwjR0g7L3naWd5ikmQXF_ZJEEeEe2j9gO8DKusSKsvWPFzF1LSpBa3i1ue39YW-vCwzq_M9zhSU4W8sfb8gvYysnpLBVGaQxq5x0hxlJT49L-Wlh4ymi_J5F2KrWMpKGP8NbKXESztwjznxBUUjr5hNdX7AFhPyBfi7QYuy2eJcJZMqb8nP6q81kZ77P8r2AxozaybrIdXdOR2gbjS1KJ2jA_mupFaH3D1vTug-UQQJecw&__tn__=-R

Ook interessant om te lezen:

[irp posts=”21920″ name=”Welk aas voor vissen op voorn?”]

[irp posts=”21906″ name=”Voorn vissen in het voorjaar, zomer, najaar en winter”]

Hoe vis je met de feederhengel op voorn?

met de feeder hengel op voorn (1)met de feeder hengel op voorn

Met de feederhengel op voorn kan een bijzonder geschikte manier van vissen zijn om op deze soort te vissen. Met name op stromende wateren en ook wanneer er veel wind is, ben je altijd verzekerd van een statische aasaanbieding. Bovendien kun je op plaatsen vissen die je met geen enkele andere vismanier ook maar zou kunnen bereiken. Een enorm voordeel!

Welke montages met de feederhengel op voorn?

Voorns zijn vissen die vaak moeilijk tijdens het feedervissen te vangen zijn. Voorns zullen zichzelf maar zelden haken en je zult daarom een geraffineerd systeem moeten gebruiken om te voorkomen dat je heel veel aanbeten mist. Vis altijd zo direct mogelijk. Dit doe je door de voerkorf, via een speldwartel, direct op de hoofdlijn te plaatsen en geen zijlijntjes te gebruiken.

feedermontage voorn
De schuivende montage is bij uitstek geschikt voor het feedervissen op voorn.

Hoe ziet de onderlijn voor de voorn er uit?

Bij het feedervissen op voorn gebruik je een zo direct mogelijke montage. Daarbij hoort ook de juiste lengte onderlijn voor de aangetroffen vissituatie. Voorns zullen zich zeker niet al te vaak zelf haken. Voor deze visserij ga ik altijd uit van een standaardlengte onderlijn van 60 centimeter. Verder is er maar één stelregel: gemiste aanbeten = kortere onderlijn.

Feedervissen met gevlochten lijn

Tijdens het feedervissen op blankvoorns is een maximale, gevoelige beetregistratie een absolute must. Hiertoe is het vissen met een gevlochten lijn, oftewel ‘braid’, vaak noodzakelijk.

met de feeder hengel op voorn

Dit soort materiaal heeft namelijk geen enkele rek, waardoor iedere aanbeet werkelijk veel beter zichtbaar is. Wel is een voorslag (van ongeveer twee hengellengtes) van gewoon nylon te adviseren. Dit zorgt voor wat demping bij het werpen, het zetten van de haak en ook het landen van eventuele grotere vissen.

Feedervissen met een slappe lijn

Het vissen met een slappe lijn kan mega doeltreffend zijn bij het vissen op rivieren of andere stromende wateren! Hierbij moet wel ieder detail 100% goed kloppen. Zo gaat bij teveel stroomdruk op de lijn de voerkorf rollen. Hoe kunnen we die druk verminderen? Zoveel mogelijk lijn moet uit het water komen en zoveel mogelijk lijn moet evenwijdig komen met de stroomrichting.

Het is dan ook ideaal om te zorgen voor enkele meters extra lijn in het water en om simpelweg de hengel af te steunen met de hengeltop omhoog. Zo stroomt er automatisch een bocht in de lijn, waardoor er minder lijndruk ontstaat. Alleen in het diepste gedeelte van de bocht blijft de spanning bestaan.

met de feeder hengel op voorn

Het is zaak om precies dat voerkorfgewicht te gebruiken dat maar net zwaar genoeg is om op de visplek te blijven liggen. Bij de minste aanbeet van een vis blijft de korf niet meer op zijn plaats en wordt meegetrokken door de spanning op de lijn. Vrijwel iedere aanbeet resulteert in een vis die zichzelf haakt op de voerkorf.

Nog meer lezen over voornvissen?

Welk aas voor vissen op voorn? – Top-14 beste aassoorten! Welk aas voor vissen op voorn? Leer wat het beste aas voor voorn is en hoe je dit gebruikt. Hoe vis je met maden? Hoe vis je met casters? Noem maar op!

Voorn vissen in het voorjaar, zomer, najaar en winter Wanneer vang je blankvoorn? Let wel op, of het voorn vissen in het voorjaar, zomer, najaar en winter betreft, want afhankelijk van het seizoen kunnen ze zich op andere plekken verscholen houden.

Welk aas voor vissen op voorn?

Hoe vis je met Spaghetti?

Leer wat het beste aas voor voorn is en hoe je dit gebruikt. Hoe vis je met maden? Hoe vis je met casters? Hoe vis je met hennep, muggenlarven, pinkies, noem maar op!

1. Hoe vis je met maden op voorn?

voorn vissen met maden Welk aas voor vissen op voorn?
Welk aas voor vissen op voorn? Reken maar dat maden het meest gebruikte aas is.

Probeer de maden goed koel te bewaren in een koelkast, zo blijven ze lang vers. Maak de maden eerst goed schoon. Hiervoor zijn verschillende madenreinigers te koop. Wanneer ze een tijdje hebben rondgekropen in dit product, kunnen ze worden afgezeefd, waarna ze overgoten kunnen worden met een kleine hoeveelheid madenmix, polentabloem of gewoon fijn maïsmeel.

2. Hoe vis je met drijvende maden op voorn?

Wanneer de bodem vuil is of obstakels onder water liggen, kunnen drijvende maden de oplossing bieden. Het is simpel om maden drijvend maken. Hiertoe dienen de maden wel al niet te oud te zijn. Verse maden zijn altijd te herkennen aan hun ‘maag’, oftewel het stipje dat in hun lichaam zit.

voorn vissen met drijvende maden
Voorn vissen met drijvende maden.

Wanneer je maden een tijdje half in en half uit het water laat kruipen, nemen ze lucht op om te blijven drijven. Daarna simpelweg enkele maden in het water werpen en je ziet onmiddellijk het resultaat, ze blijven drijven op het wateroppervlak. Prik een of twee van die maden aan de haak, het haakgewicht en het drijfvermogen van de maden zijn zowat in evenwicht. Je kunt de vochtige, drijvende maden alleen bewaren in een madenbak met een deksel.

3. Hoe vis je met pinkies op voorn?

Pinkies zijn ook maden, alleen veel kleiner van formaat. Ze kunnen op dezelfde manier worden behandeld en bewaard als maden. Bij pinkies is dit aspect misschien nog wel belangrijker. Pinkies zijn namelijk ware Houdini’s, echte ontsnappingsspecialisten die absoluut nooit iets te vochtig moeten worden bewaard. Gebeurt dat toch, dan ontsnappen ze gegarandeerd!

voorn vissen met pinkies
Welk aas voor vissen op voorn? Pinkies werken uitstekend!

Pinkies zijn een uitstekend aas voor voorn. Zeker wanneer de voorns niet zo groot zijn of het een iets moeilijkere visserij betreft, staat bij mij dit aas op nummer één.

4. Hoe vis je met muggenlarven op voorn?

Muggenlarven is het meest natuurlijke aas dat bestaat. Iedere vis kent dit aas, waar hij of zij op onze aardbol ook rondzwemt.

voorn vissen met muggenlarven

Voor het vissen zijn er twee soorten muggenlarven te onderscheiden. Hele kleine muggenlarven die door lokaas of grond worden vermengd, zogenaamde voer-muggenlarven, en grotere larven, de zogenaamde haak-muggenlarven. Het zijn tere beestjes die vooral bestaan uit vocht. Dunne, fijne haakjes zijn een must. De haak-larven kunnen het best worden bewaard in water, zodat ze geen vocht verliezen. Dit aas zorgt voor enkele voorns wanneer al het andere aas geen enkel resultaat geeft. Wil je in detail alles over muggenlarven weten? Lees dan het artikel ‘hoe gebruik je muggenlarven?’

5. Hoe vis je met casters op voorn?

voorn vissen met casters Welk aas voor vissen op voorn?
Een caster is niets meer of minder dan een verpopte made die verkeert in het stadium tussen made en vlieg.

Casters zijn een fantastisch aas voor grotere voorns. Met dit aas selecteer je, als ze aanwezig zijn, altijd weer de grotere vissen. Casters kunnen het best in een luchtdichte plastic zak, waar zoveel mogelijk lucht uit is gedrukt, op een koele plaats worden bewaard. Let op! De zak wel minstens één keer per dag, enkele minuten laten luchten. Een caster is, hoewel ze niet bewegen, gewoon een levend beest.

6. Hoe vis je met drijvende casters op voorn?

Evenals drijvende maden kan dit een fantastisch haakaas zijn. De donkere casters blijven drijven. Het is altijd handig om een kleine hoeveelheid casters door te laten kleuren totdat ze blijven drijven. De rest van de omschrijving is identiek aan die bij de maden. Houd deze drijfcasters altijd vochtig om hun maximale grootte te behouden. Meer weten? Lees in de video vissen met casters alles over deze aassoort!

7. Hoe vis je met hennepzaad op voorn?

voorn vissen met hennep

Voorns kunnen bijna verslaafd raken aan gekiemd hennepzaad. Het gaat daarbij vooral om de witte kiemen, die tevoorschijn komen wanneer je de hennep eerst aan de kook brengt en daarna zacht laat pruttelen. Wanneer de voorns eenmaal hierop beginnen te azen, is een flink net voorns bijna een zekerheid. Vaak werkt het regelmatig enkele hennepkorrels bijvoeren erg goed.

8. Hoe vis je met hennepzaad voor op de haak op voorn?

Veel vissers zijn bekend met het voeren en vissen met hennepzaad. Je zoekt als haakaas altijd naar de grootste korrels. Het is echter een feit dat de grotere korrels het minst goed kiemen. Het is bovendien belangrijk dat de kiemen van het hennepzaad zo sterk mogelijk is. Een goede manier voor het verkrijgen van goede, sterke hennep voor op de haak, is door deze te laten kiemen in een vochtige doek. Dit duurt langer dan koken, maar resulteert onmiskenbaar in grotere en sterkere kiemen.

9. Hoe vis je met tarwe op voorn?

Tarwe is misschien wat minder bekend dan hennepzaad, maar met name voor heel grote voorns is dit soms een geweldige aassoort. Het is zaak om de tarwe goed en behoorlijk lang door te laten koken, zodat deze iets opzwelt en zachter wordt.

voorn vissen met tarwe
Net als bij hennepzaad geldt ook voor tarwe dat regelmatig enkele graantjes bijvoeren vaak goed werkt.

