Herfststormen kunnen verrassend zijn, dus let op als je met je rubberbootje het water opgaat en door de stevige wind niet meer terug kan komen met je elektromotor, omdat deze te weinig kracht of stroom heeft. Ga ook zeker niet met je waadbroek het water op als het stormt . Uiteraard telt dit voor elke periode. Mocht je gebruik maken van een elektromotor zorg er dan voor dat de accu tot zijn strot aan toe vol zit met stroom. Denk niet van, ach’ dit redt ik wel want als de motor geen volle kracht meer heeft en de wind staat van je stek af , dan ben je klaar! Als je dan ook nog eens alleen bent, dan kan dat nog wel eens nare gevolgen hebben. Dus zorg ervoor dat je altijd een volle accu hebt en neem ten alle tijden je peddels mee.
42 – Droog blijven
Heeft het vissen in de herfst dan alleen maar voordelen ? Zijn er dan helemaal geen nadelen aan het vissen in de herfst? Jazeker wel ! die verdomde regen en windstoten. Wat nu absoluut geen overbodige luxe is dat is een goed regenpak. Een warmte pak kan ook maar soms zijn de dagen nog redelijk goed van temperatuur en dan zweet je de bilnaat nat. Je krijgt het spaans benauwd en weet dan soms niet hoe snel je het pak weer uit wilt trekken. Nee, soms is een goed regenpak van onschatbare waarde. Als je dan ook nog in het bezit van een goede waadbroek bent dan is het plaatje compleet.
Meerdere hengels op verschillende dieptes
43 – Veelzijdige poncho
Een andere prima top tip is het gebruik van een eenvoudige Poncho. Deze waterdichte supersized jas heeft mij al heel vaak droog gehouden tijdens een plotselinge opkomende regenbui. Niet alleen is een poncho eenvoudig om aan te trekken het neemt ook nog eens nagenoeg geen ruimte in de vistas in. Door het grote oppervlak van de poncho is deze ook nog eenvoudig te gebruiken als regenkleed over je visspullen heen voor als je nog je spullen aan het opzettend bent, al met al een onmisbaar kleinnood voor de karpervisser.
44- Goed schoeisel
Draag comfortabele met grof profiel en waterbestendige schoenen of laarzen, de ondergrond is altijd nat en glibberig .Goed schoeisel is echt een pre in de herfst, de vallende bladeren gecombineerd met nattigheid kunnen voor gevaarlijke situaties zorgen. De ondergrond is negen van de tien keer vochtig en modderig. Gympies zijn nu echt not done, de vlakke zool heeft geen houvast op bv nat gras of een drassige ondergrond. Niets is vervelender dan onderuit gaan met je hele hebben en houden. In het ergste geval kan je nog een nat pak halen zonder ook nog maar een hengel te hebben aangeraakt. Daar zit niemand op te wachten.
45 – Handige ‘zipp lock’ zakjes
Wat ook niet onbelangrijk is, is een goede bescherming voor je foto toestel of afstand bediening. Niets is vervelender als je dure toestel het begeeft onder het vocht van de vele regen die valt. Tip als je zelf foto’s moet maken in de regen: zet je camera zo laag mogelijk op het statief in je shelter. Gebruik dan een afstandbediening die je in een plasic ‘zipp lock’ zakje doet. Zo kan er geen regen bij komen en kan je vrij gemakkelijk de knopjes bedienen. Deze zakjes zijn in allerlei maten te verkrijgen. Be je niet in het bezit van een afstandsbediening dan zit je continu met natte handen. Gebruik dan een groot formaat zipp lock zakje en knip daar een rondje uit, iets kleiner dan de lens groot is en schuif die over de camera. Nu kan je de ontspanknop gewoon met natte vingers aanraken zonder dat er vocht op de camera komt.
46 – Lange nachten
De dagen worden korter in het najaar en het is al vroeg donker. Persoonlijk voel ik er dan ook niet veel voor om rond de klok van 8 uur al te gaan slapen…daarom is het leuk en bovendien leerzaam om wat lectuur mee te nemen, immers andere vissers kunnen middels hun artikelen soms net de tip geven om jou verder te helpen. Er zijn ook speciale bivvy lampen te verkrijgen erg handig als je avonds nog even wat wilt lezen. Niet vergeten om wat extra batterijen mee te nemen…
47 – Watermunt
Tot laat in het najaar is watermunt vrijwel overal te vinden aan de waterkant. Niet alleen kun je er een heerlijke naar muntthee van zetten, watermunt is ook nog eens een prima remedie tegen maag- en darmkrampen. Daarnaast bevat deze groene thee veel natuurlijke antioxidanten die op hun beurt weer zorgen voor een goede gezondheid. Wist je trouwens ook dat een fijngewreven blad watermunt verlichting biedt tegen insectenbeten? En mocht je last hebben van steekvliegen in de bivvy dan helpt de geur van een takje watermunt om deze lastpakken te verjagen.
48 – Ongedierte
Muizen maar ook ratten komen in het najaar vaak in de bivvy. Dit komt omdat het voedsel, maar ook de dekking in het veld minder wordt. Om nu te voorkomen dat jou dure visspullen aangevreten worden of dat de muizen hun ontlasting tussen jouw visspullen doen is het raadzaam om al het eten en visvoer op te bergen in afsluitbare emmers of een plastic ton met draaideksel. Voor al te opdringerige muizen is een muizenklem de enige remedie. Wist je trouwens dat pindakaas een prima middel is om als aas te gebruiken in de muizenval?
49 – Opkikker
Hoe vaak is het me niet gebeurd dat je tijdens een nachtelijke dril koud en nat bent geworden… Om toch weer een beetje mens te worden is een beker warme soep een geweldige opkikker! Vergeet daarom voor die lange sessies niet een paar smaken instantsoep in je vistas te stoppen. Het neemt geen ruimte in en zeg nu zelf wat is er nou lekkerder nagenieten van een mooie vangst dan met een beker warme soep in de handen?
50 – Hinderlijk wier
In het najaar sterft op veel wateren het wier af, zeker de op de grotere wateren waar grote stukken wier door de wind heen en weer gaan drijven is het raadzaam om de hengeltoppen onder water te steken. Vaak hang ik er ook nog een extra toplood in het snoer om te voorkomen dat het wier toch nog mijn lijn oppakt. Eenmaal een groot wierveld in de lijn dan rest er niet veel meer om de hengel binnen te draaien, want onze aas aanbieding is door de druk van het wierveld op de hoofdlijn zeker verplaatst over de bodem.
Foto: Bernd Brink
51 – Voor het donker
Aastijden zijn vaak heel specifiek, soms kun je je klok erop gelijkzetten. Met name de laatste twee uur voor donker zijn vaak heel goed. Plan je een avondsessie op een voerstek, zorg dan dat je al ruim voor het donker aan de waterkant zit en je hengels in het water hebt liggen. Gooi eerst de hengels in (zonder te voeren), leg je onthaakmat en schepnet klaar, en zet dan pas je paraplu of shelter op. Het zal niet de eerste en laatste keer zijn dat er al binnen een halfuur een hengel afloopt! Vaak gaat het dan om een grotere vis, alsof die de voerstek domineert.
JAN VAN SCHENDEL – Zaterdag 26 september verzamelden alle jonge Nederlandse topvissertjes en ook zeker vissters zich langs de oevers van het Noord Hollands Kanaal tussen Ilpendam en Purmerend voor de eerste wedstrijd van de Team Topcompetitie Jeugd U20 en Dames.
Er doen dit jaar veertrien teams mee van elk 4 vissers (+ een of enkele reserves) en wat meteen opviel was het grote aantal nieuwe gezichten bij dit kampioenschap. Heel veel soms nog piepjonge deelnemers en ook heel veel nieuwe dames visten hier mee.
Je ziet nu echt heel goed dat het harde werk van de verschillende regiocoaches in ons land zijn vruchten begint af te werpen. Er wordt de laatste jaren heel wat tijd gestoken in de ontwikkeling van onze Nationale talenten op regionaal niveau en dat gaat in de nabije toekomst nog heel wat goede vissers en ook vissters opleveren. Prachtig!
Schitterende vangsten
Hier was een week eerder door de Senioren gevist op zowat hetzelfde parkoers en toen vielen de vangsten wat tegen. Nou, dat was bij deze wedstrijd zeker anders! Het water was wat minder helder nu en dat bleek de vangsten zeker ten goede te komen.
Anja Groot won het D-vak.
Er was nu wat minder kleine vis te vangen zo leek het wel en met name de voorns van afgelopen week lieten het nu een beetje afweten. Dat werd echter ruimschoots goed gemaakt door de vele blieken en ook brasems die er nu werden gevangen. Het werd zo een prachtige wedstrijd en als er nu een ding duidelijk was dan is het wel dat er heel veel talentvolle vissers zijn in ons land, zowel bij de dames als bij de heren!
Teamcompetitie
De naam zegt het al, deze Team Topcompetities zijn opgezet met het Team aspect in gedachten. Zo werkt het namelijk ook op Internationaal niveau. Vissen mag dan in de ogen van veel mensen een Individuele sport zijn, in de Internationale wedstrijdvisserij is dat zeker niet meer zo en het is prima om te zien dat dit systeem ook Nationaal wordt toegepast. Deze wedstrijden zijn allereerst Teamwedstrijden. Wel worden er altijd ook Individuele uitslagen opgemaakt.
De uitslag zaterdag 26 september
Individueel werd de wedstrijd vandaag gewonnen door 3-voudig wereldkampioene Anja Groot die het D-vak wist te winnen met het hoogste vangstgewicht van de dag. Anja wist maar liefst 24.310 gram vis te vangen. De tweede plek was voor Fabienne Ter Horst die het A-vak won met 12.355 gram en de derde plak was voor Twan Swart die het C-vak won met 12.335 gram. Slechts 20 gram verschil, om maar even aan te geven hier hoe klein de verschillen soms kunnen zijn, zelfs bij dit soort vangstgewichten. De vierde plek was er voor Ingeborg Audenaerd, ook voormalig wereldkampioene, zij won het B-vak, waar net iets minder werd gevangen, met 6710 gram. Drie vrouwen dus in de top vier vandaag. Dat is best bijzonder!!
Fabienne Ter Horst won het A-vak won met 12.355 gram.
Welk team won de wedstrijd?
Bij de Teams won Team Turbo, bestaande uit Floor Verhoeven, Mandy Swart, Twan Swart, Anja Groot (en Brynn Klootwijk, de reserve van het team vandaag), de dag met in totaal slechts 12 klassementspunten, de tweede plek en derde plek waren voor respectievelijk het team van Sportvisserij MidWest Nederland en het Evezet Jeugdteam. Beide teams eindigden op 19 klassementspunten en het verschil werd dus bepaald door de totale vangstgewichten van de beide teams.
De zomer van 2020 was heet en lang, met zelfs een heuse hittegolf. Het maakte het vissen er overdag niet fijner op. Het lag dus voor de hand er in de avonduren op uit te trekken en met diverse ‘partners in crime’ op tong te vissen. Hoppend van stek naar stek langs Noordzeekanaal en de Nieuwe Waterweg baanden we ons zwetend een weg langs de brakke gronden.
Bij het vissen op tong in Nederland hoor je veel verschillenden verhalen over de vangsten. Zoals altijd bij vissen kan het de ene dag meevallen en de andere weer tegenvallen. Ook wat betreft stekken zijn de uitkomsten wisselend en peinzen we ons achteraf suf om te reconstrueren waarom het tegenviel. Of mééviel. Buiten de gebruikelijke stekken als Noordzeekanaal, Nieuwe Waterweg of Westerschelde is het al lang niet meer vanzelfsprekend om een mooi klusje tong te vangen.
Maar door de hitte van deze zomer waren we wat vaker in de avond aan het vissen en dat leverde enkele leerzame sessies op. Dat begon in juli met een voerexperiment met Maver-teamleden Jan van de Bovenkamp en Erik Remijn. Wat denk je: was het warm en broeierig op de afgesproken dag? Nope, het werd een donkere dag met zeikregen, motregen en zelfs ‘gewone’ regen…
Druk overleg in de hengelsportwinkel van Engelhart in IJmuiden.
VOEREXPERIMENT
‘Wat is er mogelijk op het gebied van voeren en vis lokken bij het zeevissen?’ We beginnen maar even met een statement. Bij de zeevisserij in België en Nederland is voeren eigenlijk ‘not done’. Ook tijdens wedstrijden is het verboden. Er zijn natuurlijk wel voorbeelden van voertjes of lokmiddelen, want – en daar zit de tegenstelling – veel zeevissers zijn het erover eens dat de meeste zeevis wel op geur afkomt. Vissen hebben niet voor niets onnoemlijk veel receptoren in de kop en hun lijf zitten.
In de hengelsportzaak vindt je best veel voer en lokstoffen, maar veel daarvan zijn bedoeld voor witvis en karper. Voor het zeevissen is het minimaal. Ja, wat rubbydubbies voor het haaivissen en smeerseltjes voor op het aas (extracten van mesheften, zagers en zeepieren) waarbij de namen Kvalvik, Vitamo of zelfs WD40 genoemd worden.
Ik heb het erover met Jan van de Bovenkamp en Erik Remijn. Twee wedstrijdvissers; Jan met een behoorlijke palmares en ervaring bij het witvissen; Erik idem dito bij het zeevissen. Beide Italië-kenners bovendien, en in hun verschillende disciplines vissend voor de teams van Evezet/Maver. De vraag: waarom gebruiken we eigenlijk geen voer bij het zeevissen? We halen de catalogus 2020 van Maver erbij. In de categorie Zeevissen wordt hier een pagina voer aangeboden. Voer dat bestemd is voor soorten als zeekarpers, harders en sargo (zeebrasem). En zou dit daar ook werken?
Jan en Erik glimlachen. ‘Wat denk je zelf?’ Wat blijkt: voeren is bij het zeevissen op bepaalde soorten vis bijna een must in Italië; zeevoer op basis van garnalen, vismeel en zelfs kaas zien we als voorbeeld. Bestemd voor ondiep water, maar ook voor havens en wat dieper water, zowel voor bodemvis als voor pelagisch in de waterlagen.
Jan heeft zijn voertje klaar voor het Noordzeekanaal: compleet met zagerpapje…
BRAINSTORMEN
Na wat brainstormen maken we een plan. Waarom gaan we het zelf niet uitproberen? In een niet te hard stromend water bijvoorbeeld, op een vis zoals de tong, die altijd flink getriggerd wordt door de sappen van een gesegmenteerde zager? Kunnen we die wetenschap niet in praktijk brengen? Op 9 juli is iedereen aanwezig bij Engelhart in IJmuiden op een steenworp van het Noordzeekanaal.
Jan en Erik zijn al druk in de weer met zaakvoerder Gerard ten Broek om de catalogus van Maver door te nemen en de meegenomen strandhengels van dit merk in de straat eens heen en weer te zwiepen. Het voerplan is door Jan verder uitgewerkt. Hij heeft geen zeevismaterialen bij zich, maar wel zijn complete feeder-uitrusting. Hier gaat hij mee vissen, terwijl Erik
naast hem zal plaatsnemen en met zijn zeevis set-up zal gaan vissen. We zijn reuze benieuwd naar dit experiment. Maar eerst het belangrijkste: het voer van Jan.
Achterin de winkel staan de ingrediënten uitgestald rondom een flinke voeremmer. Er wordt 3 ons zagers in de teil gegooid. Jan pakt zijn driedubbele schaar en begint te knippen. Dan komt ook de accuboormachine voor de dag met de mixer als opzetstuk. Hiermee draait Jan de zagers volledig aan gort, alsof hij dit werk dagelijks doet. Een zagerpapje is alles wat rest. Nu gaat er wat grondvoer bij op basis van vismeel, en nog wat geheime bestanddelen uit de magazijnen van Evezet. Jan kijkt ons triomfantelijk aan. “En dit gaat in de voerkorf!”
‘Jan VdB’ is happy met zijn eerste zeevisjes aan de feeder…
PONTJE VELSEN
We hebben wat het weer betreft een verkeerde dag gekozen. De hele dag zeikt het van de regen en het ziet er niet naar uit dat het droog wordt. Een van de weinige droge plekken langs het ‘NZK’ is op het ponton naast de pont in Velsen-Zuid. Jan bouwt zijn viskist en accessoires op en zit al snel op zijn witvis‘troon’. Op de feedersteun ligt een 390 cm lange Maver Signature Pro. Erik heeft zijn hengelsteun opgesteld en twee strandhengels in stelling gebracht; een Nippon 150-grammer en een Darkside 250 grammer, beide van Maver.
Jan begint met een 40-grams korf voer te brengen. Hij bereikt hiermee een afstand van ongeveer 60 meter. Aan de enkele haak een stuk zager. Bij het zakken van de korf telt hij de seconden tot de korf de bodem bereikt. “Ongeveer 15 meter diep”,
klinkt het.
Erik werpt de 150-grammer met zagers tot op 80 meter. De Darkside Sport 250 werpt de tweede lijn de vaargeul in, ver voorbij de 100 meter. De uren die volgen gaat het qua vangsten nog niet denderend. Dat ligt beslist niet aan de feederopstelling. De beoogde tong houdt zich weliswaar schuil, maar in beide ‘kampen’ komen er kleinere visjes binnen in de vorm van botjes, wijting en steenbolk. Ondanks de kou en stevige motregens hebben we de grootste lol en elk visje wordt juichend binnengedraaid.
Jan probeert door wat vaker op te halen en voer te brengen (de timer wordt op 10 minuten gezet) een voerspoor aan te leggen, voor zover dat mogelijk is op 15 meter diep water. Het voer met de gemixte zagers is door hem zodanig gedoseerd dat het pas vrijkomt wanneer de korf de bodem bereikt heeft. Om het moraal hoog te houden haal ik bij ‘cafetaria’ Pontplein – 30 meter achter ons – koffie met appeltaart. En dat gaat er goed in!
Een betere lap tong op een mooie avond aan de Waterweg…
De tong wil deze koude miezerdag niet meewerken, ook al vissen we tot in donker door. Wie vaker op het Noordzeekanaal vist, weet hoe grillig het kan zijn. Vaak komt de scheefsmoel in het donker dichter naar de oever, zeker op warmere dagen, en kun je ze ook op 40 meter vangen. Maar niet altijd helaas. De tong blijft soms in de (zoutere) vaargeul schuilen en dan is een afstandskanon als een 250-grams strandhengel beslist nodig om die geul te bereiken. Wanneer het veel geregend heeft, wordt het voor de tong nog eens extra noodzakelijk om in die zoutere vaargeul te blijven wanneer de regen het water zoeter maakt.
Erik weet dat als zoute wedstrijdvisser natuurlijk ook en gaat er nog eens goed voor zitten. Zijn onderlijn met drie tussenloodjes waar de zijlijntjes aan geknoopt zitten, suist naar de vaargeul. In ‘blessuretijd’ weet hij zowaar nog twee maatse tongen te vangen op deze wijze. Chapeau!
En Jan? Hij is beslist niet teleurgesteld. Maar wel veel wijzer. De methode met de feeder en de voerkorf gaat beslist nog een vervolg krijgen. Wie weet op wat ondieper water, met zwaardere korven, en in ieder geval op een mooie zonnige dag en dito avond…
INTERESSANT? | Lees het hele artikel “TONGHOPPEN” in ZHS 373
NU IN DE WINKEL OF NEEM EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
BERND BRINK – Welke lijn voor karpervissen? Een mono of juist een gevlochten hoofdlijn? Dunne lijn om ver te werpen, of toch liever wat dikker en steviger? Het hoeft geen compromis te zijn, meent Bernd Brink. Hij combineert en geniet zo van de voordelen van de verschillende lijnsoorten.
Verschillende visomstandigheden vragen om verschillende lijnen, daar zijn we als visser wel aan gewend. Wil je ver werpen, gebruik dan een dunne lijn. Voorzie je veel obstakels in het water, neem dat een dikkere en slijtvastere lijn. Maar wat doe je wanneer je ver wilt werpen naar plekken waar je zo’n slijtvaste lijn nodig hebt? Een gevlochten lijn heeft geen rek en geeft aanbeten uitstekend door, maar is de kans op uitscheuren tijdens de dril daardoor groter.
Een gevlochten is ook slijtvast als het gaat om planten of hout, maar een stuk minder dan een dikke mono als het gaat om stenen en mosselen. Gebruik je een mono lijn, dan heb je weer minder controle tijdens de dril, zeker op grote afstand.
Vis je het hele seizoen op hetzelfde water, dan vind je zeker het juiste compromis tussen werpafstand en slijtvastheid. Dat compromis werkt echter niet als je op een water met verschillende visomstandigheden vist, of op verschillende wateren. Ik los het op door de goede eigenschappen van verschillende lijnen naar gelang de situatie te combineren. De combinatie van lijnsoorten opent een breed spectrum aan mogelijkheden.
Verschillende visomstandighedenvragen om verschillende (combi)lijnen.
ALLESBEPALENDE DIKTE
Mijn standaard hoofdlijn is een gevlochten lijn; daarmee komen de aanbeten goed en snel door en heb ik geen last van kinken. Tijdens de dril kan ik iedere beweging van de karper volgen. Tel de lange levensduur en de redelijke slijtvastheid (als je een niet te dunne braid gebruikt) erbij op en je hebt de hoofdredenen waarom ik de voorkeur geef aan gevlochten lijn.
Ik kies wel voor een dikkere braid van ongeveer 30/00 als hoofdlijn. Die hebben vaak al een trekkracht van 20 kg. Is dat niet wat veel hoor ik je zeggen… maar de trekkracht is voor mij niet het belangrijkste, het gaat veel meer om de dikte. Wel moet je bij zo’n dikte rekening houden met een overschot aan breeksterkte. Zo mag je bij een vastloper de lijn nooit met een gebogen hengel lostrekken. Dat wordt zeker met hengelbreuk gestraft… De eerder genoemde lijndikte is de échte diameter. De vermelding op de spoel is bij gevlochten lijnen vaak minder accuraat dan bij mono.
Ik kies steevast voor een dikke gevlochten lijn omdat die nu eenmaal slijtvaster is dan een dunne. Vaak hoor je dat mono beter bestand is tegen het schuren tegen een ruwe bodem of obstakels, maar dat is maar ten dele waar. Die vergelijking stamt nog uit de tijd van de eerste generatie dyneema lijnen… Die lijnen rafelden snel, omdat ze losjes waren gevlochten. De huidige, strakgeweven lijnen met vaak 8 strengen staan daar kwalitatief ver boven.
Mono wordt bovendien vaak vergeleken met een gevlochten lijn met een dunnere diameter. Trekkracht zegt niets over de schuurbestendigheid… Je zaagt een boom van 20 centimeter dikte sneller om dan eentje van een halve meter. Zo moet je ook naar het vergelijken van lijnen kijken; mijn praktijkervaring zegt me dat een gevlochten lijn van 30/00 slijtvaster is dan mijn nylon lijn van 35/00 die ik voorheen gebruikte.
De auteur met een dikke schub: met dank aan de juiste combinatie van hoofdlijn en leader.
SNAGLEADER
Om mijn standaard hoofdlijn te prepareren voor uiteenlopende situaties, combineer ik hem met een leader. Voor verschillende situaties gebruik ik verschillende leaders. De bekendste soort voorslag is de snagleader. ‘Snag’ zou je kunnen vertalen als obstakel. De leader zorgt voor een sterke, schuurvaste verbinding bij het vissen bij stenen, brugpijlers, mosselvelden en andere scherpe onderwaterhindernissen.
De slijtvastheid stijgt buitenproportioneel met toename van de lijndiameter. Zo is een lijn van 40/00 ruim twee keer zo slijtvast als een lijn die de helft zo dik is. Dat is logisch, omdat er voor 40/00 vier keer zoveel materiaal nodig is als voor 20/00. Zoveel extra massa kan logischerwijs heel wat meer aan.
Als materiaal voor een snagleader gebruik ik fluorocarbon omdat dit materiaal enorm slijtvast is. Het wordt niet voor niets gebruikt als leadermateriaal voor het vervaardigen van snoekonderlijnen! Ik wil een dikke lijn als voorslag gebruiken voor maximale slijtvastheid en er zijn nauwelijks goede gevlochten lijnen van die dikte (50/00 of zwaarder) te vinden. Fluorocarbon heeft bovendien het voordeel ten opzichte van mono, dat je een gekinkte lijn weer makkelijk rechttrekt als je die onder spanning zet.
De lengte van mijn leader hangt van de situatie af. Je hebt niets aan een slijtvaste leader als de hoofdlijn het risico loopt toch met de obstakels in aanraking te komen. Als vuistregel houd ik twee keer de diepte van het water aan. Zolang de combinatie zich comfortabel laat werpen, kan een leader eigenlijk nooit te lang zijn.
Mijn favoriete snagleader materiaal is 55/00 Slackliner Snag & Shock Leader Fluoro Carbon Hybrid van Strategy
Dankzij de bufferleader belandde deze karper veilig in het net
SHOCKLEADER
De shockleader wordt vaak in één adem genoemd met de snagleader. Toch hebben de twee leaders een verschillende taak. De naam zegt het al: de shockleader moet de klap opvangen wanneer je een zwaar lood met veel kracht en snelheid richting horizon wilt werpen. Dat geeft meteen aan wanneer je deze onderlijn gebruikt: als verre worpen noodzakelijk zijn. Voor de grootste afstand
kies je een dunne hoofdlijn.
Zou je die hoofdlijn door en door vissen, dan zou de lijn de worp van het zware lood niet overleven. Ik zou met een nylon hoofdlijn niet dunner gaan dan 28/00. Gebruik je gevlochten lijn, dan kun je zelfs tot 20/00 gaan. Ik gebruik voor mijn shockleader het liefst een gevlochten lijn. De rekvrije lijn zorgt dat de hengel beter ‘laadt’ voor de worp en 30/00 is sterk/ dik genoeg (als je op een redelijk obstakelvrij water vist).