10. Hoe vis je met maïs op voorn?

Maïs uit blik is een erg onderschat aas voor voorn. Ze zijn vooral geschikt wanneer je de grote exemplaren wilt selecteren, terwijl er ook veel kleine voorns aanwezig zijn. Soms is een hele maïskorrel te groot voor op de haak of te hard. Door een portie maïs enkele malen te bevriezen en weer te ontdooien worden de maïskorrels zachter. Ook een afgeknipt gedeelte van de korrel is soms een prima oplossing.

voorn vissen met mais
Maïs uit blik is topaas om de grotere voorns te vangen!

11. Hoe vis je met wormen op voorn?

Wormen, veel vissers zullen misschien hun wenkbrauwen fronsen. Maar geloof me, soms zijn wormen het enige aas waarmee grote voorns te vangen zijn. Kleine stukjes worm op een klein haakje werken dan vaak het best.

voorn vissen met wormen
Welk aas voor vissen op voorn? Aan wormen wordt vaak niet gedacht!

Vooral wanneer die kleine stukjes worm ook in kleine hoeveelheden worden bijgecupt op de visplaats. Met name in de zomertijd is dit een fantastische manier om op ‘halve diepte’ te vissen in erg diep water.

12. Hoe vis je met Rubiver op voorn?

Rubiver is een kunstmatig aas wat eigenlijk is bedoeld als imitatie van muggenlarven. Het is een soort lijm dat je enkele malen om de haakpunt draait.

Hoe vis je met Rubiver?

Een andere manier is om eerst enkele stukjes aan bijvoorbeeld je madendoos te plakken. Hierna stolt de Rubiver iets waardoor deze gemakkelijker op de haak kan worden gezet. Voorns zijn vaak verzot op Rubiver. Het is zowel puur op de haak, als in combinatie met een of enkele maden te gebruiken.

13. Hoe vis je met Spaghetti op voorn?

Ook dit is een type kunstmatig aas dat in allerlei kleuren verkrijgbaar is. De populairste kleur is bloedrood.

Hoe vis je met Spaghetti?

Met name wanneer er veel vis aanwezig is, kan de spaghetti puur op de haak worden gebruikt. Ook in combinatie met een pinkie of made voldoet deze prima. Een must bij de jachthavenvisserij in de winter.

14. Hoe vis je met brood op voorn?

Op ondiepe en heldere wateren kan de breadpunch soms de enige manier van voeren en vissen zijn om voorns te lokken en ook te vangen. Het principe is super simpel. Om te voeren heb je uitsluitend wat gemalen wit broodmeel nodig dat maar net genoeg is bevochtigd om er bolletjes van te kunnen knijpen.

Hoe vis je met brood? Welk aas voor vissen op voorn?

Constant bijvoeren is een must. De voorns worden onweerstaanbaar aangetrokken door het continu naar beneden dwarrelende wolkje. Als haakaas wordt simpelweg een samengeperst stukje wit brood gebruikt dat opzwelt in het water. Dat samenpersen doe je middels een breadpunch. In het artikel broodpunch voor voorns lees je alles over het gebruik van brood voor voorn. Tot zover welk aas voor vissen op voorn

ALTIJD ALS EERST OP DE HOOGTE VAN HET LAATSTE HENGELSPORTNIEUWS EN WINACTIES?

[the_ad id=”25448″]

| LEES OOK : Voorn met de feederhengel

| LEES OOK : Voorn met de Matchhengel

| LEES OOK: Voorn met de Vaste hengel

 

Hoe vis je met de vaste hengel op voorn?

vaste hengel voorn

JAN VAN SCHENDEL – Met de vaste hengel op voorn is een ideale techniek. Er is simpelweg geen andere hengel te bedenken waarmee je effectiever en secuurder kunt vissen. De dobber (en het stuk lijn daaronder, dus richting de haak) kan tot op de centimeter nauwkeurig op de juiste plaats in het water worden gelegd en vooral wanneer je ‘stekend’ vist, met een korte opslag tussen dobber en hengeltop, kun je de gebruikte montage perfect controleren en sturen. Met de vaste hengel heb je maximale controle. Vaste hengels zijn er in allerlei prijsklassen. Zoek altijd naar een zo strak mogelijke hengel en vis met een elastiekmontage.

1. Welke vaste hengel voor het vissen op voorn?

Soms komt het voor dat er enorme hoeveelheden voorns te vangen zijn. Dat is typisch iets van ‘op de juiste plaats, op het juiste moment’. De snelste manier van vissen is dan, zoals dat heet, ‘in de hand’. Wat wil zeggen met een iets kortere lijn dan de hengellengte. Bij dit soort visserij heb je eigenlijk een iets slappere hengel nodig om de dobber en montage weg te kunnen zetten. Telescoophengels zijn hiervoor vaak heel goed geschikt. Zorg voor een goede glasvezel ‘spriet’ in de hengeltop of vis met een hele korte maar dikke elastiekmontage voor de juiste demping bij het zetten van de haak.

2. Hoe vis je met elastiek op voorn?

Bij het vissen op voorns zul je meestal een niet al te dikke nylon hoofdlijn gebruiken. Een dikkere hoofdlijn dan 12/00 komt alleen voor wanneer er extreem goede vangsten te verwachten zijn. Ook zullen de gebruikte haakjes vaak niet zo groot zijn. Aan de hand van de hoofdlijn en haakmaat kies je het elastiek. Ieder merk heeft zijn eigen kleuren en maten. De met afstand meest gebruikte elastiekdiktes voor het vissen op voorn zijn de 0,80, 0,90 en de 1 mm. Hoe fijner en dunner de gebruikte nylon en vooral hoe kleiner de gebruikte haak, des te dunner ook het te gebruiken elastiek.

vaste hengel voorn

3. Welke dobbers heb je nodig?

Het te gebruiken dobbermodel is altijd afhankelijk van de omstandigheden. Op stromende wateren heb je nu eenmaal andere dobbers nodig dan op stilstaande wateren. Het vissen op voorns is meestal een delicate bezigheid. Vis altijd zo licht mogelijk voor de omstandigheden en zorg dat de dobber goed is uitgelood. Hoe minder weerstand de vissen voelen, des te beter het is.

vaste hengel voorn
Wanneer het water iets stroomt gaat er niets boven een iets bolvormig model. Op stilstaande wateren is een slanke dobber vaak een beter keuze.

4. Welke nylon is aan te raden?

Er zijn tegenwoordig veel verschillende goede soorten nylon op de markt, die allemaal hun eigen specifieke eigenschappen hebben. Ik heb al sinds jaren voor dit soort visserij het maximale vertrouwen in de JVS Extreme nylon. Simpelweg een goed nylon voor een betaalbare prijs. Andere goede soorten zijn de Hercules van Tubertini en de G-Line van Spro. Er zijn absoluut nog meer goede nylonsoorten, maar daar heb ik persoonlijk geen ervaring mee.

5. Wanneer gebruik je fluorocarbon?

Wanneer het water helder is, kunnen de vissen meer zien. Als visser zul je op helder water nog meer dan normaal moeten camoufleren. Wat betreft materiaal zijn fluorocarbon lijnen onder water absoluut minder goed zichtbaar voor de rondzwemmende vissen dan gewoon nylon. Dat is een bewezen feit. Bij helder water is het gebruik van fluorocarbon dan ook aan te raden, met name als onderlijnmateriaal. Het is nu eenmaal zo dat hoe dichter je bij de haak komt, des te belangrijker alles wordt.

vaste hengel voorn

6. Hoe lang moet de onderlijn bij voornvissen zijn?

Volgens mij bestaat de ideale onderlijnlengte voor het vissen op voorn niet. Juist bij het voornvissen moet die lengte perfect kloppen om zo min mogelijk aanbeten te missen en dus zo effectief mogelijk te vissen. Hoe kleiner de voorns, des te korter de onderlijn. Daar komt het op neer. Wanneer ik met de vaste hengel in jachthavens op kleine voorn vis, gebruik ik een onderlijn van 15 centimeter. Vis ik op grotere voorns met een caster op de haak, dan gebruik ik een 18 centimeter lange onderlijn.

7. Hoe monteer je loodhagels op de lijn?

Het maakt op zich niet zoveel uit welk soort lood je gebruikt. Wel moet je ervoor zorgen dat de loodhagels die je gebruikt mooi gecentreerd en niet schots en scheef op het nylon komen te staan. Iedereen heeft het altijd over zacht lood. Waarom? Lood mag gerust wat harder zijn maar het moet goed op de nylon worden gezet, daar gaat het om. De beste manier is om de loodhagel eerst dicht te knijpen en daarna nog eens met een loodtang op het zonet dichtgedrukte ‘nerfje’ te drukken. Het lood moet altijd over de nylon te schuiven zijn zonder dat deze beschadigd raakt. Voor mij is het gebruik van een Preston Stotz tangetje of een JVS Pincher een absolute must! Ik ken geen beter hulpmiddel om loodjes goed op een lijn te krijgen.

vaste hengel voorn

8. Hoe ziet een standaard loodzetting er uit?

Op kanalen en ook op rivieren gebruik ik vaak een andere en wat meer geraffineerde loodzetting van een bulklood (bij zwaardere dobbers is dat een olivette, bij lichtere dobbers een kettinkje van loodhagels) met daaronder een of twee zogenaamde ‘valloodjes’. Zo’n montage maakt het wat gemakkelijker om het haakaas iets delicater aan te bieden en er iets meer mee te bewegen. De grootte van de valloodjes is normaal tussen nummer 8 en 11, dit afhankelijk van de waterbeweging en het gebruikte dobbergewicht.

vaste hengel voorn

9. Hoe ziet de loodverdeling in een (jacht)haven er uit?

Je laat in jachthavens de montage veel directer onder de hengeltop naar de bodem zakken en dat vereist een speciale aanpak. In jachthavens gebruik ik bij dobbers zwaarder dan 1 gram een langwerpig olivette (druppelloodje) met daar onmiddellijk onder een kettinkje van zeker acht tot tien loodjes, die vrijwel altijd allemaal tegen elkaar staan pal boven de onderlijn. Een kleiner aantal loodjes of een korter model olivette resulteert gegarandeerd in pruiken tijdens het vissen.

vaste hengel voorn

10. Hoe vis je op water dat in beweging is?

Vaak is het tijdens het vissen volledig duidelijk hoe de beweging van het water is. Op een rivier of stromend kanaal kan daarover geen twijfel zijn. Bij sommige andere wateren is dit vaak minder duidelijk en soms is deze zelfs tegengesteld aan de richting waarin de bovenlaag van het water wordt opgestuwd. Probeer altijd om onderstrooms van de aangevoerde visplek op een zo natuurlijk mogelijke manier je aas aan te bieden. Dit geldt met name voor de visserij op voorns, maar het is eigenlijk bij iedere visserij belangrijk.

11. Op wat voor diepte moet je op voorn vissen?

Voorns zwemmen lang niet altijd alleen maar net boven de bodem. Met name tijdens de warmere zomermaanden zoeken ze naar voedsel in werkelijk alle waterlagen. Denk eens aan stille zomeravonden, wanneer je ze aan de oppervlakte kunt zien azen op insecten. Met name door los aas bij te voeren kun je de voorns soms omhoog lokken. Alle vissen willen als eerste bij het zakkende aas komen. Zo kweekt een visser voedselnijd. Let op, de grootste voorns kun je vaak het meest ondiep gevangen.