Zo kun je de verbindingsknoop tussen hoofdlijn en voorslag erg klein houden, wat bij een mono voorslag niet kan, tenzij je een zogenaamde getaperde voorslag gebruikt. Dat zijn kant en klare voorslagen die van dun (waar je de hoofdlijn aan knoopt) naar dik aan het uiteinde lopen. Houd de leader kort, zodat je het maximale werpeffect van de dunne hoofdlijn behoudt. Als je werpt mogen er niet meer dan vijf slagen leader op je molenspoel zitten.
WIL JE MEER WETEN OVER LIJNEN EN LEADERS? | LEES HET HELE ARTIKEL IN KARPERWERELD 134
Nu te koop in de winkel of neem een voordelig jaarabonnement voor slechts € 46,50
JAIMY POSTHUMUS – De zeebaarsvisserij is de afgelopen jaren sterk in populariteit toegenomen. Ondanks de nieuwe technieken, aassoorten, potentiële stekken en de overvloed aan informatie via social media, kun je het spoor makkelijk kwijtraken. Jaimy Posthumus schept wat orde in de chaos en biedt in dit artikel wat handvatten voor elke zeebaarsvisser om meer grip te krijgen op deze fantastische roofvis. Zijn belangrijkste tip luidt: ‘Probeer het eens in het donker!’
Vaak zie ik foto’s van vissers voorbijkomen die in de brandende zon op de pier van Hoek van Holland een baars proberen te verleiden. Ik wil niet zeggen dat deze mensen geen zeebaarzen
vangen, sommigen lukt het vrij goed, maar veelal zijn deze omstandigheden verre van ideaal. Zeebaars is van nature een vrij schuwe vissoort en laat zich pas ‘s nachts of met bewolkt weer dichter onder de kant zien. De reden; de vis is dan minder zichtbaar voor vijanden en vindt in het ondiepe veel voedsel.
Tegen de oever en de taluds bevinden zich aasvissen, schaal- en schelpdieren in overvloed. Zodra de zon ondergaat en de schemering begint komt de zeebaars dus dichterbij en dat vergroot onze kansen als sportvissers misschien wel dubbel. De baars is mijns inziens in de goede periodes (in voorjaar en winter is het natuurlijk minder) ook actiever is in het donker.
Zodra de zon ondergaat komt de zeebaars dichter onder de kant.
OMSTANDIGHEDEN
Nederland kent enorm veel stekken om de zeebaars te belagen, maar wanneer kies je nu voor een bepaalde stek? Dat proces begint al thuis. Ik hou nauwlettend de weersverwachting en het getij in de gaten bij het plannen van mijn visdagen. Belangrijk is hierbij om te weten met welk moment in het getij je wil gaan vissen. Ook zeker niet onbelangrijk is de stand van de maan. Een volle maan bij een heldere hemel is vaak funest voor de vangsten. Ik heb al zo vaak meegemaakt dat zodra de maan achter een wolkendek verdwijnt, de vis ineens actief wordt. Ook het omgekeerde heb ik regelmatig meegemaakt; de maan komt op en de aanbeten zijn over.
Als we het dan toch over de maan hebben heb je natuurlijk ook nog springtij en doodtij. Springtij is ook zoiets. Dit valt twee dagen na volle maan en doodtij twee dagen na het eerste en laatste kwartier. Op een stek waar het niet heel hard stroomt kan springtij een uitkomst zijn, maar op stekken waar het normaal al erg hard stroomt kan springtij er weer voor zorgen dat de stroming te sterk wordt. Bij de windkracht en windrichting gaat mijn voorkeur uit naar een stabiele windrichting; dus wanneer de wind al enkele dagen uit dezelfde hoek komt. Als ik zou mogen kiezen dan kies ik een zuidwesten- of westenwind. Het liefst niet harder dan 3 Beaufort, zeker als je aan de slag wil met softbaits.
Voor het vissen met softbaits is er niets vervelender dan een bocht in je lijn, waardoor je weinig gevoel hebt en indirect contact met je kunstaas, met materiaalverlies tot gevolg. En in donker wordt dat nog erger. Ook de keuze van het moment in het getij is een belangrijk aspect. Dit verschilt ook nog eens per stek; de ene stek vis ik graag met opkomend water om bijvoorbeeld goed over een richel te kunnen vissen en op de andere stek kies ik weer graag voor afgaand water, omdat hierdoor het talud bereikbaar wordt. En dan is er natuurlijk de stroming: vaak de sleutel tot succes. Alles bijeen zijn dit zeer belangrijke zaken die je zelf moet ondervinden en die per stek verschillen.
Het scannen van de omstandigheden begint dus eigenlijk al thuis. Zeker als je in donker wil vissen, maar ook overdag: je huiswerk doen is een must. Bij aankomst gaat je oriëntatie verder en scan je de omgeving. Bij aankomst ga ik het rijtje af. Stroomt het naar behoren? Wat is de kleur van het water? Zie ik beweging op het water? Zijn er meeuwen aan het jagen? Antwoorden op deze vragen helpen mee met het bepalen van de strategie, zowel overdag als ‘s nachts. Zo zal de kleur van het water bepalend zijn voor de keuze van de kleur mijn kunstaas. Is het water extreem dik, waardoor de zichtbaarheid sterk beperkt wordt is het misschien een idee om met natuurlijk aas te gaan vissen, waarbij de geurfactor meespeelt.
Een ‘halfzachte’ krab. Perfect om zonder bindelastiek op de haak te zetten.
SEIZOENEN
De periode in het jaar is belangrijk om mee te nemen tijdens het plannen van je visdag. Zo is er in de loop van het voorjaar een enorme hoeveelheid speldaas waar te nemen. Stem hier je kunstaas op af door je kunstaas niet te groot te kiezen. Heeft het water in de zomer eenmaal de 18 graden bereikt, dan kun je ervan uitgaan dat het niet lang meer duurt voordat de zeebaars zich massaal gaat richten op de zachte krab en zwemkrab.
In deze periode wil het vaak lonen om met aas als zagers, steurkrab en zachte krab aan de slag te gaan. Na deze periode gaan we alweer richting het najaar en gaan de zeebaarzen zich opmaken voor de winter en eten ze vaak alles wat los en vastzit om de nodige reserves aan te leggen. Dé periode om dikke najaarsbaarzen te vangen. Wat mij betreft de mooiste periode aangezien de zeebaarzen op dit moment op hun sterkst zijn en supergretig!
Steurkrab, een van de beste natuurlijke aasjes voor de zeebaars. Als je erin investeert om ze te zoeken en te vangen, betaalt dat zich dubbel uit.
NATUURLIJK AAS OF KUNSTAAS?
Wanneer kies je voor natuurlijk aas of voor kunstaas? Een goede vraag, en hij geldt voor zowel overdag als voor ’s nachts vissen. De keuze hangt voor mij vooral af van de periode in het jaar. Als je beide ijzers in het vuur houdt, ben je op alles voorbereid, maar voor natuurlijk aas zijn met name de maanden juli en augustus geschikt, omdat dan de watertemperatuur zijn hoogtepunt heeft bereikt en de baarzen vol op krabben en schaaldieren gaan jagen. Bij de meeste baarzen die ik in deze periode vang zijn de buiken keihard van de grote hoeveelheid krabben die ze al hebben verslonden. Hier is natuurlijk aas de sleutel tot vangen.
Een handvol Black Minnows behoren tot de standaard uitrusting!
Wil je meer lezen over welk aas en wanneer je dit het beste kan inzetten? | Lees het hele artikel in ZHS 373
NU IN DE WINKEL OF NEEM EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
Veel meer aasperiodes dus dagsessies zijn prima te doen nu. Een nachtje vissen is natuurlijk heerlijk om te doen. Op veel wateren aast de vis voornamelijk s`nachts en dan moet je haast wel je kamp s`nachts opslaan om een vis te kunnen haken. Hoe anders is het tijdens de herfst, de vis heeft nu veel vaker een aasperiode dus zal de kans op het vangen van een vis toenemen. Dus ook hier geldt waarom moeilijk doen als het makkelijk kan. Gewoon lekker overdag de vis vangen is wat mij betreft veel ontspannender dan s` nachts.
32 – Avondjes scoren
Wat ook heel lonend kan zijn is korte sessies van een paar uur, bijvoorbeeld avondjes na werk of school. Onderhoud je een voerstek door die regelmatig van voer te voorzien op gezette tijden, dan kan een paar uur vissen op het juiste moment genoeg zijn. Probeer de vis- en voertijden op elkaar af te stemmen voor het meeste rendement. In een paar uurtjes kun je dan soms een aantal aanbeten ‘forceren’. Voordeel is dat je de stek voldoende rust geeft, rust die heel belangrijk is naarmate de winter vordert en de vissen minder actief worden.
33 – Boiliedeeg
Als je korte sessie vist is het zaak om snel een aanbeet te forceren. Dat kan door het aanleggen van een voerstek en die regelmatig, liefst op hetzelfde tijdstip van de dag dat je van plan bent om te gaan vissen, van voer te voorzien. Wat ook kan helpen is om je aas attractiever te maken door een sneloplossende laag ronde je boilie(s) te kneden, bijvoorbeeld boiliedeeg, pelletpasta of sterk klevend grondvoer voorzien van particles. Doe dat echter niet op wateren met een groot bestand aan witvis!
34 – Snowman
Een andere tip om snel een actieve najaarskarper te vangen is, door het haakaas extra te laten opvallen. Dit is ook de reden dat ik graag gebruik maak van een snowman presentatie; een zinkende boilie met daarboven een (opvallende) pop-up. Naast deze extra visuele attractie voorkom je ook nog eens door de langwerpige vorm van twee boilies, dat de haak te diep, lees in het zachte gedeelte van de bek kan prikken. Bovendien zorgt het drijfvermogen van de pop-up dat het gewicht van de haak gecompenseerd wordt.
35 – Opvallend groot
Najaarskarpers houden van een grote en opvallende hap en het aas is dan ook niet gauw te groot. Met een dubbele (of zelfs driedubbele) 16 of 20 mm boilie op de hair heeft zelfs een karper van 15 pond geen enkele moeite om die naar binnen te krijgen. Je kunt je haakaas nog verder pimpen, nog meer oplaten vallen door die te voorzien van een opvallend gekleurde boiliestopper of een imitatie aasjes als een nepmaiskorrel.
36 – Soaken
Een andere uiterst succes volle manier om extra attractie van het haakaas te laten uitgaan is het gebruik van soaks. Gesoakt aas is daarom de tip om op wateren waar in het najaar veel gevoerd wordt toch nog de nodige vissen te vangen. Immers door het vele voer zijn de vissen veelal verzadigd en zullen ze vaak kieskeuriger worden. Maar de kers op de taart tja die willen ze vaak er nog wel even afsnoepen en laat dat nu onze gesoakte boilie zijn. Handig zijn de speciale potjes met uitlek zeef dit voorkomt vieze handen.
37 – Penvissen
Vissen met de pen is niet voorbehouden aan het voorjaar of de zomer. Het kan heel effectief (ne leuk) zijn in de herfst. De karpers zijn actief, gretig en komen vaak nog dicht onder de kant op zoek naar voedsel. Je kunt struinend op zoek gaan naar actieve vissen, maar ook met de pen op een voorgevoerde stek vissen, met op de hair een boilie, net als bij het statisch vissen. Overdag of ’s avonds met een breekstaafje op je dobberantenne. Blijft een magisch gezicht om het lichtpuntje eerst te zien ‘zweven’ (opsteker) om vervolgens is het niets te zien verdwijnen!
38 – Oppervlaktevissen
Op mistige, stille herfstochtenden als voorbode voor een mooie, zonnige najaarsdag zijn karpers vaak ook nog in de bovenste waterlagen te vinden. Vissend met de korst en/of kattenbrokken kan ook in de komende maanden, als de watertemperatuur nog relatief hoog is, nog heel lonend zijn. Na de drukke zomerperiode is het vaak een stuk rustiger aan het water en durven de vissen zich dicht onder de kant te begeven. Een uitgelezen kans om ze een heerlijke geurende broodkost of knapperig brokje aan te bieden!
39 – Geen tent
Vis je overdag of korte avondsessies van een paar uur, dan loont het niet om een grote bivvy op te zetten. Een goede paraplu, oval of snel op te zetten shelter volstaat om droog en warm te blijven. Naast dat je niet zoveel hebt mee te zeulen is het voordeel ook dat je veel meer uitzicht hebt over het water en daardoor alerter blijft op springend/rollende karpers. Wil je verkassen omdat je ergens anders karperactiviteit ziet, dan pak je het boeltje zo bij elkaar. Dat heeft ook zo zijn voordelen bij een avondje vissen en snel naar huis wilt om nog een paar uurtjes te pitten.
40 – Comfortabel onderkomen
Het najaarsweer kenmerkt zich vaak met behoorlijke temperatuurschommelingen en regenachtig weer. Zeker als je langere sessies vist heeft het gebruik van een zogenaamde winterskin in deze periode een grote meerwaarde. Je voorkomt met deze extra laag condensvorming in de tent. En een droge slaapzak slaapt nu een stuk lekkerder dan een natte! Daarom gebruik ik zeker in het najaar altijd een dubbeldoek, in sommige gevallen wordt de leefruimte ook nog eens groter en kun je de door de extra overwrap ontstane voortent, prima gebruiken om je stoel in te zetten tijdens regenachtig weer.
ERIK VAN SCHILT – De pijlstaartrog is één van de 10 verschillende roggensoorten die voorkomen in de Noordzee. Deze roggensoort was voor een lange tijd lastig te vangen vanaf de Nederlandse (en Belgische) kust, maar lijkt aan een ware opmars bezig, met meer en meer vangstmeldingen in 2020. Vanaf de boot, maar ook vanaf de kant. Erik van Schilt schetst een portret van deze ‘vervaarlijke’ rog en beschrijft hoe hij deze bijzondere verschijning gericht vangt vanaf de kant.
door Erik van Schilt
De soort pijlstaartrog die we bij ons in de Lage Landen kunnen verwachten is de gewone pijlstaartrog (Latijnse naam: Dasyatis pastinaca) en heeft een gemiddelde lengte van 70 tot 150 cm. DeNederlandse benaming is afgeleid van de pijlvormige staart die iets wegheeft van een speer. De pijlstaartrog behoort tot de familie van de haaien. Hoewel een haai en een pijlstaartrog wat
uiterlijk betreft totaal niet op elkaar lijken, hebben ze toch heel wat gemeen. Roggen zijn namelijk net zoals haaien kraakbeenvissen.
Dit betekent dat het gehele skelet uit kraakbeen bestaat.Maar daar waar haaien toch vaak het stempel van roofzuchtige dieren krijgen, is de rog met zijn vriendelijke uiterlijk minder beangstigend. Helaas werden vroeger pijlstaartroggen langsde Vlaamse en Nederlandse kust gevangen om hun leverolie. Dit heilzame middeltje zou vooral bij aandoeningen van spieren en gewrichten helpen, of dit ook daadwerkelijk zo was laat ik graag in het midden.
De roggen worden zowel op diep als ondiep water gevangen (foto Bram Bokkers).
SIERLIJKE VERSCHIJNING
Wie wel eens in een dierentuin of ander soortgelijk park in een aquarium een rog heeft zien zwemmen is meteen verbaasd hoe sierlijk een rog door het water kan ‘vliegen’. Dit komt mede door de twee grote vleugels die aan het lijf zitten, waarmee de rog zich elegant kan voortbewegen. Als de rog op de bodem gaat liggen kan deze zich ingraven. Dit doen ze fladderend met hun vleugels. Het
enige wat dan boven water uitsteekt zijn de ogen met de achterliggende spuitgaten die op de rug zitten om te kunnen ademen – en zijn gifstekel(s).
De rog is door de grijsgroene kleur mooi gecamoufleerd. De onderkant van de rog is wit met een donkergrijze rand om de mond en vijf paar kieuwspleten aan beide zijden naast de mond. Kleine roggen staan, net als andere platvissen, op de menukaart van zeehonden. Dus camouflage en verdediging in de vorm van een giftige stekel zijn wel zo handig. Op de lange, spits toelopende staart zitten één of twee venijnige gifstekels.
Deze gifstekels kunnen ongeveer 13 cm lang worden en zijn gekarteld van structuur. Deze gifstekels zal de rog alleen gebruiken als deze zich bedreigd voelt. Als de gifstekels gebroken zijn groeien ze naverloop van tijd weer aan.
De pijlstaartrog beschikt over één of twee venijnige gifstekels (foto Corné Marijnissen)
VOEDSEL & HABITAT
De pijlstaartrog scharrelt voornamelijk op de bodem zijn kostje bij elkaar, liefst in wat rustiger water. Vaak vind je er meerdere bij elkaar. De roggen trekken jaarlijks medio mei via Het Kanaal de Noordzee op tot diep in het Deltagebied. Vroeger werd de pijlstaartrog veel gevangen op de Oosterschelde, Noordzee en de Waddenzee. De vangsten van roggen op de Waddenzee zijn helaas minder geworden de laatste jaren. De oorzaak hiervan is nog onduidelijk.
Het voedsel van de pijlstaartrog bestaat voornamelijk uit bodemvis, schaal- en ongewervelde dieren. Dit voedsel zal de pijlstaartrog voornamelijk vinden op een vrij zachte bodem, zoals slik, met een rijk gevulde tafel aan zeepieren en zagers, maar ook krabben, kokkels, gapers en overige schelpensoorten.
De pijlstaartrog heeft een ontzettend goed reukvermogen en is een echte jager. Met elektrische sensoren, genaamd ampullen van Lorenzini, kan de rog zijn prooi traceren. Hij heeft deze sensoren vanwege het feit dat de ogen aan de bovenzijde zitten en zijn mond aan de onderzijde. Deze sensoren zitten rond de mond. Pijlstaartroggen hebben stompe tanden om mosselen, oesters en andere schelpen te pletten.
Met hoog water een ideaal foerageergebied voor de pijlstaartrog (foto Corné Marijnissen).
EERSTE KENNISMAKING
Mijn eerste ontmoeting met een pijlstaartrog aan de hengel was in 2016. Ik weet het nog als de dag van gisteren. Ik ging vissen aan de Oosterschelde met de gedachte om hopelijk een mooie zeebaars te kunnen vangen. Na wat kleine scholenbaarsjes en een aantal krabben te hebben gevangen was daar het moment. In een keer viel de lijn compleet slap. Dit slapvallen zie je bij een zeebaars niet snel gebeuren, dus ik dacht meteen aan een flinke paling. Zonder weerstand kon ik zo’n 20 meter lijn binnendraaien. Toen de lijn strak kwam te staan dacht ik in eerste instantie vast te zitten, er zat geen beweging meer in. Zou het een grote tros met zeesla zijn?
Toen ik de hengel flink krom trok begon er uiteindelijk aan de andere kant van de lijn toch beweging in te komen. Ik had op dat moment geen idee wat ik aan de lijn had. Telkens nadat ik enkele meters lijn binnen kon draaien kreeg ik een flinke dreun die het zaakje blokkeerde. Na een aantal keren door de slip te zijn gegaan en een vrij heftige dril kon ik een heuse pijlstaartrog landen.
Toen deze eenmaal op de kant lag moest ik goed kijken hoe ik deze ging onthaken. Ik wist dat de staart giftig was, en ook dat je deze met een doek kunt vastpakken tussen de achterkant van het lijf en de gifstekel op de staart.
Na een flinke adrenalinekick was ik toch zover dat de haak netjes verwijderd kon worden en de rog op de gevoelige plaat gezet kon worden. Na wat foto’s gemaakt te hebben mocht de rog weer terug de zee in. Vanaf dat moment is mijn passie voor het vissen op pijlstaartroggen begonnen.
Erik van Schilt: passie voor deze geweldige sportvis (foto Corné Marijnissen)
WIL JIJ MEER WETEN OVER HET VISSEN OP PIJLSTAARTROG? |LEES HET HELE ARTIKEL IN ZEEHENGELSPORT 373
NU IN DE WINKEL OF NEEM EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
Komend weekend (19 en 20 september 2020) worden de eerste twee wedstrijden gevist van de Nationale Team Topcompetitie Senioren. Zowel op zaterdag als op zondag zal worden gevist langs de oevers van het Noord Hollands Kanaal nabij Ilpendam.
Het Noord Hollands Kanaal staat bekend als een water waar in deze tijd van het jaar vaak erg goed wordt gevangen.
Premier League van het vissen
Je mag deze wedstrijden met een beetje fantasie gerust de “Premier League” noemen van het Nederlandse wedstrijdvissen. Hartstikke interessant voor iedere witvisser en wedstrijdvisser om eens een kijkje te nemen bij zo’n wedstrijd!
Nationale Topcompetitie 2020: hoe laat?
Er wordt momenteel heel goed vis gevangen op het Noord Hollands kanaal!
Op beide dagen wordt er gevist van 11.00 tot 15.00 uur. Zorg dat je iets eerder aanwezig bent. Juist tijdens de voorbereidingstijd van zo’n wedstrijd zijn er vaak dingen te zien waarvan je zelf als visser zeker niet minder wordt!
REDACTIE – Al tientallen jaren weten vissers van over de grens Nederland als visbestemming te vinden. Logisch, want wat zijn we hier verwend met een uniek roofvisbestand en variatie aan wateren! Jasmin Spingel woont net over de grens in Duitsland. Sinds een jaar of vier is ze helemaal verkocht aan het kantvissen op Nederlandse snoekbaars en snoek. We gingen een dag met haar op pad.
De eerste vis voor Jasmin is gelijk een hele mooie
Buitenlanders die bij ons komen vissen is niks nieuws onder de zon. Wellicht waren het in eerste instantie met name Belgen die de Hollandse polders onveilig maakten. Toen de visstand op onze rivieren en grote plassen verbeterde, zagen we daar steeds meer boottrailers met buitenlandse kentekenplaten staan. De laatste jaren zien we ook steeds meer Duitsers, niet zo gek als je bedenkt dat daar het roofvissen momenteel de populairste tak van hengelsport is. Tel daarbij op de promotie die Sportvisserij Nederland heeft gemaakt voor Nederland als visbestemming bij uitstek, en het is meer dan logisch dat men hier maar wat graag komt vissen.
Snel succes: Alex trapt na een paar minuten al af met de eerste snoek.
GEBOREN VISSER
Er bestaat misschien nog steeds wel een beetje het stereotiepe beeld van een vissende Duitser: met een veel te lompe, oude hengel en lijn waarmee je tonijn kunt vangen al zittend op een klapstoel uit de jaren ‘70. Natuurlijk totale onzin en achterhaald. Het zijn andere tijden. We gaan vandaag op pad met de Duitse Jasmin Spingel. Als consultant van Seanger staat ze flink in de schijnwerpers. Het gevaar bestaat natuurlijk dat de nadruk komt te liggen op het feit dat ze een jonge, vissende vrouw is. Alhoewel er wel meer vissende vrouwen zijn, waarvan sommigen door hun vriend aan het vissen zijn geraakt, ligt het bij Jasmin anders. Al vanaf 5-jarige leeftijd ging zij met haar vader mee naar de waterkant. En ze was er niet meer weg te slaan. Kortom, het vissen zit haar echt in het bloed.
Jasmin Spingel is al sinds haar vijfde verslaafd aan vissen. Nu heeft ze haar vizier op de Nederlandse rovers gericht
Jasmin vertelt dat ze de traditionele weg heeft bewandeld, dus begonnen met de vaste hengel en ook andere type visserijen beoefend, om nu met name het vizier op roofvis te hebben. “Tegenwoordig zie je dat veel jonge vissers direct met het roofvissen beginnen. Toch zie ik het als een voordeel om met het witvissen te beginnen. Als roofvisser pluk je daar later de vruchten van. Als je namelijk weet wanneer de witvis zich waar schuilhoudt en hoe ze zich gedragen, dan ben je al een grote stap verder met het kunstaasvissen. Je kunt het gedrag van roofvis beter voorspellen en dat zal zich uitbetalen in betere vangsten.”
FLITSENDE START
Het plan is om vandaag samen met ‘visgids’ Alex Boom enkele stekken langs Nederlands grootste watersysteem in het westen des lands aan te doen. We kunnen op de rivier zelf vissen, maar ook in zijtakken, kanalen, havens, in de stad of juist in niemandsland; er is keuze genoeg.
Dat gaat lekker zo; al na drie minuten is het weer raak!
Jasmin’s Tackle
Hengel: Moby Softbait – Iron Claw Genuine 245 L tot 25 gram
Molen: Doiyo Yujin S 2000
Kunstaas van de dag: 12,5 cm V-Tail 2.0, 12 cm Eazy Add Shad (beide van Moby Softbaits) en de 11 cm Iron Claw GoBody.
Een lekkere lichte hengel voor de nodige funfactor!
De eerste stek betreft een drijvende aanlegsteiger voor onder meer watertaxi’s, die buiten de hoofdstroom ligt. Nadat Jasmin wat info heeft ingewonnen over de waterdiepte, ongeveer 5 meter, besluit ze aan de slag te gaan met een 12,5 cm Moby Softbait V-Tail 2.0 op een 10 grams loodkopje. Omdat dit gebied vanaf de kant onbekend is voor Jasmin heeft ze van alles meegenomen qua materiaal. Als hengel maakt ze een Iron Claw Genuine 245 cm klaar, waar ze overigens ook de rest van de dag mee zal vissen. De perfecte softbaithengel voor het vissen met kunstaas tot 25 gram; een gevoelige top, een licht eigen gewicht (135 gram) en een behoorlijk progressieve buiging. “Zodat je ook aan kleinere vissen een mooie dril beleeft”.
De laatste weken ving Jasmin goed aan geel/groen achtige kleuren, dus speelt ze daar vandaag ook op in.
Al na twee worpen is het Alex die de eerste vis van de dag mag noteren: een fraaie snoek van zo’n 70 centimeter. Niet veel later klinkt er van Jasmin een verlossende “yes, dit is een snoekbaars!”, waar ze even later mee op de foto gaat en released in het water. “Ik heb eerlijk gezegd nog nooit een snoekbaars mee naar huis genomen. Ik ben een echte catch & release visser”. Na deze 60’er snoekbaars staat ze drie minuten later weer met een kromme hengel, alweer een snoekbaars; nog steeds een mooie vis, maar wel een tikje kleiner dan de vis van zojuist. Na een helaas geloste, grote baars vangt ook Alex nog een mooie snoekbaars. Een flitsende start, dit alles in een tijdsbestek van een half uur!