VOND JE DIT ARTIKEL INTERESSANT?

[irp posts=”21912″ name=”Hoe vis je met de feederhengel op voorn?”]

[irp posts=”21914″ name=”Hoe vis je met de matchhengel op voorn?”]

Ruisvoorn met de vlokhengel

MARK PIJNAPPELS – Als er één vissoort in onze wateren streeft naar het predicaat ‘mooiste van de klas’, dan gooit ruisvoorn bij veel vissers hoge ogen. Diep goudgekleurde schubben, felrode vinnen en een brutale kop; iedereen waardeert de schoonheid van deze vis. Een zomervis bij uitstek, waarbij je met weinig materiaal maximaal plezier kunt beleven.

Vind je het gek dat buitenstaanders ons soms voor gek verklaren wanneer ze al het materiaal zien dat we naar de waterkant meeslepen? Natuurlijk, voor sommige visserijen heb je simpelweg een plateau, aasbakken en reservehengels nodig. Hoe fijn is het echter niet om ook eens licht bepakt op stap te kunnen gaan? Een hengel, landingsnetje en een tas met wat aas en materiaal… En als het even kan natuurlijk lekker veel actie en vis vangen. Tja, dat zou geweldig zijn, toch?! Tel dit bij elkaar op en je hebt de ingrediënten voor een dagje ruisvoornvissen.

Pak de avonduurtjes!

De aankomende maanden zijn de avonden lang en is er voor degenen die overdag werken of op school zitten ook in de avontuurtjes tijd om nog eventjes te gaan vissen. Op die aangename zomerdagen is ruisvoorn vaak bijzonder actief. Hoe warmer, des te beter. Zo ook deze avond, het is klam warm. Wanneer ik het water in de auto passeer kan ik al vanaf de weg hun aanwezigheid al waarnemen. De ruisvoorns verraden zich door kringen aan het oppervlak en niet zelden is gespetter op de waterspiegel het resultaat van een onfortuinlijk insect dat zojuist de weg naar de slokdarm heeft gevonden.

Dikke rietkragen en velden met lelies omzomen de oevers van het langgerekte plasje. Aan beide uiteinden staat het watertje in verbinding met enkele polderslootjes. Een aantal openingen in het riet geven mij de kans om bij het water te komen. Soms vis ik hier vanuit een rubber bootje, dat geeft wat meer bewegingsvrijheid in de stekkeuze, maar het vergt wel wat meer voorbereiding.

Zoek naar activiteit!

Het is aan te bevelen om eerst op zoek te gaan naar activiteit, in plaats van lukraak op de eerste plek neer te ploffen. Een polariserende zonnebril heeft een vaste plaats in mijn vistas. Er zijn altijd stekjes waar zich meer ruisvoorn ophoudt dan in andere delen van het water, vaak ‘uiteinden’ of kommetjes. Waterlelies, rietkragen en overhangende struiken krijgen sowieso extra aandacht.

ruisvoorn
Helder water met rietkragen en lelies vormt het typische beeld van een ruisvoornwater.

Veelvraten

Ik loop met mijn spullen naar het kommetje aan het begin van het water. Hier had ik vorige keer goed gevangen, maar nu zie ik geen activiteit aan het oppervlak. Ik doop een witte boterham onder water, scheur deze in stukken en kneed een bal. Met een flinke plons belandt deze in het water.  Ik besluit om het een paar minuten aan te kijken zonder mijn montage te werpen. Wie weet schuilen de voorns onder de nabij liggende lelies en komen ze vanzelf tevoorschijn. In de verte zag ik al wel kringen. Daar moet ik heen! Voordat ik vertrek gooi ik nog een paar broodballen op de stek en schiet ik een mix van blikmaïs en maden in het water met de gedachte dat ik deze spot later op de avond nog zal bezoeken.

Naast het wittebrood heb ik in mijn tas ook ruimte gemaakt voor een bak met blikmaïs en een bakje met maden. Lokvoer is niet noodzakelijk en werkt soms averechts. Zeker als je de grotere exemplaren wilt vangen. Alsof de grote, schuwe voorns zich niet veilig voelen op de vaak lichter gekleurde voerplek. Op ander polderwater weet ik dat de brasems er als de kippen bij zijn en de voorns van de stek verstoten.

Wat ik vandaag niet heb meegenomen, maar wat ook goed werkt, zijn wormen en casters. Deze gaan er normaal in als zoete koek, wat dat betreft zijn ruisvoorns echte veelvraten. Zelfs drie maden worden door mini-ruisvoorntjes van hooguit zeven cm aangevallen. Met een grote maïskorrel vis je wat selectiever op de iets grotere vis.

Ook de ‘mini ruisvoorns’ zijn echte veelvraten.

Ruisvoorn hengel?

De leukste manier om ruisvoorn te belagen vind ik het vissen met de vlokhengel. In dit geval dus met de werphengel en de dobber. Speciaal voor deze visserij heb ik een 2,70 meter lange vliegenhengelblank omgebouwd naar een lange werphengel. Het resultaat is een strakke, maar toch soepele hengel. Precies werpen gaat met een strakke hengel een stuk gemakkelijker en nauwkeuriger. Op zich volstaat een hengel met een lengte van 2 tot 3 meter.

Hierbij vind ik het prettig dat de hengel licht in de hand ligt, bijvoorbeeld een lichte spinhengel. Met de opkomst van het ultra-light streetfishing zijn bij veel merken in dit segment juweeltjes van lichte hengels te vinden. Denk hierbij aan hengeltjes met een werpvermogen van circa 3 tot 12 gram.

De voorgelode vlokdobber heeft een centraal gat waar de hoofdlijn doorheen loopt. Door de compacte vorm heel precies te werpen tussen, bijvoorbeeld, open stukken in lelievelden. Bovendien blijft de vlokdobber ook niet zo snel haken achter waterplanten en stengels van lelies.

Dikke of dunne lijn?

Voor wat betreft de diameter van de hoofdlijn zijn er twee richtingen qua opvattingen. Het gebruik van nylon staat buiten kijf. Enige mate van demping is wel zo fair tegenover de gevoelige bek van deze vissen; dyneema gebruik ik daarom niet! De liefhebbers van het licht vissen prediken het gebruik van ragdunne lijntjes; 10/00 tot 12/00 zou perfect in balans zijn met lichte vlokhengeltjes. In theorie een combi die sterk genoeg is om de grootste ruisvoorns te vangen, mits het water plantenvrij is.

En daar wringt vaak de schoen, want niet zelden zijn het juist plantenrijke wateren waar ruisvoorn zwemt en zijn de beste stekjes tegen en/of in lelievelden en wierbedden. Ruisvoorns tot circa 20 cm zijn met dunne lijnen nog prima te landen, maar het wordt penibeler wanneer je een grotere vis haakt, denk aan vissen van over de 30 cm. Daarom gebruik ik een nylon hoofdlijn van 16/00 tot 18/00. Je hebt simpelweg iets meer reserve wanneer een grotere vis pijlsnel in de planten duikt.

 

Gouden dukaten

Hoe dichter ik bij de andere kant van het water kom, des te meer ik overtuigd raak van mijn beslissing om hier aan de slag te gaan. Om het waterpeil op orde te houden pompt een klein gemaaltje hier water in het plasje. Een lichte stroming wuift de lelies langzaam heen en weer. Wat een mooi stekje!

Zenuwachtig vouw ik een broodpluim om de haak, de dobber staat afgesteld op ongeveer 30 cm diepte. Kort nadat de broodbal aan de oppervlakte uit elkaar valt, grissen de voorns de korsten weg. Als ze in de buurt zitten kan het soms snel gaan! Omdat mijn montage al beaasd is kan ik deze vliegensvlug over de azende school vissen werpen. Redelijk snel trek ik de montage dichterbij. Ik kan nauwelijks tot drie tellen of de dobber schiet weg. Het zenuwachtige tikken op de top; dit is een ruisvoorn! Ook de volgende pogingen zijn raak; gouden dukaten met knalrode vinnen van ongeveer 20 cm lang! Wat zijn het toch schitterende vissen!

“GOUDEN DUKATEN MET KNALRODE VINNEN”

Tussendoor heb ik nog twee boterhammen in het water gegooid om de vis aan het azen te houden. Een school ruisers maakt snel korte metten met een boterham. Uit het niets lijken de vissen verdwenen. De betere vissen althans, want de dobber danst van links naar rechts, zonder kopje onder te gaan. De broodvlok is duidelijk aangevreten en wanneer ik deze vervang door een duo maden is het al snel raak, maar het zijn kleine rakkers. Het zou me niets verbazen als de betere vissen dieper zitten.

Ik pak het peilloodje uit mijn broekzak en peil de montage zo uit, dat de laatste 15 cm plat op de bodem ligt. Met de katapult schiet ik een mix van maïs en maden op de stek. Op de haak prik ik een maïskorrel. Iedere minuut schiet ik een paar korrels op de stek. Na een paar minuten krijg ik een aanbeet en vang ik weer een beter formaat voorn. Weer blijft het een tijdje stil totdat nummer twee op de maïs zich meldt. Het loopt niet echt hard en ik denk aan de vorige sessie. Toen ving ik in het laatste uurtje nog een aantal mooie vissen aan de overzijde van het water…

Een gouden 30 cm+ ruisvoorn

Bonusvissen met mais

Ik ben terug op de plek waar ik vandaag begon en ben benieuwd of het voerplekje zijn werk heeft gedaan. Het stuitje moet ik wat omhoog schuiven om de juiste diepte te bereiken. Wanneer de dobber zich goed heeft gepositioneerd, schiet ik een paar maïskorrels er omheen. De bodem is hier zacht en ik zie kleine belletjes op de stek. Na een paar minuten komt de antenne omhoog om daarna heel langzaam de diepte in te zakken. Hangen! Een beduidend grotere vis bonkt op de hengel.

Met het hart in de keel zie ik een gouden schim onder de oppervlakte draaien. Dit is een grote vis! De vis duikt naar rechts richting de lelies. Ik zet druk en de hengel buig tot in de handgreep door. Ik win terrein en even later schuift de vis het net in. Met 33 cm lengte een prachtige vis. Snel een fotootje en dan weer terug. Ik kan mijn geluk niet op als ik in het uurtje daarna nog vier vissen van hetzelfde formaat vang plus nog wat kleinere vissen, totdat de ondergaande zon een eind maakt aan de pret.

Alsof Moeder Natuur de knop omschakelt en zegt dat het tijd is om te vertrekken; voor mij, maar ook voor de ruisvoorns. ‘Time flies when you’re having fun’, zeggen de Engelsen. Zeker weten, de zomerse visserij op ruisvoorn heeft een hoge fun-factor en staat garant voor de nodige actie!

 

METHODE 1: Broodkorst aan de oppervlakte

Simpeler kan het niet; een hengel, lijn en haak. Een stukje broodkorst op de haak prikken, even dippen in het water om nog wat verder te kunnen werpen.