Maar dan houden de vissen de kaken op elkaar. In plaats van de stek te blijven bestoken, stelt Alex voor om de plek rust te gunnen, te verkassen en hier later nog terug te keren. Op naar de tweede stek op de rivier zelf, aan de Dordtse Kil.
“Ik heb eerlijk gezegd nog nooit een snoekbaars mee naar huis genomen. Ik ben een echte catch & release visser”
Op de rivier zelf geven de vissen zich niet gewonnen.
Kunstaaswissel: ken de omstandigheden en de prooivis. Zo hebben de Eazy Add Shad en de GoBody grondel imitatie een compleet andere actie en dat vraagt ook weer om een andere techniek van binnenvissen.
Jasmin vist met name op de Waal, maar ook snoekvissen in sloten staat met stip in haar agenda genoteerd.
ROLLEN OMGEDRAAID
Het roofvisbestand in Nederland is uniek, maar in Duitsland heb je voor wat betreft grote snoekbaars absoluut geen reden tot klagen. Toen BEET nog onderdeel was van het moederbedrijf gestationeerd in Hamburg, kregen we regelmatig foto’s onder ogen van die oud-collega’s waarvan je ging watertanden. ‘Een tachtigplusser, erg mooi natuurlijk, maar niet bijzonder’ zo was de reactie van de redactieleden aldaar. Ze vingen er nog veel groter. Snoekbaarzen van één meterplus vanaf de kant; ze wisten er meerdere te vangen! Het ligt er een beetje aan waar je woont, want Duitsland is natuurlijk groot “Als ik in Noord-Duitsland had gewoond, dan had ik eerlijk gezegd waarschijnlijk niet op zo’n regelmatige basis in Nederland gevist. Rivieren als de Elbe en de Eider zijn enorm goede snoekbaarswateren, die een uniek bestand aan grote vissen bevatten. Het is ongekend hoeveel 70 cm plus vissen daar zwemmen. Let wel, je vangt ze echt niet aan de lopende band. Verwacht er geen aantallen, zoals in Nederland wel mogelijk is”, aldus Jasmin.
In Duitsland wordt regelmatige kapitale meterplus snoekbaarzen gevangen – ook vanaf de kant! Foto: Henning Stilke
Toch blijft die Blinker-dvd met een aflevering ‘kantvissen op de Elbe’ ons bezighouden. Een type visserij vergelijkbaar met de kantvisserij op onze grote rivieren. Met softbaits op jigheads de kribvakken afvissen. De visser in kwestie vangt gewoon even zeven snoekbaarzen, allen 60-plussers, alsof het de normaalste zaak van de wereld is, met meerdere tachtigplussers erbij… Dus waarom niet een keer Duisland als visbestemming voor de doorgewinterde Nederlandse of Belgische snoekbaarsvisser?
KNALGELE GRONDEL
De rivier levert geen vis op; zelfs geen teken van leven of een ‘tikje’. Het water is troebel, grijsachtig van kleur en staat vrij laag. De afgelopen weken was het ook op de Waal erg taai en schrapen voor een vis, laat Jasmin weten. Hoewel het ergens anders natuurlijk wel bingo kan zijn en er nog meerdere rivierstekken op de route liggen, passen we het plan aan en kiezen voor een doodlopende zijtak van de rivier. Na een hoop potentiele hotspots afgevist te hebben kunnen we nog twee baarzen voor Alex noteren. Jasmin schakelt over naar een Iron Claw GoBody, een grondel imitatie, met een relatief zware loodkop. “Je kunt hier prima uit de voeten met een 10 grams loodkop, maar ik heb de ervaring dat voor baars een zwaardere loodkop soms beter werkt. Tijdens jiggen over de bodem krijg je een agressievere loop van de softbait. Zelfs in de winter kun je dit toepassen, dan vis je weliswaar iets langzamer, maar het ‘hupje’ is agressiever dan met een lichte loodkop.
Ook voor Jasmin komt op deze stek de verlossend aanbeet. Het is echter geen baars, maar een kleine snoek, die vlak voor de handlanding de grondel imitatie uit de bek schudt. De sessie lijkt een beetje als een nachtkaars uit te gaan, maar de terugkeer naar de ochtendstek geeft ons hoop dat er nog mooie dingen in het verschiet liggen.
“Ik heb de ervaring dat voor baars een zwaardere loodkop dan je eigenlijk ‘moet’ gebruiken soms beter werkt…”
Terugkeren naar de ochtendstek blijkt een gouden greep. Deze glasoog schoof vol over de grondelsnack!
Grondelsnack – Iron Claw Gobody
Het is inmiddels geen geheim meer dat de invasieve grondels hoog op het menu staan van baars, snoek en snoekbaars. In Duitsland was er al veel eerder sprake van een grondelinvasie, waardoor de vissen en vissers al eerder met grondel-imitaties aan de slag gingen dan bij ons. Met recht is de 11 centimeter lange Gobody één van de beste grondel-imitaties verkrijgbaar, met een zeer natuurgetrouwe vormgeving en actie. Het materiaal is drijvend, waardoor de softbait schuin op de bodem staat, waarbij het staartje verleidelijk trilt. “Ik heb in helder water grondelgedrag bekeken. Ze maken niet eens echte zwembewegingen. Ze liggen op de bodem, schieten als het ware er vrij horizontaal vandoor en ploffen weer neer op de bodem. Ik vis deze daarom niet jiggend binnen vanuit tikken met de hengeltop, maar door simpelweg een slingerslag snel binnen te draaien”.
Zo geel dat het bijna pijn doet aan je ogen; ook in natuurlijkere kleuren beschikbaar!
Dat blijkt de juiste keuze, want het is Alex die als eerste een vis haakt: een grote snoek. Dit moet wel een meterplus vis zijn… Als even later de brede rug het schepnet inglijdt volgt er een juichkreet. Maar liefst 108 centimeter; niet gek op een lichte jighengel!
Niet gek, voor op een lichte jighengel…
Jasmin besluit verder te vissen met de knalgele grondel-imitatie en even later haakt ook zij een betere vis. Dit keer geen snoek, maar een grote snoekbaars. Na een spannende dril ligt er een vis van 76 centimeter op de mat. Zo’n formaat kantsnoekbaars vang je beslist niet iedere dag. Aan het einde van de dag kunnen we concluderen dat er een moois lijstje vissen bij elkaar is gevangen. Als je geen Duitse visplannen hebt, dan is visvakantie in eigen land helemaal niet zo verkeerd!
In Nederland kun je gelukkig zonder zorgen de vissen weer vrijlaten!
Tijd om te oogsten!
Het najaar is een prachtig seizoen. Het seizoen van de oogst; voor baars zelf, maar ook voor de visser! De maanden van pakweg september tot en met december zijn dan ook niet voor niets onze favoriete ‘baarsmaanden’ van het jaar.
Tekst & foto’s: VisTD
De hitte van de zomer is voorbij, de bladeren krijgen kleur en de donkere wolken verraden de eerste herfststorm. Ook onder water verandert er een boel. Waterplanten sterven af, de temperatuur zakt en de vis reageert daarop. A...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
In deze inmiddels zeer gewaardeerde rubriek leggen we aan bekende gezichten uit de wedstrijdscene diverse vragen of kwesties voor. Deze mannen hebben vaak een passend antwoord of een simpele oplossing waar je zelf misschien niet opgekomen was. In deze editie een nieuw gezicht en niet de eerste de beste! Jo Adriolo is internationaal gezien een zeer bekend en gerespecteerd gezicht. Over de periode 2010 – 2015 werd Jo door zijn constante prestaties tijdens de internationale wedstrijden zelfs uitger...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
REDACTIE – Niks is zo veranderlijk als de attitude van vissen. De techniek, visdiepte of het voer en aas dat de ene dag een successtory is, kan bij een volgende trip weer helemaal passé zijn. Flexibel blijven en aanpassen is het motto! Als wijze van experiment krijgen vier witvissers de vrije hand op een schitterende Vlaamse commercial. Maar let wel: ieder start met zijn eigen techniek en aanpak. Wat levert vandaag de meeste vis op? Welke aanpassingen zijn nodig om beter te vangen?
Aan de oevers van het prachtige viscomplex ’t Witven, nabij het Vlaamse dorp Beerse, maken de Belgen Johan Volkaerts, Patrick Imbrechts, en de Hollanders Ed van der Kamp en Rob Amerongen zich op voor een leerzame en vooral leuke visdag. Deze mannen worden al sinds enige tijd door CBB Baits voorzien in hun voer en aas, dat met het merk ‘River Wolf’ nu ook een complete serie grondvoer in zijn gelederen heeft. En dan heb je geen reden tot klagen, want dan kun je putten uit een compleet gamma hoogwaardig aas. Kernwaarden bij CBB Baits zijn: verse ingrediënten en kwaliteit. Op lange termijn betaalt dat zich altijd uit!
Johan gaat een deegvisserij ‘met den bol’ toepassen, uiteraard met de vaste hengel. Patrick trekt een method feeder uit het foedraal. Ed en Rob pakken uit met de vaste hengel, maar hanteren beide een net iets andere voeraanpak, later meer daarover. Net zo gevarieerd als de technieken zijn de gevulde aastafels: van mini-boilies, pellets, tot grondvoer, deeg en liquids.
Hoogwaardige pellets in 3, 6, 8 en 10 mm.
CBB Baits
Een complete, overzichtelijke range voer een aas. Verkrijgbaar in de smaken: Red Mystery, Shellfish Krill, Spicy Peach, Squid Garlic Robin Red, Milky Ice Cream, Nutty Fruit Blend, Epic Orange, White Cananga. Per smaak zijn er onder andere pellets van 3, 6, 8 en 10 mm, boilies van 10 tot 24 mm, voorgeboorde 10 mm mini boilies, pop-ups en liquids boosters verkrijgbaar. Ook zijn er prachtige expander pellets en diverse particles in pot. Meer info: www.cbb-baits.com
Diverse voorgeboorde mini boilies.
DE DEEGMASTER
Ik besluit om de mannen één voor één af te lopen en te overhoren over hun aanpak. Ik begin op de rechterstek met Johan Volkaerts; voor wie hem kent is het wellicht een apart gezicht om deze man met een 10 meter vaste hengel te zien. Doorgaans trotseert hij de grote, zoete wateren van de Hollandse Zuidwestelijke Delta, met als doel iets met tanden te strikken. Tegenwoordig is dat een winter aangelegenheid; in de zomermaanden staat het stokvissen op één van de vele Vlaamse visvijvers centraal.
Johan, kun je wat vertellen over de visafstand?
“Ik vis bewust niet op volle lengte. In dit geval is mijn vaste hengel 10 meter, maar ik kan er altijd nog een deel aanschuiven. Zo kun je altijd over je visstek vissen. Ik heb namelijk de ervaring dat je net buiten de voerplek soms beter vangt dan er middenop. Tevens zijn de vissen daar vaak van een groter formaat. Zo kun je altijd een deel erbij steken en verder vissen. Met behulp van een grote cup heb ik op 9,5 meter afstand 4.5 mm CBB Halibut pellets gevoerd.”
Grote vissen, dus ook een flinke klomp deeg als haakaas.
En wat gebruik je als voer en aas?
“Bovenop die 4.5 mm pellets ga ik vissen met deeg. Het deeg heb ik gemaakt van gemalen expander pellets, ook uit het gamma van CBB Baits. Dat doe ik thuis met een koffiemolen. Per sessie heb je ongeveer 500 gram gemalen expanders nodig. Volgens mij heeft Ed deze expanders op zijn aastafel staan. Je moet straks even bij hem kijken. Na bereiding zijn ze erg zacht, maar ook heel elastisch/stevig. Ze scheuren niet zomaar open. Dat zijn de beste expanders om ook deeg van te maken.”
Waarom heb je verschillende emmertjes met deeg bij je?
“Een deeg kun je op verschillende manieren klaarmaken; vrij droog of juist wat natter. Ik begin altijd met een deeg dat enkel aangemaakt is met water en redelijk droog is. Een droog deeg breekt eerder uitéén, maar zorgt ook voor een groter wolkend effect. Ideaal om bij aanvang de vis op de stek te lokken. Toch wil je de voerplek redelijk geconcentreerd houden. Daarom stap ik daarna over op een deeg dat iets vochtiger is aangemaakt. Dit wolkt minder, en lost ook minder snel op. Je kunt in plaats van water ook een liquid gebruiken om ze mee aan te maken. In dit emmertje heb ik het expander poeder aangemaakt met de CBB Baits Booster Juice in de smaak Milky Ice Cream. Het deeg wordt daardoor iets lichter van kleur en geurt enorm zoet. Deze liquid bevat veel natuurlijke suikers, en suikers plakken… Als je hier een bolletje van kneedt, dan zal je voelen dat deze nog steviger is dan de overige twee mengsels.”
Johan schiet vanaf het begin raak met zijn deegaanpak en vangt de ganse dag mooie vissen!
“Als je veel beet krijgt, dan mag het deeg best wat droger zijn”
Deeg aangemaakt met de Milky Ice Cream geurt heerlijk zoet, is lichter van kleur en plakt beter/is steviger dan een met water aangemaakt deeg.
Zijn bij het maken van deeg nog meer aspecten om rekening mee te houden?
“Ja, absoluut. Ten eerste is het formaat vis een factor om rekening mee te houden. Het gros van de karpers op deze vijver zijn zo tussen de 3 en 5 kg zwaar. Ik gebruik een fors haakaas, bijna een pingpongbal-formaat. Maar bij kleine vis gebruik je uiteraard een veel kleiner bolletje. Om dat goed te laten zitten moet je het deeg relatief natter/plakkeriger aanmaken. Daarnaast speelt de frequentie van aanbeten ook een rol. Krijg je weinig beet en moet je lang wachten, vaak bij een visserij op grotere vis, dan wil je dat het deeg langer op de haak blijft zitten: een natter/plakkerig deeg dus. Als je veel beet krijgt, dan mag het deeg best wat droger zijn.”
Ondertussen bekijk ik de montage van Johan. Een 0,6 grams dobber van eigen makelij. Een doorlopende 20/00 lijn, dus geen onderlijn, met een maat 12 haak. Als elastiek een 3 mm dikte. De zelfbouw dobber is uitgelood met 2 styl loodjes maat 20, deze zijn doorgaans 0,3 gram per stuk.
Johan’s zelfbouw deegdobber
Onder normale omstandigheden wil je de oranje bovenantenne zo lang mogelijk houden.
Een deegdobber an sich is al uniek in zijn soort. Kenmerkend is de lange antenne, om goed te kunnen zien of het deeg nog op de haak zit. Deze dobber heeft Johan zelf gebouwd, met als basis een doorlopende glasfiber antenne. Bijzonder detail: het balsahouten drijflichaam heeft een intern gat en zit gefixeerd tussen twee silicone slangetjes. Zo heb je de mogelijkheid om met het balsa drijflichaam te schuiven over de antenne.
Om bij harde wind nog met deeg te kunnen vissen, verschuif je het drijflichaam naar boven!
METHOD VERSLAGEN
Een stek verderop zit Patrick Imbrechts. Naast de visserij op vijvers vist hij ook op openbaar water. Vol enthousiasme vertelt hij over een vakantie bij een stuwmeer in de Ardennen. In de avond voer spodden en in de ochtend grote, donkere brasems vangen. Geen makkelijke opgave, maar dan is de voldoening des te groter.
“Ik ga in eerste instantie met de method feeder aan de slag. Tijdens wedstrijden op dit water is dat doorgaans de meest productieve techniek. Zeker de zone aan de overkant is dan belangrijk. Voor vandaag heb ik twee voerplekken opgebouwd, eentje op 14 meter, en de andere tegen de overkant op 37 meter.”
Als voer gebruikt Patrick de River Wolf Method Feeder Green. Wat betreft haakaas zijn meerdere opties mogelijk; harde pellet in de baitband, of mini-boilies (voorgeboord) op de hair.
Patrick Imbrechts met zijn favoriete methodvoer: River Wolf Method Feeder Green.
Alhoewel ik nog niet de aanpak van Ed en Rob onder de loep heb kunnen nemen, maken we tegen het einde van de ochtend een tussentijdse balans op. Johan vangt met het deeg tot nu toe verreweg het beste vis. Bij Ed en Rob is er ook nog ruimte voor verbetering; ze vangen af en toe een vis, maar lang nog niet zo hard als het bij Johan loopt. Het zijn forse vissen die tot nu toe gevangen worden, sommige karpers zijn zeker zwaarder dan 10 pond! De in de regel meest succesvolle techniek op ‘De Gracht’, de method feeder, blijkt voorlopig het minst te lopen. Patrick zal een behoorlijke switch moeten maken om zijn drie teamgenoten bij te kunnen benen.
River Wolf Groundbait
Onder het label ‘River Wolf’ brengt CBB Baits een complete range grondvoer. Dit gamma dekt 99 procent van de vistechnieken in Nederland en België. De volgende type voer zijn verkrijgbaar: Brasem, Voorn, Black Feeder, Method Feeder Green, Carp & Big Bream, Feeder Geel en Allround. Alle met een uniek recept; de voeders worden gemalen en samengesteld, in het Gelderse Scherpenzeel, met enkel verse ingrediënten van goede kwaliteit. Alles in eigen beheer, dus kwaliteit is gewaarborgd. Tijdens deze sessie op de karperrijke visvijver gebruikten de vissers uitsluitend Method Feeder Green en de Carp & Big Bream.
De zeer complete range River Wolf Groundbait.
DOLLENDE HOLLANDERS
Helemaal links, in de hoek van het water, zitten Ed en Rob. Laatgenoemde neemt de mooie hoekstek voor zijn rekening, omdat “Rob mij in de morgen expres liet struikelen zodat hij als eerste die plek kon claimen”, zegt een breed lachende Ed net iets te hard zodat Rob het ook goed kan horen… Met de sfeer tussen de twee Nederlanders zit het wel goed. Beide vissers combineren in hun visserij de commercials (Berenkuil Snake Lake en Toms Ceek) met de visserij op openbaar water.
Qua materiaal en montage ligt de aanpak dicht bij elkaar. Ed bestookt de vissen op 11 meter met een 0,5 grams dobber. Als hoofdlijn 19/00, onderlijn 17/00 met een maat 12 haak. Rob heeft een tuigje met een 0,4 grams dobber, in combinatie met een 20/00 hoofdlijn en een 19/00 onderlijn uitgekozen, ook met maat 12 haak en een 2.1 mm elastiek.
Beide heren visten zojuist nog recht vooruit, maar Rob kiest ervoor om op volle lengte richting het riet, schuin naar links te vissen. Dat blijkt een gouden goede zet, want vanaf dat moment zit hij volop in de vis. Ondertussen neem ik met Ed zijn aanpak door.
De stek waar Rob in de middag de ene na de andere karper haakt!
Ed, kun je wat over de montage en aanpak vertellen?
“Ik vis nu met een 0,5 grams dobber op 11 meter, het is daar zo’n 1.1 tot 1.2 meter diep. Vanmorgen stond er best een kabbel over het water, vandaar dat gewicht dobber. Nu is het weer even windstil, dus zou ik nog lichter kunnen gaan. De montage vis ik met een staande haak. Op deze manier kun je de beten gewoon sneller zien. Ik heb ook nog een voerstek kortbij gemaakt. Hiervoor heb ik een andere topset klaarliggen met een 0,2 grams dobber.”
En qua voertactiek, iets anders dan Rob?
“Ja, in tegenstelling tot Rob heb ik enkel met 3 en 6 mm pellets gevoerd. Als haakaas dezelfde pellets, of een zachte expander. Tot nu toe vang ik de meeste vis op de harde Squid Garlic. Ik merk zelfs, omdat ik met een staande haak vis, dat mijn stek door al het gewoel 10 centimeter dieper is dan bij aanvang!”
Ondertussen probeert buurman Rob de volgende vis uit het riet te houden. Tot grote hilariteit van Ed. “Tjonge jonge, wat zijn ze sterk. Vanavond hoef ik niet naar de sportschool, hoor!”, galmt het bij Rob vandaan over het water. Nadat de vis onder de top zijn rondjes zwemt en zich gewonnen geeft, gaat de forse schubkarper op de foto.
Gevangen op de voerstek die opgestart is met River Wolf Carp & Big Bream lokvoer.
“Tjonge jonge, wat zijn ze sterk. Vanavond hoef ik niet naar de sportschool, hoor!”
Rob, jij hebt een andere voertactiek toegepast dan Ed. Kun je hier iets over vertellen?
“Dat klopt. Ik heb net als Ed drie voerplekken gemaakt. Naast pellets heb ik de plekken opgestart met ballen grondvoer. Om precies te zijn met River Wolf Carp & Big Bream. Momenteel voer ik geen grondvoer meer bij, enkel nog pellets. Zo lang ik beetkrijg, zie ik geen reden om dat te veranderen.”
Vis je met dezelfde pellet als waar je mee voert?
Ik probeer altijd om met een andere kleur haakpellet te vissen dan waarmee ik voer. Ik heb het idee dat deze dan afsteekt tegen de rest, beter opvalt en daardoor eerder gepakt wordt. Overigens monteer ik de pellets in een baitbandje, dat strak op de haaksteel, ter hoogte van de haakbocht gemonteerd is. Kijk maar in dat doosje, daar zitten enkele al klaargemaakte haken met baitbandje in. Die monteer ik thuis zelf.”
Rob’s gefixeerde baitband systeem dat garandeert dat de pellet altijd aan de buitenkant van de haaksteel zit.
Na een paar flinke regenbuien komt halverwege de middag de zon af en toe tevoorschijn en voelt het drukkend warm aan. Tegelijkertijd zien we ook dat de karpers de bovenste waterlaag opzoeken. Af en toe doorbreken lippen het oppervlak en wordt een insect naar binnen gezogen.
“Als ik mijn montage wat lift, ongeveer 10 cm, en deze heel langzaam laat zakken, dan krijg ik veel meer beet dan wanneer ik het aas statisch op de bodem presenteer”, aldus Rob. Een kleine aanpassing die hem en ook Ed flink aan het vangen zetten.
Schitterend schub voor Ed van der Kamp!
RAAK GESCHOTEN
Ook voor Patrick is de zichtbare trektocht naar boven niet onopgemerkt gebleken. Hij heeft zijn method feeder binnen gedraaid en is bezig om een pellet waggler montage op te bouwen. “De vis zit overduidelijk op half water. Ze komen sporadisch de method achterna en willen nauwelijks op de bodem azen. Als je met een vaste hengel kleine beetjes pellets bijvoert middels een pole cup zoals Ed en Rob dit doen, dan volgen ze deze naar de bodem. Dan kun je zeker nog een vis strikken.” Ondertussen zit rechts van hem Johan weer een dikke deegkarper te drillen. Ook hij voert regelmatig een lading pellets om de op half water zwemmende karpers naar de bodem te trekken. Het wolkende deeg doet de rest.
Maar met de pellet waggler heeft Patrick een joker achter de hand. Al was hij niet geheel voorbereid op deze techniek, dus wordt één van zijn feederhengels omgebouwd tot dobberhengel. Partick opent een zak 6 mm Squid Garlic pellets en begint met voeren. Al na enkele minuten worden de eerste kolken aan de oppervlakte zichtbaar en bij de eerste inzet is het direct raak! In het komende uur krijgt Patrick meer actie dan vanaf de aanvang op de method feeder.
Nadat Patrick van de method naar de pellet waggler schakelt, gaat het hard met de aanbeten!
Kort nadat de 6 mm Squid Garlic pellets in het waterlanden, worden de eerste kolken zichtbaar!
Hengelsport en Natuurdomein ’t Witven
Op dit complex zijn drie vijvers gelegen die bevist mogen worden. Het 4 hectare grote karpermeer is speciaal voor de echt grote vissen, waar tentjes en rodpods het beeld bepalen. De twee overige vijvers zijn 1 en 0,8 hectare groot en special ingericht voor de ‘witvissers’. De 1 hectare grote wedstrijdvijver bevat veelal kleine karpers, vissen van gemiddeld één tot twee kilo zwaar. Wij hebben vandaag gevist op de ‘feedervijver’, ook wel De Gracht genoemd, waar het gros van de karpers tussen de 3 en 4 kilo zwaar is.
Deze visdag illustreert in optima forma hoe kleine en soms grote aanpassingen je meer beet kunnen opleveren. Soms zijn aanpassingen helemaal niet nodig en schiet je al vanaf het begin raak, zoals Johan met zijn deegje. Maar veel vaker moet je kleine dingen aanpassen, of een techniek simpelweg opgeven en iets geheel anders proberen. Uiteindelijk vingen alle mannen de nodige spiegel- en schubkarpers van gemiddeld tussen de 3 en 4 kilo, met enkele uitschieters van zeker zwaarder dan 15 pond! ‘De Gracht’ is een prachtig ogende vijver, gelegen in de schitterende, rustige en groenrijke omgeving van de Vlaamse Kempen.
Eens een virus je te pakken heeft, raak je er niet zo snel vanaf. Een visreis naar Ierland in het verschiet, legde Bart Reekmans wat euro’s neer voor een feederset en ging hij aan het trainen op eigen bodem. Nodig, want om tijdens de wedstrijdjes die hij daar afhaspelde mee te spelen, gaven hybrides van achter de vaste stoklijn vaak de doorslag. Stijf van het hybrideslijm en instant verknocht aan de korf, gooide Bart na de Ierlandtrip zijn viscarrière om en ging hij vol voor de feeder.
Tekst &am...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Kromme hengels, verzuurde armen van het drillen en van top tot teen gehuld in een laag vissenslijm; zelfs op visrijke karpervijvers is de praktijk vaak weerbarstiger. Vis na vis binnen takelen is de uitzondering op de regel, zeker wanneer je in wedstrijdverband het water en de vis moet delen, of gewoon omdat ze door het weer even niet willen meewerken. Maar vaak zijn die lastige omstandigheden ook het leerzaamst. Je moet verschillende dingen gaan proberen om alsnog beet te krijgen, maar als dat ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Nazomer dagschotel
Vlees en mais is een combinatie die vaak over het hoofd wordt gezien, maar is één van de meest effectieve aaskeuzes in de late zomer. Met vlees kun je perfect in de oeverzone op de grotere karpers vissen, terwijl de mais het perfecte voer is om het vlees te complimenteren.
Tekst & foto’s: Des Shipp
Het brede haakmodel van de Preston XSH-B-haak is uitstekend ge...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Feedervissen traditioneel & modern
Wanneer je een specifieke techniek, zoals method feederen, eens toepast op een openbaar water in plaats van op een commercial, dan kan dat verrassende resultaten opleveren. Tijden deze reportage volgenden we klasbak Arnout van de Stadt; hij viste tegelijkertijd met twee feederhengels – ééntje met een traditionele montage, de andere met de method feeder. Wat zou dit gaan brengen?
Wat een schitterende locatie!
Locatie van dit experiment zijn de Rottemeren nab...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Vissen op ondiep polderwater
JAN VAN SCHENDEL - Vandaag ben ik neergestreken op De Delft, nabij het Noord-Hollandse Assendelft. Wat een prachtig water en wat een schitterende visstreek! De Delft schijnt eigenlijk een riviertje te zijn, maar het lijkt veel meer op een typisch polderwater. Zo is het nergens dieper dan 1,20 meter en ook is de bodemgesteldheid niet te vergelijken met een rivier. Op dit soort ondiepe wateren is de bodem vaak erg zacht en dat vraagt om een ‘custom made’ aanpak!
De Del...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De hele zomer periode word de karper achterna gezeten met allerlei gekleurde bollen, geel, oranje paars, roze noem maar op. omdat er in die periode veel meer natuurlijk voedsel is willen we dat het aas opvalt. In de herfst is dat niet nodig. Rood en onopvallende kleuren scoren nu het best. Engelse witvissers gebruiken in de herfst daarom het liefste een rood gekleurd aas om hun leefnet vol te krijgen met witvis. Wil natuurlijk niet zeggen dat je met andere kleuren niets op de kant krijgt. Wel kan het zijn dat je meer (of grotere) vissen vangt juist omdat deze kleuren wat minder opvallen en dus minder argwaan opwekken.
22 – Lastige brasems
Met name brasems zijn gek op pellets en vismeelboilies. Ook brasems zijn in het najaar heel actief op zoek naar voedsel en kunnen dan het vissen soms aardig lastig maken. Heb je op een water veel last van brasem gebruik dan geen pellets en vis (en voer) met boilies zonder vismeel, liefst behoorlijk groot; 20-25 mm. Groot aas is redelijk selectief maar je staat er soms versteld van hoe een brasem zich vergrijpt aan een boilie die nauwelijks in zijn bek past en zich nog haakt ook!
23 – Winterstek
Als je eenmaal een goed lopende voerstek hebt opgebouwd dan is het zaak dat , als je de winterperiode door wilt vissen, de stek regelmatig van voer blijft voorzien. Ook als je niet gaat vissen dat is het noodzakelijk om door te blijven voeren. Doe je dat niet dan bestaat de kans dat de vis vertrekt naar een ander deel van het water waar nog wel wekelijks (mondjesmaat) wordt gevoerd of gewoon stopt met azen en in de winterstand gaat om zo min mogelijk energie te verspillen. Ligt er een gemakkelijk te verkrijgen hap op de stek dan zal de karper van tijd tot tijd blijven azen, ook in de koudere maanden!
Doorvoeren
24 – November grote vissentijd!
Doorvissen tot eind van de herfst/begin winter kan zeker lonend zijn. Het is opvallend dat vaak pas tegen half november de echt grote vissen zich melden, vissen die je soms de rest van het najaar niet ziet. Misschien door het feit dat het dan pas echt rustig aan het water wordt, rust ook onderwater doordat de kleinere, brutalere vissen zich al volgevreten hebben, de brasems niet zo actief meer zijn en de wolhandkrabben eindelijk zijn vertrokken? Wat de reden ook is, het loont vaak om een lopende voerstek te blijven onderhouden ook al vriest het s’ nachts een paar graden!
25 – Wolhandkrabben
Wolhandkrabben kunnen op sommige wateren het vissen danig verpesten. Het lijkt erop dat er steeds meer meer van deze ‘boilieklauwers’ komen! In september en oktober kan het een ware plaag op de voerstek zijn. Niet (voor)voeren en instant vissen is soms de enige oplossing en/of je haakaas beschermen met krimpkous of ‘armamesh’. Gelukkig is het meeste leed geleden in november, wanneer de lastpakken naar zee zijn vertrokken met het kouder worden van het water. Maar het lijkt wel of ze steeds beter tegen de kou kunnen…
26 – Simpele rigs
Eenvoudige montages voldoen nu prima, zeker als je hebt voorgevoerd.
Najaarskarpers zijn niet alleen veel gretiger ivm het aanleggen van een vetreserve voor het aankomende winter, ze zullen door het voorvoeren ook nog eens veel van hun natuurlijke schuwheid verliezen. Je zal misschien ook merken dat als je een serie vissen vangt deze willekeurig gehaakt zitten, mede door de voedselconcurrentie azen ze veel gretiger dan anders. Daarom zijn simpele bodemaasrigs met een lengte van ongeveer 25 cm in dit jaargetijde zeer doeltreffend. Een standaardrig gemaakt van gecoat onderlijnmateriaal met daaraan een klauwhaak maat 6, afgewerkt met een stukje shrinktube over het oog van de haak. De hair vertrekt halverwege de steel van de haak middels een kleine rvs ring. Simpel maar zeer doeltreffend!
27 – Gulzige azers
Zoals gezegd azen de najaarsvissen in de meeste gevallen nogal gulzig en als de haak dan te diep in de bek al probeert in te dringen kan het gebeuren dat deze te weinig houvast vind en zodoende losschiet. Om nu te voorkomen dat de haak te diep in de bek al begint te draaien en daarom zich vastzet in het te zacht vlees achter in de bek, maak ik gebruik van een simpele stukje shrink tube. Dit stukje shrink tube buig ik tijdens het stomen een beetje richting de punt van de haak op deze manier zorg ik er voor dat de haak keurig voor in de bek achter de harde liprand haakt.
28 – Nooit in de war
Met veel wind op de kop kun je gemakkelijk je rig in de war gooien. Om dat te voorkomen kun je het best een wartelloodmontage gebruiken en zeker geen inline lood! Een zogenaamde anti-tangle sleeve op de onderlijn bij de wartel helpt ook in de war gooien. Wat zeker ook helpt, als de afstand het toelaat, is het gebruik van een(kleine) pva-stringer. Moet je verder gooien dan zeg 50/70 meter, dan is een kleine pva-stick een prima anti-tangle middel en heb je ook nog eens wat voer bij je haakaas liggen.
29 – Hectische actie
Meestal komen de vissen in scholen over de voerstek en komen de aanbeten vrij snel achter elkaar, om nu zo efficiënt mogelijk te vissen maak ik een aantal reserve rigs inclusief haakaas klaar zodra mijn hengels in het water liggen. Op deze manier kan ik na een vangst mijn hengel direct weer inwerpen voor de volgende actie en maak ik een grote kans op nog enkele andere vissen voordat de school weer verder trekt. Zorg er dan ook voordat je een systeem gebruikt waarmee je eenvoudig van onderlijn kunt verwisselen, want alleen dan zul je snel kunnen handelen als de vissen op de plek zijn gearriveerd.
30 – Twee landingsnetten
De mensen die mij goed kennen weten dat ik altijd twee schepnetten gebruik. zeker in het najaar waar de actie snel op elkaar kan volgen is het gebruik van twee schepnetten zeker geen overbodige luxe. Op deze manier kan ik een eenmaal gelande vis even met net en al weghangen in het water, om vervolgens mijn hengel weer klaar te maken. Zodra mijn hengel weer in ligt heb ik alle tijd voor de zojuist gevangen vis. Tevens kun je nu de camera instellen en de onthakingsmat klaar zetten met een emmer water. O deze manier voorkom je dat de vis onnodig lang op de oever moet verblijven.
September is traditioneel de tijd van alle nationale kampioenschappen, niet alleen bij ons, maar overal in Europa. De komende weken is het topdrukte, met ieder weekend wel een kampioenschap of Topcompetitie weekend. Op 12 en 13 september het Open NK Jeugd en Clubteams.
Het komende weekend staan er twee kampioenschappen gepland en beide worden georganiseerd langs de oevers van de Lage Vaart. het parcours ligt tussen Almere en Lelystad, langs de Trekweg. Op dit parcours zal eind augustus 2021 ook het Dames Wereldkampioenschap worden georganiseerd.
Wie wordt Open NK bij de jeugd?
Aanstaande zaterdag, 12 september, wordt het Kampioenschap van Nederland Jeugd hier georganiseerd. Er zijn, net als in het Internationale vissen, drie verschillende leeftijdcategorieën:
U15,
U20
U25
Het parcours: Lage Vaart
Er zal worden gevist van 11.00 tot 15.00 en het precieze parcours ten noorden van de Vaartse plas (rechts gezien met het gezicht naar het water).
Aanstaande zondag, 13 September, wordt op exact hetzelfde parcours het Open Kampioenschap van Nederland voor Clubteams georganiseerd. Ook nu wordt er gevist van 11.00 tot 15.00 uur.
Aanrader voor de liefhebber
Het is echt een aanrader voor iedere liefhebber van het wedstrijdvissen om tijdens een van deze dagen eens een kijkje te nemen bij dit soort wedstrijden.
Een gevoelige vissenneus
De meerval is in veel wateren een nieuwe, onbekende rover. Hoe weten voorntjes en andere vissen dat je zo’n nieuwkomer beter uit de weg kunt gaan? Door razendsnel te leren dat nieuwe geuren voor gevaar staan. Welkom in de wondere wereld van alarmstoffen en roverslucht.
Tekst Arno van ’t Hoog, foto’s redactie
Op het eerste gezicht is er nul overeenkomst tussen gazelles op een Afrikaanse savanne en voorntjes in een Hollandse plas. Toch zijn veel van de biologische processe...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Ondiepe oeverzones zijn op commercials één van de hotspots, vooral in de warmere maanden. Dit deel van het water is vaak hét gebied om juist de grotere karpers te vangen. We vroegen aan Lee Kerry hoe hij de ‘margin’ visserij aanpakt.
Tekst & foto’s Lee Kerry
De oeverzone kun je gewoon niet negeren; hoe vaak speelt de margin niet een sleutelrol bij wedstrijden? Ik heb erg veel wedstrijden gewonnen door daar de laatste anderhalf tot laatste uur van de wedstrijd een paar dikke vissen weg te van...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
In Nederland zijn wij gezegend met meerdere grote rivieren waar barbeelvissers hun hart kunnen ophalen. Al 15 jaar vissen Tim Janssen en Nico Breevaart gericht op deze prachtige, unieke en soms ook onnavolgbare vissoort. Na de vele praktijklessen, onder andere aan de Waal en met name Gelderse IJssel, kunnen zij putten uit een bron van informatie. Inmiddels is hun aanpak aardig uitgekristalliseerd en in dit artikel willen ze jou meenemen hoe ze het jaar rond op barbeel vissen.
Tekst & foto’s ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
De vis gaat naarmate de temperaturen gaan zakken het ondiepere water langzaamaan achter zich laten en zoekt nu de wat diepere stukken van hun habitat op. Meestal gaan zij van de vaarten en kanalen richting de diepere plassen. Juist waar die twee samen komen kun je de vis door op deze versmallingen te vissen op vangen. Zorg er wel voor dat de lijnen niet het hele water blokkeren want dan weet je zeker dat je voor jan met de korte achternaam zit te vissen. Het gebruik van een toploodje is nu wel aan te raden. Als het mogelijk is uiteraard.
12 – Zwemroutes
Maak meerdere voerstekjes zodat je een beter beeld krijgt van de zwem/trekroute van de karper. Nu de vissen wat meer gaan zwemmen is het goed mogelijk dat de vis een bepaalde zwemroute gaat volgen. Natuurlijk weet je nog niet, of misschien ook wel, welke route de vis gaat volgen. Hier kun je achter komen door de rigs op verschillend voor jou interessante routes aan te bieden. Deze kunnen ook dezelfde diepte hebben maar ook tientallen meters uit elkaar liggen. Mocht je eenmaal een route gevonden hebben dan is het vaak de jackpot en zit je op goud!
Meerdere hengels op verschillende dieptes
13 – Rottende bladeren
Verwacht nu geen bergen vis onder de overhangende bomen, de afvallende boombladeren sterven af onder water en veranderen de zuurgraad in het water. Mede doordat de harde wind er voor zorgt dat er takken en bladeren op de bodem kunnen belanden. De bladeren gaan rotten en het lijkt mij dat de karper, ook al is het een bodemwroeter niet tussen deze rottende bladermassa gaat zitten azen als er verderop een schoon stuk bodem ligt met een aantal zeer aantrekkelijke bollen.
14 – Vissen waar de vis zit
Vis daar waar de vis zich ophoudt, lijkt als het intrappen van een open deur. Echter het vinden van de vis is vaak niet eenvoudig, maar het najaar is de uitgelezen tijd om de actieve vissen te vinden, te spotten. Houd daarom het wateroppervlak nauwlettend in de gaten of loop eerst even een rondje om het water, want in de herfst laten de vissen zich vaak veelvuldig zien. De vissen zijn actief en zwemmen veel en kunnen behoorlijke afstanden afleggen. Eenmaal een school actieve vissen gevonden zijn ze in dit jaargetijde vaak niet moeilijk om te vangen.
15 – Op zijn kop
Wat voor de zomer geld telt ook voor het najaar, spot je springende vis schroom dan niet om er een rig naar toe te werpen. Al dan niet met een klein pva-zakje. Springende vis is een teken dat de vis actief is. Of ze ook daadwerkelijk azen is niet gezegd maar als ze actief bezig zijn krijgen ze in ieder geval honger. Het loont nu zeker om de vis een zakje met lekkers op zijn kop te gooien. Een zakje gevuld met halve bollen een paar hele bollen en misschien wat grondvoer of boiliekruim is vaak genoeg om een vis over de streep trekken.
16 – Ideale voertijd
Het najaar is bij uitstek geschikt om een voerstek aan te leggen. De karpers zijn hongerig, moeten een vetreserve aanleggen voor de aankomende winterperiode, wat betekent dat je meer en vaker kunt voeren. Echter voer naar gelang je actie krijgt; het aantal vissen die een voerstek oplevert moet in verhouding staan tot de aangeboden voerhoeveelheid. Misschien cliché om te zeggen maar dumpen heeft in vrijwel alle gevallen echt geen zin. Niet alleen is het onnodig geld in het water gooien, maar jouw kansen en die van de andere vissers worden aanmerkelijk kleiner als er te veel voer ligt. Veel voer betekent niet veel vissen vangen, doordacht voeren betekent veel vissen vangen! In de meeste gevallen kun je met een kilo bolies al behoorlijk wat karpers vangen….
17 – Pva-stringer
Soms ligt er door omstandigheden iets te veel voer op de stek naar de verhouding vis dat er aanwezig is. Om nu het haakaas wat meer te laten opvallen tussen de rest van het voer, gebruik ik graag een pva-stringer met enkele halve boilies. De stringer bevestig ik aan mijn haakaas, op deze manier creëer je een klein compact voerplekje op de eigenlijke voerstek. Deze halve boilies geven niet alleen meer attractie af maar zullen ook nog eens veel beter blijven liggen op een talud. Najaarskarpers zijn gretig en zullen op deze manier snel de weg vinden naar je haakaas.
18 – Rijke, vette hap
De karper is in het najaar bezig om vetreserves op te slaan en maakt zich op om een paar maanden rustig aan te doen. In het najaar mag het aas daarom gerust wat rijker (vetter) van samenstelling zijn, afgestemd op de behoefte aan energierijk voedsel in de herfst. Je hoeft dan ook niet bang te zijn om met een redelijke dosis vlees- of vismeel (30%) aan je boiliesamenstelling toe te voegen. Deze melen bevatten kwalitatief hoogwaardige eiwitten, vetten en mineralen, en worden door de najaarskarpers zeker op prijs gesteld. Een voedzame boilie helpt immers de vissen een flinke energiereserve op te bouwen voor de komende wintermaanden.
19 – Thermometer
Handig is en zeker niet onbelangrijk is een thermometer waarmee je de watertemperatuur kunt meten. Komt die onder de 10 graden Celsius – en dat kan vrij abrupt gaan na de eerste nachtvorsten! Dan gaat het minder snel lopen. Het is een gegeven dat de karper zodra de temperatuur onder de tien graden komt bijna stopt met azen. Dus ben je op dat moment lekker aan het storten en merk je niet dat de temperatuur gedaald is, dan kan het lang duren eer je een aanbeet krijgt. Is wel iets om rekening mee te houden. Vanzelfsprekend gaan we dan ook minder voeren.
20 – Niet verzadigen!
In het late najaar als de watertemperatuur beneden de tien graden komt zul je meer vezels en minder eiwitten en vetten aan het aas moeten toevoegen anders wordt de vis te snel verzadigd. Ik gebruik graag specerijen of robin red, niet alleen wordt de eetlust opgewekt door deze toevoeging, maar ook de spijsvertering systeem wordt sterk geprikkeld maar ook de algehele smaak van het aas veranderd er door. Vooral dit laatste is een niet te onderschatten manier om jouw boilie te laten opvallen tussen al dat andere aas. Dit geld natuurlijk vooral als er veel andere mensen samen met jou bezig zijn op hetzelfde water.
Op zaterdag 5 september werd het Open NK Dames kampioenschap georganiseerd langs de oevers van het Noord Hollands Kanaal nabij West Graftdijk. Hoe verliep dit kampioenschap? lees het hier!
Voor alle duidelijkheid, aan dit kampioenschap kan iedere VISpashoudster deelnemen dus ook mensen met een andere nationaliteit dan de Nederlandse. Bij dit kampioenschap was dan ook deelname uit Frankrijk en Luxemburg.
Drie sectoren
De 32 deelneemsters zaten verdeeld over 3 sectoren en er werd best redelijk gevangen. In het A en het B vak werd er aardig wat kleine vis gevangen en hier en daar een enkele grotere bliek en brasem. Hier waren de vangstgewichten dan ook niet zo uitzonderlijk groot met uitzondering dan van kopstek A1.
De grotere vissen
Het beste vak was vandaag absoluut het C vak waar ronduit goed werd gevangen. De nummers van dit vak lagen op een iets breder stuk van het kanaal en het was duidelijk dat hier iets meer grote vissen werden gevangen.
Na een stevige strijd met opkomend talent Suzanne Dijkstra, die een hele verdienstelijke wedstrijd viste, wist uiteindelijk Anja Groot voor het tweede jaar op rij deze titel aan haar inmiddels oneindige lijst met successen toe te voegen.
Op zondag 6 September werd dit het Open NK Feedervissen 2020 georganiseerd langs hetzelfde parkoers aan het Noord Hollands Kanaal nabij West Graftdijk waar een dag eerder de “dobber-kampioenschappen” werden gehouden.
Ook aan dit kampioenschap kon je dit jaar deelnemen via inschrijving, omdat de Federatieve selecties eerder dit jaar vanwege de corona-crisis niet werden afgelast. Dat resulteerde in een van de omvangrijkste kampioenschappen van de laatste jaren met maar liefst 166 deelnemers aan de waterkant!
Noodzakelijke brasems…
De vangsten waren heel wisselend. Er werd nu veel minder kleinere vis gevangen dan bij het dobbervissen de dag ervoor. Bij dit kampioenschap was je dan ook absoluut afhankelijk van de noodzakelijke brasems en die waren maar plaatselijk in aantallen aanwezig, althans azende brasems wel te verstaan.
Gigantische uitschieters
Een beetje geluk speelt dus absoluut een rol op zo’n dag, maar als je dan een kans krijgt dan moet je de vissen ook nog maar eens zien te vangen.
Het was vandaag opvallend dat er enkele gigantische uitschieters waren op parkoersgedeeltes die zo op het oog echt niet bijzonder goed waren. Niet helemaal toevallig werden die bijzondere vangsten geboekt door absolute topvissers.
het Open NK heren kampioenschap werd tezamen met het kampioenschap voor de Dames georganiseerd in West Graftdijk langs de oevers van het Noord Hollands Kanaal. Door de corona-crisis is alles anders dit jaar en kon je inschrijven hiervoor terwijl je in andere jaren jezelf eerst dient te kwalificeren via de Federatieve selecties.
De vangsten waren erg wisselend. Op de meeste plekken wat kleinere vis maar voor een top klassering was het absoluut noodzakelijk om een aantal brasems te vangen.
Het bijzondere aan dit kampioenschap was dat het matchen een belangrijke rol speelde, dat gebeurt niet zo heel vaak. Het kampioenschap werd er zelfs mee gewonnen. Stefan Hooyman wist bijna 32 kilo te vangen ver tegen de overzijde van het kanaal en dat leverde hem voor het tweede jaar na elkaar de titel op.
Unieke win-situatie!
Zowel bij de Dames als de Heren categorie werd het kampioenschap dus gewonnen door dezelfde persoon als het jaar daarvoor. Uniek in de historie van het Nederlandse vissen.
JAN VAN SCHENDEL – Vandaag ben ik neergestreken op De Delft, nabij het Noord-Hollandse Assendelft. Wat een prachtig water en wat een schitterende visstreek! De Delft schijnt eigenlijk een riviertje te zijn, maar het lijkt veel meer op een typisch polderwater. Zo is het nergens dieper dan 1,20 meter en ook is de bodemgesteldheid niet te vergelijken met een rivier. Op dit soort ondiepe wateren is de bodem vaak erg zacht en dat vraagt om een specifieke aanpak!
In mijn eerste jaren in de wedstrijdvisserij viste ik vooral wedstrijden op putjes, sloten en vlieten. Er werd toen nog vaak gevist op lengte of op stuks en in de regel viste je op smalle, ondiepe wateren. Pas wat later begon ik wedstrijden te vissen op onze kanalen en rivieren. Verreweg het vaakst viste ik in het westen van ons land. Je kunt dit nu amper meer voorstellen, maar toen was dat een van belangrijkste wedstrijdcentra in ons land. Je viste daar op relatief ondiepe wateren, zoals de Rotte, de Trekvliet en de Vlaardingse Vaart.
Wat hadden die wateren (destijds) gemeen? Ze waren amper dieper dan zo’n anderhalve meter. Vooral toen casters hun intrede deden in de Nederlandse visserij, ging mij dat soort visserij op die ondiepe wateren goed af. Hierdoor kreeg ik steeds meer vertrouwen in het vissen op dat type wateren, en om eerlijk te zijn is het tot op de dag van vandaag mijn favoriete soort visserij. Nou, langs het water waar ik nu ben neergestreken kan mijn hart ophalen!
De Delft, een prachtig ondiep ’riviertje’ in de polder onder de rook van Amsterdam
AMPER BALLEN
Het was al zeker vijftien jaar geleden dat een van mijn dobbers in het water van de Delft had gestaan en eigenlijk wist ik nog amper wat ik van deze visdag kan verwachten. Ik zie wel dat er hier veel veranderd is; aan de overkant van waar ik toen viste lopen nu achtertuinen van huizen tot aan het water. Ik neem plaats op een soort driesplitsing, een plek tegenover een sloot die het ‘stadje’ in
loopt en waar de Delft toch wel zo’n 45 meter breed is. Ik heb materiaal meegenomen voor allerlei soorten visserijen.
Het plan is om eerst met de vaste stok te vissen, maar ik besluit ook een aantal voerkorven aan te voeren met flink wat aas erin, pal tegen de overkant net bij het ‘hoekje’ van de sloot. Echter voer ik eerst de vaste stok-afstand aan met zes gecupte voerballen, rijkelijk voorzien van dode pinkies en casters. Eigenlijk kun je het amper ballen noemen. Dit soort wateren hebben vaak een erg zachte bodem, zodanig zacht dat een te vast geknepen bal onder een laag slib verdwijnt.
Ik maak het voer echt veel vochtiger dan normaal. Als je het met de hand zou werpen, dan valt de bal meteen uit elkaar wanneer hij het wateroppervlak raakt. Zelfs nu ik de ballen cup
breken ze meteen open, waardoor het voer als een tapijt op de bodem terecht komt. Dat is heel belangrijk bij dit soort visserij! Wat heb je namelijk aan het allerbeste voer als dat niet voor de vissen te vinden is?
IN HET ZICHT
Het cuppen van dode maden en pinkies voorkomt zelfs op de zachtste bodem dat ze erin verdwijnen en dus onzichtbaar worden voor de vissen. Met name pinkies gebruik ik daarom bijna nooit levend. Soms verwerk ik het dode aas in wat lokvoer. Hier, op dit ondiepe water, is puur ook een goede optie. Hoe dan ook moet het aas op de preciese visplek komen te liggen natuurlijk.
LANGE OPSLAG
Pal tegen de overkant is de bodem wel hard, maar ook erg vuil trouwens. Ik zit al vrijwel meteen vast aan een tak en constant hangen er bladeren aan de voerkorf. Meteen nadat ik aan de overkant een voerplek heb gemaakt laat ik de plek met rust en begin ik te vissen met de vaste stok. Ik hoef niet bepaald lang te wachten! Mijn dobber staat slechts enkele seconden in het water en gaat al kopje onder: even later ligt er al een flinke kolblei in het schepnet.
Ik verwacht eigenlijk nog veel meer kolbleien, maar even later is, na enkele vreemde dobberbewegingen, al duidelijk dat de brasems op de plek zijn gearriveerd. Af en toe wordt het aas op weg naar de bodem trouwens onderschept door ruisvoorns, die hier volop aanwezig zijn. Geen echte grote vissen, maar altijd mooi om te vangen. Even later krijg ik het voor elkaar om tot twee keer toe een brasem te verspelen. Hoewel je altijd weleens een vis kan verspelen denk ik dat het allebei valsgehaakte vissen waren.