METHODE 2: Met de vlokdobber

De voorgelode vlokdobber heeft een centraal gat waar de hoofdlijn doorheen loopt. Door de compacte vorm heel precies te werpen tussen, bijvoorbeeld, open stukken in lelievelden. Bovendien blijft de vlokdobber ook niet zo snel haken achter waterplanten en stengels van lelies.

 

METHODE 3: Op de bodem

Voor het bevissen van diverse waterlagen is dit de meest allround montage. Afhankelijk van de waterdiepte kun je bij deze montage de dobber laten schuiven of vastzetten op de lijn. Door het stuitje te verschuiven kun je alles tussen de bodem en grofweg 30 cm onder het wateroppervlak bevissen.

Lees ook

[irp posts=”6450″ name=”Gouden bergen met ruisvoorns”]

[irp posts=”5533″ name=”Afwijkend aas voor grote blankvoorn”]

Hank Ahoy

Herman Zjieieieieieieie. Met een welhaast rokende molen staat een verbouwereerde matroos met een tot het uiterste gebogen hengel in zijn handen. Hortend en stotend, maar met een vliegende vaart, wordt meter na meter lijn van de spoel getrokken. Dit is niet te stoppen. Waar zijn we dan? Bevinden we ons op de Lofoten? Is dit Loppa? Sørøya? Of hangt de brave man aan een megaheilbot… Niets van dat al. We zijn gewoon op de Westerschelde en we liggen op wijting te vissen. Degenen die er wel vaker vana...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


De voorjaarsklassiekers

Tussen winter en zomer STEVEN BEUCKELS - De periode van de late winter en het vroege voorjaar zijn maanden die te boek staan als moeilijke maanden voor de zeevisser. Maar we blijven er niet voor thuis, want er zijn zeker mogelijkheden voor wat mooie vangsten. Winterse soorten als schar, wijting en wellicht een verdwaald gulletje trekken stilaan naar dieper water, de bot zit onder de kant en de eerste zomergasten gaan zich aandienen! Het is een beetje een aparte tijd voor de gedreven strandvisser...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Wijting

De nacht is voor de rovers KEES GILLISSEN - Het is een mooie winterdag, strakblauwe hemel, een zachte frisse bries laat de bomen zachtjes bewegen als ik uit de auto stap onderaan de duinen. De temperatuur ligt net iets boven het vriespunt en daalt ‘s nachts tot net onder nul. Ik zet mijn hengels in elkaar, bind mijn steunen aan elkaar vast en trek mijn warmtepak aan. Ik check nog een keer of ik alles heb en of ik toch mijn hoofdlamp niet vergeten ben. Gelukkig ligt deze netjes bovenop in mijn vi...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Gericht op haai

Alledaagse visserij? Een jaar of wat geleden was het vangen van een haai bijna mythisch, ongekend, fabelachtig, alleen toegankelijk voor de echte kenners. Moet ik nog even doorgaan of ben ik zo wel duidelijk genoeg? Laten we eerlijk zijn, wie kon vijf jaar geleden zeggen dat hij een haai op zijn wishlist doorgestreept had staan? Dat waren er niet veel van ons. En nu? Nu lijkt haai vangen de gewoonste zaak van de wereld. Tekst & foto’s Cor Juffermans Jan en alleman staat met een prachtige haa...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Drijfpakken en reddingsvesten

Veiligheidsmaatregelen Het is goed om te zien dat sommige bootvissers die koers zetten naar de verre wrakken of stekken verder weg, veiligheidsmaatregelen serieus nemen door het dragen van een reddingsvest of drijfvest. Zeker in de wintermaanden, wanneer de temperatuur van lucht en water onaangenaam koud kan zijn, zijn deze pakken essentieel om je droog en warm te houden. Maar hoe zit het met dat drijvende vermogen van deze pakken? Dave Lewis zet wat zaken op een rijtje. Tekst & foto’s Dave ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Zeebaars met de dobber

Op pad met Rob van Middelkoop  Het vissen met kunstaas op zeebaars wordt, met name in de zomermaanden, steeds populairder. Wanneer de zeebaarzen net wat moeilijker te vangen zijn met kunstaas, zijn er gelukkig alternatieven om alsnog succesvol te zijn. Ik ging samen met dobberspecialist Rob van Middelkoop een avond achter de zeebaars aan. Hij laat in dit artikel je alles zien waar je op moet letten, als je succesvol zeebaars wilt vangen met een dobber. Tekst & foto’s Rico ‘t Mannetje Foam do...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Zeebaarsfilet met een Italiaanse groenteschotel

JOHN WILLLEMS - Heel bewust heb ik afgelopen jaren geen recepten met zeebaars geplaatst in deze smaakvolle rubriek. De reden zullen jullie begrijpen. Gelukkig is de bag limit voor de zeebaars, op basis van visserijonderzoek, verruimd naar twee stuks meenemen per persoon, per dag. Wat mij betreft is daarmee de tijd gekomen voor een ‘culinair hoogstandje’ met zeebaars. De basis van de bereiding komt uit de Méditerranée. Het is eenvoudig, puur en snel klaar! Ik had geluk begin maart en heb alweer e...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Masterclass Zeevissen (2)

Klaas Winter (NL)  Kun je iets vertellen over een wedstrijd in 2019 die je is bijgebleven? Een wedstrijd die me is bijgebleven is die van de NTC 4 op Groote Keeten, een belangrijke wedstrijd. Ik viste in team Westkapelle 1. We wisten dat de loting op Groote Keeten van groot belang is, mede daardoor kun je een slag slaan naar de concurrentie. We besloten om de vrijdag voor de wedstrijd te gaan proefvissen. Op het strand aangekomen was het al behoorlijk druk met vissers, maar feitelijk zag je ner...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Voorjaar | Karpervissen in Frankrijk

Voorjaar karpervissen in Frankrijk? Het voorjaar is een heerlijke tijd om te gaan karpervissen in (Noord) Frankrijk, maar zorg er dan wel voor dat je water kiest wat niet te diep is. Ondiepe wateren, zoals Lac de Grosley,  warmen al snel op en daardoor worden de karpers snel actief en gaan op zoek naar voedsel. Maar aasperioden zijn vaak nog kort en stekkeuze, aas en voerhoeveelheden zijn vaak heel bepalend. Wanneer je gaat karpervissen in het vroege voorjaar in maart/april zijn er wel een aantal dingen waar je op moet letten. Ga bijvoorbeeld vooral vissen bij voedselrijke stekken, meet de watertemperatuur en stem daar het aas en voerhoeveelheid op af.

Voorjaar karpervissen in Frankrijk
Er zijn in het voorjaar een aantal zaken waar je extra op moet letten.

Karper Voorjaartips | Stekkeuze

De gehele winter zijn karpers weinig actief geweest waardoor de karpers moeite hebben om in het vroege voorjaar op gang te komen. Daarom is het verstandig om rond de waterplanten en stukken water waar de zon op staat te karper vissen in april. Daar zullen namelijk de meeste karpers zich bevinden omdat deze plekken voedselrijk zijn. Een andere plek waar karper vissen in Frankrijk een hoge kans van slagen heeft in het vroege voorjaar is langs rietkragen. Ook daar is veel voedsel te vinden, dus ook veel karpers. Het voedsel heeft namelijk de hele winter verborgen gezeten in de wortels van het riet en komt door de warmte vrij. Zorg er dus voor dat je een stek pakt in de buurt van waterplanten, rietkragen of waar de zon op staat.

Voorjaar karpervissen in Frankrijk
Zorg er voor dat je een stek pakt in de buurt van waterplanten, rietkragen of waar de zon op staat.

Bij welke watertemperatuur wordt karper actief?

Let tijdens het vissen in april vooral op de watertemperatuur. Omdat in het voorjaar de zon weer begint te schijnen, kan het voorkomen dat de watertemperatuur op verschillende stekken in het water kan verschillen met wel 3 graden. Ook de diepte van de bodem kan voor verschil in temperatuur zorgen. De karpers zitten in het voorjaar vooral op de warmere gedeeltes, dus meet op verschillende plekken in het water de temperatuur voordat je gaat karper vissen. De watertemperatuur heeft ook invloed op het soort aas en voer dat nodig is. Als de watertemperatuur nog onder de 10 graden Celsius is, is het aan te raden om (kleine) lichtverteerbare boilies te gebruiken als aas. Voer zeker niet teveel! Een PVA-zakje met wat verkruimelde boilies is vaak het beste om mee te beginnen.

Voorjaar karpervissen in Frankrijk
Gebruik zeker nog niet veel voer, zeker niet als de watertemperatuur hard gedaald is na een, heldere, ijskoude voorjaarsnacht!

Wat is het beste aas voor het voorjaar?

Je kan natuurlijk een keuze maken in je aassoorten, maar waarom zou je niet elke hengel met een andere aassoort vissen? We vissen immers (bijna) allemaal met twee, drie of zelfs vier hengels. Het is sowieso een mooi startpunt. Misschien kom je er in de loop van de sessie wel achter dat er een favoriete aassoort is waar je vervolgens meerdere hengels mee kunt beazen. Na 24 uur zonder beet is het aan te raden om een ander plekje te zoeken. Maar laat je hengels wel ook overdag in liggen, in het vroege voorjaar kan de aasperiode zomaar op de dag liggen. Het flauwste zonnetje kan de vissen al activeren, en misschien maar voor een korte periode. Het zou zonde zijn als je dan net je hengels opnieuw staat te beazen of in de boot zit. Het is dan ook zaak om de hengel zo snel mogelijk weer op z’n plaats te leggen. Doe de vis even in de sling, of laat je maat het net met de vis even bewaken als jij alles weer op z’n plek legt. Met de korte aasperiodes en vissen die verzameld liggen kan je zomaar snel een tweede run krijgen.

Voorjaar karpervissen in Frankrijk
Aftoppen met een natuurlijk aas, zoals maden, kan soms verrassend goed werken!

Welke onderlijn in het voorjaar? 

Iedere visser heeft wel zijn of haar favoriete onderlijnen waar ze rotsvast vertrouwen in hebben. En met vertrouwen vissen is natuurlijk wel zo fijn.

Maar durf ze eens in te korten, een onderlijntje van zo’n 8 tot 10 cm is zo gek nog niet in het vroege voorjaar. De vissen zwemmen nog niet veel en zullen dus sneller geprikt moeten worden. En net als met de aaskeuze, waarom niet een aantal verschillende onderlijnen proberen?

Bijvoorbeeld één met een fel pop-upje op een bedje van hennep, een maden rig, een chodje, de mogelijkheden zijn eindeloos. Zorg er wel voor dat je haak zo scherp is al ‘ie maar zijn kan.

Voorjaar karpervissen in Frankrijk
De kleinste details kunnen nu het verschil maken. Vergeet ook zeker niet zoete mais mee te nemen!

Hoe vis je in het voorjaar met de chod rig?

In het voorjaar werkt het goed om in te spelen op de nieuwsgierigheid van de vis. Hier is een chod-rig ideaal omdat deze op elk type bodem in te zetten is en de heen en weer bewegende pop-up maakt het een zeer aantrekkelijke set-up om in de bek te nemen. Ook drijvende imitatie mais werkt vaak prima omdat deze wat opvallender van kleur is dan ander aas. Een beetje bijvoeren met mais uit blik en klaar!

Voorjaar karpervissen in Frankrijk

Ideaal voorjaarwater | Lac de Grosley

Ben je op zoek naar een goed voorjaarwater in Frankrijk? Lac de Grosley, op zo’n 400 km van Brussel, is een aanrader. Op het complex liggen 2 meren, één van 12 ha en één van 4 ha. Het grote meer heeft een eiland in het midden en de begroeiing op de oever bestaat uit bomen en struiken. De bodem van deze oude grindafgraving bestaat uit een harde kiezelbodem, met hier en daar zand en modder dat heel wat natuurlijk voedsel bevat. Het water is gemiddeld 2 tot 2,5 meter diep en het heeft geen obstakels. Het domein is helemaal omheind en wordt ‘s nachts gesloten. Beide meren hebben een ruim bestand aan dertigers en veertigers en een enkele vijftiger. Record: 28 kg.

Voorjaar karpervissen in Frankrijk
Lac de Grosley, op zo’n 400 km van Brussel, is een aanrader: zeker voor in het voorjaar!

Karpervissen Frankrijk | ‘huisje’ aan het water

Het complex telt 11 stekken verdeeld over de twee vijvers. Bijna alle stekken zijn met de auto bereikbaar (behalve stek 13) en de auto mag op de stek blijven staan. Boot is toegestaan. Er is een nieuwe blokhut op stek 3 gebouwd, met stroomvoorziening. In het slaapgedeelte is genoeg plek voor 2 bedchairs, het overdekte terras biedt beschutting bij regen en wind. Op 50 meter ligt het gebouwtje met een koelkast en een vriezer. Op Grosley is een kleine tackle shop waar je aas (particles) en klein materiaal kunt kopen. Elke morgen komt de bakker vers brood brengen, die kun je bestellen bij aankomst.

Voorjaar karpervissen in Frankrijk

Meer rust | meer vangen!

Dit jaar kunnen er geen weekends of mid-weeks meer geboekt worden. Bij elke wissel gaat er telkens weer een hele hoop voer het water in, wat nog versterkt wordt als de vangsten even uitblijven. Dat wordt zo sterk beperkt en bovendien blijft het zo rustiger aan de waterkant wat de vangsten ten goed zal komen. Dit is een beslissing die Fisherman Holidays heeft genomen in het belang van de waterkwaliteit en de gezondheid van de vissen.

 

Voorjaar karpervissen in Frankrijk
Op Lac de Grosley maak je een goede kans op zo’n schitterende voorjaarsspiegel!

Polderkanalen

Verrassend goed karperbestand! BERND BRINK - De polders van Noord-Nederland en de Duitse provincie Oost-Friesland worden gekenmerkt door een netwerk aan brede sloten en kleine kanalen. Deze op het eerste gezicht onaantrekkelijke watertjes hebben vaak een verrassend goed karperbestand. Bernd Brink beschrijft hoe je deze polderkanalen met succes bevist. Er zwemmen echt niet enkel kleintjes. In de Duitse provincie Oost-Friesland, ten oosten van Groningen, lukt het je nauwelijks om vijf kilometer te...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Droomvis van Cassien

Fish of a lifetime MARCO VAN DER PLAS - Vanaf kinds af aan ben ik te vinden in het groen langs de waterkant en is het karpervissen er met de paplepel ingegoten door mijn vader. Dagelijks stonden er videobanden op van het karpervissen en lagen de karpermagazines verspreid over tafel. Vissen van veertig pond waren zeldzaam voor die tijd, zo heel af en toe las je er een stukje over. Vissen van dik twintig kilo, gevangen in het zuiden van Frankrijk op een groot en azuurblauw water, genaamd Lac de Sa...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Blankschaap

Mislukking op de Rijn? Daar stond ik dan… Een jochie van een jaar of zestien met een vreselijk kapsel en een kneuterige carpygroene fietskar in de uiterwaarden van de grote boze Neder-Rijn. In de ene hand gewapend met een oude mayonaise-emmer gevuld met maïs en in de andere hand een voerschep en een peilhengel. Overvallen door een gevoel van onzekerheid wilde ik eigenlijk niets liever dan meteen afhaken en weer lekker op de parkwatertjes neerploffen. Tekst & foto’s Tijmen van der Sande “Maar...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Method Power

Van passie(f) naar feeder Tekst & foto’s Rinze Beverwijk Het is ergens laat in het najaar van 2019, wanneer ik vrienden uit de buurgemeente aan de haal zie gaan met een method feeder-systeem. Er wordt gevist met één hengel die continue actie moet gaan geven. Ik vind het fantastisch om te zien hoe eenvoudig er diverse vissoorten gevangen worden. Als het straks winter is, dan ga ik dat systeem ook toepassen, gericht op karper, neem ik mij voor. De echte winter is echter in geen velden of wegen...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


‘T Ruime Sop

Avonturen op groot water Tekst Emiel Geerts, Foto’s Emiel Geerts & Tom Oninckx Dit verhaal wordt ingeleid door een belletje van mijn vismaat Tom. “Emiel, heb je zin om mee te gaan om een avontuur te beleven op het grote water?” Daar kon ik enkel mee instemmen; ik had van Tom al zoveel gruwelijke verhalen gehoord over zijn ervaringen van ’t ruime sop. Dit moest en zou ik meebeleven, al was het maar alleen het avontuurlijke van groot, open water. In het verleden keek ik altijd best op tegen di...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Vidanche

Nu of nooit meer… DANNY DE KRUYFF - In Karperwereld 128, in het artikel ‘De waarheid’, kwamen er al een aantal Franse bakken voorbij. Voor mij ook die dikke, kogelronde spiegel, de schijf der schijven, de vis die voor mij de novembersessie deed slagen. Op de terugreis werd er flink over het stuwmeer gepraat tussen Wimke en mij, met het plan om in het voorjaar terug te keren. Zit het eigenlijk ooit mee met die Frankrijktrips? De week wordt tactisch ingepland en we zullen het risico nemen om in he...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Kempische Kanalen

Haat-liefdeverhouding KRIS PAUWELS - Wie kent ze niet, de idyllische Kempische kanalen. Van het beroemde Kempisch Kanaal tot de monotone betonnen wanden van het Albertkanaal met het daartussen gelegen V-kanaal. De monsterlijk grote schub- en spiegelkarpers die hier zwemmen, hebben al meerdere malen menig magazine gesierd. Al meer dan een decennium lang houden deze kanalen mij bezig; het is een haat-liefdeverhouding. Al meer dan een decennia houden deze kanalen mij bezig. Deze kanalen brachten mi...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Hobbels & Obstakels

Verstrengeld tussen het wier ERNESTO KAMMINGA - Het waarom is niet altijd te verklaren, soms moet je genoegen nemen met het feit dat je er je voordeel mee kunt doen! Geluk is niet altijd af te dwingen… In dit artikel neem ik je mee naar een water met wier, obstakels en mooie karpers. Wie goed leest vist de tips tussen de regels er zo tussenuit. En wanneer je gewoon wilt laten inspireren door een leuk verhaal, dan is het ook goed!

Sommige dingen houden me bezig. Het zijn de hersenspinsels van mi...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Grillige voorjaarskarpers

Na de lange winterstop, alhoewel er van winter geen sprake was dit jaar, trekken veel karpervissers door de eerste warmere dagen naar het water. Maar zo vroeg in het jaar voldoen de vangsten vaak niet aan de verwachtingen; het verschil tussen vangen of blanken is juist in de lente een kwestie van het net even allemaal goed doen. De weg naar succes is het vinden van de juiste balans tussen water- en stekkeuze, de weersomstandigheden en de juiste hoeveelheid aantrekkelijk voer. Tekst & foto’s ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Runningwater De Rhone -2

In het vorige nummer (KW130) heb je het eerste deel van de Rhône-avonturen door team Runningwater kunnen lezen. In dit slotdeel melden andere leden van het team zich aan de oevers van deze machtige rivier. Het weekend na de sessie die letterlijk in het water was gevallen (zie deel 1) is het de beurt aan Lex Cuyten en Gianluca Casalini om af te reizen naar de machtige Rhône, later gevolgd door het duo Erik & Erik. Tekst & foto’s: Runningwater Aangezien Luca in een pizzeria werkt en een dr...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Op avontuur in Angola

The A is for Africa

Drie lachende kinderen op het strand. Dat is het eerste wat door mijn hoofd flitst als ik aan mijn visreis naar Angola denk van afgelopen januari. Ik ontmoet hen terwijl ik kunstaas in de branding sta te gooien op het strand van Belas, ter hoogte van Santuário das Águas – een kerk aan zee. “Amigo”, roepen ze, en dan iets onverstaanbaars, maar ze wijzen naar mijn rugzakje en maken wenkende bewegingen.

Tekst Tom Sintobin, foto’s Joris Nieuwenhoff, John Smit en Tom Sintobin

Lokale beroepsvissers halen hun netten binnen.

Ach, nu begrijp ik het: ze zagen natuurlijk hoe de golven over me sloegen en mijn spullen natmaakten en willen er wel op passen. Dat is inderdaad een stuk comfortabeler; ze wandelen langzaam mee en dragen mijn rugzak, terwijl ik worp na worp opschuif. Ik vang twee Jack Crevalles op mijn lepel en trek ze na een stevig robbertje vechten op mijn zware spinhengel onder luid gejuich het strand op door gebruik te maken van een brandingsgolf. De kinderen dansen rond me, ze zijn blij. Helemaal als ik de vis dood en aan hen geef. Het halve dorp zal ervan eten. Na een uurtje moeten ze naar huis – ze leggen de twee vissen die ik hen gaf gewoon op hun hoofd! – maar vijf minuten later komen ze hijgend aanhollen: “Amigo, Tortuga!” roepen ze, “venha!” en ik ren met hen mee om een paar honderd meter verder de prachtige schildpad te zien die over het strand schuifelt, op zoek naar een plek om eieren te leggen…

 

Ik voel me blij, gelukkig zelfs. Bij mijn vertrek bleven mensen me maar vertellen dat ik heel erg voorzichtig moest zijn in Angola, en hier sta ik nu, helemaal alleen op een verlaten strand, en doordat ik deze mensen meteen vertrouwde, krijg ik iets adembenemends te zien… Noem me naïef en links en roekeloos en al wat je wil, maar ik had die schildpad voor geen geld willen missen.

Veel mooier dan dit wordt het niet.

VOORBEREIDING

Wie in Angola wil vissen, moet daar wel iets voor over hebben. Je hebt een aantal inentingen nodig om het land binnen te mogen, en ook moet je je beschermen tegen malaria. Het goede nieuws is dat het niet zo lang vliegen is doordat KLM rechtstreeks op Luanda vliegt en dat er geen jetlag bij komt kijken.

Tortuga, amigo!

Veilig of niet?