Hierna heb ik ook geen enkele vis meer verspeeld trouwens. Even iets over het gebruikte materiaal. De visserij op dit soort wateren is iets anders dan wanneer je op diepere wateren vist. Vissen zijn echt niet gek en laten zich zo maar niet vangen. Op dit soort ondiepe wateren komen ze lang niet altijd onder de hengeltop. Vandaag trouwens wel en dat komt vooral omdat het water hier gewoon flink gekleurd is, een stuk minder helder in vergelijking met de meeste andere viswateren.
Toch gebruik ik altijd een wat langere opslag (het stuk nylon tussen de dobber en de hengeltop) als normaal. Vaak maakt dat het vissen er niet gemakkelijker op, want de wind heeft ook vat op die opslag. Vooral wanneer het water helder is zal je gewoon voor de hengeltop uit
moeten vissen om aanbeten te krijgen. Daarop is ook de dobberkeuze gebaseerd.
Speciaal ontwikkeld voor het vissen met een lange opslag
Voor dit soort visserij is de JVS Francesca ontwikkeld en die gebruik ik altijd op dit soort wateren. Deze dobbers hebben een net iets dikkere bovenantenne, zodat je ook ermee kunt vissen met een iets groter haakaas. Het dobberoogje staat net iets verder van de dobberantenne weg, waardoor je de lijn tussen dobber en hengeltop iets makkelijker kan afzinken. Tevens beschikt deze dobber over een carbon onderantenne, waardoor ze zich langzamer opricht en je dus beter aanbeten kunt registreren bij het zakken van het aas. Deze dobbers zijn er in 0.2, 0.3, 0.4, 0.5, 0.75 en 1 gram. Een zwaarder dobbergewicht gebruik je nooit bij dit soort visserij. Vandaag vis ik met de 0.3 en 0.4 grams variant
MEER LEZEN? | Het volledige artikel over De Noord-Hollandse Delft lees je in de nieuwe Beet.
BEET SEPTEMBER LIGT NU IN DE WINKEL OF BESTEL EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
REDACTIE – Al tientallen jaren weten vissers van over de grens Nederland als visbestemming te vinden. Logisch, want wat zijn we hier verwend met een uniek roofvisbestand en variatie aan wateren! Jasmin Spingel woont net over de grens in Duitsland. Sinds een jaar of vier is ze helemaal verkocht aan het kantvissen op Nederlandse snoekbaars en snoek. We gingen een dag met haar op pad.
Buitenlanders die bij ons komen vissen is niks nieuws onder de zon. Wellicht waren het in eerste instantie met name Belgen die de Hollandse polders onveilig maakten. Toen de visstand op onze rivieren en grote plassen verbeterde, zagen we daar steeds meer boottrailers met buitenlandse kentekenplaten staan. De laatste jaren zien we ook steeds meer Duitsers, niet zo gek als je bedenkt dat daar het roofvissen momenteel de populairste tak van hengelsport is. Tel daarbij op de promotie die Sportvisserij Nederland heeft gemaakt voor Nederland als visbestemming bij uitstek, en het is meer dan logisch dat men hier maar wat graag komt vissen.
GEBOREN VISSER
Er bestaat misschien nog steeds wel een beetje het stereotiepe beeld van een vissende Duitser: met een veel te lompe, oude hengel en lijn waarmee je tonijn kunt vangen al zittend op
een klapstoel uit de jaren ‘70. Natuurlijk totale onzin en achterhaald. Het zijn andere tijden. We gaan vandaag op pad met de Duitse Jasmin Spingel. Als consultant van Saenger staat ze flink in de schijnwerpers. Het gevaar bestaat natuurlijk dat de nadruk komt te liggen op het feit dat ze een jonge, vissende vrouw is. Alhoewel er wel meer vissende vrouwen zijn, waarvan sommigen door hun vriend aan het vissen zijn geraakt, ligt het bij Jasmin anders.
Al vanaf 5-jarige leeftijd ging zij met haar vader mee naar de waterkant. En ze was er niet meer weg te slaan. Kortom, het vissen zit haar echt in het bloed. Jasmin vertelt dat ze de traditionele weg heeft bewandeld, dus begonnen met de vaste hengel en ook andere type visserijen beoefend, om nu met name het vizier op roofvis te hebben. “Tegenwoordig zie je dat veel jonge vissers direct met het roofvissen beginnen. Toch zie ik het als een voordeel om met het witvissen te beginnen. Als roofvisser pluk je daar later de vruchten van. Als je namelijk weet wanneer de witvis zich waar schuilhoudt en hoe ze zich gedragen, dan ben je al een grote stap verder met het kunstaasvissen. Je kunt het gedrag van roofvis beter voorspellen en dat zal zich uitbetalen in betere vangsten.”
De grondel imitatie is één van de favoriete kunstaasjes van Jasmin
FLITSENDE START
Het plan is om vandaag samen met ‘visgids’ Alex Boom enkele stekken langs Nederlands grootste watersysteem in het westen des lands aan te doen. We kunnen op de rivier zelf vissen, maar ook in zijtakken, kanalen, havens, in de stad of juist in niemandsland; er is keuze genoeg. De eerste stek betreft een drijvende aanlegsteiger voor onder meer watertaxi’s, die buiten de hoofdstroom
ligt. Nadat Jasmin wat info heeft ingewonnen over de waterdiepte, ongeveer 5 meter, besluit ze aan de slag te gaan met een 12,5 cm MobySoftbait V-Tail 2.0 op een 10 grams loodkopje. Omdat dit gebied vanaf de kant onbekend is voor Jasmin heeft ze van alles meegenomen qua materiaal. Als hengel maakt ze een Iron Claw Genuine 245 cm klaar, waar ze overigens ook de rest van de dag mee zal vissen. De perfecte softbaithengel voor het vissen met kunstaas tot 25 gram; een gevoelige top, een licht eigen gewicht (135 gram) en een behoorlijk progressieve buiging. “Zodat je ook aan kleinere vissen een mooie dril beleeft”.
Al na twee worpen is het Alex die de eerste vis van de dag mag noteren: een fraaie snoek van zo’n 70 centimeter. Niet veel later klinkt er van Jasmin een verlossende “yes, dit is een snoekbaars!”, waar ze even later mee op de foto gaat en released in het water. “Ik heb eerlijk gezegd nog nooit een snoekbaars mee naar huis genomen. Ik ben een echte catch & release visser”. Na deze 60’er snoekbaars staat ze drie minuten later weer met een kromme hengel, alweer een snoekbaars; nog steeds een mooie vis, maar wel een tikje kleiner dan de vis van zojuist. Na een helaas geloste, grote baars vangt ook Alex nog een mooie snoekbaars. Een flitsende start, dit alles in een tijdsbestek van een half uur! Maar dan houden de vissen de kaken op elkaar. In plaats van de stek te blijven bestoken, stelt Alex voor om de plek rust te gunnen, te verkassen en hier later nog terug te keren. Op naar de tweede stek op de rivier zelf, aan de Dordtse Kil.
Visgids Alex
BEN JIJ BENIEUWD OF ALEX EN JASMIN SUCCES HADDEN OP DE DORDTSE KILL?
LEES HET HELE ARTIKEL| Grootwatervissen vanaf de kant in de nieuwe Beet
BEET SEPTEMBER LIGT NU IN DE WINKEL OF BESTEL EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
REDACTIE – Wanneer je een specifieke techniek, zoals method feederen, eens toepast op een openbaar water in plaats van op een commercial, dan kan dat verrassende resultaten opleveren. Tijdens deze reportage volgden we klasbak Arnout van de Stadt; hij viste tegelijkertijd met twee feederhengels – ééntje met een traditionele montage, de andere met de method feeder. Wat zou dit gaan brengen?
Locatie van dit experiment zijn de Rottemeren nabij Zevenhuizen, net buiten de stadse omgeving van Rotterdam. De Rotte is een bekend (wedstrijd) water, maar had enkele jaren geleden toch wel enigszins een slechte reputatie opgebouwd door tegenvallende vangsten. Daardoor bleef het water voor de massa toch wel wat buiten beeld. Welnu, de vangsten zijn tegenwoordig weer stukken beter en met name de vele grote brasems zijn een reden om eens hier naartoe te trekken. Ook Arnout moet toegeven dat dit grote water aan zijn aandacht is ontsnapt, dit terwijl het op nog geen 30 km van zijn woonplaats ligt en hij stad en land doorreist om te vissen…
Aanvoeren van beide stekken
PROEFWORPEN
Enkele kennissen van Arnout hebben hem op dit water en de vangsten gewezen. Daardoor heeft hij enkele voorkennis wat hij kan verwachten. Door het wegvangen van brasems hebben de overgebleven vissen een groeispurt gemaakt. Vissen van tegen of net over de drie kilo zijn geen uitzondering… “Ik ga vandaag met twee hengels tegelijk vissen. De eerste met een traditionele feedermontage, de andere met een methodfeeder. Ik zal straks even wat proefworpen maken om de bodem af te tasten, nu ga ik eerst het voer bereiden.” Voer in de emmer, water erbij, de mixer doet de rest. Even laten rusten, een kwartiertje is lang zat, en straks zeven en misschien nog extra bevochtigen.
Het geeft Arnout de tijd om de hengels op te tuigen en wat proefworpen te maken. Het water loopt behoorlijk snel af naar zo’n 2,5 meter diepte en blijft dan zo plat als een pannenkoek. Dankzij de proefworpen weet hij zeker dat de bodem er ook schoon genoeg is. Je zult maar direct beginnen met voeren en vissen en er dan pas achter komen dat je op een berg troep en vuil ligt te vissen… Zodoende besluit Arnout om op 40 meter met de traditionele voerkorfmontage te vissen; op 30 meter met een methodfeeder.
Wire Bait Up Feeder: de speciale ‘voeren’ voerkorf
ONOPVALLENDE RUST
Twee hengels en twee verschillende stekken geeft je de mogelijkheid om het net even anders te doen. Op 40 meter voert Arnout 6 gevulde korven met de eerder genoemde mix, aangevuld met wat verknipte wormen, casters en maden. Op 30 meter voert hij een mix van het grondvoer met geweekte 2 mm pellets. Het aandeel pellets is behoorlijk waardoor hij grijpt naar een Wire Bait Up Feeder, welke gemonteerd is aan een 3 meter karperhengel. Zoals de naam reeds doet vermoeden is dit een speciaal ontworpen korf om de voerstek mee op te bouwen. Ook van deze korf gaan zes ladingen te water. Een detail die het melden waard is: Arnout voert de stekken om-en-om aan en geeft het voer de tijd om uit de korf komen. In de praktijk: werp de korf op de stek, niet direct leegtrekken, maar leg de hengel op de steunen.
Werp met de tweede hengel de korf op de andere stek, en ook deze laten liggen. Vervolgens pak je de eerste hengel op en trek je het voer er uit. Door die rustperiode geef je het voer de kans om uiteen te breken; het resultaat is een compactere voerplek, dan wanneer je gelijk het uit de korf gaat trekken. We zijn al vaker met Arnout op pad geweest en bijna altijd zie je bij hem dit aspect terug. Het is de optelsom van dit soort kleine, ‘onopvallende’ zaken die vaak de doorslag geven…
DOL OP ROOD
“Winde is dol op rood of tinten die daar bij in de buurt liggen”, aldus Arnout. Na de vangst van de eerste grote winde grijpt Arnout direct naar een Sonubaits 8 mm Krill & Squid 8 mm wafter als haakaas. Ook voegt hij een ‘likje’ Haze Bloodworm vloeibare flavour aan de gevulde method toe. Dit zorgt, naast extra smaak, voor een rode kleur van het methodvoer alsmede een aanlokkende rode wolk!
SPECIMEN WINDE!
Brasemvissen is een ‘waiting game’, zoals de Engelsen dat zeggen, maar in dit geval duurt het slechts 40 minuten na het beginnen van het aanvoeren voordat de top voor het eerst krom wordt getrokken. Het typische beuken op de top en het lompe gewicht aan de andere kant van de lijn doen vermoedden dat het om een brasem gaat; en jawel hoor, de eerste vis is direct een mooi exemplaar van zeker 4 pond zwaar. Een kwartier later krijgt deze vis een opvolger, wederom op de 40-meter stek en weer een brasem van hetzelfde kaliber, echter is deze minder dik en op
het oog oud en versleten. Weer een kwartier verder komt er een niet te missen beet op de 30 meter hengel. “Dit is geen brasem, maar een winde”, zegt Arnout al enkele seconden nadat de hengel zich kromt.
Langzaam komt de vis dichterbij, dit is een grote vis, en een juichkreet volgt wanneer de vis in het net ligt, wat een bak! De winde is breed, hoog en prachtig in conditie. Dit zijn vissen die zelfs Arnout maar eens in de zoveel jaar vangt, zo verzekert hij ons! De volgende inzet met deze hengel levert wederom een respectabele winde op. De tussenstand traditioneel versus modern is 2-2. Hierna komen nog een paar mooie windes in het net. Om de vangkracht in perspectief te plaatsen: de redactie hoorde na afloop van lokale witvissers dat die de afgelopen jaren op
hetzelfde water nog nooit een winde hadden gevangen!
MEER LEZEN? | Het volledige artikel over De Rottemeren lees je in de nieuwe Beet.
BEET SEPTEMBER LIGT NU IN DE WINKEL OF BESTEL EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
ERNESTO KAMMINGA, RICHARD GANS, ARNOUT TERLOUW – Van alle perioden in het jaar is het najaar misschien wel de beste en meest ‘zekere’ tijd van het jaar om met succes op karper te vissen! In de herfst koelt het water langzaam maar zeker af naar aangename temperaturen en mede dankzij de vaak aanwezige wind barst het water van het zuurstof, wat de karpers tot azen aanzet. Er moet en zal gevreten worden maar dat wil nog niet zeggen dat lukraak voeren ook vis oplevert. Wie met beleid op de juiste stek en op het juiste tijdstip zaait zal het meeste oogsten, zo zou het gezegde moeten luiden…
DE EERSTE 10 VAN IN TOTAAL 50 KARPER HERFSTTIPS
1- Wind op de kant
‘Wind op de kant is vis in de hand’ gaat des temeer op voor de herfstperiode. Wat stekkeuze betreft loont het daarom vaak de moeite om de windkant op te zoeken. Dankzij de stevige wind en lagere watertemperatuur is het zuurstofgehalte van het water hoger dan in de zomer en worden de vissen een stuk actiever, zeker aan de windkant. Het spreekt voor zich dat juist aan deze kant de vis zich gaat verzamelen om daar het voedsel tot zich te nemen wat daar heen wordt geblazen. Het water is hier door de golven nog zuurstofrijker en vaak wat troebeler. Door de wind wordt de bodem ook nog eens omgewoeld en komen er allerlei waterdiertjes vrij die anders verborgen zitten in de bodem
2 – Dieper, groter
Vergeet in het najaar zeker niet om ook op de diepere gedeelte van een stek te vissen! Vooral in de herfst is het de hengel die op een diepte tussen de 6 en 9 meter ligt die zeer constant, tot in het late najaar, aanbeten blijft produceren. Opvallend is wel dat je vaak minder aanbeten krijgt op deze dieptes maar het zijn vooral de grotere vissen die van dieper water komen. Doordat de waterlagen goed gemengd zijn in deze periode van het jaar kun je de vissen op elke diepte verwachten, dus als je even geen beet krijgt probeer dan eens een andere diepte!
3 – Favoriete aasdiepte
Leg dus niet alle hengels op één diepte. Het kan natuurlijk geen kwaad om een hengel op een gekende hotspot te leggen, maar gebruik de ander hengel(s) om uit vinden op welke diepte de karpers op dat moment azen. Dat kan overigens van week tot week, van dag tot dag, zelfs van uur tot uur verschillen! Vis je met een vismaat dan heb je minimaal 4 hengels om mee te experimenteren. Van je op de diepste hengel, dan kan het geen kwaad om het met één hengel nog iets dieper te proberen. Zelfde geldt (andersom dan) voor de meest ondiepe hengel. Van je een vis op 3 meter diepte plaats dan eens een rig op 2 meter.
4 – Diepte tellen
Het is daarom belangrijk om een goed beeld te hebben van de stek, met name de dieptes. Peilen naar verschillende dieptes kan met een klein bootje met dieptemeter, een voerboot met dieptemeter of vanaf de kant met een markerfloat. Vis je zonder markers en werp je vanaf de kant in dan kun je de diepte heel goed inschatten door te tellen hoe lang het duurt voordat het lood, na te zijn geland op het water, de bodem bereikt. Vis je met een 3 oz (85 gram) lood, zonder stringer dan is elke seconde ongeveer 1 meter. Vis je met een stringer dan is ongeveer elke 1,5 seconde een meter diepte
5 – Oostoever
Mede dankzij de vaak harde wind in de herfst zijn er stekken die er uitspringen. Met name de hoeken/gedeeltes van een water waar de wind vaak heen blaast. In het najaar waait de wind vaak uit de zuidwest- tot noordwesthoek, dus zijn stekken op de oostoever een goede keuze. Vaak is daar de bodem ook harder en vind je juist daar mosselbanken. Dit zijn de stekken die als het mogelijk is aan moet blijven voeren. Als je daarbij ook nog een beschut stekje kunt vinden voor jezelf dan zit je helemaal goed.
6 – Mosselbanken
Karpers zijn dol op driehoeksmosselen, met name in de herfst, en weet je die te vinden dan zijn de karpers niet ver weg! Stenen, randen van een talud, plateaus – kortom harde ondergrond is waar je naar op zoek moet gaan. Watervogels als duikeenden en meerkoeten, hoe lastig ze ook mogen zijn, kunnen je daar bij helpen. Zie je ze regelmatig op een bepaald gedeelte duiken dan is de kans groot dat daar een mosselbank ligt.
8 – Veilige voorslag
Soms vind je een plek waar het talud net wat minder steil is, een soort van drempel. Vaak is dat een hotspot, zeker als zich daar ook nog eens mosselen bevinden. Dat geldt ook voor de bovenkant en zeker de onderkant van het talud. Het veilig vissen op zo’n stek vraagt wel om het gebruik van een schuurbestendige voorslag. Zorg dan wel voor een visveilig loodsysteem! Vis je niet zover uit de kant spoel dan gewoon 40-50/00 nylon (20-25 lb) op de molen. Dan hoef je ook geen voorslagknoop te knopen!
9 – In de luwte
Soms loont het om juist de luwzijde te bevissen, achter een brede rietkraag bijvoorbeeld, nadat de wind gedraaid is. Uit de wind vissen is voor ons ook wel eens lekker en de temperaturen kunnen in de herfst soms nog best aangenaam zijn. Helemaal als je uit de wind kan zitten met je kop in het zonnetje! Karper is van nature ook een zonaanbidder en die zal als de mogelijkheid zich voordoet naarmate het najaar vordert en de watertemperatuur daalt, naar warmere uit de wind liggende stekken gaan. Ook karpers hebben wel eens genoeg van al dat geklots op/in het water.
10 – Zomerstekken
Vergeet niet je laatste zomerstek waar je goed hebt gevangen, dat zijn spots die de karper onthoudt als hij daadwerkelijk gaat schransen. Dit zijn de stekken die de vis als eerste opzoekt als hij zich klaarmaakt voor de grote najaarsschranspartij. Hier kun je dan je grote slag slaan en vangsten boeken die je het hele jaar nog niet voor elkaar heb gekregen. Vergeet ook niet waar in de zomer de lelievelden groeien, ook afgestorven blijven het hotspots waar de karper graag komt.
VISTD- De hitte van de zomer is voorbij, de bladeren krijgen kleur en de donkere wolken verraden de eerste herfststorm. Ook onder water verandert er een boel. Waterplanten sterven af, de temperatuur zakt en de vis reageert daarop. Aasvis verplaatst zich richting hun winterverblijf en de baarzen profiteren daarvan. Baars begint zich vol te vreten van dit overvloedige voedsel dat beschikbaar is na de productieve zomermaanden.
TERUGBLIK NAAR DE ZOMER
In de zomer kun je overal vis verwachten: vis ligt verspreid, verplaatst zich enorm snel en er zijn grote hoeveelheden kleine aasvis voorhanden. Aan bijna alle oevers vind je wel aasvis. Maar kantvisserij op grote baars kan lastig zijn. Kleine baars is over het algemeen overal wel prima te vangen, maar die echt grotere vissen lijken wel verdwenen. Om deze vissen te vinden, moet je in de zomer doorgaans erg veel meters maken. En dan ook nog eens voornamelijk in de vroege ochtend- en late avonduurtjes.
In dit jaargetijde is vroeg ook écht vroeg en de avondschemer begint ook pas laat. Het is een leuke periode om veel hotspots op een dag af te vissen, maar het vergt wel veel energie en de nodige inspanning. Door het warme water en lagere zuurstofgehaltes zijn grote vissen passief. Die hebben namelijk veel zuurstof nodig. Dit alles verandert wanneer in de nazomer de eerste koude regenbuien vallen, het water afkoelt en de zuurstofwaarden weer stijgen. Dit is de trigger voor de grotere baarzen om actiever te worden en te gaan vreten. Een mooie periode ligt in het vooruitzicht…
NAZOMER EN VROEGE NAJAAR
We spreken over de maanden september en oktober. De eerste tekenen van de herfst laten zich zien in de vorm van koude regenbuien, afstervende waterplanten en forsere aasvissen. Het speldaas is verdwenen en is doorgegroeid naar wat grotere aasvissen. De aasvis is eindelijk weer goed te imiteren met ons kunstaas. Deze visjes groeperen zich voornamelijk rondom de klassieke hotspots. Stekken met veel stroming door een versmalling, sluiscomplex of bijvoorbeeld pontjes zijn echt de plekken waar je deze grote groepen aasvisjes zal vinden. Het is dan ook niet meer dan logisch dat de hongerige baarzen en ook steeds grotere baarzen deze plekken snel hebben gevonden. Door de aanwezige stroming zijn de aasvisjes makkelijker te belagen. Grote groepen baarzen, vaak ook van mooi formaat, jagen hier op de aasvis en zijn uitstekend te bevissen.
De vroege herfst is echt een periode van overgang. Je kunt vissen met zowel de hele snelle zomertechnieken vangen, maar ook de tragere technieken die je in de winter zou toepassen. Het is daarom een uitstekende periode om jezelf nieuwe technieken aan te leren. Heb je de baarzen eenmaal gevonden, dan kun je er namelijk vanuit gaan dat je veel actie krijgt. Zo krijg je snel veel vertrouwen in nieuwe technieken, iets waar je in de winter zeker profijt van gaat hebben.
Heb je nog nooit met de Carolina rig of met tubes gevist? Sla nu je slag! Naarmate het kouder wordt, focussen we ons steeds meer op hotspots. Die hotspots heb je misschien in de nazomer al kunnen ontdekken en hier zal steeds meer vis naar toe trekken. Op deze hotspots blijven we vaak wat langer staan dan in de warmere maanden. Hier vissen we vaak al wat trager, en blijven we wachten op de korte bijtmomenten. Soms kan een wolk voor de zon al genoeg zijn om de vis te triggeren om opeens volledig aan het vreten te slaan. Op dit soort stekken weet je dat de vis er ligt, maar staan ze soms gewoon uit. Zorg dat je er bent en wacht op die korte bijtmomenten, dat gaat je zeker mooie vis opleveren.
NAZOMER TACTIEKEN
In de nazomer is vis nog vaak in beweging, zoals je gewend bent in de zomer. Blijf dus niet te lang hangen op je stekken, maar verplaats je snel. Vis je bijvoorbeeld kribben af? Maak dan een worp of 10 en loop door naar de volgende krib. Gebruik snelle technieken en vergeet ook niet verschillende waterlagen af te vissen. Baars hangt in de nazomer en herfst vaak halverwege de waterkolom
en is er niet vies van een aasje van een paar meter afstand te komen halen. Wissel ook regelmatig van techniek. Op sommige momenten kunnen ze toch kieskeurig zijn en bijvoorbeeld een shadje volledig negeren, maar helemaal los gaan op tailspinners. Blijf dus variëren en bijt je niet vast op één techniek.
Twitchbaits zijn soms onverslaanbaar, ook onder ruige omstandigheden.
MEER LEZEN? | Het volledige artikel Herfstbaarzen van VISTD kun je lezen in Beet september.
BEET SEPTEMBER LIGT NU IN DE WINKEL OF BESTEL EEN VOORDELIG JAARABONNEMENT
JAN VAN SCHENDEL – Op het complex van Toms Creek liggen bij dit schrijven (zomer 2020) maar liefst elf verschillende vijvers. En er liggen enkele hele bijzondere watertjes bij! Je kunt hier dan ook echt bijzondere vissoorten vangen. Ik ging aan de slag op één van die speciale vijvers.
Ik had Tom’s Creek , gelegen nabij Lelystad, al enkele keren eerder bezocht. Telkens ging het dan om de karpervijver waar ik een wedstrijd viste. Een ding viel me dan telkens weer op: de hele groepen met vissers die zich zowel s’ morgens als in de middag verzamelden op het complex. Echt niet meer normaal!
Veel terugkerende bezoekers, dan weet je dat het een goed vijvercomplex betreft!
Ja, er kwamen vissers voor de karpervijver, maar verreweg het grootste gedeelte van de bezoekers waren simpelweg gewoon vissers (lang niet altijd ervaren of zo) die een dagje langs het water wilde beleven en die als het even kon een of enkele bijzondere vissen wilden vangen.
Welke soorten kun je op Toms Creek vangen?
Even een opsomming van de vissoorten die hier rondzwemmen. Je kunt hier meervallen vangen (zowel de Europese als de Afrikaanse versie), schubkarpers, spiegelkarpers, graskarpers, F1’s, tillapia, black bass, striped bass, forel, zalmforel, diamant-, Siberische-, stellatus- en Adriatische steuren en nu zelfs ook kwiekwie’s (een vis in de meervalfamilie die vaak in Suriname gevangen wordt). Prachtig!
Prachtige meerval om eens aan de vaste hengel te vangen.
Ik kan me dan ook heel goed voorstellen dat dit vispark in een hele grote behoefte voorziet. Onder normale omstandigheden vangt iedereen hier ook wat en ja als dat gebeurt is vissen leuk natuurlijk!!