Het West-Afrikaanse land grenst in het noorden aan Congo-Brazzaville en in het zuiden aan Namibië. De Portugese ontdekkingsreiziger Diogo Cão was de eerste Europeaan die voet aan land zette in deze contreien, in 1483. Het land bleef een Portugese kolonie tot 1975 – wat best lang is, gezien de meeste Afrikaanse landen toen al onafhankelijk waren. Na de gewelddadige onafhankelijkheidsstrijd, die ruim tien jaar duurde, was de ellende nog niet voorbij voor de Angolezen. De verzetsbewegingen bleven elkaar namelijk op vreselijke wijze – en met de inzet van duizenden kindsoldaten – bekampen om de macht. Het ene kamp werd daarbij gesteund door Zuid-Afrika en het andere door Cuba en de Sovjets, en het duurde tot 2002 voor er eindelijk vrede kwam. Vandaag de dag is Angola nog altijd zeer arm, ondanks de schat aan grondstoffen in het land. Ook is de levensverwachting er erbarmelijk laag, maar het land begint langzaam maar zeker op te krabbelen. Naarmate de fantastische Angolese natuur en cultuur bekender beginnen te worden, vervaagt het negatieve imago en komt het toerisme langzaam maar zeker op gang. Wij verblijven voor een pilot van visreis.nl in Kwanza Lodge, een door een Zuid-Afrikaanse ex-militair opgericht comfortabel vakantieverblijf aan de oevers van de gelijknamige rivier. Volgens de eigenares hoefden we onze huisjes niet eens af te sluiten, want er was nog nooit iets gestolen.

Mahi mahi-kermis

We zijn niet in het optimale seizoen gekomen voor wat ik wil doen: met zoetwatermateriaal in de riviermonding vissen op Threadfin en Cubera Snapper. Daarvoor moet je namelijk in augustus en september hier zijn: dan is het in Angola winter en dat betekent weinig aanvoer van zoet water. Vermoedelijk daardoor trekt het roofzuchtige gespuis uit de wijde omtrek de rivier op om er te jagen op tilapia’s, harders en krabben. Threadfins van 30 kilogram en ver daarboven zijn dan geen uitzondering. Een Duitse kennis van me kan erover meepraten, want hij ving zo’n beest van maar liefst 50 kilogram, gewoon werpend met een shadje.

Mahimahi is een van de mooiste soorten om met topwaters te bevissen.

Nu zijn we echter in de natste periode gekomen: de week voor onze aankomst had de hoofdstad Luanda nog te kampen met overstromingen. De rivier spuwt dus gigantisch veel zoet water in zee, waardoor het nu eigenlijk aangewezen is om op open zee te vissen. Of op tarpon, want die reuzenharingen worden blijkbaar juist aangelokt door zoet water. De eerste drie dagen ging ik dus mee met Joris en John op jacht naar marlijn en zeilvis. De schipper zette daarvoor een arsenaal teasers en plastic inktvissen uit om ‘u’ tegen te zeggen, en met die halve kerstboom trolden we urenlang rond op de oceaan. Om eerlijk te zijn was dit mijn ding niet. Ik ben niet bepaald een geduldig type en moet altijd iets om handen hebben. Ik genoot dan ook met volle teugen van de mahi mahi’s die we met spinhengels en oppervlaktekunstaas of stickbaits konden vangen als de boot even stilhield bij een ‘FAD’: een ‘fish attracting device’. Mahi mahi houdt zich namelijk graag op onder drijvende plantenbedden, plastic of wrakhout, en het was fascinerend om te zien hoe die pijlsnelle vissen zich soms in groepen op ons kunstaas stortten. Ze leerden al even pijlsnel trouwens, want vaak konden we er een paar vangen uit die school, maar kregen we daarna alleen nog maar volgers… De schipper sloeg ons meewarig gade. Hij was niet zo’n fan van deze vissoort – hij noemde hen neerbuigend ‘de kippen van de zee’. Toen er op een gegeven moment een marlijn van zeker 250 lb vlak naast de boot opdook die de door John gehaakte mahi mahi opslokte, vond hij het al veel interessanter. Helaas brak de dunne onderlijn al snel af op de staart van de vis…

Ik geniet met volle teugen van de mahi mahi’s die we met spinhengels en oppervlaktekunstaas of stickbaits vangen…

Grappig, maar niet meteen mijn visserij…

River life

Na drie dagen op de oceaan had ik er genoeg van. De lodge heeft twee niet al te grote maar degelijke ‘self drive’-boten die we mochten gebruiken om de rivier onveilig mee te maken. Ik besloot de rest van mijn visdagen in één van deze boten door te brengen. Ik voelde me meteen thuis in deze 14-voeter met 10 PK erop, laverend tussen de bossen waterhyacinten en takken die de Kwanza-rivier dag en nacht vervoerde. Soms waande ik me in Nederland tussen het drijfvuil op de Maas bij hoog water!

Ook de vistechnieken waarmee ik succes boekte, deden aan thuis denken. Ten eerste viste ik werpend met shads vanuit de driftende boot, waarbij ik het kunstaas mooie sprongetjes liet maken over de bodem. Op de diepste plekken stond er een meter of acht water, maar meestal was het tussen de twee en de zes meter diep. Door stroomopwaarts te gooien, dus in de richting van de drift van de boot, lukte het perfect om bodemcontact te houden. Afhankelijk van het moment van het getij en de ermee samenhangende stroomsnelheid paste ik dan het loodgewicht aan; met kopjes tussen de 20 en de 42 gram lukte het altijd. Op deze manier lieten jacks en threadfins zich vangen. Kolossen zaten er niet bij, maar ik genoot met volle teugen van de ziedende runs waar deze beesten toe in staat bleken te zijn op een zware snoekhengel!

En dat op een shadje.

Beide vissoorten bleken ook op een geheel andere manier aan te bijten. Jacks namen het aas met een harde klap en stoven er daarna vandoor met hele snelle, zigzaggende runs. Bij een threadfin voel je eerst een paar ‘schrapende’ bewegingen, alsof je ergens aan blijft haken, en soms seconden later een harde klap. Ik las ergens dat de vier lange, dunne vinnen waar deze vis zijn naam aan te danken heeft als een soort van voelsprieten functioneren om de prooi te detecteren en zelfs aan te raken in de modderige rivier, een beetje zoals een meerval dat doet. Dus mogelijk is wat ik voelde de threadfin die het kunstaas inspecteerde. Ik heb het niet geprobeerd, maar volgens mij moet Carolina-riggen op threadfin heel goed werken, gezien wetenschappelijk onderzoek naar de maaginhoud van threadfins in Nigeria heeft uitgewezen dat het menu van deze rovers voor 36,9 procent uit vissen bestond, voor 6,3 procent uit krabben en voor 56,9 procent uit garnalen.

Jacks klappen hard op het kunstaas en gaan er daarna met hele snelle, zigzaggende runs vandoor.

Hengelcombi’s

Qua hengels raad ik je aan om een zware spinhengel van 300 cm mee te nemen voor het werpen met stickbaits en lepels vanaf het strand. Voor het werpen met kunstaas vanaf de boot een 8-voets spinhengel met een werpgewicht van 100 gram. Voor het driften met aasvissen volstaat een stevige jerkbaithengel. Op die laatste hoort een goede reel met 30/00 gevlochten lijn, op de andere hengels een molen uit de 4000- of 5000-reeks, volgespoeld met dezelfde diameter lijn.

Met een sleepje

Een tweede succesvolle techniek leek nogal op het vissen met het sleepje: een schuifloodje van een gram of vijftig, gestopt door een kraaltje en een wartel, met daarachter een onderlijn van een centimeter of 80 en een stevige circle hook maat 5/0. Op de haak prikten we een aasvis die de gidsen voor ons hadden gevangen met een werpnet – een hardertje of een tilapia – en deze hele handel mocht dan achter de boot aanhobbelen tijdens de drift. Ik hield de hengel daarbij in de hand, met de slip los en de vinger op de spoel. Aanbeten van een cubera waren zeer herkenbaar: eerst kreeg je een harde tik en dan een zeer snelle run. Cubera’s nemen hun prooi namelijk eerst dwars in de bek en zwemmen er vervolgens als een dolle mee weg. Als je de lijn van je spoel ziet gutsen, denk je: niet te missen! Dat viel echter dik tegen.

We voelden ons thuis.

De laatste voormiddag bijvoorbeeld kreeg ik maar liefst zes fantastische aanbeten, waarvan ik er maar eentje wist te verzilveren… Na twee lossers had ik een gewone haak gemonteerd in de hoop dat ik daarmee meer kans maakte, maar ook dat bleek niet de oplossing. Eén van de gidsen legde uit dat hij bij voorkeur grote harders inzette, omdat hij dan een extra dreg als stinger in de rug kon monteren. Dat loste het probleem volgens hem grotendeels op, maar helaas hadden wij enkel kleine aasvisjes kunnen bemachtigen tijdens ons verblijf en waren we dus op single hooks aangewezen. Wie ooit in Colombia op deze soort heeft gevist, weet dat de meerderheid van de vissen verspeeld wordt doordat ze de rotsen induiken en daarbij niet te stoppen zijn, ook al vis je met extreem zwaar materiaal. Het mooie aan cubera’s in Afrika is dat ze boven zand zwemmen en dus nergens heen kunnen, zodat je ze zelfs met lichte hengels kunt landen. Als ze blijven hangen tenminste… Ik kan je echter verzekeren dat de dril van een grote cubera op een 100-grams spinhengel in een kolkende rivier een van de spannendste dingen is die ik tot nog toe heb mogen meemaken in mijn vissersleventje!

Een grote cubera op een 100-grams stok: één van de spannendste momenten in mijn vissersleven…

De andere kant van de branding uitgooien.

Kunstaas-toppertjes

De stickbait waarmee ik het meeste succes had, was de Toro 140XH van Hart en de Popper 130T van Molix. Elke wat grotere zeebaarsplug die wired-through is, moet echter werken, maar ik raad aan om de dreggen te vervangen door enkele haken, want anders is het landen van een mahi mahi levensgevaarlijk. De lepels die ik gebruikte, waren de Molix Jugulo en Abu Toby – beide in gewichten tussen de 40 en de 60 gram. Goede shads waren de Q-Paddler van Quantum en de RA Shad van Molix – beide in de kleuren bruin en oranje.

Goede loodkoppen zijn niet makkelijk te vinden: je zoekt iets wat extreem sterk is en tussen de 15 en de 50 gram weegt. Loodkoppen die voor de meervalvisserij zijn ontwikkeld, kunnen wel, maar ik vind persoonlijk de haak veel te groot in combinatie met een shadje van 12-16 cm. Door de lange steel wordt de hele shad namelijk ‘verlamd’. Eigenlijk had alleen Molix wat ik zocht in de vorm van hun OJ1200, haakmaat 6/0. Bij mijn volgende trip ga ik echter meer werken met schroefloodkoppen in combinatie met een dreg, want zelfs die 6/0 vond ik nog net iets te groot. De diameter van de onderlijn vind ik lastig… ik gebruikte Momoi fluorocarbon van ongeveer 68/00 mm dik en daarmee gedroeg mijn shad zich lekker frivool onder water, maar ik verspeelde er wel een bak van een tarpon door. Ik denk dat je beter af bent met 1 mm of zelfs meer.