Beginnen met vissen?
Het kan bijna niet anders of een dagje vissen hier smaakt naar meer. Wat me hier opviel was hoeveel jonge kinderen ik zag met hun ouders en die natuurlijk helemaal enthousiast werden wanneer ze een vis wisten te vangen. Het kan toch bijna niet anders of tussen deze jonge vissers van nu zitten weer onze vissers voor de toekomst? Wat nou kinderen willen niet meer vissen. Kijk hier maar eens een dagje rond en je komt vanzelf op andere gedachten. Vooral beginnende vissers moeten simpelweg iets kunnen vangen, daarmee staat of valt alles.
Voor het hele gezin
Het vissen hier kan echt een leuke familiedag uit zijn voor het hele gezin. Pal tegen het complex ligt er zelfs een flink strand waar het bij warm weer natuurlijk prima toeven is, terwijl de vissers van het gezin hun hobby uitoefenen.
Alle benodigde materialen zijn te huren of te koop en natuurlijk is er ook een hapje en een drankje te bestellen, zelfs vanaf de visstek.
Surinaamse meervalsoort
De laatste nieuwe toevoeging vond ik misschien nog wel het meest bijzonder en zoals duidelijk te zien was, in wat voor een behoefte voorziet dit wel niet??!!
Op Tom’s Creeck komen veel bezoekers uit de Surinaamse gemeenschap en speciaal voor hen is er een sloot aangelegd waarin kwiekwie’s rondzwemmen, een meervalsoort die blijkbaar veelvuldig voorkomt in Suriname.
Prachtig wanneer je dan hele Surinaamse familie’s ziet die juist daar aan het vissen zijn. Echt super bedacht dit!
PRAKTISCHE INFO
Aantal visplaatsen: een commercial carp vijver met 16 dubbele stekken, waar eventueel met 2 personen vanaf gevist kan worden. Op het hele complex, 6 avonturenvijvers en 4 forelvijvers, kunnen tot ruim 200 personen tegelijk vissen.
Tarieven: een dag vissen op de karpervijver kost € 16, op de avonturenvijver € 25.
Aanvullende info: Toms Creek is een prachtig vormgegeven park met 11 visvijvers midden in de natuur vlakbij de Oostvaardersplassen. Voor groepen of bedrijven zijn arrangementen te boeken bestaande uit een groepsactiviteit (vissen, outdoor of een workshop) in combinatie met een uitgebreide vis-/vleesbarbecue of buffet. Op het park staat een sfeervolle Lodge met breed overkapt terras – met een divers aanbod aan (warme) snacks, drankjes en dagmenu – en een prachtig uitzicht over het vispark.
Een hapje en drankje doen op het terras, maar ook wordt er eten en drinken tot op je stek gebracht!
Vissen op Toms Creek: mijn visdag
Ik kwam hier natuurlijk ook om zelf te vissen en om, als het even kon, ook bijzondere vissen te vangen. Met name steuren en (Europese) meervallen hadden mijn interesse vandaag maar enkele karpers waren natuurlijk ook meer dan welkom.
De uitdaging voor vandaag lag hem in het feit dat ik ging vissen met de vaste stok, terwijl hier verder vrijwel alles gebeurt met werphengels. Geen probleem hoor, ik wist alleen wel dat ik hier niet met mijn standaardspulletjes hoefde aan te komen
Welke hengel, elastiek en lijn heb je nodig op Toms Creek?
Ik wist dat hier bijzonder grote vissen rondzwemmen en dus had ik me daarop qua materiaal aardig aangepast. Allereerst een oerdegelijke hengel. Nou, de JVS Titan lijkt wel voor dit soort visserij gemaakt. Wel had ik de hengeltop eruit gelaten en had ik de elastiek door het normaal 2e en 3e hengeldeel gemaakt. Die elastiek was dikker dan ik ooit eerder heb gebruikt, namelijk een Rive hollow Elastic van 4,5 mm.
Verder gebruikte ik een 35/00 mm nylon als hoofdlijn met daaronder een 30/00 mm onderlijn. Je zou zeggen dat je met dit soort materiaal een olifant uit het water zou moeten kunnen trekken.
Mijn eerste aanbeet
Wie schetst dan ook mijn verbazing dat ik de eerste vis die ik haakte na een minuut of vijf verspeelde omdat hij de onderlijn wist te breken! Dat was echt een vis zoals ik nog maar zelden ooit eerder gehaakt heb dus ik baalde als een stekker om eerlijk te zijn.
Ik heb de vis nooit gezien en kan me bijna niks anders voorstellen als dat het een grote meerval moet zijn geweest en dat de tandjes uiteindelijk de onderlijn hebben gebroken. De vis was trouwens gewoon maar amper te stoppen. Wat een kracht ontwikkelde die vis!
Na die verspeelde eerste monstervis volgt een graskarper.
Welk aas werkte het beste?
Het begin was zeker niet zo gemakkelijk en het duurde nog een tijdje voordat ik mijn eerste vis ving, een graskarper. Daarna volgden nog enkele schub- en spiegelkarpers die ik stuk voor stuk ving met 6 mm pellets, zowel op de haak als gevoerd. Allemaal kerngezonde en oersterke vissen trouwens.
Vissen op Toms Creek: stuk voor stuk gezonde vissen.
Juist omdat op dat moment de steuren en meervallen nog ontbraken besloot ik om wat ander aas te halen. Nou, dat levert absoluut in de shop geen enkel probleem op en ik gebruikte hierna een selectie van stukjes kaas, verschillende soorten vis (waaronder zure haring zelfs) en ook wormen. Ik heb van alles op de haak gehad maar uiteindelijk werkten de pellets eigenlijk het best.
Steuren en meervallen vangen
Eigenlijk vanzelf arriveerden de steuren en ook de meervallen gewoon. De karpers had ik stuk voor stuk al gevangen toen ik de eerste meerval ving en de steuren kwamen weer een tijdje daarna.
Ik heb geen idee of dit soort vissoorten elkaar verdringen van een voerplek volgens de “wet van de sterkste”, zoals je vaak ziet in de natuur. Maar het was in ieder geval opvallend dat de verschillende vissoorten na elkaar gevangen werden en niet door elkaar heen.
Hoe heb ik gevist op Toms Creek?
De vismanier was overigens relatief simpel. Al het lood bij elkaar pal boven de onderlijn. Ik besloot uiteindelijk om styl-loodjes te gebruiken. De inkeping van kleine maten in loodhagels zijn simpelweg maar amper diep genoeg om op een 35/00 nylon te zetten.
Toen ik de grote vis waarover ik net schreef verspeelde was ik niet alleen de onderlijn kwijt maar ook alle loodhagels op de lijn. Vandaar dus de styl-loodjes. Ik zorgde er verder voor dat de haakpellet net op de bodem lag tijdens het vissen en verder voerde ik regelmatig wat pellets bij. Dezelfde 6 mm pellets als die op de haak. Er zit hier namelijk ook volop kleine vis en die wilde ik vandaag echt vermijden.
Wat een vis!
Hoewel het er in eerste instantie nog iets anders uitzag werd het een absolute top-visdag met zowat alle vissoorten gevangen die ik wilde vangen vandaag. John Huussen en ik hadden al enkele Siberische en Adriatische steuren en zelfs een heuse stellatussteur gevangen maar de laatste, door John gehaakte (dat flikt hij telkens weer) vis van de dag werd ook de absolute vis van de dag.
Een prachtige diamantsteur van zo rond de anderhalve meter die toch wel zo’n 13 of 14 kilo woog. Wat een schitterende vis!
Tip: boek je visdag!
Om zo een vis te landen heb je wel even wat tijd nodig natuurlijk maar nooit leek het erop tijdens de dril dat deze vis het materiaal ging breken en dus ben ik alleen nog maar meer benieuwd geworden naar wat er eerder die morgen aan de haak heeft gevangen, maar goed.
Tom’s Creeck voorziet absoluut in een enorme behoefte binnen onze sport. Er zijn hier dan ook heel wat dagen dat er gewoon honderden bezoekers zijn, verdeeld over de verschillende dagdelen. Een dagje uit hier op dit park is echt de moeite waard maar zorg er wel voor dat je deze dag vooraf boekt. Zeker tijdens de zomermaanden en andere vakantieperiodes voorkomt dat teleurstellingen.
Toms Creek wordt nog groter!
Dit is al een groot viscomplex op dit moment en het gaat in de toekomst nog veel groter worden. Ik begreep dat er een vergunningsaanvraag loopt voor nog enkele visvijvers en dat sluit ook perfect aan bij deze locatie.
Je hebt in de onmiddellijke omgeving de Oostvaardersplassen en eigenlijk is de gehele omgeving hier bij uitstek geschikt voor allerlei soorten van recreatie. Een meer perfecte ligging van dit vijvercomplex is dan ook niet te bedenken.
Als geboren en getogen Italiaan uit het dorp Casarano kwam ik als jongeman met niets anders dan de hoognodige spullen aan in de voor mij onbekende Nederlandse stad Utrecht. Ik kwam te wonen in het plaatsje IJsselstein en begon al snel met de vaste hengel te vissen in de diverse stadsvijvers. Tot die tijd had ik nog nooit een karper gezien en terwijl ik met een vaste hengel bezig was zag ik een klein ventje een karper vangen…
Tekst & foto’s: Gianluca Casalini
Ik sprak de taal nog niet en anders dan ik gewend was waren de mensen hier afstandelijker. Gelukkig kon ik vrij snel op de middelbare school starten en leerde door omgang met reeds gemaakte vrienden de Nederlandse taal stukje bij beetje eigen te maken. Ik werd al snel een vaste bezoeker van de plaatselijke hengelsportwinkel Lahr Hengelsport die destijds een wand vol met karperfoto’s van klanten had hangen. Rond de tijd dat ik die foto’s uit mijn hoofd had leren kennen, had ik ook genoeg geld om mijn eerste karperset aan te schaffen: twee karperhengels voorzien van Shimano 3500A baitrunners.
Blik op een Nederlandse rivier; het avontuur lonkte al snel…
EERSTE STAPPEN
Ik moet een jaar of acht geweest zijn toen ik mijn eerste stappen binnen het vissen zette. Aan de hand van mijn oom en tevens mijn peetvader leerde ik de eerste knepen van het vak. Ik zal nooit vergeten dat wij gewapend met een vaste stok voorzien van een dobber de Italiaanse rotswanden langs de zee trotseerde om de beste stekjes te vinden. Mijn oom zocht altijd plekken waar je moeilijk kon komen. De eerste keer dat wij samen gingen vissen wist ik de grootste harder voor mijn ooms neus weg te vangen. De aanpak bleek vrij simpel: je liet een stuk brood zakken in de school van harders en zo kreeg je al vrij snel beet. Taak was wel om de voorbij zwemmende school vissen zo snel mogelijk te blijven benaderen. Het was dus een uitdaging om je vis binnen te halen, onthaken en snel de haak opnieuw te beazen om deze vervolgens weer in de school te laten zakken.
Geen Facebook, geen Instagram geen social media. Het enige dat ik bij me had was een landkaart van regio Utrecht
Terug naar IJsselstein: inmiddels liep het vissen op de stadsvijvers heel goed. Binnen no-time begon ik bepaalde vissen te dubbelen. Zo herinner ik me nog altijd een artikel uit die tijd, geschreven door Evert Aalten, over een spiegelkarper die van Maarssen was overgezet in de stadsvijver van IJsselstein. Deze vis herkende ik dus ook. Maar eigenlijk wilde dat ik helemaal niet, bekende vissen vangen. Ik wilde avontuur, steeds verder uitwijken. Mijn eerste tent was een kampeertent, een witte voor vijf personen. Op een dag zei ik tegen mijn vader “Pa, je moet iets verzinnen, want de visspullen worden meer en meer”. Mijn vader werkt bij Bentstaal en daar mocht hij een fietskar maken voor mijn spullen. Die fietskar hebben we helemaal groen geverfd en hiermee kon ik op avontuur naar de onbekende plekken. Geen Facebook, geen Instagram geen social media. Het enige dat ik bij me had was een landkaart van regio Utrecht.
Een week voor de geboorte van mijn zoon…
Op weg naar school fietste ik in 1996 elke dag van IJsselstein naar de binnenstad en kwam altijd langs de Hollandse IJssel en het Merwedekanaal dat uitmondt in de stadsgrachten. Ik zag stekken in Utrecht waar ik graag wilde vissen, maar ze waren niet bevisbaar omdat deze vanuit de kant onbereikbaar waren. Ik droomde er destijds van om te kunnen vissen op deze plekken, maar dat bleek voor toen nog onmogelijk. Tegenwoordig bevis ik de stadsgrachten vanuit mijn boot en kan ik hierdoor alle stekken perfect bevissen.
Hoge uitzetspiegel van het begin gevangen op het kanaal.
STROOMVERSNELLING
In het jaar 2000 kwam alles in een stroomversnelling. Ik ging van school, haalde mijn rijbewijs, leerde mijn vrouw kennen, kocht een huis en als kers op de taart werd ik vader. Met behulp van mijn auto kwam ik steeds meer te weten over de waterstelsels in mijn omgeving. Omdat mijn vrouw in verwachting was van mijn eerste zoon had ik tijdelijk een uitvalsbasis gevonden op een plas bij mijn schoonouders op de camping in Beesd. De vangsten waren super, maar die drukte was niks voor mij. Zo kwam ik uit bij een put die de ‘Volvo Put’ heette. Een week voor mijn zoon Valentino geboren werd (augustus 2000) ving ik daar de grootste spiegel die ik ooit had gezien.
Bij de komst van je eerste kindje weet je nooit of wanneer je weer naar de hengels kunt grijpen, dus dit was een prima afsluiter voor een onbekende periode van niet vissen. Toen mijn zoon de eerste stappen zette, was ik er weer aan toe om mijn visserij op te pakken. Ik bleef wel in de buurt, maar deze keer op de rivier de Linge, niet ver van de camping. Het mooiste was dat ik gelijk op mijn eerste sessie weer een hele mooie schubkarper ving, toentertijd mijn PB en dat op de rivier!
Schubs en spiegels in alle formaten en vormen… geweldig!
DE PAAISESSIE
Nog geen kilometer van mijn werk loopt de Kromme Rijn, een aftakking van de Rijn. Vroeger was deze rivier wel 100 meter breed, maar tegenwoordig nog maar slechts zo’n 15 meter. Daar begon ik in de winter van 2004, op een stuk van twee kilometer, drie potentiële stekken stevig aan te voeren. Met mijn trolley was het soms wel anderhalve kilometer lopen vanaf de auto. Na de eerste 10 minuten vissen had ik mijn eerste vis al aan de kant, op een voor mij nog onbekende stek. Het mooiste moest nog volgen, want ik had in mei van dat jaar een nacht waarin ik achttien vissen wist te strikken, wat een nacht was dat!
Twee dagen later werd duidelijk waarom. Ik zat midden op een paaigrond en telde op een klein stukje ongeveer tachtig vissen. Ik zag daar zelfs wat vissen tussen die ik een paar dagen eerder had gevangen. Dit spektakel aanschouwde ik heel toevallig. De sloot was normaal gesproken heel helder, maar op die dag was het heel troebel en hoorde ik een hoop geplons en gespetter. Door een grote omgevallen boom kon ik niet zien waar de herrie vandaan kwam en hier kon ik niet omheen lopen want er stond een hekwerk voor. Nieuwsgierig ben ik het hek over gesprongen en zag deze grote school paaiende vissen. Achteraf gezien denk ik dat deze paaiplek is ontstaan door de hoeveelheid voer die ik er die maanden stug door had blijven strooien.
Langzaam maar zeker wist ik de sleutel tot succes steeds makkelijker te vinden…
Na een tijdje viste ik afwisselend ook op andere wateren, zoals het Merwedekanaal en het Amsterdam-Rijnkanaal tot ergens in 2006. In die tijd heb ik echt super veel geleerd over trekroutes, dag- en nachtstekken. Langzaam maar zeker wist ik de sleutel tot succes steeds makkelijker te vinden en om het spel een beetje spannend te houden ging ik weer opzoek naar een nieuwe uitdaging. In januari 2007 werd mijn dochter Diamantea geboren en volgde er voor mij een periode van minder vissen. Tijdens de vele wandelingen in die periode liepen we grote stukken langs de uitgestrekte rivieren.
Een sessie met meerdere dertigers…
DE LUCA’S
In 2008 hadden we een krabbenplaag van jewelste op de rivier. In plaats van de hengels uit te werpen, spendeerde ik vooral mijn tijd aan stekken zoeken op de rivier de Lek. Ook startte ik een zoektocht naar de meest geschikte boilie voor mijn visserij. Die moest aan een paar eisen voldoen. Het moest een boilie zijn die tegen een stootje kon. Ook moest de mix niet al te duur zijn, zodat ik mijn voerhoeveelheid kon opschroeven om meer vis te bereiken op de grotere rivieren. Via Kees Verheij kwam ik terecht op het Belgische forum riviervissers.be. Hiermee nam ik voor mijn visserij misschien wel de beste afslag. Hier kwam ik al snel in contact met vissers die dezelfde gedachtegang hadden als ik en ze konden mij ook helpen met mijn vraagstukken. Zo is in een vrij korte periode een hechte band ontstaan met een aantal vissers waar ik 12 jaar later nog steeds een goede band mee heb! In samenwerking met Jan van der Steen hebben we mijn boiliemix kunnen samenstellen tot dit de bol was die ik zo graag wilde hebben.
De wolhandkrabben waren bij vlagen massaal aanwezig.
De wolhandkrabben waren bij vlagen massaal aanwezig.
In die tijd leerde ik ook Lex Cuyten kennen. We gingen steeds vaker samen vissen en ook privé zochten we elkaar vaker op. In het begin liet ik mijn boilies draaien door Jan van der Steen, maar toen Lex zijn eigen bedrijf begon werden deze boilies al snel meegenomen in het assortiment van Cuyten Boilies, genaamd de Luca’s.
Deze mix bevat geen vismeel of andere dierlijke eiwitten, maar is voorzien van ‘whey concentraat’ om het eiwitpercentage omhoog te brengen. Daarnaast voegen we zelf zeer attractief eivoer toe van Sluis CLO en versgemalen vogelzaden voor de instant respons en juiste vetzuren. Door nog een aantal toevoegingen ruikt en proeft deze boilie naar scopex en is zeer bestand tegen witvis; een echte aanrader voor de rivier.
Heerlijk in alle rust avonturieren aan de rivier!
RIVIERFEEST
We schrijven de periode tussen 2009 en 2019. Het getijdegedeelte van de Lek bleef het meest aan me trekken. Ik voelde me hier al direct thuis, want door de verschillende omstandigheden voelde het alsof ik terug was aan zee. Golven, scheepvaart, eb en vloed. Het grootste verschil met toen waren de vissen zelf, die waren een stuk groter en zwaarder. Tijdens de visserij op de Lek was ik echt afhankelijk van de waterstand. Als de waterstand niet goed was, dan waren de karpers heel slecht te vangen. In de tien jaar die volgde voelde het altijd als een feest. Ik kan me haast niet meer voorstellen hoeveel plezier ik aan de Lek heb beleefd. Samen met Kees Verheij, Simon Dekker, Peter Bos en Gerrit Verschoor wisselden we veel vangstinfo. Zodoende leerde ik veel over het trekgedrag van de vissen. Iedere keer dat ik dacht ‘gekker kan het niet’ werd er altijd wel een schepje bovenop gedaan.
Vanaf 2013 begonnen mijn eerste buitenlandse vistrips. Die speelde zich veelal af op de Maas in België samen met Lex, hij had natuurlijk al veel ervaring in het buitenland. Omdat we zo gedreven waren en goed kunnen omgaan met stromend water, waren de vangsten ook regelmatig boven verwachting. Er waren sessies bij waar we drie keer meer vingen dan dat we ooit hadden durven dromen. In die tijd kwam ook het filmen op en onstond de basis voor ons huidige Runningwater team. Jongens als Erik Rijken en Erik de Snoo maakten harde schijven vol video-opnames. De reeks van Runningwater is inmiddels welbekend en ik ben er zeker van dat onze video’s veel vissers geïnspireerd hebben om stappen te nemen die ze normaal niet zo snel hadden genomen. Met de komst van onze rivier-Belg Tom Onincx is het team completer dan ooit tevoren.
Milan denkt altijd aan foto’s vanuit een andere hoek.
RIVIERSTAPPEN
Over de tactiek van het huidige riviervissen wordt natuurlijk al veel geschreven, maar soms zie ik hele foute dingen gebeuren die echt niet meer van deze tijd zijn. ik zal hieronder kort en krachtig samenvatten wat voor mij de belangrijkste stappen zijn in het riviervissen.
Stap één is wat mij betreft vooral goed op je materiaalkeuze te letten. Te dunne lijn, ongeschikte loodmontages (zoals inline tussen de stenen) en een verkeerde voorslag in combinatie met een verkeerde lengte, zijn veelgemaakte fouten. Bekijk eerst goed de stek en pas daar je materiaal op aan. Als je op de rivier gaat vissen, dan betekent dat niet automatisch dat je de hengels omhoog moet zetten en dat je 300 gram lood moet gebruiken.
Het vissen op de rivier is niet voor iedereen weggelegd…
RIVIERMATERIAAL 1
Molens: Om zwaar lood weg te zetten, en ook omdat meerval steeds vaker als bijvangst voorkomt, raad ik je aan een molen met dikke as te nemen. De Finn-Nor Offshore Spinning is bijvoorbeeld een prima molen voor het zware werk, die bovendien niet al te duur is.
Hoofdlijn: Als hoofdlijn op de rivier kies ik meestal voor nylon van minimaal 40/00 en maximaal 50/00. Voor de laatste optie ga ik meestal als ik geen voorslagknoop wil gebruiken, bijvoorbeeld wanneer er veel drijfvuil is. Een zeer geschikte lijn is de Ashima Gangster Strong, maar ook de meeste zeevislijnen voldoen prima.
Voorslag: Ik heb zelf met veel verschillende voorslagen gevist. Als ik er één moet kiezen, dan zou ik altijd gaan voor de ouderwetse Kryston Quiksilver 45 lb. Helaas is de ‘oude’ versie niet meer verkrijgbaar; de nieuwe is niet meer wat het was. Hetzelfde geldt voor het onderlijnmateriaal in 25 en 35 lb. Wat ik tegenwoordig veel gebruik als voorslag is de 65 lb Armadillo van Fox.
Haken: Ik ben geen voorstander van klauwhaken. Ook op rivieren met veel obstakels vis ik gewoon met een haak met een rechte punt. Bijvoorbeeld de Solar 101 of de Super Hook van Gamakatsu.
Een bak van een schub van de rivier; verslavend!
Ik zal nooit drillen met een lood boven de 280 gram. Met een nog zwaarder lood verhoog je de kans op het verspelen van een vis tijdens de dril. Zeker als je veel obstakels onder water hebt moet je ervoor zorgen dat de vis snel omhoogkomt. Beter is het dan om met een steenmontage te vissen, waarbij de steen meteen wordt gedropt tijdens een aanbeet.
Voorkom dat je hoofdlijn in contact komt met de stenen. Wat goed is op één stek, kan juist heel verkeerd aflopen op een andere stek. Pak je dit goed aan, dan kun je de kans op verspelen terugbrengen tot nul. Neem daarnaast niet te veel onnodig risico’s; liever minder aanbeten, maar wel de vis vangen. Ik heb liever geen aanbeet, dan beet krijgen gevolgd door lijnbreuk. Sommige vissers forceren zo’n lijnbreuk simpelweg door op een risicovolle stek een paar meter te dichtbij te vissen om sneller beet te krijgen. Uiteindelijk telt wat je hebt gevangen; vis verspelen kan gebeuren, maar leer hiervan!
De basis van een krib bij laag water; als je in die takken of keien vastloopt ben je kansloos.
Nog een heel belangrijk aspect gaat over het niet verplaatsen van de montage door de zuiging van een schip of een plakkaat drijfvuil. Stel de molenslip altijd zo in dat deze nog lijn kan geven als er te veel druk op komt te staan, zodat je montage én haak niet over de bodem schuift, met gevolg een botte haakpunt. Controleer ook regelmatig je montage, zeker als je in zware omstandigheden vist. Vissen is niet alleen beet krijgen en drillen, maar ook altijd op zoek gaan naar oplossingen.
RIVIERMATERIAAL 2
Een stabiele rodpod is een vereiste.
Rodpod: Gebruik een rodpod die stabiel is en waarvan je de voorpoten goed ver kan uitschuiven. De Skypod van Fox is hier een goed voorbeeld van. Het nadeel is het zware gewicht van dit soort rodpods. Zodra je losse steunen in de grond kan krijgen, is dat wel de beste oplossing. Je kan dan de hengels ook beter verdelen en gericht naar je hotspot laten wijzen.
Stretcher: Als je van plan bent op de rivier te vissen en je wilt een nieuwe stretcher aanschaffen, neem dan een model waarbij je de poten goed ver kan uitschuiven. In veel omstandigheden heb je die extra lengte wel nodig! Denk aan de basaltblokken of hele schuine kanten.
Tent: Deze gebruik ik liever niet, alleen als het regent of hard waait. Ik slaap het liefst in de open lucht. Mijn voorkeur gaat uit naar de Pioneer van Aqua Products. Dit vind ik de beste tent ooit gemaakt. Deze is zo opgezet en kan tegen een windstoot!
Geen wonder dat deze vis zo sterk was; wat een staart!
Ik bleef maar vangen, ook op plekken waar normaal gesproken geen water stond, maar waar de koeien liepen!
Verslaafd aan het vissen op de rivier; een verslaving die blijvend is ‘vrees’ ik…
PERFECTE WATERSTAND
Het voorjaar van 2016 beleefde ik in Nederland mijn hoogtepunt op het gebied van riviervissen. De waterstand was perfect en deze bleef ook een paar maanden goed. Deze waterstand had ik nog nooit eerder had meegemaakt en het is daarna helaas ook nooit meer voorgekomen. Er werd zoveel water afgevoerd dat alle sluisdeuren wekenlang werden opengetrokken. Hierdoor was nog amper verschil te zien tussen eb en vloed. Dat hield in dat ik door bleef vangen, ook op plekken waar normaal gesproken geen water stond maar de koeien liepen! Zo ving ik naast de ‘Twee Kleur’, een oude bekende die normaal nooit zo ver zou komen, ook gemiddeld veel grotere en ook onbekende vissen als wat ik in al die jaren gewend was. Op 18 juli kon ik de jackpot delen samen met Lex. Tot op de dag van vandaag is dat voor mij een van de mooiste herinneringen op visgebied.
JAN VAN SCHENDEL – Eigenlijk was mijn reis naar Aquavita een hernieuwde kennismaking met dit prachtige vijvercomplex nabij het Betuwse Driel. Ik heb hier al aardig wat wedstrijdjes gevist, maar wel allemaal alweer een tijdje geleden. Hoe staat het er tegenwoordig voor? Ik nam een kijkje en ging vissen op Aquavita.
Ik kende deze vijvers al. Juist daardoor zie je natuurlijk hoe snel alles groeit en zich ontwikkelt, want Aquavita is pas bezig aan zijn vierde seizoen in deze vorm. Wat is het hier prachtig! Alles is wat meer begroeid en daardoor liggen de vijvers meteen ook meer beschut. Prima, want in ons land is er natuurlijk vaak veel wind.
Hoe is Aquavita ontstaan?
Eigenaar Dicky van Zanten vertelde me dat twee van de drie vijvers die tezamen het Aquavita complex vormen oorspronkelijk forellenvijvers zijn geweest. Nu is Dicky zelf vijverspecialist en hij was dus zelf de aangewezen persoon om hier prachtige vijvers aan te leggen. Daarin is hij ook echt helemaal geslaagd moet ik zeggen.
De kantine, gelegen in een oase van groen, rust en visplezier!
Toen ik hier jaren terug wedstrijden viste, was alles nog maar net aangelegd. Ik heb daarna de vijvers een behoorlijk lange tijd niet gezien en juist daarom viel me de schoonheid van dit complex meteen weer op toen ik aankwam. Alles is nu wat meer gegroeid en bovendien zijn alle visstekken nu meer comfortabel met prachtige plateau’s op iedere plek.
Wat kun je vangen op Aquavita?
Op het complex liggen drie vijvers: Match Lake, Spring Lake en Lagoon. Alle drie hebben ze een vergelijkbaar visbestand trouwens. Je kan overal allerlei vissoorten vangen, want op iedere vijver zwemmen schub- en spiegelkarpers, F1’s, zeelten, brasems en windes. Ook zwemmen er enkele steuren, graskarpers en zelfs enkele koikarpers. De maximale diepte waar dan ook is ruim 1.70 meter.
Naast de grotere vissen, zwemt er ook al klein nageslacht. Dat belooft veel goed voor de toekomst!
Vissen op Aquavita ‘Lagoon’
Op Lagoon zijn 8 visstekken, deze vijver heeft een eilandje dat van iedere stek bereikbaar is. Echt een juweeltje. Zelf heb ik hier nooit gevist, maar soms werd dit water ook tijdens wedstrijden gebruikt en ook zie ik hier telkens enkele vissers bezig die gewoon goed vangen. Lagoon is de enige vijver op dit complex die nieuw is gegraven.
Lagoon, de meest recent aangelegde visvijver.
Vissen op Aquavita ‘Match Lake’
Match Lake is de grootste van de drie vijvers met 20 visstekken. Hier worden de meeste wedstrijden gevist en hier viste ik ook vandaag. Dit water heeft voor mij altijd al iets speciaals gehad moet ik zeggen.
Het wedstrijdwater, ofwel Match Lake, biedt veel mogelijkheden wat betreft stekken en technieken!
Veel van de stekken zijn onderling steeds iets anders. Je hebt plekken waar je tegen het eiland kan vissen dat met een beetje fantasie in een hoek van de vijver ligt. Ook heb je enkele plekken die wel iets weg hebben van een stek op een Snake Lake (je vist dan achter het eiland) en tenslotte heb je ook stekken in open water. Op iedere plek kun je in de kant (margin) vissen bovendien.
Prima plekken om je visopstelling neer te zetten!
Vissen op Aquavita ‘Spring Lake’
Er is hier een bron, vandaar de naam van deze vijver. Hier zijn 14 visstekken die soms worden gebruikt tijdens de grotere wedstrijden maar die meestal vrij zijn voor dagvissers. Hoewel je hier enkele mini-eilandjes hebt vis je hier toch wat meer in open water.
Op Spring Lake heb je dan weer het gevoel meer op open water te vissen.
Ook hier heb ik al prachtige vangsten gezien en juist hier heb ik ook al verschillende keren flinke steuren gehaakt zien worden. Deze vijver ligt overigens het dichtst bij de kantine annex viswinkel waar wat te drinken is te bestellen en waar ook het benodigde aas en eventuele materialen kunnen worden gekocht.
Hoe is de bereikbaarheid van Aquavita?
Als je aankomt bij Aquavita dan zie je een grote vijverwinkel en daarbij ook parkeerplaatsen. Deze zijn echter gereserveerd voor de bezoekers van de vijverwinkel. Als je ietsje verder rijdt, zo’n beetje om de vijvers heen eigenlijk, dan krijg je na ruim 200 meter een afslagje naar links en daar is de parkeerplaats voor de bezoekende vissers. Pal naast die parkeerplaats liggen de vijvers waartussen overal paden liggen. Iedere visstek op om het even welke van de vijvers is dan ook gemakkelijk en prima bereikbaar.
PRAKTISCHE INFORMATIE
Aantal visplaatsen: 38
Waterdiepte: De vijvers zijn vlak, gemiddeld 1,5 meter diep en hebben en kleibodem.
Visbestand: spiegelkarper, schubkarper, F1, brasem, zeelt, winde en voorn
Succesvolle technieken: Afhankelijk van seizoen. Bij warmer water/zon kan er goed hoog gevist worden met de jigger, ‘slappe’, maar ook met paste en met de voerkorrel in een bandje gaat prima.
Voer & aas: haakaas is vrije keuze visser, gevoerd wordt er met onze eigen voerpellet van Carp Pro Feed (beschikbaar in 2, 4.5, en 6 mm).
Tarieven: € 14 per dag.
Aanvullende info: De visserij op AquaVita heeft veel weg van de Engelse visserij. Natuurlijk oevers en veel eilanden; natuurlijke vijvers met veel beplanting aan de oevers. Veel vis wordt in de margin gevangen. In alle vijvers liggen eilanden waar tegen gevist kan worden. Er zijn drie vijvers. Vijver 1 – Springpond; vijver 2 – Matchpond; vijver 3 – Lagoon. Matchpond en Lagoon zijn met name geschikt voor vaste stok visserij. Op Springpond kan ook met de feeder worden gevist. De keuze van het gebruik van de eigen voerpellet ligt in de zorg voor het visbestand. De voerpellet heeft een zeer hoogwaardige samenstelling gericht op de gezondheid van het visbestand.
Tja, daarover valt heel veel te vertellen, want er zijn zoveel verschillende vismanieren die hier tot succes kunnen leiden. Tijdens eerdere bezoeken heb ik hier al goed gevangen met zachte haakpellets en zelfs ook met maden.
Vandaag tijdens deze visdag besloot ik om me te concentreren op het vissen met deeg in ‘open’ water en ook om aan beide kanten een voerplekje te maken waar ik viste en voerde met mais. Op de deeg-plek voerde ik wat losse pellets bij in het begin om de stek op gang te krijgen.
Met de jigger vissen op Aquavita
Terwijl ik aan het optuigen was kon ik al wel zien dat dit een mooie dag ging worden. Er zaten verschillende vissers aan de vijver en die vingen regelmatig vis. Bovendien, zelfs al zo vroeg op de dag, zag je regelmatig karpers ‘cruisen’ net onder het wateroppervlak.
Hoog in het water vissen of jiggeren was dan ook absoluut een mogelijkheid geweest, maar ik besloot om me te houden aan het oorspronkelijke plan. Met name dat deeg-vissen heb ik absoluut nog niet optimaal onder de knie en dit zijn natuurlijk mooie dagen om dat proberen te verbeteren.
Sessieverslag: flitsende start
Bij het begin van mijn sessie voerde ik aan beide kanten dus een cup met mais en op de deegplek begon ik simpel door het deeg uit mijn cupje te laten vallen en tegelijkertijd ook wat 4 mm pellets.
Binnen een minuut hing de eerste karper aan de haak en binnen een half uur had ik al aardig wat vissen gevangen zo. De meeste karpers waren net boven de kilo met een enkele uitzondering wat groter. Ook ving ik tussendoor aardig wat kleinere vissen. F1’s en ook kleinere karpertjes wat absoluut eigen kweek moet zijn. Prachtige kerngezonde visjes trouwens.
Gevarieerde vangsten
Wat me opviel, de kleinere schubkarpertjes waren bijna allemaal een maatje groter dan de spiegeltjes dus die moeten op een ander moment hebben gepaaid. Ik ving trouwens geen enkele brasem vandaag maar wel tussen de karpers door heel wat blieken van een maat die ik hier nooit eerder zag. Er zaten hier al heel veel kleine bliekjes en die groeien dus blijkbaar snel door. Over enkele jaren zijn dat echt interessante vissen om op te vissen tijdens de wedstrijden. Dat kan niet anders.
Wisselen van stekken
In de bijna twee uur dat ik met deeg viste heb ik op twee plaatsen gevist. Ik begon iets naar links op zo’n 8 meter en het viel op dat naarmate de tijd vorderde de gevangen vissen gemiddeld steeds kleiner werden. Ik besloot dus om simpelweg op een nieuwe plek, op 5 meter en iets naar rechts, te beginnen. Daar ook weer binnen een minuut de eerste vis en dat is gewoon het beste bewijs dat er ergens heel veel vis zit.
Sessieverslag: kantstek 1
Normaal worden hier tijdens het vrije vissen geen leefnetten toegestaan, voor mij en het artikel werd vandaag een uitzondering gemaakt. Interessant want daardoor kon ik de vissen die ik met deeg ving apart houden van de met mais gevangen vissen.
Na zo twee uur vissen besloot ik om me op de kanten te gaan concentreren en dus op het vissen met mais. Eerst naar rechts geprobeerd en daar binnen een hele korte tijd enkele mooie karpers gevangen waarna het even minder werd. Typisch bij het vissen pal tegen de kant vaak. Ik voerde bij en liet de plek even met rust.
Sessieverslag: kantstek 2
De mooiste ‘margin’ had ik naar links. Toen ik daar ging vissen ving ik een tijdje lang de ene na de andere karper. Ook ving ik hier nog een mooie zeelt tussen de karpers. Ook hier werd het na een tijdje minder en zo wisselde ik nog even naar de andere kant waar ook weer enkele karpers lagen te wachten. Daarna weer terug naar links en ze waren er meteen weer. Het laten rusten van zo’n plek levert bijna altijd weer meteen vis op.
Winnende aanpak – deeg of mais?
Al met al heb ik zo’n vier en een half uur gevist. In het net met ‘deegvissen’ zat geschat zo’n 16 tot 17 kilo en in het andere net zat zeker zo’n 35 kilo. Deeg is normaal een garantie voor de grotere vissen, vandaag was het gek genoeg helemaal andersom.
Tijdens dit bezoek was de maisaanpak verreweg het meest succesvol, maar dat hoeft natuurlijk nog niet te zeggen dat dit de volgende keer weer zo is!
De grootste vissen ving ik met mais. Dat zal ook wel met het feit te maken hebben dat de vissen graag pal tegen de oever wilden zijn omdat de wind naar “mijn” hoek van de vijver waaide.
Geslaagde dag vissen op Aquavita!
Hoe dan ook een prachtige visdag en ook zo’n dag waarop je als wedstrijdvisser je afvraagt waarom de visserij soms toch zo gecompliceerd en moeilijk kan zijn. Alles lukte vandaag. Geen of amper gemiste aanbeten bij het vissen met het deeg en overal meteen vis.
De vijvers hier liggen er prachtig bij al met al en ze zitten vol vis. Ik kan dan ook iedereen die dit soort visserij eens wil beoefenen een bezoek echt aanraden. Wat een schitterend viscomplex is dit!
Visvijvers De Berenkuil is een complex van vier vijvers. Drie van die vijvers zijn gereserveerd voor het forelvissen, waarbij je op de grootste vijver ook vaak mensen ziet die aan het vliegvissen zijn. De vierde vijver is een zogenaamd ‘snake-lake’; een vijver die speciaal is aangelegd voor het moderne commerciële karpervissen.
Als je het complex op rijd zie je meteen dat alles perfect is onderhouden. Bij de ingang is een parkeerplaats en daar staat ook het restaurant waar je prima kunt eten. Daar ook is wat te eten te bestellen voor tijdens de visdag en ook gewoon voor een bakje koffie en waarbij je uitkijkt over drie van de vier vijvers. Langs de oevers staan en zitten altijd volop forelvissers die de weg naar dit complex dus prima weten te vinden.
Wat is een snake lake?
Het snake lake is een gegraven water in een soort van kanaalvorm, en ziet vanuit vogelvlucht eruit als een slang. De snake lake op het complex van de Berenkuil heeft 56 visstekken.
Links op de plattegrond de duidelijke ‘slangachtige’ vorm, waar het water zijn naam aan dankt.
Het snake lake ligt, gezien vanaf het restaurant achter de andere drie vijvers en wat een schitterende vijver is dat geworden! Alles heeft even de tijd nodig gehad om aan te groeien en de vissen hebben waarschijnlijk even moeten wennen, maar nu alles is gesetteld vis je hier werkelijk in optimale omstandigheden.
De visstekken op Snake Lake
Iedere visstek is een mooie brede betonnen plaat waarop gemakkelijk iedere viskoffer met zijplateau kan worden geplaatst. De breedte en de diepte van het water zijn overal bijna identiek en zo zijn ook tijdens wedstrijden de omstandigheden ideaal en vergelijkbaar voor alle deelnemers.
De visstekken; als visser kun je niks beters wensen!
Het visbestand op Snake Lake
Op moment van schrijven (zomer 2020) is de vijver pas drie jaar oud en heeft een prachtig visbestand aan F1’s, spiegel- en schubkarper, zeelt, brasem, barbeel en zelfs ook voorn. Bovendien groeien die vissen als kool en paaien ze ook. Er komt dus steeds vis bij en dat zie je.
Met name kleine bliekjes zie je vaak en ook die groeien als kool. De vangsten zullen dan ook alleen maar gaan toenemen hier, dat kan bijna niet anders.
Schitterend bestand aan vis op Snake lake.
Je hoeft maar de wedstrijdresultaten te bekijken om te zien dat er echt veel vis zit hier. De F1’s hebben in de meeste vangsten iets de overhand maar op andere plekken zijn het juist weer de karpers die de overhand hebben. De situatie verandert ook nog eens regelmatig, wat het allemaal alleen nog maar meer interessant maakt.
Eerlijke stekken
De visserij hier is verslavend gewoon. Ik heb hier vaker gevist dit jaar dan op welk ander water ook. Mooie vangsten zijn bijna een garantie, je zit in een heerlijke omgeving en als wedstrijdvisser vind ik het bovendien mooi dat de visomstandigheden zo eerlijk mogelijk zijn voor onze sport.
Jazeker, er zijn altijd betere en mindere stekken, de vissen bepalen natuurlijk altijd nog zelf waar ze willen zijn, ze hebben vinnen en een staart, maar je ziet gewoon dat de beste vissers hier vaak domineren. Nou voor mij is wedstrijdvissen een sport en dan mag dat ook.
Het bodemprofiel en -verloop op Snake Lake
Het water is zo’n 13 meter breed en overal kan je tegen de overkant vissen. De vissen houden zich daar ook graag op. Vaak is er veel vis te vangen pal tegen die overkant van het water. Zowel F1’s als ook karpers.
Gezien vanaf de overkant heb je een hele steil aflopende oever tot over het midden van het water. Het diepste punt van de vijver ligt op zo’n vijf meter vanaf de visstekken hoewel dit iets kan variëren.
Gezien vanaf de eigen oever heb je hetzelfde steil aflopende talud vanaf de vissteigers tot aan het diepste punt. Tegen die steil aflopende kant is het zeker niet gemakkelijk vissen maar er is toch ook dikwijls veel vis te vangen waarbij het opvallend is hoe vaak je hier ook brasems kunt vangen. Dat gebeurt hier veel vaker dan aan de overkant. Vaak komen de vissen hier pas later in de wedstrijd maar dan is er ook in korte tijd heel veel gewicht te vangen aan karpers en grote F1’s. Sommige van die F1’s zijn al ruim boven de kilo inmiddels. Toen ze uitgezet werden was dat de helft!!
Techniek 1: vissen op de taluds
Er valt heel veel te schrijven over het vissen hier. Er zijn ook zoveel verschillende vismanieren die succes op kunnen leveren. Je hebt hier, juist vanwege de steil aflopende taluds overal, een bijzonder technische visserij. Het best werkt het om daar met hele korte opslagjes te vissen.
Op het talud tegen de overkant kan hier zeer lonend zijn en vanaf iedere stek kun je wel tegen een mooie ‘feature’ vissen!
Let wel, op sommige plekken voel je het peillood van het talud naar beneden rollen. Je moet daar vaak wel tegen de bodem aan vissen maar ook weer niet te zwaar op die bodem en dat is een hele uitdaging soms. Maar ook een die de moeite waard is want als je het goed voor elkaar hebt kun je daar uitstekend vangen.
Techniek 2: vissen op het diepste punt
Het diepste punt van de vijver is voor mij ook altijd een plek waar ik probeer te vissen. Soms is daar heel goed te vangen en op andere dagen werkt dat juist niet. In ieder geval probeer ik het altijd wel daar. Dat is de enige plek waar de bodem vlak is.
Techniek 3: vissen hoog in het water
Met name de laatste tijd is de watertemperatuur natuurlijk gestegen en dat heeft erin geresulteerd dat op sommige momenten de vissen hoog in het water zijn te vangen. Op die manier worden vaak de grootste gewichten gevangen en juist dan komen die vissers boven drijven die daarin gewoon het best zijn.
Snelheid van vissen, van voeren ook, gewoon die visserij goed begrijpen, daarom draait het allemaal. En verder gaat het om de uitvoering natuurlijk. Er zijn echt enkele specialisten daarin. Prachtig!
De beste aassoorten voor Snake Lake
Qua aassoorten dient een (wedstrijd)visser hier ‘open minded’ te zijn. Het belangrijkste aas is hier vaak pellets. Alleen de eigen pellets van de vijver zijn hier toegestaan. Er staat een automaat bij de vijver waar je die kan kopen en zeker bij wedstrijden zijn ze ook te verkrijgen bij het restaurant. Ook wordt er hier vaak gevist met mais.
De snackautomaat ala commercial vissen stijl met de verplichte eigen vijverpellets.
Verder zijn wormen een optie en zeker tijdens de zomermaanden kan paste (deeg) ook een winnende optie zijn. Tja ,dan zijn er dus heel wat verschillende mogelijkheden natuurlijk maar juist dat maakt het ook weer zo mooi.
Snake Lake: paradijs voor wedstrijdvissers
Voor wedstrijdvissers is het hier een echt paradijs. Bijna altijd worden er tijdens het weekend wedstrijden georganiseerd, zeker op de zaterdagen. Maar in de zomer ook op zowat iedere zondag. Verder zijn er tijdens de zomermaanden wedstrijden op maandagavonden en ook vist men in die tijd van het jaar de op de woensdag.
Corana proof omstandigheden
Overigens, dat heeft eigenaar Hendrik Hamstra perfect voor elkaar, meer ‘corona-proof’ als hier kan een wedstrijd absoluut niet worden georganiseerd. Je schrijft je digitaal in voor de wedstrijd en je betaalt per bank het inschrijfgeld. De loting volg je via internet en wordt bekend gemaakt via de whatts app groep.
Wedstrijden zonder je zorgen te maken over her veiligheidsaspect!
Je mag op een bepaalde tijd naar de visstek en na afloop komt het weegteam, bijna altijd is Hendrik zelf daar bij, langs voor de weging waarna de uitslag wordt opgemaakt en alle prijzen ook weer per bank worden uitbetaald. Beter is onmogelijk en ik verwacht dat dit overal kenmerkend gaat worden voor viswedstrijden in deze corona tijden.
Dit wordt gemiddeld op Snake Lake gevangen
Om een idee te geven over de vangstmogelijkheden hier, heel vaak zie je gemiddelde vangstgewichten van 35 tot wel 50 kilo. Bovendien praat je dan hier niet over die grote vissen, maar dan heb je echt veel vissen gevangen. Die vissen groeien hard, maar als ze gemiddeld 700 of 800 gram wegen dan is het veel. Je vangt dus gewoon veel stuks en dat is toch de mooiste visserij die er bestaat?
ALGEMENE EN PRAKTISCHE INFO
Aantal visplaatsen: 56 visplaatsen
Waterdiepte: gemiddeld ongeveer 110 cm, op zijn diepst 220 cm.
Succesvolle technieken: eigenlijk alle technieken voor de vaste stok zijn succesvol toepasbar, denk aan onder meer jigger/shallow, margin, noem maar op.
Voer & aas: de haakaas keuze is vrij. Met uitzondering van vlees en kunstmatig aas. Voer met pellets, alleen pellets van de vijver. Grondvoer is vrij. Ook mag er met mais of maden worden gevist.
Tarieven: € 16 per dag
Aanvullende info: een schitterende ‘slang-vormige’ vijver, na Engels voorbeeld, met prachtige oeverbegroeiing.
Bij entree kom je direct de ‘kantine’ tegen. Een dergelijk mooi gebouw met terras aan het water zie je zelden op vijvercomplexen!Na afloop kun je er van even snel iets drinken tot uitgebreid eten!
Internationale topvissers
Ik zie hier ook regelmatig vissers langs komen uit het Topcompetitie-circuit. Mensen dus die belangstelling hebben om Internationaal te vissen. Dat is ook echt goed om te doen voor dat soort vissers.
In Nederland is het toch vaak zo op onze natuurlijke wateren dat een of enkele brasems, en het wachten daarop, cruciaal zijn voor een goede uitslag. Vaak kom je dan Internationaal een totaal andere en veel meer actieve visserij tegen waarbij het ook gaat om veel meer vis.
Juist op wateren als de Berenkuil kun je over dat soort vissen veel leren en dus is het vissen hier heel geschikt daarvoor.
Nagenoeg vangstgarantie
Ik ben nu eenmaal wedstrijdvisser in hart en nieren en ik bekijk het vissen dan ook automatisch als zodanig. Ik heb hier echter ook, zeker tijdens de periode dat er geen wedstrijden waren, regelmatig gewoon vrij gevist daar en dan is het helemaal bizar wat er soms te vangen is. Ook vissen die je tijdens de wedstrijden minder vaak ziet trouwens. Prachtige voorns, veel barbelen en vaak ook veel (en soms grote) brasems. Onvoorstelbaar bovendien hoe dichtbij je die soms kan vangen wanneer je alleen zit.
Voor iedereen die een mooie wedstrijd wil vissen maar ook gewoon voor iedereen die een keer een leuke visdag wil is de Berenkuil een prima optie. Visgarantie bestaat nooit maar de visserij hier is wel wat daar het dichtst bij komt.
JAN VAN SCHENDEL – Visvijver ‘t Mun was al heel wat jaren geleden één van de eerste commerciële visvijvers van Nederland. Sinds de beginjaren is er wel wat veranderd, zo zijn vijver 6 en 7 samengevoegd. De vijver heeft nu een soort van hoefijzer-vorm; een prachtige vijver is het geworden. Maar ’t Mun heeft nog meer te bieden. We namen er een kijkje en laten je alles zien over vissen op visvijver ’t Mun.
Betalen per uur
De bereikbaarheid van de visplekken kan gewoon niet beter. Er is geen plek die niet met de auto te bereiken is en dat voorkomt hoe dan ook een hoop gesjouw met het materiaal.
De vijvers van visvijver ’t Mun zijn perfect bereikbaar!
Als je hier een dagje komt vissen, dan betaal je voor wat je doet. Het systeem is super simpel. Je trekt een kaartje, de slagboom gaat open en je bereikt het water. Na de vissessie ga je naar het restaurant/clubgebouw en betaalt voor de geviste uren (2 euro per uur). Je krijgt een uitrijkaart en je kunt het complex weer verlaten. Zo simpel is het allemaal.
Het vijvercomplex
Ook hier zie je de combinatie van forelvissen en karpervissen. Dat zie je toch wel vaak op dit soort vijvercomplexen. Ik moet eerlijk zeggen dat ik de populariteit van dat forelvissen in Nederland vaak heb onderschat. Heel vaak zie je gewoon dat de oevers langs de forelvijvers vol zitten met vissers. Prima en al met al een goede manier om meer vissers aan het water te krijgen natuurlijk.
De kantine, winkel en restaurant van visvijver ’t Mun.
Voor het commercial vissen zoals ik dat beoefenen zijn drie vijvers op dit complex interessant:
Vijver 6 & 7: Er zijn 38 stekken. De vaste stok karpervijver, voor de pure (wedstrijd)sport, deze vijver is in zijn geheel te huren of alleen deel 6 of 7 voor het (wedstrijd)vissen met de vaste stok. Een dag afhuren voor vijver 6 (18 stekken) of 7 (20 stekken) kost € 175. Een dag afhuren voor de totale vijver kost € 300. Anders is het tarief € 2 per uur.
Vijver 8: Op deze vijver met 38-40 stekken zwemmen steuren en reuze karpers. Op deze vijver geldt een vrije hengelkeuze. Deze vijver kost € 2 per uur. Een dag afhuren voor de totale vijver kost € 300. De halve vijver afhuren kost € 175 per dag.
De rivier: Op onze rivier zitten drie soorten karper (spiegel, schub en gras) en zeelt. Je kunt hier heerlijk rustig zitten vissen. Ook hier geldt vrije hengelkeuze. Bij de rivier staat een gezellig zitje waar u gebruik van kunt maken. Vissen op de rivier kost € 2 per uur. Ook mogelijk om de rivier af te huren, neem hiervoor telefonisch contact op.