Met snoekbaarsshadjes op jacks.

Absurd sterk

Ten slotte heb ik ook een paar keer geverticaald. Gewoon een shadje op en neer tikken vlak onder de hengeltop, als tijdverdrijf bij het driften met aasvissen. Ook dit werkte, en ik weet zeker dat als ik het juiste materiaal bij me had gehad – een zware verticaalstok of een jerkbaithengel – en een arsenaal loodkoppen en shads in verschillende maten en gewichten, dit een regelrechte hit zou zijn geweest. Hetzelfde geldt voor fireballs: een grote dode harder, goed gemonteerd op een takeltje aan een fireball, was volgens mij echt een killer geweest. Als ik hier ooit terugkom, en dat ben ik vast van plan, maar dan beter bewapend met het juiste materiaal en in augustus, dan ziet het er niet goed uit voor al deze Afrikaanse rovers…

Waarom zou je de hele tocht naar dit verre Afrikaanse land moeten ondernemen, hoor ik u zeggen, als de visserij toch zo lijkt op wat we thuis meestal doen? Om de mensen, om de natuur, om het klimaat, om de ongereptheid, om het gevoel van vrijheid? Uiteraard, dit alles samen – maar wat mij betreft juist omdat we hier met zoetwatertechnieken op absurd sterke en mooie zeevissen kunnen vissen. Het geeft echt een enorme kick om de aanbeet te voelen van deze woeste krachtpatsers en om dan vervolgens je vertrouwde snoekhengel curves te zien aannemen die je nooit voor mogelijk had gehouden. En het gegil van de slip van je molentje onder zoveel geweld is een geluid dat je nooit meer vergeet – dat garandeer ik je. Zeker niet als je aan het andere eind een woest springende tarpon van zeker anderhalve meter hebt zitten – zoals mij overkwam. Helaas brak ook op deze biggamevis de onderlijn door…

Vergeet ten slotte niet om goede zonnebrandolie en antimuggenspray mee te nemen – anders zie je er binnen de kortste keren uit als een gekookte kreeft. Zoals ik al aangaf, is de visserij seizoensgebonden: in onze winter vis je er vooral op tarpon, marlijn, zeilvis en mahimahi, in de zomermaanden is de riviervisserij op onder meer threadfin top. Cubera en jacks zitten er altijd. O ja, nog een laatste dingetje: als je mijn drie vriendjes ziet, doe ze dan mijn hartelijke groeten.

De vis waarvoor ik hier kwam!

Voor meer informatie en filmpjes van onze pilot-trip kun je terecht op: www.visreis.nl/angola

Noorwegen – Leka

Een bijzonder eiland Halverwege Noorwegen, pakweg 150 kilometer ten zuiden van de poolcirkel en zo’n 300 kilometer boven Trondheim ligt Leka. Een bijzonder eiland, waar je fantasie al snel met je aan de loop gaat. Onder elk bruggetje kun je een trol verwachten. De sfeer is geheimzinnig. Grindweggetjes lopen dood bij kleine haventjes. Er is rust, ruimte, prachtige uitzichten, veel gelegenheid tot wandelen (heb ik niet gedaan) en vooral veel vismogelijkheden. Werkelijk honderden stekken wachten da...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Ver! Met twee lange aaslijnen!

Een tijdje geleden zette ik op mijn site Onderlijnenvooropzee.com het artikeltje ‘Op afstand met een lange dwarrel’. De lange dwarrel betrof in dit geval een mooie geclipte Up and Over Pulley Rig. Vlak daarna gooide ik het artikel ‘Flattie Up and Over Pennel Rig’ online. Deze onderlijn betrof een variant op de eerder geplaatste Up and Over Pulley Rig. Net iets anders gebouwd, andere onderdeeltjes, zelfs een mooie Pennel; kortom twee onderlijnen die qua bouw dicht in elkaars buurt zitten, maar ne...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Veelzijdig Normandië

Normandië weet mij keer op keer te charmeren met zijn ruige kustlijn, hoge kliffen, verlaten stranden en vele vissoorten die je er met kunstaas kunt vangen. Onder begeleiding van mijn goede vrienden Cedric en Fredric zal ik hier enkele dagen vertoeven op zoek naar grote lipvissen en alle andere soorten die ons kunstaas niet links kunnen laten liggen! Tekst & foto’s Chris Chew

We volgen de kustlijn vanuit België en laten de Noordzee achter ons; daar waar zanderige duinen plaatsmaken voor met...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Strandfeederen

Lichter langs de kust Vissen vanaf het strand is een ware beleving! Het geluid en de geur van de zee strelen je geest. Het uitzicht tot de horizon geeft het gevoel van vrijheid en rust. Het moment suprême aan het strand is wanneer de zon opkomt en zakt, voor even vergeet je dat je gewoon aan onze eigen kust staat te vissen, het strand heeft meer weg van het decor in een romantische film, gewoon adembenemend! Tekst Martijn Dekkers, foto’s Bram Bokkers Dit soort exemplaren zijn echt de kers op de ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Soortenjagen in Noorwegen

Expeditie Romsdalsfjord Het Romsdalsfjord ligt ongeveer 100 km ten zuidwesten van Trondheim. Collega Ruben ving er jaren terug veel grote scharretong en zijn verhalen triggeren mij om een trip naar dit fjord te plannen. Ruben ziet het ook wel zitten om nog eens naar dit mooie fjord te gaan. Collega Remko en soortenjager Pascal sluiten zich aan en de groep is compleet. Ik neem jullie mee op een niet-alledaags Noors soortenavontuur. Tekst & foto’s Pieter Beelen Daniel en zijn schip. Daniel en ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Winterpret

Gretige wijtingen Korte dagen en temperaturen die niet echt uitnodigen om te gaan witvissen; voor mezelf meestal de reden om even een winterse witvisstop in te lassen. Daar waar anderen zich dan concentreren op kerstmarkten, durf ik een zijsprong te maken naar het zilte water. Als de wind op de zoute plas het toelaat een welgekomen verpozing om de muffe glühweingeur te ontvluchten. Tekst & foto’s Bart De Crée Wat betere voorbereiding vooraf had ons nóg sneller aan vis kunnen helpen! Zoals ee...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Strandbaarzen met kunstaas

JAIMY POSTHUMIS - Het kunstaasvissen op zeebaars vindt meestal plaats in de vele havens, pieren en havenhoofden die ons land rijk is. Strandvissen op zeebaars gebeurt ook, maar dan met name met natuurlijk aas aan de strandhengel. Deze manier van vissen kan ook zeker effectief zijn, maar voor Jaimy Posthumus is de keuze simpel… Ik dril liever een zeebaars van 40 cm aan de spinhengel dan aan een strandhengel. Dus ook voor het strandvissen op zeebaars ga ik eropuit met spinhengel en kunstaas. Omdat...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Vlissingen: wintervis walhalla

Vlissingen is veel meer dan een toeristische trekpleister voor zomerse badgasten. Als de dagen korter worden en de kalmte wederkeert in de havenstad, verandert haar kustlijn aan de Westerschelde in een waar viswalhalla. De overwegend zuidzuidwesten winterbries blaast frisse doch milde lucht aan de kant. En je weet wat ze zeggen: wind aan de kant, vis op het land… Het mag geen geheim zijn dat de Zeeuwse kust bezaaid ligt met geweldige visstekken. Je kunt er met de (charter)boot of vanaf de kant, ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Meikevers

HANK PERRÉE - Tikketikketik, doet de hengeltop. Eventjes niks. Tikketikketik doet de hengeltop weer. Walter geeft een klein tikje terug aan de hengel en zet hem weer terug op het voordek van de Wiesje. Voor de derde keer doet de hengel tikketikketik. Walters nieuwsgierigheid wint het van zijn geduld en langzaam begint hij binnen te draaien. De hengel buigt flink door en je kan al zien dat er mooie vissen aan hangen. Eerst een wijting, onmiddellijk gevolgd door twee scharren die ook niet gemeten ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


De lekkerbek

JOHN WILLEMS – Wil je weten waar het woord lekkerbek vandaan komt en tegelijkertijd leren hoe je heel eenvoudig een overheerlijke lekkerbek bakt? Lees dan deze ontzettend smakelijke ‘Panvisser’. Het recept van een frisse salade en dito sausje krijg je er dan zomaar bij.

De ‘ouderwetse’ lekkerbek is gesneden van wijting en ook wel van schelvis. De kleinere wijtingen werden destijds vooral op de ‘Hollandse manier’ gesneden. Deze techniek noemen we ‘vlinderen’. Hierbij wordt er vanaf de rug gefileerd en blijven de twee filets via de buikwand aan elkaar. Tegenwoordig snijden we vaak op de ‘Engelse’ manier; deze techniek noemen we vlekken, of toch ook vlinderen. Wederom een snijtechniek waarbij de zijtjes aan elkaar blijven, maar nu via het rugvelletje. Het resultaat lijkt op een soort vlinder. Beide technieken zijn bedacht om snel te kunnen fileren zonder de vis eerst te strippen (ontdoen van ingewanden). Om die reden zijn het ook hele schone fileertechnieken. Overigens worden grote wijtingen meestal in twee losse zijtjes gefileerd. Roept dit vragen bij je op, dan kun je deze fileertechnieken altijd aanleren tijdens de workshop Rondvis fileren en bakken van Visling.

 

Van kabeljauw en koolvis

Hoe de naam ‘lekkerbek’ in de wereld is gekomen kent vele verklaringen. Een aannemelijk verhaal is dat de wijting een echte lekkerbek genoemd wordt. Met zijn kleine tandjes snoept dit visje, op vrijwel alle waterlagen, wat-ie lekker vindt. Een tweede logische verklaring is dat de goedkope wijting zorgt voor een betaalbare ‘lekkere bek’. Iets wat nog steeds wordt gezegd in de vissector. Wat de waarheid is? Ik heb eigenlijk geen idee. Je mag zelf bepalen wat je het meest aannemelijk vindt.

Bij de visboer zien we meestal lekkerbekken van kabeljauw. Deze soort heeft jaren geleden de wijting als lekkerbek verdrongen toen we meer geld gingen uitgeven aan gebakken vis. Wist je dat er ook heel veel lekkerbekken van koolvis worden gegeten in het oosten van ons land? Heeft vast iets te maken met de voorkeur van de visliefhebbers uit Duitsland. Zij eten namelijk graag koolvis en noemen het ‘Seelachs’. Vrij vertaald is dat ‘meerzalm’ (zalm uit een meer), maar het blijft natuurlijk gewoon koolvis. Klinkt alleen een stuk duurder. Inmiddels zie je ook lekkerbekken van heek en pangasiusfilet. Kan natuurlijk, maar ik kies toch liever voor een heerlijk visje uit de Noordzee. De smaak is gewoon beter, mede omdat de Hollandse garnaal op het menu staat van de Noordzeevis. En dat proef je terug in die heerlijke vis…

We gaan eerst even een begeleidend sausje maken, zodat de smaken van de ingrediënten een ‘huwelijk’ aangaan. Ik ben echt een liefhebber van ravigotesaus bij gebakken vis. Met veel plezier geef ik je mijn recept.