Informatie inwinnen
Ik zou liegen wanneer ik zeg dat ik hier vaak heb gevist. Daarvoor beoefen ik dit soort visserij nog niet lang genoeg. Enkele wedstrijden heb ik er gevist en dat is alweer een tijdje geleden.
Ik ging vandaag aan de slag op visvijver ‘6 & 7’.
Ik had vooraf al wat verhalen gehoord over de visserij hier en ook had ik wat wedstrijdresultaten bekeken. Ik ging vandaag aan de slag op visvijver ‘6 & 7’. Met minder dan 100 kilo wordt hier maar zelden een wedstrijd gewonnen, zo bleek , en regelmatig zie ik ook 200 kilo gewichten in uitslagen.
Visbestand op visvijver ’t Mun
Dat lijkt heel veel, en dat is het ook natuurlijk, maar je begrijpt het beter wanneer je de vissen ziet die men hier vangt. Daar zitten namelijk echte ‘bakken’ bij. Ik heb hier al meer dan eens 10 kilo vissen zien vangen en als je er daar een paar van weet te vangen dan schieten de vangstgewichten aardig omhoog natuurlijk.
Vissen van 3 tot 4 kilo zijn eigenlijk de norm hier en ja, af en toe zit er ook eens een wat kleiner exemplaar tussen. Zo moet je het zien.
Aanpak voor grote vissen
Hoe je het ook wendt of keert, het vangen van grote en sterke vissen is en blijft toch altijd iets speciaals en ik kan dan ook heel goed begrijpen waarom het vissen hier zo populair is. Ik sta er telkens weer versteld van hoeveel kracht de karpers van dit formaat kunnen ontwikkelen.
’t Mun is dan ook absoluut geen plek voor dunne lijnen en lichte elastieken. Dat heeft geen enkele zin. Ik besloot om te starten met hoofdlijnen 20/00 mm en 18/00 mm onderlijnen.
Vaste hengel aanpak vijver 7 & 8
De vijver is maximaal 2,5 meter diep en met de omstandigheden van vandaag was een dobber van 0,5 gram zwaar genoeg. Ik koos ervoor om op 13 meter te beginnen maar dat is absoluut niet nodig. De meeste vissers visten op hooguit 10 meter, maar goed, ik wil op dit soort dagen ook altijd wel wat dingen uitproberen.
Mijn tactiek was dus om op volle lengte voor me te vissen, om aan beide zijden een margin-stek aan te voeren en ook om op mijn verre visafstand met paste (deeg) te vissen als extra optie met mijn “maden-aanpak” als eerste optie.
Voertactiek op visvijver ’t Mun
Beide margin-plekken werden aangevoerd met een flinke cup maden en pellets, waarna ik af en toe dat proces herhaalde en verder begon ik de dag op de manier waar ik als echte witvisser nog altijd aan moet wennen, ik voerde niets behalve dan de maden die ik bij elke inzet uit het pole-cupje liet vallen.
Zo bouw je heel rustig de stek op natuurlijk maar dat zal ook vaak het best werken. Teveel vissen op de plek resulteert absoluut in lijnzwemmers.
INFO OVER ’T MUN
Aantal visplaatsen: 75 personen op de karpervijvers (4 vijvers) en 60 personen op de forel/zalmforelvijvers (4 vijvers).
Waterdiepte: gemiddelde waterdiepte is ongeveer 1.80-2.00 meter.
Visbestand: het karper- en steurbestand is 12 tot 13 ton.
Succesvolle technieken: Op de karper weerhaakloos met de feeder of vaste stok met alle soorten karpervoer (geen kunstaas)
Voer & aas: alles is toegestaan
Tarieven: de karper- en steurvijver € 2 euro per uur, de vijvers zijn ook af te huren op aanvraag.
Aanvullende info: Onze karpervijvers zijn te bereiken met de auto, je kunt vlak bij het water parkeren; de slagboom is vanaf 07.00 toegankelijk. Zomers zijn wij langer open, namelijk tot 21.30. Er komen golfkarren langs met koffie, drankjes en lunch. We hebben ook een restaurant met terras voor een hapje en een drankje. Ook hebben wij een camperplaats waar alleen campers mogen staan. Per overnachting € 9.50 zonder stroom en € 12 met stroom.
Het begin van de sessie was vrij rustig en de eerste beweging van de dobber resulteerde meteen ook in een gevangen vis. Daarna kwamen er steeds meer dobber-bewegingen, maar daarbij zaten ook veel lijnzwemmers. Ik ving ook enkele gepikkelde vissen zoals dat heet. Juist toen ik voor de eerste keer mijn rechtse margin wilde proberen kwamen er twee Poolse vissers die daar net rechts van gingen vissen. Geen probleem maar ik heb dus alleen nog aan de linker zijde geprobeerd.
Vooral later op de dag is dat vaak een goede optie blijkbaar maar vandaag heb ik daar nog niet een keer m’n dobber zien bewegen. De Polen die kwamen vissen waren wedstrijdvissers, dat zag ik meteen en dus was mijn interesse gekweekt natuurlijk. Ik probeerde eens voorzichtig of men Engels sprak en het antwoord kwam in perfect Engels. Dat kon ook niet anders want de man woonde al bijna 20 jaar in Engeland en zat daar zo te horen midden in de wedstrijdwereld. Zo werd dat nog een leuk gesprekje al met al.
Betere vangsten later op de dag
Zoals bijna altijd zag je dat naarmate de visdag vorderde de vangsten gewoon beter werden. Dat leek langs de gehele vijver zo te zijn trouwens en ik zag steeds meer elastieken uit hengeltoppen komen. Vaak zijn de avonduren de beste visuren maar zo lang heb ik het niet volgehouden. Al met al heb ik vooral een hele interessante visdag gehad en een die smaakt naar meer. Telkens weer als ik een plek heb bezocht dan wil ik er ook een wedstrijd vissen en vandaag was daarop geen uitzondering. Ik kom daarvoor zeker binnenkort een dag terug.
Beste tactiek visvijver ’t Mun
Ik schreef het al, ik probeer op dit soort dagen altijd ook weer iets te leren als wedstrijdvisser. Vandaag leken maden en pellets het beste om regelmatig te voeren en wat me ook opviel was dat een ander aas aan de haak soms ook vissen opleverde.
Hier zijn de vissen zeker niet vies van wormen zo bleek me. Ik ving er verschillende vissen mee. Twee flinke stukken van een grote worm leek het best te werken. Ook met paste ving ik verschillende vissen trouwens.
Tip 1 – ook het proberen waard
Ik heb het niet geprobeerd, omdat ik zoveel vissen net onder de oppervlakte van het water zag, maar dit water lijkt het me ook zeker soms een optie om hoog in het water te vissen. Je zal dan wel redelijk veel aas moeten gebruiken om een constante toevoer te krijgen van zakkend aas.
Tip 2 – Advies van de vijvereigenaar
Na de vissessie ben ik nog even naar het restaurant gelopen voor een praatje met de vijvereigenaar. Hij drukte me op het hart om zeker te omschrijven dat de bezoekers moeten zorgen voor stevig materiaal. Nou, dat was ik toch al van plan moet ik zeggen.
Mijn lijnkeus van 20/00 mm met een iets dunnere onderlijn resulteerde vandaag toch nog een keer in een verspeelde vis door een gebroken onderlijn. Maar aan de haak zat toen ook wel een echte ‘jumbo’ die ook nog eens was gepikkeld.
Tip 3 – Minimaal 2,5 mm elastiek
Mijn 2,5 mm elastiek had nog wel een maatje dikker gemogen. Van de andere kant heb je alle tijd om een gehaakte vis ook daadwerkelijk te vangen en met de pulla-systemen van tegenwoordig kun je iedere vis wel prima landen zo. Zelfs in wedstrijdverband hoef je niet te overhaasten.
Veel belangrijker is het om iedere gehaakte vis te vangen. De rekensom is simpel. Neem 5 uur vissen en voor een superdag 40 vissen. Dat zijn 8 vissen per uur dus. Voor een meer normale dag neem eens de helft daarvan. Gemiddeld 4 vissen per uur dus. Ik had vandaag zo’n dag en ving 19 vissen die tezamen, geschat, zo’n 75 tot 80 kilo wogen. Dan heb je toch alle tijd van de wereld? Zelfs als wedstrijdvisser.
Een echte aanrader!
Nu ik in deze weken een aantal vijvers bezoek blijkt me steeds vaker wat voor prachtige visplekken we hebben in ons land. Vandaag was daarop absoluut geen uitzondering. Ik ving misschien niet super maar heb toch een schitterende visdag gehad hier. Ik kan een dag hier dan ook iedereen aanraden. Let op: op sommige dagen is de vijver verhuurd! Altijd eerst even op voorhand checken.
Bonefish van de Lage Landen
PIETER BEELEN - Harder is geen makkelijke vis om te vangen, maar geeft wel sport van de bovenste plank. Naast de zeebaars en de gevlekte gladde haai is de harder een van de spectaculairste Nederlandse zeevissen die je kunt vangen. Pieter Beelen legt in dit artikel uit hoe je gericht op harder kunt vissen en geeft tips voor een aantal hotspots.
Sportvis van de bovenste plank!
Ze aan het azen krijgen
Harder is van nature een schuwe vis. Meestal zijn vissen pas schuw als...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Zomervisserij: de schippert wordt gek…
HANK PERRÉE - Beng, beng, beng!!! Woeste klappen op de hengel. De nietsvermoedende visserman veert op als door een wesp gestoken en kijkt vragend rond. Na een vriendelijke doch dringende oproep van de man aan het stuur volgt een spurt naar de hengel. Na een stevig robbertje vechten moet zelfs het schepnet erbij komen en een mooie zeebaars is het resultaat. Zeebaars met recreatieve vissers op een charterboot: het kán!
Het is zomervisserij in optima forma, ma...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Vist wedstrijden vanaf 2003 en doorliep diverse teams. Werd Nederlands Kampioen van 2006, won de Nacht van ’s Gravenzande en pakte brons bij het WK Korpsen.
Je loopt al heel wat jaartjes mee in de zeevisserij. Waar begon het ooit?
Het begon op mijn zesde toen ik met mijn vader en opa meeging. Toen woonde ik nog in Zeeland. Bij Kats gingen we dan op geep vissen. Paling vingen we toen nog volop in het Veerse meer. Nadat we verhuisd waren naar regio Rotterdam kwam het zee...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Haaien vangen voor instappers/starters
MICHEL VAN SPANKEREN - De zon staat hoger en de zeewatertemperatuur loopt op. Niet lang na de intocht van de meivissen als geep en fint volgen de gladde haaien om zich in de Zeeuwse delta voort te planten. De laatste jaren lijkt het alsof er meer en meer van deze stoere maar vriendelijke kraakbeenvissen ons water weten te vinden. Geef toe: je hebt er zelf ook vast al aan gedacht om te gaan touwtrekken met zo’n deftige meterplusdame, maar hebt niet de tijd o...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
KEES GILLESSEN - Het weerbericht is perfect tijdens deze zonnige julidag. De temperaturen zijn zo rond de 25 graden Celsius. Er waait een licht zuidwestenwindje. Perfecte omstandigheden om een dagje met de boot eropuit te trekken. Mijn vader en ik besluiten om vandaag achter de Nederlandse zeebaarzen en haaien aan te gaan.
We hebben beiden een vrije dag en het aas is al in huis. Zeker zo rond de zomer zorg ik ervoor dat ik altijd genoeg heb liggen. Krabbetjes en zagers kun je immers erg lang goe...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Vliegvissen is een beetje een buitenbeentje binnen de sportvisserij. Vliegvissers worden nog weleens weggezet als elitair en aanstellerig. Maar vliegvissen is veel meer dan dat. Jeroen Schoondergang legt uit waarom hij verslingerd is aan het spelletje van het juist presenteren en vissen van een bijna gewichtloos aasje en waarom vliegvissen soms minstens net zo effectief is als traditionele methoden.
Tekst & foto’s Jeroen Schoondergang
Ik herinner me de blikken nog op de trailerhelling van de...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
MICHEL VAN SPANKEREN - Het leek een flink aantal jaren alsof de makreel was verdwenen uit de Zeeuwse kustwateren, maar gelukkig lijkt deze smakelijke zomergast bezig aan een terugkeer wat betreft de kantvangsten. Er zijn vele manieren om deze minitonijntjes te belagen, sommige sportief, andere ‘puur voor de pan’. Michel van Spankeren belaagt de smakelijke hapjes het liefst met een relatief zware opstelling om zijn kans op ‘aantallen’ aanzienlijk te vergroten.
Het is even geleden dat de makreel t...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Iedere zeevisser heeft wel een collega, verre neef of kennis die al twee jaar lang zeurt of hij eens een dagje met jou mag makreelvissen. Het vooruitzicht op een volle buit en een gevuld vriesvak is in de praktijk altijd groter dan de eventuele nadelen wanneer je als opstappende ‘leek’ opgewekt aan boord stapt. Toch is er weinig leukers dan een dagje makreelvissen als je er goed voorbereid op uittrekt en gevrijwaard blijft van zeeziekte of verwarde lijnen. In dit artikel wat tips van de kenners ...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
JOHN WILLEMS - “Bot, dat eet ik niet, want die smaakt naar modder…” Regelmatig hoor ik deze mening en een groot gedeelte van het jaar onderschrijf ik die ook. Een bot gevangen in de winter en in het voorjaar is mager, glazig en - net als de meeste platvis - de pan dan niet waard. Maar, een bot gevangen vanaf het strand in het najaar, dat is een heel ander verhaal!
Deze heeft zich helemaal volgevreten met allerlei lekkere hapjes. Een grote hoeveelheid garnalen, mesheften, kleine vis etc. staat da...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Foto: Beeldbank Rijkswaterstaat / Fotostudio Honing Beverwijk
Tong: groter en meer
Het Noordzeekanaal is voor mij, in een kwartiertje met de auto te bereiken, een prima plek om allerlei soorten vis te vangen. Vooral bij wat onstuimig weer, waardoor het vissen met mijn boot of op pier en strand lastig wordt, vind ik het een heerlijke mogelijkheid om van mijn ‘vangdrang’ af te komen. Met enige regelmaat vang ik dan wat kleine tongetjes, maar niet echt veel en zeker niet groot. Tijd om eens een kij...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
In deel 1 probeerden we je enthousiast te maken om ook eens op een openbaar water met de method uit te pakken. In deel 2 laten we je het ‘hoe en waarmee’ zien. Kortom, wat heb je nodig bij het method vissen op openbaar water?
We beginnen met een samenvatting van de visstrategie van Arnout van de Stadt, voordat we enkele specifieke aspecten verder toelichten:
Vishengel: Preston Supera SL 11 ft. Ideaal voor afstanden tot zo’n 40 meter. Heerlijk soepel en vergevingsgezind.
Molen: Preston Magnitute 420 voorzien van 23/00 Preston Reflo sinking mono feeder. Geen voorslag op deze montage.
Voer & aas: een mix van Super Crush Banoffee en Dutch Master Feeder Yellow (verhouding 2:1), beide van Sonubaits. Als toevoeging een paar flinke handen geweekte 2 mm Stiki Method Pellets Banoffee.
Montage: ICS Method Feeder in 30 grams large uitvoering. Kant-en-klare onderlijn van 10 cm lengte met haak 14 KKM-B in combinatie met 19/00 nylon.
Het antwoord op de vraag ‘waarom met de method op openbaar water?’ ligt in de handen van Arnout van de Stadt.
Voer en aas – Method vissen op openbaar water
Prachtige Sonubaits pellets om te gebruiken voor op openbaar water.Je kunt grondvoer voor op de method gebruiken, maar ook pellets of , zoals in dit geval, een combinatie van beide!
De montage en materiaal
Veel meer materiaal heb je niet nodig om met een method visserij van start te gaan!De door Arnout van de Stadt gebuikte method feeders, de Preston ICS modellen.
De method van voer voorzien
Stap 1. Leg wat aas in de ICS Method Mould, voeg het haakaas toe en eventueel wat Sonubaits Haze liquid voor extra attractie.Stap 2. Top de mal af met de voermix.Stap 3. druk de method stevig in de mal.Stap 4. Draai de mal om en druk op de handige ‘release’ knop om de gevulde method uit de mal te laten komen.Stap 5. Het eindresultaat, klaar voor de worp!
Zo monteer je een method feeder
Lees in dit item het antwoord op de vraag ‘hoe bevestig je een method feeder?’ We laten je de 3 meest gebruikte systemen zien! Niet alle method feeders zijn hetzelfde en bevestig je op dezelfde manier op of aan de lijn
Op wateren met een goed bestand aan karper kun je tijdens de wintermaanden vaak prima blijven vangen. Sterker nog, karpers hebben zo hun routines en zelfs onder de koudste weersomstandigheden kun je hiervan profiteren. Om nu met regelmaat vis te vangen moet je wel een aantal zaken aanpassen ten opzichte van andere seizoenen. Het belangrijkste is wellicht een minimale hoeveelheid voer.
Tekst & foto’s: Paul Garner
Veel voeren gaat doorgaans in de winter tegen je werken. Daarom baseer ik mijn visserij op het krijgen van één aanbeet per hengel. Wat ik hiermee bedoel is; actief vissen. Vaak herpositioneer ik mijn hengels gedurende de visdag op zoek naar de vis en soms verkas ik meerdere keren van stek. De voorwaarde voor wat betreft mijn haakaas en voer is dat het genoeg instant aantrekkingskracht heeft, dat als er een karper in de buurt is ik een goede kans maak dat deze mijn haakaas (snel) opmerkt. Voor mij betekent dit: felgekleurd aas, sterke flavours en geconcentreerde hoopjes voer. Geinig genoeg is dit in feite de tegenovergestelde tactiek die ik tijdens de warmere maanden gebruik…
De zintuigen van karper staat bij een lage watertemperatuur op een lager pitje…
FEL, FELLER, FELST
Misschien wel de meest voor de hand liggende aanpassing is van minder opvallend naar felgekleurd opvallend haakaas. Karpers hebben in de kou, net als alle andere vissen, minder scherpe zintuigen. Als je vijvervissen observeert, dan zal je zien dat het (1) vaak een hele tijd duurt voordat ze het voedsel vinden en (2) ze vaak meerdere pogingen nodig hebben om het voer in hun bek krijgen! Een felgekleurd aas dat opvallend afsteekt tegen de bodem maakt het voor de karper gemakkelijker om het te vinden. Let wel, ik gebruik de felle kleur alleen voor het haakaas, dus niet als voer, want als er te veel felgekleurd aas op je stek ligt dan kan dat de vissen afschrikken.
Mijn favoriet is roze, maar andere vissers zweren bij een andere felle kleur. Mijn ervaring is dat op ondiepe stekken roze meer vangt dan bijvoorbeeld helderwit. Toch heb ik verschillende kleuren haakaasjes mee, in ieder geval roze, wit en felgeel, zodat ik kan wisselen. Lichtblauw aas is mijn andere favoriet, welke ik toepas in diep water, en waar het goed opvalt. Ik maak deze door wit aas te soaken in een mengsel van water met een theelepeltje blauwe kleurstof.
Ik heb een voorkeur voor 12 mm wafters, goed in balans met een haakje 8 of 10.
TIP: DEEGBAL COMBI
Als je de voordelen van een boilie met die van deeg wil combineren is het gebruik van een zogenaamde ‘bait punch’ – zoek op de witvisafdeling – een goede tip. Verwijder met deze boor een cilindrisch stuk boilie en vul dit met het deeg. Het deeg wasemt beter/sneller de attractors uit voor meer instantwerking.
GLUGGED BAITS
Veel stilstaande wateren worden in de winter helderder, onder meer doordat vis voor minder omwoeling van de bodem zorgt. Ik denk dat kleur/zichtbaarheid vaak daarom de belangrijkste factor is, maar dat wil niet zeggen dat we de smaak helemaal kunnen vergeten. Ik gebruik in de winter veelal aas met een citrussmaak, omdat de esters in deze aassoorten zeer snel uitwasemen, waardoor ze snel worden opgemerkt en erg attractief zijn. Aardbei, Citruz en ananas zijn allemaal goede keuzes. Deze smaken zijn vaak vrij bitter van smaak, dus ik voeg ook altijd een beetje geconcentreerde zoetstof toe.
Geconcentreerde (natuurlijke) zoetstoffen, zoals betalin, combineren perfect met fruitige flavours.
Je kunt een bait spray gebruiken om het haakaas direct een boost te geven, maar ik glug liever het aas zo lang mogelijk in een beetje flavour, zodat deze daadwerkelijk in de huid van de boilie wordt opgenomen. Ik stop wat haakaas in een luchtdicht potje en spray ze met flavour. Om de paar dagen schud ik het potje en als het oppervlak van het aas is opgedroogd, dan spray ik opnieuw wat flavour erbij en herhaal het proces. In een periode van een paar dagen of zelfs weken kun je op deze manier het haakaas echt een boost geven. Ze worden ook een beetje zachter, wat ik ook prettig vind.
Om de dag spray ik flavour op het haakaas om ze geleidelijk van een boost vol smaak te voorzien.
UITGEBALANCEERDE WAFTERS?
Het laatste aspect dat ik graag terugzie in mijn winterhaakaas is drijfvermogen. Momenteel ben ik geen grote fan van pop-ups, omdat ik vind dat lethargische karpers ze moeilijker kunnen oppakken dan bodemaas. Echter, een kritisch uitgebalanceerd haakaas, dat ze gemakkelijk kunnen opzuigen, is ideaal. Dit heeft te maken met het feit dat de reactie van de karper trager is door de koude watertemperatuur. Een wafter voldoet aan die eigenschappen en wordt tevens verder in de bek gezogen, waardoor de kans groter is dat de haak ook naar binnen gaat, wat leidt tot meer aanbeten en meer gelande vissen. Ik heb een voorkeur voor 12 mm wafters, welke goed in balans zijn met een maat 8 of 10 haak. Als de wafter te veel drijfvermogen heeft, dan knijp ik een kleine loodhagel op de hair.
Een kleine pva-stick geeft mij net dat extra vertrouwen in de wintermaanden.
MAXIMALE ATTRACTIE
Veel vissers vertrouwen op een single hookbait in de winter, maar ik voeg graag wat extra attractie toe in de vorm van een kleine pva-stick. Qua formaat niet groter dan een boilie, maar deze stick heeft een dubbele rol: het zorgt voor meer aanbeten en vermindert ook het in de war raken van de montage tijdens de worp. Belangrijk is dat het ‘winter-pva’ gebruikt, anders duurt het eeuwen voordat het smelt – en dat kan je aanbeten kosten.
Het doel van mijn stickmix is om de aantrekkingskracht te maximaliseren zonder de vissen te (over)voeren. Ik stop geen heel aas in de stick, maar maal alles maal tot een grof poeder, of is al fijn van structuur, zodat de karper zich er niet mee kan volproppen. De kant-en-klare stickmixen zijn een goed startpunt, maar het is ook gemakkelijk om je eigen stickmix te maken.
Ik maak graag een eigen mix: een handvol boilies maal ik tot boiliekruimels, vervolgens voeg ik een snufje grof zout toe en als laatste wat 3 mm pellets. Een scheutje flavour kan worden toegevoegd, maar doe dit niet te veel, want het wordt zeer snel afgegeven aan het water.
Er zijn tegenwoordig veel goede kant-en-klare stickmixen te koop.
10 MINUTEN RECEPT – STICKMIX
Mijn stickmix is eenvoudig te maken en lokt karper aan zonder ze te overvoeren. Houd de sticks wel heel klein – ongeveer de grootte van een 15 tot 20 mm boilie – meer dan genoeg om extra attractie vrij te laten direct naast je haakaas.
STAP VOOR STAP
1 van 6
1. Vermaal een handvol van je favoriete boilies tot een grove mix. Je hebt niet al te veel boilies nodig voor een sessie, aangezien je het alleen in kleine pva-sticks gebruikt.
2. Voeg een handvol micro-pellets toe. Deze voegen niet alleen meer attractie toe wanneer ze afbreken, maar ze zuigen ook eventuele vloeibare attractors goed op.
3. Voeg een theelepel (steen)zout toe. Karpers hebben zout nodig in hun dieet, vooral in de winter.
4. Voeg een kleine hoeveelheid vloeibare attractor toe, ik gebruik meestal Plume Juice omdat dit een aantrekkelijke wolk in het water creëert.
5. Knoop een paar kleine pva-sticks van ongeveer 15-20 mm in diameter.
6. Haak de pva-sticks op deze manier vast, zodat de knopen zo ver mogelijk van de haak verwijderd zijn.
The American Dream
De Franse karperspecialist Younes Gonzalez trekt naar het noordwesten van de Verenigde Staten om daar zijn ‘American Dream’ waar te maken. Met zijn visbroeder Olivier Gandzadi bevist hij de machtige Columbia River. Het werd een machtig en onvergetelijk avontuur!
Tekst & foto’s: Younes Gonzalez
Het is misschien wel de mooiste reis die ik ooit heb gemaakt: een karpertrip met mijn vismaat Olivier Gandzadi naar zijn huidige thuiswater: de Columbia River. Deze 2000 kilometer la...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Natuurlijke (instant) attractie
Door al het boiliegeweld zijn veel aassoorten zoals particles maar ook ‘levend aas’ als wormen en maden naar de achtergrond verdwenen. Ik neem jullie mee naar de basis, terug het begin, waardoor wij een sleutel hebben gevonden voor vele wateren. Natuurlijke aassoorten, maar dan een stap verder!
Tekst & foto’s: Mike Thille
2019, ik heb met mijn vaste vismaat René Treffers afgesproken op een duinwater pal aan zee. Meerdere dingen vallen ons direct op; nul indica...
Onbeperkt verder lezen?
Om het hele artikel te lezen, heb je een abonnement nodig op Beet Magazine. Ben je al abonnee? LOGIN om verder te lezen. Nog geen abonnement?
Lees onbeperkt online + 6x Beet Magazine thuis op de mat: € 62,50
Wij gebruiken cookies om onze website en onze service te optimaliseren.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door uw Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een website of over verschillende websites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.