Recept Ravigotesaus

Ingrediënten ravigotesaus voor vier personen:

  • 3 flinke eetlepels mayonaise
  • 1,5 eetlepel crème fraîche
  • 1 sjalotje ‘brunoise’ gesneden (moeilijk woord voor ‘in kleine blokjes’)
  • 1 eetlepel kappertjes, fijngehakt
  • 4 zoetzure augurkjes, fijngehakt
  • 2 theelepels mosterd
  • 1 theelepel fijngehakte peterselie
  • 3 eetlepels in fijne ringen gesneden bieslook
  • 1 theelepel gedroogde dragon
  • Peper en zout naar smaak

Je hebt ook een sauskommetje en een kleine garde of lepel nodig.

 

Bereiding

Meng nu eerst de mayonaise met de crème fraîche en de mosterd, totdat alle klontjes verdwenen zijn. Roer dan de overige ingrediënten erdoor en laat het lekker op smaak komen in de koelkast. Hou je van een iets zure saus? Meng er dan ook wat azijn van de kappertjes of augurkjes door. Ben je juist wat zoeter aangelegd, dan is een schepje suiker op zijn plaats.

We maken een frisse salade op basis van rode kool. Verrassend hè? De aardse smaak van rode kool en knolselderij in combinatie met het zoetzure van de appels en het frisse van balsamicoazijn doen het echt goed bij gebakken vis.

Salade & dressing

Ingrediënten voor vier personen:

  • Een hele rode kool
  • Flinke knolselderij
  • 2 zoetzure appels
  • 2 eetlepels bieslook in ringen gesneden
  • Flinke rode ui of twee kleinere
  • 4 eetlepels dikke yoghurt
  • 2 eetlepels frietsaus
  • 1 eetlepel balsamicoazijn
  • Zout en peper naar smaak

Je hebt een slakom, snijplank, groentemes en een garde nodig.

We maken eerst de frisse dressing aan in de slakom. Meng de yoghurt, frietsaus en de balsamicoazijn door elkaar tot er geen klontjes meer zijn. Vind je de dressing iets te dik, dan mag je wat water toevoegen.

Verwijder de buitenste bladen van de rode kool en snijd deze in vier kwarten. Snijd het witte harde gedeelte zoveel mogelijk weg. Wat overblijft, snijd je julienne (in dunne reepjes). De knolselderij mag doormidden, waarna je de ruwe bruine buitenkant ruim eraf schilt. Probeer nu de witte binnenkant in lange repen te snijden van pakweg 3 cm breed en 3 mm dik. Vervolgens mogen deze plakken in dunne reepjes. Ook de rode ui mag in vieren. Pel de buitenste rokken eraf en snijd de rest van de rode ui in ragfijne reepjes. Het laatste snijwerk: de appels graag in vier delen. Het klokhuis mag eruit, maar de schil kun je eraan laten. Als je de appels in dunne plakjes hebt gesneden, mag je alles in een slakom door elkaar en met de dressing mengen. Vooral de appelplakjes moeten goed geraakt worden door de dressing, want anders verkleuren ze. Proef de salade en bepaal zelf of er nog wat zout en peper bij moet.

Zet nu ook de salade koud weg, zodat de smaken goed doortrekken. Ondertussen gaan we de voorbereidingen maken voor het bakken (frituren) van de vis.

 

Bakpapje

Het beslag voor gebakken vis hou ik graag simpel. Ik wil namelijk een dunne, maar ook goed gesloten en knapperige korst om mijn visje. Als de korst niet gesloten is, wordt het visje makkelijk droog tijdens het frituren en dat is niet lekker. Bierbeslag of beslag met zelfrijzend bakmeel geeft een dikke opgeblazen korst. Mijn favoriete beslag (vanaf hier noem ik het ‘bakpapje’) maak ik met 125 gram witte bloem zonder klontjes, een ei en daar klop ik net zolang melk doorheen totdat het bakpapje iets dikker is geworden dan karnemelk. Helemaal goed is je bakpapje als het langzaam van je visje afloopt, voordat je deze in de bakolie legt. Zout, peper of andere speciale viskruiden strooi ik pas op de vis na het frituren. Mijn ervaring is dat vooral kruiden gaan verbranden en bitter gaan smaken.

Waarschijnlijk heb je gemerkt dat ik de termen bakken en frituren door elkaar gebruik. Moet ik eigenlijk niet doen, want bakken doe je in een laagje olie (of boter) en bij frituren ‘zwemt’ de lekkerbek in de olie. Er zijn veel goede soorten olie om te frituren. Olijfolie is geen aanrader, omdat deze veel smaak achterlaat. Zelf gebruik ik zonnebloemolie. Met deze olie kun je makkelijk drie keer frituren en daarna gooi je de relatief goedkope olie gewoon weg (breng het naar de afvalverwerking bij de gemeentewerf). Maïskiemolie is ook een aanrader. Past uitstekend in een cholesterolverlagend dieet. Geeft wel een iets zoete smaak aan de vis, maar mij stoort het niet.

Frituren

Wij gaan dus frituren. Verwarm de olie tot maximaal 180 graden Celsius. Bij deze temperatuur zal de vis snel dichtschroeien, waardoor deze niet vet wordt en de sappen van de vis binnen de korst blijven. Heb je geen kookthermometer? Spat wat bakpap met je vingers in de hete olie. Worden de spetters direct bruin, dan is de olie klaar om te bakken. Haal de vis door het bakpapje, laat het overtollige bakpapje eraf druipen en leg de gepapte lekkerbekken in de hete olie. Zelf doe ik altijd het velletje van de vis omlaag in de olie. Zodra de lekkerbekjes gaan drijven, keer ik deze om, zodat de mooie kant (de vleeskant) ook mooi bruin wordt. Bak niet te veel tegelijk, want als de temperatuur onder de 170 graden Celsius zakt, ben je meer aan het koken in olie. Resultaat is dan een lekkerbek waar veel olie in en aan zit. Jammer van die kostelijke vis.

Hoe weet je nu of de lekkerbek gaar is? Echt waar: dat kun je horen. In het begin komen er nog grote belletjes uit de vis. Op het moment dat de belletjes kleiner zijn geworden en je lekkerbekken mooi bruin gekleurd, mag je ze uit de olie halen. Ik leg ze op keukenpapier met het velletje naar beneden, zodat de olie niet in het krokante korstje achterblijft.

Oké, het is niet erg culinair, maar een patatje (in het zuiden en in België noemen ze het friet) erbij frituren is erg lekker. Niet voor niets is Fish & Chips zo geliefd bij de Britten. De vis die ze daarvoor gebruiken is meestal schelvis.

Natuurlijk heb ik ook een tip voor het frituren van patat. De voorgebakken patat bak ik eerst een keer extra voor gedurende twee minuten op 180 graden Celsius. Je zult zien dat de frituurolie in temperatuur is gezakt door het voorbakken. Laat deze weer 180 graden worden en bak dan in pakweg twee minuten de patat mooi bruin en krokant.

Borden opmaken doe ik niet hierbij. Gewoon de schalen met al dat lekkers op tafel en smullen maar.

Eet smakelijk! | www.visling.nl 

Het Bergmeer

Memoires van een seriewoordenaar Zonder ook maar het flauwste idee te hebben waar we aan begonnen zijn, zoeken we stapje voor stapje onze weg door de zompige ondergrond van een alsmaar dichter begroeid moerasgebied. Aan de geluiden achter mij te horen, ben ik niet de enige die al snel kniediep wegzakt in de bagger. Lachend kijk ik om naar Jasper. Hij weet, net als ik, dat het een zwaar onderschatte onderneming betreft. Het type gekkenwerk waarbij de passie wel erg diep moet zitten om het überhau...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Orellana

Karpervissen ‘in extremo’ In het midwesten van Spanje, tussen Madrid en Sevilla, tegen de Portugese grens, ligt de autonome deelstaat Extremadura. De naam Extremadura is afkomstig van het woord ‘extremo’, waarmee de grensgebieden werden aangeduid van waaruit de Moren in vroegere tijden probeerden het Spaanse land te veroveren. Het is een gebied met veel extremen, niet in de laatste plaats door de karpers die hier rondzwemmen… Tekst: Edwin Wouters - Foto's: Edwin Wout, Simon Crow Extreem is ook d...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Na regen komt zonneschijn

Het is november en vroeg in de ochtend. Het is al een flink stuk kouder in deze tijd van het najaar en af en toe laat een schuchter zonnetje zich zien. Toch worden deze prachtige zonnestralen door de aanhoudende regendruppels overschaduwd. Ik kijk over de vlakte naar achteren, daar waar ik straks zal gaan zitten. Halverwege valt mijn blik op een kudde wilde paarden die gemoedelijk staan te grazen tussen de heidebosjes. Dit gebied is een prachtig stukje ongerept natuurgebied met een scala aan wat...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Kop of Munt

MARK PANSAR - Buitenlandse sessies plannen met iemand anders is niet altijd even makkelijk. Zeker niet als ieder een gezin heeft en al zeker niet als de schoolvakanties de enige opties zijn. Gelukkig zitten Joery van der Beek en ik op dezelfde golflengte qua visserij en kennen we elkaar al enige jaren door onze gezamenlijke toetreding bij Nash. We besluiten om in de herfstvakantie een weektrip te ‘boeken’ op openbaar water. Dat gaat vaak met vallen en opstaan en de juiste beslissingen nemen. De ...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Terugkeer naar een vergeten water

ROY VAN GOOR - Soms raken bepaalde wateren uit zicht. Bijvoorbeeld een plas waar je in je jonge jaren flink wat uurtjes geklopt hebt en mooie momenten hebt beleefd. Door andere uitdagingen verdwijnt zo’n water naar de achtergrond en bijna uit je gedachten... In mijn geval een cultuurwater, niet heel ver vanaf mijn woonplaats. De plas in kwestie is 3 à 4 hectare, wordt druk bevist en kent een groot, divers bestand aan vissen: een typisch verenigingswater. ‘Vroeger’ heb ik aan de oevers van de pla...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---


Het hondenleven van een karpervisser

ROLF BOUMAN - Vraag een vriend van mij om mijn meest opvallende eigenschappen en de kans is klein dat het antwoord luidt: ‘Rustig en bedachtzaam’. Een eerlijker antwoord zou zijn: ‘Een jonge stuiterbal in het lichaam van een bejaarde, een botte flapuit zonder zitvlees, een persoon die aan het woord hyper een geheel nieuwe betekenis geeft.’ Gelukkig heb ik Japie, die is nog energieker. Japie is zwart, eet graag dode mollen en woont liever in het water dan op het droge. Japie is mijn redding! Neem...


Onbeperkt verder lezen?

Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?

Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50

ABONNEREN


--

Lees onbeperkt online - Digitaal Jaarabonnement Beet Magazine : € 49,50
---
--

Overzicht alle abonnementen

ALLE ABONNEMENTEN

---